CConstaterende datIJsselstein
Koppel je AI →
Document · PDF

Bestemmingsplan Achtersloot 122

Raadsvergadering 17 juni 2021, gemeente IJsselsteinBij agendapunt: Raadsvoorstel vaststelling bestemmingsplan Achtersloot 12222.436 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

De volledige lijst wat onder (beperkt) kwetsbaar wordt verstaan is in het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) opgenomen. Plaatsgebonden risico en groepsrisico Het plaatsgebonden risico wordt uitgedrukt in een contour van 10-6 als grenswaarde. Het realiseren van kwetsbare objecten binnen deze contour is niet toegestaan. Het realiseren van beperkt kwetsbare objecten binnen deze contour is in principe ook niet toegestaan. Echter, voor beperkt kwetsbare objecten is deze 10-6 contour een richtwaarde. Mits goed gemotiveerd kan worden afgeweken van deze waarde tot de 10-5 contour. Bij groepsrisico is niet een contour bepalend, maar het aantal mensen dat zich gedurende een bepaalde periode binnen de effectafstand van een risicovolle activiteit ophoudt. Bij groepsrisico wordt gewerkt met een oriëntatiewaarde en niet met een grenswaarde. Hoe meer mensen dicht op de bron zijn bij een bepaalde calamiteit, hoe groter het effect. Het Bevi stelt dat bij elk bestemmingsplan, waar een relevant groepsrisico aanwezig is dit moet worden verantwoord, ook wanneer dit onder de oriëntatiewaarde ligt. Hierbij geldt hoe hoger het groepsrisico hoe zwaarder de verantwoording is. Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) Voor (de omgeving van) de meest risicovolle bedrijven is het 'Besluit externe veiligheid inrichtingen' (Bevi) van belang.

Het Bevi legt veiligheidsnormen op aan bedrijven die een risico vormen voor mensen buiten de inrichting. Het Bevi is opgesteld om de risico's, waaraan burgers in hun leefomgeving worden blootgesteld vanwege risicovolle bedrijven, te beperken. Het besluit heeft tot doel zowel individuele als groepen burgers een minimaal (aanvaard) beschermingsniveau te bieden. Via een bijhorende ministeriële regeling (Revi) worden diverse veiligheidsafstanden tot kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten gegeven. Aanvullend op het Bevi zijn in het Vuurwerkbesluit en het Activiteitenbesluit (Besluit

Pagina 24

Bestemmingsplan Achtersloot 122

algemene regels inrichtingen milieubeheer) veiligheidsafstanden genoemd die rond minder risicovolle inrichtingen moeten worden aangehouden. Het Bevi is gericht aan het bevoegd gezag inzake de Wet milieubeheer en de Wet ruimtelijke ordening en heeft onder meer tot doel om bij nieuwe situaties toetsing aan de risiconormen te waarborgen. Voor de toepassing van het Bevi, wordt een nieuw ruimtelijk besluit gezien als een nieuwe situatie. Vervoer van gevaarlijke stoffen over weg, water of spoor Het toetsingskader voor het onderdeel transportroutes gevaarlijke stoffen is het Besluit transportroutes externe veiligheid (Btev). Dit besluit is op 1 april 2015 in werking getreden. Bepaald moet worden of binnen de invloedsfeer van deze transportassen gevoelige functies mogelijk zijn. Hierbij wordt onderscheid gemaakt in plaatsgebonden risico (PR) en groepsrisico (GR). Een onderdeel van het Btev houdt in dat voor sommige transportassen rekening moet worden gehouden met het Plasbrandaandachtsgebied (PAG). Het PAG is het gebied tot 30 meter van de transportas waarin, bij de realisering van kwetsbare objecten, rekening dient te worden gehouden met de effecten van een plasbrand. Transport van gevaarlijke stoffen door buisleidingen Het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb) en de bijbehorende Regeling externe veiligheid buisleidingen (Revb) zijn op 1 januari 2011 in werking getreden.

Het Bevb regelt onder andere welke veiligheidsafstanden moeten worden aangehouden rond buisleidingen met gevaarlijke stoffen. Op basis van het Bevb wordt het voor gemeenten verplicht om bij de vaststelling van een bestemmingsplan, op basis waarvan de aanleg van een buisleiding of een kwetsbaar object of een risicoverhogend object mogelijk is, de grenswaarde voor het plaatsgebonden risico in acht te nemen en het groepsrisico te verantwoorden. Het Bevb vervangt hiermee de circulaires Zonering langs hogedruk aardgasleidingen (1984) en Zonering langs transportleidingen voor brandbare vloeistoffen (1991). Planspecifiek Om te beoordelen of er Externe Veiligheidsrisico’s zijn is de risicokaart van de provincie geraadpleegd.

Uitsnede risicokaart, plangebied nabij pijl (bron: IPO) Transport gevaarlijke stoffen en buisleidingen Er zijn geen transportroutes of buisleidingen in de directe omgeving van het plangebied..

Pagina 25

Bestemmingsplan Achtersloot 122

Bevi-inrichtingen en overige veiligheidsrisico’s Er zijn eveneens geen bevi inrichtingen of overige bedrijven met relevante veiligheidsrisico’s in de omgeving. Elektromagnetische straling Er zijn in de omgeving geen hoogspanningslijnen aanwezig waarvan de indicatieve magneetveldzones tot het plangebied reiken. Uit de gegevens op de website www.antenneregister.nl blijkt dat in de omgeving van het plangebied geen zendmasten aanwezig zijn die overschrijdingen van de geldende blootstellingslimieten voor elektrische en magnetische veldsterkten veroorzaken. Het aspect Externe Veiligheid vormt dan ook geen belemmering voor het plan.

Archeologie In 1992 is in Valletta (Malta) het Europees Verdrag inzake de bescherming van het archeologisch erfgoed (Verdrag van Malta) ondertekend. Het Verdrag van Malta voorziet in bescherming van het Europees archeologisch erfgoed onder meer door de risico's op aantasting van dit erfgoed te beperken. Het Nederlandse wettelijk kader voor deze bescherming wordt sinds 01-07-2016 gevormd door de Erfgoedwet. Deze wet is opvolger van de monumentenwet waarin de bescherming van archeologische waarden was geregeld. De Erfgoedwet legt de verantwoordelijkheid voor de bescherming van het archeologische erfgoed grotendeels bij de gemeente. De gemeenten zijn, op basis van het wettelijk kader, verplicht rekening te houden met archeologische waarden in de bestemmingsplannen. Daarnaast zijn op basis van de Erfgoedwet mogelijke (toevals)vondsten bij het verrichten van werkzaamheden in de bodem altijd beschermd. Er geldt een meldingsplicht bij het vinden van (mogelijke) waardevolle zaken. Planspecifiek Het gemeentelijk beleid ten aanzien van archeologie is in 2012 geactualiseerd. Het doel van deze actualisatie is drieledig: 1. Het actualiseren van de archeologische verwachtingszones op basis van het onderzoek dat sinds 2004 is uitgevoerd; 2.

De heroverweging van de beleidsregels ten aanzien van vrijstellingsnormen(oppervlaktegrens en dieptegrens), gebaseerd op voortschrijdend inzicht en de opgedane ervaringen met het bestaande beleid; 3. Heroverweging van de toe te passen onderzoeksmethoden in gebieden waar al referentieonderzoeken hebben plaatsgevonden. Het archeologisch beleid van de gemeente IJsselstein is opgenomen in de archeologische verwachtings- en beleidsadvieskaart. Op basis van een analyse van landschappelijke, bodemkundige en archeologische informatie is een kaart van archeologische waarden en verwachtingen opgesteld. Binnen het gemeentelijke beleid worden 3 verschillende Archeologische waardes onderscheiden. Ten eerste zijn er de AMK terreinen met planologische bescherming, de archeologische AMK terreinen zonder bescherming en de waardevolle kades en dijken. Daarnaast kunnen er vier archeologische verwachtingszones worden onderscheiden: 1. 2. 3. 4.

zone met hoge archeologische verwachting binnenstad; zone hoge archeologische verwachting buitengebied; zone met middelhoge archeologische verwachting; zone met lage archeologische verwachting. Pagina 26

Bestemmingsplan Achtersloot 122

Uitsnede archeologische beleidskaart, plangebied nabij pijl Voorliggend plan betreft het wijzigen van de bestemming van een agrarische bouwperceel naar de woonbestemming en het toevoegen van een Nul-op-de-meter woning in een voormalige agrarische schuur. Er wordt geen nieuwe bebouwing opgericht. Wel wordt in het plangebied een vijver gegraven. Deze vijver ligt in het gebied dat aangeduid is met de aanduiding archeologisch waardevol gebied – 1 in het vigerend bestemmingsplan. Dit komt overeen met de middelhoge archeologische verwachting 1 op de archeologische beleidskaart. Voor deze gronden geldt dat onderzoek nodig is wanneer het te roeren oppervlakte groter is dan 2500 m2. Het oppervlak van de vijver blijft hier ruim onder. De geplande paardenbak ligt in archeologisch waardevol gebied – 3. Hiervoor geldt dat onderzoek noodzakelijk is als een gebied dan 100 m2 en dieper dan 30 cm geroerd wordt. De gronden zullen voor de paardenbak niet dieper dan 30 cm in de ondergrond geroerd worden. Hiervoor is derhalve evenmin een onderzoek nodig. Het aspect archeologie vormt dan ook geen belemmering voor het plan.

