Concept-akte gewijzigde statuten Stichting Robijn met wijzigingen bijhouden
Tekst van het document
Versie B, met daarin - zichtbaar - opgenomen de wijzigingen ten opzichte van versie A (12 oktober 2021). Inhoudsopgave Afdeling A, Algemeen. Artikel 1, Naam. Artikel 2, Begripsbepalingen. Artikel 3, Zetel en tijdsduur. Artikel 4, Doel. Artikel 5, Vermogen. Afdeling B, Organisatie Artikel 6, Organen. Hoofdstuk B1, Het bestuur. Artikel 7, Samenstelling en benoeming Artikel 8, Onverenigbaarheden. Artikel 9, Schorsing en ontslag. Artikel 10, Einde lidmaatschap, ontstentenis en belet. Artikel 11, Taak en bevoegdheden. Artikel 12, Vertegenwoordiging. Hoofdstuk B2, De gemeenteraden Artikel 13, Verslag aan de gemeenteraden. Hoofdstuk B3, De raad van toezicht. Artikel 14, Toezicht op het bestuur door de raad van toezicht. Artikel 15, Samenstelling. Artikel 16, Benoeming leden. Artikel 17, Schorsing en ontslag. Artikel 18, Einde lidmaatschap, ontstentenis en belet. Artikel 19, Werkwijze AFDELING C, Remuneratie Artikel 20, Beloning raad van toezicht en onkostenvergoedingen. AFDELING D, Interne aangelegenheden Artikel 21, Informatieverschaffing en toegang. Artikel 22, Boekjaar en jaarstukken. Artikel 23, Vrijwaring. Artikel 24, Reglementen. Artikel 25, Statutenwijziging. Artikel 26, Ontbinding en vereffening. AFDELING A, Algemeen Naam Artikel 1 De stichting draagt de naam: Stichting Regionaal Openbaar Basisonderwijs IJsselstein en Nieuwegein.
toelichting: dit artikel kan ongewijzigd blijven.
Begripsbepalingen Artikel 2 In deze statuten wordt verstaan onder:
a. b. c. d. e.
gemeenten: gemeenteraden: GMR: ouders: scholen:
de gemeenten IJsselstein en Nieuwegein; de gemeenteraden van IJsselstein en Nieuwegein; de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad van de stichting; de ouders, voogden of verzorgers van de leerlingen van de scholen; de scholen voor openbaar primair onderwijs, die door de stichting in stand worden gehouden; f. stichting: de Stichting Regionaal Openbaar Basisonderwijs IJsselstein en Nieuwegein. g. toezichthoudend orgaan: het gemeenschappelijk orgaan, dat door de gemeenteraden op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen is ingesteld; h. wet: de Wet op het primair onderwijs. Daar waar in deze statuten voor een persoon een mannelijke aanspreekvorm of betiteling is gebruikt, kan ook de vrouwelijke vorm worden gelezen en omgekeerd. toelichting: aan deze begripsomschrijvingen is het begrip ‘ouders’ toegevoegd’. Ook is er een ‘gender-neutraliserende’ bepaling toegevoegd.
Zetel en tijdsduur Artikel 3 1. De stichting is gevestigd in de gemeente Nieuwegein. 2. De stichting is opgericht voor onbepaalde tijd. toelichting: dit artikel kan ongewijzigd blijven.
Doel Artikel 4 1. Het doel van de stichting is het in stand houden van openbare scholen voor primair onderwijs in de gemeenten IJsselstein en Nieuwegein zoals bedoeld in artikel 48 van de wet. Om haar doel te bereiken kan de stichting gebruik maken van alle wettelijk geoorloofde middelen die daaraan dienstbaar zijn. 2. De door de stichting in stand gehouden scholen dragen bij aan de ontwikkeling van de leerlingen met aandacht voor de godsdienstige, levensbeschouwelijke en maatschappelijke waarden, zoals die leven in de Nederlandse samenleving en met onderkenning van de betekenis van de verscheidenheid van die waarden. Het openbaar onderwijs wordt gegeven met eerbiediging van ieders godsdienst of levensovertuiging. 3. De scholen zijn toegankelijk voor alle kinderen zonder onderscheid van godsdienst of levensbeschouwing. toelichting: dit artikel kan ongewijzigd blijven.
Vermogen Artikel 5 1. Het tot verwezenlijking van het doel van de stichting bestemde vermogen wordt gevormd door: a. de rijksbekostiging; b. vergoedingen voor de door de stichting verleende diensten; c. subsidies, giften en donaties; d. hetgeen verkregen wordt door erfstellingen of legaten, met dien verstande dat erfstellingen slechts kunnen worden aanvaard onder het voorrecht van boedelbeschrijving; e. hetgeen op andere wettelijk geoorloofde wijze verkregen wordt. 2. Erfstellingen, giften en donaties mogen slechts worden aanvaard indien daaraan geen voorwaarden zijn verbonden die strijdig kunnen zijn met de doelstelling of het belang van de stichting. toelichting: door te regelen dat erfstellingen, giften en donaties alleen maar onder strikte voorwaarden mogen worden geaccepteerd wordt de financiële transparantie van de stichting, en daarmee de bestuurlijke integriteit, versterkt.
AFDELING B, ORGANISATIE Organen
2
heeft verwijderd: d heeft verwijderd: e heeft verwijderd: f heeft verwijderd: g
Artikel 6 1. De stichting kent de volgende organen: - de raad van toezicht; - het bestuur. 2. Zowel de raad van toezicht als het bestuur kunnen, al dan niet uit hun midden, commissies instellen, die onder verantwoordelijkheid van de raad van toezicht respectievelijk het bestuur belast kunnen worden met aangelegenheden die tot de bevoegdheid van het betreffende orgaan behoren. 3. Het instellende orgaan stelt nadere regels vast voor de werkwijze en de samenstelling van de commissies en neemt die op in een reglement. toelichting: in dit artikel is een kleine verduidelijking aangebracht.
HOOFDSTUK B1, Het bestuur toelichting vooraf: het ‘oude’ artikel 7 is omvangrijk. Er is veel in geregeld. Door de diverse zaken ‘uit elkaar te trekken’ en in afzonderlijke artikelen onder te brengen wordt de leesbaarheid en de hanteerbaarheid van de statuten vergroot.
