16.2 Statenbrief Regionaal Convenant Duurzame Woningbouw
Tekst van het document
STATENBRIEF 2022RGW98
Aan Provinciale Staten
ONDERWERP
DATUM DOCUMENTNUMMER VAN NUMMER PS COMMISSIE BIJLAGE
Convenant Duurzame TELEFOONNUMMER +31643205500 Woningbouw E-MAILADRES marrit.van.der.schaar@provinc 29‑03‑2022 ie-utrecht.nl UTSP-1539387505-1220 DOMEIN/OPGAVE SLO Marrit van der Schaar TEAM PL3 PS2022RGW PORTEFEUILLEHOUDER Van Muilekom Ruimte, Groen en Water/Wonen Convenant Duurzame Woningbouw provincie Utrecht
Geachte dames en heren, Essentie / samenvatting: Deze Statenbrief informeert u over ons besluit om het Convenant Duurzame Woningbouw provincie Utrecht op 23 juni te ondertekenen. Daarbij kiezen we voor het ambitieniveau “zilver”. Daarnaast blijven we als provincie een faciliterende rol spelen bij de implementatie van het convenant. Dit convenant bevat publiek-private afspraken met meetbare ondergrenzen op thema’s zoals energie, klimaatadaptatie, circulariteit, natuurinclusief bouwen, gezondheid en duurzaamheid. Het convenant is opgesteld samen met gemeenten, ROM, bouwpartijen en waterschappen. Doelgroepen zijn de partners in de bouwketen: gemeenten, provincie, bouwers, ontwikkelaars, corporaties, waterschappen, maatschappelijke organisaties en brancheorganisaties. Met het convenant wordt een gelijk speelveld gecreëerd voor marktpartijen waardoor er toekomstbestendig, kwalitatief hoogwaardig en tegelijkertijd goedkoper gebouwd kan worden. Door de diverse thema’s in het convenant bij elkaar te brengen ontstaat er één integraal kader. Na ondertekening van het convenant start de uitvoering, de monitoring van het afwegingskader en het opzetten van een leertraject. We passen het afwegingskader uit het convenant, waar nodig, aan naar de lessen en ontwikkelingen uit de praktijk.
Het is dus een ‘levend document’, waarbij de wijze waarop deze aanpassingen worden gedaan nog zal worden uitgewerkt. Inleiding: Deze Statenbrief informeert u over ons besluit om het Convenant Duurzame Woningbouw provincie Utrecht op 23 juni te ondertekenen. Daarbij kiezen we voor het ambitieniveau “zilver”. Daarnaast blijven we als provincie een faciliterende rol spelen bij de implementatie van het convenant. Dit krijgt vorm in kennisontwikkeling en -deling, en het monitoren en evalueren van de gemaakte afspraken.
1 van 4
Voorgeschiedenis: In 2020 initieerde een kerngroep bestaande uit de Cirkelalliantie, EBU, gemeente Amersfoort en gemeente Utrecht een verkenning (fase 1) naar het opstellen van een regionaal convenant Duurzaam Bouwen. Met name de markt ziet het belang en de kans om te komen tot een meer gelijk speelveld (level playing field). Ten tijde van fase 1 werd de provinciale motie ‘Hout, daar kun je op bouwen’ afgehandeld. Hierin refereerden we al aan het regionaal convenant dat een logisch vervolg is. Daarnaast stelden we tijdens fase 1 de afspraken klimaatadaptief bouwen op. Deze afspraken zijn ongewijzigd opgenomen in het Convenant Duurzame Woningbouw. Vanaf Q1 2021 sloten we aan bij de kerngroep1 en werden we coördinator voor de volgende fase (2): het opstellen van een regionaal convenant. De eerste helft van 2021 is besteed aan het uitlijnen van de governance (bestuurlijke kerngroep en ambtelijke werkgroep) en de opdrachtformulering voor het adviesbureau &Flux. Na de zomer van 2021 startte fase 2 waarbij de bestuurlijke kerngroep als opdrachtgever werd aangesteld. De partijen in de kerngroep zijn gelijkwaardig in dit traject. De provincie is voorzitter van de kerngroep en heeft het gehele traject ondersteund met middelen, capaciteit en kennis. Het convenant is in samenspraak en -werking met medeoverheden en marktpartijen opgesteld.
