CConstaterende datIJsselstein
Koppel je AI →
Document · PDF

5. Reactie MRU West gemeenten op Vervoerplan Utrecht Binnen 2027

Commissie Ruimte 16 juni 2026, gemeente IJsselsteinBij agendapunt: Overige ingekomen stukken2.096 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum Onderwerp Behandeld door Aan

22 mei 2026 Reactie MRU West gemeenten op Vervoerplan Utrecht Binnen 2027 Bastian Jansen

Transdev tav Jesse Bekedam

Geachte heer Bekedam, Met deze brief reageren de MRU West-gemeenten gezamenlijk op de consultatieversie van het vervoerplan Utrecht Binnen 2026 van Transdev. Wij beginnen met enkele algemene reactiepunten. Als bijlage sturen wij u een tabel toe met gedetailleerde reactiepunten van gemeenten.

Hoofdlijn reactie Wij roepen onze reactie op het concept vervoerplan 2026 van de (toen nog) U10 gemeenten in herinnering waarin wij u waarschuwden voor de uitvoerbaarheid van uw ambitieuze vervoerplan. Helaas moeten we constateren dat deze waarschuwingen in de wind geslagen zijn. De zeer hoge ambities die u als vervoerder had neergelegd voor de nieuwe concessie en het vervoerplan 2026 zijn totaal niet gerealiseerd. We kunnen onze ogen niet sluiten voor het feit dat het openbaar vervoer vanaf de start van de concessie niet op orde is. Er was sprake van een onacceptabele hoog percentage uitval van ritten en daarmee grote onduidelijkheid onder reizigers over het daadwerkelijk rijden van bussen en trams. Per 3 mei zijn de dienstregelingen zelfs verder afgeschaald met nog eens ruim 10% van het aanbod. Ondanks het feit dat we het liever anders hadden willen zien, ondersteunen we deze keuze voor duidelijkheid en zekerheid voor de reiziger wel. Het zoveel als mogelijk terugwinnen van het vertrouwen van de reizigers heeft prioriteit. We begrijpen dat de focus van het Vervoerplan 2027 ligt op het realiseren van het volledige niveau van het Vervoerplan 2026. Afgelopen maanden leren ons dat het vertrouwen van reizigers ver beneden pijl is geraakt, en dat vertrouwen moeten we proberen te herstellen.

We worden benaderd door inwoners die afhankelijk zijn van het openbaar vervoer en zwaar teleurgesteld zijn in het door u geleverde aanbod en met hun handen in het haar zitten. Reizigers die wel kunnen kiezen voor andere modaliteiten hebben dat inmiddels op grote schaal gedaan en helaas is dat vaak een keuze voor de auto. Dit zijn ontwikkelingen die contraproductief zijn in het licht van de in deze regio noodzakelijke mobiliteitstransitie om de (binnenstedelijke) groei van de regio mogelijk te maken. We blijven dan ook oproepen om alles op alles te zetten om zo snel mogelijk een betrouwbare dienstregeling te rijden.

Het achterblijven van het openbaar vervoer heeft tot gevolg dat er op bestuurlijk niveau discussie is ontstaan over de wijze van de concessieverlening en de rol en invloed van gemeenteraden rond aanbestedingen van deze maatschappelijk zeer belangrijke voorziening. In de gemeente Utrecht heeft de gemeenteraad inmiddels een opdracht aan het college gegeven om de mogelijkheden van een eigen vervoerbedrijf te onderzoeken. Ook lezen we dat pas in december 2026 de huidige afschaling van 3 mei kan worden teruggedraaid. U vermeldt dat het basispakket voor 2027 uitgaat van het “voorgaande” vervoerplan 2026. Wat wordt hiermee bedoeld? Het vervoerplan zoals in december 2025 had moeten gaan rijden? Dat vervoerplan ging nog uit van een groei van 13% t.o.v. het vervoerplan uit 2025. En dan doemt meteen de vraag op of dit gezien de ontstane situatie niet te ambitieus is? We snappen de ambitie om het openbaar vervoer weer op niveau te krijgen maar ons inziens leert de afgelopen periode dat het verstandiger is om voorzichtig te zijn met het daadwerkelijk introduceren van uitbreidingen van de dienstregeling, hoe maatschappelijk gewenst dit ook is. We roepen op om voor zekerheid te gaan en pas op te schalen als dit daadwerkelijk mogelijk is met personeel en materieel.

