9.6 Informatiebrief voortgang REP en verstedelijkingsstrategie als opmaat
Tekst van het document
Aan: De 16 colleges van de gemeenten die samen het REP maken Betreft: Informeren: -
Voortgang REP
-
Verstedelijkingsstrategie REP als opmaat naar IRP en input Utrecht Nabij (BO MIRT)
Bijlagen: -
Verstedelijkingsstrategie REP als opmaat naar IRP en input Utrecht Nabij (BO MIRT)
-
Besluitvorming Contour moties en ammendementen
Datum: 4 december 2020 Beste colleges, Tijdens de informele staten,- en radenbijeenkomst op 4 november 2020 hebben wij met de aanwezige leden gesproken over de voortgang van het Ruimtelijk Economisch Perspectief (REP) en de stand van zaken bij de Regionale Energiestrategie. Graag willen we de genodigden die niet aanwezig konden zijn in staat stellen kennis te nemen van de voortgang van het REP, het participatie traject en het verdere bestuurlijk proces en besluitvorming. Ook zullen we in deze brief de relatie leggen tussen het programma REP met het landelijk BO Mirt traject, waarin de regio via het programma U Ned participeert. Waar komen we vandaan De afgelopen jaren hebben we als samenwerkende gemeenten al flinke stappen gezet. Denk hierbij aan de Ruimtelijk-Economische Koers uit 2017, de gezamenlijke uitgangspuntennotitie en de basis voor het beoordelingskader in 2019. Vervolgens is in 2020 gewerkt aan het aangescherpte beoordelingskader en de Contour REP, die inmiddels in alle U16 gemeenten is vastgesteld. We werken nu aan fase 3: een Integraal Ruimtelijk Perspectief voor de regio. Die willen we graag nog in de eerste helft van 2021 aan alle U16 raden voorleggen. In onderstaande tekstkader treft u de fasen van het REP aan.
Op basis REK en PvA REP wordt in vier fases een regionaal Perspectief en Programma opgesteld: Fase 1: Stip op de horizon tot 2040 (2018 - 2019) Fase 2: Een ruimtelijke contour (2019 – 2020) Fase 3: Een verstedelijkingsstrategie en integraal ruimtelijk perspectief (2020 en 2021) Fase 4: Een integraal programma en uitvoeringsstrategie Nu: Uitwerking Integraal Ruimtelijk Perspectief van oktober 2020 – maart 2021
1
Besluitvorming Contour en terugkoppeling Alle 16 raden hebben het aangescherpte beoordelingskader en de Contour aangenomen met in totaal 21 moties, 4 amendementen en 2 reacties. In de bijlage treft u de uitslag aan van de raadsbehandeling per gemeente met een duiding van de moties en amendementen. De reacties zijn op hoofdlijnen onder te verdelen in: 1.
Betrokkenheid raden: De Bilt, Stichtse Vecht en De Ronde Venen pleiten ervoor dat raden aan zet zijn, waar ruimte blijft voor gemeenten om eigen keuzes te maken;
2.
Participatie: de gemeenten Bunnik en De Bilt roepen op om de participatie zo snel als mogelijk in te richten;
3.
Moties over Wonen: Nieuwegein en Utrechtse Heuvelrug zien graag een regionale woningverdeling. De Ronde Venen is van mening dat ook langs HOV-lijnen woningbouw mogelijk moet zijn en niet alleen nabij knooppunten. Utrecht wil een regionaal woonakkoord in analogie van haar Stadsakkoord. En Bunnik vraagt aandacht voor natuurinclusief bouwen;
4.
Moties over Mobiliteit: Bunnik en Houten vragen aandacht voor automobiliteit in de Contour en vragen om hierover een paragraaf op te nemen;
5.
Moties over Groen en Landschap: Houten ziet graag de term “Groene schaalsprong” terug en Lopik wil meer nadruk op de groene pijler en Oudewater op het Groene Hart. Woerden wil de landschappelijke kwaliteit kunnen meten. Utrechtse Heuvelrug en Wijk bij Duurstede geven aan dat bij groen ook aandacht moet zijn voor water en klimaatadaptatie. Utrecht vindt dat de ruimtelijke en economische ontwikkelingen moeten passen binnen “de grenzen van de aarde” en dat klimaatcrisis en biodiversiteitscrisis ook urgent zijn.
