9.1 Provinciale Rapportage Voortgang Windenergie
Tekst van het document
PROVINCIALE RAPPORTAGE VOORTGANG WINDENERGIE
PROVINCIE-UTRECHT.NL
TITEL VAN PUBLICATIE HIER | 1
INHOUDSOPGAVE Inhoudsopgave
2
Inleiding
3
Leeswijzer Monitoring RES-regio’s Huidige stand van zaken
3 4 4
Uitkomst oproep aan gemeenten
7
Conclusie
9
INLEIDING Op 21 september jl. hebben Provinciale Staten een besluit genomen over het statenvoorstel Tussenbalans Regionale Energiestrategieën (RES) Provincie Utrecht. Hierin is afgesproken dat er een voortgangsrapportage opgesteld zou worden waarmee een update gegeven wordt van de Tussenbalans van medio 2022 met daarin nieuw inzicht in de stand van zaken van windenergie in de provincie Utrecht. De provincie Utrecht heeft medio 2022 een Tussenbalans opgesteld met daarin een analyse van de plannen van de Utrechtse RES regio’s. De Tussenbalans is aan de hand van de monitoringsrapportages van de drie RES-regio’s opgesteld. De Tussenbalans liet voor zon op dak een positieve groei zien. De ontwikkeling van zon op land en met name wind op land bleek echter achter te blijven. Hierdoor staat de haalbaarheid van de RES’en onder druk en is er een scheve verhouding zon/wind (90% - 10%). Dit was aanleiding voor de provincie om een oproep te doen aan gemeenten om voor 1 december 2022 bestaande windplannen te concretiseren en tot aanvullende windlocaties te komen. De provincie heeft hierbij aangegeven zelf ruimtelijke procedures in gang te zullen zetten indien uit deze oproep onvoldoende in beeld komt dat er in 2030 1 TWh aan windenergie in de provincie Utrecht opgewekt zal kunnen worden.
Deze provinciale rapportage voortgang windenergie is opgesteld om een beeld te krijgen in hoeverre 1 TWh aan windenergie in 2030 haalbaar is. Hiervoor zijn net zoals voor de Tussenbalans van medio 2022 de monitoringsgegevens van de 3 RES regio’s gebruikt. Daarnaast is een analyse gemaakt van de inbreng van gemeenten op de oproep van de provincie voor de concretisering van windlocaties. Voor deze rapportage is gebruik gemaakt van het vernieuwde begrippenkader van het Nationaal Programma Regionale Energie Strategieën (NPRES) dat vanaf 1 januari 2023 verplicht is voor RES regio’s. LEESWIJZER Zoals gevraagd door Provinciale Staten in het statenvoorstel Tussenbalans Regionale Energiestrategieën heeft de provincie Utrecht het initiatief genomen om deze rapportage op te stellen. In deze rapportage zijn de volgende onderdelen te lezen: • Stand van zaken van de 3 RES’en in de provincie Utrecht. Dit is gebaseerd op de monitoringsrapportages van de RES’en en wordt gedaan met toepassing van het vernieuwde begrippenkader van het NPRES. • Uitkomst oproep aan gemeenten waarin beschreven staat wat in de reacties van gemeenten te vinden is en wat dit betekent voor de ontwikkeling van windenergieprojecten.
• Conclusie: de uitkomst van de stand van zaken en de oproep aan gemeenten wordt samengebracht in een conclusie waarin duidelijk wordt of de opwek van in totaal 1 TWh aan windenergie in de provincie Utrecht in 2030 haalbaar is. Hiermee wordt ook duidelijk of het nodig is dat de provincie de ruimtelijke procedure voor windenergie in gang zet om dit doel van 1 TWh te behalen.