Te ambitieus weer opschalen en weer worden geconfronteerd met (ongeplande) uitval van ritten zal extra zwaar worden beoordeeld door de reiziger. Dat geldt ook voor het pluspakket. Zoals u zelf al aangeeft moet er eerst sprake zijn van een betrouwbare dienstregeling voordat het pluspakket kan worden geïntroduceerd. Desalniettemin vinden we het spijtig om te lezen dat het pluspakket niet voor medio 2027 gereden kan gaan worden en dat het pakket slechts een uitbreiding van 1,3% is ten opzichte van het basispakket. Hierdoor vallen een aantal van onze wensen logischerwijs buiten de boot voor komend jaar. Op een aantal specifieke gewenste uitbreidingen komen we hierna terug. Proces Op 15 januari 2026 hebben wij u een reactie gestuurd m.b.t. de uitgangspunten voor de vervoerplannen met daarin een inventarisatie van een aantal zaken, zoals wensen en suggesties, geplande werkzaamheden en verkeerskundige/parkeergerelateerde ingrepen, die effect hebben op OV-routes en/of OV-gebruik en evenementen. Ook is informatie over nieuwe woningen en bedrijven gedeeld. Een aantal van deze aspecten zien we terug in het concept vervoerplan, vele ook niet. Het is ons daarom niet duidelijk wat met deze punten gebeurd is, in hoeverre deze informatie is meegenomen in het concept en hoe deze zijn beoordeeld en afgewogen.

Mogelijk kunnen we daar nog een terugkoppeling van krijgen, bijvoorbeeld in de vorm van een reactienota.

Inhoudelijke hoofdpunten Uithoflijn Er staat een uitbreiding beschreven van het aantal ritten van de tram naar het UCP waaronder op zaterdag en zondag. Dat is positief nieuws, het betreft een wens die we al regelmatig hebben uitgesproken. Inmiddels zijn er ook goede ervaringen met de tram tijdens thuiswedstrijden van FC Utrecht en evenementen. Er wordt aangegeven dat Transdev samen met de provincie onderzoekt met welk tijdspad deze uitbreidingen gerealiseerd worden. Dat met de start van het vervoerplan 2027 nog niet zeker is of deze uitbreidingen ook daadwerkelijk worden gerealiseerd. Ook is niet duidelijk of er keuzes gemaakt moeten worden op het punt van prioriteiten, zoals frequentieverhoging doordeweeks, maar geen ritten in het weekend? Wat ons betreft ligt de prioriteit bij de tram in het weekend. Functioneren U Flex en communicatie daarover Ons bereiken meerdere signalen uit het buitengebied van Houten, Bilthoven en De Ronde Venen dat U Flex hier de laatste maanden niet functioneert. Het voertuig komt te laat of komt soms geheel niet. In dit gebied is U Flex het enige publieke mobiliteitsalternatief. We vragen dringend prioriteit te geven aan de betrouwbaarheid van het U Flex systeem omdat anders grote doelgroepen in het buitengebied geen gebruik kunnen maken van het openbaar vervoer.

De gemeenten missen in dit kader bovendien aandacht voor communicatie in het Concept-Vervoerplan. Gemeenten hebben de afgelopen jaren ervaring opgedaan met een dorpsgerichte benadering en OV-proefreizen. Het is belangrijk om continue aandacht te besteden aan de mogelijkheden van het openbaar vervoer in de regio. De gemeenten gaan graag in gesprek met de vervoerder en de provincie om dit verder vorm te geven. Oost West verbindingen tussen Houten, Nieuwegein en IJsselstein Vanuit de gemeenten IJsselstein, Nieuwegein en Houten komt de algemene constatering dat de oost-west verbindingen tussen bedrijventerreinen en woonwijken met OV meestal erg matig zijn en vaak één of meerdere overstappen vergen. Daardoor zijn bedrijventerreinen als Baronieweg, Het Klooster, Plettenburg en De Koppeling voor werknemers uit buurgemeenten slecht bereikbaar en generen ze veel automobiliteit. Op basis van data van Goedopweg gaan we graag met u het gesprek aan over de mogelijkheden om de OV-verbindingen tussen woonwijken en bedrijventerreinen in deze ‘Zuidlob’ verder te verbeteren.

Specifiek vragen wij u voor dit gebied om een reactie op de suggestie om de frequentie van lijn 48 tussen Nieuwegein en Houten te verhogen van 2 naar 4 keer per uur in de ochtend- en avondspits met als onderbouwing dat hierdoor de frequentie in lijn wordt gebracht met de beoogde frequentie op de rest van deze buslijn. Het verhogen van de frequentie is niet alleen waardevol voor de huidige reizigers maar ook voor de toekomstige bewoners van de nieuwbouwwijk Rijnhuizen, de Zeepfabriek in Merwestein en City. Daarnaast helpt een frequentieverhoging van deze tangentiële lijn bij het verbeteren van de OVverbinding IJsselstein-Nieuwegein-Houten doordat een betere overstap tussen lijn 31 en 48 ontstaat. Wij ontvangen graag een onderbouwing van Transdev van de haalbaarheid van deze ambitie die voor de betrokken gemeenten van groot belang is. Maarssen en omgeving Allereerst willen wij onze complimenten uitspreken voor het doortrekken van lijn 27 naar Maarssen-Dorp. De inwoners van Maarssen-Dorp krijgen daarmee een directe verbinding naar het centrum van Utrecht. Dit is een grote verbetering ten opzichte van de huidige lijn 12, die met een grote omweg uitkwam op Utrecht CS. Vanuit veel plekken in Maarssen-Dorp was lopen naar Station Maarssen sneller dan het nemen van deze bus. De binnenstad van Utrecht en het Utrecht Science Park zijn met deze wijziging makkelijker te bereiken.

