1.1 Inhoud en proces Visie en Uitvoeringsagenda Duurzaamheid en Energie
Tekst van het document
Visie en Uitvoeringsagenda Duurzaamheid en Energie Aanleiding en Doel Sinds het klimaatakkoord van Parijs werken overheden en partners hard aan het terugdringen van de CO2 uitstoot met als doel de opwarming van de aarde te beperken tot 1,5 graden. Een doelstelling die de gemeente IJsselstein onderschrijft en die aan de basis ligt van de gemeentelijke ambitie om in 2050 klimaatneutraal te zijn. Met het sluiten van het nationaal klimaatakkoord in 2019 is de uitvoering bij decentrale overheden in een stroomversnelling terechtgekomen, zo ook bij de gemeente IJsselstein. Tussen 2019 en 2023 zijn er belangrijke besluiten genomen over de opwek van duurzame elektriciteit, de warmtetransitie en energiebesparing. Deze trajecten hebben een gedegen bestuurlijke basis gelegd voor de energietransitie. De uitwerking hiervan heeft echter veel gevraagd van de gemeentelijke organisatie. Hierdoor is het bredere/overkoepelende verhaal rond duurzaamheid naar de achtergrond is verdwenen. Daarnaast staat de gemeente aan de vooravond van een bredere en structurele inzet op het gebied van duurzaamheid en energie. Dat verdient, zoals ook in het coalitieakkoord is gesteld, een betere meerjarige borging die expliciet door de raad wordt bekrachtigd. Met dit in het achterhoofd wil de gemeente IJsselstein een Visie en Uitvoeringsagenda Duurzaamheid en Energie opstellen.
Hiermee wil de gemeente een aantal doelen bereiken: 1. De Visie en Uitvoeringsagenda dient in de eerste plaats een integraal en samenhangend verhaal neer te zetten over een duurzaam IJsselstein en de rol die gemeente en maatschappelijke partners/stakeholders daarin hebben. Een integrale visie voor de lange termijn met daaraan gekoppelde doelstellingen, activiteiten en budgetten. De Visie en Uitvoeringsagenda bouwt voort op de bestaande beleidsdocumenten (zie bijlage 1). 2. De Visie en Uitvoeringsagenda stelt ambities en prioriteiten en legt een planning vast in relatie tot de uitvoering op het gebied van: a. Duurzaamheid in bredere zin b. Het klimaatakkoord (voornamelijk gericht op energie) 3. Tot slot dient de Visie en Uitvoeringsagenda bruggen te slaan tussen beleidsterreinen en te leiden tot bewustwording, draagvlak en eigenaarschap binnen de organisatie. Resultaat In een tijdspanne van zo’n 10 maanden wil de gemeente een Visie en Uitvoeringsagenda Duurzaamheid en Energie opstellen. Dit document bestaat in elk geval uit 4 delen: - Visie; - Speerpunten en doelstellingen; - Uitvoeringsagenda; - Nulmeting en monitoring
Scope: uitvoering ligt tijdens de visie niet stil De Visie en Uitvoeringsagenda Duurzaamheid en Energie zet op hoofdlijnen een visie en programma neer voor de langere termijn. Het recentelijk vastgestelde beleid vormt in het traject een belangrijk vertrekpunt en staat in principe niet ter discussie. Daarnaast is de Visie en Uitvoeringsagenda Duurzaamheid en Energie is ook niet bedoeld om de RES 1.0 of Transitievisie Warmte verder uit te werken. De uitvoering van de RES en Transitievisie warmte zal parallel aan dit proces plaatsvinden. Inhoudelijke stappen Voordat wordt gestart met het opstellen van een Visie en Uitvoeringsagenda wordt een foto gemaakt van waar we op dit moment staan. Dit gebeurt aan de hand van Sustainable Development Goals of andere kader dat recht doet aan duurzame ontwikkeling en brede welvaart. Op die manier is voor het traject echt begint duidelijk waar de gemeente op dit moment staat zodat het gesprek van waar we naar toe willen wordt vereenvoudigd. De visie beschrijft hoe een duurzaam IJsselstein er zou moeten uitzien en welke rol de gemeente in de verschillende transities heeft/neemt. Het is een overkoepelend verhaal dat de samenhang duidt tussen alle facetten van duurzaamheid dus zowel de meer milieu/ecologische aspecten als de sociale kant. Het opstellen van de visie willen we nadrukkelijk benutten om duurzaamheid goed te definiëren.
