7.1 Bijlage Reactie WIL op zienswijzen 1ste BW 2024
Tekst van het document
Reactie van Werk en Inkomen Lekstroom op de zienswijzen van de Lekstroomgemeenten op de 1ste Begrotingswijziging 2024 Alle deelnemende raden hebben een zienswijze op de 1ste Begrotingswijziging 2024 ingediend, waarmee de betrokkenheid bij WIL bevestigd wordt. Deze zienswijzen zijn door het bestuur meegenomen bij de besluitvorming over de 1ste Begrotingswijziging 2024. De zienswijzen hebben als gemene deler dat de noodzaak herkend en erkend wordt dat de balans tussen de opdracht van WIL en beschikbare middelen en gevraagde dienstverlening niet meer in balans is en een herijking wenselijk is, met 2024 als tussenjaar (en daarmee eenmalig extra middelen hiervoor) om de noodzakelijke ‘balansoperatie’ vorm en inhoud te kunnen geven. Een tweede gemene deler licht in het verlengde hiervan: de waardering voor de voorgestelde herijkingsoperatie om met elkaar in 2024 te kijken naar de inhoudelijke bijstellingen die nodig zijn. Een derde gemene deler tot slot is een licht tot groot onbegrip voor de timing van deze 1ste begrotingswijziging en de omvang ervan; had er niet eerder hierover gecommuniceerd en ingegrepen kunnen worden? De zienswijzen van IJsselstein, Lopik en Nieuwegein zijn verder mild te noemen in vergelijking met de zienswijze van Houten. De raad van Houten lijkt/is ontevreden; een (bestuurlijk) gesprek wordt daarom ingepland als onderdeel van een lokale raadsinfomatieavond.
In het voorliggende integrale overzicht geven wij aan hoe wij met de ingebrachte zienswijzen omgaan en hoe zij in de begroting 2025 worden verwerkt of op andere wijze worden opgepakt. Dat doen wij –gelet op de aard van de ingebrachte zienswijzen - op een iets meer 'hoog over’ wijze dan gebruikelijk. Als afsluiting geven we een reactie op de punten die de Cliëntenraad in haar zienswijze heeft opgenomen. Zienswijzecluster 1 Instemming met 2024 als tussenjaar en tijdelijk extra middelen Vanuit iedere zienswijze spreekt herkenning op en erkenning voor de forse inhoudelijk uitdaging die voorligt en de disbalans die hierdoor ontstaan is. Een eerder gesprek hierover was wenselijk geweest (zie hierna), maar voor 2024 wordt ingestemd met een tijdelijke ophoging van het budget om de balans te kunnen herstellen. Er is ook waardering voor de oplossing en bijdrage die WIL in deze zelf levert. De voorwaarde die aan de instemming verbonden wordt is dat WIL samen met de Lekstroom gemeenten in 2024 middels een herstel- en herijkingsoperatie gaat werken aan de gewenste en noodzakelijke structurele balans vanaf 2025. Reactie WIL Wij zijn blij met de positieve zienswijze op zowel de tijdelijk budgetophoging als de keuze voor 2024 als tussenjaar. De voorwaarde die meegegeven wordt is gelijk aan het voorstel dat we zelf op dit punt gedaan hebben en omarmen we dus.
Samenvattend: wij stellen de 1ste begrotingswijziging ongewijzigd vast, met een ophoging van de begroting als gevolg. Het herijkingsproces is ondertussen al gestart, met een eerste terugkoppeling gepland voor de komende raadsinformatieavond.
1
Zienswijzecluster 2 De P&C cyclus: de 1ste BW is te laat In de kern wordt gesteld dat de raden verrast zijn door de omvang van de problematiek cq. disbalans die ‘opeens’ op tafel wordt gelegd. Het kan toch niet zo zijn dat de disbalans tussen opdracht, dienstverlening en middelen ‘uit de lucht komt vallen?’. Reactie WIL Wij betreuren het dat we u hebben overvallen met deze forse begrotingswijziging en begrijpen dat de omvang gemeenten voor keuzes stelt. Helaas moeten we constateren dat de dienstverlening van WIL de afgelopen jaren steeds meer onder druk is komen te staan. Een gewijzigde blik op dienstverlening, een veranderend klantenbestand, nieuwe dan wel andere Rijks en lokale wensen en opgaven zijn hier in de kern debet aan. Dit speelt uiteraard al langere tijd. We hebben u hierover weliswaar vaker kort geinformeerd, maar de consequentie hiervan nooit gekapitaliseerd dan wel er voor gekozen de pijn zelf te nemen. In de praktijk is ook niet ineens sprake van een forse disbalans. Deze disbalans bouwt zich gaandeweg op. Ter illustratie het volgende voorbeeld.