De reacties van de raden worden meegenomen bij het uitwerken van het Integraal Ruimtelijk Perspectief (IRP). Bovendien zijn een aantal moties uit de eerdere raadsbehandeling van het beoordelingskader en de uitgangspuntennotitie doorgeschoven naar het IRP. Bij de behandeling van het IRP in de eerste helft van 2021 vindt terugkoppeling plaats aan de raden, waarbij wordt aangeven hoe de reacties uit de eerste en tweede ronde in het IRP zijn verwerkt. Het antwoord op de moties ten aanzien van betrokkenheid van de raden en participatie vindt u in deze brief. Van Contour naar Verstedelijkingsstrategie In fase 3 van het IRP werken we vanuit de opties uit de Contour naar keuzes voor ruimtelijke ontwikkeling. Als eerste stap is de afgelopen maanden gewerkt aan de Verstedelijkingsstrategie U16, wij voegen deze ter informatie toe. Daarin zijn de hoofdkeuzes voor wonen, werken en bereikbaarheid verkend en voorbereid, gecombineerd met de beschikbare bouwstenen groen, landschap, water, energie. Deze bouwstenen krijgen steeds meer richting en vorm richting het IRP. Deze verstedelijkingsstrategie laat zien dat er in de regio voldoende locaties zijn om de behoefte aan wonen en werken op te vangen, en geeft grofweg een prioritering aan. Ook maakt het de benodigde mobiliteitsmaatregelen inzichtelijk (dit onderzoeken we in U Ned).
Hiermee zet de regio de basis voor het IRP en de inzet voor het BO MIRT (25 november 2020) en Kabinetsformatie scherp neer.
2
Van Verstedelijkingsstrategie naar Integraal Ruimtelijk Perspectief In het IRP besluiten we over zaken waarover we regionaal keuzes moeten maken. Dat betreft in elk geval de hoofdkeuzes voor de ontwikkelrichting van de regio, de majeure locaties, structuren en projecten. Daarnaast maken we zachte keuzes voor nadere uitwerking in het Programmeren (REP fase 4). In het IRP werken we de kwalitatieve uitwerking van wonen en werken uit en, in samenwerking met de programmalijnen van U Ned, een strategie voor de groeiende mobiliteitsvraag in de regio. Per deelgebied maken we kaders en kaartbeelden zodat de ruimtelijke keuzes voor groen, landschap, energie, vitaliteit voor alle kernen beeld komen. Zo komen we in de eerste helft van 2021 tot een integraal afgewogen beeld op voor de ruimtelijke ontwikkeling voor de regio: het Integraal Ruimtelijk Perspectief. Samenhang andere trajecten Parallel met de uitwerking van het REP lopen een aantal trajecten in de samenwerking met het Rijk en Provincie, zoals U Ned, de Regionale Energie Strategie (RES) en het regionaal programmeren. De uitdaging is om inhoud en besluitvorming voor deze trajecten goed op elkaar af te stemmen en lokale, regionale en Rijksbelangen met elkaar te verenigen.
In het REP proces is het daarom van belang om rekening te houden met de mijlpalen van deze trajecten als input voor het IRP en zullen we omgekeerd input of reacties geven ten behoeve van de andere trajecten.
Samenhang REP en U Ned Het REP is, namens de U16, input voor U Ned, waarin Rijk en Regio samenwerken aan verstedelijking en bereikbaarheid. De Contour, de redeneerlijnen en de ruimtelijke uitwerking van de Verstedelijkingsstrategie REP zijn goed herkenbaar in ontwikkelperspectief ‘Utrecht Nabij’ dat onlangs door rijk en regio in het BO MIRT is vastgesteld als gezamenlijke visie voor de toekomst. Er zijn nog wel wat resterende discussiepunten, onder andere over het gewenste laadvermogen (wonen en werken) van een aantal locaties, de (financiering van) benodigde mobiliteitsmaatregelen en de prioritering en fasering van ontwikkelingen. Dat past bij de fase waarin we verkeren met het programma U Ned. Het ministerie van I&W hecht aan een brede verkenning, als fundament onder besluitvorming over forse investeringen. Om dit verder op te pakken in de samenwerking Rijk/Regio zijn er in het BO MIRT van 25 november 2020 besluiten genomen voor vervolg, zoals: •
De vaststelling ontwikkelperspectief verstedelijking en bereikbaarheid Utrecht Nabij. Dit is de gemeenschappelijke basis voor de onderstaande punten en toekomstige investeringsbesluiten;
•
De uitwerking van mobiliteitsstrategie;
•
3 gebiedsonderzoeken (west, zuid, oost) om integrale ruimtelijke programmering en fasering te concretiseren;
•
Programma knooppuntenontwikkeling;
•
Regionale parkeerstrategie.