Zo ontstaat er ruimte om leemtes te identificeren en nieuwe perspectieven in te brengen. De visie wordt vervolgens gekoppeld aan concrete speerpunten en meetbare doelstellingen voor de middellange en lange termijn (in elk geval 2030, 2040 en 2050). Hierin worden de prioriteiten vastgelegd en wordt in elk geval aandacht besteed aan de sectoren uit het klimaatakkoord en de verduurzaming van de gemeentelijke organisatie. Met het opstellen van de speerpunten wordt tevens eigenaarschap vastgelegd binnen de organisatie. Het vastleggen van de speerpunten en doelstellingen vormt een mijlpaal en go/no go. Deze vormen de basis om in de laatste fase een actiegerichte uitvoeringsagenda op te stellen. De uitvoeringsagenda beschrijft welke activiteiten/acties er van 2024 t/m 2030 worden opgepakt om uitvoering te geven aan de speerpunten en doelstellingen. Elk van deze activiteiten wordt kort beschreven en per speerpunt wordt onderbouwd waarom deze combinatie van activiteiten wordt opgepakt. De activiteiten worden opgenomen in een meerjarenbegroting die inzicht geeft in de benodigde ambtelijke capaciteit en budgetten om de doelstellingen te bereiken. De activiteiten die gelinkt zijn aan een de reductie van broeikasgassen zullen ook op effect worden beoordeeld (CO2 reductie) zodat het pakket aan maatregelen is te spiegelen aan de CO2 reductiedoelstellingen.
Tot slot is de uitvoeringsagenda zo van opzet dat hij in de toekomst te gebruiken is wanneer activiteiten worden opgeschort of toegevoegd. Tot slot willen we er voor zorgen dat de voortgang van het programma inzichtelijk wordt. De Visie en Uitvoeringsagenda Duurzaamheid en Energie bevat dan ook een monitoringsparagraaf. Deze monitoringsparagraaf dient als nulmeting en zet ook uiteen hoe er jaarlijks wordt gemonitord. Deze monitor wordt vormgegeven op basis van bestaande en beschikbare data zoals die van het CBS en andere openbare bronnen. Gedurende het gehele traject vormt het reeds vastgestelde beleid - zoals de visie klimaatadaptatie, VANG en IVOR - een belangrijke leidraad. In de visie zoeken we de integraliteit en kijken we naar de langere termijn (2040 en 2050). Uiteindelijk vertalen we de visie en doelstellingen naar een uitvoeringsagenda met benodigde activiteiten en budgetten. Op de volgende pagina vind u een schematische weergave van de beoogde opbouw van de visie en uitvoeringsagenda iets beter schetst.
Schematische weergaven opbouw Visie en Uitvoeringsagenda
* de in de pijlers genoemde speerpunten en doelstelling zijn in dit schema als voorbeeld toegevoegd. De daadwerkelijke speerpunten en doelstellingen kunnen uiteindelijk afwijken van de hier genoemde speerpunten en doelstellingen.
Processtappen
Fase 1: Opstellen van de foto
Fase 2: Visie
Fase 3: Prioriteiten, speerpunten en doelstellingen
Fase 4: Uitvoeringsagenda
Fase 5: Besluitvorming visie en uitvoeringsagenda
Zoals hierboven beschreven start het proces met het opstellen van de foto waarna de focus zich verplaatst naar de visie. In de visiefase is de scope het breedst. In deze fase worden de hoeken van het speelveld verkend en uiteindelijk vastgelegd waar de gemeente inhoudelijk voor staat en waar zij voor wil gaan. Hier leggen we ook een stuk ambitie vast. Daarna wordt steeds meer focus aangebracht. Fase drie start met een gesprek/discussie over de prioriteiten. Daarbij wordt niet alleen vastgelegd welke thema’s belangrijk worden gevonden maar ook hoe de thema’s met prioriteit zich tot elkaar verhouden. Dit vormt de basis voor speerpunten van het beleid. Aan de verschillende speerpunten worden in deze fase ook doelstellingen gekoppeld. De prioriteiten worden later in het proces mogelijk weer relevant wanneer de feedbackloop eventueel wordt ingezet. Als laatste stap worden de prioriteiten, speerpunten en doelstellingen vertaald naar een uitvoergingsagenda. In het proces is er een feedbackloop voorzien tussen fase vier en fase drie. Bij het opstellen van de uitvoeringsagenda kan bijvoorbeeld blijken dat de gemeentelijke financien niet toereikend zijn om de opgestelde uitvoeringsagenda uit te voeren. Idealiter wordt dit voorkomen maar een dergelijke situatie kan niet helemaal worden uitgesloten.
