CConstaterende datIJsselstein
Koppel je AI →
Document · PDF

2.2 Uitvoeringsprogramma VTH 2026 IJsselstein

Commissie Bestuur 7 mei 2026, gemeente IJsselsteinBij agendapunt: Raadsinformatiebrieven7.360 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

49 alinea's met “toezicht”: 1 3 5 6 28 30 35 36 38 47 52 55 59 64 69 72 74 79 81 82 84 86 88 150 156 161 166 171 189 191 192 230 234 235 236 237 239 240 243 246 …

Uitvoeringsprogramma VTH 2026Vergunningverlening, toezicht en handhaving bouwen, ruimtelijke ordening en openbare orde en veiligheid

Gemeente IJsselstein

Samenvatting Met het Uitvoeringsprogramma VTH 2026 geeft de gemeente IJsselstein invulling aan de wettelijke verplichting uit het Omgevingsbesluit om jaarlijks concreet uit te werken welke werkzaamheden op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) worden uitgevoerd. Het programma vormt de schakel tussen de Uitvoerings- en Handhavingsstrategie 2026–2029 en de dagelijkse uitvoeringspraktijk.

Doel en uitgangspunten De inzet van VTH in 2026 draagt bij aan een veilige, gezonde en toekomstbestendige leefomgeving, waarin ruimte voor initiatieven samengaat met het beschermen van kwaliteit, veiligheid en leefbaarheid. De uitvoering is risicogericht en opgavegestuurd: capaciteit wordt ingezet waar de maatschappelijke risico’s het grootst zijn en waar VTH het meest bijdraagt aan de bestuurlijke opgaven, zoals woningbouw, erfgoedbehoud, leefbaarheid en veiligheid. De gemeente werkt dienstverlenend en voorspelbaar (“ja, mits”), maar treedt consequent en proportioneel op bij overtredingen, conform de Landelijke Handhavingsstrategie.

Prioriteiten en resultaten in 2026 De prioriteiten in 2026 liggen bij: Woningbouw en veilig bouwen: tijdige en voorspelbare vergunningverlening, met als doel dat minimaal 90% van de aanvragen binnen de wettelijke termijnen wordt afgehandeld. Het toezicht richt zich op constructieve veiligheid en brandveilig gebruik, met nadruk op risicovolle situaties in de bestaande voorraad. Behoud van erfgoed: zorgvuldige vergunningverlening en programmatisch toezicht in het historische stadshart en bij monumenten, inclusief aandacht voor verantwoorde verduurzaming. Veiligheid en leefbaarheid: zichtbaar, wijkgericht en informatiegestuurd toezicht op horeca, evenementen, overlast, parkeren en gebruik van de openbare ruimte, in nauwe samenwerking met politie, VRU en maatschappelijke partners. Economie, recreatie en toerisme: ruimte voor eerlijke horeca en evenementen, met aandacht voor veiligheid, leefbaarheid en naleving, inclusief structurele toepassing van de Wet Bibob bij risicovolle vergunningen.

Capaciteit en organisatie De uitvoering van VTH-omgevingsrechtelijke taken vindt grotendeels plaats via de Omgevingsdienst Utrecht (ODU). De gemeente is verantwoordelijk voor de toetsing aan het omgevingsplan, juridische handhaving en de uitvoering van APV- en OOV-taken. Voor 2026 is de benodigde inzet geraamd op basis van prognoses en kengetallen, met een duidelijke verdeling tussen vergunningverlening, toezicht en handhaving. De capaciteit voor VTH-OOV wordt volledig door de gemeente geleverd. De uitvoering wordt gemonitord, zodat tijdig kan worden bijgestuurd wanneer de werkdruk afwijkt van de prognose. Vooral voor OOV ligt er in 2026 een ontwikkelopgave. Er wordt geïnvesteerd in organisatie, meer programmatische en informatiegestuurde uitvoering en het samenspel met VTH-omgevingsrecht.

Financiële middelen en kwaliteitsborging De structurele kosten voor VTH, inclusief de bijdrage aan de ODU, zijn opgenomen in de gemeentelijke begroting. Een deel van de kosten voor vergunningverlening wordt gedekt uit leges. De kwaliteit van de uitvoering is geborgd via vaste werkprocessen, functiescheiding, deskundige medewerkers en structurele monitoring en rapportage.

Doorkijk 2027–2028 In de doorkijk naar 2027–2028 wordt ingespeeld op landelijke ontwikkelingen, zoals de verdere doorwerking van de Omgevingswet, de uitbreiding van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen en strengere regels rond verhuur en leefbaarheid. Deze ontwikkelingen vragen om verdere professionalisering, informatiegestuurd werken en blijvende aandacht voor de robuustheid van de VTH-organisatie.

2

Inhoudsopgave 1.

INLEIDING REIKWIJDTE LEESWIJZER

4 4 4

2.

BESTUURLIJKE UITGANGSPUNTEN

5

3.

TE BEREIKEN RESULTATEN IN 2026

6

BIJDRAGE AAN DE REALISATIE VAN DE WOON- EN WONINGBOUWOPGAVE BIJDRAGE AAN HET BEHOUD VAN ERFGOED BIJDRAGE AAN VEILIGHEID EN LEEFBAARHEID BIJDRAGE AAN DE ONTWIKKELING VAN ECONOMIE, RECREATIE EN TOERISME 4.

KERNPROGRAMMA 2026 OMGEVINGSRECHT BIJZONDERE WETTEN EN APV

5.

DOORKIJK 2027-2028 ALGEMENE DOORKIJK LANDELIJKE ONTWIKKELINGEN WONINGBOUWOPGAVE BEHOUD ERFGOED LEEFBAARHEID EN VEILIGHEID ECONOMIE, RECREATIE EN TOERISME

6.

ORGANISATIE EN KWALITEITSBORGING ORGANISATIE EN SAMENWERKING KWALITEITSBORGING ORGANISATIEONTWIKKELING

Bijlagen Bijlage 1: uitvoeringsprogramma ODU 2026 Bijlage 2: lijst met gebruikte begrippen en afkortingen

3

7 7 8 10 11 11 12 14 14 14 15 15 15 17 17 18 18

1. Inleiding Met dit uitvoeringsprogramma geven wij invulling aan de wettelijke verplichting (artikel 13.8 Omgevingsbesluit) om voor vergunningverlening, toezicht en handhaving (hierna: VTH) uit te werken welke werkzaamheden we gaan verrichten. Bij de invulling van het programma hebben wij rekening gehouden met de in de Uitvoerings- en Handhavingsstrategie 2026-2029 (U&H-strategie) vastgelegde prioriteiten en doelen. Het VTH-uitvoeringsprogramma 2026 is een overgangsprogramma. Enerzijds zijn – net als in voorgaande jaren – op basis van de producten- en dienstencatalogus afspraken gemaakt met de Omgevingsdienst Utrecht (ODU) over de uitvoering van de VTH-taken. Anderzijds sluit dit programma inhoudelijk aan bij de nieuwe Uitvoeringsen Handhavingsstrategie, door richting te geven aan prioriteiten, doelstellingen en werkwijze. In 2026 werken we stapsgewijs toe naar volledige aansluiting van de afspraken met de ODU op de U&H-strategie, waarbij ook de aansturing en rapportage in lijn worden gebracht met deze koers.

