CConstaterende datIJsselstein
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Concept begroting WIL 2024

Raadsvergadering 8 juni 2023, gemeente IJsselsteinBij agendapunt: Raadsvoorstel Zienswijze conceptbegroting WIL 202418.128 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

• •

Begroot fte 52,23 28,22 32,30 38,24 150,99

Begroot loonkosten 4.503.567 2.434.689 2.681.962 3.195.790 12.816.008

Het loonkostenniveau is gebaseerd op de salaristabellen vanaf januari 2023. Personeelskosten buiten formatiebudget WIL (extra inzet voor DVO-afspraken en de uitvoering DVO SW) zijn niet in het bovenstaande overzicht opgenomen.

20

Begroting 2024 en meerjarenbeleidsperspectief

Ziekteverzuim minder dan 5,5% Begin 2023 ligt het ziekteverzuim WIL net boven de 6,9% (incl. zwangerschapsverlof). WIL doet er alles aan om het welbevinden van haar medewerkers te bevorderen. Samen met de Arboarts zetten we actief in op begeleiding bij ziekteverzuim; preventief zetten we in op aandacht en maatwerk. Tevens blijven we inzetten op verzuimbegeleiding bij langdurig verzuim. We verwachten hiermee het verzuim op termijn tot 5,5% terug te kunnen brengen. Onze intensieve inzet wordt door onze arbodienst, Arboarts en de inzetbaarheidscoach als goed en passend getypeerd en continueren we dus in 2024. Aanbestedingen In 2023 pakken we twee zaken op die doorlopen in 2024 en veel aandacht en inzet vanuit HR WIL vragen: 1. De aanbesteding van een nieuwe Arbodienst per 1 augustus 2023 (maar mogelijk pas per 1 januari 2024), die om een goede overdracht en implementatie vraagt. 2. De aanbesteding van onze “Inhuur vanaf schaal 9” per 1 januari 2024, die we moeten inregelen met externe ondersteuning gelet op de krappe arbeidsmarkt op dit moment. Arbo In 2022 voerden we een I&E (Risico, Inventarisatie & Evaluatie) uit, met een overall positieve score: we doen het goed als WIL.

Tegelijk is er uiteraard een aantal zaken die opgepakt moeten worden; hiertoe is in 2023 een Arboteam opgezet dat erop toe gaat zien de risico's blijvend te beperken en te verbeteren als het gaat om de arbeidsomstandigheden, de gezondheid en veiligheid van de medewerkers van WIL. Een belangrijk onderwerp in deze is de psycho-sociale arbeidsbelasting (PSA) in het kader van de mentale gezondheid van onze medewerkers. De inzet op Arbo loopt in 2024 door. In het licht van het Atriumproject is een periode van overlast onoverkomelijk (in 2023 en 2024). Hoeveel overlast is nog niet goed te zeggen. Een deel van onze medewerkers gaat tijdelijk op een andere locatie aan de slag. Afhankelijk van de overlast is meer thuiswerken ook een optie, met als worst-case scenario veel meer thuiswerken. Dit vraagt veel inzet vanuit HR WIL en onze teamleiders, ook als het gaat om het behoud van de sociale en professionele verbinding. Banenafspraakbanen (BAB) We verwachten in 2023 het quotum van 5,3 fte te behalen en we hebben dit structureel te beheren en te monitoren om ook in 2024 aan onze morele en wettelijke verplichting te kunnen voldoen. Arbeidsmarkt WIL heeft veel specifieke en specialistische functies. Wij verwachten ook voor de komende jaren een krappe en dynamische arbeidsmarkt waarbij sommige functies moeilijk vervulbaar zullen blijken te zijn.

Dit vraagt meer inzet en maatwerk om geschikte kandidaten te vinden. Dit heeft gevolgen voor de belasting van het personeel. Dit willen we ondervangen door aanvullende instrumenten in te zetten zoals interne mobiliteit, een flexpool en de invulling van de banen afspraak banen (BAB) binnen WIL. In 2024 willen we verder ook nog een extra stap zetten op het gebied van arbeidscommunicatie. Hybride werken De nieuwe huisvestingsfilosofie leert dat er blijvende aandacht nodig is op het gebied van hybride werken. Hiertoe ontwikkelen we onder andere beleid rondom hybride werken dat per 2024 verder wordt geïmplementeerd, uiteraard in samenhang met dat wat de Wet Werken waar je wilt van ons vraagt (medewerkers krijgen door deze wet meer zeggenschap over de plek waar zij willen werken). We hebben voor nu nog onvoldoende scherp wat dit van WIL anders of extra vraagt dan nu.

21

Begroting 2024 en meerjarenbeleidsperspectief

WIL Academie Binnen WIL zetten we in op ’professionals aan zet’. We geven onze medewerkers ruimte om dat te doen wat nodig is binnen de bedoeling van WIL en binnen de kaders die teams en programma’s meekrijgen. Middels het opzetten en uitbouwen van een WIL Academie willen we onze medewerkers hierin ondersteunen. In 2023 zijn we hiermee voorzichtig gestart, in 2024 zetten we vervolgstappen. De WIL Academie is een themagewijs programma met een gedifferentieerd aanbod. Waarmee we WIL breed, collectief en/of individueel gericht stappen vooruit kunnen zetten. De thema’s gaan bevatten onder andere werken vanuit de bedoeling, professioneel en veilig handelen, persoonlijk leiderschap, competentie-ontwikkeling, projectmatig werken, et cetera. Financieel beheer en informatie Naast de zorg voor een tijdige uitbetaling van de uitkeringen aan klanten en de tijdige betaling van facturen namens onze klanten (schuldhulpverlening), is het onze verplichting om periodiek verantwoording af te leggen over het gevoerde (financieel) beleid. Gedurende het jaar monitoren we op diverse momenten of de overeengekomen afspraken ook worden gerealiseerd. Deze verantwoording vindt plaats via de kwartaalrapportages, de tussenrapportage (tot en met mei) en de jaarstukken.

De bestuurlijke informatie wordt zo ingericht dat met een redelijke mate van zekerheid kan worden aangegeven in hoeverre de doelstellingen worden gerealiseerd met bijbehorende bestuur- en beheersinstrumenten. Wij denken dat hiervoor een andere opzet van de informatievoorziening en KPI’s op onderdelen wenselijk is. We hebben hiervoor in 2023 een voorstel ontwikkeld dat in de bijlage is toegevoegd. In de zienswijze op deze begroting hopen we draagvlak en instemming te kunnen horen op de beoogde herijking van de informatievoorziening en KPI’s. Indien dat geval is, zullen we zo snel als mogelijk de nieuwe werkwijze implementeren. Zoals bekend is de regelgeving met betrekking tot de certificering van de jaarverslagen van lokale overheden, waartoe ook WIL behoort, gewijzigd. Het bestuur van WIL dient vanaf het boekjaar 2023 zelf verantwoording af te leggen over de rechtmatigheid (de ’rechtmatigheidsverantwoording’). De accountant geeft in dat geval alleen nog een controleverklaring af met een oordeel over de getrouwheid van de jaarrekening, inclusief de rechtmatigheidsverantwoording van het bestuur. WIL is hierover in gesprek met de accountant. Voor het boekjaar 2024 voorzien we een verdere professionalisering van deze rechtmatigheidsverantwoording. Huisvesting Een belangrijke ontwikkeling qua huisvesting is het Atriumproject.

We verwachten het nieuwe Atrium in 2024 in gebruik te mogen nemen. Met het nieuwe Atrium krijgen we niet alleen kwalitatief betere huisvesting voor onze front-office dienstverlening, maar ook meer mogelijkheden om onze klanten nog beter van dienst te zijn (doordat meerdere ketenpartners dan ‘in huis’ zitten en we meer programmatisch kunnen werken). Met de gemeente Nieuwegein (onze huurbaas) worden op dit moment de ‘puntjes op de i' gezet; een belangrijk onderdeel hiervan is de tijdelijke verhuizing van onze front-office dienstverlening naar een andere pand. Wij verwachten het Atriumproject kostenneutraal te kunnen uitvoeren. Communicatie De focus in 2024 blijft opnieuw een hoge mate van klantvriendelijkheid en klantgerichtheid en duidelijkheid qua communicatie en klantenservice. Ook de beperkte zelfredzaamheid van mensen zal extra aandacht vragen qua communicatie en klantenservice. WIL werkt als het gaat om de verdeling thuiswerken en op kantoor werken volgens het principe ‘50/50 tenzij...’. Medewerkers geïnformeerd en verbonden houden is in deze context een belangrijk aandachtspunt. Daarom is er ook bijzondere aandacht voor interne communicatie. ICT, automatisering en gegevensbescherming Overheidsorganisaties zoals WIL moeten ook de komende jaren blijven investeren in ICT om inwoners en klanten goed en veilig van dienst te kunnen zijn.