Waterhuishouding Het aspect water is van groot belang binnen de ruimtelijke ordening. Door verstandig om te gaan met het water kan verdroging en wateroverlast (waaronder ook risico van overstromingen e.d.) voorkomen worden en de kwaliteit van het water hoog gehouden worden. Op Rijksniveau en Europees niveau zijn de laatste jaren veel plannen en wetten gemaakt met betrekking tot water. De belangrijkste hiervan zijn het Waterbeleid voor de 21e eeuw, de Waterwet en het Nationaal Waterplan. Waterbeleid voor de 21e eeuw De Commissie Waterbeheer 21ste eeuw heeft in augustus 2000 advies uitgebracht over het toekomstige waterbeleid in Nederland. De adviezen van de commissie staan in het rapport ‘Anders omgaan met water, Waterbeleid voor de 21ste eeuw’ (WB21). De kern van het rapport WB21 is dat water de ruimte moet krijgen, voordat het die ruimte zelf neemt. In het Waterbeleid voor de 21e eeuw worden twee principes (drietrapsstrategieën) voor duurzaam waterbeheer geïntroduceerd: • vasthouden, bergen en afvoeren: dit houdt in dat overtollig water zoveel mogelijk bovenstrooms wordt vastgehouden in de bodem en in het oppervlaktewater. Vervolgens wordt zo nodig het Pagina 27

Bestemmingsplan Achtersloot 122

•

water tijdelijk geborgen in bergingsgebieden, en pas als vasthouden en bergen te weinig opleveren wordt het water afgevoerd. schoonhouden, scheiden en zuiveren: hier gaat het erom dat het water zoveel mogelijk schoon wordt gehouden. Vervolgens worden schoon en vuil water zoveel mogelijk gescheiden en als laatste komt het zuiveren van verontreinigd water aan bod.

Waterwet Centraal in de Waterwet staat een integraal waterbeheer op basis van de ‘watersysteembenadering’. Deze benadering gaat uit van het geheel van relaties binnen watersystemen. Denk hierbij aan de relaties tussen waterkwaliteit, -kwantiteit, oppervlakte- en grondwater, maar ook aan de samenhang tussen water, grondgebruik en watergebruikers. Het doel van de Waterwet is het integreren van acht bestaande wetten voor waterbeheer. Door middel van één watervergunning regelt de wet het beheer van oppervlaktewater en grondwater en de juridische implementatie van Europese richtlijnen, waaronder de Kaderrichtlijn Water. Via de Waterwet gelden verschillende algemene regels. Niet alles is onder algemene regels te vangen en daarom is er de integrale watervergunning. In deze integrale watervergunning zijn zes vergunningen uit eerdere wetten (inclusief keurvergunning) opgegaan in één aparte watervergunning. Nationaal Waterplan Op basis van de Waterwet is het Nationaal Waterplan vastgesteld door het kabinet. Het Nationaal Waterplan geeft op hoofdlijnen aan welk beleid het Rijk in de periode 2016-2021 voert om te komen tot een duurzaam waterbeheer. Het Nationaal Waterplan richt zich op bescherming tegen overstromingen, beschikbaarheid van voldoende en schoon water en de diverse vormen van gebruik van water. In het Nationaal Waterplan staan 5 ambities centraal.

Nederland moet de veiligste delta in de wereld blijven. Deze ambitie wordt vooral ingevuld door onze veiligheidsnormen tegen overstromingen te vernieuwen. Het kabinet kiest voor een grotere inzet op verbetering van de waterkwaliteit (meststoffen, bestrijdingsmiddelen, medicijnresten, microplastics), zodat de Nederlandse wateren schoon en gezond zijn en er genoeg zoet water is. Verder wil het kabinet dat Nederland klimaatbestendig en waterrobuust wordt ingericht, dat Nederland een gidsland is en blijft voor watermanagement en -innovaties. Dat is gunstig voor onze economie en ons verdienvermogen. Tot slot wil het kabinet stimuleren dat Nederlanders waterbewust leven. Provinciale Watervisie 2021 Om Noord-Holland veilig, leefbaar en groen te houden en tegelijkertijd een goed investeringsklimaat te hebben, is het nodig om over grenzen heen te kijken. Oplossingen zullen meer buiten het eigenlijke waterdomein gevonden worden, met water als vanzelfsprekend onderdeel van ruimtelijke gebiedsontwikkelingen. De dijken kunnen bijvoorbeeld niet oneindig opgehoogd worden om de veiligheid te garanderen. Er zijn slimme en ruimtelijke alternatieven nodig. Innovatieve oplossingen, waarvoor in Noord-Holland volop ruimte geboden wordt. De Watervisie zoekt de koppeling van wateropgaven met ruimte, economie en natuur.

Alleen door water goed mee te nemen kunnen duurzame integrale afwegingen gemaakt worden. Zo is er op en aan het water rust, maar ook ruimte voor vertier en activiteiten. Waar water en natuur zijn, ontstaat vaak als vanzelf recreatie. En die combinatie biedt weer kansen voor economische ontwikkeling. Met de Watervisie 2021 als zelfbindend document worden kaders gesteld voor wateropgaven in Noord-Holland. Het lange termijn doel is om heel Noord-Holland in 2050 voor zover redelijkerwijs haalbaar waterrobuust te hebben ingericht. Het gaat hierbij om het zoveel mogelijk: 1. beperken van het slachtofferrisico als gevolg van overstromingen; 2. voorkomen van grote economische schade; 3. voorkomen van maatschappelijke ontwrichting door het uitvallen van vitale functies en/of het vrijkomen van milieugevaarlijke stoffen.

Pagina 28

Bestemmingsplan Achtersloot 122

Waterplan IJsselstein Het Waterplan IJsselstein is in samenwerking met het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden opgesteld en in 2007 vastgesteld. Het waterplan maakt duidelijk welke ambitie de gemeente IJsselstein en partners hebben met betrekking tot het water en welke maatregelen worden genomen om deze ambitie te verwezenlijken. Dit waterplan heeft als doel een watersysteem dat schoon, veilig en gezond is en een positieve bijdrage levert aan de leefomgeving. Daarnaast wordt er gestreefd naar een zo optimaal mogelijke (afval)waterketen. Om het doel te kunnen realiseren worden diverse maatregelen genomen die in het uitvoeringsplan nader zijn uitgewerkt. Het waterplan met daarin de visie op het waterbeheer voor de komende decennia kan als leidraad dienen bij het opstellen van ruimtelijke plannen.

Het waterplan is gebaseerd op de volgende uitgangspunten: • water is mede bepalend voor de ruimtelijke ordening; • binnen het gehele waterbeheer wordt gestreefd naar maatschappelijk aanvaardbare kosten; • bij planvorming en uitvoering van maatregelen wordt gestreefd naar optimaliseren van de beleving bij de betrokkenen; • de waterpartners kijken naar mogelijkheden voor samenwerking; • voor het watersysteem wordt gestreefd naar variëteit, zo min mogelijk versnippering van natte ecosystemen en zelfregulerende robuuste watersystemen met natuurwaarden; • voor de waterketen wordt gestreefd naar efficiënt en effectief (her)gebruik van water, optimale afstemming tussen de riolering en de rioolwaterzuivering en een maximaal rendement van maatregelen; • het beheer en onderhoud van watergangen wordt doelmatig en efficiënt uitgevoerd. Planspecifiek Voorliggend plan betreft het wijzigen van de bestemming van een agrarische bouwperceel naar de woonbestemming en het toevoegen van een Nul-op-de-meter woning in een voormalige agrarische schuur. De verharding op het perceel neemt niet toe. Watercompensatie is dan ook niet noodzakelijk. Materialen Het gebruik van uitloogbare materialen zal in het plan zo veel mogelijk beperkt worden. Waterkering Het plan is niet gelegen in of nabij een waterkering. Vuil water Het afvalwater van de extra woning zal op de bestaande riolering aangesloten worden.