U stelt voor om bus 122 om te zetten naar een U Flex busverbinding. Wij snappen dit voornemen gezien de huidige hoeveelheid reizigers ten opzichte van de kosten van de buslijn. Tegelijkertijd is het de vraag of zo’n kostenbatenanalyse uitgevoerd hoort te worden bij een buslijn in het buitengebied. Wij vragen u daarom om het voorgenomen besluit opnieuw tegen het licht te houden. Hoef en Haag en Vianen In de vervoersplannen staat dat de haltes van lijn 74 en 84 bij Hoef en Haag op de Berchmansweg goed gebruikt worden en dat het daarom wenselijk is dat het aantal fietsklemmen bij de haltes Hoef en Haag-Noord en Hoef en Haag-Zuid aan de oostkant van de Berchmansweg wordt uitgebreid. Echter, bij de wijzigingen staat dat lijn 74 Hoef en Haag – Vianen – Nieuwegein – Utrecht CS – Zeist tussen Hoef en Haag en Vianen Lekbrug in de spitsuren komt te vervallen, deze verbinding wordt in de spitsuren geboden door lijn 84 (Hoef en Haag – Vianen – Utrecht CS), waarbij in de spits 4x per uur rechtstreeks naar Utrecht CS wordt gereden. Reizigers vanuit Hoef en Haag / Vianen naar Nieuwegein kunnen bij de Lekbrug overstappen op lijn 74 of 65. Enerzijds constateert u dat er veel reizigers zijn vanuit Hoef en Haag, wat gezien de grote congestieproblemen voor autoverkeer in en rond Hoef en Haag goed te

verklaren is. Anderzijds zadelt u een deel van deze reizigers op met een extra overstap. Wij pleiten er voor om deze wijziging niet door te voeren en voor reizigers vanuit Hoef en Haag het OV aanbod optimaal in te richten zodat we reizigers een zo goed mogelijk OV alternatief voor de auto aanbieden. OV aanbod aan laten sluiten bij ruimtelijke ontwikkelingen

In onze reacties op vervoerplannen in de afgelopen jaren hebben wij meerdere keren een lans gebroken voor het goed en tijdig bedienen van nieuwbouwlocaties met openbaar vervoer. Wij zijn dan ook zeer verheugd om in dit nieuwe vervoerplan te zien dat op diverse plekken in de regio de OV-bediening van nieuwbouwlocaties sterk wordt verbeterd. Locaties als Nieuwegein City/Rijnhuizen en Maarssenbroek Ruimtekwartier krijgen in de vervoerplannen de OV-bediening die past bij de regionale ambities om autogebruik in de spits terug te dringen. En dat is hard nodig omdat mogelijkheden voor autogebruik in deze ontwikkelingen bijvoorbeeld door strenge parkeerregimes sterk ingeperkt worden. Het is specifiek in deze gevallen dus zaak dat de beloofde bussen daadwerkelijk gaan rijden omdat nieuwe inwoners anders letterlijk geen kant op kunnen. Link leggen met leerlingenvervoer Connexxion is in een groot deel van de regio de concessiehouder voor leerlingenvervoer. Helaas heeft het leerlingenvervoer nog meer dan het reguliere OV last van de krapte op de arbeidsmarkt en dat zorgt voor grote problemen in diverse gemeenten.

Is het mogelijk om in verschillende gemeenten te zoeken naar slimme combinaties van leerlingenvervoer en regulier openbaar vervoer binnen de geldende aanbestedingsregels? Bijvoorbeeld door leerlingen van reguliere buslijnen gebruik te laten maken (die dan wellicht een keer extra bij een school moeten stoppen) of door het uitwisselen van personeel tussen de beide concessies? De betreffende bestuurders gaan hierover graag met u in gesprek.

Tot slot Op 22 mei hadden onze bestuurlijke trekkers over de hoofdpunten uit deze brief een gesprek met gedeputeerde André van Schie. Naast bovenstaande zorgen en inhoudelijke punten hebben zij met hem besproken dat de huidige situatie van het OV in de regio in het politiek-bestuurlijke domein voor veel discussie zorgt. De wethouders mobiliteit van de 16 MRU West gemeenten worden komende tijd graag door de provincie en de vervoerders meegenomen in hoe er gestuurd wordt op de verbetervoorstellen van de vervoerders. Het gaat dan om het proces om de basis weer op orde te krijgen en hoe gewerkt wordt aan een dienstregeling waarbij de rituitval conform de norm is. Hoe worden de gevolgen van dienstregelingswijzigingen gemonitord en op welk moment in het proces vindt de provincie dat er überhaupt gesproken kan worden over opschaling (bijvoorbeeld bij welk niveau van rituitval?). Wij zullen op de eerste plaats met de provincie hierover

in gesprek blijven en via hen ook u om de benodigde informatie vragen om goed beslagen ten ijs te komen in gesprekken met bewoners, maatschappelijke organisaties en gemeenteraden over het functioneren van het openbaar vervoer.

Met hartelijke groet, Bastian Jansen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17023440/4