2.1 Ingekomen brief van stichting Fulcotheater d.d. 26 januari 2023
Tekst van het document
Aangetekend Gemeente IJsselstein T.a.v. het college van B&W Postbus 26 3400 AA IJsselstein
Tevens per e-mail: bestuurssecretariaat@ijsselstein.nl
Woerden, Onze ref: Uw ref: Inzake:
26 januari 2023 Stichting Fulcotheater / Advies 42740 Reactie op brief 22 december 2022
Geacht college, Namens cliënte Stichting Fulcotheater bericht ik u -in reactie op uw brief d.d. 22 december 2022- als volgt. In uw voornoemde brief informeert u cliënte over de afwijzing -door de raad in de raadsvergadering van 5 december 2022- van het ‘Voorstel bestuursmodel Fulcotheater’ en verzoekt u cliënte om haar bestuursmodel aan te passen van een ‘one tier’ naar een ‘two tier’ bestuursmodel. Dit laatste voor 31 januari 2023, opdat de continuering van de subsidieverlening niet in gevaar komt. U refereert in dit kader aan de ‘Subsidiebeschikking Transitiemodel 2021-2024’ d.d. 2 september 2021 en de daarin voorkomende navolgende passage (citaat): “De Governance Code Cultuur wordt door de Stichting Fulcotheater ingevoerd met daarbij de voorwaarde dat er sprake is van een two tier model waarbij sprake is van een duidelijke scheiding tussen uitvoering en toezicht. Hiervoor moet zo snel mogelijk doch uiterlijk voor 1 juli 2022, einde theaterjaar 2021-2022, een directeur worden aangesteld (conform raadsbesluit dd 8 juli 2021 (…)” “ Cliënte stelt vast dat: a. de gemeente haar nu per saldo dwingt tot het wijzigen van haar bestuursmodel; b. de gemeente hiermee ingaat tegen het consistente en goed gemotiveerde verzet van cliënte (in dit verband wijst cliënte o.a. op door haar georganiseerde presentatie d.d. 14 juni 2022 t.b.v. de gemeenteraad);
c.
d. e.
f.
g. h.
i.
j.
k.
l.
m.
de gemeente wenst terug te keren naar het bestuursmodel zoals dat bestond vóór het aantreden van het huidige bestuur. Zulks ondanks de evidente en jarenlange problemen in de relatie tussen de gemeente enerzijds en de voormalige directeur-bestuurder van Stichting Fulcotheater anderzijds, conflicten die mede gerelateerd zijn aan en gestimuleerd door de invulling van dat toenmalige two tier model; de gemeente voorbijgaat aan het gegeven dat de Wet Bestuur en Toezicht Rechtspersonen geen specifiek bestuursmodel voorschrijft; de gemeente voorbijgaat aan het feit dat ook de Governance Code Cultuur, waaraan de stichting zich statutair heeft gecommitteerd, geen specifiek bestuursmodel voorschrijft; de gemeente zich hiermee actief en direct mengt in de interne organisatie van cliënte. Zulks ondanks het door experts en de gemeente zelf geconstateerde risico van vereenzelviging.
Met andere woorden, de gemeente maakt zich hiermee mede verantwoordelijk en aansprakelijk; de gemeente zulks doet ondanks het vertrouwen dat zij zegt te hebben in het functioneren van het huidige bestuur; de gemeente zulks doet ondanks het gegeven dat zij zelf heeft vastgesteld dat het huidige bestuurs- en directiereglement én de statuten van Stichting Fulcotheater reeds nu voorzien in een passende en ook door de gemeente voorgestane scheiding tussen uitvoering en toezicht (en haar bestuur hier ook naar handelt); de gemeente zich bewust is van het feit dat de invoering van een two tier bestuursmodel logischerwijs zal leiden tot het toenemen van het aantal bestuursleden én het stijgen van de bijbehorende kosten (invoeringskosten daaronder mede verstaan); de gemeente voorbijgaat aan het algemeen bekende tekort aan enthousiaste en goed gekwalificeerde bestuurders, zeker wanneer het gaat om kandidaten met een achtergrond in of voldoende affiniteit met de cultuursector; de gemeente voorbij gaat aan het feit dat de systematiek van korte termijn subsidiering niet bijdraagt aan het beschikbaar krijgen van kandidaten die duurzame verantwoordelijkheid nemen voor bestuurlijke aansprakelijkheid; de gemeente hiermee ingaat tegen het door de notaris van cliënte gegeven advies, hetgeen in essentie inhoudt dat de one tier het meest geëigende model is bij de signatuur en omvang van deze
organisatie; en (tot slot) het door de gemeente ingeschakelde House of Governance ter zake (na haar onderzoek) het navolgende heeft geadviseerd en de gemeente voor de tegenovergestelde route kiest. De conclusie van het House of Governance (citaat): “Zoals aangegeven, biedt het one-tier model voldoende waarborgen voor een scheiding tussen toezicht en uitvoering door onderscheid te maken in Dagelijks Bestuur en Algemeen Bestuur. Uit de literatuur blijkt tevens dat het model passend is bij de aard en omvang van de organisatie, rekening houdend met de context.
Artikel 4 van de statuten van Stichting Fulcotheater geven hier formeel invulling aan door de inrichting van een bestuur en een daaruit samen te stellen Dagelijks Bestuur. Daarbij wordt aangegeven dat het bestuur een (uitvoerend) directeur aan kan nemen, echter dit is geen vereiste om tot een juiste toepassing van het model te komen. Binnen Stichting Fulcotheater vormen twee van de vier bestuursleden het Dagelijks Bestuur. De overige twee leden vormen, samen met de vijfde -nu vacante- zetel, het Algemeen Bestuur. Uit de zelfevaluatie blijkt dat de bestuursleden zich allen bewust zijn van hun rolverdeling maar dat dit naar buiten toe duidelijker gemaakt zou kunnen worden door die rolverdeling expliciet vast te leggen (op persoonsniveau) en hierover transparant te communiceren. 7 De conclusie is dan ook dat het gekozen one-tier bestuursmodel van de Stichting Fulcotheater voldoende waarborgen biedt als het gaat om scheiding tussen toezicht en uitvoering, dat het model op de juiste wijze is ingericht en op de juiste wijze wordt uitgevoerd door de bestuursleden van de Stichting.” Het is cliënte -gegeven het voorgaande- een raadsel waarom de gemeente haar nu verplicht tot het invoeren van een two tier bestuursmodel. Elke argumentatie ontbreekt eenvoudigweg.
Hoewel cliënte voldoende aanknopingspunten en aanleiding ziet tot het continueren van haar verzet, kiest zij ervoor om haar verzet op dit punt niet door te zetten, hoewel er andere ter zake aanwezige rechtsmiddelen voorhanden en kansrijk zijn. Zij zal dan ook nu, conform het voorliggende verzoek van de gemeente haar bestuursmodel wijzigen als ook een directeur aanstellen. Het voorgaande doet cliënte enkel in het belang van het Fulcotheater en haar maatschappelijke rol in IJsselstein. Cliënte wenst in dit kader wel te benadrukken dat zij ervan uitgaat, dat de inhoudelijke bemoeienis door de gemeente met de samenstelling, zoekprofielen en bemensing van haar bestuur, de inrichting en haar organisatie hiermee definitief eindigt. Indien en voor zover de gemeente dit anders ziet, verneemt cliënte dat graag per ommegaande. In dat geval zal cliënte zich beraden op haar positie en de bijbehorende (juridische) consequenties. Hoogachtend,
Mr. Toine Hitzert Advocaat