De afgelopen 3-4 jaren zijn voor ons tropenjaren geweest waarin we door achtereenvolgens Corona, de oorlog in de Oekraïne/energiecrisis en daar op volgend een jaar met als thema bestaansonzekerheid, vooral aandacht hebben gehad voor de operatie; minder voor de middellange en langere termijn. Ondertussen is de balans tussen de korte en langere termijn weer hersteld en hebben we interne afspraken gemaakt (zowel ambtelijk als bestuurlijk) om te voorkomen dat u weer verrast wordt. U heeft dus gelijk; de geschetste disbalans heeft zich niet ‘opeens’ aangediend; zij is ons wel ‘opeens’ (en pas laat) zo scherp geworden als in de begrotingswijziging is gepresenteerd. De P&C cyclus: een 1ste BW is en eigenlijk ongewenst (geldt alleen voor Houten) In het bijzonder door Houten wordt gesteld dat het wenselijk en noodzakelijk zou zijn dat een eventuele 1ste begrotingswijziging T veel eerder binnen moet zijn wil deze meegenomen kunnen in de lokale raadsgesprekken over de eigen begroting T. Houten spreekt in deze de wens uit eigenlijk niet eens een begrotingswijziging te willen hebben, aangezien vrijwel alles vooraf bekend is dan wel ingeschat moet kunnen worden.
2
Reactie WIL Wij snappen uw reactie m.b.t. de timing. Vanuit de GR zien we evenwel niet veel mogelijkheden voor een aanpassing gelet op de p&c cyclus van WIL, zoals deze ook de in de GR is vastgesteld.
Het eerder opleveren van de 1ste Begrotingswijziging T betekent de facto dat deze tegelijk met de vaststelling van de definitieve Begroting T moet worden vastgesteld; iets wat ons onwenselijk lijkt. Inhoudelijk betekent e.e.a. ook dat in de kaderbrief T-2 een realistische inschatting gemaakt moet worden van onze inzet en kosten in het jaar T, hetgeen in deze dynamische werkelijkheid niet haalbaar is. Afgesproken is namelijk dat de begroting slechts minimaal mag afwijken van de concept-begroting in de kaderbrief. Als u zou instemmen met een eerste, ruwe niet gedetailleerde raming van dit soort kosten in de kaderbrief en begroting (en dus geen PM posten meer) in combinatie met een mogelijke bijstelling in de Turap (om begroting en werkelijkheid weer in evenwicht te brengen), is hier misschien nog een mouw aan te passen. Evenzo zou gedacht kunnen worden aan het creëren en opbouwen van een weerstandsvermogen. Voor nu schatten wij in dat er geen Lekstroom breed draagvlak is een van beide opties; in de Kaderbrief 2026 mag u van ons evenwel een voorstel in deze verwachten. In de BG 2025 zult u daarom nog steeds de in de Kaderbrief geschetste PM posten niet in de begroting opgenomen zien staan. In de risico-paragraaf hebben we wel een raming opgenomen om u toch een eerste idee te geven van de mogelijke omvang van deze kosten.
Hierdoor wordt het voor de raden mogelijk bij het behandelen van de perspectiefnota eventuele meerkosten al eerder in beeld te hebben en hier rekening mee te kunnen houden. De enige uitzondering hierop is dat we de cao-stijging in jaar T wel al gaan ramen o.b.v. de septembercirculaire in jaar T-2. Concreet: in de Begroting 2025 nemen we voor de cao-stijging 2025 wel een bedrag op (en zetten we de stijging niet cf. andere jaren op 0%). Samenvattend: wij willen daarom vasthouden aan de huidige werkelijkheid, met de toevoeging van een raming van de PM posten in de risicoparagraaf van de kaderbrief begroting voor nog voorziene en onvoorziene ontwikkelingen die nog lastig te kapitaliseren zijn een zo realistisch mogelijke raming van de cao-stijging in de begroting zelf. Notabene. In onderstaande overzicht hebben wij kort weergegeven welke inzet en kostenposten wij in onze 1ste begrotingswijzigingen tot nog toe hebben opgevoerd.