PROVINCIALE RAPPORTAGE VOORTGANG WINDENERGIE| 3
MONITORING RES-REGIO’S In de Tussenbalans van medio 2022 is voor alle drie de RES-regio’s, op basis van de monitoringsgegevens uit Q2 2022, zowel een kwantitatieve als kwalitatieve stand van zaken opgesteld. Hierin was gebruik gemaakt van de eerste versie van het Begrippenkader van NPRES. Eind 2022 heeft NPRES samen met partners gewerkt aan een vernieuwd Begrippenkader. Dit zorgt voor een uniforme wijze van monitoren en gebruikt daarbij zogenoemde realisatiegraden. Deze realisatiegraden verwijzen naar de mate waarin een project in een bepaalde fase van ‘de pijplijn’ mee mag tellen voor de realisatie van het RES-bod. Een windproject in een voortraject telt bijvoorbeeld 10% mee en eenzelfde windproject waar de vergunning verleend is voor 90%. Afgesproken is met alle RES-regio’s dat zij het Begrippenkader vanaf 1 januari 2023 toepassen en uiterlijk 1 juli 2023 een nieuwe monitoringsrapportage leveren. In deze rapportage zijn alle data volgens het vernieuwd Begrippenkader toegepast. Dit levert andere cijfers op dan in de Tussenbalans van medio 2022. Het verschil is bijna volledig te herleiden tot wijzigingen in de mate waarin bestaande projecten meegeteld worden en niet zozeer tot projecten die zijn afgevallen of toegevoegd. HUIDIGE STAND VAN ZAKEN Naast de veranderingen door toepassing van de nieuwe methodiek is er slechts beperkt sprake van nieuwe projecten.
De belangrijkste veranderingen worden in dit hoofdstuk toegelicht. Kanttekening daarbij is dat de inbreng van gemeenten naar aanleiding van de oproep nog niet verwerkt is in de monitoringsrapportages van de RES’en. De inbreng van gemeenten is toegelicht in het volgende hoofdstuk. Een andere kanttekening is dat regio Foodvalley op het moment van schrijven nog geen nieuwe data heeft ten opzichte van de Tussenbalans van medio 2022. Bij de drie Utrechtse gemeenten van Foodvalley (Veenendaal, Rhenen en Renswoude) zijn daarom de gegevens van medio 2022 gebruikt. De gegevens zijn wel geanalyseerd met het vernieuwd Begrippenkader van NPRES. Het totaal van projecten in de RES-regio U16 is toegenomen van 1,78 naar 1,88 TWh. Dit komt door een hogere bijdrage van de gemeente De Bilt voor zon op land en een nieuw zonne-energie project in de gemeente Nieuwegein. In de gemeenten Houten en Utrecht zijn respectievelijk de windprojecten Goyerbrug en Rijnenburg/Reijerscop van ambitie naar pijplijn verplaatst. In RES regio Amersfoort zijn de cijfers grotendeels gelijk gebleven. Langs de A28 worden bij de gemeenten Amersfoort, Leusden en Soest de mogelijkheden voor windenergie onderzocht, maar de plannen zijn nog niet concreter geworden na de uitkomsten van een belemmeringenstudie.
Dit vraagt om vervolgonderzoeken en dit wordt opgepakt in het kader van het programma Opwek Energie op Rijksvastgoed (OER). De RES regio Amersfoort heeft dit gebied door de ontwikkelingen verplaatst van pijplijn naar ambitie. Zonne-energie op land in de gemeente Leusden lijkt iets beperkter dan bij de vorige monitoring. Alles in TWh U16 Amersfoort Foodvalley (deel Totaal provincie provincie Utrecht) Utrecht Bod RES 1.0 1,8 0,5 0,127 2,427 Ambitie wind 0,150 0,082 0,014 0,246 Pijplijn wind 0,166 0,062 0 0,228 Huidig wind 0,076 0 0 0,076 Ambitie zon op veld 0,641 0,17 0,008 0,819 Pijplijn zon op veld 0,339 0,026 0,027 0,392 Huidig zon op veld 0,042 0,0067 0 0,049 Ambitie zon op gebouw 0,273 0,15 0,012 0,435 Pijplijn zon op gebouw 0 0,03 0,014 0,044 Huidig zon op gebouw 0,227 0,048 0,02 0,295 Totaal ambitie 1,064 0,402 0,034 1,500 Totaal pijplijn 0,505 0,118 0,041 0,664 Totaal huidig 0,345 0,0547 0,02 0,420 Totaal 1,914 0,5747 0,095 2,583 ambitie+pijplijn+huidig Totaal volgens 0,637 0,097 0,030 0,763 Begrippenkader (zonder ambitie)
4 | PROVINCIALE RAPPORTAGE VOORTGANG WINDENERGIE
Met toepassing van de nieuwe methodiek komt het totaal voor de provincie Utrecht daarmee momenteel op 0,763 TWh dat in 2030 gerealiseerd zou zijn. Dit is nog flink onder de 2,4 TWh die in 2030 behaald moet worden, omdat een groot gedeelte in de categorie ambitie staat. Onderstaande grafiek (rechts) geeft deze verwachting weer en zet dit tevens naast de huidige opwek en wat vervolgens nog resteert onder ambitie. Om duidelijk te maken wat de gevolgen zijn van het toepassen van de realisatiegraden uit het Begrippenkader is links dezelfde grafiek toegevoegd zonder toepassing hiervan. Alle data staat ook in de tabel hierboven.
