CConstaterende datIJsselstein
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 5 Achtergrondinformatie van U10 over IRP

Commissie Ruimte 30 november 2021, gemeente IJsselsteinBij agendapunt: 19:30 uur Raadsvoorstel Integraal Regionaal Perspectief U103.778 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Achtergrondinformatie Integraal Ruimtelijk Perspectief U10

Samenvatting De inwoners van de regio Utrecht leven in een prachtige omgeving en in een gemeente en regio die groeit. Om dit ook voor de toekomst te garanderen zijn gezamenlijke keuzes nodig, maken we afspraken hoe de regio ziet in 2040 en hoe we samenwerken om dat te bereiken. Het IRP voorziet daarin. U wordt gevraagd in te stemmen met het Integraal Ruimtelijk Perspectief (IRP). De zienswijzen van de 16 raden vormden de basis voor dit definitief IRP. Een belangrijk moment waarin de stappen worden gezet tot een gezamenlijk perspectief op de toekomst. Het is ons eigen, gezamenlijk toekomstperspectief van 16 gemeenten, met als doel om nu en in de toekomst de groei van de regio op een gezonde en duurzame wijze op te vangen. Wat in het IRP staat is de uitkomst van een intensief en gezamenlijk proces van de 16 gemeenten. Met lokaal beleid en ambities als basis en met regionale keuzes komen we tot een optimale ontwikkeling van regio als geheel. Met de instemming van de 16 gemeenteraden ontstaat er lokaal commitment op de integrale regionale ontwikkelrichting tot 2040. Het IRP is dan op haar beurt een gezamenlijke basis voor gemeentelijke omgevingsvisies en uitwerkingen voor de komende jaren. En het IRP heeft een adaptief karakter en wordt met een vaste ritmiek geactualiseerd. Hiermee is het een belangrijke schakel richting de uitvoering in verschillende allianties.

Context Aanleiding Integraal Ruimtelijk Perspectief regio Utrecht De inwoners van de regio Utrecht leven in een prachtige omgeving en in een regio die groeit. Het is voor elke huidige en toekomstige bewoner belangrijk dat men woont op een prettige en gezonde plek, in een passende woning, nabij voorzieningen en recreatiemogelijkheden, een baan of opleiding heeft en dat men comfortabel kan reizen tussen al deze bestemmingen. En de regio Utrecht is een populaire plek, vanwege de centrale ligging, de bloeiende economie en het goede leefklimaat. Deze populariteit vertaalt zich in krapte op woningmarkt, een enorme vraag naar woningen én naar ruimte voor nieuwe bedrijvigheid en het zet de groene ruimte en de bereikbaarheid onder druk. En dat zal de komende jaren alleen maar toenemen. Om de leefkwaliteit ook voor de toekomst te garanderen zijn keuzes nodig. Het moet een fijne plek blijven om te wonen, werken en recreëren, en waar ruimte is voor groene en duurzame initiatieven. Daarom maken we afspraken hoe de regio er in de toekomst uit ziet en leggen wij vast wat wij daarin belangrijk vinden. De ontwikkelrichting is vastgelegd in een Integraal Ruimtelijk Perspectief (IRP). Het is een integraal ruimtelijke visie voor de Metropoolregio Utrecht op het gebied van groen en landschap, wonen, werken, mobiliteit en energie.

Niet alles kan zomaar, want de optelsom van de wensen is op veel plekken groter dan de ruimte die we hebben. Er zijn daarom gezamenlijk keuzes gemaakt die altijd bijdragen aan het beter maken van het geheel en dat kan in de fase van het programmeren worden geconcretiseerd. Door goed met elkaar af te stemmen wat de behoeftes zijn in de gemeenten, kunnen we een slimme verdeling maken van de ruimte. We vormen hierin een eenheid als regio, maar altijd met oog voor de identiteit van de verschillende gemeenten om diversiteit te behouden.

1

We vertellen een éénsgezind en duidelijk verhaal waarmee we laten zien waar we voor staan en waar we samen naartoe werken.

Zienswijzeprocedure U16 raden De afgelopen periode is in de U16 de stap gemaakt vanuit de Ruimtelijk- Economische Koers uit 2017, via een gezamenlijk uitgangspuntennotitie en beoordelingskader, de Contour, het concept IRP naar nu een definitief IRP voor de U16. In het voorjaar 2021 zijn de raden in de gelegenheid gesteld aan de voorkant invloed uit te oefenen door een zienswijze in te dienen op het concept IRP. Alle raden hebben hiervan gebruik gemaakt. De zienswijzen hebben het denken versterkt en het IRP verder verrijkt. Met deze zienswijzen is door de raden richting gegeven aan de inhoud van het IRP en aan vraagstukken die nog geadresseerd moeten worden en ontstaat er ook politiek draagvlak voor de besluitvorming van een gezamenlijk toekomstperspectief voor onze U16 regio.