Reikwijdte Het voorliggende uitvoeringsprogramma heeft betrekking op de VTH-taken op basis van de Omgevingswet, bijzondere wetten (zoals de Alcoholwet) en daaraan gelieerde landelijke en lokale wet- en regelgeving . Wat betreft de VTH-taken omgevingsrecht beperkt het uitvoeringsprogramma zich tot de bouw- en omgevingsplanactiviteiten. De uitvoering van de VTH-milieutaken gebeurt in regionaal verband binnen de kaders van de regionale U&H-strategie milieu en maakt geen deel uit van dit uitvoeringsprogramma. 1

De VTH-taken die betrekking hebben op activiteiten in het kader van de Omgevingswet worden grotendeels uitgevoerd door de Omgevingsdienst Utrecht (ODU). Dat wil zeggen: vergunningverlening, toezicht en handhaving waar het gaat om milieubelastende activiteiten en vergunningverlening en toezicht waar het gaat om bouwactiviteiten, inclusief erfgoed. Het toezicht op brandveilig gebruik voor zover het gaat over grote risico’s met betrekking tot zelfredzaamheid gebeurt door de Veiligheidsregio Utrecht (VRU). Het overige toezicht op brandveilig gebruik wordt uitgevoerd door de ODU. De gemeente toetst vergunningverzoeken op basis van de Omgevingswet aan het omgevingsplan en doet ook de juridische handhaving. Waar nodig vindt afstemming plaats met het Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden (HDSR) en de provincie Utrecht. De VTH-taken op basis van bijzondere wetten en de APV worden door de gemeente zelf uitgevoerd. Dit in samenspel met de politie, het OM en andere ketenpartners.

Leeswijzer Het uitvoeringsprogramma is als volgt opgebouwd. Hoofdstuk 2 beschrijft kort de bestuurlijke uitgangspunten waarbinnen de uitvoering plaatsvindt. In hoofdstuk 3 wordt geschetst waar in de uitvoering de prioriteiten liggen en wat in 2026 in de uitvoering moet worden bereikt. Hoofdstuk 4 is het kernprogramma met daarin de prognose van de werkvoorraad en benodigde inzet. In hoofdstuk 5 wordt een doorkijk gemaakt naar 20272028: wat zijn de verwachte ontwikkelingen en welke impact hebben die (waarschijnlijk) op de inzet van VTH. Het uitvoeringsprogramma sluit af met de wijze waarop de uitvoering is georganiseerd en de kwaliteit van de uitvoering is geborgd.

1 Het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl), het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl), het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal), de Wet kwaliteitsborging (Wkb), het

omgevingsplan en de Algemene Plaatselijke Verordening (APV).

4

2. Bestuurlijke uitgangspunten De uitvoering van vergunningverlening, toezicht en handhaving in 2026 vindt plaats binnen de kaders van de U&H-strategie 2026-2029 en sluit aan bij de strategische koers van de gemeente IJsselstein. VTH draagt hiermee actief bij aan een veilige, gezonde en toekomstbestendige leefomgeving, waarin ruimte voor initiatieven samengaat met het beschermen van kwaliteit, veiligheid en erfgoed. IJsselstein werkt risicogericht en opgave-gestuurd. De beschikbare capaciteit wordt ingezet waar de risico’s het grootst zijn en waar VTH het meest bijdraagt aan de bestuurlijke doelen, zoals woningbouw, erfgoedbehoud, natuur en leefbaarheid. Het uitgangspunt “ja, mits” staat daarbij centraal: de gemeente denkt mee over wat wél mogelijk is binnen de kaders van de Omgevingswet en het omgevingsplan. De uitvoering is dienstverlenend, transparant en consequent. Gelijke gevallen worden op gelijke wijze behandeld en inwoners en ondernemers weten waar zij aan toe zijn. Tegelijkertijd wordt stevig ingezet op naleving: wanneer regels bewust of herhaald worden overtreden, volgt een proportionele maar duidelijke reactie, conform de Landelijke Handhavingsstrategie. VTH werkt integraal, zowel binnen de organisatie als in de samenwerking met ketenpartners.

Vergunningverlening, toezicht en handhaving trekken gezamenlijk op met RO, OOV, Beheer, juridische zaken en duurzaamheid, zodat ruimtelijke, technische en maatschappelijke belangen in samenhang kunnen worden afgewogen. De samenwerking met de ODU, VRU en de gemeenten De Ronde Venen en Lopik versterkt deze integrale werkwijze door uniforme processen, gedeelde prioriteiten en een gezamenlijke informatiepositie. Binnen de VTH-organisatie ligt de komende jaren de nadruk op professionalisering en leren. IJsselstein investeert in actuele deskundigheid, in heldere werkprocessen en in informatiegestuurd werken. Door structureel samen te ontwikkelen en af te stemmen met de ODU en de regionale partners ontstaat een wendbare en betrouwbare uitvoeringsorganisatie die effectief kan inspelen op risico’s en zichtbaar bijdraagt aan de opgaven van de stad.

5

3. Te bereiken resultaten in 2026 De uitvoering van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) in 2026 geeft invulling aan de U&Hstrategie 2026–2029. Centraal staat een zorgvuldige, voorspelbare en goed afgestemde uitvoering van de VTHtaken in zowel de fysieke leefomgeving als de openbare orde. Dit uitvoeringsprogramma vertaalt de prioriteiten en doelstellingen uit de U&H-strategie in concrete activiteiten en resultaten voor 2026. Dit in lijn met de belangrijkste opgaven van de stad: woningbouw, leefbaarheid en veiligheid, erfgoedbehoud en economie, recreatie en toerisme. In dit hoofdstuk zijn de inzet en beoogde resultaten in het licht van deze opgaven voor 2026 uitgewerkt; een doorkijk naar 2027–2028 volgt in hoofdstuk 5. In onderstaande tabel is per prioriteit uit de U&H-strategie 2026–2029 weergegeven welke kernwerkzaamheden in 2026 worden uitgevoerd gekoppeld aan de doelstelling voor 2026. Hiermee wordt inzichtelijk hoe de strategische doelen – gericht op een veilige, gezonde en toekomstbestendige leefomgeving – in het uitvoeringsjaar concreet worden vertaald naar inzet en meetbare resultaten. De taakverdeling en het onderscheid naar de verschillende VTH-sporen (preventie, vergunningverlening, toezicht en handhaving) zijn nader uitgewerkt in de U&H-strategie 2026–2029.

De verdere uitwerking van prognoses, capaciteitsraming en monitoring volgt in hoofdstuk 4 en volgende van het uitvoeringsprogramma. Prioriteit Brandveiligheid en constructieve veiligheid

Openbare ruimte

Doel Gebouwen zijn brandveilig en constructief veilig. Op basis van de risicoanalyse ligt de hoogste prioriteit bij gebouwen en activiteiten met een verhoogd veiligheidsrisico (o.a. publieksfuncties, logies, monumenten, verminderd zelfredzame personen). Het versterken van veiligheid en leefbaarheid in wijken door het terugdringen van overlast, afvalproblematiek en ongewenst gebruik van de openbare ruimte.

Illegale (ver)bouw en sloop

Het tijdig signaleren en beëindigen van illegale bouw- en sloopactiviteiten ter bescherming van veiligheid, ruimtelijke kwaliteit en erfgoed.

Strijdig gebruik

Het beheersen en terugdringen van ongewenst strijdig gebruik (o.a. illegale bewoning, kamerverhuur, short-stay) ter bescherming van leefbaarheid, veiligheid en ruimtelijke kwaliteit.