Samenstelling en benoeming Artikel 7 1. De stichting wordt bestuurd door een bestuur, bestaande uit één bestuurder. 2. Het bestuur wordt benoemd door de raad van toezicht, met inachtneming van de voordrachtsrechten als hierna bepaald. 3. De competenties van de te benoemen leden van het bestuur worden vastgesteld door de raad van toezicht in een profielschets. De raad van toezicht kan - indien overgegaan moet worden tot de vervulling van een vacature - besluiten tot een aanvulling dan wel een nadere detaillering van de profielschets. 4. De raad van toezicht stelt een benoemingsadviescommissie in, die een voordracht opstelt voor de benoeming van een lid van het bestuur. In de benoemingsadviescommissie hebben in elk geval zitten twee leden van de raad van toezicht, een lid uit en namens de personeelsgeleding van de GMR en een lid uit en namens de oudergeleding van de GMR. De samenstelling en werkwijze van deze benoemingsadviescommissie wordt in een door de raad van toezicht vast te stellen reglement nader uitgewerkt. 5. Een lid van het bestuur is op basis van een arbeidsovereenkomst bij de stichting werkzaam, onverminderd het bepaalde in artikel 10 derde lid van deze statuten. Een lid van het bestuur wordt als zodanig benoemd voor een periode gelijk aan de duur van zijn arbeidsovereenkomst. 6.
De raad van toezicht is belast met het vaststellen van de arbeidsvoorwaarden, bezoldiging en onkostenvergoedingen van de leden van het bestuur.
heeft verwijderd: Bestuur;
toelichting: dit artikel bevat de eerste vier leden uit het ‘oude’ artikel 7 - de leden die over de samenstelling van het bestuur en de benoeming gaan. In het vierde lid is een wijziging aangebracht. Die vloeit voort uit een wijziging van de WMS (uit 2018). Daarbij is bepaald (in art. 8a WMS) dat bij benoeming van een bestuurder een commissie moet worden ingericht met in elk geval een lid uit en namens de personeelsgeleding en een lid uit en namens de oudergeleding van de GMR. Het vijfde lid is het ‘oude’ zevende lid van artikel 7. Daaraan is toegevoegd dat de bestuurder op basis van een arbeidsovereenkomst werkzaam is. Verder is het begrip ‘aanstelling’ verwijderd (die term past niet meer bij de huidige rechtspositieregelingen na invoering van de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren). Het zesde lid is het ‘oude’ tiende lid van artikel 7.
heeft verwijderd: ¶
Onverenigbaarheden Artikel 8 1. Niet tot lid van het bestuur kunnen worden benoemd: a. partners of andere personen, waarmee een in dienstverband bij de stichting werkzame persoon een duurzame huishouding voert b. personen die deel uitmaken van een medezeggenschapsraad van een van de stichting uitgaande school, of van de GMR van de stichting; c. personen die gehuwd zijn met een persoon bedoeld onder sub b., dan wel daarmee een duurzame samenlevingsrelatie onderhouden;
3
heeft verwijderd: s heeft verwijderd: , heeft verwijderd: , schorsing en ontslag, belet en ontstentenis…
heeft verwijderd: heeft verwijderd: en een lid van de GMR
heeft verplaatst (invoeging) [1]
heeft verwijderd: aanstelling
d. personen die direct of indirect goederen of diensten leveren aan de stichting of aan een van de stichting uitgaande school; e. personen voor wie op grond van de voor de stichting toepasselijke code goed bestuur en de daarin genoemde uitgangspunten een benoemingsonmogelijkheid geldt. 2. Indien een persoon tot bestuurslid is benoemd, en nadien doet zich een omstandigheid voor als genoemd in het vorige lid, doet dat bestuurslid hiervan onverwijld schriftelijk mededeling aan de raad van toezicht. De raad van toezicht bepaalt vervolgens of deze omstandigheid leidt tot schorsing of ontslag van het bestuurslid. Indien de raad van toezicht van oordeel is dat geen schorsing of ontslag zal volgen, bepaalt de raad de voorwaarden waaronder, en de tijd waarin, de ontstane onverenigbaarheid, kan blijven voortbestaan. toelichting: dit is nieuw. Het eerste lid somt een aantal onverenigbaarheden op. Het tweede lid regelt wat er dient te gebeuren als zich een onverenigbaarheid voordoet nadat een bestuurslid als zodanig is benoemd. Dat kan leiden tot schorsing of ontslag, maar er kunnen zich situaties voordoen, zulks ter beoordeling van de raad van toezicht, dat dit niet gebeurt.
Schorsing en ontslag Artikel 9 1. Een lid van het bestuur kan te allen tijde worden geschorst door de raad van toezicht. De raad van toezicht motiveert het schorsingsbesluit. De schorsing van het lid van het bestuur vervalt, indien de raad van toezicht niet binnen drie maanden na de datum van ingang van de schorsing besluit tot opheffing of verlenging van de schorsing. Een schorsing kan voor ten hoogste drie maanden worden verlengd, met ingang van de datum waarop het besluit tot verlenging van de schorsing werd genomen. Het betrokken lid wordt in de gelegenheid gesteld zich in een vergadering van de raad van toezicht waarin schorsing of verlenging daarvan aan de orde is te verantwoorden. Daarbij kan hij zich juridisch doen bijstaan. 2. Een lid van het bestuur kan te allen tijde worden ontslagen door de raad van toezicht. De raad van toezicht motiveert het ontslagbesluit. Het betrokken lid wordt in de gelegenheid gesteld zich in een vergadering van de raad van toezicht waarin het ontslag aan de orde is te verantwoorden. Daarbij kan hij zich juridisch doen bijstaan. toelichting: in dit artikel is nu alleen nog de schorsing en het ontslag geregeld. Het artikel bevat de ‘oude’ leden 5 en 6 van artikel 7.
Daarbij is de ontslagmogelijkheid van de bestuurder verruimd en blijft die niet beperkt tot situaties waarin hij in ernstige mate heeft gehandeld in strijd met de belangen van de stichting. Ook ander gedrag kan tot ontslag leiden. Dat andere gedrag zal dan ook middellijk of onmiddellijk de belangen van de stichting in ieder geval niet bevorderen, maar de bewijslast is ruimer. De formulering ‘doen bijstaan door een raadsman’ is genderneutraal gemaakt.
heeft verwijderd: door een raadsman heeft verwijderd: in het geval een lid naar het oordeel van de raad van toezicht in ernstige mate door handelen of nalaten de belangen van de stichting heeft geschaad.… heeft verwijderd: door een raadsman
Einde lidmaatschap, ontstentenis en belet Artikel 10
1. Het lidmaatschap van het bestuur eindigt: a. door overlijden; b. door vrijwillig aftreden (bedanken); c. door ontslag door de rechtbank; d. door ontslag verleend door de raad van toezicht; en e. door het eindigen van de arbeidsovereenkomst. In een vacature wordt zo spoedig mogelijk voorzien. 2. Bij ontstentenis of belet van het bestuur wordt het bestuur waargenomen door een persoon of meerdere personen die daartoe door de raad van toezicht is/zijn of wordt/worden aangewezen op grond van nader bij reglement vast te stellen regels. Gaat de raad van toezicht niet binnen twee weken tot een zodanige aanwijzing over dan wordt het bestuur waargenomen door de persoon of personen die daartoe door de voorzieningenrechter van de rechtbank van het arrondissement waar de stichting statutair is gevestigd, op verzoek van één of meer belanghebbende(n) is/zijn of wordt/worden aangewezen.