Uit de zienswijze blijkt de waardering van de raden voor het werk dat er ligt: “Het concept IRP is een indrukwekkend en mooi document, zowel in tekst als in beeld”; “Evenwichtig ontwikkelperspectief, zeer compleet, nog nooit zo ver geweest als regio”; “Het is gelukt om de grote ruimtelijke opgaven voor de komende jaren samenhangend in beeld te brengen”; “Waardering voor het proces van de totstandkoming van het IRP”; “De ruimte die individuele gemeenten hebben gehad om vanuit eigen identiteit, ambities en kansen bij te dragen aan oplossingen voor gezamenlijke maatschappelijke opgaven.” Deze laten zien dat er veel waardering is, daarnaast zijn in de zienswijzen dilemma’s en kanttekeningen gemaakt op inhoud en proces. Er is recht gedaan aan de inbreng van de raden en de aanpassingen in het concept IRP als antwoord op hun zienswijzen en hopen dat dit zal worden herkend en erkend. We hechten eraan inzichtelijk te maken hoe de zienswijzen op hoofdlijnen is verwerkt en hoe per gemeente de zienswijzen zijn verwerkt in het definitief IRP of worden meegenomen in de volgende fase (bijlage 2: Overzicht zienswijzen raden op concept IRP – verwerking en verantwoording). Integratie RES en IRP De Regionale Energie Strategie 1.0 (RES) is opgesteld door de U16-regiogemeenten met de Provincie Utrecht en Waterschappen. Dit is een verplichting vanuit het Nationale Klimaatakkoord.

In deze strategie staat hoe en waar de regio grootschalig duurzame energie gaat opwekken en welke duurzame warmtebronnen in beeld zijn. Een groot aantal raden vraagt in hun zienswijze aandacht voor het ontbreken van het thema energie in de integrale afwegingen. Een aantal raden geeft aan dat vaststelling van een integraal ruimtelijk perspectief zonder een afweging over de ruimtelijke gevolgen van de energieopgave niet denkbaar is. Om recht te doen aan de zienswijzen en om het IRP inhoudelijk sterker te maken is de RES 1.0, inclusief de zoekgebieden, opgenomen in het IRP. Daarbij is In het IRP gekozen om volledig aan te sluiten bij de RES 1.0. Dit is gedaan door: - Het opnemen van de kaart met zoekgebieden; - Het illustreren van de orde van grootte van de ruimte die binnen de zoekgebieden nodig is; - Het aanpassen van teksten in de redeneerlijn en thematische uitwerking over energie. In de analyse van de zoekgebieden in de RES blijkt dat er geen harde botsingen plaats vinden tussen de zoekgebieden en andere thema’s in het IRP. Wel ligt er een grote opgave voor het samen laten oplopen van energieopwekking en groen en landschap. En is het maatschappelijk draagvlak voor energieopwekking een specifiek aandachtspunt. 2

Besluitvorming RES 1.0 en besluitvorming IRP De RES wordt in oktober aan de raden voorgelegd. Dat is dus nog voordat besluitvorming over het definitieve IRP in de raden plaatsvindt, maar wel nadat het IRP een maand eerder in september is aangeboden aan de colleges met het verzoek dit voor te leggen aan hun raden. Met de besluitvorming op het IRP consolideren we de RES 1.0. In het perspectief en de integrale uitwerkingen voor de toekomst. Actualisaties op de RES 1.0. worden meegenomen in de volgende fase van het IRP.

