9.2 Resultaten BO MIRT najaar 2020
Tekst van het document
Aan
de 16 colleges van de gemeenten die samen het REP maken
Betreft
resultaten BO MIRT najaar 2020
Datum
30 november 2020
Bijlagen
-Brief BO MIRT Tweede Kamer -Besluitenlijst BO MIRT -Rapport Utrecht Nabij -Samenvatting Utrecht Nabij -Flyer Groeifonds
Geachte dames en heren, Op woensdag 25 november 2020 vond het bestuurlijke overleg Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (BO MIRT) Noordwest plaats met de minister en staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat en de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. De uitkomsten van dit overleg zijn door het kabinet verwoord in de brief (bijlage) vanuit IenW aan de Tweede Kamer (d.d. 27 november 2020 ). In deze brief informeren wij u over de uitkomsten van dit overleg. Door middel van een brief (d.d. 17 november) hebben wij u onlangs geïnformeerd over de regionale inzet voor het BO MIRT. Daarnaast is de inzet toegelicht en besproken tijdens een informele staten en radenbijeenkomst op 4 november 2020. In het overleg is het rapport “Utrecht nabij, Ontwikkelperspectief verstedelijking en bereikbaarheid voor de Metropoolregio Utrecht 2040, met een doorkijk naar 2050”, het resultaat van het MIRT-onderzoek, vastgesteld (zie bijlage, rapport en samenvatting). Met dit ontwikkelingsperspectief zijn Rijk en regio het op hoofdlijnen eens over de urgentie van de verstedelijkings- en mobiliteitsopgave, en hoe de regio Utrecht zich de komende decennia moet gaan ontwikkelen. Kern van het ontwikkelperspectief is dat ingezet wordt op zo veel mogelijk verstedelijking in het bestaande stedelijk gebied en op knooppunten.
Hiermee blijven de landschappen rondom Utrecht zo veel mogelijk gespaard, wordt de bestaande infrastructuur zo veel mogelijk benut en wordt er ingezet op gezonde en duurzame mobiliteit. Het ontwikkelperspectief biedt nog veel ruimte voor nadere invulling. In het BO MIRT is daarom afgesproken om drie verdiepende gebiedsonderzoeken uit te voeren: USPLunetten/Koningsweg, A12-zone en Leidsche Rijn-Zuilen te starten. Ook zullen we het komend jaar in U Ned-verband de mobiliteitsvisie van het ontwikkelperspectief uitwerken tot een mobiliteitsstrategie voor de MRU. 1
Parallel met de uitwerking van U Ned loopt in de regio het traject REP. De uitdaging is om inhoud en besluitvorming voor deze trajecten goed op elkaar af te stemmen en lokale, regionale en Rijksbelangen met elkaar te verenigen. In het REP proces dienen we daarom rekening te houden met de mijlpalen van de rijkstrajecten en omgekeerd is REP input voor U Ned. De redeneerlijnen en ruimtelijke uitwerking van de Verstedelijkingsstrategie REP zijn goed herkenbaar in Utrecht Nabij. Er zijn ook discussiepunten, onder andere over het gewenste laadvermogen (wonen en werken) van locaties, de (financiering van) benodigde mobiliteitsmaatregelen en de prioritering en fasering van ontwikkelingen. Het vaststellen van Utrecht Nabij in het BO MIRT is met recht een mijlpaal te noemen. We kunnen nu een volgende stap zetten in de grote verstedelijkingsopgave van de stad en de regio. De afspraken bestrijken het hele beschikbare palet aan mogelijke inzet. Van het opstellen van een rijk-regio mobiliteitsstrategie, gebiedsuitwerkingen, knooppuntenaanpak en parkeerstrategie, tot en met de concrete aanpak 2030 t.a.v. duurzame mobiliteit en de realisatie van de “no regret” maatregelen.
Het Rijk onderschrijft hiermee de enorme omvang en urgentie van de opgave in onze regio en dat hiervoor grote investeringen nodig zijn om voldoende woningen beschikbaar te hebben in een leefbare, economische vitale en bereikbare omgeving. Bewindspersonen hebben aangegeven dat de huidige middelen op de rijksbegroting van IenW en BZK onvoldoende zijn om hier invulling aan te geven. Zij verwijzen naar het Nationaal Groeifonds, het EU fonds “Recovery en resilience”, en keuzes die het nieuwe kabinet zal gaan maken. De flyer met de Utrechtse propositie voor dit Groeifonds sturen wij ter informatie mee met deze brief. Naast de U Ned afspraken is er ook gesproken over het Nationaal Toekomstbeeld Fiets. Afgesproken is om als Rijk en regio invulling te geven aan de ambitie om de potentie van de fiets beter te benutten en deze als volwaardige modaliteit en effectieve oplossing meer structureel in te zetten om gezonde groei op een veilige wijze in onze Provincie mogelijk te maken. Naast het formuleren van een Nationaal toekomstbeeld fiets starten we ook met het opstellen van een gezamenlijk uitvoeringsprogramma. Op dit moment wordt er nog gewerkt aan de afronding van de studie naar het Toekomstbeeld ov. In het BO MIRT zijn de opgaven op de spoorcorridor Utrecht – Arnhem onder de aandacht gebracht.
Het Rijk heeft bevestigd dat we op deze corridor snel in beeld moeten hebben wat nodig is voor zowel (inter)nationaal treinverkeer als regionale ov ontsluiting. Afgesproken is om de ontbrekende beslisinformatie komend jaar op tafel te krijgen. Voor de overige gemaakte afspraken verwijzen wij naar de besluitenlijst-bijlage van de Tweede Kamer MIRT brief. Over de inhoudelijke keuzes en financiering blijven wij komend jaar met u in gesprek.
Parallel met de uitwerking van het REP lopen een aantal trajecten in de samenwerking met het Rijk (U Ned), met de regio inzake de Regionale Energie Strategie (RES) en provincie (POVI). De uitdaging is om inhoud en besluitvorming voor deze trajecten goed op elkaar af te stemmen en lokale, regionale en
2
Rijksbelangen met elkaar te verenigen. In het REP proces dienen we daarom rekening te houden met de mijlpalen van deze trajecten en zullen we omgekeerd zelf input of reacties moeten geven op de andere trajecten. Het REP is input voor U Ned, waarin Rijk en Regio samenwerken aan verstedelijking en bereikbaarheid. De redeneerlijnen en ruimtelijke uitwerking van de Verstedelijkingsstrategie REP zijn goed herkenbaar in het MIRT onderzoek Utrecht Nabij dat in het BO MIRT is vastgesteld.
Met vriendelijke groet,
Sander Jansen,
Klaas Verschuure,
Bestuurlijk opdrachtgever REP
Bestuurlijk opdrachtgever REP
en wethouder te Zeist
en wethouder te Utrecht
3