4
heeft omhoog verplaatst [1]: <#>Een lid van het bestuur wordt benoemd voor een periode gelijk aan de duur van zijn aanstelling.¶
heeft verwijderd: het heeft verwijderd: verstrijken van de duur van de aanstelling… heeft verwijderd: één
3. In afwijking van het bepaalde in artikel 7, vijfde lid van deze statuten, kan een persoon die wordt aangewezen met toepassing van of op basis van het bepaalde in het vorige lid van dit artikel, op andere wijze voor de stichting werkzaam zijn dan op basis van een arbeidsovereenkomst. toelichting: Dit artikel bevat de leden 8 en 9 van het ‘oude’ artikel 7. In het eerste lid is het woord ‘aanstelling’ vervangen door ‘benoeming’. In het tweede lid is de optie geopend om bij ontstentenis (blijvende verhindering) of belet (tijdelijke verhindering) niet een maar meerdere personen worden benoemd die de honneurs waarnemen. In het (nieuwe) derde lid is geregeld dat als er een ‘tijdelijke’ bestuurder (of bestuurders) komt (of komen), die niet perse op basis van een arbeidsovereenkomst werkzaam behoeven te zijn. Dat kan ook (zoals vaak gebeurt bij interimbestuurders) op basis van overeenkomst van opdracht gebeuren.
Taak en bevoegdheden Artikel 11 1. Het bestuur is belast met het besturen van de stichting. Bij de vervulling van zijn taak richt het bestuur zich naar het belang van de stichting, het belang van de scholen die door de stichting in stand worden gehouden en het belang van de samenleving. 2. Het bestuur heeft al die taken en bevoegdheden met betrekking tot het bestuur van de stichting die niet bij of krachtens deze statuten aan anderen zijn toegekend. 3. Het bestuur formuleert concrete doelstellingen van de scholen die door de stichting in stand worden gehouden, daarbij rekening houdend met de belangen van hen die bij de scholen zijn betrokken en rekening houdend met de eisen die de samenleving aan openbaar onderwijs stelt. Het bestuur legt in het jaarverslag verantwoording af over de mate waarin de vastgestelde missie en de doelstellingen worden gehaald. 4. Het bestuur is bevoegd tot het verrichten van alle rechtshandelingen. Hieronder zijn tevens begrepen besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding en bezwaring van registergoederen, en tot het aangaan van overeenkomsten waarbij de stichting zich als borg of hoofdelijk schuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidsstelling voor een schuld van een ander verbindt.
De in de vorige volzin bedoelde besluiten zijn onderworpen aan de voorafgaande schriftelijke goedkeuring van de raad van toezicht. 5. Voorts heeft het bestuur voorafgaande schriftelijke goedkeuring van de raad van toezicht nodig voor het nemen van besluiten met betrekking tot: a. de vaststelling van de begroting en de meerjarenbegroting; b. de vaststelling van een strategisch meerjarenplan; c. het aangaan van financiële verplichtingen en samenwerkingsovereenkomsten welke niet binnen de begroting zijn opgenomen en waarvan het belang meer bedraagt dan een door de raad van toezicht vastgesteld bedrag; d. een aanvraag tot faillissement of van surséance van betaling; e. het doen van een voorstel aan de gemeenteraad tot stichting, opheffing, fusie of afsplitsing van (een deel van) de door de stichting in stand gehouden scholen; f. het aangaan of verbreken van duurzame samenwerking met een andere rechtspersoon indien deze samenwerking of verbreking van ingrijpende betekenis is voor de stichting of de in stand te houden scholen. 6. Het bestuur zend binnen twee weken na vaststelling de (meerjaren)begroting aan de gemeenteraden. 7. De raad van toezicht stelt een reglement vast, waarbij een regeling wordt gegeven omtrent de wijze van besluitvorming van het bestuur en het intern toezicht op het bestuur. 8.
Het bestuur neemt de genomen besluiten op in een register van besluiten, dat - desgevraagd - aan de raad van toezicht ter informatie wordt overgelegd. toelichting: het achtste lid van het ‘oude’ artikel is weggehaald. Geadviseerd wordt om dit te verplaatsen naar het bestuurs- en toezichtsreglement (wat in het zevende lid wordt geregeld). Er is een nieuw achtste lid ingevoegd - dat gaat over het opstellen van een register van besluiten door het bestuur.
Vertegenwoordiging Artikel 12
heeft verwijderd: De raad van toezicht is belast met het vaststellen van de arbeidsvoorwaarden, bezoldiging en onkostenvergoedingen van de leden van het bestuur. heeft verwijderd: Bestuur; t heeft verwijderd: 8
heeft verwijderd: <#>Tegen de achtergrond van de benodigde deskundigheid draagt elk lid van het bestuur zorg voor voortdurende persoonlijke ontwikkeling. Het functioneren van een lid van het bestuur wordt periodiek door de raad van toezicht beoordeeld.¶ heeft verwijderd: 9
5
1. Het bestuur vertegenwoordigt de stichting, voor zover uit de wet niet anders voortvloeit. 2. Het bestuur kan besluiten tot de verlening van volmacht aan derden, om de stichting binnen de grenzen van die volmacht te vertegenwoordigen. 3. Wanneer de stichting een tegenstrijdig belang heeft met het bestuur of met een lid van het bestuur, wordt de stichting vertegenwoordigd door de voorzitter van de raad van toezicht of door een door de voorzitter van de raad van toezicht aan te wijzen persoon toelichting: dit artikel kan ongewijzigd blijven.
HOOFDSTUK B2, de gemeenteraden Verslag aan de gemeenteraden Artikel 13 Het bestuur brengt jaarlijks verslag uit aan de gemeenteraden over zijn werkzaamheden, waarbij in ieder geval aandacht wordt geschonken aan de wezenskenmerken van het openbaar onderwijs. Dit verslag wordt openbaar gemaakt. toelichting: in dit artikel wordt de verslaglegging aan de gemeenteraad geregeld. In de ‘oude’ tekst waren ook enkele bepalingen opgenomen over het toezicht van de gemeente en de mogelijkheid om die over te dragen. Die bepalingen zijn, op advies van de gemeente, weggelaten.