Onafhankelijke kwalitatieve beoordeling IRP Het IRP wordt voor een kwalitatieve beoordeling gelegd langs het Beoordelingskader dat eerder door raden is vastgesteld en geactualiseerd. In de bijlage bij dit raadsvoorstel treft u dit onafhankelijk oordeel aan. Het doel van deze beoordeling is om inzicht te krijgen in hoeverre het perspectief voldoet aan de kwaliteiten die de samenwerkende gemeenten in de regio Utrecht voorstaan. Het beoordelingskader kan niet worden gezien als een meetlat waarlangs het IRP en nadere uitwerking simpelweg langs gelegd kan worden om tot een afgewogen oordeel te komen. Het is een instrument dat helpt om inzichten te verschaffen. Hiermee ondersteunt het het gesprek bij de besluitvorming en geeft het aanknopingspunten en aanbevelingen voor uitwerkingen in de volgende fase, het integraal programmeren. De toets op het concept IRP laat in zijn algemeenheid een positief beeld zien en vraagt op onderdelen om nadere uitwerking en concretisering. In fase 4 worden deze onderdelen meegenomen bij een uitwerking op programma, gebieds- en projectniveau. En worden nieuwe ontwikkelingen en afwegingen onderdeel van het perspectief middels een adaptief ontwikkelpad en periodieke actualisatie.

Status IRP Het integraal ruimtelijk perspectief heeft op zichzelf geen wettelijke juridische status (zoals een gemeentelijk of een provinciaal omgevingsplan). De planologische verantwoordelijkheid ligt bij de gemeenten in de omgevingsvisies en omgevingsplannen. Het IRP vormt wel de gezamenlijke ontwikkelrichting van de 16 samenwerkende gemeenten, tot stand gekomen op basis van lokaal beleid en ambities en met regionale keuzes en integrale afwegingen. Het IRP is daarmee op haar beurt weer een belangrijke basis voor de gemeentelijke omgevingsvisies. Het IRP is geen vrijblijvende afspraak. Het IRP is een regionale visie dat richting geeft en waarin nog een aantal onzekerheden bij de uitwerking en realisatie. Het IRP moet daarom ook worden gezien als onze gezamenlijke regionale basis voor de samenwerking op inhoud en proces, waarmee we als U16 de regie kunnen houden over de samenwerking met elkaar en met rijk, provincie en andere partners hebben om de hoofdkeuzes scherper te maken en om de benodigde investeringen voor de uitvoering te krijgen. Wanneer de raden met het IRP instemmen ontstaat er lokaal commitment op de integrale regionale ruimtelijk opgave. We spreken met elkaar af dat de gemeentelijke omgevingsvisies en beleid en programma’s zullen passen binnen dit integrale perspectief voor de regio en andersom.

En dat de gemeenten de ambities en doelen van het IRP helpen realiseren en elkaar daarop aanspreken.

3

IRP als adaptief perspectief Het perspectief is adaptief, dus de inhoud wordt in de toekomst geconcretiseerd, waar nodig aangepast aan de (lokale) omstandigheden en periodiek geactualiseerd. Het IRP is immers geen eindbeeld, het geeft de gedragen ontwikkelrichting weer voor de komende 20 jaar. Gemeenten en allianties werken op gebieds-, programma- en projectniveau de opgaven uit. Op regionale schaal werken we samen om de regionale keuzen verder aan te scherpen en randvoorwaarden voor elkaar te krijgen. De insteek is dan ook om het IRP periodiek te actualiseren en dit te consolideren via besluitvorming in de gemeenteraden. Zodat ontwikkelingen kunnen worden vastgelegd in gemeenteraden. De eerste actualisatie is voorzien na periode van twee jaar, er wordt onderzocht wat een passende ritmiek is voor de periode daarna.

Participatie inwoners Bij de verdere uitwerking en programmering van het IRP wordt de samenleving betrokken in de planvorming, zowel met regionale stakeholders als met inwoners. De U10 organiseert de participatie met relevante regionale actoren. De eerste twee sessies zijn reeds georganiseerd met regionale stakeholders om te kijken naar draagvlak voor de ontwikkelrichting en mogelijkheden voor uitvoering in de toekomst (zie bijlage 4: Participatie Integraal Ruimtelijk Perspectief). Voor participatie met inwoners zijn gemeenten primair aan zet. Voor diverse gemeenten geldt dat de keuzes in het IRP parallel lopen met lokale participatie, in veel gevallen onderdeel van de processen rond de omgevingsvisies. Voor andere gemeenten geldt dat participatie nog moet plaatsvinden. Door de participatie met inwoners ook te verbinden aan de vervolgfase (Integrale Programmering) kunnen gemeenten hun eigen planning hiervoor bepalen en ook voldoende concreet worden in het gesrek met inwoners.