Wij zijn “slechts” één van de circa 60 convenantpartners. Op 9 november 2021 informeerden we u over de stand van zaken van het Convenant Duurzame Woningbouw. Hierin meldden we u dat het 1e concept van het convenant in december 2021 werd voorgelegd aan de ‘bestuurlijke kerngroep’ en dat de feestelijke ondertekening in Q1 2022 zou plaats vinden. De bestuurlijke kerngroep nam het stuk op 22 december 2021 aan. Via een memo informeerden we u op 23 februari 2022 over de stand van zaken, de samenwerking met de Metropoolregio Amsterdam (MRA) en uitstel van ondertekening. De MRA stelde een vergelijkbaar convenant op en in februari 2022 bekrachtigde de bestuurlijke kerngroep het verzoek tot samenwerking om zo een groter draagvlak te realiseren. Daarnaast gaven we in de memo aan dat de feestelijke ondertekening van het convenant wordt verplaatst naar 23 juni 2022, mede op verzoek van de bestuurders in verband met de gemeenteraadsverkiezingen. Doelstelling: Wij hebben als doelstelling te groeien naar een toevoeging van 10.000 woningen op jaarbasis aan de Utrechtse woningvoorraad. Op landelijke schaal is deze opgave nog groter: 1 miljoen nieuwe woningen tot aan 2030, die betaalbaar zijn en gezond voor de mens en goed voor de planeet.
Met de groeiende problemen op het gebied van klimaat, een verminderd aanbod aan grondstoffen, afname biodiversiteit en de uitdagingen die Nederland heeft met het stikstofvraagstuk is dit haast een onmogelijke opdracht als er geen passende maatregelen worden genomen. Tel daarboven op dat regels en richtlijnen per regio, provincie en gemeente verschillen en de missie wordt praktisch bijna onuitvoerbaar. Zeker ook voor ontwikkelaars, bouwpartijen en gemeenten die deze ambities moeten kunnen realiseren. Met het Convenant Duurzame Woningbouw creëren we een gelijk speelveld voor marktpartijen waardoor er toekomstbestendig, kwalitatief hoogwaardig en tegelijkertijd goedkoper gebouwd kan worden. De provincie is zelf geen ontwikkelende partij, met uitzondering van Hart van de Heuvelrug en Vliegbasis Soesterberg. Wij hebben een coördinerende en faciliterende rol gepakt in de totstandkoming van het convenant. Ambitieniveaus in het convenant: De landelijke doelstellingen op het gebied van CO2-reductie, circulariteit en de energietransitie zijn uitgangspunten voor het convenant. Het convenant verwijst daarnaast naar andere initiatieven zoals de ‘Afspraken klimaatadaptief bouwen’, Programma Regionaal Programmeren, ‘Samen versnellen naar het nieuwe normaal’ en de ‘Citydeal circulair en conceptueel bouwen’.
Het convenant bevat drie verschillende bovenwettelijke ambitieniveaus opgenomen; brons, zilver en goud. Brons ligt dicht tegen het wettelijk minimum aan, zilver stijgt daar verder bovenuit en goud is echt een koplopers-ambitie. Bij ondertekening van het convenant tekent een partij automatisch voor brons. Maatwerk is hierbij mogelijk. Uiteindelijk bepaalt elke ondertekenaar zelf voor welk ambitieniveau hij kiest. Als bij een opgave of locatie hogere ambities haalbaar zijn wordt het aangemoedigd die na te streven. Als blijkt dat het op bepaalde indicatoren niet 1
Bestuurlijke vertegenwoordigers van: Provincie Utrecht, gemeente Amersfoort, gemeente Montfoort, ROM, Ballast Nedam, Schipperbosch, Bolton groep, waterschap HDSR
2 van 4
mogelijk is om aan brons te voldoen dan geldt het Bouwbesluit. De niveaus zijn er voornamelijk om voorspelbaarheid te creëren zodat partijen zich daarop kunnen organiseren. Wij kiezen voor het ambitieniveau zilver. De monitoring en evaluatie richten zich niet op het handhaven van het convenant, maar op het inzicht verkrijgen in welke indicatoren in de praktijk op welke niveaus gehaald worden. Bij lage niveaus is onderzoek nodig naar waar de barrière ligt en welke middelen ingezet kunnen worden om die te beslechten. Andersom geldt ook dat als de indicatoren van ambitieniveau ‘zilver’ op onderdelen altijd worden behaald, dit de nieuwe indicator kan worden voor ‘brons’. Wij ondersteunen dit traject. Provinciaal beleid: Het ondertekenen van het Convenant Duurzame Woningbouw sluit aan bij huidig provinciaal beleid en provinciale ambities op het gebied van versnelling woningbouw, energietransitie, klimaatadaptatie, natuurinclusief bouwen, circulaire samenleving, mobiliteit en gezonde leefomgeving. Het convenant en de provinciale programma’s op de verschillende thema’s kunnen elkaar wederzijds versterken door gebruik te maken van elkaars netwerk en van de vragen die voortkomen uit het leertraject. Daartegenover staat dat de ambities van het convenant het resultaat zijn van input van vele partijen. Deze kunnen afwijken van reeds vastgesteld beleid van de provincie.