3
Jaar
Wat opgevoerd in 1ste BW?
2024
Extra formatieve inzet om disbalans tijdelijk op te lossen (5,6 fte aan uitvoeringskosten en 275k aan regelingskosten)
2023
Uitkeringen 10% erbij: 'moetje’, wetgeving vastgesteld na T-2 Businesscase Bewindvoering: op eigen verzoek uitgewerkt en op KRD T-1 ingebracht; was voorstel, geen ‘moetje’ HR-meerkosten: gevolg van pittige arbeidsmarktsituatie en impact Corona-jaren op organisatie ICT-ontwikkeling: gevolg van keuze Houten waarover pas in T-1 gecommuniceerd is
2022
Handhaving op niveau terug: correctie i.v.v. post-Corona aanpak; was voorstel'!, geen 'moetje’ Voortzetting Matchingsteam: verlengingsvoorstel i.v.v. post-Corona aanpak; was voorstel'!, geen 'moetje’ Implementatie Innovatieagenda: gevolg van besluit Lekstroom gemeenten ter zake; in T-2 niet bekend!
2021
Matchingsteam: interventie i.k.v. Corona Jolo continueren: correctie n.a.v. besluit BPSDL in T-1 Meerkosten implementatie Wet IB, SUWI en BVV: wetgeving pas in T-1 vastgesteld DIV-meerkosten: gevolg van Corona crisisaanpak WIL
2020
Daarvoor nooit 1ste BW geweest
Zienswijzecluster 3 (vooral Houten) WIL is nalatig geweest en het moet op veel punten nu echt anders/beter In de kern wordt gesteld dat WIL had moeten voorsorteren op de Nullijn en overschrijdingen had moeten voorkomen door tijdige procesverbeteringen. WIL heeft dit niet gedaan stelt Houten. WIL had en heeft ook pro-actiever te handelen, en er wordt verwacht dat WIL in 2024 veranderingen cq. verbeteringen door gaat voeren. Er worden suggesties meegegeven voor aanpassingen die mogelijk tot verbetering zouden kunnen leiden. Reactie WIL Uw boodschap komt helder over en is op onderdelen ook niet verrassend. Tegelijk is dit in onze ogen ook een punt van zorg dat we zeer serieus nemen. Het lijkt ons daarom goed met elkaar in gesprek te gaan hierover. Op een aantal punten willen we u wel al graag een eerste reactie op voorhand meegeven. 1. Uw pittige reactie is een stevig signaal richting het bestuur van WIL als eindverantwoordelijke. Zowel in het AB als in het DB WIL heeft u een eigen bestuurlijke vertegenwoordiger zitten. WIL hoopt en verwacht dat u, naast het gesprek met WIL, ook de dialoog met deze vertegenwoordigers op zult zoeken. 2. U suggereert een heldere opdracht aan WIL, overall, maar ook vanuit Houten. De Nullijn in een notendop. We herkennen deze gesuggereerde helderheid niet.
We zien onze opdracht als hybride, met een primair oog voor de dienstverlening van klanten en inwoners. We zijn ons dan ook niet 4
bewust nalatig te zijn geweest, maar wel dat we bewuste keuzes gemaakt hebben ten faveure van onze dienstverlening en inhoud en daarmee ten faveure van uw inwoners. Ook uit de zienswijze van Houten blijkt deze dubbele boodschap: we krijgen een compliment voor onze aanpak statushouders (die 2 fte meer kost!) en tegelijk moeten we uitgaan van de Nullijn. 3. U heeft de verwachting dat WIL voor tal van zaken aan de lat staat en hieraan (soms) onvoldoende invulling geeft. In uw zienswijze geeft u hiervan expliciet en impliciet een aantal voorbeelden. We hebben hier op meerdere onderdelen een ander beeld van en soms ook geen beeld. We gaan hierover daarom met u graag het gesprek aan. 4. Tot slot. In onze ogen gaan er heel veel zaken goed en is de dienstverlening aan uw inwoners en de Houtense WIL klanten goed. Dat was vroeger niet altijd en op alle onderdelen het geval, met veel reuring soms, maar dat is nu (allang) niet meer zo. De CR WIL zit hier ook bovenop. Vanuit het perspectief van de inwoners is er dus geen groot issue denken wij. En doet -op hoofdlijnen- uw WIL wat u van haar vraagt. Vanuit dit uitgangspunt gaat WIL graag de komende tijd in gesprek over het meerjarenbeleidskader.