De feedbackloop is er op gericht om aan de hand van de eerder gestelde prioriteiten de speerpunten, doelstellingen en uitvoeringsagenda aan te passen. Dit doen we transparant om de keuzes die de gemeente maakt voor iedereen inzichtelijk en begrijpelijk te maken. Fase 1 tot en met 4 zal plaatvinden van maart tot en met september De besluitvorming zal plaatvinden in het vierde kwartaal van 2024.
Participatie Het opstellen van een Visie en Uitvoeringsagenda Duurzaamheid en Energie doen we niet alleen. Dit doen we samen met stakeholders, maatschappelijke partijen en de gemeentelijke organisatie. Participatie extern: stakeholders en maatschappelijke partijen De transitie naar een duurzame samenleving vraagt ook een inspanning van stakeholders en maatschappelijke partners. Om die reden gaan we op een aantal gezette momenten met hen in gesprek en geven we hen een adviserende rol. Op die manier nemen we hen mee en creëren we gedeeld eigenaarschap. Tegelijkertijd houden we de we de participatie waar mogelijk compact. In fase 1 willen we de stakeholders vragen om via een digitale tool input te leveren voor het opstellen van de foto. De focus van de participatie ligt echter op fase 2 t/m 4. Middels een beperkt aantal participatiemomenten willen we in een externe klankbordgroep in gesprek met stakeholders over de richting die we op zouden willen en de keuzes en dillema’s die daarbij komen kijken. Participatie extern: inwoners en ondernemers De focus voor de participatie met inwoners zal met name liggen in de uitvoering. Bij het opstellen van de Visie en Uitvoeringsagenda kiezen we ervoor om inwoners op een laagdrempelige manier te consulteren. Op die manier krijgen we inzichtelijk wat er in de maatschappij leeft. De Visie en Uitvoeringsagenda sluit daar waar mogelijk op aan.
Participatie intern: gemeentelijke organisatie Duurzaamheid raakt aan het werk van de gemeentelijke organisatie. Het opstellen van Visie en Uitvoeringsagenda Duurzaamheid en Energie is dan ook als een mogelijkheid om bewustwording te vergoten en iedereen achter een verhaal te verenigen. Daarnaast willen we eigenaarschap creëren in de verschillende teams van de organisatie. Met het oog hierop zien we het van groot belang om de Visie en Uitvoeringsagenda samen met de organisatie op te stellen en voldoende tijd te nemen om de belangrijkste collega’s daar in een interne klankbordgroep bij te betrekken. Participatie intern: college en raad Duurzaamheid gaat echter over de portefeuilleverdeling heen. De portefeuillehouder duurzaamheid, wonen en de portefeuillehouder RO, mobiliteit en openbare ruimte zijn samen eerste aanspreekpunt voor dit traject. In het traject maken we ook ruimte om één keer interactief met de raad in gesprek te gaan. Dit doen we op het moment dat de visie en speerpunten vorm beginnen te krijgen. Op die manier kunnen de eerste resultaten worden gedeeld maar kan ook input worden opgehaald welke nog verwerkt kan worden. Financiële gevolgen Voor de begeleiding en opstellen van de Visie en Uitvoeringsagenda Duurzaamheid en Energie is waarschijnlijk een budget van €70.000 (ex. btw) nodig.
De kosten worden gedekt uit de reserve duurzaamheid en bij het opstellen van de jaarrekening zullen de daadwerkelijk gemaakte kosten worden onttrokken.
Bijlage 1: overzicht vastgestelde beleid dat raakt aan duurzaamheid Duurzaamheid raakt aan veel andere onderwerpen. Bij het opstellen van de Visie en Uitvoeringsagenda is het vastgestelde beleid een belangrijk vertrekpunt. Hieronder is een lijst terug te vinden van de belangrijkste beleidsstukken. Deze lijst is echter niet uitputtend. Onderwerp Energie
Openbare ruimte en leefomgeving
Mobiliteit Klimaatadaptatie Economie
Beleidsdocument RES 1.0 Transitievisie warmte Toets- en Afwegingskader duurzame energie Visie openbare ruimte
Verantwoordelijk wethouder Wethouder Tas Wethouder Tas Wethouder Tas
Beheerplan openbare ruimte afvalbeleidsplan Mobiliteitsvisie Visie Klimaatadaptatie Economische visie (nog in ontwikkeling)
Wethouder Bekker Wethouder Bekker Wethouder Bekker Wethouder Bekker Wethouder Schell
Wethouder Bekker