WIL ontwikkelt zich in dit opzicht richting een regieorganisatie, mede gelet op de keuzes die onze belangrijkste ICT-leverancier en partner Houten maakt. We investeren 22

Begroting 2024 en meerjarenbeleidsperspectief

momenteel stevig in deze transitie, zodat WIL per 2025 klaar is om een nieuwe samenwerking met een ICT-leverancier in te richten. De keuze met wie, dat kan nog steeds Houten zijn!, maken we eind 2024. Om deze transitie mogelijk te maken is in 2023 en 2024 een transitiebudget gevraagd; bij de definitieve 1e Begrotingswijziging 2023 is dit budget voor 2023 en 2024 neerwaarts bijgesteld naar € 75.000 per jaar, met een vinger aan de pols voor het DB t.a.v. de uitvoering van het transitieplan. Tegelijk is de toezegging gedaan de raden op dit onderwerp aangesloten te houden. Met de kanttekening dat we er daarbij vanuit gaan dat er zich onder meer aan de kant van ICT Houten geen onverwachte of bijzondere situaties zullen voordoen. Inhoudelijk verwijzen wij in deze naar onze reactie op de zienswijzen 1ste Begrotingswijziging 2023 en de bijlage ICT bij de definitieve vaststelling van deze begrotingswijziging. NB. In de begroting is dit transitiebudget verwerkt als een ‘plus’ op de ICT loonkosten en een 'min’ op de materiele kosten ICT. Zowel op security als privacy voldoet WIL aan de overheid standaarden, zoals vastgelegd in de BIO en privacyregelgeving. Gezien de grote bedreigingen van buiten, zoals bijvoorbeeld nu vanuit Rusland (de Oekraïnecrisis) is grote waakzaamheid geboden.

Mede hierom wordt ingezet op een brede awareness bij alle gebruikers en goede dienstverlening vanuit ICT Houten. Dat zal in 2024 niet anders zijn. C. Paragraaf weerstandsvermogen, risicobeheersing en kengetallen Weerstandsvermogen Omdat eventuele jaarlijkse financiële resultaten direct worden verrekend met de deelnemende gemeenten, beschikt WIL niet over eigen vermogen en reserves en is er derhalve geen sprake van een weerstandsvermogen. Reserve en Voorzieningen Op dit moment worden door WIL geen reserves gevormd. Risico’s worden zoveel mogelijk meegenomen in de lopende begroting waardoor het vormen van voorzieningen achterwege kan blijven.

23

Begroting 2024 en meerjarenbeleidsperspectief

Risicoparagraaf Een risico wordt gedefinieerd als ‘Een gebeurtenis die zich kan voordoen en die een financieel gevolg kan hebben en die (nog) niet op een andere manier is ondervangen, bijvoorbeeld door het afsluiten van een verzekering, het treffen van een voorziening of het nemen van een beleidsmaatregel. Indien de gevolgen van risico’s zich voordoen komen de gevolgen hiervan ten laste van de deelnemende gemeenten. Per risico is in de tabel aangegeven in welke mate wij verwachten of het risico zich zal voordoen: hoog (rood), gemiddeld (oranje), en laag (geel). Risico Hoger ziekteverzuim dan geraamd

Oorzaak Afbouw ziekteverzuim lukt niet door blijvend hoge en soms te hoge werkdruk (door bijvoorbeeld corona, oorlog in Oekraïne en/of de energiecrisis, maar ook door krapte op de arbeidsmarkt).

Gevolgen Meer inhuren dan geraamd omdat niet inhuren i.r.t. continuïteit, omvang en kwaliteit dienstverlening niet verantwoord is. De uitvoeringskosten zullen daardoor stijgen. Financiële gevolgen: € 200.000. Uitgaand van 7% ziekteverzuim, bij een streefcijfer van 5,5%.

Personeel/ krapte arbeidsmarkt

Door de krappere arbeidsmarkt wordt het vinden, binden en boeien van personeel lastiger.

Bezetting is niet altijd op orde met consequenties voor de kwaliteit van de dienstverlening. Meer inhuur nodig dan voorzien als mensen in de markt niet te vinden zijn; met hogere personeelslasten tot gevolg. Werkdruk bij collega's stijgt i.r.t. discontinuïteit en soms te beperkte bezetting, maar ook i.r.t. vaker moeten inwerken nieuwe collega's.

Hogere regelingskosten en uitvoeringskosten

De regelingskosten worden op basis van het aantal klanten conform de financiële uitgangspunten berekend. Zoals aangegeven is de impact van de energiecrisis en hoge inflatie nog niet volledig meegenomen, want ongewis.

Calamiteiten

Onvoorspelbare gebeurtenissen die direct invloed hebben op de uitvoering van ons werk. Zoals een coronacrisis of iets dergelijks, uitvallen van ICTsysteem, gebouw niet toegankelijk, als ook

Meer uitkeringen en inkomensoverdrachten, waarvoor geen middelen beschikbaar zijn. Deze regelingskosten worden 1-op-1 doorbelast aan de gemeenten. Tegelijk stijgen dan ook de uitvoeringskosten dan wel wordt de kwaliteit en omvang van de dienstverlening afgeschaald als e.e.a. kostenneutraal zou moeten plaats vinden. Het afschalen van de kosten heeft uiteraard impact op zaken als doorlooptijden, klanttevredenheid, e.d. De dienstverlening komt ernstig in de knel, is beperkt mogelijk of wordt tijdelijk stilgelegd. De klanten krijgen niet (op tijd) wat ze nodig hebben.

Beheersmaatregel Vanuit management, teamleiders en HR wordt extra aandacht gegeven aan verzuimpreventie; evenzo wordt extra geïnvesteerd in verzuimbegeleiding Parallel hieraan wordt geïnvesteerd in het vinden, binden en boeien van collega's om de bezetting op orde te houden, de mobiliteit te beperken en om een te hoge/ongezonde werkdruk te verminderen. HR en de teamleiders moeten hiervoor stevig(er) aan in actie. Goed monitoren waar krappe arbeidsmarkt en verzuim tot problemen kunnen leiden en welke oplossingen helpen (o.a. flexpool, traineeships, open hiring, creatieve arbeidsmarktcommunicatie). Ad hoc inspelen op problematiek. Gecombineerd met aandacht voor binden en boeien van al zittende collega's (zie ook bij ziekteverzuim) om ongewenst verloop te verkleinen. Veel van de genoemde ontwikkelingen zijn door WIL niet beïnvloedbaar. Behoudens een goede informatievoorziening nemen wij hiervoor dan ook geen andere beheersmaatregelen. Uiteraard zullen we daar waar aan de orde kijken of de crisisregimes uit de coronatijd waar nodig soelaas kunnen bieden.

Een cyberdreiging is altijd een risico waarmee ICT Houten rekening houdt en nodige checks uitvoert, dit is evenwel geen 100% garantie. Door hybride werken kunnen we ook veelal elders werken. We besteden extra aandacht aan bewustwording bij medewerkers 24

Begroting 2024 en meerjarenbeleidsperspectief Risico

Oorzaak onzekerheid omtrent de continuïteit van onze ICThosting.

Gevolgen

Beheersmaatregel over hoe zij de risico's op hacken kunnen helpen minimaliseren. Continuïteit ICT-hosting: zorgen dat we in regie komen en blijven samen met ICT Houten.