Samenvattend: wij gaan graag –tijdens een komende informatieavond– met u als Houtense raad het gesprek aan over onze rol, de wederzijdse verwachting en afspraken en de wijze waarop we meer in verbinding kunnen komen. Zienswijzecluster 4 Diversen Gemeente
Zienswijze/wens gemeenten
Hoe wordt deze zienswijze verwerkt?
1.
Houten/ Nieuwegein
De samen ontwikkelde oplossing voor het goed ontzorgen van statushouders maakt ons blij en is een goed voorbeeld van hoe het moet.
Het compliment wordt gewaardeerd, met de nuancering dat e.e.a. niet mogelijk was geweest als niet alle partners en u ook als gemeente zelf flink bewogen had cq. op eigenstandig gemaakte afspraken terug gekomen bent. Het voorbeeld laat zien hoe complex en los van elkaar we e.e.a. soms organiseren. Gelet op deze zienswijze nemen we deze extra opdracht vanaf de BG 2025 structureel op in ons takenpakket, incl. bijbehorende financiering. U krijgt hiervoor van het Rijk extra middelen, dus netto kost u dit niets extra's.
2
Houten
Voeg 2 nieuwe KPI’s bij schuldhulpverlening toe: 1. Hoeveel inwoners zich melden voor schulddienstverlening en welke opvolging hieraan wordt gegeven 2. Hoeveel succesvol afgeronde schuldhulptrajecten er zijn
Wij zullen deze KPI’s toevoegen; ons streven is i.i.g. vanaf de Q3 rapportage. Let wel. Bij de Begroting 2024 hebben we expliciet gevraagd om een zienswijze op de KPI’s. Uw verzoek komt na vaststelling van hetgeen afgesproken is; via deze reactie laten wij weten dat de andere gemeenten zich kunnen vinden in de gevraagde aanpassing. Zij waren hierover wel graag vooraf betrokken geweest.
3
Houten
Organiseer uw inkomensdienstverlening ook op postcode, zoals is opgenomen in de uitvoeringsagenda Innovatieagenda.
Zoals in een nadere duiding vanuit de gemeente Houten is opgemaakt is het zeker niet de bedoeling dat bevoegdheden vanuit inkomen of schuldhulpverlening meer bij de gemeenten worden gelegd. Dat is goed om te horen en haalt de ‘angel’ uit een mogelijke discussie hierover met de andere Lekstroom-gemeenten. Een van de kansrijke opties die we willen aan verkennen in het kader van de komende herijkingsoperatie sluit wel op uw zienswijze aan. Het gaat hier om het lokaler werken. Zoals
5
gezegd, we gaan e.e.a. verkennen en pas daarna besluiten. Het is nu nog te vroeg voor een 'ja’ of 'nee’. 4
IJsselstein
We stemmen in onder de voorwaarde van een tijdelijke vacaturestop
Het spreekt voor zich dat we niet gaan investeren in nieuwe taken en personeel buiten onze bestaande opdracht en uitvoeringspraktijk om. In deze arbeidsmarkt is een vacaturestop in de breedte evenwel niet haalbaar (i.v.m. ziekte, zwangerschap, mobiliteit, e.d.); dat vraagt u gelukkig ook niet. We interpreteren uw zienswijze op dit punt dan ook zo dat daar waar de organisatie om uitbreiding van personeel vraagt (niet vervanging), het DB ter zake een besluit dient te nemen (met als uitgangspunt 'nee, tenzij ..).
5
Nieuwegein
Realiseer de omzetting inhuur-vast met voorrang op het domein Inkomen
Gaan we doen.
6
Nieuwegein
De extra middelen binnen het programma Inkomensondersteuning die u krijgt zijn ook bedoeld voor de procesverbeteringen die daar nodig zijn; u mag in 2024 hiervoor niet nog eens extra middelen aanvragen
We zijn waarschijnlijk niet goed begrepen. De extra middelen die we vragen zijn bedoeld om extra personeel te kunnen inzetten om onze dienstverlening op peil te kunnen houden en de werkdruk terug te kunnen brengen. In 2024 gaan we kijken wat we anders kunnen doen vanaf 2025; we gaan m.a.w. een aantal 'kansrijke opties’ verkennen. Dit doen we binnen de begroting (op de procesbegeleidingskosten na). Eventuele nieuwe werkwijzen e.d. gaan vanaf 2025 in (na besluitvorming op de kansrijke opties). Sommige opties vergen mogelijk een lange termijnagenda met extra middelen; maar dat is pas vanaf de begroting 2025/2026.