De bestaande riolering zal naar het achter terrein verlengd worden om het vuilwater van de nieuwe woning op aan te sluiten. Het aspect waterhuishouding vormt daarom geen belemmering voor onderhavig plan.

Verkeer en Parkeren Verkeer en parkeren is een wezenlijk onderdeel van een goede ruimtelijke ordening. In het kader van een goede ruimtelijke ordening dient aangetoond te worden dat een plan voorziet in voldoende parkeermogelijkheden. Hierbij geldt doorgaans dat de omgeving niet nadelig belast mag worden als gevolg van de voorgenomen ontwikkeling. Ten tweede dient beoordeeld te worden of de bestaande infrastructuur toereikend is voor de beoogde ontwikkeling en dat er als gevolg van de ontwikkeling geen verkeersonveilige situaties ontstaan.

Pagina 29

Bestemmingsplan Achtersloot 122

GVVP IJsselstein Het thema van het Gemeentelijke Verkeers- en Vervoersplan (2006) is bereikbaarheid. De gemeente geeft in het plan aan dat deze bereikbaarheid gerealiseerd wordt vanuit de gestelde eisen van veiligheid en leefbaarheid. Het effect op de leefbaarheid en veiligheid staan bij toekomstige beleidsbeslissingen steeds vooraan in de beleidsafwegingen. De hoofddoelstelling van het GVVP van IJsselstein luidt als volgt: ‘het garanderen van een betrouwbare bereikbaarheid nu en in de toekomst ten behoeve van het sociaal en economisch functioneren van de gemeente IJsselstein. Hierbij worden eisen op het gebied van milieu, veiligheid en leefbaarheid als uitgangspunt genomen’. Afgeleid van de bovenstaande hoofddoelstelling zijn in het GVVP kerndoelstellingen geformuleerd per beleidsterrein en per doelgroep. De doelstellingen staan in het teken van het verbeteren van de leefbaarheid en het verminderen van de milieuoverlast van het verkeer. Beleid is daarbij om bij het interne verkeer vooral de prioriteit te leggen bij de doelgroepen fiets en voetganger. Leefbaarheid zal hierbij in een aantal gevallen gaan boven de bereikbaarheid. Bij het externe verkeer is het openbaar vervoer – vooral in de richting Utrecht – daarvan een exponent.

Tegelijk zal het gemotoriseerd verkeer en vrachtverkeer op deze relaties in zodanige banen worden geleid dat de leefbaarheid niet verder onder druk wordt gezet. Parkeerbeleid IJsselstein Het Parkeerbeleidsplan IJsselstein (2007) is gericht op het inzichtelijk maken van de strategische keuzes voor de komende jaren. Het parkeerbeleid is hiermee een leidraad voor de manier waarop de komende jaren parkeervraagstukken worden behandeld. Met betrekking tot woonwijken wordt geconcludeerd dat de parkeerdruk niet zo hoog is dat grootschalige voorzieningen nodig zijn. Vaak is er op loopafstand voldoende parkeerruimte beschikbaar en daar waar ook in de omgeving de bezettingsgraden hoog zijn, zal naar verwachting een beperkte uitbreiding op lokaal niveau de problemen verhelpen. Wel moet de ontwikkeling van de parkeerdruk regelmatig in de gaten worden gehouden, zodat tijdig gesignaleerd wordt wanneer grootschalige maatregelen nodig zijn. Het parkeren op eigen terrein moet worden gestimuleerd. Door middel van communicatie met de bewoners, koopovereenkomsten met kettingbeding en het selectief omgaan met het afgeven van omgevingsvergunningen kan het gebruik van parkeergelegenheid op eigen terrein worden bevorderd.

Planspecifiek Voorliggend plan betreft het wijzigen van de bestemming van een agrarische bouwperceel naar de woonbestemming en het toevoegen van een Nul-op-de-meter woning in een voormalige agrarische schuur. Als gevolg van voorliggend plan zal de parkeerbehoefte toenemen. Het perceel is dermate groot dat parkeren op eigen terrein prima inpasbaar is. Het toevoegen van de woning is dermate kleinschalig dat de extra verkeersintensiteit niet tot een knelpunt leidt op de verkeersafwikkeling van de Achtersloot. Het plan sluit dan ook aan op zowel het verkeers- als het parkeerbeleid.

Duurzaamheid Wettelijk kader De wettelijke eisen zijn vastgelegd in het Bouwbesluit. Per 1 januari 2015 is het Bouwbesluit gewijzigd en zijn de eisen ten aanzien van duurzaamheid aangescherpt. Voor de verbouw van een bestaande bestaand pand gelden andere eisen dan voor nieuwbouw. Voor de actuele eisen is bouwbesluit online te raadplegen. Provinciaal beleid Zie hoofdstuk 2

Pagina 30

Bestemmingsplan Achtersloot 122

Gemeentelijk beleid In juni 2016 is het Beleidsplan Duurzaamheid Gemeente IJsselstein en het bijbehorende Duurzaamheidsprogramma IJsselstein 2016-2020 vastgesteld. In het beleidsplan worden doelstellingen genoemd die aansluiten op de hoofdambitie uit de, door de gemeente IJsselstein ondertekende, Klimaatverklaring (Parijsverklaring) uit 2015: In 2050 is IJsselstein klimaatneutraal In 2030 is de gemeentelijke organisatie CO2 neutraal Voor nieuwe gebouwen gelden de volgende doelstellingen: 1. Alle nieuwe gebouwen zijn (bijna) energieneutraal (EPC < 0,2); 2. Alle nieuwe gebouwen worden duurzaam gebouwd en hebben een score minimaal GPR = 8 Planspecifiek Dit ruimtelijk plan past binnen het wettelijk kader en het provinciaal en gemeentelijk beleid.

Pagina 31

Bestemmingsplan Achtersloot 122

4 Juridische planbeschrijving Plansystematiek Het bestemmingsplan ‘partiële herziening bestemmingsplan Landelijk Gebied, Achtersloot 122’ heeft tot doel een juridisch-planologische regeling te scheppen voor de bebouwing en het gebruik van de gronden binnen het plangebied. Het bestemmingsplan is gericht op het mogelijk maken van een tweede woning die passend is in zijn omgeving. Bij het opstellen van voorliggend bestemmingsplan is aansluiting gezocht bij het vigerende bestemmingsplan ter plaatse ‘Landelijk Gebied noord en zuid’. Ook zijn de vereisten die de Wet ruimtelijke ordening en het Besluit ruimtelijke ordening aan een bestemmingsplan stellen als uitgangspunt gehanteerd. Gestreefd is naar uniformering en standaardisering van bestemmingen en planregels. De Wet ruimtelijke ordening biedt mogelijkheden voor het opstellen van verschillende bestemmingsplanvormen, van zeer gedetailleerd tot zeer globaal. Voor iedere bestemming is een toegesneden bebouwingsregeling opgenomen. In het kader van de landelijke uniformering en standaardisering voldoet het plan aan de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP) 2012.

Opzet van de regels Overeenkomstig de SVBP2012 zijn de regels van voorliggend bestemmingsplan onderverdeeld in vier hoofdstukken. Hoofdstuk 1 bevat de inleidende regels. In hoofdstuk 2 zijn de bestemmingsregels opgenomen. Hoofdstuk 3 en 4 bevatten de algemene regels respectievelijk de overgangs- en slotregels. Hierna wordt de inhoud van de regels per hoofdstuk kort toegelicht. In paragraaf 4.3 wordt nader ingegaan op de bestemmingen die in het bestemmingsplan zijn opgenomen. Hoofdstuk 1 - Inleidende regels Dit hoofdstuk bevat twee artikelen. In het eerste artikel zijn de begrippen opgenomen die van belang zijn voor de toepassing van het plan. Het tweede artikel betreft de wijze van meten, waarin wordt aangegeven hoe bij de toepassing van de bestemmingsregels wordt gemeten. Hoofdstuk 2 - Bestemmingsregels In dit hoofdstuk zijn regels gegeven voor de binnen het plangebied voorkomende bestemmingen, zoals die zijn aangegeven op de verbeelding. Per bestemming zijn in de bestemmingsomschrijving de toegelaten gebruiksvormen van de gronden aangegeven. Daarnaast is per bestemming bepaald welke vormen van bebouwing zijn toegestaan. In beginsel is bebouwing uitsluitend toegestaan binnen de op de verbeelding aangegeven bouwvlakken, waarbij dient te worden voldaan aan de voorgeschreven maatvoering (met name de maximale goot- en/of bouwhoogte).