6

Kernactiviteiten 2026 • Integrale toets van aanvragen met verhoogd risicoprofiel • Toezicht tijdens bouw en in gebruiksfase conform prioritering • Signaalgestuurd toezicht bij meldingen • Handhavend optreden bij veiligheidsrisico’s • Inrichten en toepassen van een uniforme registratie- en categoriseringssystematiek voor OOV-meldingen • Tijdige beoordeling en opvolging meldingen, met gerichte inzet op prioritaire locaties • Gebiedsgericht toezicht op hotspots • Thematische controles (bijv. afval, jeugdoverlast) • Bestuurlijke maatregelen bij recidive • Verificatie meldingen en signalen • Fysieke controles bij vermoeden overtreding • Bouw- of gebruiksstops bij acuut gevaar • Juridisch traject legalisatie of beëindiging • Dossierselectie o.b.v. meldingen en risicoanalyse • Integrale controles (RO, bouw, brandveiligheid) • Toepassing LHSO bij overtredingen • Gebiedsgerichte aanpak prioritaire gebieden

KPI’s / beoogd resultaat 2026 • ≥ 90% van de aanvragen binnen wettelijke termijnen afgehandeld; • ≥ 90% van de opgeleverde bouwwerken voldoet zonder juridisch optreden aan constructieve en brandveiligheidseisen.

• Een uniforme registratie- en categoriseringssystematiek voor OOV-meldingen is ingericht en er is een nulmeting per wijk en type overlast uitgevoerd. • Nulmeting zichtbaarheid handhaving uitgevoerd; • ≥ 90% van de overlastmeldingen wordt binnen 3 werkdagen geregistreerd in het zaaksysteem en voorzien van een inhoudelijke beoordeling of vervolgactie.

• 100% van de geconstateerde overtredingen met directe invloed op constructieve of brandveiligheid wordt binnen de eerstvolgende werkweek inhoudelijk beoordeeld en voorzien van een interventiebesluit; • ≥ 80% van de geconstateerde overtredingen wordt binnen 3 maanden beëindigd of gelegaliseerd. • Alle short-stay meldingen binnen 4 weken gecontroleerd; • 10% minder illegale toeristische verhuur t.o.v. 2025; • In 100% van de geconstateerde overtredingen wordt handhavend opgetreden conform de Landelijke Handhavingsstrategie.

De in dit hoofdstuk opgenomen KPI’s voor 2026 vormen een tussenstap richting de meerjarige doelstellingen met horizon 2029 zoals opgenomen in de U&H-strategie.

Bijdrage aan de realisatie van de woon- en woningbouwopgave In 2026 richt de inzet van vergunningverlening, toezicht en handhaving zich op een zorgvuldige en tijdige bijdrage aan de realisatie van woningbouw en woningtoevoeging binnen de bestaande stad. Daarmee ondersteunt VTH de koers uit de Omgevingsvisie, waarin behoud en ontwikkeling hand in hand gaan en wordt ingezet op binnenstedelijke verdichting en een duurzame, groene leefomgeving. Vergunningverlening speelt een sleutelrol bij het versnellen van planvorming en het borgen van ruimtelijke kwaliteit en duurzaamheid, onder andere bij de voorbereidingen voor grote projecten zoals IJsseloevers/Robaterrein (563 woningen, start bouw voorzien vanaf 2027) waarvoor naar verwachting in 2026 vergunningprocedures worden doorlopen. Ook bij andere woningbouwinitiatieven, zoals Randdijk (145 appartementen), zorgt VTH voor een voorspelbare en zorgvuldige behandeling van aanvragen. Het toezicht richt zich in 2026 vooral op veilig bouwen, brandveilig gebruik en risicovolle situaties in de bestaande voorraad, waaronder wonen boven winkels, zorggerelateerde woonvormen en kamerverhuur. Daarbij blijft de gemeente alert op signalen die kunnen wijzen op constructieve risico’s in bestaande gebouwen. Handhaving zet in op naleving en herstel waar overtredingen of onveilige situaties de bouwveiligheid of leefkwaliteit raken.

Uitvoeringsprioriteit 2026 1. Tijdige en voorspelbare vergunningverlening voor woningbouw

2. Veilig (ver)bouwen en brandveilig gebruik

Inzet VTH 2026 Zorgen voor goede voorlichting, bij complexere aanvragen inzetten op vooroverleg en zakelijk handelen daar waar na herhaald verzoek niet wordt voldaan aan de indieningsvereisten Toetsing en toezicht vinden plaats volgens het toets- en toezichtprotocol van de Vbwt. Tekortkomingen worden conform de handhavingsstrategie waar mogelijk binnen het toezicht opgelost.

Beoogd resultaat 2026 • Minimaal 90% van de aanvragen binnen wettelijke termijnen afgehandeld

•

Minimaal 90% van de opgeleverde bouwwerken voldoet zonder juridisch optreden aan de eisen voor constructieve veiligheid en brandveiligheid.

Bijdrage aan het behoud van erfgoed In 2026 richt IJsselstein zich op het behoud en de zorgvuldige verdere ontwikkeling van het historische stadshart en andere waardevolle cultuurhistorische elementen. Vergunningverlening beoordeelt aanvragen met bijzondere aandacht voor monumentale waarden, ruimtelijke kwaliteit en de mogelijkheden voor verantwoorde verduurzaming. In het toezicht ligt de nadruk op het naleven van vergunningvoorschriften bij werkzaamheden aan monumenten en beeldbepalende panden, en op het voorkomen van illegale sloop of aantasting van erfgoedwaarden. De samenwerking met de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit en Erfgoed (MooiSticht), de RCE en de ODU draagt bij aan een tijdige signalering van risico’s en een consistente toepassing van de geldende kaders. Handhaving treedt op waar erfgoed wordt geschaad en zet in op herstel, zodat het karakter en de historische kwaliteit van IJsselstein duurzaam worden geborgd.

7

Uitvoeringsprioriteit 2026 1. Behoud van de monumentwaarde en daarmee het behoud van het historische stadshart

2. Verantwoorde en toekomstbestendige verduurzaming van monumenten

3. Veilig en verantwoord gebruik van monumenten met een publieksfunctie

Inzet VTH Dit wordt bereikt door zorgvuldige vergunningverlening met inzet van CRK/MooiSticht, vroegtijdig vooroverleg met initiatiefnemers, integrale toetsing op erfgoed- en kwaliteitscriteria en programmatisch toezicht op de uitvoering, inclusief gerichte controles en tijdige interventie bij risico’s. Zorgvuldige en integrale beoordeling van verduurzamingsaanvragen in afstemming met MooiSticht/RCE en ODU, inclusief vroegtijdig vooroverleg met eigenaren en gericht toezicht om te borgen dat maatregelen conform vergunning en erfgoedwaarden worden uitgevoerd. Gerichte inzet van vergunningverlening, toezicht en handhaving op constructieve veiligheid en brandveiligheid bij monumenten met een publieksfunctie. Dit omvat integrale toetsing in samenwerking met MooiSticht/RCE, ODU en VRU; programmatisch toezicht tijdens verbouw en onderhoud; periodieke controles op gebruiksveiligheid; en tijdige interventie bij signalen van onveilige situaties.

Beoogd resultaat 2026 • Bij minimaal 90% van de monumenten waar verbouwing, onderhoud of restauratie heeft plaatsgevonden is de monumentwaarde behouden of (door restauratie) verbeterd.

•

•

Minimaal 90% van de verduurzamingsprojecten aan monumenten wordt uitgevoerd met behoud van monumentale waarden en leidt tot een aantoonbare verbetering van de energieprestatie, zonder dat herstelmaatregelen of handhaving nodig zijn 100% van de monumenten met een publieksfunctie voldoet aan de eisen van constructieve veiligheid en brandveiligheid.