Volgende fase 4 IRP Met de besluitvorming van het IRP eindigt fase 3. Eventuele moties en amendementen op het definitief IRP worden in Fase 4 Integrale Programmering opgepakt en meegenomen bij een nadere uitwerking op programma, gebieds- en projectniveau en worden ook nieuwe ontwikkelingen en afwegingen onderdeel van het perspectief middels een adaptief ontwikkelpad. Met het Integraal Ruimtelijk Perspectief ligt er een goed en samenhangend ruimtelijk perspectief op de toekomst van de regio Utrecht. Tegelijk is het goed te beseffen dat dit een perspectief voor de lange termijn is, en geen concreet plan. We weten nu wat we willen, nu moeten we nog scherp krijgen hoe we dat kunnen realiseren. Helder is dat de opgaven en keuzes in de pijlers van het IRP op zichzelf al een schaalsprong vergen en dat er onzekerheden zij bij de uitvoering. Het slim combineren nodig is om tot uitvoering te komen. Dit vergt een vooruitstrevende omgang met ruimtelijke planning, (ontbrekende) investeringen en samenwerking met publiek-private partners: integraal, adaptief en door de schaalniveaus heen. En het vergt een commitment, ook financieel, om de opgaven tot uitvoering te brengen. Deze strategie en aanpak op de uitvoering of realisatie is de kern van wat onze regio de komende jaren te doen staat.

Dit vergt enerzijds het werken in allianties aan de uitvoering en realisatie van integrale ruimtelijke opgaven voor de U16 regio en anderzijds een integraal regionaal programma om de regionale keuzes aan te scherpen, de randvoorwaarden op orde te brengen en de samenhang en integraliteit te bewaren in de uitvoering. Dat is nieuw voor de regio. De gemeenten zijn in de lead om de uitwerking en daarna de uitvoering van de onderdelen van

4

het IRP waar te maken. Dit doen zij voor projecten en programma’s binnen gemeenten en op complexere en/of gemeentegrens overstijgende ontwikkelingen in allianties.

Beoogd effect Het IRP beoogt een samenhangende ruimtelijke ontwikkeling op regionaal niveau op het gebied van wonen, werken, mobiliteit, groen en energie.

Beslispunten, Argumenten en Kanttekening en/Risico’s Voorgesteld beslispunt 1. Instemmen met het gezamenlijk en integraal IRP voor de toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen van de regio Utrecht tot 2040;

Argumenten 1.1. De zienswijzen van de 16 raden zijn goed verwerkt in dit IRP alsmede de inzichten van de RES en de opgave voor regionale bedrijventerreinen; De zienswijzeprocedure heeft de raden de mogelijkheid om aan de voorkant invloed uit te oefenen, alvorens het IRP ter besluitvorming aan de 16 raden wordt voorgelegd. De zienswijzen hebben geleid tot aanscherpingen en vormen de basis voor het definitief IRP dat nu voorligt. In bijlage 2: Overzicht zienswijzen raden op concept IRP – verwerking en verantwoording is weergegeven hoe de zienswijzen per gemeente zijn verwerkt in het IRP. De aanvullingen of aanscherping rond de verschillende ruimtelijke thema’s in de zienswijze zijn goed meegenomen in het IRP of worden meegenomen in de volgende fase 4, het integraal programmeren. Verder is zoveel als mogelijk het streven tot een volledig integrale ontwikkelrichting nagekomen door ook de opgaven in het kader van de energietransitie en regionale bedrijventerreinen op te nemen in het IRP.

1.2. Het IRP is volgens de eerder vastgestelde kaders en de vastgestelde Contour REP uitgewerkt; Kaderstellend hebben de raden eind 2019 ingestemd met de Uitgangspuntennotitie en in het voorjaar 2020 met de Contour REP. Deze laatste bevat rondom alle ruimtelijke thema’s kansrijke zoekrichtingen en onderzoeksvragen voor de regionale ruimtelijke ontwikkeling en is een belangrijke basis geweest voor de uitwerkingen in het IRP. Verder is in het najaar 2020 het (geactualiseerd) Beoordelingskader vastgesteld door de raden, waarmee kwalitatieve beoordeling kon plaatsvinden op de uitwerkingen in het IRP. In onze regio zijn we nog niet eerder zo ver geweest. Als enige regio in Nederland hebben we een brede integrale aanpak. Dit valt ook andere regio’s in het land op en zij zijn geïnteresseerd in hoe wij dit oppakken. Over veel onderwerpen is overeenstemming, andere onderwerpen vragen erom de dialoog voort te zetten. Daarom maken we met dit IRP keuzes, benoemen we een aantal gezamenlijke vraagstukken en geven we opdrachten aan onszelf voor de volgende fase.