Kengetallen BBV overzicht De (netto) schuldquote is een indicator die aangeeft hoe de netto schulden zich verhouden tot de totale baten van de organisatie. Hoe hoger dit percentage, hoe meer externe financiering (geleend geld) WIL heeft aangetrokken om de activiteiten te financieren. Omdat WIL geen geldmiddelen door- of uitleent, is alleen het overzicht ‘Netto schuldquote’ relevant. In de GR, art 34 is vastgelegd dat alle resultaten toekomen aan de deelnemende gemeenten. Hierdoor beschikt WIL niet over een eigen vermogen. Netto schuldquote: de netto schuld weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van WIL ten opzichte van de eigen middelen Rekening 2022 Begroot 2023 A Vaste schulden (cf. art. 46 BBV) 0 0 B Netto vlottende schuld (cf. art. 48 BBV) 2.076.000 3.010.000 C Overlopende passiva (cf. art. 49 BBV) 4.820.000 2.227.000 D Financiële activa (cf. art. 36 lid d, e en f) 0 0 E Uitzettingen < 1 jaar (cf. art. 39 BBV) 6.444.000 3.692.000 F Liquide middelen (cf art. 40 BBV) 318.000 279.000 G Overlopende activa (cf. art. 40a BBV) 134.000 1.266.000 H Totale baten (cf. art. 17 lid c BBV (dus excl. mutaties reserves) 73.420.000 61.792.000 Netto schuldquote (A+B+C-D-E-F-G)/H x 100% 0,00% 0,00%

Begroot 2024 0 1.883.000 4.371.000 0 5.844.000 288.000 122.000 66.584.000 0,00%

C. Paragraaf Wet Open Overheid De Wet open overheid (Woo) is de opvolger van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) en is op 1 mei 2022 in werking getreden. Het doel van de Woo is overheidsinformatie toegankelijker, transparanter en vindbaarder te maken. WIL heeft een pagina op haar website gevuld met informatie over de Woo (wie binnen WIL de aangewezen contactpersoon is en hoe iemand overheidsinformatie kan opvragen). Daarnaast ontsluit WIL al jaren alle documenten op haar website die aan het algemeen bestuur worden aangeboden (actieve openbaarmaking). Onder de Woo moet er meer informatie openbaar gemaakt gaan worden en de informatie die we nu aanbieden vaak ook op een wat andere manier. E.e.a. zou onder andere moeten gebeuren via het landelijk ontwikkelde platform PLOOI. Het platform moet ervoor gaan zorgen dat actief openbaar gemaakte overheidsinformatie makkelijk(er) te vinden is voor iedereen via één centrale vindplaats. De doorontwikkeling van het platform is eind 2022 echter on hold gezet. Openbaarmaking van WIL-documenten via dit systeem is dus niet mogelijk. WIL houdt de ontwikkelingen rondom PLOOI en de wetgeving in de gaten. Ook in 2024 gaan we verder vorm en inhoud geven aan wat de Woo van ons vraagt. Onze insteek is dit projectmatig te gaan doen, in samenspraak met de Lekstroom-gemeenten.

De financiële consequenties van de Woo-operatie voor WIL zijn lastig in te schatten, maar een forse investering is niet onwaarschijnlijk. Dat blijkt ook uit de middelen die het Rijk voor de Woo-operatie heeft voorzien en waarop de gemeenten recht hebben.

25

Begroting 2024 en meerjarenbeleidsperspectief

9 UITGANGSPUNTEN OPSTELLING FINANCIËLE BEGROTING Inflatiecorrectie (+2,4%) Voor de inflatiecorrectie wordt gehanteerd het afgeleide inflatiecijfer voor de overheid (CPI) 2024 uit de Septembercirculaire 2022 van 2,4%. Loonindexatie (+4,2% excl. sociale lasten) Conform de ‘loonvoet sector overheid’ voor het jaar 2024 uit de septembercirculaire 2022 gaan we uit van een loonstijging van 4,2% exclusief sociale lasten. Zodra een nieuwe CAO bekend is, wordt een eventueel verschil conform de nieuwe CAO meegenomen in een begrotingswijziging. De nieuwe CAO 2023 is bijna akkoord en loopt van 2 januari 2023 tot 1 januari 2024. De gevolgen van de CAO 2023 zullen in de begrotingswijziging 2023 structureel worden door vertaald in de begroting WIL conform salarisrekentool Pardon. WIL kijkt hierbij uiteraard altijd parallel hieraan naar wat soberder, effectiever en/of efficiënter kan. Over eventuele veranderingen van de sociale lasten is nog niets bekend. Zodra de pensioenpremielasten en de sociale lasten bekend zijn, worden deze in de begrotingswijziging 2024 opgenomen. BUIG middelen en klantaantallen BUIG Bij de bepaling van de hoogte van het BUIG-budget rekenen wij met een gemiddeld uitkeringsbedrag per uitkeringsgerechtigde per gemeente. Deze berekening baseren wij op de uitkomsten van voorlopige jaarcijfers 2022 met daarbij een verhoging van 10% op de uitkeringsnorm.

Wij passen jaarlijks minimaal 2 keer de uitkeringsnormen aan, dit heeft dus geen extra uitvoeringskosten tot gevolg. De omvang van het aantal bijstandshuishoudens wordt bepaald aan de hand van de eindstand 2022 (conform voorlopig jaarstukken 2022) plus 1% risico opslag. Regelingskosten Inkomensondersteuning Bij de bepaling van de hoogte van de regelingskosten bijzondere regelingen en bijzondere bijstand gaan we uit van de bedragen en op basis van de voorlopige jaarcijfers 2022, met een risico-opslag van 1%. Ook deze methodiek is gebruikelijk. Echter, het CPB en andere instanties verwachten de komende periode een toename van de armoedeproblematiek en mensen die behoefte hebben aan ondersteuning. Wij zien die ontwikkeling nu nog maar beperkt; het KRD in oktober verwachten we meer inzicht te hebben in de ontwikkeling van ons bestand en het aantal aanvragen. Re-integratie middelen (Lokale budget) De gemeenten zijn zelf aan zet om focus aan te brengen bij de inzet op participatie. In het lokale jaarplan beschrijven zij de inzet en de bijbehorende lokale begroting. WIL neemt deze lokale begroting in het lokale jaarplan geconsolideerd over. Omdat de lokale jaarplannen eind 2022 worden vastgesteld, verwerken wij deze in de ontwerpbegroting 2024. Inkomsten terugvordering (1,5%) Het verwachte percentage inkomsten vanuit terugvordering is op 1,5% gesteld.

BBZ 2004 BBZ 2004 is een vraag gestuurde regeling waarvoor WIL het budget bepaalt op basis van de uitkomsten vanuit de jaarstukken 2021. Vanaf 2020 is de financieringssystematiek voor de BBZ-kapitaalverstrekking gewijzigd. Dit houdt in dat de eigen bijdrage voor de gemeenten van 25% naar 75% is toegenomen. De overheid gaat ervan uit dat 75% van de lening wordt terugbetaald. Hierdoor neemt het risico voor de gemeenten toe. 26

Begroting 2024 en meerjarenbeleidsperspectief

Verdeelsleutel Bij het opstellen van de begroting 2024 wordt voor de doorberekening van de uitvoeringskosten de verdeelsleutel bepaald aan de hand van de maatstaven uit de septembercirculaire en de definitieve uitkeringsspecificatie van het gemeentefonds. De regelingskosten worden verdeeld op basis van het aantal klanten per gemeente en de daadwerkelijke kosten per klant. De verdeelsleutel 2024 is nu nog niet bekend. Nullijn systematiek De financiële nullijn is sinds 2020 kaderstellend: WIL heeft het te doen met de middelen die beschikbaar worden/zijn gesteld. Tenzij WIL van de Lekstroom gemeenten tijdelijk of structureel extra mag inzetten op specifieke onderdelen; dan is een ophoging van de begroting via een begrotingswijziging acceptabel. Het Kaderstellend Raadsdebat is in dit licht een belangrijk ijkpunt. Het laatste KRD heeft in deze opgeleverd, en middels de zienswijzen op zowel de Begrotingswijziging 2023 als de Kaderbrief 2024 bevestigd, dat het continueren van de aard en kwaliteit van de dienstverlening van WIL de hoogste prioriteit geniet. De Nullijn is dus minder principieel geworden, maar meer pragmatisch. Met uiteraard als grondhouding een sobere en doelmatige uitvoering. Begroting 2023 (inclusief de 1e begrotingswijziging 2023) als basis De begroting 2023 wordt als basis genomen voor de begroting 2024.

In de 1ste begrotingswijziging 2023 zijn de volgende bijstellingen opgenomen: • Verhogen uitkeringsnorm met 10% per 1 januari 2023 met als gevolg een stijging van de regelingskosten BUIG, dit leidt tot een verhoging van 3,7 miljoen euro (programma Inkomen); • Uitvoeren businesscase bewindvoering waarbij we in 2024 een besparing van € 90.000 op de kosten voor bijzondere bijstand voor bewindvoeringskosten verwachten (programma Inkomensondersteuning); • Uitvoeren transitie voor de doorontwikkeling van de ICT. Voor 2024 is hier een ophoging van € 150.000 opgenomen. Na zienswijze is deze bijgesteld naar € 75.000 in de begroting 2024. NB. In de begroting is dit transitiebudget van € 150.000 verwerkt als een ‘plus’ op de ICT loonkosten en een 'min’ van € 75.000 op de materiele kosten ICT. • Versterken van de HR-organisatie binnen WIL. In 2024 heeft dit een ophoging van € 75.000 tot gevolg; • Creëren ruimte voor WIL om het personeelsbudget met maximaal € 150.000 te overschrijden als calamiteitenbudget. Hiervoor is geen budget nodig, maar verrekening vindt plaats in de jaarrekening. Voorziening verlofsparen Bij cao-afspraak is in 2022 het verlofsparen geïntroduceerd. WIL is dit verlofsparen momenteel technisch en inhoudelijk aan het implementeren.