HOOFDSTUK B3, De raad van toezicht Toezicht op het bestuur door de raad van toezicht Artikel 14 1. Onverminderd het bepaalde in artikel 13 van deze statuten is het toezicht op het bestuur opgedragen aan de raad van toezicht. 2. De raad van toezicht staat het bestuur met raad ter zijde. 3. De raad van toezicht is belast met: a. het goedkeuren van de besluiten, zoals genoemd in artikel 11 lid 4 en 5 van deze statuten; b. het aanwijzen van een accountant; c. het goedkeuren van een statutenwijziging, zoals genoemd in artikel 25 lid 1 van deze statuten; d. het goedkeuren van een besluit tot ontbinding van de stichting, zoals genoemd in artikel 26 lid 1 van deze statuten; e. het toezien op de naleving door het bestuur van de code goed bestuur, zoals genoemd in artikel 171 van de wet; f. het toezien op de rechtmatige verwerving en de doelmatige en rechtmatige bestemming en aanwending van de middelen van de scholen en de stichting verkregen op grond van de wet; g. het toezien op de naleving door het bestuur van wettelijke verplichtingen. 4. Bij de vervulling van zijn taak richt de raad van toezicht zich naar het belang van de stichting, het belang van de scholen die door de stichting in stand worden gehouden en het belang van de samenleving. De leden van de raad van toezicht zijn niet onderworpen aan het gezag van de stichting. 5.
De raad van toezicht legt in het jaarverslag verantwoording af over de uitvoering van haar toezichthoudende taken en bevoegdheden. De raad van toezicht bepaalt bij reglement op welke wijze zij haar functioneren evalueert. toelichting: dit artikel bestaat uit artikel 11 van de ‘oude’ tekst, met enkele vernummeringen. Het vierde lid is eraan toegevoegd - dat is geen nieuwe bepaling, die bepaling staat nu in artikel 12, 13e lid. Die bepaling is echter op deze plek wat meer passend. toelichting vooraf: op dezelfde wijze als dat bij ‘het bestuur’ is gedaan, zijn ook bij de raad van toezicht de artikelen wat uit elkaar getrokken om zo het geheel transparanter en toegankelijker te maken.
Samenstelling Artikel 15 1. De raad van toezicht bestaat uit een door de gemeenteraden te bepalen aantal leden van minimaal vijf en maximaal zeven natuurlijke personen. 2. De gemeenteraden benoemen:
6
heeft verwijderd: Toezicht op de stichting door heeft verwijderd: 0 heeft verwijderd: <#>De gemeenteraden oefenen toezicht uit op de stichting in de zin van de wet door - wanneer zulks naar het oordeel van de gemeenteraden geboden is - de bevoegdheden te gebruiken die aan de gemeenteraden zijn toegekend bij deze statuten en de wet. De gemeenteraden kunnen besluiten een of meer bevoegdheden, zoals genoemd in lid 2 van dit artikel op grond van de vigerende wet- en regelgeving over te dragen aan een ander bestuursorgaan in welk geval de uitoefening van deze bevoegdheden niet door de gemeenteraden maar door het bedoelde bestuursorgaan geschiedt.¶ De in lid 1 van dit artikel bedoelde bevoegdheden omvatten:¶ het besluit tot opheffing van (een deel van) de school;¶ het goedkeuren van een besluit tot wijziging van de statuten van de stichting;¶ het goedkeuren van een besluit tot ontbinding van de stichting; en ¶ het voorzien in het bestuur in geval van ernstige taakverwaarlozing door het bestuur van de stichting of functioneren in strijd met de wet. heeft opmaak toegepast: Lettertype: 10 pt
heeft verwijderd: <#>Het bestuur en de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeente stellen vóór 1 januari tweeduizend veertien een overeenkomst vast, waarin in ieder geval nadere afspraken worden gemaakt over:¶ het verstrekken van informatie aan de gemeenten door de stichting;¶ het voeren van periodiek overleg tussen de gemeenten en de stichting;¶ de wijze waarop het overleg genoemd onder b. plaatsvindt.¶ heeft verwijderd: <#>. heeft verwijderd: 1 heeft verwijderd: 0 heeft verwijderd: 8 heeft verwijderd: 16 heeft verwijderd: 17 heeft verplaatst (invoeging) [3]
heeft verwijderd: Raad van toezicht; s heeft verwijderd: , benoeming en ontslag heeft verwijderd: 2
a.
twee leden van de raad van toezicht op bindende voordracht van de oudergeleding van de GMR, namens de ouders; b. een lid van de raad van toezicht op bindende voordracht van de GMR. De raad van toezicht kan met de GMR overeen komen dat een voordracht, gedaan door de oudergeleding van de GMR, tevens geldt als bindende voordracht van de totale GMR. c. de overige leden van de raad van toezicht op voordracht van de raad van toezicht. 3. De benoeming van leden van de raad van toezicht geschiedt met inachtneming van een door de raad van toezicht vastgestelde en openbaar gemaakte profielschets waarin de noodzakelijke competenties van de raad van toezicht en de afzonderlijke leden van de raad van toezicht worden beschreven. Alvorens deze profielschets of een wijziging daarvan vast te stellen voert de raad van toezicht overleg over de inhoud van de profielschets met de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten. 4. De in het tweede lid van dit artikel genoemde voordrachten worden voorbereid door een benoemingsadviescommissie. De samenstelling en werkwijze van deze benoemingsadviescommissie wordt in een door de raad van toezicht vast te stellen reglement nader uitgewerkt. Bij het doen van de bindende voordracht zijn de oudergeleding van de GMR en de GMR niet gehouden aan de voorbereidingen van de benoemingsadviescommissie.
toelichting: in het tweede lid is de tekst zodanig aangepast dat die voldoet aan én art. 48, 12e lid sub b. én art. 17a, 2e lid van de WPO. Dat betekent dat er, bij een rvt van 5 of 6 personen maximaal 3 zijn die worden benoemd op voordracht van de GMR of een geleding daarvan en bij een rvt van 7 personen zijn dat er 4. In overleg met de GMR kan dat dan met één worden teruggebracht. In het derde lid is de suggestie dat de GMR betrokken is bij de vaststelling van de profielschets weggehaald. De GMR heeft wel een rol hierbij, namelijk het uitoefenen van een adviesbevoegdheid als bedoeld in artikel 11 van de WMS, maar het is de rvt die daarna het document vaststelt. In het vierde lid is de inrichting van de benoemingsadviescommissie verplaatst naar een reglement. Dat is dezelfde werkwijze als voor het bestuur is geregeld (zie art. 7, 4e lid). De wijziging in de laatste zin van het vierde lid vloeit voort uit de aanpassing van het tweede lid.