Toegankelijke tabel Uitsplitsing huidig, pijplijn, ambitie Huidig Zonder toepassen realisatiegraden 0,420 Na toepassen realisatiegraden 0,420
Pijplijn 0,664 0,343
Ambitie 1,500 1,820
De 0,763 TWh is een stuk lager dan in de Tussenbalans van medio 2022 (1,38 TWh). Dit is te verklaren doordat de ambitie en pijplijn voor zonne-energie op gebouwen nu niet meer voor 100% wordt meegerekend, maar voor respectievelijk 0% en 50% - gelijk aan het vernieuwde Begrippenkader. Het gedachtengoed uit de Tussenbalans dat de ambitie zonne-energie op gebouwen grote kansen op realisatie heeft blijft bestaan aangezien de realisatie van zon op gebouw nog steeds op schema loopt. Indien dit net zoals bij de Tussenbalans van medio 2022 volledig meegeteld zou worden zou men uitkomen op 1,220 TWh. Dit laat zien dat er geen grote verschuivingen in de projecten zijn ten opzichte van medio 2022 en dat de hoofdconclusies van de Tussenbalans nog steeds gelden: • Positieve groei van zon op dak en realisatie hiervan loopt op schema. • Haalbaarheid van totale RES bod staat onder druk doordat bij zon op land en wind op land procedures vaak nog niet gestart zijn. • De verhouding zon/wind is uit balans (ca. 90%-10% toekomstig opgesteld vermogen). De scheve verhouding tussen zon en wind wordt ook duidelijk uit de grafiek hieronder (rechts). De grafiek kan worden gezien als een verdere detaillering van de eerste grafiek, die nu opnieuw links is
PROVINCIALE RAPPORTAGE VOORTGANG WINDENERGIE | 5
geplaatst. De categorieën Ambitie, Pijplijn en Huidig worden verder onderverdeeld in het aandeel van Wind, Zon op veld en Zon op gebouw. Duidelijk wordt dat zon de boventoon wordt in alle drie de categorieën: Huidig, Pijplijn en Ambitie. Voor windenergie is het aandeel Huidig 0,076 TWh, Pijplijn 0,228 TWh en Ambitie 0,246 TWh. Dit komt neer op 18% windenergie bij Huidig, 34% bij Pijplijn en 16% bij Ambitie. In totaal zou dit uitkomen op 21% aan opbrengst. Voor het opgesteld vermogen komt dit uit op minder dan 10% windenergie en meer dan 90% zonne-energie doordat windenergie ruim 3 keer meer produceert per opgesteld vermogen. Bij elkaar is dit goed voor 0,550 TWh aan windenergie in 2030 en bij toepassing van het Begrippenkader zou het uitkomen op 0,181 TWh.
Toegankelijke tabel Uitsplitsing huidig, pijplijn, ambitie Huidig Pijplijn Ambitie 0,420 0,664 1,500 Toegankelijke tabel Uitsplitsing per techniek Wind Zon op veld 0,076 0,049 0,228 0,392 0,246 0,819
6 | PROVINCIALE RAPPORTAGE VOORTGANG WINDENERGIE
Zon op gebouw 0,295 0,044 0,435
UITKOMST OPROEP AAN GEMEENTEN Naar aanleiding van de Tussenbalans heeft de provincie Utrecht de Utrechtse gemeenten verzocht om met (nieuwe) uitgewerkte windplannen te komen. De provincie Utrecht heeft in het tweede deel van 2022 alle 26 gemeenten gesproken, zowel ambtelijk als bestuurlijk (in sommige gevallen samen met buurgemeenten). Alle gemeenten hebben daarna, meestal per brief, een reactie gestuurd op de oproep. De uitkomsten zijn hieronder beschreven. Opgemerkt moet worden dat eventuele nieuwe locaties nog niet zijn meegenomen in de stand van zaken van de monitoringsrapportage van de RES’en zoals gepresenteerd in het vorige hoofdstuk. De reacties van gemeenten zijn in de bijlage toegevoegd en samengevat in de tabel hieronder. Uit de reacties van gemeenten komt naar voren dat een meerderheid (16) op enige manier positief staat tegenover (onderzoeken naar) windenergie. De overige 10 gemeenten geven aan geen windenergie op hun gemeentegrond te willen. Bij de 16 gemeenten die wel positief staan tegenover windenergie varieert de mate van concreetheid. Waar sommige gemeenten al concrete plannen hebben, geven andere gemeenten aan nog eerst een tussenstap te willen zetten. 5 gemeenten hebben concrete plannen genoemd voor windenergie.