Door het verlofsparen ontstaan voor WIL arbeidskosten financiële verplichtingen met een niet voorspelbare opbouw en ook onvoorspelbare afbouw. In het BBV is bepaald dat voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen waarvan het jaarlijkse bedrag geen gelijk volume heeft, een voorziening dient te worden gevormd. In 2023 richten we deze voorziening in. Eind 2023 hebben we inzichtelijk hoeveel gebruik hiervan wordt gemaakt. We zullen jaarlijks een bedrag in de voorziening Verlofsparen moeten storten ter dekking van de te maken kosten. Op basis van de eerste inzichten van de medewerkers die gebruik zullen maken van deze regeling schatten we in dat we jaarlijks circa € 100.000 zullen doteren aan deze voorziening. We zullen hierover met de gemeenten in gesprek gaan om te kijken naar wat hierin de mogelijkheden zijn.

27

Begroting 2024 en meerjarenbeleidsperspectief

Overzicht van baten en lasten per programma Programma Inkomen Werk Inkomensondersteuning DVO SW Totaal programma's Bedrijfsvoering Bedrijfsvoering Saldo van baten en lasten Mutaties reserve Gerealiseerd resultaat

Rekening 2022 Lasten Baten Saldo 39.101.000 39.101.000 4.591.000 4.591.000 18.398.000 18.398.000 2.697.000 2.697.000 64.787.000 64.787.000 -

Primitieve begroting 2023 Lasten Baten Saldo 39.967.000 39.967.000 4.622.000 4.622.000 6.400.000 6.400.000 2.794.000 2.794.000 53.783.000 53.783.000 -

Begroting 2024 Lasten Baten Saldo 43.757.000 43.757.000 4.817.000 4.817.000 7.066.000 7.066.000 2.424.000 2.424.000 58.064.000 58.064.000 -

8.633.000 73.420.000 73.420.000

8.009.000 61.792.000 61.792.000

8.520.000 66.584.000 66.584.000

8.633.000 73.420.000 73.420.000

-

8.009.000 61.792.000 61.792.000

-

8.520.000 66.584.000 66.584.000

-

Verschillenanalyse De totale stijging van de lasten ten opzichte van de begroting 2023 bedraagt € 4.792.000 (nadelig), waarvan € 420.000 structureel is vastgesteld in de begrotingswijziging 2022. Op programmaniveau worden wijzigingen nader toegelicht. Programma Inkomen (€ 3.790.000 nadelig). De belangrijkste oorzaken zijn: Jaar Jaarverslag 2022 Begroting 2023 Begroting 2024 Verschil

• • •

Aantal 532 507 537 30

Aantal geprognosticeerde bijstandsklanten en gemiddelde uitkeringslast Houten IJsselstein Lopik Nieuwegein Uitkeringslast Aantal Uitkeringslast Aantal Uitkeringslast Aantal Uitkeringslast 14.547 484 14.711 136 16.125 1.213 15.570 15.571 465 16.033 126 15.555 1.269 15.555 16.386 489 16.570 137 18.163 1.225 17.539 815 24 537 11 2.608 -44 1.984

Aantal 2.365 2.367 2.389 22

WIL Uitkeringslast 15.238 15.679 17.164 1.486

Het minimumloon is per 1 januari 2023 met 10% verhoogd. De uitkeringsnormen zijn gekoppeld aan het minimumloon waardoor de uitkeringsnorm eveneens met 10% stijgt zoals reeds opgenomen in de begrotingswijziging 2023 (€ 3,7 miljoen nadelig) en de regelingskosten worden bijgesteld op basis van de jaarcijfers 2022(€ 55.000 voordelig). Hierdoor komen we dichter bij de realiteit (€ 3.645.000 nadelig); Vastgestelde begrotingswijziging 2022 conform CAO 2022 wijzigingen (€ 52.000 nadelig); De indexering van de loonkosten zoals bij de uitgangspunten aangegeven. Het totale effect op de begrote loonkosten is negatief (€ 93.000 nadelig).

Programma Werk (€ 195.000 nadelig). De belangrijkste oorzaken zijn: • Reeds vastgestelde begrotingswijziging 2022 conform CAO 2022 wijzigingen (€ 66.000 nadelig); • De indexering van de loonkosten zoals bij de uitgangspunten aangegeven. Het totale effect op de begrote loonkosten is negatief (€ 129.000 nadelig). Programma Inkomensondersteuning (€ 666.000 nadelig). De belangrijkste oorzaken zijn: • Reeds vastgestelde begrotingswijziging 2022 conform CAO 2022 wijzigingen (€ 61.000 nadelig) 28

Begroting 2024 en meerjarenbeleidsperspectief

• •

De indexering van de loonkosten zoals bij de uitgangspunten aangegeven. Het totale effect op de begrote loonkosten is negatief (€ 129.000 nadelig); Reeds vastgestelde begrotingswijziging 2022 regelingskosten € 253.000 bijzonder bijstand, €151.000 Wet kinderopvang en € 72.000 door bijstelling op basis van de jaarcijfers 2022 en indexatie (€ 476.000 nadelig).

Bedrijfsvoering (€ 511.000 nadelig). De belangrijkste oorzaken zijn: • De indexering van de loonkosten zoals bij de uitgangspunten aangegeven (€ 178.000 nadelig) en de overige personeelskosten (opleiding, Arbo etc.); geïndexeerd (€ 16.000 nadelig). Het totale effect op de begrote loonkosten is negatief (€ 194.000 nadelig); • Stijging door indexering vaste kosten zoals bij uitgangspunten aangegeven (€ 77.000 nadelig); • Reeds vastgestelde begrotingswijziging 2022 conform CAO 2022 wijzigingen (€ 90.000 nadelig); • Incidenteel Loonkosten ICT voor de transitie voor de doorontwikkeling van de ICT (€ 150.000 nadelig); • Structureel inverdieneffect vanwege minder materiele ICT kosten (€ 75.000 voordelig); • Incidenteel Loonkosten HR voor het versterken van de HR-organisatie binnen WIL (€ 75.000 nadelig). DVO programma SW (€ 370.000 voordelig). De belangrijkste oorzaken zijn: • Door het vertrek van de gemeenten De Ronde Venen en Stichtse Vecht valt de bijdrage van 370.000 weg. Voor nu houden we de bijdragen voor de WILgemeenten gelijk. In de praktijk hebben we een deel van de onderliggende kosten kunnen laten vervallen. Er is evenwel nog een gat te dichten, waarvoor meerdere opties op tafel liggen. Met de gemeenten Nieuwegein, Lopik en IJsselstein zijn hierover gesprekken gestart.