De verschillende bestemmingen bevatten, indien nodig, specifieke gebruiksregels. Per bestemming is daarnaast bepaald in welke gevallen burgemeester en wethouders kunnen afwijken van het bestemmingsplan. In paragraaf 4.3 wordt nader ingegaan op de afzonderlijke bestemmingen. Hoofdstuk 3 - Algemene regels Dit hoofdstuk bevat de volgende algemene regels: • de anti-dubbeltelbepaling; • algemene bouwregels; • algemene afwijkingsregels; • algemene wijzigingsregels; • overige regels. Pagina 32

Bestemmingsplan Achtersloot 122

Hoofdstuk 4 - Overgangs- en slotregels Hoofdstuk 4 van de regels bevat twee artikelen. In het eerste artikel is het overgangsrecht opgenomen, zoals dat ingevolge het Besluit ruimtelijke ordening is voorgeschreven. Het tweede artikel bevat de slotregel. In de slotregel is aangegeven hoe de regels kunnen worden aangehaald.

De bestemmingen In het plangebied zijn verschillende bestemmingen weergegeven. Hieronder wordt een nadere beschouwing gegeven van deze bestemmingen. Artikel 3 Agrarisch met waarden De bestemming Agrarisch met waarden komt overeen met het vigerende bestemmingsplan Landelijk Gebied. De bestemming is overgenomen met als enige wijzigingen dat tevens een paardenbak mogelijk gemaakt is binnen de bestemming en dat geen vlaggen- en lichtmasten zijn toegestaan. Deze aanpassing is doorgevoerd om te zorgen dat het achter terrein gebruikt kan worden ten behoeve van de woonfunctie maar ook de kwaliteiten van het open weidelandschap voldoende waarborgt. Artikel 4 Wonen De bestemming Wonen is overgenomen uit het vigerende bestemmingsplan Landelijk Gebied. De bestemming is aangepast zodat de beoogde ontwikkeling uitvoerbaar is binnen het plan. De bestemming Wonen maakt twee woningen mogelijk. Voorts is bedrijf aan huis mogelijk en een Bed en Breakfast. Dit volgt eveneens uit het vigerende bestemmingsplan. Artikel 5 Waarde – Archeologie 3 Deze dubbelbestemming geeft aanvullende voorwaarden voor werkzaamheden in de bodem op de enkelbestemmingen om eventueel aanwezige archeologische waarden te beschermen. De indeling naar waarde komt overeen met de verwachtingswaarde zoals die voor het gemeentelijk grondgebied onderzocht is.

Per archeologische waarde worden verschillende beschermingsniveaus voorgeschreven. In voorliggend plangebied komen enkel de Waarde Archeologie 3 voor.

Pagina 33

Bestemmingsplan Achtersloot 122

5 Maatschappelijke en economische uitvoerbaarheid Naast ruimtelijke uitvoerbaarheid wordt de beoogde ontwikkeling van het plangebied ook getoetst aan economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid.

Economische uitvoerbaarheid Op grond van de Grondexploitatiewet dient een exploitatieplan te worden vastgesteld bij het vaststellen van het bestemmingsplan of ander ruimtelijk plan, tenzij de economische uitvoerbaarheid anderszins is gegarandeerd, De procedurekosten voor het plan worden middels de gemeentelijke legeskosten op initiatiefnemer verhaald. Tevens wordt een anterieure overeenkomst en of een planschadeovereenkomst gesloten met de initiatiefnemer van het plan. Hiermee zijn kosten en risico’s verdeeld. Vanuit het plan vloeien geen overige kosten of risico’s voort die voor rekening van de gemeente zijn. De economische uitvoerbaarheid van het plan is daarmee verzekerd.

Maatschappelijke uitvoerbaarheid vooroverleg Het voorontwerpbestemmingsplan is in het kader van artikel 1.3.1 van het Besluit ruimtelijke ordening voor zover relevant voorgelegd aan de betrokken diensten van het rijk, waterschap en gemeente. Onderstaand zijn de reacties samengevat en beantwoord. 1. Provincie Op 20 januari 2017 is de nieuwe PRV (herijking 2016) in werking getreden. De provincie verzoekt om de toelichting van het bestemmingsplan aan te passen aan de hand van het meest recent provinciaal ruimtelijk beleid. Daarnaast geeft de provincie aan dat het plan toepassing geeft aan artikel 3.5 PRV. Artikel 3.5, lid 1 PRV vereist dat de ruimtelijke kwaliteit ter plaatse wordt verhoogd. Met het huidige plan wordt hier zowel bij de inrichting van het erfgedeelte als de inrichting van het achterliggende weiland nog onvoldoende invulling aan gegeven. De provincie acht de inrichting van het erfgedeelte passend met uitzondering van: -

Het parkeren wordt geregeld in de bestemming “Tuin” in plaats van binnen de bestemming “ Wonen”; De oprijlaan wordt door de boomgaard geleid. Dit is niet passend binnen de kenmerken van het lint. De provincie acht de inrichting voor het achterliggende weiland niet passend en noemt hierbij de volgende punten: o Het weiland krijgt de bestemming “Tuin” wat niet garandeert dat het gebied open blijft en de lintenstructuur hier voor de langere termijn beleefbaar blijft; o De paardenbak midden in het open weidegebied is vanuit landschappelijk oogpunt ongewenst op deze locatie en zal aansluitend aan het erf, en bij voorkeur binnen het bouwvlak, gesitueerd moeten worden; o De beoogde vijver betreft een natuurelement, maar is op deze locatie geen kenmerkend element voor het landschap en daarmee niet passend binnen het lint;

Pagina 34

Bestemmingsplan Achtersloot 122

o o

De huisboomgaard naast de vijver staat op een afwijkende cultuurhistorische locatie en levert daarmee ook geen bijdrage aan de vereiste ruimtelijke kwaliteitsverbetering; De voorgestelde ‘minimale afscheiding’ bevat geen zekerheid en garanties dat deze, ook voor de langere termijn blijft bestaan.

De provincie wenst het bebouwingscomplex, in het lint en in de nabijheid van de bebouwde kom, in zijn karakteristieke vorm te behouden. Hierbij is het noodzakelijk dat het bestemmingsvlak qua schaal past binnen de lintstructuur en niet groter is dan de aangrenzende erven. Hierbij is het noodzakelijk dat een duidelijke grens met het achterliggende open landschap aanwezig is. Om de lintstructuur in stand te houden is het gewenst dat het achterliggende weiland duurzaam als weiland behouden blijft. De vraagt echter om een agrarische bestemming in plaats van een tuinbestemming. De provincie verzoekt om in het verdere planproces op adequate wijze aan de geplaatste opmerkingen tegemoet te komen. Reactie Naar aanleiding van de reactie van de provincie heeft overleg plaatsgevonden met de provincie, gemeente en met de ervenconsulent van Mooisticht. Er is een nieuw inrichtingsplan gemaakt en het bestemmingsplan aangepast naar aanleiding van het inrichtingsplan en de opmerkingen van de provincie. Alle opmerkingen van de provincie zijn verwerkt. 2. Gasunie N.V. Het plan is door de Gasunie getoetst aan het huidige externe veiligheidsbeleid van het Ministerie van I&M voor de aardgastransportleidingen, zoals bepaald in het per 1 januari 2011 in werking getreden Besluit externe veiligheid buisleiding (Bevb).

Op grond van de toetsing concludeert de Gasunie dat het plangebied buiten de 1% letaliteitgrens van de dichtst bij gelegen leiding valt. Daarmee staat vast dat deze leiding geen invloed heeft op de verdere plantonwikkeling. Reactie De gemeente neemt de reactie voor kennisgeving aan. Aanpassingen aan het bestemmingsplan zijn niet noodzakelijk. 3. Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden In de toelichting van het bestemmingsplan staat aangegeven dat de ecologische vijver niet wordt aangesloten op aanwezige watergangen en contact met het grondwater wordt vermeden. Het Hoogheemraadschap vraagt hoe de ecologische vijver dan gevoed gaat worden met water en hoe ervoor gezorgd wordt dat de vijver op peil blijft. Daarnaast moet er nagedacht worden over de wijze waarop de vijver van het grondwater wordt gescheiden, aangezien er relatief hoge grondwaterstanden aanwezig zijn. Reactie Als gevolg van het overleg met de provincie en de ervenconsulent is de vijver komen te vervallen. De opmerkingen van het Waterschap komen daarmee ook te vervallen. 4. Veiligheidsregio Utrecht De Veiligheidsregio Utrecht stelt vast dat alle relevante zaken ten aanzien van externe veiligheid zijn meegenomen in het voorontwerp bestemmingsplan. Binnen het plangebied zijn geen risicobronnen aanwezig, waarvoor een verantwoordingplicht geldt voor het groepsrisico.