1.3. De onafhankelijke toets op het IRP laat een positief beeld zien op alle indicatoren van het Beoordelingskader; 5

Het IRP is ter beoordeling gelegd langs het vastgestelde en aangescherpte Beoordelingskader. In bijlage 3: Toetsing IRP Aangepast beoordelingskader REP bij dit raadsvoorstel treft u dit onafhankelijk oordeel aan, zodat u deze kunt betrekken bij uw besluitvorming. De toets op het concept IRP laat in zijn algemeenheid een positief beeld zien. Voor de meeste doelstellingen (zowel hoofd, als subdoelen) is veel aandacht in het IRP. Op sommige criteria scoort het IRP neutraal (nul) of is het nog onduidelijk (vraagteken); Het is echter niet haalbaar op alle onderdelen uit het kader positief te scoren. Dit omdat het om de totaalscore gaat, omdat bepaalde aspecten nader uitgewerkt moeten worden in de volgende fase, waarin concrete uitwerkingen op programma, gebieds- of projectniveau plaatsvinden. Daar komt nog beter in beeld waar opgaven mogelijk botsen en welke slimme oplossingen daarvoor in beeld zijn. Op die punten zal nadere uitwerking en concretisering plaatsvinden in de volgende fase.

1.4. Met dit IRP staan de regiogemeenten voor elkaars opgaven en zijn we een sterke en betrouwbare gesprekspartner voor de andere overheden en stakeholders; Gelet op het intensieve en zorgvuldige proces dat de 16 gemeenten met elkaar hebben doorlopen, heeft de regio met dit IRP een gedragen basis voor de regio. Wat in het IRP staat is de uitkomst van een gezamenlijk proces met de 16 gemeenten. Samen vinden we dit de beste manier om een plek te geven aan de regionale opgaven die voor ons liggen. We vinden dit niet alleen voor het eigen grondgebied van de gemeente, maar we vinden dit ook voor de regio als geheel. Alle gemeenten staan voor de opgaven van alle gemeenten. Omdat gemeenten voor elkaars opgaven staan, kunnen zij eenduidig en sterker optreden naar andere bestuurslagen, zoals het Rijk en de Provincie. Daarbij is het belangrijk om consistent en eensgezind het IRP als basis te gebruiken voor het regionale verhaal. Dit IRP helpt om vanuit eigen ambities mee te sturen op de ambities en keuzes die provincie en Rijk moeten maken op de vijf genoemde thema’s. We zoeken eensgezindheid en daarmee een grotere invloed daarop. Dit gaat bijvoorbeeld om investeringen voor landschap, water en mobiliteit vanuit Rijk of over het bereiken van overeenstemming over uitbreidingslocaties voor wonen en bedrijvigheid met de provincie.

Gemeenten houden elkaar vast en treden met één gezicht op naar deze overheden en andere stakeholders. 1.5. De uitvoeringsstrategie in het IRP maakt op hoofdlijnen inzichtelijk hoe we van een Integraal ruimtelijk perspectief komen tot Integraal Programmeren en Realisatie; Met het IRP weten we wat we willen, nu moeten we nog scherp krijgen hoe we dat kunnen realiseren. Deze strategie en aanpak op de uitvoering of realisatie is de kern van wat onze regio de komende jaren te doen staat. De uitvoeringsstrategie maakt op hoofdlijnen helder hoe het IRP op een samenhangende manier uit te voeren is. Dit vergt enerzijds het werken in allianties aan de uitvoering en realisatie van integrale ruimtelijke opgaven voor de U16 regio en anderzijds een integraal regionaal programma om de regionale keuzes aan te scherpen, de randvoorwaarden op orde te brengen en de samenhang en integraliteit te bewaren in de uitvoering. Dat is nieuw voor de regio. De gemeenten zijn in de lead om de uitwerking en daarna de uitvoering van de onderdelen van het IRP waar te maken. Dit doen zij voor projecten en programma’s binnen gemeenten en op complexere en/of gemeentegrens overstijgende ontwikkelingen in allianties. Met een regionale ondersteuning, coördinatie en monitoring. 1.6. Een regionale aanpak op de uitvoering helpt om benodigde middelen voor de uitvoering van het IRP naar de regio te halen;