• Een begrotingswijziging 2023 bij de Turap 2023 is niet onwaarschijnlijk, mede gezien het feit dat ook nog een 'trapje af'' en de eenmalige transitievergoeding voor de ontvlechting van de gemeente De Ronde Venen en de gemeente Stichtse Vecht. Meerjarenraming per programma Het onderstaande overzicht presenteert de baten en lasten voor het meerjarenperspectief. Programma Inkomen Werk Inkomensondersteuning DVO SW Totaal programma's Bedrijfsvoering Bedrijfsvoering Saldo van baten en lasten Mutaties reserve Gerealiseerd resultaat

Begroting 2024 Lasten Baten Saldo 43.757.000 43.757.000 4.817.000 4.817.000 7.066.000 7.066.000 2.424.000 2.424.000 58.064.000 58.064.000 -

Begroting 2025 Lasten Baten Saldo 45.297.000 45.297.000 4.948.000 4.948.000 7.286.000 7.286.000 2.424.000 2.424.000 59.955.000 59.955.000 -

Begroting 2026 Lasten Baten Saldo 46.674.000 46.674.000 5.078.000 5.078.000 7.485.000 7.485.000 2.424.000 2.424.000 61.661.000 61.661.000 -

8.520.000 66.584.000 66.584.000

8.643.000 68.598.000 68.598.000

8.898.000 70.559.000 70.559.000

8.520.000 66.584.000 66.584.000

-

8.643.000 68.598.000 68.598.000

-

8.898.000 70.559.000 70.559.000

-

Incidentele baten en lasten • In deze Begroting zijn incidentele posten opgenomen (Er is sprake van materiele baten en lasten van minimaal € 50.000): • Uitvoeren businesscase bewindvoering waarbij we in 2024 een besparing € 90.000 op de kosten voor bijzondere bijstand voor bewindvoeringskosten verwachten (programma Inkomensondersteuning);

29

Begroting 2024 en meerjarenbeleidsperspectief

• •

Uitvoeren transitie voor de doorontwikkeling van de ICT. Voor 2024 is hier een ophoging van € 75.000 opgenomen; Versterken van de HR-organisatie binnen WIL. In 2024 heeft dit een ophoging van € 75.000 tot gevolg;

BIJLAGE: Taakvelden Programma

Verdeling Taakveld

Domein: 0.0 Bestuur en ondersteuning Bedrijfsvoering 100% Domein: 6.0 Sociaal domein Inkomen 100% Inkomensondersteuning 76% Inkomensondersteuning 24% Werk 100% DVO - SW 100%

Begroting 2024 Lasten Baten

Begroting 2025 Lasten Baten

Begroting 2026 Lasten Baten

Begroting 2027 Lasten Baten

0.4 Overhead

8.520.000

8.520.000

8.643.000

8.643.000

8.898.000

8.898.000

9.160.000

9.160.000

6.3 Inkomensregelingen 6.3 Inkomensregelingen 6.71 Maatwerk dienstverlening 18+ 6.5 Arbeidsparticipatie 6.4 WSW en beschut werk

43.757.000 5.370.160 1.695.840 4.817.000 2.593.000

43.757.000 5.370.160 1.695.840 4.817.000 2.593.000

45.297.000 5.537.360 1.748.640 4.948.000 2.593.000

45.297.000 5.537.360 1.748.640 4.948.000 2.593.000

46.674.000 5.688.600 1.796.400 5.078.000 2.593.000

46.674.000 5.688.600 1.796.400 5.078.000 2.593.000

48.094.000 5.843.640 1.845.360 5.212.000 2.593.000

48.094.000 5.843.640 1.845.360 5.212.000 2.593.000

BIJLAGE: Beleidsindicatoren artikel 8 BBV De beleidsindicatoren in de onderstaande tabel zijn opgenomen op basis van de gegevens van ‘waar staat je gemeente’. Alleen de beleidsindicatoren die van toepassing zijn op de taken die WIL uitvoert zijn vermeld. Indicator bron waarstaatjegemeente.nl Personen met bijstandsuitkeringen, per 10.000 inwoners. Huishoudens met bijstandsuitkeringen (percentage t.o.v. totaal aantal huishoudens) Bijstand gerelateerde uitkering vanaf AOW-leeftijd, per 1000 inwoners. Alleenstaanden met bijstandsuitkeringen t.o.v. huishoudens alleenstaand. Lopende re-integratievoorzieningen (aantal per 1.000 inwoners van 15-74 jaar) Personen met een lopende re-integratievoorziening naar inkomstenbron: - Werkend zonder bijstand (per 1.000 inwoners van 15-74 jaar) - Werkend met bijstand (per 1.000 inwoners van 15-74 jaar) - Niet werkend met bijstand (per 1.000 inwoners van 15-74 jaar) - Niet werken zonder bijstand (per 1.000 inwoners van 15-74 jaar) Banen (per 1.000 inwoners van 15-74 jaar) Werkloosheidspercentage Huishoudens met laag inkomen Huishoudens met hoog inkomen Kinderen (tot 18 jaar) opgroeiend in een uitkeringsgezin

Jaar 2021 09-2022 2021 12-2021 2022-Q2 2022-Q2 2022-Q2 2022-Q2 2022-Q2 2021 2022 2020 2020 2021

Houten

IJsselstein

206 2,5% 8,1 5,4% 11,3

272 3,5% 10,6 6,0% 11,2

1,8 0,8 7,6 1,1 694,1 2,8% 5,0 16,0 3%

2,3 0,4 7,7 0,8 572,3 3,0% 6,0% 12,0% 5%

Lopik Nieuwegein 183 369 2,3% 4,3% 3,8 15,2 4,0% 8,1% 7,2 21,0 2,7 0,0 4,5 0,9 546,0 2.,7% 7,0% 13,0% 5%

3,3 0,8 14,9 1,8 978,7 3,6% 7,0% 8,0% 6%

30

Nederland 431 4,8% 17,1 8,7% 13,0 3,3 1,1 7,6 1,0 685,7 3,5% 6%

Begroting 2024 en meerjarenbeleidsperspectief

BIJLAGE: Voorstel herijking informatievoorziening en KPI’s Bij de start van WIL is een set van kernprestatie-indicatoren (KPI's) afgesproken die inzichtelijk zouden moeten kunnen maken hoe WIL presteert en of WIL op koers ligt. Tegelijk is een specifieke manier van verantwoorden afgesproken met kwartaalrapportages, een tussenrapportage en de jaarstukken. In de loop der jaren is de set van KPI's een keer gewijzigd, op grond van een voorstel vanuit Houten, waarin alle gemeenten zich konden vinden. Wat er nu ligt is het resultaat van deze aanpassing. De informatievoorziening is eveneens een keer aangepast, zij het minimaal (de Turap is 1 maand naar voren gehaald om voor de zomer reeds verantwoording te kunnen afleggen). Op grond van meerdere redenen, sommigen ook door u al eerder benoemd, denken wij dat een herijking van de informatievoorzieningen KPI's wenselijk is: ✓ Er is sprake van te veel verantwoording, te weinig sturingsinformatie. Trends, bewegingen en duiding zijn onderbelicht. ✓ De kwartaalrapportages staan los van de P&C stukken en zijn lastig leesbaar. De essentie raakt verloren in de omvang. De aansluiting met de begroting en jaarstukken ontbreekt. ✓ De samenstelling van de rapportages vraagt te veel kostbare tijd. Ons voorstel is in de kern simpel.

Ten eerste: laten we qua informatievoorziening aansluiten bij de programmastructuur in de begroting en daarmee bij de opdracht die u meegeeft. Iedere rapportage is daarmee een soort update of we op koers liggen met duiding. We voegen een rapportagemoment toe: een opfrisnotitie aan het begin van ieder jaar omdat de begroting dan al bijna ¾ jaar geleden is vastgesteld en mogelijk wat in het geheugen is weggezakt. In beeld ziet e.e.a. er als volgt uit.

Met dit voorstel vervallen dus twee kwartaalrapportages. 31

Begroting 2024 en meerjarenbeleidsperspectief

De tweede lijn in ons voorstel is dat we qua KPI's eveneens aansluiten bij de opdracht (per programma) die u ons meegeeft: wat vraagt u echt van ons (en kunnen we dat gewenste resultaat ook echt beïnvloeden)? Grofweg betekent dit een sterke indikking van het aantal KPI's en meer focus als ook (bij)sturing. In onderstaande overzichten maken we per programma helder wat wij denken dat in deze de echt relevante KPI's zijn. Uiteraard zijn er ook zaken die relevant zijn om te weten; die voegen we toe, maar zijn niet leidend voor onze inzet. Dat zijn alleen de “opdracht” KPI's. Perverse KPI's als het aantal boetes, maatregelen en de preventiequote vervallen met dit voorstel.

32

Begroting 2024 en meerjarenbeleidsperspectief

33

Begroting 2024 en meerjarenbeleidsperspectief

Tot slot Ons voornemen is vanaf de Begroting 2025 de nieuwe set van KPI's formeel te gaan hanteren, uitgaande van besluitvorming voor de zomer van 2024. In de Kaderbrief 2025 kunt u in dit licht een eerste uitwerking tegemoet zien. De facto zouden we echter al graag per 2024 de nieuwe wijze willen implementeren, om zo snel als mogelijk de nieuwe focus te kunnen aanbrengen. Om de raden op voorhand hierin mee te nemen, organiseren wij voor de zomer 2023 een Raadsinformatieavond, waarin onder meer de voorgestelde herijking op de agenda staat.