Bijdrage aan veiligheid en leefbaarheid De inzet van VTH-OOV in 2026 is gericht op het bevorderen van een schone, veilige en leefbare stad. Handhavers zijn zichtbaar aanwezig in de wijken en kernen en werken hierbij nauw samen met wijkregie, politie, Cazas Wonen, Stichting Pulse en andere partners. Het toezicht richt zich op horeca, evenementen, parkeren, afval, overlast en gedrag in de openbare ruimte, waarbij steeds meer informatiegestuurd wordt gewerkt zodat inzet doelgericht plaatsvindt op hotspots en terugkerende situaties. Bij overtredingen treedt de gemeente consequent en proportioneel op om veiligheid, gezondheid en leefkwaliteit te borgen. Extra aandacht gaat uit naar jeugdoverlast, overbewoning, strijdig gebruik, naleving van de Alcoholwet en toezicht tijdens evenementen en piekperiodes.

8

Uitvoeringsprioriteiten 2026 1. Zichtbare en toegankelijke handhaving in wijken

Inzet VTH Wijkgericht en informatiegestuurd toezicht; aanwezigheid op vooraf bepaalde hotspots; samenwerking met wijkregie, Stichting Pulse en Cazas Wonen

2. Minder overlast in de openbare ruimte

Themagericht toezicht op afval, parkeren, honden en verkeer; gebiedsgerichte aanpak per wijk; structurele opvolging van meldingen

3. Tijdige signalering en aanpak van jeugd- en zorggerelateerde risico’s

Hotspotgerichte acties; samenwerking met jongerenwerk, wijkregie, OOV en politie; casusoverleggen

4. Een veilig, ordelijk en verantwoord functionerende horeca

Inventariseren en starten met actualiseren van de exploitatie- en Alcoholwetvergunningen voor de horeca

Toepassen van integriteitsbeoordeling (inclusief Bibob-toets waar van toepassing) bij vergunningaanvragen conform vastgesteld beleid. Programmatisch toezicht en handhaving van de (geactualiseerde) exploitatie- en alcoholwetvergunningen voor de horeca

9

Beoogd resultaat 2026 • In 2026 wordt een nulmeting uitgevoerd naar zichtbaarheid en aanspreekbaarheid van handhaving en op basis daarvan worden er wijkgerichte toezichtafspraken vastgelegd • Er is ingezet op het terugdringen van overlast en het inrichten van een uniforme registratiesystematiek en het uitvoeren van een nulmeting. • Alle ernstige signalen worden binnen 48 uur gedeeld in de keten, en in minimaal 80% van de casussen wordt binnen acht weken stabilisatie of risicoreductie bereikt (vastgelegd in casusregistratie) • Inzicht in de actualiteit van de exploitatie- en Alcoholwetvergunningen van de Horeca; • Actualisering van minimaal 50% van de niet actuele vergunningen • 100% van de aanvragen voor een exploitatie- en Alcoholwetvergunning wordt beoordeeld conform het vastgestelde Bibob-beleid. • Controle uitgevoerd bij alle ‘harde horeca’ • Controle uitgevoerd bij 50% van de overige horeca • Handhavend opgetreden daar waar overtredingen na constatering niet ongedaan zijn gemaakt

Bijdrage aan de ontwikkeling van economie, recreatie en toerisme VTH draagt in 2026 bij aan een vitale binnenstad en een aantrekkelijk en veilig recreatief aanbod. Vergunningverlening ondersteunt ondernemers bij het ontwikkelen van passende horeca- en publieksfuncties en beoordeelt aanvragen zorgvuldig op veiligheid, leefbaarheid en ruimtelijke kwaliteit. Het toezicht richt zich op naleving in horeca, recreatieve voorzieningen, evenementen en toeristische activiteiten, met specifieke aandacht voor geluid, overlast en veiligheidsaspecten. In samenwerking met OOV, de VRU, de politie en de ODU wordt toegezien op een ordelijk en verantwoord gebruik van de openbare ruimte, zodat economische dynamiek samengaat met een veilige en prettige omgeving voor inwoners, bezoekers en ondernemers. Uitvoeringsprioriteiten 2026 1. Ruimte voor eerlijke horeca

2. Veilige evenementen

Inzet VTH Vergunningverlening horeca/exploitatie; toezicht op naleving; Bibob-toepassing. Toetsing evenementen; samenwerking VRU/politie; toezicht op naleving.

3. Veilig en legaal verblijf in short-stay

Toezicht op strijdig gebruik van woningen als logies of short-stay.

4. Schoon en aantrekkelijk centrum en buitengebied

Toezicht op geluid, afval, misbruik openbare ruimte; themacontroles.

10

Beoogd resultaat 2026 • Doorlooptijd horeca-aanvragen < 8 weken; 100% risicovolle aanvragen Bibob-getoetst. • 100% van de evenementen voldoet aan voorschriften; geen ernstige incidenten. • Alle short-stay meldingen binnen 4 weken gecontroleerd; 10% minder illegale toeristische verhuur dan in 2025. • 1 themacontrole per kwartaal (geluid, afval, terrassen); inzet op daling van overlastmeldingen in binnenstad.

4. Kernprogramma 2026 Voor 2026 is een prognose opgesteld van de te verwachten werkzaamheden binnen VTH-Omgevingsrecht en VTH-OOV, inclusief een doorrekening van de benodigde capaciteit. Deze doorrekening is enerzijds gebaseerd op kengetallen van de ODU. Anderzijds zijn – waar de gemeente nog geen eigen beproefde kengetallen heeft – een inschatting gemaakt en/of is gebruik gemaakt van gangbare kengetallen die andere gemeenten hanteren. Deze worden de worden de komende jaren verder verfijnd zodat de capaciteitsraming goed aansluit op de omvang en opgaven van IJsselstein. De inzet en capaciteitsbehoefte worden gedurende het jaar actief gemonitord, zodat tijdig kan worden bijgestuurd wanneer de werkdruk afwijkt van de prognose. Indien nodig worden binnen de kaders van het VTH-beleidsplan en de U&H-strategie prioriteiten herijkt of werkzaamheden gefaseerd. In it hoofdstuk is de prognose van de werkvoorraad en de globale raming van de benodigde capaciteit voor zowel VTH-Omgevingsrecht als VTH-OOV weergegeven.

Omgevingsrecht Vergunningverlening en meldingen De vergunningverlening binnen het omgevingsrecht richt zich vooral op bouwactiviteiten en ingrepen in de fysieke leefomgeving, zoals nieuwbouw, verbouw, renovatie en functiewijzigingen. Daarbij gaat het zowel om de realisatie van nieuwe woningen binnen de woningbouwopgave als om kleinschalige initiatieven in bestaande wijken. De prioriteit ligt bij activiteiten met de grootste risico’s voor constructieve veiligheid en brandveiligheid. De prognose voor 2026 is als volgt. Prognose aantal activiteiten

Kengetal (uren per activiteit)

Uren zonder kengetal

Totaal uren

Vergunningverzoek zonder bouwsom

40

34,5 uur

-

1.380,0 uur

Vergunningverzoek met bouwsom minder dan €50.000

115

15,5 uur

-

1.782,5 uur

Vergunningverzoek met bouwsom €50.000-€200.000

25

31,0 uur

-

775,0 uur

Vergunningverzoek met bouwsom meer dan €200.000

12

70,0 uur

-

840,0 uur

Overige aanvragen en meldingen

-

-

560,0 uur

560,0 uur

Advisering omgevingsplanactiviteit (OPA en BOPA)

60

9,0 uur

-

540,0 uur

Behandelen sloopmeldingen

260

1,5 uur

-

400,0 uur

Behandelen meldingen Wkb

20

2,5 uur

-

50,0 uur

Behandelen meldingen brandveilig gebruik

30

2,5 uur

-

75,0 uur

Omgevingsloket bouw

-

-

900,0 uur

900,0 uur

Activiteiten

Totaal

7.302,5 uur

De totaal benodigde inzet voor de vergunningverlening omgevingsrecht en overige activiteiten van de vergunningverleners wordt op basis van de prognose geschat op circa 7300 uur oftewel ruim 5 fte. Dit is conform de beschikbare capaciteit.