In de brief ‘resultaten BO Mirt – najaar 2020’ bent u hierover geïnformeerd.
Samenhang REP en RES De RES komt voort uit het Nationaal Klimaatakkoord en is nauw verbonden aan het REP. Beide trajecten ontwikkelen zich gelijktijdig en de besluitvorming vindt gelijktijdig plaats. In oktober, na vaststelling 3
door alle deelnemers, is de ‘Ontwerp RES incl. concept bod’ ingediend bij het Nationaal Programma RES. Daarmee zijn we in de volgende fase beland naar RES 1.0. De gemeenten zijn nu aan zet voor het vinden van locaties voor elektriciteitsopwekking. Veel gemeenten zijn inmiddels gestart met deze zoektocht. De RES 1.0 wordt in april 2021 ter besluitvorming aangeboden aan de parlementen. REP en RES hebben elkaar nodig bij de integrale afweging, benutten elkaars kennis en zorgen voor samenhang tussen REP en RES. Binnen het REP benutten wij de RES als bouwsteen.
Regionaal programmeren (POVI & REP) Na de vaststelling van de POVI zal het rode contouren beleid van de provincie overgaan in een aanpak voor regionaal programmeren. De U16 en de Provincie willen dit samen vormgeven door middel van het programmeren in REP fase 4 en door een programma op te starten voor de korte en middellange termijn (start met wonen en werken). Het streven is het regionaal programma voor de korte en middellange termijn tegelijkertijd met het IRP af te ronden dit jaarlijks te herijken. Door deze adaptieve werkwijze kan de programmering goed aan blijven sluiten op regionale trajecten en lokale ambities en mogelijkheden. De programmering is een groeimodel dat steeds verder wordt aangescherpt en aangevuld kan worden. Planning en besluitvorming IRP In de huidige derde fase van REP werken we toe naar een besluit van de 16 gemeenteraden over het IRP. De bestuurlijke opdrachtgevers van het REP stellen de gemeenteraden graag in de gelegenheid om de gehele besluitvorming over het IRP voor de gemeenteraadsverkiezingen in maart 2022 af te ronden. Dit is alleen mogelijk als het volgende tijdpad bij de gemeenten kan worden doorlopen. Het IRP wordt 15 februari verstuurd naar de colleges ter consultatie. Na verwerking van deze consultatieronde wordt op 1 april 2021 het IRP verstuurd aan de raden.
Graag willen we de raden voorafgaande aan de consultatieronde informeren tijdens een raadsinformatiebijeenkomst. Ook zullen we na het aanbieden van het IRP een (digitale) tour langs de gemeenteraden houden door in de 5 deelgebieden van de Contour gesprekken te organiseren met raadsleden ter voorbereiding op besluitvorming in de raad. De raden kunnen reacties en/of zienswijzen indienen voor juli 2021. De inbreng van de raden wordt in juli en augustus verwerkt in een definitief IRP, welke de laatste week van augustus wordt opgeleverd ter besluitvorming in de colleges en raden. Participatie regionale stakeholders en inwoners Er is ruimte nodig voor participatie op de regionale vraagstukken, zowel met regionale stakeholders als met inwoners. Het REP team organiseert de participatie met relevante regionale actoren. Een goed voorbeeld hiervan is een recentelijk gehouden sessie over het thema Werken naar aanleiding van de vraag van MKB Nederland om samen met relevante partijen in te gaan op het STEC rapport over werklocaties. De uitkomsten van deze regionale participatie worden meegenomen in de uitwerking van het Integraal Ruimtelijk Perspectief.
4
Voor participatie met inwoners zijn gemeenten primair aan zet. Wij zien mogelijk regionale verschillen ontstaan. Voor diverse gemeenten geldt dat de keuzes in het IRP parallel lopen met lokale participatie. Voor andere gemeenten geldt dat participatie nog moet plaatsvinden. Voor deze gemeenten nemen wij in het IRP ‘zachte’ keuzes op: ze staan nog niet vast, maar zijn afhankelijk van verdere lokale besluitvorming. Deze lokale besluitvorming krijgt vorm in de volgende fase van het REP, de programmeringsfase, na afronding van een lokaal participatietraject. In deze fase zullen de keuzes per deelgebied zodanig concreet zijn dat ze voor inwoners goed te relateren zijn aan hun woonomgeving. Door de participatie met inwoners te verbinden aan deze fase kunnen gemeenten hun eigen planning hiervoor bepalen.
Met vriendelijke groet, Klaas Verschuure en Sander Jansen, Bestuurlijke opdrachtgevers REP
5