34

Begroting 2024 en meerjarenbeleidsperspectief

BIJLAGE: Integraal overzicht op de opmerkingen en bedenkingen op de Kaderbrief 2024 Reactie van Werk en Inkomen Lekstroom op de zienswijzen van de Lekstroomgemeenten op de Kaderbrief 2024 Alle deelnemende raden hebben een zienswijze op de ontwerp Kaderbrief 2024 ingediend, waarmee de betrokkenheid bij WIL bevestigd wordt. De zienswijzen worden door het bestuur meegenomen bij de besluitvorming over de Kaderbrief en het meenemen in de ontwerp begroting 2024. De raad krijgt via een zienswijzeprocedure de mogelijkheid haar mening hierop te geven. De zienswijzen geven in zijn algemeenheid een positief beeld waarbij het weer opnemen van een duidelijke financiële paragraaf op waardering kan rekenen. Het overzicht van ontwikkelingen en de gevolgen, voor zover nu in te schatten, zijn helder en duidelijk. Daarnaast komt de actualiteit tot uiting doordat meerdere raden aangeven dat 1 op 1 doorberekenen van kosten gezien de huidige indexeringscijfers niet evident is. Aan WIL wordt gevraagd in voorkomende gevallen mee te denken over alternatieven en in beeld te brengen wat dit eventueel voor gevolgen heeft voor de dienstverlening. In het voorliggende integrale overzicht geven wij aan hoe wij met de ingebrachte zienswijzen omgaan en hoe zij in de begroting 2024 worden verwerkt of op andere wijze worden opgepakt.

Als afsluiting geven we een reactie op de punten die de Cliëntenraad in haar zienswijze heeft opgenomen.

Gemeente

Zienswijze/wens gemeenten

Hoe wordt deze zienswijze verwerkt?

1

Houten

De raad vindt in de kaderbrief het overzicht van de nu bekende ontwikkelingen zijn op Rijks-, lokaal en arbeidsmarkt-niveau zeer goed vormgegeven. In het financiële overzicht is een behoorlijke stijging opgenomen van salarissen in verband met CAO-wijzigingen opgenomen. Dit is een indicatie, maar een belangrijke aanwijzing dat deze stijging fors zal zijn. De gemeentelijke financiën staan onder druk en er is nog onduidelijk in hoeverre voor de gemeenten een CAOstijging wordt gecompenseerd. De raad zal voor 2024, bij de begroting van WIL en de gemeentelijke perspectiefnota kritisch moeten kijken naar compensatie. De raad verwacht van WIL dat zij in haar begroting 2024 dit ook doet en daar waar compensatie niet noodzakelijk is dit ook niet vraagt.

Allereerst goed om te horen dat het overzicht van de nu bekende ontwikkelingen op de verschillende niveaus goed zijn vormgegeven. Ook de raad IJsselstein heeft in zijn zienswijze aangegeven dat de CAOstijging niet 1 op 1 doorberekend kan worden. Ook daar wordt verwezen naar de onduidelijkheid over mogelijke compensatie voor de gemeente vanuit het Rijk. Uiteraard zal WIL slechts compensatie vragen waar dat nodig is. WIL is ook bereid om te kijken naar alternatieven om een stijging van de loonkosten op te vangen. Hierbij kan gedacht worden aan bijvoorbeeld (tijdelijk) aanpassen van de dienstverlening, et cetera.

2

Houten

Proces kaderstellen raadsdebat De raad is van mening dat het ophalen van input vanuit het KRD nog beter kan worden vormgegeven, voornamelijk waar het gaat om punten die financiële consequenties hebben. Vooraf aan het KRD verwachten wij een totaaloverzicht van de

In de praktijk blijkt dat het bestuur de kaderstellende noties ook meeneemt bij de besluitvorming over de Kaderbrief. Een aantal onderwerpen betreft ten slotte al structurele keuzes die gemaakt worden. Tijdens het KRD kan dit echter explicieter worden gemaakt bij de onderwerpen en tijdens de gesprekken. Onderwerpen zoals de pragmatische nullijn, Participatiewet in

35

Begroting 2024 en meerjarenbeleidsperspectief

voorgestelde financiële consequenties met daarbij een onderbouwing. En voorafgaand aan dit debat met ambtelijk toegesproken moet worden zodat raadsleden op hoofdlijnen hun inbreng leveren en dat met die inbreng de stukken die er liggen verder aangescherpt worden in DB / AB. Om die reden vraagt de raad ook nogmaals aandacht voor de aanlevertijden in het hele proces. De raad rekent er op dat WIL op het kaderstellen raadsdebat een tijdlijn kan aangeven van aanlevertijden en beslismomenten in het vervolgproces, dat in dienst staat van het democratische besluitvormingsproces. Toegevoegd als amendement: Het kaderstellend raadsdebat moet ook gebruikt worden als input voor de kaderbrief.

balans, etc zijn zowel in de begrotingswijziging als in de Kaderbrief beschreven.

3

IJsselstein

Wij kunnen ons ook vinden in de concept Kaderbrief WIL 2024. Inhoudelijk gaat u door op de ingezette koers van de afgelopen jaren met daarbij nog meer werken vanuit de leefwereld, maatwerk en vertrouwen. Graag blijven we met u in gesprek over hoe de verwachte nieuwe ontwikkelingen voor 2024 het beste op te pakken zoals de door het Rijk voorgenomen aanpassingen op de Participatiewet.

Leefwereld, maatwerk en vertrouwen zijn inderdaad pijlers in onze dienstverlening. Wij verwachten dat de Participatiewet in balans het nog beter mogelijk maakt om hieraan invulling te geven. Wij verwachten dat dit onderwerpen op verschillende momenten tijdens de contacten met de raden verder onderwerp van gesprek zal zijn.

4

IJsselstein

In de kaderbrief vraagt WIL expliciet om een reactie op de vraag of het nog realistisch is dat WIL moet uitgaan van de nullijn. In de kaderbrief stelt WIL dat vasthouden aan de nullijn resulteert in een vrijwel zekere begrotingswijziging later in het jaar terwijl als WIL mag begroten wat nodig is, dit wellicht niet nodig zou zijn. De raad heeft begrip voor de behoefte aan het mogen begroten wat nodig is, maar is het niet eens met de opgevoerde tegenstelling. Ook wanneer WIL mag begroten wat nodig is, kan een begrotingswijziging later in het jaar nodig zijn, immers ontwikkelingen gaan snel en zijn onvoorspelbaar. De raad wil inderdaad graag vasthouden aan het op een hoog niveau handhaven van de kwaliteit van dienstverlening, hij vraagt WIL om daarvoor te begroten wat nodig is maar tegelijkertijd daarbij scherp aan de wind te blijven zeilen. Bij de begrotingswijziging 2023 en de kaderbrief 2024 heeft het bestuur van WIL ruimte gecreëerd om te kunnen doen wat nodig is à € 150.000. Dit is al een aanpassing van de

WIL deelt dat het nodig is om financieel scherp aan de wind te blijven zeilen. Dat hierbij een afweging tussen de kwaliteit van dienstverlening op niveau moet blijven is ook helder. De beweging die wij zien is dat er meer dan voorgaande jaren ruimte is om het niveau van dienstverlening te laten prevaleren en er meer speelruimte is. Dit biedt de organisatie ook meer flexibiliteit om veranderende omstandigheden op te vangen. Dit betekent geenszins het loslaten van het financiële deel van de nullijn. We zijn blij dat de raad het budget ad € 150.000 ziet als een mogelijkheid deze ruimte te bieden.

36

Begroting 2024 en meerjarenbeleidsperspectief

principiële nullijn van de afgelopen jaren. In 2023 en 2024 gaan we ervaring opdoen met deze extra ruimte. Laten we deze ervaringen afwachten en daarna een besluit nemen over het al dan niet blijven uitgaan van de nullijn. 5

IJsselstein

Ten aanzien van de aangekondigde, maar financieel nog niet verwerkte CAO-stijging vraagt de raad WIL om deze niet 1 op 1 terug te leggen bij de gemeente. Het is nog onduidelijk in hoeverre CAO-stijgingen worden gecompenseerd. De raad vraagt WIL daarom om zelf ook te kijken welk deel WIL kan opvangen of keuzes voor te leggen aan de deelnemende gemeenten voor een (tijdelijk) aangepaste dienstverlening.

De raad van Houten heeft een gelijke opmerking opgenomen in zijn dienstverlening. Wij verwijzen u naar de beantwoording onder punt 1.

6

Lopik

De raad steunt de ontwerp Kaderbrief 2024.

Wij zijn blij met de bevestiging door de raad.