Toezicht De prioriteit binnen het toezicht op het omgevingsrecht ligt bij vergunningplichtige bouw- en sloopactiviteiten, het brandveilig gebruik van gebouwen, de veiligheid van de bouwplaats voor de omgeving en het (strijdig) gebruik van panden en percelen. Net als bij de vergunningverlening richt het toezicht zich vooral op bouwwerken en activiteiten met een groter risico: situaties waarin het niet naleven van regels directe gevolgen kan hebben voor constructieve veiligheid, brandveiligheid of de leefomgeving. De prognose voor 2026 is als volgt.

11

Prognose aantal activiteiten

Kengetal (uren per activiteit)

Uren zonder kengetal

Totaal uren

Ambtshalve toezicht bouw en gebruik (programmatisch)

87

25

-

2.206,0 uur

Vergunninggebonden toezicht

90

22

-

2.000,0 uur

Toezicht en handhaving sloop/asbest

130

2,7

-

350,0 uur

Themagericht toezicht

-

-

50,0 uur

50,0 uur

Opleggen bouwstop

-

-

100,0 uur

100,0 uur

Bouwtoezicht n.a.v. klacht of incident

14

25

-

350,0 uur

90,0 uur

90,0 uur

Activiteiten

Overige inzet toezicht bouw, sloop en RO Totaal

5.146,0 uur

De meeste inzet van het toezicht gaat naar vergunningplichtige bouwwerken. Daarnaast is er veel inzet voor de behandeling van meldingen en klachten. Het team reserveert capaciteit om jaarlijks het toezicht ook meer projectmatig en thematisch in te zetten. De totale benodigde inzet voor het toezicht in het kader van het omgevingsrecht in 2026 is naar schatting ruim 5.100 uur oftewel 3,8 fte. Dit is in lijn met de overeengekomen inzet van de ODU.

Juridische inzet De juridische handhaving van het omgevingsrecht in IJsselstein omvat het opleggen van herstelsancties (LOD/LOB), het behandelen van bezwaar- en beroepsprocedures en het leveren van juridische advisering. De capaciteitsbehoefte is lastig te voorspellen, omdat zaken sterk kunnen verschillen in complexiteit. De juridische inzet van de ODU is verdisconteerd in de diverse producten (vergunningen, controles, LOD/LOB etc. en is op het moment van opstellen van de U&H-strategie niet separaat aan te geven. Op basis van de aantallen handhavingsverzoeken, overtredingen en eerdere dossiers is een indicatieve prognose opgesteld. Vanaf 2026 zet de gemeente ook de bestuurlijke boete in bij overtredingen die onherstelbare schade veroorzaken; dit instrument wordt nog verder uitgewerkt. Waar mogelijk wordt handhavend optreden voorkomen door in de toezichtfase te sturen op herstel. De prognose voor 2026 is als volgt. Activiteiten

Totaal uren

Inzet juridische handhaving (LOD/LOB etc.)

435,0 uur

Behandelen handhavingsverzoeken

70,0 uur

Behandelen bezwaar en beroep

145,0 uur

Behandelen WOO-verzoeken

25,0 uur

Totaal

675 ,0 uur

De totaal benodigde juridische capaciteit op basis van de te verwachten werkvoorraad bedraagt circa 675 uur oftewel 0,5 fte. De feitelijke inzet zal worden gemonitord en waar nodig zullen aanvullend prioriteiten worden gesteld in de handhaving.

Bijzondere wetten en APV Vergunningverlening en meldingen Voor verschillende activiteiten in de stad is op grond van de APV en bijzondere wetten een vergunning of ontheffing vereist. Dit betreft onder andere het exploiteren van een horecagelegenheid, het organiseren van evenementen, het innemen van standplaatsen, het houden van collectes en markten, en activiteiten die 12

invloed hebben op de openbare orde, veiligheid of leefbaarheid. De gemeente beoordeelt deze aanvragen integraal, waarbij – afhankelijk van de aard van het evenement of de inrichting – wordt afgestemd met de Veiligheidsregio Utrecht (VRU) voor brandveiligheid, met de politie voor openbare orde en met de ODU voor milieugerelateerde aspecten zoals geluid. De prognose voor de uitvoering in 2026 is als volgt. Prognose aantal activiteiten 2026

Totaal uren

Behandelen vergunningverzoek exploitatie

8

-

Behandelen vergunningverzoek Alcoholwet

8

-

Behandelen vergunningverzoek (kleine) evenementen

60

-

Ontheffingen art.35 Alcoholwet

40

-

Behandelen ontheffingen en overige vergunningverzoeken

120

-

Meldingen ingebruikname gemeenteterrein

80

-

Activiteiten

Totaal

2.430,0 uur

De beschikbare capaciteit voor de uitvoering van deze taken (inclusief de inzet van Bibob) is circa 2 fte. De gemeente beschikt nog niet over specifieke kengetallen voor de inzet van OOV bij de vergunningverlening en behandeling van ontheffingsverzoeken. Het ontwikkelen daarvan wordt onderdeel van het plan van aanpak dat voor de organisatie en uitvoering van de OOV-taken wordt opgesteld.

Toezicht en handhaving Het toezicht en de handhaving op basis van de APV en bijzondere wetten wordt uitgevoerd door de gemeentelijke boa’s. Zij houden toezicht op horeca, evenementen, de openbare ruimte (zoals parkeren, afval en vervuiling) en op gedragsgerelateerde overtredingen die samenhangen met de openbare orde en leefbaarheid. Het toezicht is wijkgericht ingericht: boa’s zijn zichtbaar aanwezig in wijk en werken nauw samen met wijkregie, politie, Stichting Pulse, Cazas Wonen en andere partners. Daarbij wordt in 2026 ook meer informatiegestuurd gewerkt. Dit betekent dat toezicht niet alleen bestaat uit reguliere surveillance, maar ook een projectmatige en thematische aanpak meer aandacht krijgt. Er zijn nog geen specifieke kengetallen of prognoses voor de inzet beschikbaar. Deze worden nog ontwikkeld. Voor het toezicht en de handhaving vanuit OOV zijn in 2026 9.450 uur oftewel 7 fte beschikbaar.

Juridische inzet De juridische inzet op basis van de APV en bijzondere wetten richt zich op het zorgvuldig en consequent afhandelen van overtredingen en vergunningprocedures die betrekking hebben op horeca, evenementen, openbare orde, collectes, standplaatsen en andere activiteiten die de leefbaarheid en veiligheid in de stad raken. De beschikbare capaciteit in 2026 is 1.080 uur, oftewel 0,8 fte. Dit is inclusief de coördinatie en inzet van Bibob.

13

5. Doorkijk 2027-2028 Een doorkijk naar 2027–2028 is belangrijk om vroegtijdig inzicht te hebben in de ontwikkelingen die van invloed zullen zijn op de uitvoering van VTH de komende jaren. Dat kan gaan om ontwikkelingen in beleid en opgaven, de samenleving of in wet- en regelgeving. Dit hoofdstuk schetst wat deze ontwikkelingen in 2027– 2028 betekenen voor de inzet van VTH op de vier prioritaire thema’s.