Benoeming leden Artikel 16 1. De leden van de raad van toezicht worden benoemd voor een periode van vier jaar. Aftreden geschiedt volgens een door de raad van toezicht op te stellen rooster van aftreden. Een volgens rooster aftredend lid van de raad van toezicht is onmiddellijk herbenoembaar. Herbenoeming is mogelijk, met dien verstande dat een lid van de raad van toezicht ten hoogste acht jaren deel kan uitmaken van deze raad. 2. Leden van de raad van toezicht kunnen niet zijn personen: a. die in dienst zijn van de stichting alsmede hun partner en bloed- en aanverwanten tot de tweede graad; b. die lid zijn of gedurende de afgelopen twee jaren lid zijn geweest van het bestuur; c. lid zijn van het college van burgemeester en wethouders of de gemeenteraad van de gemeenten; d. die lid zijn van een medezeggenschapsraad van een of meer van de scholen of van de GMR; e. die als advocaat procureur, gemachtigde of adviseur in geschillen werkzaam zijn ten behoeve van de stichting dan wel ten behoeve van een wederpartij van de stichting; f. die als gemachtigde of als adviseur werkzaam zijn ten behoeve van derden tot het aangaan van collectieve arbeidsovereenkomsten met de stichting; g.
die rechtstreeks betrokken zijn bij het leveren van goederen of diensten aan of door de stichting die direct vallen onder de doelstelling van de stichting en daarbij de omvang, aard en vergoeding van de te leveren goederen of diensten kunnen vaststellen of daarop aanmerkelijke invloed kunnen uitoefenen; h. voor wie op grond van de voor de stichting toepasselijke code voor goed bestuur een benoemingsonmogelijkheid geldt. 3. De raad van toezicht wijst uit zijn midden een voorzitter en een vicevoorzitter aan.
7
heeft verwijderd: en GMR opgestelde
heeft verwijderd: dit heeft verwijderd: In de benoemingsadviescommissie hebben twee leden van de raad van toezicht, een lid van de oudergeleding van de GMR en een lid van de personeelsgeleding van de GMR zitting. De werkwijze van deze benoemingsadviescommissie wordt in een door de raad van toezicht vast te stellen reglement nader uitgewerkt.… heeft verwijderd: is
heeft verwijderd: slechts eenmaal heeft verwijderd: . Het lid dat in een tussentijdse vacature wordt benoemd, neemt op het rooster de plaats in van degene in wiens vacature hij werd benoemd heeft verwijderd: die
toelichting: dit zijn de leden 3 tot en met 5 uit het ‘oude’ artikel 12. in het eerste lid is de passage verwijderd waarbij de benoeming van de leden geschiedt volgens het substitutiemodel. Ieder lid ‘heeft nu zijn eigen zittingstermijn’. Herbenoeming is mogelijk, mits de totale zittingsduur de acht jaar niet overschrijdt. Dat sluit aan bij de code voor goed bestuur. In het tweede lid. In het derde lid is de vicevoorzitter toegevoegd als ‘verplichte’ functionaris.
Schorsing en ontslag Artikel 17 1. De gemeenteraden kunnen, na overleg met de raad van toezicht, een lid van de raad van toezicht schorsen. De schorsing van het lid van de raad van toezicht vervalt, indien de gemeenteraden niet binnen drie maanden na de datum van ingang van de schorsing besluiten tot opheffing of verlenging van de schorsing. Een schorsing kan voor ten hoogste drie maanden worden verlengd, ingaande op de datum waarop het besluit tot verlenging van de schorsing werd genomen. Het lid van de raad van toezicht wordt in de gelegenheid gesteld zich in een vergadering van de gemeenteraden waarin schorsing of verlenging daarvan aan de orde is te verantwoorden. Daarbij kan hij zich juridisch doen bijstaan. 2. Onverminderd het bepaalde in het eerste lid, kan een lid van de raad van toezicht door de raad van toezicht worden geschorst, voor een periode van ten hoogste drie maanden. De periode van drie maanden genoemd in de vorige volzin kan eenmaal voor ten hoogste drie maanden kan worden verlengd, ingaande op de datum waarop het besluit tot verlenging van de schorsing is genomen. Het te schorsen lid van de raad van toezicht wordt in de gelegenheid gesteld zich in een vergadering van de raad van toezicht waarin schorsing of verlenging daarvan aan de orde is te verantwoorden. Daarbij kan hij zich juridisch doen bijstaan.
Een besluit tot schorsing als bedoeld in dit artikellid kan slechts worden genomen in een vergadering van de raad van toezicht waarbij alle leden, daaronder niet begrepen het te schorsen lid, aanwezig of vertegenwoordigd zijn, met een stemmenmeerderheid van twee derde van de aanwezige of vertegenwoordigde personen. 3. De gemeenteraden zijn - na overleg met de raad van toezicht - te allen tijde bevoegd een lid van de raad van toezicht te ontslaan. Het betrokken lid van de raad van toezicht wordt in de gelegenheid gesteld zich ten overstaan van de gemeenteraden en de raad van toezicht te verantwoorden. Daarbij kan hij zich juridisch doen bijstaan. toelichting: het eerste en het derde lid zijn het 7e en 6 lid van oude artikel 12. De volgorde van de leden is omgekeerd. Gevoelsmatig is ‘schorsing’ de voorloper van een ontslag en daarom wordt die hier ook eerst beschreven. In alle leden is de bepaling over de bijstand genderneutraal gemaakt. Het tweede lid is nieuw. Dat geeft ook de raad van toezicht zelf de mogelijkheid om een lid te schorsen als daar aanleiding voor is. Dit komt dus niet in de plaats van de schorsingsmogelijkheid door de gemeenteraden, maar is erop aanvullend. De raad van toezicht heeft niet de mogelijkheid om zelf een lid te ontslaan. Dat blijft voorbehouden aan de gemeenteraden.
