14.2 Bestuursvoorstel kadernota 2023 SGL
Tekst van het document
Voorstel aan het algemeen bestuur Vergadering 17 februari 2022 Agendapunt 6.a Onderwerp Uitgangspunten begroting 2023
Bestuursvoorstel Onderwerp Aan Van Datum Bijlagen
Uitgangspunten begroting 2023 Het algemeen bestuur van recreatieschap Stichtse Groenlanden John Kragten (j.kragten@recreatiemiddennederland.nl 19 januari 2022 Uitgangspunten begroting 2023
Overwegingen en besluit
Overwegingen - Gelet op artikel 58b van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr); - Gelet op Gemeenschappelijke regeling (GR) recreatieschap Stichtse Groenlanden; - Overwegende dat recreatieschap Stichtse Groenlanden conform artikel 32 van de GR werkt met budgetperiodes van 4 jaar; - Overwegende dat de Kadernota 2019-2022 dient als algemeen beleidskader en financieel uitgangspunt voor de budgetperiode 2019-2022. - Overwegende dat 2023 een overgangsjaar is en daarmee beleidsarm is. - Overwegende dat op basis van de Kadernota 2019-2022 jaarlijks specifieke uitgangspunten voor het komende begrotingsjaar worden opgesteld. - Overwegende dat de Uitgangspunten begroting 2023 dienen als uitgangspunt voor het opstellen van de Ontwerp Begroting 2023. - Overwegende dat de structurele kosten van de taakuitvoering vanaf 2023 door Staatsbosbeheer en de provincie Utrecht pas in juni bekend zullen worden en dan pas verwerkt kunnen worden in een ontwerpbegroting 2023; Besluit het AB: 1. de aangepaste Uitgangspunten Begroting 2023 voor zienswijze aan te bieden aan de raden van de deelnemende gemeenten en aan provinciale staten van de deelnemende provincie. 2. Voor het verwerken van de structurele kosten van de taakuitvoering vanaf 2023 door Ondertekening Staatsbosbeheer en de provincie Utrecht bij BZK uitstel te vragen voor indiening van de begroting 2023.
Hiermee wordt beoogd de mogelijkheid te creëren deze begroting in augustus 2022, als de kosten van de toekomstige samenwerking inzichtelijk zijn, bij de deelnemers in procedure te brengen. 3. de aangepaste Uitgangspunten Begroting 2023 ter vaststelling te agenderen voor de vergadering van de het Algemeen Bestuur d.d. 30 juni 2022.
Aldus vastgesteld in de vergadering van het dagelijks bestuur van recreatieschap Stichtse Groenlanden gehouden op 17 februari.
Dhr. J.H.C. van Everdingen Voorzitter
Mw. J. Brand Secretaris Pagina 1 van 4
Voorstel aan het algemeen bestuur Vergadering 17 februari 2022 Agendapunt 6.a Onderwerp Uitgangspunten begroting 2023
Toelichting 1. Inleiding Eens in de 4 jaar stelt het bestuur van Recreatieschap Stichtse Groenlanden een kadernota voor de 4-jarige budgetperiode vast. Deze kadernota dient als algemeen beleidskader en financieel uitgangspunt voor de gehele budgetperiode. Daarnaast stelt het bestuur jaarlijks specifieke uitgangpunten voor de ontwerpbegroting voor het volgende begrotingsjaar op. Deze uitgangspunten worden vertaald in de begroting.
2. Doel Beoogd wordt de Uitgangspunten begroting 2023 vast te stellen, zodat deze als algemeen beleidskader en financieel uitgangspunt kan dienen bij het opstellen van de Ontwerp Begroting 2023.
3. Afwegingen Voor het opstellen van de begroting 2023 wordt voorgesteld de uitgangspunten van de Kadernota 2019-2022 te hanteren; het financieel kader uit deze kadernota is daarmee tevens leidend voor 2023. Zo wordt er geen verhoging van de deelnemersbijdrage gevraagd anders dan indexatie. Aanvullend op de Kadernota 2019-2022, wordt de begroting voor 2023 opgesteld met de volgende uitgangspunten: 1) De deelnemersbijdrage aan Recreatieschap Stichtse Groenlanden wordt met 2,0% verhoogd als gevolg van loon- en prijsindexatie, ervan uitgaande dat: a. De deelnemersbijdrage aan Recreatie Midden-Nederland met 2,22%1 wordt geïndexeerd; b. Het te hanteren prijsindexcijfer, op basis van de meicirculaire provinciefonds 2021, 1,7% bedraagt; c. Voor de inkomsten, zoals tarieven voor ontheffingen en gebruik terreinen wordt een stijgingspercentage van 1,7% ten opzichte van 2022 aangehouden2; d. De inkomsten verwacht uit exploitatie (zoals erfpacht, verhuur, vergunningen, evenementen etc.) ten opzichte van 2021 worden bijgewerkt naar de laatste inzichten zoals in het bestuur vastgesteld. 2) Het beheer en onderhoud vindt plaats op basis van functievereisten, wettelijke kaders en vastgestelde kwaliteitsprofielen. De algemene onderliggende gedachte is ‘schoon, heel en veilig’. 3) Reservering voor groot onderhoud vindt plaats op basis het vigerende MJOP, dat loopt tot 2029.