Daarnaast is de bereikbaarheid goed en zijn de aanwezige (en geplande) bluswatervoorzieningen voldoende. Pagina 35

Bestemmingsplan Achtersloot 122

Reactie De gemeente neemt de reactie voor kennisgeving aan. Aanpassingen aan het bestemmingsplan zijn niet noodzakelijk. 5. Vitens Samenvatting Vitens heeft geen opmerkingen op het plan. Reactie De gemeente neemt de reactie voor kennisgeving aan. Aanpassingen aan het bestemmingsplan zijn niet noodzakelijk. Op basis van de Verordening burgerparticipatie gemeente IJsselstein 2003 wordt een ieder de gelegenheid geboden om op het plan in te spreken. Zo wordt vooraf aan de formele Wro procedure al gelegenheid om mee te denken over het plan. Door de initiatiefnemers van het plan is dit concreet ingevuld door iedereen in de omgeving persoonlijk te benaderen en te informeren over het plan. Op drie avonden in maart 2018 is bij de mensen in de omgeving aangebeld om het plan toe te lichten. Het verslag hiervan is opgenomen in bijlage 4. Zienswijzen Tijdens de ontwerpfase in het kader van art 3.8 Wro en volgens afdeling 3.4 van de Awb is het plan van 19 maart 2020 tot en met 29 april 2020 ter inzage gelegd. Een ieder isgedurende deze periode in de gelegenheid een zienswijze op het plan in te dienen. Er zijn vijftien zienswijzen ingediend ten aanzien van het ontwerpbestemmingsplan. Daarvan is er één afkomstig van de wettelijke vooroverlegpartners.

De zienswijzen zijn samengevat in de ‘Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen Ontwerpbestemmingsplan ‘partiële herziening bestemmingsplan Landelijk Gebied, Achtersloot 122’’ In de nota is beschreven of en op welke wijze de zienswijzen tot aanpassing van het bestemmingsplan hebben geleid. Tevens zijn in de nota de ambtshalve wijzigingen opgenomen.

Pagina 36

Bestemmingsplan Achtersloot 122

6 Bijlage(n) 1. Akoestisch onderzoek Wet geluidhinder Achtersloot 122 te IJsselstein, Weel geluidadvies, Rapportnummer: PLA 16.08, 22-6-2017 2. Ecologische rapportage, Achtersloot 122 IJsselstein, Eco-line, 18 augustus 2016 3. Verkennend bodemonderzoek Achtersloot 122 te IJsselstein, Rapportnummer 16-2119R01AvH, Inventerra, 13 oktober 2016 4. Verslag Overleg buren Achtersloot 122 inzake verbouwplannen en splitsing, dd 25 – 27 maart 2018

Pagina 37

Bestemmingsplan Achtersloot 122

Bijlage 1

Akoestisch onderzoek Wet geluidhinder Achtersloot 122 te IJsselstein

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai op basis van de Wet geluidhinder voor de bouw van een woning aan de Achtersloot 122 te IJsselstein.

Rapportnummer: Datum: Opdrachtgever: Contactpersoon:

PLA 16.08 12 oktober 2016, wijziging 22-6-2017 Plannen-makers, Utrecht Abstederdijk 36 3582 BN Maarssen drs. ing. C.M. Vaartjes

Weel geluidadvies Ing. C.M. Weel Van Noordtkade 18 B 1013 BZ Amsterdam 020-6880214 06-44574783 cmweel@yahoo.com

Akoestisch onderzoek Achtersloot 122, IJsselstein projectnr. PLA 16.08

Pagina 2 Weel geluidadvies

1.

Inleiding. In opdracht van Plannen-makers te Utrecht is een akoestisch onderzoek uitgevoerd naar de geluidbelasting op de gevels van een nieuw te bouwen geschakelde woning aan de Achtersloot 122 te IJsselstein. Tevens is de geluidbelasting berekend op de bestaande bedrijfswoning, die in het huidige bestemmingsplan nog geen woonbestemming heeft. De berekende geluidbelasting wordt getoetst aan de grenswaarden uit de Wet geluidhinder. Indien van toepassing wordt, indien van toepassing, getoetst aan het Hogere waardenbeleid van de gemeente IJsselstein. Zonodig wordt ingegaan op maatregelen om de geluidbelasting te verlagen.

2.

Situatiebeschrijving. De te realiseren woning ligt op enige afstand van de Achtersloot, achter een bestaand woonhuis. Feitelijk wordt de bestaande stal getransformeerd tot geschakelde woning. zie figuur 1. De Achtersloot is een vrij rustige doorgaande plattelandsweg in een agrarisch gebied met aan weerszijden van de weg veelal vrijstaande woningen. Er komen mogelijk verblijfsruimten op de begane grond, 1 e etage en 2e etage De weg en de gebouwen liggen op maaiveldniveau. De huidige bouwhoogte van de stal bedraagt circa 9 meter. Voor de bestaande woning geldt dat de waarneempunten op 1,5 en 4,5 meter liggen ten op zichte van het maaiveld.

Figuur 1: situering van de stal achter de huidige woning

Figuur 2 toont de ligging van de panden ten opzichte van de weg. 3.

Wettelijk kader. Het onderzoek wordt uitgevoerd op basis van de Wet geluidhinder. Dit plan ligt binnen een door de Wet geluidhinder vastgestelde geluidzone. Deze geluidzone meet, voor dit plan, 250 meter, aan weerszijden van de weg. Het betreft hier een buiten de bebouwde kom. Aangezien de te realiseren woning binnen een zone van 250 meter van de Achtersloot ligt, is een akoestisch onderzoek verplicht. Alleen de Achtersloot geldt als een gezoneerde weg. Andere wegen zijn er niet in de nabijheid van de planlocatie. De voorkeursgrenswaarde voor wegverkeerslawaai op de gevel van een geluidsgevoelige bestemming bedraagt 48 dB (art. 82 lid 1 van de Wet geluidhinder). Van de berekende geluidbelasting op die gevel mag, alvorens getoetst wordt aan de

Akoestisch onderzoek Achtersloot 122, IJsselstein projectnr. PLA 16.08

Pagina 3 Weel geluidadvies

grenswaarden uit de Wet geluidhinder nog 5 dB worden afgetrokken wegens het stiller worden van het wegverkeer in de toekomst (artikel 110g van de Wet geluidhinder). Deze aftrek geldt voor gezoneerde wegen met een maximum snelheid tot 70 km/uur. De maximale ontheffingswaarde bedraagt voor dit plan bedraagt 53 dB, ook weer na aftrek van de bovengenoemde 5 dB. De waarde van 53 dB geldt voor nog te bouwen woningen in een buitenstedelijk gebied die nog niet zijn geprojecteerd (art. 83 lid 1 van de Wet geluidhinder). De geluidbelasting wordt berekend met de Standaard Rekenmethode II uit het Rekenen Meetvoorschrift geluidhinder 2012. Bijlage 1 licht de belangrijkste begrippen met betrekking tot de wetgeving op het gebied van geluidhinder kort toe.

Figuur 2: ligging panden. Gebouw 2 wordt woning. Gebouw 1 is bedrijfswoning, wordt woning.

Akoestisch onderzoek Achtersloot 122, IJsselstein projectnr. PLA 16.08

Pagina 4 Weel geluidadvies

4.

Verkeersgegevens. De Omgevingsdienst Regio Utrecht heeft verkeersgegevens verstrekt van de Achtersloot. De gemeente IJsselstein heeft de verkeersgegevens bevestigd. Deze gegevens gelden voor het peiljaar 2027. De maximum snelheid op de Achtersloot bedraagt 60 km/uur. Er ligt een wegdek van fijn asfalt (dab, dicht asfaltbeton). Tabel 1: verkeersgegevens 2027, etmaalintensiteit en percentages. Weg dag % avond % Achtersloot % per uur 6.78 3.04 waarvan licht (%) 91.27 93.77 waarvan middelzwaar (%) 6.47 3.97 waarvan zwaar (%) 2.26 2.25 wegdek fijn asfalt etmaalintensiteit 2026 2300

nacht % 0.82 87.30 8.00 4.71

De omschrijving van de in de tabel genoemde categorieën luidt:

5.

§

categorie lv (lichte motorvoertuigen): motorvoertuigen op drie of meer wielen, met uitzondering van de in categorie mv en categorie zv bedoelde motorvoertuigen;

§

categorie mv (middelzware motorvoertuigen): gelede en ongelede autobussen, alsmede andere motorvoertuigen die ongeleed zijn en voorzien van een enkele achteras waarop vier banden zijn gemonteerd;

§

categorie zv (zware motorvoertuigen): gelede motorvoertuigen, alsmede motorvoertuigen die zijn voorzien van een dubbele achteras, met uitzondering van autobussen.