Algemene doorkijk landelijke ontwikkelingen De komende jaren wordt de inzet van VTH in belangrijke mate beïnvloed door landelijke ontwikkelingen in weten regelgeving, digitalisering en de verdere professionalisering van het VTH-stelsel. De Omgevingswet blijft zich doorontwikkelen, onder meer via aanvullende instructieregels, jurisprudentie en een verdere stabilisering van het DSO, waardoor de nadruk steeds meer komt te liggen op toezicht en naleving tijdens de uitvoering. De Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) wordt naar verwachting uitgebreid naar meer gevolgklassen, wat de gemeentelijke rol bij technische toetsing verder verkleint en de behoefte aan programmatisch en risicogericht toezicht vergroot. Daarnaast worden landelijk aanscherpingen voorbereid op het gebied van verhuur, basiskwaliteit wonen en toeristische verhuur, inclusief mogelijke uitbreiding van de Wet goed verhuurderschap. Dit kan leiden tot extra toezichtstaken rondom woonkwaliteit, verhuurconstructies en onveilig gebruik. Ook worden verdere stappen gezet in de professionalisering van boa’s, met mogelijk hogere opleidingseisen en intensievere samenwerking met de politie. Op het gebied van digitalisering worden strengere eisen verwacht voor gegevensuitwisseling en dossieropbouw, zowel binnen het DSO als tussen gemeenten, omgevingsdiensten en veiligheidsregio’s.

Het wetsvoorstel Versterking VTH-stelsel kan bovendien leiden tot een duidelijke taakverdeling waarbij complexe taken structureel bij de ODU worden belegd en gemeenten sterker worden gehouden aan landelijke kwaliteitsnormen en functiescheiding. Tot slot spelen landelijke thema’s als aanscherping van milieuregels, geluid- en waterkwaliteit, sloopveiligheid en de nationale aanpak van ondermijning door in het lokale toezicht. Als geheel betekenen deze landelijke ontwikkelingen dat VTH in 2027–2028 professioneler, informatiegestuurder en nog meer risicogericht moet werken, met een sterke nadruk op samenwerking, kwaliteit en uitvoerbaarheid. Specifiek voor de bijdrage van VTH aan de bredere opgaven betekent dit het volgende.

Woningbouwopgave De woningbouwopgave (2500 tot 2030) blijft de komende jaren één van de grootste ruimtelijke opgaven in IJsselstein. De programmatische trend verschuift steeds verder richting binnenstedelijke verdichting, transformatie en hergebruik van de bestaande voorraad. Maar deze binnenstedelijke ontwikkeling levert naar schatting slechts 600–800 woningen op. Om de totale woningbouwopgave te realiseren zijn uitbreidingslocaties nodig waarbij het Kromme IJsselpark het grootste deel van de groei moet realiseren. Voor VTH betekent dit dat de complexiteit van vergunningverlening en toezicht toeneemt, terwijl de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) geleidelijk leidt tot een kleinere gemeentelijke rol in de technische toetsing van nieuwbouw. Het grootste effect hiervan wordt zichtbaar bij grondgebonden woningen in projecten zoals Clinckhoeff (38 koopwoningen, Wkb) en het Europakwartier Oost (12 twee-onder-een-kap, Wkb). Dit vermindert de benodigde VTH-capaciteit bij de technische toets, maar niet bij toezicht op constructieve veiligheid, brandveiligheid en bouwplaatsveiligheid. De grote uitbreidingslocatie Kromme IJsselpark (start realisatie vanaf circa 2028) vraagt vooral in de planfase om structurele capaciteit voor overleg, advisering en voorbereiding op toezicht.

Binnenstedelijke projecten zorgen juist op kortere termijn voor extra werkdruk: de revitalisering van Winkelcentrum Clinckhoeff (vanaf 2027, inclusief appartementen en sloop van het Jumbo-pand), het project Ruimtevaartbaan (79 woningen), en de gebiedsontwikkelingen Europakwartier Oost (2027, 122 appartementen en 12 woningen) en Paardenveld Noord (na 2027, 467 woningen, merendeel appartementen). Deze projecten leiden tot een piek in toezicht en handhaving tijdens de bouwfase.

14

Voor de inzet van VTH is daarnaast belangrijk dat het Rijk nieuwe regelgeving voorbereid rond verhuur, zelfbewoningsplicht, basiskwaliteit van wonen, veiligheid van bestaand vastgoed en energieprestatie van gebouwen. Voor VTH betekent dit dat de capaciteit voor programmatisch en risicogestuurd toezicht de komende jaren moet meegroeien met de woningbouwprognoses. Goede afstemming tussen VTH en RO is essentieel, zowel bij gebiedsontwikkelingen als bij de actualisatie van het Omgevingsplan.

Behoud erfgoed Het historische stadshart van IJsselstein blijft een onderscheidende kwaliteit en vraagt ook de komende jaren om extra aandacht voor instandhouding en zorgvuldige ontwikkeling. De combinatie van verduurzaming, herbestemming en toenemende bouwactiviteiten in en rond het beschermd stadsgezicht leidt tot meer complexe aanvragen en hogere druk op zowel vergunningverlening als toezicht. Landelijk worden de regels voor verduurzaming van monumenten verder uitgewerkt, waaronder uitzonderings- en maatwerkregels voor isolatie, warmtepompen en zonnepanelen. Ook wordt de doorwerking van de Omgevingswet zichtbaar, met mogelijk aangescherpte instructieregels voor erfgoed in het omgevingsplan. Daarnaast worden nieuwe landelijke inzichten verwacht over de veiligheid en het gebruik van monumentale panden, bijvoorbeeld rond brandveiligheid en constructieve risico’s. Voor VTH betekent dit dat de behoefte aan specialistische kennis verder groeit, met name op het snijvlak van erfgoed, verduurzaming en bouwveiligheid. Het belang van programmatisch en risicogestuurd toezicht neemt toe, omdat meer werkzaamheden in 2027–2028 in de uitvoeringsfase komen en vroegtijdig signaleren noodzakelijk is. Tegelijkertijd vraagt de toename van illegale of onaangekondigde wijzigingen om een stevigere handhavingsinzet.

Intensieve samenwerking met onder andere MooiSticht, de RCE en de ODU wordt belangrijker om expertise te bundelen en om eenduidig te kunnen beoordelen. De gemeente krijgt mogelijk ook vaker te maken met afwegingen tussen behoud van historische waarden en de noodzaak tot verduurzaming. Deze ontwikkelingen zullen van invloed zijn op de capaciteitsvraag waar het gaat om erfgoed.

Leefbaarheid en veiligheid De leefbaarheid en veiligheid in IJsselstein blijven de komende jaren belangrijke aandachtspunten, mede door de verdere ontwikkeling van de binnenstad, de recreatieve kwaliteit van de Hollandse IJssel en de aanwezigheid van diverse evenementen. In de binnenstad blijft het van belang om een goede balans te vinden tussen levendigheid, horeca, evenementen en de woon- en leefkwaliteit voor omwonenden. Ook in de buurten blijft aandacht nodig voor onderwerpen als woonkwaliteit, verhuur, jeugd, zorg- en overlastsituaties en een gezonde inrichting van de openbare ruimte. Daarnaast blijft verkeersveiligheid een belangrijk thema, met name op schoolroutes en in gebieden waar mobiliteit en verblijfsfuncties samenkomen. Op landelijk niveau worden verschillende ontwikkelingen voorzien die doorwerken in het lokale beleid. Het gaat onder meer om aangescherpte regels rond toeristische verhuur, short-stay, verhuur aan specifieke doelgroepen en de basiskwaliteit van wonen. Onder de Omgevingswet worden daarnaast nieuwe of verduidelijkte normen geïntroduceerd voor geluid, gebruikersveiligheid, evenementen en activiteiten in de openbare ruimte. Deze ontwikkelingen vragen om een actuele en consistente doorwerking in het omgevingsplan en een goede afstemming tussen beleidsontwikkeling en de uitvoering binnen VTH.