In 2021 is het MJOP opnieuw opgesteld met behulp van het nieuwe beheersysteem GeoVisia. Vanaf 2022 wordt daarom begroot op basis van de werkelijke staat van onderhoud. 4) Per 1 januari 2018 heeft het recreatieschap een dienstverleningsovereenkomst (DVO) met het Routebureau Utrecht en is daarmee één van de opdrachtgevers. De bijdrage (€ 140.700,- voor programma A en € 29.900,- voor programma B op prijspeil 2021) die jaarlijks aan het Routebureau moet worden betaald, wordt volledig gedekt vanuit de beschikbare middelen voor het routebeheer in de begroting van het recreatieschap. 5) Als basis voor de inkomsten uit bezoek aan het strandbad Maarsseveen wordt uitgegaan van een meerjarig gemiddelde van 80.000 betalende bezoekers (programma A).
1 De onderbouwing van het indexatiepercentage RMN à 2,22% is als volgt: het gewogen gemiddelde van de
loongerelateerde stijging (86%) 2,3% en de stijging op overige kosten (14%) 1,7%. 2 De inkomsten die geïndexeerd kunnen worden, worden met 1,6% geïndexeerd. Helaas kunnen niet alle inkomsten geïndexeerd worden, omdat in het verleden overeenkomsten zijn gesloten zonder indexatiemogelijkheid. Dit heeft tot gevolg dat de totale inkomsten gemiddeld met 1% zullen stijgen.
Pagina 2 van 4
Voorstel aan het algemeen bestuur Vergadering 17 februari 2022 Agendapunt 6.a Onderwerp Uitgangspunten begroting 2023
4. Financiën Om tot een sluitende Ontwerp Begroting 2023 te komen, is het noodzakelijk om de deelnemersbijdrage te indexeren.
5. Uitvoering Eenmalige kosten In 2022 wordt naar verwachting een besluit genomen over de vorm waarin Recreatieschap Stichtse Groenlanden zich organiseert. Hierbij is het uitgangspunt dat er dan geen ruimte meer is voor RMN en dat RMN daarom per 1 januari 2023 wordt opgeheven. Naar verwachting wordt in de tweede helft van 2022 duidelijk op welke manier de huidige taken van RMN worden overgedragen en aan wie die taken worden overgedragen. Ten aanzien van de financiële afwikkeling worden de totale liquidatiekosten grond van het concept liquidatieplan begroot op € 1.250.000. Dit bedrag wordt verwerkt in de eerste begrotingswijziging 2022. De liquidatiekosten worden op de volgende wijze verwerkt: •
Eerst wordt beoordeeld welk deel van de kosten gedekt kunnen worden binnen de begroting van RMN • Het resterende deel wordt volgens de verdeelsleutel van de begroting doorbelast naar de schappen waar vervolgens beoordeeld wordt welk deel gedekt kan worden binnen de begroting (binnen de exploitatie dan wel binnen het eigen vermogen) • Welk deel komt tot slot voor rekening van de deelnemers Het effect op de begroting 2023 wordt daarmee op dit moment op nihil ingeschat. Structurele kosten ingaande 2023 Voor wat betreft de structurele kosten van de taakuitvoering het volgende. Op dit moment vindt onderzoek plaats door Staatsbosbeheer en de provincie Utrecht over de toekomstige samenwerking of dienstverlening voor de uitvoering van een aantal taken die nu door RMN voor SGL/LSD worden uitgevoerd. Voor het verwerken van deze structurele kosten in de begroting 2023 zijn er 2 varianten. De bestuurlijke begeleidingsgroep heeft een voorkeur voor een pragmatische oplossing en adviseert te kiezen voor Variant B. Variant A Om te voldoen aan de eisen van de BBV2017 zal eerst een beleidsarme primaire begroting 2023 worden opgesteld voor het schap, zoals dit ook voor de begrotingsjaren 2021 en 2022 is gebeurd. Het bestuur van SGL hanteert daarbij het huidige budget 2022 + indexering.
Wij verwachten uiterlijk in juni 2022 meer duidelijkheid te hebben over de financiële gevolgen van het aanbod van Staatsbosbeheer en de provincie Utrecht voor ons schap en zullen deze gevolgen dan verwerken in een begrotingswijziging voor het jaar 2023. Variant B Wij hebben bij BZK uitstel gevraagd voor indiening van de begroting 2023. Hiermee wordt beoogd de mogelijkheid te creëren deze begroting in augustus 2022, als de kosten van de toekomstige samenwerking inzichtelijk zijn, bij de deelnemers in procedure te brengen.
6. Vervolg •
• •
De Uitgangspunten begroting 2023 worden na vaststelling door het DB voor zienswijze aangeboden aan de raden van de deelnemende gemeenten en aan provinciale staten van de deelnemende provincie. Zij hebben 8 weken de tijd (wettelijke termijn) om een zienswijze kenbaar te maken. De Uitgangspunten begroting 2023 wordt ter kennisname geagendeerd voor de vergadering van de het AB d.d. 17 februari 2022. Met inachtneming van de ingediende zienswijzen stelt DB de definitieve Uitgangspunten begroting 2023 op tijdens de DB-vergadering d.d. 10 juni 2022.
Pagina 3 van 4
Voorstel aan het algemeen bestuur Vergadering 17 februari 2022 Agendapunt 6.a Onderwerp Uitgangspunten begroting 2023 •
De definitieve Kadernota 2023 – inclusief evt. zienswijzen en evt. wijzigingsvoorstel n.a.v. zienswijzen – wordt ter vaststelling geagendeerd voor de vergadering van het AB d.d. 30 juni 2022.
Pagina 4 van 4