Overige gegevens. Voor deze verslaglegging en de modellering van het rekenmodel zijn de volgende bronnen geraadpleegd · Luchtfoto’s van het NLR; · Document Erfconsult; · De eerder genoemde verkeersgegevens van de Omgevingsdienst.

6.

Modellering. Op basis van de luchtfoto’s is een model gemaakt van de omgeving; het plan zelf, de omliggende gebouwen, de weg en de bodem. Standaard is een harde bodem ingevoerd. Een deel van de directe omgeving, daar waar tuinen of gras aanwezig is, is ingevoerd als 100% absorberende bodem. Met dit model wordt de geluidbelasting berekend op de gevels van het gebouw op verschillende waarneemhoogten. Voor dit plan zijn dat 1,5 meter, 4,5 meter en 7,5 meter (stal) ten opzichte van het plaatselijke maaiveld.

Akoestisch onderzoek Achtersloot 122, IJsselstein projectnr. PLA 16.08

Pagina 5 Weel geluidadvies

7.

Rekenresultaten. Met het programma “Winhavik” versie 8.76 is op basis van de Standaard Rekenmethode II de geluidbelasting berekend op de gevels van de te realiseren woningen. In de berekening zijn alle voor geluid relevante omgevingskenmerken betrokken zoals afscherming van het geluid door objecten en verhoging van het geluidniveau als gevolg van een geluidreflectie. Een uitdraai van de berekening is weergegeven in bijlage 3, een grafische afdruk in bijlage 2. Onderstaande figuur toont de geluidbelasting inclusief aftrek artikel 110g Wet geluidhinder en geldt voor het peiljaar 2027.

Figuur 3: geluidbelasting in dB, incl. aftrek, hoogste waarde per waarneempunt.

De geluidbelasting vanwege het verkeer op de Achtersloot bedraagt op waarneemhoogte 7,5 meter maximaal Lden=47 dB ter plaatse van de voorgevel van de te herbestemmen stal. De voorkeursgrenswaarde voor wegverkeerslawaai wordt niet overschreden. Op de zij- en achtergevel is de geluidbelasting nog veel lager dan de voorkeursgrenswaarde voor wegverkeerslawaai. Voor de bedrijfswoning geldt dat de geluidbelasting maximaal L den=50 dB bedraagt op de voorgevel. Op de twee zijgevels is de geluidbelasting lager dan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB.

Akoestisch onderzoek Achtersloot 122, IJsselstein projectnr. PLA 16.08

Pagina 6 Weel geluidadvies

8.

Bespreking van de rekenresultaten. De geluidbelasting op de gevels van de stal bedraagt minder dan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB. De geluidbelasting op de voorgevel van de bedrijfswoning bedraagt L den=50 dB. De voorkeursgrenswaarde wordt met 2 dB overschreden. De maximale ontheffingswaarde van 53 dB wordt niet overschreden. Maatregelen om de geluidbelasting te beperken kunnen bestaan uit het aanbrengen van een geluidreducerend wegdek. Met een dergelijk wegdek kan goed een reductie van 2 dB worden gehaald. Echter, sec voor dit project is dit een te kostbare maatregel. De maatregel stuit hiermee op financiele bezwaren. Wel kan de gemeente een geluidreducerend wegdek aanleggen op het moment dat het wegdek vervangen dient te worden. Op dat moment zijn de meerkosten zeer beperkt.

9.

Conclusie. De geluidbelasting op de voorgevel van een nieuw te realiseren woning in de huidige stal aan de Achtersloot 122 bedraagt ten gevolge van het wegverkeer op deze weg maximaal Lden=47 dB. De voorkeursgrenswaarde voor wegverkeerslawaai, deze is 48 dB, wordt voor deze woning niet overschreden. De geluidbelasting op de voorgevel van de bedrijfswoning, te bestemmen tot burgerwoning, bedraagt Lden=50 dB. De voorkeursgrenswaarde voor wegverkeerslawaai met 2 dB overschreden, de maximale ontheffingswaarde wordt niet overschreden. Maatregelen om de geluidbelasting te reduceren zijn financieel te kostbaar gezien het feit dat het slechts om één woning gaat. B&W van IJsselstein dient een Hogere waardeprocedure te doorlopen. De te verlenen Hogere waarde bedraagt 50 dB.

Amsterdam, ing. C.M. Weel

Bijlagen: 1. 2. 3.

Toelichting bij enkele definities Wet geluidhinder Afdruk van het model. Uitdraai van de invoergegevens.

Akoestisch onderzoek Achtersloot 122, IJsselstein projectnr. PLA 16.08

Pagina 7 Weel geluidadvies

Bijlage 1: Wegverkeerslawaai - de belangrijkste begrippen toegelicht. Voorkeursgrenswaarde De voorkeursgrenswaarde voor wegverkeerslawaai bedraagt sinds 1 januari 2007 48 dB. Dat betekent dat elke berekende geluidbelasting vanwege wegverkeerslawaai tot en met 48 dB toelaatbaar is. Indien de geluidbelasting meer bedraagt dan 48 dB, maar minder dan de maximale ontheffingswaarde, dan kan onder voorwaarden ontheffing van de voorkeursgrenswaarde worden aangevraagd. Daarbij speelt het Hogere Waardenbeleid dat de gemeente kan opstellen een belangrijke rol. Maximale ontheffingswaarde In de gevallen waarin de berekende geluidbelasting meer bedraagt dan maximale ontheffingswaarde is ontheffing niet mogelijk. Dat betekent dat er doorgaans, maar niet in alle gevallen, niet gebouwd mag worden. Aanvullend onderzoek is dan noodzakelijk. De hoogte van de maximale ontheffingswaarde is afhankelijk van de situatie. Men onderscheidt: · stedelijk gebied · buitenstedelijk gebied · bestaande situaties · nieuwe situaties · bestaande weg · nieuwe weg Verder kunnen er allerlei specifieke uitzonderingen bestaan die van invloed zijn op de maximale ontheffingswaarde, bijvoorbeeld bedrijfswoningen. Buitenstedelijk gebied.

De definitie van een buitenstedelijk gebied luidt: Het gebied buiten de bebouwde kom alsmede, voor de toepassing van de hoofdstekken VI en VII voor zover het betreft een autoweg of autosnelweg als bedoeld in het “Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990“, het gebied binnen de bebouwde kom, voor zover liggend binnen de zone langs die autoweg of autosnelweg.

Akoestisch onderzoek Achtersloot 122, IJsselstein projectnr. PLA 16.08

Pagina 8 Weel geluidadvies

Zone. In onderstaande tabel staat de omvang van een zone van een verkeersweg, gerekend vanaf de wegas, vermeld. De zone ligt aan elke zijde van de weg. Weg in stedelijk gebied buitenstedelijk gebied

Aantal rijstroken Een of twee Drie of meer Een of twee Drie of vier Vijf of meer

Zonebreedte [m] 200 350 250 400 600

Langs een weg waar een maximum rijsnelheid geldt van 30 km/uur ligt geen zone. Dit geldt ook voor wegen op een woonerf. Geluidbelasting in dB. De geluidbelasting in dB wordt berekend aan de hand van de bijdragen van de bron in de dagperiode van 7:00 tot 19:00, de avondperiode van 19:00 tot 23:00 en de nachtperiode van 23:00 tot 7:00. Deze rekenwijze geldt voor wegverkeerslawaai en railverkeerslawaai, niet voor industrielawaai.