Dit zijn 3 gemeenten die al bezig waren met concrete windenergieplannen waarvoor de ruimtelijke procedure is opgestart, namelijk de gemeenten Utrecht, Amersfoort en Houten. Daarbij zijn 2 nieuwe gemeenten gekomen met concrete windplannen waar de ruimtelijke procedure voor opgestart gaat worden, namelijk Woerden en Vijfheerenlanden. De gemeente Woerden heeft aangegeven de procedure voor windenergie in de polder Reijerscop te willen opstarten. De gemeente Vijfheerenlanden heeft een planMER doorlopen en hieruit zijn twee gebieden gekomen waar een raadsvoorstel ligt voor een procedure. De overige 11 gemeenten die (in verschillende mate) positief staan tegenover windenergie hebben de plannen nog niet concreet gemaakt middels het opstarten van een (ruimtelijke) procedure met een duidelijke planning voor een specifieke locatie. Deze gemeenten geven aan de milieu-informatie uit een provinciale planMER te willen benutten voor een mogelijke toekomstige ruimtelijke procedure. Hiervoor vragen 5 gemeenten om specifieke gebieden juist toe te voegen aan de onderzoeksgebieden die meegenomen worden in het planMER zodat ze de milieu-informatie ook voor deze gebieden hebben. Deze 11 gemeenten geven meestal niet aan of ze wel of niet zelf de procedure verder willen trekken.
Dit moet in de loop van het proces verduidelijkt worden en zal met gemeenten besproken worden als de resultaten van het planMER inzichtelijk zijn. De concretisering van de windplannen van de gemeente Vijfheerenlanden kan leiden tot 0,068 TWh die op dit moment nog niet is opgenomen in de monitoringsrapportages van de RES. Bij de gemeente Woerden heeft de concretisering niet geleid tot een hoger aandeel windenergie in de optelsom van ambitie, pijplijn en huidig uit de monitoring van de RES regio’s. De windplannen zijn door de besluiten een stap verder in de pijplijn gekomen, maar stonden eerder ook al in de getallen voor ambitie of pijplijn van de monitoringsrapportages. Daarmee blijft de optelsom van ambitie, pijplijn en huidig voor wind in de provincie Utrecht op 0,618 TWh steken en volgens het Begrippenkader 0,188 TWh. Hiermee is het doel van 1 TWh voor wind in 2030 nog ver weg. Naam gemeente
Korte samenvatting inhoud reactie
Amersfoort
Inzet op windenergie op de locaties: Isselt, Poort van Amersfoort, A28 en Vlasakkers Ziet geen ruimte voor windenergie in de gemeente
Baarn Bunnik
Bunschoten De Bilt
Coalitieakkoord geeft aanleiding voor verder onderzoeken van windenergie, gaat in 2023 met raad in gesprek Gemeente draagt geen onderzoeksgebieden aan voor windenergie Wil 20GWh windenergie opwekken langs A27/28
In enige vorm verder met grootschalig wind Ja
Duidelijke planning en locatie
Nee
Nee
Ja
Nee
Nee
Nee
Ja
Nee
Ja
PROVINCIALE RAPPORTAGE VOORTGANG WINDENERGIE | 7
De Ronde Venen
Staat negatief tegenover windenergie in de eigen gemeente en in buurgemeenten
Nee
Nee
Eemnes
Raad wil regie en geen windenergie
Nee
Nee
Houten
Houten doet al veel met 2 windparken (Houten en Ja Goyerbrug) Gaat in 2023 met raad in gesprek over de balans Nee tussen zon- en windenergie Staat negatief tegenover extra locaties bovenop A28 Nee en is twijfelachtig over de A28, afhankelijk van vervolgonderzoeken. Wil kijken naar repowering de Copen, PlanMER Ja provincie is daarvoor nuttige input PlanMER provincie en lokale financiële participatie Ja kunnen mogelijk leiden tot positief besluit gemeenteraad Nieuwegein onderzoekt of meer wind mogelijk is, Ja met name aan de oostzijde van de stad Open voor onderzoek gebied bij gemeentegrens Ja Lopik, overige andere gebieden niet.