Voor VTH betekent dit dat de inzet gericht blijft op stabiel en zorgvuldig toezicht op gebruik, horeca- en evenementenlocaties, recreatieve gebieden en de leefbaarheid in woonwijken. Programmatisch en risicogestuurd werken helpt daarbij om prioriteiten helder te stellen en inzet vraaggericht te organiseren. Samenwerking met partners als de VRU, ODU en de politie blijft belangrijk om veiligheid en leefbaarheid in de stad te borgen. Bij de ontwikkeling van de plannen rond binnenstad, wijken, bedrijfsterreinen en het buitengebied is het belangrijk VTH-tijdig te betrekken en een doorrekening te maken wat de realisatie van de plannen gaat betekenen voor de inzet van VTH.

Economie, recreatie en toerisme IJsselstein ontwikkelt zich verder als aantrekkelijke recreatieve en culturele stad, met een levendige binnenstad, groeiende horeca en een toenemend aanbod aan evenementen. Voor VTH betekent dit dat er een sterkere focus komt te liggen op het vinden van de juiste balans tussen levendigheid en leefbaarheid, met

15

name in de binnenstad. Het toezicht verschuift steeds meer richting thematische aandachtspunten, zoals geluidsoverlast, het gebruik van terrassen, afvalbeheer, evenementen en outdoor recreatie. Tegelijkertijd zijn er ontwikkelingen rond bestaande en nieuwe werklocaties aan de rand van de stad. Concreet gaat het om terreinen als IJsseloevers (Zomerdijk), Lage Biezen, De Kroon en delen van de zone langs de Hollandse IJssel. Bij de laatste is transformatie naar gemengde functies of woningbouw niet uitgesloten. Een vroegtijdige betrokkenheid van VTH-bouw en -milieu en OOV bij de planontwikkeling is essentieel. Op het gebied van wet- en regelgeving ontstaat landelijk een beweging richting strengere regels voor toeristische verhuur en short-stay. Daarnaast kunnen de regels voor horeca-exploitatie worden aangescherpt, mede door aanpassingen in de Alcoholwet. De Omgevingswet werkt door in de inrichting van evenementenregels, gebruiksvoorschriften en milieueisen. Ook worden landelijk de regels voor geluid, afval en buitenactiviteiten aangescherpt, wat met name relevant is voor horeca en evenementenorganisaties. De ontwikkelingen gaan waarschijnlijk vooral meer inzet vragen van toezicht en handhaving, waar het gaat om (strijdig) gebruik, milieu, brandveiligheid, leefbaarheid en veiligheid.

16

6. Organisatie en kwaliteitsborging Het is belangrijk dat de kwaliteit van de organisatie en uitvoering van de VTH-taken is geborgd. De uitvoering van de VTH-taken die vallen onder de Omgevingswet moet voldoen aan wettelijk vastgelegde kwaliteitscriteria. Dat gaat om de beheersing van de uitvoering (beleids- en uitvoeringscyclus) en het hebben van voldoende capaciteit, deskundigheid en de juiste competenties en het borgen van de financiële middelen in de begroting. De gemeenteraad ziet op basis van de ‘Verordening uitvoering en handhaving Omgevingsrecht Gemeente IJsselstein 2024’ toe op de kwaliteit van de uitvoering. In dit hoofdstuk staat samengevat hoe de uitvoering van de VTH-taken is georganiseerd en hoe de kwaliteit van de uitvoering wordt geborgd.

Organisatie en samenwerking De uitvoering van de VTH-taken die betrekking hebben op de bouwtechnische aspecten van activiteiten en op milieu laat de gemeente uitvoeren door de Omgevingsdienst Utrecht (ODU). De VTH-taken op basis van het omgevingsrecht die de gemeente zelf uitvoert zijn de toetsing van verzoeken om een omgevingsplan activiteit en de juridische handhaving en het afhandelen van bezwaar en beroep. De VTH-taken die betrekking hebben op openbare orde en veiligheid (OOV) worden geheel door de gemeente zelf uitgevoerd. De vergunningverlening (APV, bijzondere wetten) en ontheffingen worden verzorgd door het team ‘Klant’. Toezicht en handhaving gebeurt door het team ‘Veiligheid’. Formatie, capaciteit VTH-Omgevingsrecht (bouw en RO) Het grootste deel van de VTH-taken omgevingsrecht wordt in opdracht van de gemeente door de ODU uitgevoerd. Voor de bouw- en RO-taken (inclusief erfgoed) is dit ruim 9 fte. Met de ODU is een (meerjarige) dienstverleningsovereenkomst afgesloten. Jaarlijks worden waar nodig maatwerkafspraken gemaakt. De gemeente doet zelf de plantoetsing en toetsing aan welstand, de juridische afwikkeling van de handhaving en de beleidsadvisering VTH. Taakgebied Vergunningverlening Toezicht Jjuridische inzet* Overige inzet VTH bouwtaken Totaal

capaciteit (FTE) gemeente 0,6 fte 0,2 fte 0,5 fte 1,3 fte

capaciteit (FTE) ODU 5,3 fte 3,3 fte 0,3 fte 0,4 fte 9,3 fte

* * Dit is de indicatieve inzet door de gemeente en de ODU; het gaat om meerdere fulltime en deeltijd-juristen. Bij de ODU worden deze fulltime ingezet op VTH. Bij de gemeente ook voor overige (bestuurlijk)juridische zaken.

VTH-OOV De uitvoering van de VTH-OOV taken gebeurt door de gemeente zelf. De capaciteit is daarbij verdeeld over drie teams: Klant (vergunningen), Handhaving (toezicht en handhaving) en Veiligheid (beleid, ondersteuning Bibob). Voor de uitvoering van de VTH-OOV taken is circa 10 fte beschikbaar. Taakgebied Vergunningverlening APV en bijzondere wetten Toezicht en handhaving Handhaving (juridische inzet) Overige inzet VTH OOV (ondersteuning Bibob) Totaal

Aantal medewerkers 2 7 1 1 11

De weergegeven capaciteit is de capaciteit die per 1 januari 2026 beschikbaar is.

17

capaciteit (FTE) 1,8 fte 7,0 fte 0,8 fte 0,1 fte 9,7 fte

Interne samenwerking De gemeente en de ODU werken samen met diverse ketenpartners. De belangrijkste zijn de Veiligheidsregio Utrecht (VRU), Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden (HDSR), Politie, OM en de provincie Utrecht. Een belangrijk adviesorgaan voor VTH-omgevingsrecht is de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit IJsselstein. In bijlage 6 is een volledig overzicht van de ketenpartners opgenomen. Financiële middelen In de gemeentelijke begroting zijn de structurele kosten voor VTH-omgevingsrecht, VTH-OOV en de werkzaamheden van de Omgevingsdienst Utrecht (ODU) volledig opgenomen. Voor de uitvoering door de ODU in 2026 is in totaal € 2,28 mln gereserveerd, waarvan € 1,51 mln voor de uitvoering van VTH-bouw- en ROtaken door de ODU. Voor de uitvoering van de OOV-taken door de gemeente zelf (inclusief de OOV-VTH-taken) is in de vaste formatie eveneens ruim € 2 mln gereserveerd in de (meerjaren)begroting.