Akoestisch onderzoek Achtersloot 122, IJsselstein projectnr. PLA 16.08

Pagina 9 Weel geluidadvies

Bijlage 2: Afdruk invoermodel, ligging waarneempunten

Bijlage 3: invoergegevens (volgende pagina’s)

Akoestisch onderzoek Achtersloot 122, IJsselstein projectnr. PLA 16.08

Pagina 10 Weel geluidadvies

1

Weel Geluidadvies

Projectgegevens projectnaam: opdrachtgever: adviseur: databaseversie: situatie: uitsnede:

Achtersloot Ijsselstein CHris Cor 869 eerste situatie basismodel

omschrijving

verkeerslawaai

rekenhart: aut. berekening gemiddeld maaiveld: alleen absorptiegebieden( geen hz-lijnen): standaard bodemabsorptie: rekenresultaat binnengelezen (datum): rekenresultaat binnengelezen (tijd):

16.2.0 (build0)

maximum aantal reflecties: minimum zichthoek reflecties: maximum sectorhoek: vaste sectorhoek: methode aftrek110g:

WinHavik 8.76 (c) dirActivity-software

þ þ

%

22-06-2017 18:27 1 graden 2 graden 5 graden 2 per wnp per weg RMG2012/2014 art 3.4

22-06-2017 18:53

2

Weel Geluidadvies

Gebouwen noklijn nr adres 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18

WinHavik 8.76 (c) dirActivity-software

z,gem m,gem 7.0 7.0 7.0 7.0 8.5 7.8 5.0 2.5 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 8.0 7.0 7.0

0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0

noksoort 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn

reflectie gevel gekoppeld nokhoogte 1 nokhoogte 2

1

2

3

4 vl/rl

il

-------------------

80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80

80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80

80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80

80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80

¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨

¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨

-------------------

soort geb.

kenmerk

22-06-2017 18:53

3

Weel Geluidadvies

Waarneempunten met rekenresultaten (*) IL: inc. maatregel, VL:inc aftrek, RL: inc prognosetoeslag

nr

z1

m1 adres

1

0.0

0.0

gevel

2

0.0

0.0

gevel

3

0.0

0.0

gevel

4

0.0

0.0

gevel

5

0.0

0.0

gevel

6

0.0

0.0

gevel

7

0.0

0.0

gevel

WinHavik 8.76 (c) dirActivity-software

huisnr type afw.toets refl kenmerk

rhart groep VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL

totaal (0) totaal (0) totaal (0) totaal (0) totaal (0) totaal (0) totaal (0) totaal (0) totaal (0) totaal (0) totaal (0) totaal (0) totaal (0) totaal (0) totaal (0) totaal (0) totaal (0) totaal (0)

sh

wnh

1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1

1.5 4.5 7.5 1.5 4.5 7.5 1.5 4.5 7.5 1.5 4.5 7.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5

dag avond nacht 48.86 50.24 50.78 42.41 44.44 47.64 44.87 46.23 46.94 ---48.92 50.59 52.31 53.86 49.28 50.83

45.24 46.61 47.14 38.78 40.80 44.01 41.25 42.61 43.31 ---45.30 46.96 48.68 50.23 45.65 47.20

Lden

40.07 49.54 41.47 50.93 42.02 51.47 33.65 43.10 35.69 45.13 38.87 48.33 36.06 45.54 37.45 46.91 38.16 47.62 -- -99.00 -- -99.00 -- -99.00 40.13 49.60 41.83 51.28 43.53 52.99 45.10 54.55 40.52 49.97 42.08 51.52

(^) VL: ex. optrektoeslag

af Lden(*) Letm

af Letm(*)

dag(^) avond(^) nacht(^)

5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5

5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5

48.86 50.24 50.78 42.41 44.44 47.64 44.87 46.23 46.94 ---48.92 50.59 52.31 53.86 49.28 50.83

45 46 46 38 40 43 41 42 43 -104 -104 -104 45 46 48 50 45 47

50.07 51.47 52.02 43.65 45.69 48.87 46.06 47.45 48.16 -89.90 -89.90 -89.90 50.13 51.83 53.53 55.10 50.52 52.08

45 46 47 39 41 44 41 42 43 -95 -95 -95 45 47 49 50 46 47

45.24 46.61 47.14 38.78 40.80 44.01 41.25 42.61 43.31 ---45.30 46.96 48.68 50.23 45.65 47.20

40.07 41.47 42.02 33.65 35.69 38.87 36.06 37.45 38.16 ---40.13 41.83 43.53 45.10 40.52 42.08

22-06-2017 18:53

4

Weel Geluidadvies

Rijlijnen snelheden

Intensiteiten nr z,gem 1

0.0

lengte wegdek 284 01 glad asfalt/DAB

WinHavik 8.76 (c) dirActivity-software

hellingcor. groep 1

omschrijving Achtersloot

kenmerk

art 110g vlicht

etm.intens. % periode

%

2300.0 þ dag 6.78 avond 3.04 nacht .82

licht middel 91.27 93.77 87.30

6.47 3.97 8.00

zwaar 2.26 2.25 4.71

motor

licht middel zwaar motor 60 60 60

60 60 60

60 60 60

22-06-2017 18:53

5

Weel Geluidadvies

Bodemabsorptie nr

lengte

absorptie [%]

1 2 3 4 5 6 7 8

1361 75 178 73 409 43 48 185

100.0 100.0 100.0 100.0 100.0 100.0 100.0 100.0

WinHavik 8.76 (c) dirActivity-software

kenmerk gras gras gras gras gras gras gras gras

22-06-2017 18:53

Weel Geluidadvies

WinHavik 8.76 (c) dirActivity-software

6

22-06-2017 18:53

Bijlage 2

Ecologische Rapportage Achtersloot 122, IJsselstein

Eco-line

Frambozengaarde 1 3992 KC Houten Eco-line@hetnet.nl

Inhoud 1 2 3 4 5 6 7

Samenvatting: ...................................................................................................................... 3 Taakomschrijving ................................................................................................................. 4 Locatie .................................................................................................................................. 4 Methode .............................................................................................................................. 5 Resultaat .............................................................................................................................. 6 Conclusie .............................................................................................................................. 6 Literatuur ............................................................................................................................. 8

Foto omslag: Kerkuil, M. v. Leeuwen

Eco-line. Ecologische Rapportage Achtersloot 122 te IJsselstein, 13 augustus 2016

2

1 Samenvatting: Er zijn al jaren kerkuilen aanwezig op het erf te Achtersloot 122. De kerkuil is een diersoort die in aanmerking komt de hoogste beschermingsgraad. De uilen zitten echter niet in de te verbouwen stal. Mits er geen ingrijpende verandering in de directe omgeving, erfbeplanting en dergelijke plaatsvindt, zal het verstorende effect op de kerkuilen nihil zijn. Tijdens het aanvullende onderzoek op 13 augustus zijn geen andere beschermde diersoorten of sporen daarvan aangetroffen.

Het belangrijkste onderzoeksobject

En het onderzochte open kapschuurtje

Eco-line. Ecologische Rapportage Achtersloot 122 te IJsselstein, 13 augustus 2016

3

2 Taakomschrijving In opdracht van de eigenaar mevr. H. Keijzer, Achtersloot 122 te IJsselstein onderzocht Eco-line op 13 augustus 2016 de voormalige en nu te verbouwen stal en aanpalende opstallen op het voorkomen van beschermde diersoorten in het kader van de Flora- en Faunawetgeving. Vanuit de regionale kerkuilenwerkgroep is bekend dat hier minstens sinds 2008 kerkuilen voorkomen op het erf en dat ze er ook bijna jaarlijks gebroed hebben. Ook in mei/juni 2016 waren hier jongen. Eco-line heeft al jaren een sleutelpositie in zowel de kerk- als de steenuilwerkgroep in de provincie Utrecht en beschikt over lijsten met geregistreerde broedgevallen van beide soorten en doet hier ook ringonderzoek. We hebben bovendien ervaring met onderzoek met betrekking tot verstoring en noodzakelijke verplaatsing van uilennestkasten na vergunningverlening/ontheffing. Het voortbestaan van gunstige leef- en broedomstandigheden voor kerkuilen is na incidenten met de vorige eigenaar bij de huidige eigenaar overtuigend geborgd voor lange termijn. Onderhavig onderzoek richt zich dan ook op andere beschermde diersoorten met buitengewone aandacht voor het mogelijke voorkomen van vleermuizen in de te verbouwen stal en schuurtjes.

3 Locatie Het onderzoeksterrein Achtersloot ligt in de Polder Broek, ten noordwesten van IJsselstein aan de rand van de bebouwde kom van IJsselstein. Het gebied grenst aan grote delen met vooral intensief/productief gras- en maisland, op grotere afstand afgewisseld met bomen waarvan een deel fruitbomen en enkele knotbomen. Deze begroeiing vormt voedsel- en broedbiotoop voor holenbroedende vogels, zoals kerk- en steenuilen. Beide soorten broeden dan ook al jaren aan de Achtersloot.