Einde lidmaatschap, ontstentenis en belet Artikel 18 1. Het lidmaatschap van de raad van toezicht eindigt: a. door overlijden; b. door vrijwillig aftreden (bedanken); c. door het verstrijken van de termijn vermeld in het rooster van aftreden; d. door ontslag verleend door de rechtbank; of e. door ontslag verleend door de gemeenteraden. 2. In vacatures wordt zo spoedig mogelijk voorzien. Een niet-voltallige raad van toezicht behoudt zijn bevoegdheden. 3. Bij ontstentenis of belet van alle leden van de raad van toezicht of van het enige (overgebleven) lid worden de taken en bevoegdheden van de raad van toezicht waargenomen door de perso(o)n(en) die daartoe door de voorzieningenrechter van de rechtbank van het arrondissement waar de stichting is gevestigd, op verzoek van één of meer belanghebbende(n) is of wordt/en aangewezen. toelichting: dit zijn de leden 11 en 12 van het ‘oude’ artikel 12. In de oude tekst stond de volzin over de vervulling van de vacatures en het behoud van de bevoegdheden in hetzelfde lid als de regeling voor ontstentenis en belet. Daar is nu
8
heeft verwijderd: door een raadsman
heeft verwijderd: door een raadsman
een apart lid voor opgenomen. Dit artikel is, in afwijking van de huidige tekst, ook wat ‘naar voren gehaald’. In de huidige tekst staat wat nu artikel 19 is vóór de bepalingen over het einde van het lidmaatschap. Het is logischer om dat te laten volgen op de bepalingen over schorsing en ontslag.
Werkwijze Artikel 19 1. Vergaderingen van de raad van toezicht worden gehouden in de vorm van een fysieke bijeenkomst. De voorzitter kan besluiten dat een vergadering op digitale wijze gehouden wordt, waarbij ieder lid van de raad van toezicht de mogelijkheid heeft om hier met gebruikmaking van een elektronisch communicatiemiddel aan deel te nemen. De voorzitter kan voorts besluiten dat een vergadering van de raad van toezicht wordt gehouden in de vorm van een fysieke bijeenkomst waarbij een of meerdere leden hieraan deelnemen met gebruikmaking van een elektronisch communicatiemiddel. 2. De vergaderingen van de raad van toezicht zijn openbaar. De voorzitter kan besluiten dat een vergadering geheel of gedeeltelijk besloten is, indien er gesproken wordt over privacygevoelige zaken dan wel er naar zijn oordeel sprake is van andere redenen waardoor het belang van de stichting, de scholen het bestuur of de raad van toezicht kan of kunnen worden geschaad. 3. In de vergaderingen van de raad van toezicht heeft ieder lid één stem. Alle besluiten worden genomen met volstrekte meerderheid van de uitgebrachte stemmen. Bij staking van stemmen is het voorstel verworpen. 4.
De raad van toezicht kan ook op andere wijze dan in een vergadering besluiten nemen, mits alle leden in de gelegenheid worden gesteld hun stem uit te brengen en geen van hen zich tegen deze wijze van besluitvorming verzet. Een besluit is alsdan genomen, indien de volstrekte meerderheid van het aantal leden zich vóór het voorstel heeft verklaard. Van elk buiten vergadering genomen besluit wordt mededeling gedaan in de eerstvolgende vergadering, welke mededeling in het verslag van die vergadering wordt vermeld. 5. Vergaderingen van de raad van toezicht worden bijeen geroepen door de voorzitter. Elk lid van de raad van toezicht is gelijkelijk bevoegd de voorzitter te verzoeken een vergadering van de raad van toezicht bijeen te roepen; de voorzitter is alsdan verplicht aan dat verzoek gevolg te geven. 6. De bijeenroeping van de vergaderingen van de raad van toezicht geschiedt schriftelijk op een termijn van ten minste zeven dagen, onder opgave van de te behandelen onderwerpen. In spoedeisende gevallen, ter beoordeling van de voorzitter, kan de termijn van oproeping worden beperkt tot ten minste vier en twintig uur. De vergaderingen in de vorm van een fysieke bijeenkomst worden gehouden ter plaatse binnen Nederland, bij voorkeur in de gemeenten IJsselstein of Nieuwegein, te bepalen door degene die de vergadering bijeen roept, dan wel deed bijeenroepen.
Indien werd gehandeld in strijd met het hiervoor in dit lid bepaalde, kan de raad van toezicht niettemin rechtsgeldige besluiten nemen, mits de ter vergadering afwezige leden vóór het tijdstip van de vergadering hebben verklaard zich niet tegen de besluitvorming te verzetten. 7. Een lid van de raad van toezicht kan zich door een ander lid van de raad van toezicht ter vergadering schriftelijk doen vertegenwoordigen. Elk lid van de raad van toezicht kan slechts één medelid ter vergadering vertegenwoordigen. 8. De voorzitter leidt de vergaderingen van de raad van toezicht; bij zijn afwezigheid wordt hij waargenomen door de vicevoorzitter. Indien ook die afwezig is voorziet de vergadering zelf in haar leiding. 9. De voorzitter bepaalt de wijze waarop de stemmingen in de vergaderingen worden gehouden, met dien verstande, dat indien één of meer leden zulks verlangen, stemmingen over personen schriftelijk geschieden. Het door de voorzitter ter vergadering uitgesproken oordeel omtrent de uitslag van de stemming is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit, voor zover werd gestemd over een niet-schriftelijk vastgelegd voorstel. 10. Van het verhandelde in de vergaderingen van de raad van toezicht wordt een verslag opgesteld door de daartoe door de voorzitter aangewezen persoon. Voorts houdt de raad van toezicht een register van besluiten bij.
Het verslag en het register van besluiten worden vastgesteld in dezelfde of in de eerstvolgende vergadering, door de voorzitter van de vergadering ondertekend en openbaar gemaakt.
9
heeft verwijderd: De gemeenteraden kunnen een lid van de raad van toezicht schorsen. De schorsing van het lid van de raad van toezicht vervalt, indien de gemeenteraden niet binnen drie maanden na de datum van ingang van de schorsing besluiten tot opheffing of verlenging van de schorsing. Een schorsing kan voor ten hoogste drie maanden worden verlengd, ingaande op de datum waarop het besluit tot verlenging van de schorsing werd genomen. Het lid van de raad van toezicht wordt in de gelegenheid gesteld zich in een vergadering van de gemeenteraden waarin schorsing of verlenging daarvan aan de orde is te verantwoorden. Daarbij kan hij zich doen bijstaan door een raadsman. heeft omhoog verplaatst [3]: <#>Bij de vervulling van zich naar het belang van de stichting, het belang van de scholen die door de stichting in stand worden gehouden en het belang van de samenleving.¶ De leden van de raad van toezicht zijn niet onderworpen aan het gezag van de stichting.¶ ¶ heeft verwijderd: <#>Eventuele toekenning van vacatiegelden aan leden van de raad van toezicht en onkostenvergoedingen aan leden van het bestuur en de raad van toezicht geschiedt op basis van een door de raad van toezicht vastgesteld - en op hoofdlijnen in het jaarverslag openbaar gemaakt - reglement.