Ondertekening van het convenant ligt bij het college. Implementatie: Vanaf medio maart 2022 bereiden we de implementatie van de afspraken uit het convenant voor. We werken aan een leertraject, handreiking, monitoring en evaluatie van het convenant. We vervullen ook hierbij een coördinerende en ondersteunende rol. ▪ Uitwerken integraal afwegingskader: Het geeft handvatten hoe je de thema’s integraal kunt benaderen en wanneer kritieke momenten plaatsvinden in het ontwerp en bouwproces. Dit wordt zowel conceptueel als in tekst uitgewerkt. De grote provinciale programma’s zoals Groen groeit mee plaatsen we ook in dit kader zodat voor gemeenten duidelijk is waar ze thuishoren binnen het convenant. Dit alles moet het vergemakkelijken om het publiek-private gesprek met elkaar te voeren. ▪ Leertraject/Handreiking: Mogelijke instrumenten zijn leerkringen, voorbeeldprojecten, doorrekeningen, expertsessies, evaluaties van projecten, standaardiseren van documenten (beleid, uitvragen voor tender, juridische verkenningen) en uiteraard het monitoren van de werking van het convenant. Voor de monitoring zullen we samenwerken met de “Data en kennishub gezond stedelijk leven” van het programma Gezonde Leefomgeving. ▪ Jaarlijkse monitoring en evaluatie: We zullen het convenant jaarlijks evalueren. We bekijken of nieuwe ontwikkelingen op gebied van o.a.
techniek, wetgeving of werkbaarheid leiden tot aanpassingen van het convenant. De bestuurlijke kerngroep heeft de bevoegdheid om eventuele wijzigingen in het convenant toe te passen. Samenwerking met andere partijen: Circulaire partners Waar mogelijk gebruiken we bestaande netwerken om een zo breed mogelijke groep publieke en private partijen te laten aansluiten bij het Convenant Duurzame Woningbouw. Dit betreft huidige partners zoals Cirkelstad met ‘Samen versnellen, op weg naar Het nieuwe normaal2’ en de City Deal Circulair en Conceptueel Bouwen (initiatief min. BZK). Daarnaast hebben we contact met de Natuur en Milieufederatie Utrecht (NMU). Het door de NMU gepubliceerde Handboek ‘Bouwen voor de Toekomst’ biedt handvaten om ook de indicatoren van het convenant in
2
Cirkelstad werkt met vele partners: de publieke kant het Rijksvastgoedbedrijf, Rijkswaterstaat en de vier grote steden en aan de private kant BAM, Dura Vermeer, Synchroon, Van Wijnen en Volker Wessels. Samen met het ministerie van BZK lanceerde deze groep het convenant Samen Versnellen, dat onder het motto het ‘nieuwe normaal’ met afspraken over circulair bouwen het pad effent richting 2023.
3 van 4
de praktijk toe te passen. Ook de ROM is betrokken bij het opstellen en implementeren van het Convenant Duurzame Woningbouw. Bestuurlijke partners De MRA ontwikkelde een vergelijkbaar integraal Convenant Duurzame Woningbouw: Toekomstbestendig Bouwen. De bestuurlijke kerngroep besloot in februari samen op te trekken met de MRA. De twee convenanten zijn inhoudelijk zoveel mogelijk op elkaar afgestemd en op 10 maart vond een gezamenlijke bijeenkomst plaats. Op deze wijze kunnen we krachten bundelen (qua kennis en financieel) in het implementatietraject. Naar verwachting gaan meerdere provincies zich aansluiten bij het convenant waardoor we de lobby naar Den Haag voor landelijke indicatoren versterken. Het is belangrijk om maatregelen omtrent duurzaam bouwen (op alle thema’s) op te nemen, willen de doelen van onder andere het VN-Klimaatakkoord van Parijs 2050 gehaald worden. Daarnaast kan dit vergrote draagvlak bijdragen aan een mogelijke steun vanuit de koepelorganisaties zoals NEPROM en Bouwend Nederland. Indien het convenant een vlucht neemt en meerdere provincies, gemeenten en andere partijen aansluiten, is het verstandig een andere governance structuur te organiseren. Dit werken we in overleg met die partijen uit. Financiën: De kosten voor de implementatie en toepassing van het convenant zijn begroot op €300.000.
Deze middelen besteden we aan: extra tijdelijke personele capaciteit team Versnelling Woningbouw, opdrachten aan partijen voor het opzetten van het integraal afwegingskader en het leertraject, kennisontwikkeling en -deling en communicatie. Deze kosten worden gedekt vanuit de middelen in het programmabudget van het Programma Versnelling Woningbouw. Dit is opgenomen in beleidsdoel 1.3 ‘er is passende woonruimte die aansluit bij de woningbehoefte in de provincie Utrecht’. In de kadernota 2022-2025 is voor de jaren 2022 en 2023 tweemaal €115.000 vrij gemaakt voor extra capaciteit om verder invulling te geven aan het Convenant Duurzame Woningbouw. Indien er inderdaad meerdere regio’s en provincies zich aansluiten en een andere projectorganisatie gewenst is onderzoeken we een bredere financieringsconstructie met de externe partijen. Gedeputeerde Staten van Utrecht,
Voorzitter, mr. J.H. Oosters
Secretaris, mr. drs. A.G. Knol-van Leeuwen
4 van 4