Staat negatief tegenover windenergie in de eigen Nee gemeente Gaat verder met gebied uit RES 1.0 (Nude) samen Ja met gemeente Wageningen Gaat aan de slag met verschillende gebieden: Ja Vlasakkers, A28 en Issselt Staat negatief tegenover windenergie in de eigen Nee gemeente Gaat met alle gebieden waar mogelijk aan de slag, Ja vraagt provincie om hulp en duidelijkheid omtrent cultuurhistorie en natuur Er zijn op dit moment geen plannen voor Nee windturbines en deze zijn ook niet voorzien voor deze raadsperiode Ziet geen ruimte voor windturbines in de eigen Nee gemeente en wil ruime afstand tussen windturbines en dichtbebouwde gebieden Stelt voor om twee zoekgebieden verder op te Ja pakken (Autena en Zijderveld) Start participatietraject energiemix van duurzame Afhankelijk van opwek in 2023 uitkomst participatie Voorstel om Reijerscop aan te wijzen, zo niet wordt Ja in 2023 ander gebied aangewezen Wil verantwoordelijkheid nemen, maar is daarvoor Ja mede afhankelijk van buurgemeenten Onderzoek gedaan voor A12: nu geen kansen, maar Ja in de toekomst mogelijk wel Vraagt provincie om locaties RWZI Houten en Ja IJsselstein mee te nemen in planMER
IJsselstein Leusden
Lopik Montfoort
Nieuwegein Oudewater Renswoude Rhenen Soest Stichtse Vecht Utrecht
Utrechtse Heuvelrug Veenendaal
Vijfheerenlanden Wijk bij Duurstede
Woerden Woudenberg Zeist Waterschap HDSR
8 | PROVINCIALE RAPPORTAGE VOORTGANG WINDENERGIE
Ja Nee Nee
Nee Nee
Nee Nee Nee Nee Nee Nee Ja
Nee
Nee
Ja Nee
Ja Nee Nee Nee
CONCLUSIE De oproep aan gemeenten heeft ervoor gezorgd dat het gesprek over windenergie gevoerd is en heeft duidelijk gemaakt dat veel gemeenten positief staan om in enige vorm verder te gaan met windenergie. Een paar gemeenten hebben dit voornemen concreet gemaakt middels een (ruimtelijke) procedure. Voor andere gemeenten is het proces gestart om (mogelijk) met concrete locaties te komen. De uitkomst van de monitoringsgegevens van de 3 RES’en laten een vergelijkbaar beeld als de Tussenbalans zien: • Er is een positieve groei van zon op dak en de realisatie hiervan loopt op schema. • De haalbaarheid van het totale RES bod staat onder druk doordat bij zon op land en met name wind op land de ruimtelijke procedures vaak nog niet gestart zijn. • De verhouding zon/wind is uit balans (ca. 90%-10% toekomstig opgesteld vermogen). De uitkomst van de oproep aan gemeenten laat zien dat een meerderheid van gemeenten (16) positief staat tegenover windenergie, maar dat hiervan slechts een klein deel (5) concrete plannen heeft gemaakt. De oproep heeft ervoor gezorgd dat de discussie over windenergie opnieuw is opgestart en heeft bij een aantal gemeenten tot concretere plannen geleid. Het totaal van windplannen (huidig, pijplijn en ambitie) blijft echter steken op 0,618 TWh. Met toepassing van het Begrippenkader daalt dit zelfs tot 0,188 TWh.
Dit is dus ruim onvoldoende om zicht te houden op realisatie van 1 TWh aan windenergie in 2030. Dit betekent dat om tot de 1 TWh aan windenergie te komen het nodig is dat de provincie Utrecht de ruimtelijke procedure voor windenergie in gang zet. Het exacte aandeel waarvoor de provincie de projectbesluitprocedure zal moeten opstarten is niet bekend aangezien gemeenten in de loop van de procedure nog zouden kunnen instappen door locaties te concretiseren met informatie uit de provinciale planMER. Als er op dit moment een eerste globale inschatting gemaakt moet worden zou het gaan om ongeveer de helft van de opgave.
PROVINCIALE RAPPORTAGE VOORTGANG WINDENERGIE | 9
Provincie Utrecht Postbus 80300, 3508 TH Utrecht T 030 25 89 111
10 | PROVINCIALE RAPPORTAGE VOORTGANG WINDENERGIE