Bij de vaststelling van deze bedragen volt de raad van toezicht eventuele richtlijnen die binnen de sector van het primair onderwijs als leidraad zijn vastgesteld. Jaarlijks wordt door het bestuur uitdrukkelijk in de jaarrekening verantwoord welke bedragen op grond van deze regeling aan het bestuur en de raad van toezicht zijn uitgegeven.¶ Het bestuur verschaft de raad van toezicht tijdig voor de uitoefening van diens taken en bevoegdheden noodzakelijke gegevens en voorts aan ieder lid van de raad alle inlichtingen betreffende de aangelegenheden van de stichting die deze mocht verlangen. De raad van toezicht is bevoegd om - met inachtneming van de geldende wet- en regelgeving op het terrein van de bescherming van persoonsgegevens - inzage te nemen en te doen nemen van alle boeken, bescheiden, overige gegevensdragers en correspondentie van de stichting; het door de raad van toezicht aangewezen lid van de raad heeft te allen tijde toegang tot alle bij de stichting in gebruik zijnde ruimten en terreinen.¶ De raad van toezicht kan zich voor rekening van de stichting in de uitoefening van zijn taak doen bijstaan door één of meer deskundigen.¶ Bij de vervulling van zijn taak richt de raad van toezicht zich naar het belang van de stichting, het belang van de scholen die door de stichting in stand worden gehouden en het belang van de samenleving.¶ De leden van de raad van toezicht
zijn niet onderworpen aan het gezag van de stichting.¶ ¶ ... [1] heeft verwijderd: 3 heeft verwijderd: de notulen heeft verwijderd: . heeft verwijderd: Eén heeft verwijderd: en notulen gehouden heeft verwijderd: De notulen worden
toelichting: in het eerste lid is het digitaal vergaderen opgenomen, met een vernummering van de volgende leden. Ook is er een optie om ‘gecombineerd’ te vergaderen. Op zichzelf zou kunnen worden gezegd dat hiermee de noodzaak van vertegenwoordiging niet meer nodig is, maar die is gehandhaafd. Er is ook een tweede nieuw lid opgenomen met, verdere vernummering van de overige leden. Dat lid regelt dat vergaderingen van de raad van toezicht geheel of gedeeltelijk besloten kunnen zijn. In het -nu- vijfde lid is de procedure veranderd. In de huidige tekst kan ieder rvt-lid een vergadering beleggen; dat is enigszins ongestructureerd. Nu is bepaald dat dit via de voorzitter moet lopen. Inhoudelijk is er overigens niets gewijzigd: de voorzitter kan een verzoek niet afwijzen en moet dat honoreren. De aanpassing in het (nieuwe) zese lid vloeit voort uit het nieuwe eerste lid. In het zevende lid kon worden gelezen dat er slechts één lid van de rvt was die medeleden kon vertegenwoordigen. Dat is verduidelijkt door het woord ‘Eén’ te vervangen door ‘Elk’. In het achtste lid is de vicevoorzitter (die er al is) geformaliseerd. Het oude tiende lid is samengetrokken met het negende lid, waar het bij hoort In het (nu nieuwe) tiende lid is het begrip ‘notulen’ vervangen door ‘verslag’. Notulen tenderen meer naar ‘handelingen’, terwijl een ‘verslag’ meer beschrijvend is.
Voorts is hier ook geregeld dat, omwille van de duidelijkheid, de rvt ook een ‘register van besluiten’ bijhoudt (wat voorkomt dat altijd de verslagen moeten worden nageplozen om te zien welke besluiten genomen zijn.
AFDELING C, REMUNERATIE Beloning raad van toezicht en onkostenvergoedingen Artikel 20 Eventuele toekenning van vacatiegelden aan leden van de raad van toezicht en onkostenvergoedingen aan leden van het bestuur en de raad van toezicht geschiedt op basis van een door de raad van toezicht vastgesteld - en op hoofdlijnen in het jaarverslag openbaar gemaakt - reglement. Bij de vaststelling van deze bedragen volt de raad van toezicht eventuele richtlijnen die binnen de sector van het primair onderwijs als leidraad zijn vastgesteld. Jaarlijks wordt door het bestuur uitdrukkelijk in de jaarrekening verantwoord welke bedragen op grond van deze regeling aan het bestuur en de raad van toezicht zijn uitgegeven. toelichting: dit artikel bestaat uit he 8e lid van het oude artikel 12. Inhoudelijk is dit gelijk gebleven.
AFDELING D, INTERNE AANGELEGENHEDEN Informatieverschaffing en toegang Artikel 21 1. Het bestuur verschaft de raad van toezicht tijdig voor de uitoefening van diens taken en bevoegdheden noodzakelijke gegevens en voorts aan ieder lid van de raad alle inlichtingen betreffende de aangelegenheden van de stichting die deze mocht verlangen, voor zover die redelijkerwijs van belang zijn voor de uitoefening van de taak als lid van de raad van toezicht. De raad van toezicht is bevoegd om - met inachtneming van de geldende wet- en regelgeving op het terrein van de bescherming van persoonsgegevens - inzage te nemen en te doen nemen van alle boeken, bescheiden, overige gegevensdragers en correspondentie van de stichting, voor zover dat redelijkerwijs van belang is voor de uitoefening van de taak als raad van toezicht. 2. Een door de raad van toezicht aangewezen lid van de raad heeft, na verkregen goedkeuring van het bestuur toegang tot alle bij de stichting in gebruik zijnde ruimten en terreinen. Indien de toegang tot een ruimte of terrein wordt gewenst en die wordt geweigerd, kan de raad van toezicht besluiten dat het betreffende lid toch toegang krijgt. In dat geval weigert het bestuur de toegang niet langer aan het betreffende lid van de raad van toezicht. 3.
De raad van toezicht kan zich voor rekening van de stichting in de uitoefening van zijn taak doen bijstaan door één of meer deskundigen. toelichting: inhoudelijk is hier feitelijk nauwelijks iets veranderd vergeleken met de bestaande tekst. De passage over de toegang tot gebouwen en terreinen is in een afzonderlijk lid geplaatst. Procedureel is er wel wat veranderd. In het eerste lid is het verzoek om informatie gekoppeld aan de rol van de raad van toezicht. In de praktijk zal dat geen verschil maken: ook nu zal uitsluitend om taakgerichte informatie zijn gevraagd (maar het voorkomt dat er op enig moment toch andere informatie wordt opgevraagd). Wat betreft de toegang: dat is nu gekoppeld aan de goedkeuring van het bestuur. Weigert die de toegang - om wat voor reden dan ook - dan kan die weigering door een besluit van de raad van toezicht worden overruled.