7

Lopik

WIL vraagt de raad expliciet een oordeel over het hanteren van de Nullijn. De gemeente Lopik houdt vast aan het uitgangspunt van de Nullijn. Waarbij het met name gaat om een beleidsmatige nullijn en in mindere mate over een financiële nullijn. Lopik kiest ervoor de bestaande dienstverlening op peil te houden en begrijpt dat dit gelet op de prijsontwikkeling financieel niet realistisch kan blijken. Lopik begrijpt dan ook dat er tussentijds voorstellen door WIL kunnen worden gedaan om de kwaliteit van de dienstverlening op peil te houden.

Een helder standpunt over de invulling van de nullijn. De kwaliteit van dienstverlening heeft prioriteit, maar bij financiële consequenties moet WIL concrete onderbouwde voorstellen aanleveren. Dit moet bijdragen aan een goede afweging.

8

Nieuwegein

De raad is te spreken over de Kaderbrief 2024 van WIL, waarin WIL een doorkijk geeft naar de uitdagingen in 2024 en waarbij WIL hetzij een financiële verwachting. Hetzij een concrete financiële doorvertaling koppelt aan de ontwikkelingen.

Wij zijn blij dat de wijze waarop wij ontwikkelingen en financiële consequenties in beeld hebben gebracht past bij de wensen van de raad. Dit zeker omdat u eerder heeft aangegeven behoefte te hebben aan een meer concrete financiële vertaling.

9

Nieuwegein

Zowel uw begrotingswijziging als uw kaderbrief maken duidelijk dat de uitdagingen in de nabije toekomst, hoewel deels ongewis, aanzienlijk en complex zijn. Positief is dat de nieuwe stelselwijziging in de Participatiewet en de werkwijze van het Lokale Werkteam nieuwe kansen bieden voor onze inwoners.

Wij verwachten net als de raad dat de Participatiewet in Balans ons nog beter in staat stelt om de uitvoering vorm te geven vanuit vertrouwen en het leveren van maatwerk.

10 Nieuwegein

WIL vraagt om een meerjarig flexibel budget, dat ingezet kan worden indien het aantal klanten toeneemt. De raad begrijpt de

Uiteraard gaat WIL prudent om met de geboden ruimte om een calamiteitenbudget in te richten. Het bestuur is hierbij in de regie en deelt uw wens om doel en omvang te bewaken.

37

Begroting 2024 en meerjarenbeleidsperspectief

zorgen van WIL en onzekerheden en stemt in, doch met het dringende verzoek om prudent om te gaan met deze instemming, waarbij u de financiële ruimte niet overschrijdt en het budget uitsluitend gebruikt voor de genoemde bestemming. 11 Nieuwegein

WIL is voornemens om met ingang van de begroting 2024 de lokale jaarplannen van de Lokale Werkteams op te nemen; het gaat dan telkens om het plan van het voorgaande jaar (zie uw Kaderbrief, p. 4). De meerwaarde om een gedateerde versie van ons jaarplan integraal op te nemen in uw begroting, die voor een zienswijze wordt voorgelegd aan de raden in Lekstroom, is niet helder. De raad verneemt graag van u wat de reden is en hoe dit gaat bijdragen aan de jaarlijkse discussie over uw taken.

WIL en gemeenten hebben bij de keuzes rondom de Innovatie afgesproken dat WIL de begroting van de lokale werkteams geconsolideerd opneemt. Dit omdat de gemeenten de focus en de financiering bepalen, maar WIL nog altijd een (faciliterende) rol speelt bij het voldoen van de financiële verplichtingen. Dit betekent dat WIL deze post in de begroting moet opnemen, dat is een verplichting vanuit het Besluit Begroting en Verantwoording (BVV). Wij doen dit geconsolideerd, oftewel de begroting van het lokale werkteam wordt 1 op 1 overgenomen. Door het moment van besluitvorming over de lokale jaarplannen (inclusief begroting) zal WIL in eerste instantie nog geen actuele gegevens op kunnen nemen. Dit kan bij de begrotingswijzigingen technisch worden aangepast aan de nieuwe lokale jaarplannen. De meerwaarde is dat WIL op deze manier haar faciliterende taken kan uitvoeren en ook aan de verplichtingen uit het BBV kan voldoen. Er zijn vanuit WIL geen inhoudelijk, beleidsmatige of andere doelstellingen verbonden. Dat is ten slotte aan de gemeenten in de lokale werkplannen.

Conceptreactie op de zienswijze van de Cliëntenraad WIL op de ontwerp Kaderbrief 2024 De Cliëntenraad heeft gebruik gemaakt van de mogelijkheid om een zienswijze in te dienen op de Kaderbrief 2024 (hierna Kaderbief). Tijdens het reguliere overleg tussen WIL en de Cliëntenraad in januari 2023 is het advies van de Cliëntenraad reeds besproken. Dit wordt gewaardeerd en past bij de wijze en traditie waarop de Cliëntenraad gebruik maakt van de haar ter beschikking staande mogelijkheden om te adviseren aan WIL. Hieronder wordt samengevat de zienswijze van de Cliëntenraad weergegeven en voorzien van een reactie.

A

Zienswijze/wens Cliëntenraad

Reactie Bestuur

Prelude. Sinds eind 2022 is er sprake van omslag in het beleid namelijk: a. Andere kijk op minimabeleid. Niet alle klanten zijn zelfredzaam. Er wordt meer gekeken naar de bestaanszekerheid van Cliënten. b. Het leveren van maatwerk

De ondersteuning van de beschreven omslag bevestigt dat WIL (en gemeenten) de juiste richting zijn ingeslagen. Dit past ook bij de verwachtingen die wij hebben van de Participatiewet in Balans.

38

Begroting 2024 en meerjarenbeleidsperspectief

c. Werken vanuit vertrouwen d. De leefwereld De omslag wordt in deze kaderbrief verankerd in het beleid en vertaald naar de begroting. De CRWIL ondersteund deze omslag van harte. Ook in de ‘Oogst van het KRD van 5 oktober 2022’ wordt deze koers onderschreven. B

Uitgangspunten. De bedoeling van de WIL. ‘Met als doel dat mensen weer kunnen meedoen en perspectief hebben.’ Dus niet alleen het huidige probleem oplossen maar perspectief bieden. Ook deze omslag wordt door de CRWIL van harte ondersteund.

Dat is goed om te horen.

C

Uitgangspunt de nullijn voor 2024. Er is nog steeds sprake van een pragmatische nullijn. Die lijkt kijkend naar het inhoudelijke programma niet te handhaven. Het gaat om structurele aanpassingen deels gebaseerd op overheidsvoorstellen deels op voorstellen van gemeenten: - In kader versoepeling Participatiewet, mede vanuit overheidsvoorstellen - Continuering Matchingsteam op basis 2022. Gezien ontwikkelingen lijkt uitbreiding noodzakelijk. Ook door de extra werkzaamheden die voortvloeien uit de opdrachten aan de Arbeidsmarktregio 14, de Utrechtse Werktafel. - Business case bewind voering, kostenintensief zal dus extra menskracht vragen in 2024. Daarnaast zal beroep op schuldhulpverlening in 2023-2024 naar verwachting progressief toenemen. Het uitgangspunt gelijke aantallen klanten bij de WIL lijkt de CRWIL zeer opportuun.

Binnen de pragmatische Nullijn staat de kwaliteit van dienstverlening meer op de voorgrond. WIL ontkomt er echter niet aan dat het handhaven van de dienstverlening tegen de grenzen van financiële haalbaarheid kan aanlopen. Daarom is er nu voor gekozen om met het calamiteiten budget WIL flexibeler te kunnen laten reageren op ontwikkelingen. Dit is echter aan vooraf gestelde kaders verbonden. Voor het bestuur is dit in de afweging van alle factoren een logische keuze, waarbij de prioriteit ligt bij het zo goed mogelijk op peil houden van het niveau van dienstverlening.