7
Nieuwegein
De proceskosten voor de herstel- en herijkingsoperatie om de gewenste en noodzakelijke structurele balans vanaf 2025 te realiseren, moeten binnen de begroting worden opgelost.
Wat wij in de kern vragen aan extra middelen in de 1ste begrotingswijziging zijn middelen om onze uitvoeringscapaciteit op niveau te kunnen brengen. Als wij deze middelen moeten aanwenden om de noodzakelijke proceskosten te betalen, betekent dit minder uitvoeringscapaciteit. We houden daarom vast aan ons voorstel.
8
Lopik
Wij hechten er aan een proces met elkaar te doorlopen dat in de kern op 4 punten stoelt: Een intensieve en snelle verkenning van opties; in co-creatie Een eerste weergave op inhoud en proces hiervan in de Begroting 2025 Een eerste gesprek met da raad hierover voor de zomer Een bespreking van het eindresultaat van de verkenning in het gesprek met de Raad na de zomer; incl. Contouren Kaderbrief 2026 en Meerjarenbeleidsplan
Wij zitten hetzelfde in de wedstrijd als u. Uw procesvoorstel omarmen we.
6
Reactie op de zienswijze van de cliëntenraad op de 1ste Begrotingswijziging 2024 De Cliëntenraad heeft gebruik gemaakt van de mogelijkheid om een zienswijze in te dienen op de 1ste BW2024. Tijdens het reguliere overleg tussen WIL en de Cliëntenraad is het advies van de Cliëntenraad reeds besproken. Dit wordt gewaardeerd en past bij de wijze en traditie waarop de Cliëntenraad gebruik maakt van de haar ter beschikking staande mogelijkheden om te adviseren aan WIL. Hieronder wordt samengevat de zienswijze van de Cliëntenraad weergegeven en voorzien van een reactie.
Zienswijze/wens Cliëntenraad
Reactie Bestuur
A
De CR WIL is verheugd te constateren dat WIL al een stevig voorschot heeft genomen op ontwikkelingen als: werken vanuit vertrouwen, aansluiten op de leefwereld, bieden van maatwerk, oog voor preventie en bieden van perspectief.
We zijn blij met uw herkenning en erkenning. Dit spreekt voor zich.
B
De CR WIL adviseert gemeenten structureel te investeren in armoede en schulden en niet tijdelijk. In de gedachtelijn te investeren in meer eenvoud, minder bureaucratie en betere werkprocessen e.d. kan de CR WIL zich helemaal vinden.
Wij delen uw opvatting dat een duurzame oplossing en inzet te prefereren is boven een tijdelijke. Maar financieel zijn de gemeenten kaderstellend; we leggen uw wens dan ook daar neer. We zullen u betrekken bij de verkenning van 'kansrijke opties’
C
De CR WIL maakt zich zorgen over de samenwerking tussen de lokale werkteams en WIL; deze is essentieel om inwoners goed van dienst te kunnen zijn.
Het samenspel tussen WIL en de lokale werkteams is goed. We delen met u dat er op een aantal punten zaken beter kunnen, zoals een meer vroegtijdige uitwisseling van werkplannen e.d.. Hieraan werken we gestaag door.
D
De CR WIL onderschrijft de noodzaak voor het neerzetten van een sociale infrastructuur Lekstroom Werkt.
We delen uw opvatting; we zullen u in deze cf. afspraak op de hoogte houden.
E
De CR WIL herkent dat het klantenbestand en de problematiek daarbinnen zich dusdanig ontwikkelt dat i.c.m. met tal van andere ontwikkelingen (Rijksbeleid e.d.) de huidige formatie niet meer toereikend is voor het werk dat gedaan moet worden; laat staan dat wat nog meer gevraagd wordt.
We zijn blij met uw herkenning en erkenning.
F
De CR WIL vraagt om een goede bedrijfsvoering qua ICT e.d. om de dienstverlening aan de klant niet in de weg te laten staan.
Wij delen het belang van uw punt en werken hier hard aan.
G
De CR WIL ondersteunt de voorliggende begrotingswijziging van harte en hoopt op een volledige (meerjarige) toekenning.
Wij snappen uw standpunt.
7