10
heeft verwijderd: he heeft verwijderd: te allen tijde
Boekjaar en jaarstukken Artikel 22 1. Het boekjaar van de stichting is gelijk aan het kalenderjaar. 2. Jaarlijks vóór één december stelt het bestuur van de stichting een begroting voor het komende boekjaar en een meerjarenbegroting vast. 3. Jaarlijks binnen zes maanden na afloop van het boekjaar van de stichting stelt het bestuur een jaarverslag vast over dat boekjaar. Het jaarverslag gaat vergezeld van een verslag van een door de raad van toezicht aangewezen accountant. Het jaarverslag behoeft de voorafgaande goedkeuring van de raad van toezicht. Het bestuur zendt het jaarverslag inclusief het verslag van de accountant binnen twee weken na vaststelling naar de gemeenteraden. 4. Het jaarverslag wordt ondertekend door alle leden van het bestuur en door alle leden van de raad van toezicht; ontbreekt de ondertekening van een of meer hunner, dan wordt daarvan onder opgave van redenen melding gemaakt. 5. De raad van toezicht draagt het bestuur op het jaarverslag te doen onderzoeken door een door de raad van toezicht aangewezen accountant.
heeft verwijderd: , heeft verwijderd: 14
toelichting: dit artikel is ongewijzigd gebleven.
Vrijwaring Artikel 23 1. De stichting stelt iedere persoon die, vanwege het feit dat hij lid van het bestuur of lid van de raad van toezicht van de stichting is of was, als partij betrokken was of is of als een op diens betrokkenheid als partij uitlopende ontwikkeling aannemelijk is bij een op handen zijnde, aanhangige of beëindigde actie of procedure van welke aard dan ook, door of namens de stichting dan wel door derden ingesteld, schadeloos voor alle nadelige financiële gevolgen, daaronder begrepen kosten en boetes, die hij in werkelijkheid en redelijkheid heeft moeten dragen in verband met een dergelijke actie of procedure, mits hij heeft gehandeld op een wijze die hij redelijkerwijze kon beschouwen in het belang van of niet tegen de belangen van de stichting te zijn, en tenzij (en voor zover) het doen van een beroep op deze regeling in strijd zou zijn met de goede trouw. 2. Een schadeloosstelling door de stichting bedoeld in het vorige lid geschied na een vaststelling dat een lid van het bestuur of een lid van de raad van toezicht voldaan heeft aan de van toepassing zijnde gedragsnorm genoemd in lid 1 van dit artikel. toelichting: dit artikel is ongewijzigd gebleven.
Reglementen Artikel 24 1. De raad van toezicht stelt een bestuurs- en toezichtsreglement op waarin in elk geval nadere regels zijn opgenomen over: a. samenstelling en werkwijze van de benoemingsadviescommissie voor leden van het bestuur; b. de procedure tot benoeming van de leden van het bestuur; c. samenstelling en werkwijze van de benoemingsadviescommissie voor leden van de raad van toezicht; d. de aanwijzing van een of meerdere beletfunctionarissen bij belet of ontstentenis van het bestuur; e. de wijze van besluitvorming door het bestuur en het intern toezicht op het bestuur. 2. De raad van toezicht is bevoegd overige reglementen vast te stellen die betrekking hebben op het bestuur en het intern toezicht van de stichting. De raad van toezicht is voorts bevoegd om door hem vastgestelde reglementen te wijzigen of in te trekken. 3. Het bestuur is bevoegd reglementen vast te stellen die betrekking hebben op de organisatie van de stichting, voor zover die niet gaan over het bestuur en het intern toezicht van de stichting. Het bestuur is voorts bevoegd om door hem vastgestelde reglementen te wijzigen of in te trekken.
11
heeft verwijderd: 15
toelichting: dit is een nieuw artikel. De elementen in het eerste lid zijn de elementen die (eerder) in deze statuten al zijn genoemd als zaken die bij reglement worden geregeld.
Statutenwijziging Artikel 25 1. Het bestuur is bevoegd de statuten te wijzigen. Het besluit tot statutenwijziging is onderworpen aan de voorafgaande schriftelijke goedkeuring van de raad van toezicht. Het besluit tot statutenwijziging is voorts onderworpen aan de goedkeuring van de gemeenteraden. 2. Een statutenwijziging treedt eerst in werking nadat daarvan een notariële akte is opgemaakt. 3. Het bestuur is verplicht een authentiek afschrift van de wijziging en een volledig doorlopende tekst van de gewijzigde statuten neer te leggen op het kantoor van het door de Kamer van Koophandel gehouden handelsregister.
heeft verwijderd: 16
toelichting: dit artikel is ongewijzigd gebleven.
Ontbinding en vereffening Artikel 26 1. Het bestuur is bevoegd de stichting te ontbinden. Het besluit tot ontbinding is onderworpen aan de voorafgaande schriftelijke goedkeuring van de raad van toezicht. Het besluit tot ontbinding is voorts onderworpen aan de goedkeuring van de gemeenteraden. 2. Voorts zijn de gemeenteraden, in geval van ernstige taakverwaarlozing door het bestuur of functioneren in strijd met de wet als bedoeld in artikel 48 lid 11 van de wet, bevoegd zo nodig de stichting te ontbinden. 3. Tenzij de raad van toezicht anders besluit, is het bestuur met de vereffening belast. 4. De vereffenaars dragen er zorg voor, dat van de ontbinding inschrijving geschiedt in het op het kantoor van het door de Kamer van Koophandel gehouden handelsregister. 5. De raad van toezicht stelt de bestemming van het batig liquidatiesaldo vast. 6. Na de ontbinding blijft de stichting voortbestaan voor zover dit voor de vereffening van haar vermogen nodig is. Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van deze statuten zoveel mogelijk van kracht. In stukken en aankondigingen die van haar uitgaan, moeten aan de naam van de stichting worden toegevoegd de woorden ‘in liquidatie’. 7.
Na afloop van de vereffening blijven de boeken, bescheiden en overige gegevensdragers van de ontbonden stichting gedurende de door het Burgerlijk Wetboek bepaalde termijn onder berusting van de door de vereffenaars aangewezen persoon. Deze persoon is gehouden zijn aanwijzing ter inschrijving op te geven in het in lid 3 van het voorgaande artikel vermelde register. toelichting: dit artikel is ongewijzigd gebleven.
12
heeft verwijderd: 17
Pagina 9: [1] heeft verwijderd
Kees de Bondt
11-08-2021 11:32:00