Een en ander wordt direct al aangegeven onder punt waar keuzes gemaakt moeten worden, t.w. blijf aansluiten op de leefwereld van de inwoner waarmee je extra werk aan de achterkant voorkomt. Immers in eerdere toelichting is duidelijk gemaakt dat de WIL gaat inzetten op verbetering van de leefwereld en omstandigheden van de klant achter de deur. Niet langer alleen op begeleiding naar werk maar ook op perspectief. Gezien de huidige krapte in de personele bezetting en het hoge ziekteverzuim alsmede de voortdurende stroom van extra,

39

Begroting 2024 en meerjarenbeleidsperspectief

incidentele taken waar de WIL mee wordt geconfronteerd, kan het niet anders dat dat de huidige pragmatische nullijn (begroting 2023 + begrotingswijziging 1) onvoldoende zal blijken. Zie ook het advies van de CRWIL bij begrotingswijziging 1 van 2023. Kortom de gememoreerde NUL lijn zal losgelaten moeten worden. Beter zou zijn als de zin uit de ‘Oogst van het KRD van 5 oktober 2022’ als uitgangspunt wordt genomen: ‘De kwaliteit van dienstverlening en uitvoering zijn goed en moeten ook op niveau blijven’. De CRWIL vindt dat het duidelijker is indien reëel te verwachten of zelfs geplande uitgavenstijgingen direct in de begroting van enig jaar worden opgenomen. De geplande projecten met bijbehorende uitgaven worden al afzonderlijk benoemd. D

Inhoudelijke ontwikkelingen Punt C en F (Armoede en schulden) Halvering armoede en halvering schulden. Gemeentelijk beleid. Eigen pakket met mogelijke uitvoering WIL. Zie ook het advies bij de begrotingswijziging 1 van 2023. De CRWIL vraagt nadrukkelijk bij die extra inzet zoveel als mogelijk gelijkwaardige en waar mogelijk gelijkvormige/gelijkluidende regelingen in te voeren. Dat zal de transparantie en het gevoel van gelijkberechtiging bij cliënten vergroten. Niet weer elke gemeente zijn eigen regelingen!

Bij de begrotingswijziging heeft het bestuur in haar reactie al het volgende meegegeven: WIL is op het onderdeel minimabeleid uitvoerder van de beleidskeuzes die conform de GR door de afzonderlijke gemeenten worden gemaakt. De Cliëntenraad noemt een aantal voorbeelden waarbij gemeenten elk eigen keuzes maken die verschillen voor klanten kunnen betekenen. Tegelijkertijd wordt achter de schermen waar mogelijk al zo veel mogelijk ingezet op harmonisering. Voor het genoemde JPF geldt bijvoorbeeld dat de andere 3 gemeenten met interesse de ervaringen van Nieuwegein volgen en de mogelijkheid openhouden om op een later moment aan te sluiten. Het bestuur is van mening, zoals eerder besproken met de Cliëntenraad, dat de raden hier de eigen verantwoordelijkheid hebben en dit buiten de invloedsfeer van het bestuur ligt.

E

Punten D en G (WAMS, lokale werkteams en UWT) Op drie onderwerpen en drie niveaus wordt gevraagd naar samenwerking en afstemming. • WAMS. Met aangrenzende domeinen als zorg, onderwijs en wonen • WIL. Lokale werkteams, afstemming lokale werkplannen • UWT. Afstemming en harmonisering regelingen waarmee Werkgeversservicespunten (WSP) te maken hebben en daarmee de Teams van de UWT (14 gemeenten) en uiteindelijk de werkgevers die arbeidsplaatsen willen aanbieden.

Het is begrijpelijk dat de Cliëntenraad deze wens heeft. Het is ook in het belang van WIL om de Cliëntenraad op deze onderwerpen mee te nemen. De wijze waarop we dit kunnen vormgeven kan in een overlegvergadering worden besproken.

40

Begroting 2024 en meerjarenbeleidsperspectief

De CR WIL wil graag in een van de specials aansluitend op de overlegvergadering nader van gedachten wisselen over de vraag: “Hoe wordt de samenwerking tussen gemeenten en de WIL en UWT vorm gegeven bij de voorbereiding en implementatie van de wet WAMS (Wet Aanpak Meervoudige problematiek Sociaal Domein)? Wordt daarbij in samenhang gekeken naar de twee andere gevraagde samenwerkingen en afstemming? Wie heeft de regie? De CRWIL maakt zich zorgen over de toenemende versnippering in regie en verantwoordelijkheden. Voor cliënten is het van belang dat zij één aanspreekpunt hebben en geen belemmeringen ondervinden door interne afstemmingsproblemen, verschillen in werkwijzen en regelingen en gedoe over wie waarover de regie heeft! F

Punt I (Klantvolumes) Hier is letterlijk overgenomen hetgeen bij het advies over Begrotingswijziging 1 van 2023 is geschreven onder punt 3. Gemist wordt dat in de Oogst van het KDR van 5 oktober 2022 staat dat bij volumestijging geen gebruik meer zal worden gemaakt van het crisesregiem. Bij de voorwaarden staat dat het DB in samenwerking met het AB het vertrouwen krijgt om ‘met maatwerk keuzes te maken over aantrekken van personeel of het (tijdelijk) inperken van de dienstverlening’. De CRWIL is er tegen dat de dienstverlening wordt ingeperkt! Een combinatie van tijdelijke inhuur en op termijn het inrichten van een permanent flex-team binnen de aangepaste sterkte (als alternatief voor het crisisregiem) is naar het oordeel van de CR WIl de beste oplossing. Hiermee kunnen ook ander knelpunten als hoog ziekteverzuim en tijd nemende vacaturevervulling worden opgelost. Inperking van de dienstverlening kan dan worden voorkomen. Het zou goed zijn als hiervoor een structurele aanpassing in de begroting wordt opgenomen. In de Oogst van het KDR van 5 okt. Wordt daar ook ruimte voor gegeven. Bij versterking van de arbeidsmarktpositie van de WIL staat. “Er is oog voor de gevolgen voor het personeel van WIL en daarmee voor de dienstverlening aan inwoners. Over het algemeen dient de inzet van personeel om de kwaliteit en omvang van de dienstverlening te garanderen.

Indien de basisdienstverlening in het gedrang komt, is een

In de reactie op het advies over de begrotingswijziging is al als volgt gereageerd door WIL: In de oogst van het KRD is als kaderstellende notie inderdaad opgenomen dat de Nullijn iets meer ruimte moet geven om flexibel te reageren op schommelingen. Weliswaar is in de begrotingswijziging niet expliciet opgenomen dat het crisisregime wordt losgelaten, de ruimte voor een calamiteitenbudget is in de praktijk wel degelijk een nieuwe weg die wordt ingeslagen. WIL krijgt de ruimte om binnen de afgebakende ruimte wel degelijk flexibel te reageren op fluctuaties. Het bestuur hanteert de lijn dat dienstverlening het liefst op peil blijft, maar het (tijdelijk) beperken van de dienstverlening kan naar omstandigheden noodzakelijk zijn.

41

Begroting 2024 en meerjarenbeleidsperspectief

groot deel van de aanwezigen van mening dat WIL enige ruimte moet hebben om hier (vooraf) op te schakelen.” G

H

Interne ontwikkelingen WIL Punten J, K en L (Personeelsbezetting, inzet HR en ICT) WIL komt op een punt waarbij bij het niveau en de kwaliteit van de dienstverlening kwetsbaarheden kunnen ontstaan. WIL geeft aan hiervoor tijdig investeringen te willen doen om deze te voorkomen. De CRWIL gaat er van uit dat gemeenten de kwetsbaarheden onderkennen en passende faciliteiten verstrekken. Zie ook het advies bij begrotingswijziging 1 van 2023. Punt 5.

In de reactie op het advies over de begrotingswijziging is al als volgt gereageerd door WIL: Wij zijn blij dat de Cliëntenraad de geschetste investeringen onderschrijft.

Evenals bij het advies op de begrotingswijziging 1 van 2023 wil de CRWIL een pleidooi houden voor jongeren met een lichte arbeidsbeperking die niet zijn geregistreerd. De CRWIL is het eens met de prioritering van en het blijven investeren in de participatie van kwetsbare groepen. Met name mensen in beschut werk en mensen die een baangarantie nodig hebben. Daarnaast vraagt de CRWIL aandacht voor de groeiende groep jongeren met een lichte arbeidsbeperking die niet zijn geregistreerd. Zij vallen buiten de boot en behoeven wel inzet van gemeenten en WIL.

In de reactie op het advies over de begrotingswijziging is al als volgt gereageerd door WIL: WIL stelt in haar dienstverlening de mens centraal en wil dat mensen weer kunnen meedoen en perspectief hebben. Hierbij hanteren wij op de groep jongeren na geen doelgroepenbeleid. Bepaalde groepen hebben daarbij binnen WIL en de lokale werkteams speciale aandacht. Maar vooralsnog beperkt het werken met doelgroepen zich tot de jongeren.

Daarnaast wordt aan de hand van de zienswijzen en de definitieve besluitvorming rondom de begrotingswijziging duidelijk welke ruimte heeft voor deze investeringen.

42

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12718104/1