CConstaterende datIJsselstein
Koppel je AI →
Document · PDF

2.1 Brief taskforce aan VNG

Commissie Bestuur 12 oktober 2023, gemeente IJsselsteinBij agendapunt: Raadsinformatiebrieven1.178 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Geacht bestuur,

De door u gevreesde structurele korting op het gemeentefonds van € 3 miljard vanaf het jaar 2026 zou grote consequenties hebben voor de gemeentelijke meerjarenbegrotingen, met ongewenste vertraging in de uitvoering van de gemeentelijke taken als dreigend gevolg. Eerder vroeg u ons om advies over een passende reactie van de VNG . In een tussenbericht van begin juni constateerden we dat de financiële relatie tussen rijk en gemeenten al lange tijd te wensen overlaat, terwijl grote opgaven zoals huisvesting, zorg, energie, klimaat en mobiliteit juist vragen om duidelijkheid en voorspelbaarheid rond de structurele middelen die nodig zijn om deze opgaven aan te pakken. Wij hebben geadviseerd een mogelijke bezuiniging niet te verhalen op de eigen taken van gemeenten die een grote vrije bestedingsruimte kennen of op een verhoging van de OZB, maar te laten neerslaan bij de taken in medebewind (m.n. het fysieke domein, zorg en veiligheid), om zo ook het rijk te confronteren met de effecten van dit perspectief. Ten vervolge daarop heeft u - bij hoge uitzondering - uw leden geadviseerd om een meerjarenbegroting te presenteren waarin de gevolgen van een mogelijk tekort van € 3 miljard zichtbaar gemaakt zouden worden.

Daarnaast heeft u bureau BMC gevraagd met tal van gemeenten (ambtelijk en bestuurlijk) en met experts in het veld te spreken over de mogelijke effecten van dat tekort, in het bijzonder op de bovengenoemde drie domeinen.

Wij hebben inmiddels kennisgenomen van het BMC-rapport. De inhoud ervan bevestigt onze eerdere zorgen en levert een nuttige verdere onderbouwing op voor ons eerdere advies. De huidige grote, bewust nagestreefde verwevenheid van rijksbeleid en gemeentebeleid vertaalt zich niet verrassenderwijs in substantiële effecten van gemeentelijke bezuinigingen op rijksambities. Het door BMC gepresenteerde scenario schat in dat een korting van € 3 miljard ruwweg voor 40% zou neerslaan in het fysieke domein, voor 50% in het sociale domein en voor 10% in veiligheid. In het sociale domein gaat het meeste geld om, € 16 miljard; daar valt dan ook de grootste klap. Het fysieke domein is in omvang ook vrij groot met € 6 miljard, en daar is de pijn niet direct voelbaar; dat maakt bezuinigingen extra verleidelijk. Doordat er relatief weinig geld naar veiligheid gaat, € 2 miljard, zou daar slechts een klein deel van de korting belanden. De gevolgen liegen er niet om. -

Er is veel verwevenheid tussen de domeinen, waardoor effecten hard doorwerken: een integrale benadering komt niet tot stand en koppelkansen blijven onbenut. Door het ontbreken van essentiële investeringen zouden complete projecten stil kunnen vallen. Gemeenten geven aan dat bij een gewenste integrale aanpak veel verschillende projecten en disciplines samenhangen. Dit geldt bijvoorbeeld voor het fysieke domein, waar gebiedsgericht beoordeeld wordt wat nodig is rondom wonen, klimaat en energie. Zo biedt binnenstedelijk bouwen bijvoorbeeld kansen tot het versterken van de sociale structuur, hetgeen op zijn beurt raakt aan zorg en veiligheid. Maar binnenstedelijke bouw is vaak relatief duur t.o.v. bouw in het buitengebied en zal bij eventuele bezuinigingen niet snel worden doorgezet, met alle gevolgen van dien.

-

Er dreigt grote vertraging rond de woningbouwopgave en rond de doelstellingen van het klimaatakkoord, de mobiliteits- en de energietransitie Doordat er vanuit gemeenten geen cruciale cofinanciering plaats kan vinden, zouden vele projecten niet kunnen doorgaan. Maar ook eigen investeringen, waarbij voor de kapitaallasten, de beheers- en de onderhoudskosten structurele dekking nodig is, zouden de komende jaren heel moeilijk worden. Doordat het aantrekken van vast personeel (in een krappe arbeidsmarkt!) vraagt om structurele dekking, zal de capaciteit op beleid, vergunningverlening, ruimtelijke ordening en andere uitvoeringstaken schaars zijn. Dit heeft een verder effect op het tempo en de omvang van de ontwikkelingen in het fysieke domein.