Kwaliteitsborging De gemeente IJsselstein en de ODU borgen in 2026 de uitvoering van vergunningverlening, toezicht en handhaving conform artikel 13.5–13.12 van het Omgevingsbesluit. De ODU voert de specialistische VTHomgevingsrechtelijke taken uit binnen een robuuste organisatie met voldoende deskundigheid, capaciteit, functiescheiding en continuïteit. De wijze waarop de ODU de kwaliteit borgt is vastgelegd in de regionale U&Hstrategie. De gemeente borgt de kwaliteit van juridische besluitvorming, bezwaar en beroep en de APV/OOVtaken via vaste processen, mandaten, deskundige medewerkers en onafhankelijk toezicht. Waar de gemeente niet zelfstandig over voldoende kritieke massa beschikt, wordt volgens het principe ‘comply or explain’ gebruikgemaakt van ondersteuning door de ODU of andere deskundige partners, met aanvullende maatregelen om de kwaliteit te waarborgen. Monitoring, rapportage en evaluatie vinden structureel plaats zodat de uitvoering continu voldoet aan de kwaliteitscriteria 3.0 en de eisen van het Omgevingsbesluit.

Organisatieontwikkeling In 2026 werkt de gemeente IJsselstein gericht aan het verder versterken van de VTH-organisatie. De belangrijkste opgave is het realiseren van een nog meer voorspelbare, professioneel werkende keten waarin vergunningverlening, toezicht, handhaving en juridische afhandeling beter op elkaar zijn aangesloten. Daarbij worden werkprocessen waar nodig verder gestandaardiseerd, worden rollen en verantwoordelijkheden aangescherpt en wordt de informatiepositie verbeterd. De ontwikkelopgave binnen OOV vraagt in 2026 om een stevige impuls. In 2026 wordt geïnvesteerd in professionalisering, teamontwikkeling, duidelijke taakafspraken, opleiding en versterking van de basisprocessen. Wijkgericht en informatiegestuurd werken wordt verder uitgebouwd, waarbij boa’s structureel worden ondersteund door betere analyses, thematische acties en een hechtere samenwerking met politie, VRU, Cazas Wonen, Stichting Pulse en wijkregie. Ook de verbinding tussen VTH-omgevingsrecht en OOV wordt versterkt. Ook in het licht van de gezamenlijke opgaven. Het realiseren van de ontwikkelagenda is – zeker op onderdelen – een meerjarig en ook doorlopend proces. Bijvoorbeeld waar het gaat om de ontwikkeling van een dashboard of het samenspel tussen beleid en uitvoering. Dit inzet is om in 2026 daar een stevig fundament voor te leggen.

Dit geldt specifiek voor de ontwikkelopgave van OOV die in 2026 gerealiseerd en geïmplementeerd moeten worden. Deels zal dit gebeuren via een projectmatige aanpak. Dat wil zeggen voor het ontwerpen van een dashboard, het komen tot een goed calculatiemodel en de belangrijkste elementen in de ontwikkelopgave van OOV. Deels zal het gaat om een procesaanpak waarbij de gewenste ontwikkelingen worden verbonden aan de reguliere beleids- en uitvoeringscyclus (samenspel beleid en uitvoering, verbetering samenwerking etc.). Hiervoor wordt een plan van aanpak opgesteld.

18

BIJLAGEN

19

Bijlage 1: Uitvoeringsprogramma ODU 2026

20

Bijlage 2: Afkorting / Begrip APV Aw Bbl Bgbop Bibob Boa BOPA / OPA Bouwactiviteit B&W DVO Handhaving IBT LHSO ODRU / ODU OM OOV Ow PMO Preventie RIEC Risicogestuurd toezicht RUD Toezicht Vbwt

21

Toelichting Algemene Plaatselijke Verordening. Lokale verordening met regels over de openbare orde, veiligheid, leefbaarheid en evenementen. Alcoholwet. Regelt het schenken en verkopen van alcoholhoudende dranken en stelt eisen aan leidinggevenden en inrichtingen. Besluit bouwwerken leefomgeving. Geeft landelijke technische regels voor bouwwerken onder de Omgevingswet. Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen. Regelt brandveilig gebruik van plaatsen zoals evenementenlocaties. Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur. Geeft de gemeente bevoegdheid om te toetsen of een vergunning of transactie misbruikt kan worden voor criminele activiteiten. Buitengewoon opsporingsambtenaar. Handhaver met opsporingsbevoegdheid in het publieke domein. (Buitenplanse) Omgevingsplanactiviteit. Activiteit waarvoor een vergunning nodig is om af te wijken van het omgevingsplan. Activiteit gericht op het bouwen of verbouwen van bouwwerken; onder de Wkb deels onder toezicht van private kwaliteitsborgers. College van burgemeester en wethouders, bevoegd gezag voor de uitvoering van gemeentelijke VTH-taken. Dienstverleningsovereenkomst. Overeenkomst waarin afspraken met partners (zoals VRU of ODU) over taken, kosten en prestaties zijn vastgelegd.

Alle activiteiten gericht op het herstellen van een overtreding of het voorkomen van herhaling, variërend van waarschuwing tot bestuursdwang of boete. Interbestuurlijk Toezicht. Provinciale taak om toezicht te houden op de uitvoering van wettelijke taken door gemeenten. Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht. Landelijk kader voor een zorgvuldige en proportionele aanpak bij overtredingen. Omgevingsdienst Regio Utrecht (ODRU) en toekomstige Omgevingsdienst Utrecht (ODU, fusie met RUD Utrecht per 1 januari 2026). Uitvoeringsdienst voor milieu, bouwtoetsing en specialistisch VTH-advies. Openbaar Ministerie. Strafrechtelijke handhavingspartner voor gemeenten en politie. Openbare Orde en Veiligheid. Beleidsveld gericht op veiligheid, crisisbeheersing, toezicht in de openbare ruimte en aanpak ondermijning. Omgevingswet. Hoofdwet voor de fysieke leefomgeving. Bepaalt de kaders voor vergunningverlening, toezicht en handhaving door gemeenten, provincies en waterschappen. Provinciaal Milieu Overleg. Overlegstructuur onder regie van de provincie Utrecht waarin samenwerking over vergunningverlening, toezicht, handhaving en natuurtoezicht wordt gecoördineerd. De inzet van communicatie, voorlichting en overleg om overtredingen en risico’s te voorkomen. Regionaal Informatie- en Expertise Centrum.

Samenwerkingsverband dat gemeenten ondersteunt bij de aanpak van ondermijnende criminaliteit. Toezichtstrategie waarbij inzet en frequentie worden afgestemd op de kans en de gevolgen van overtredingen. Regionale Uitvoeringsdienst Utrecht. Wordt per 2026 onderdeel van de nieuwe Omgevingsdienst Utrecht (ODU). Het controleren van naleving van wet- en regelgeving, zowel programmatisch, projectmatig, thematisch als signaalgestuurd. Vereniging Bouw- en Woningtoezicht. Branchevereniging die landelijke toets- en toezichtprotocollen ontwikkelt voor gemeenten.

Afkorting / Begrip VRU VTH Wkb Wnb

22

Toelichting Veiligheidsregio Utrecht. Adviseert over brandveiligheid en gezondheid bij vergunningverlening en voert het brandveiligheidstoezicht uit voor de gemeente IJsselstein. Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving. De kerninstrumenten van de gemeente om naleving van regels in de fysieke leefomgeving te waarborgen. Wet kwaliteitsborging voor het bouwen. Regelt dat private kwaliteitsborgers toezicht houden op de bouwkwaliteit van bouwwerken binnen gevolgklasse 1 - nieuwbouw. Wet natuurbescherming. Wet die regels stelt voor bescherming van natuur, soorten en gebieden; uitvoering en vergunningverlening liggen bij de provincie.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16696528/1