Eco-line. Ecologische Rapportage Achtersloot 122 te IJsselstein, 13 augustus 2016

4

4 Methode Tijdens het onderzoek op 13 augustus 2016 is de omgeving bij daglicht visueel onderzocht en beoordeeld op sporen van het gebruik van de opstallen en omgeving door vleermuizen en andere beschermde dieren zoals bijvoorbeeld steenmarters. Kieren en scheuren die mogelijk onderdak zouden kunnen bieden aan vogels en/of vleermuizen bij boeiborden en dakgoot, en aansluitingen zijn met behulp van een zeer sterke led-zaklamp (Maglite) en zo nodig met een endoscoop-camera onderzocht. Hiertoe werd ook onder en achter gestald materieel en achter huisraad en opgestapeld brandhout e.d. gekeken. Vanaf schemer (ca. 21.45u.) tot 23.00u. is in, en rondom de gebouwen met een batdetector (Petterson D-240X) gescand op vleermuizen. De temperatuur in de avond was 18 graden Celsius , lichtbewolkt. Windsnelheid < 8 km/u. Zonsondergang 21.06u. Rel luchtvochtigheid 80%

Eco-line. Ecologische Rapportage Achtersloot 122 te IJsselstein, 13 augustus 2016

5

5 Resultaat Tijdens eerdere bezoeken is het broeden van kerkuilen op het erf daadwerkelijk vastgesteld, ook in 2016. De twee nestkasten in de open kapschuur en de speciaal ingerichte rustplek voor uilen boven de oude varkensstal worden door de uilen gebruikt. Zij bevinden zich in gebouwen waar geen (ver)bouw zal plaatsvinden en de te verbouwen stal is sinds eind 2015 voor uilen afgesloten met hulp van vrijwilligers van de uilenwerkgroep. Deze maatregel is weliswaar tijdelijk in het ongerede geraakt, maar inmiddels door de eigenaar hersteld en voorkomt dat de uilen in de stal roesten. De kerkuilen hebben ook in het verleden nooit in de stal gebroed, maar wel geroest. Daarvoor is al vorig jaar een alternatief gecreëerd in de voormalige varkensstal. Op 13 augustus waren dan ok geen uilen meer in de schuur aanwezig en werden ook geen verse sporen aangetroffen. (Gewone) Dwergvleermuizen en een enkele Grootoorvleermuis vlogen over het erf, maar werden niet waargenomen in de stal, dan wel in- of uit de stal komende. Er waren géén sporen van gebruik door andere (beschermde) dieren.

De stalzolder. De spantverbindingen zijn in principe geschikte schuilplekken voor vleermuizen, maar het niet-geïsoleerde dak creëert een thermisch instabiele omgeving. Op de schone vloer zouden uitwerpselen en prooiresten direct opvallen.

Eco-line. Ecologische Rapportage Achtersloot 122 te IJsselstein, 13 augustus 2016

6

6 Conclusie Er zijn geen dieren aangetroffen die bijzondere aandacht verdienen in verband met de verbouwingsplannen. Mits er geen ingrijpende verandering in de directe omgeving, erfbeplanting en dergelijke plaatsvindt, zal er geen verstorend effect van de plannen zijn op de aanwezige uilen. Vernieuwing van het golfplaten asbestdak van de open kapschuur zal t.z.t. plaatsvinden in overleg met de kerkuil werkgroep om het effect op de uilen te minimaliseren.

Houten, 14 augustus 2016

Drs. Marc van Leeuwen Eco-line

Eco-line. Ecologische Rapportage Achtersloot 122 te IJsselstein, 13 augustus 2016

7

7 Literatuur Amfibieëngids van Europa

Nollert, A. en C. Nollert

Tirion, Baarn, 2001

Atlas van de Nederlandse zoogdieren;

Broekhuizen, S., B. Hoekstra, V. van Laar, C. Smeenk & J. B. M. Thissen, Limpens, H. J. G. A., K. Mostert & W. Bongers,

KNNV Utrecht, 3e druk 1992

Bedreigde en kwetsbare vaatplanten in Nederland; basisrapport met voorstel voor de Rode Lijst; De Nieuwe Vlindergids;

Meijden, R. van der, B. Odé, C.L.G. Groen, J.P.M. Witte & D. Bal,

Gorteria 26 (4): 85-208. 2000.

Tolman & Lewington,

Tirion, Baarn 1994

De Orchideeën van Nederland;

Kreuz & Dekker

Sechel & Kreuz, Landgraaf 2000

Elseviers Gids van Varens, Mossen en Korstmossen; Flora van de Lage Landen;

Jahns, Hans Martin

Elsevier, Amsterdam 1981

Marijnissen, J.

Tirion, Baarn 2000

Fotogids larven van Libellen

Brochard, C. en Ploeg, E .v.d.

KNNV, Zeist 2014

Gids van bloeiende planten van Westen Midden Europa Grassen;

Aichele, D.

Thieme, Zutphen 1992

Glas, H.

Misset, Doetinchem 1996

Grassengids;

Aichele & Schwegler,

Tirion, Baarn 2002

Habitattypen

Janssen, J. en Schaminee, J.

KNNV, Utrecht 2003

Handboek Natuurdoeltypen;

Bal, D., H.M. Beije, M. Fellinger, R. Haveman, et al., Provincie Utrecht,

Ministerie van LNV, ’s-Gravenhage 2001

Limpens, H. & H. Hollander

Atlas van Nederlandse vleermuizen;

Handleiding Ecologisch Onderzoek, onderdeel flora en fauna; Herkenning van Nederlandse vleermuissoorten Libellen van Europa

KNNV Utrecht 1997

Provincie Utrecht, 2002.

Dijkstra, Klaas-Douwe

Vereniging voor Zoogdierkunde en Zoogdierbescherming 2001 Tirion 2008

Meerjarenprogramma Uitvoering Soortenbeleid 2000-2004; Nachtvlinders

Ministerie van LNV

Ministerie van LNV,' s-Gravenhage, 2000.

Waring, P. en M. Townsend,

Tirion Natuur, Baarn 2006

Natuurvoorzieningen aan Gebouwen. Nestplaatsen en verblijven voor vogels en vleermuizen. Nieuwe Insectengids;

Koning, E. en G. Schuurman et.al.,

Stichting Bouwresearch, Rotterdam 1999

Chinery, M.

Tirion, Baarn 2003

Rode Lijst- FLORON;

Weeda, E.J., R. van der Meijden, P.A. Bakker,

Gorteria 16 (1): 2-26. 1990.

Rode lijst van bedreigde en kwetsbare zoogdieren in Nederland; Rode Lijst van de Nederlandse Broedvogels; Soorten van de Habitatrichtlijn

Lina, P. H. C. & G. van Ommering,

1994

Vogelbescherming, en anderen,

Tirion, Baarn 2005

Janssen, J. en Schaminee, J.

KNNV, Utrecht 2004

Sprinkhanen en Krekels, Veldgids;

Kleukers, R. en R. Krekels

KNNV Utrecht 2004

Topografische Inventarisatieatlas voor Flora en Fauna van Nederland Veldgids Libellen;

Huigen, P. en Vogel, R.

Vogelbescherming, Zeist 2007

Bos, F. en Marcel Wasscher

KNNV, Utrecht 2e druk 1998

Veldgids Nederlandse Flora;

Henk Eggelte,

KNNV, Utrecht 2000

Vlinders en Rupsen;

Ruckstuhl, T.

Stichting Landschapsbeheer Gelderland – VZZ Tirion, Baarn 1995

Vogels van Europa;

Jonsson, L.

Thieme, Baarn 1994

Waarnemen en Herkennen van Amfibieën en Reptielen in het Veld; Water- en Oppervlaktewantsen Tabel

Lenders et. al.,

RAVON, Nijmegen 1993

Nieser, N.

KNNV, 1982

Wilde orchideeën van Europa;

Landwehr, J.

Natuurmonumenten, ’s-Graveland 1978

Zoetwatervissen van Europa

Gerstmeier, R. en Romig, T.

Tition, Baarn 2000

Vleermuizen in en om het Huis

Eco-line. Ecologische Rapportage Achtersloot 122 te IJsselstein, 13 augustus 2016

8

Bijlage 3

Verkennend bodemonderzoek Achtersloot 122 te IJsselstein 16-2119-R01AvH

COLOFON

Opdrachtgever

Plannen-Makers Abstederdijk 36 3582 BN Utrecht

Locatie

Achtersloot 122 te IJsselstein

Type onderzoek

Verkennend bodemonderzoek NEN 5740

Rapportnummer

16-2119-R01AvH

Datum rapport

13 oktober 2016

Opgesteld door

Dhr. A.J. van Houwelingen Projectleider Bodem

Akkoord bevonden door

Mevr. M. Penders Projectleider Bodem

Niets uit dit document mag op enigerlei wijze worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt zonder voorafgaande, schriftelijke toestemming van de in hoofde genoemde opdrachtgever, diens gevolmachtigde of rechtsopvolgers.

Inventerra Comon Services bv Nijverheidsweg 34 3341 LJ Hendrik-Ido-Ambacht Tel. 078 - 682 2455 info@inventerra.nl

Verkennend bodemonderzoek Achtersloot 122 te IJsselstein Rapportnummer 16-2119-R01AvH

INHOUDSOPGAVE

1.

INLEIDING ......................................................................................................................... 1

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10189085/1