-

In plaats van een stap vooruit, dreigen twee stappen achteruit in het sociale domein: de preventie neemt af en de wachtlijsten nemen toe Waar met de akkoorden op de Hervormingsagenda Jeugd, het Integraal Zorgakkoord (IZA) en Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) ingezet wordt op de houdbaarheid van het zorgstelsel, gericht op preventie en op samenwerking met zorgpartijen, zetten nieuwe besparingen de verhoudingen weer op scherp. Afspraken over investeringen en over het realiseren van inhoudelijke en financiële doelstellingen zullen niet kunnen worden nagekomen. Zo zou op preventie fors moeten worden bezuinigd, en doordat gemeenten zouden moeten korten op de tarieven en de omvang van de zorg krijgen aanbieders het zwaar. Het aanbod zou afnemen, met langere wachtlijsten tot gevolg. Ook op armoedebeleid en participatie zou bezuinigd moeten worden, waar juist een extra investering wenselijk zou zijn.

-

In de openbare ruimte zouden gemeenten op grotere afstand geraken van hun inwoners, doordat capaciteit moet worden teruggeschroefd. Dat zal snel zichtbaar en voelbaar worden Handhaving op straat is misschien wel de meest zichtbare taak van gemeenten. Een forse inperking van deze inzet zou in de eerste plaats leiden tot verloedering van de openbare ruimte: meer afval op straat, minder toezicht en handhaving bij ongewenst gedrag en minder evenementen. Ook wordt gevreesd voor een bijkomende effect op termijn: een aantrekkelijker klimaat voor ondermijnende criminaliteit. Als bovendien zou moeten worden bezuinigd op jeugdwerkers en buurtcoaches, zal dit een verder versterkend effect hebben. Daarnaast vraagt het onderhoud in de infrastructuur juist om intensivering om de achterstand van de afgelopen jaren in te lopen.

Samenvattend kunnen we niet anders dan vaststellen dat een structurele korting van € 3 miljard vanaf 2026 gemeenten een zeer ingrijpende en zeer zichtbare bezuinigingsoperatie op zou leggen, met substantiële gevolgen voor hun betrokkenheid bij de grote maatschappelijke opgaven van dit moment. De door het rijk actief bevorderde rol van gemeenten in deze transities is nu eenmaal groot en in veel gevallen cruciaal.

Wij hebben dan ook begrip voor uw begrotingsadvies en hopen dat de gemeentelijke reacties erop het mogelijk zullen maken om het bovenstaande verder te onderbouwen. Een eerste stap is uiteraard om in de komende periode, waarbinnen het geplande brede overhedenoverleg een belangrijke stap is, met de verschillende departementen en bewindspersonen te spreken over bovenstaande consequenties. In de nabije toekomst zal duidelijkheid moeten ontstaan over de op langere termijn beschikbare structurele middelen van gemeenten. Er kan niet gewacht worden op een coalitieakkoord van een nieuw kabinet. Wij zien tenslotte in het bovenstaande opnieuw bevestigd dat er een kanteling nodig is in de financiële en bestuurlijke verhoudingen tussen rijk en gemeenten. In het stelsel zijn allerlei aanpassingen denkbaar die de stabiliteit en voorspelbaarheid kunnen bevorderen. In het recente verleden lieten gemeenten bijvoorbeeld verschillende keren een rekeningoverschot zien. Er komt dan veel incidenteel geld op gemeenten af dat vaak laat in het jaar beschikbaar komt, waardoor gemeenten het niet meer passend kunnen uitgeven. En dat terwijl er juist behoefte is aan structureel geld, om langer vooruit te kunnen kijken, investeringen te doen en vast personeel aan te trekken. In september komen we hier graag bij u op terug.

Voor nu hebben wij ons geconcentreerd op de op korte termijn dreigende disbalans tussen taken en middelen. We hopen met deze brief een bijdrage te leveren aan uw eigen discussies en zijn graag bereid verder mee te denken over de juiste volgende stappen.

Hoogachtend,

Leden van de taskforce Alexander Rinnooy Kan (voorzitter) Guusje ter Horst Ank Bijleveld-Schouten Pieter Litjens Simon Fortuyn Maarten Allers (adviseur)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13218294/1