6

Het belangrijkste is het IRP tot realisatie brengen. Het is cruciaal om belemmeringen voor de uitvoering weg te nemen. Het IRP en de uitvoeringsstrategie daarin moet daarom ook worden

gezien als onze gezamenlijke regionale basis voor de toekomst, waarmee we als U16 de regie houden over de samenwerking onderling en met rijk, provincie en andere partners om de hoofdkeuzes scherper te maken en om de benodigde investeringen voor de uitvoering te krijgen. Door een integraal regionaal programma en realisatiestrategie te ontwikkelen, kunnen de gemeenten in de U10 samen en eenduidig optrekken naar rijk, provincie en andere partners, zijn we als regio een betrouwbare en herkenbare partner en zijn we voorbereid, wanneer zich kansen voordoen als groeifonds, woonimpuls, toekomstige geldstromen voor financiering van groen en de mobiliteit. Hier gaan jaarlijks landelijk tientallen of honderden miljoenen en soms miljarden euro’s om.

Voorgesteld beslispunt 2. instemmen met de kosten verbonden aan het opbouwen van het integraal programmeren in 2022, conform de financiële verdeelsleutel binnen de U10. Argumenten 2.1. Voor de opbouw van een integraal programma, uitvoeringskracht en passende organisatie zijn middelen benodigd; De uitvoering van het IRP vergt een commitment, ook financieel. Vanaf medio september 2021 zal fase 4 worden opgestart. De periode tot eind 2022 wordt gezien als kwartiermakerfase waarin de gemeenten en het REP opgaveteam samen aan de slag gaan om een integraal programma, uitvoeringskracht en passende organisatie op te bouwen. Dit start met het vertalen van de regionale opgaven vertalen in ‘pakketten’ of ‘regionale deelopgaven’. En een verkenning wat daarvan al is belegd in gemeenten en allianties en wat of wie er aanvullend nodig is om de dingen voor elkaar te krijgen. Ook wordt de uitvoering ingeregeld, bij de allianties en gemeenten en de U10 organisatie. Met als uitgangpunt: eigenaarschap bij gemeenten en de U10 in een ondersteunende rol. Voor de periode tot eind 2022, de kwartiermakerfase, wordt een financiële bijdrage gevraagd aan de 16 gemeenten die samenwerken in het IRP. Dit biedt de gelegenheid om officieel starten aan het opbouwen en organiseren van fase 4.

Vanaf medio september tot eind december 2021 is sprake van een overbruggingsperiode met een begroting van ca 100.000 euro plus inzet van mensen uit de U10. De begroting voor het jaar 2022 is in totaal 1 miljoen euro. Daarna kan de fase van langjarig programmeren starten. Waarbij de gemeenten en allianties steeds meer zelf verantwoordelijk zijn voor het tempo en de inzet in mensen, middelen. Zo wordt het IRP in de komende jaren uitgevoerd in een ‘zwerm’ van verschillende projecten, programma’s etc. door een breed palet aan partijen in wisselende samenstelling. Met een regionale ondersteuning, coördinatie en monitoring

Financiën Het Perspectief vergt het commitment en investering in de samenwerking bij de uitvoering. Aan het IRP is een uitvoeringsstrategie gekoppeld, die nader wordt uitgewerkt in een concreet plan van aanpak voor fase 4. Daarvoor wordt een financiële bijdrage gevraagd aan de 16 gemeenten voor periode tot eind 202. De financiële verdeelsleutel binnen de U10 wordt gehanteerd. 7

Verdeelsleutel op basis van inwonersaantal IRP Gemeente Bunnik De Bilt De Ronde Venen Houten IJsselstein Lopik Montfoort Nieuwegein Oudewater Stichtse Vecht Utrecht Utrechtse Heuvelrug Vijfheerenlanden Wijk bij Duurstede Woerden Zeist Totaal

Inwonertal 1-1-2021 CBS 15345 43368 44727 50230 33812 14460 13889 63853 10136 65101 359355 49931 57833 23927 52696 65057 963720

Opstart Fase 4A 2021 1535 4500 4641 5212 3508 1500 1441 6626 1052 6755 37288 5181 6001 2483 5468 6751 100000

Fase 4A 2022 15346 45001 46411 52121 35085 15004 14412 66257 10518 67552 372883 51811 60010 24828 54680 67506 1000000

Totaal Fase 4A 2021+2022 16881 49501 51052 57333 38593 16505 15853 72882 11569 74307 410172 56992 66011 27311 60148 74257 1100000

Dit is gelijk aan de begroting en verdeelsleutel in IRP fase 3 om te komen van Contour naar Perspectief.

8

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10728882/1