1.1 Bijlage Startnotitie Gebiedsalliantie Zuidwest
Tekst van het document
Startnotitie Gebiedsalliantie Zuidwest
1. Gebiedsallianties: wat en waarom? In gebiedsallianties werken gemeenten samen aan de uitvoering van het IRP. In deze startnotitie maken we de agenda van opgaven waar afstemming voor nodig is inzichtelijk. Zo neemt de samenwerking de vorm aan van gezamenlijk programmeren. Dat afstemmen doen we vanuit een constructieve, elkaar versterkende houding met oog voor zowel lokale belangen en vitaliteit, als voor regionale versterking en opgaven. We stemmen onze ideeën, plannen en maatregelen af en werken onze opgaven waarvan de impact de gemeentegrenzen overstijgen, samen uit in programma’s en projecten. Vanuit gebiedsallianties wordt ook de koppeling gelegd met de opgaven van de regio als geheel, en de proposities en samenwerking die nodig is met andere overheden. De basis voor de samenwerking in gebiedsallianties zijn de gebiedspakketten zoals beschreven in hoofdstuk 4 van de uitvoeringsagenda IRP. De gebiedsalliantie is erop gericht om meer in actie te komen en elkaar beter te vinden in de realisatie van de ambities. De organisatie, werkwijze en governance is maatwerk en wordt uitgewerkt via startnotities per alliantie. De werking van gebiedsallianties wordt in het bestuursconvenant U10 geregeld in artikel 13.
Doelen gebiedsallianties: 1. Ontwikkelingen in het gebied, omgeving en regionaal op elkaar afstemmen, zodat ze elkaar versterken; 2. De gezamenlijke opgave verder concretiseren en commitment organiseren; 3. De ontwikkel- en uitvoeringstrategie opstellen, organiseren en tot uitvoering brengen; 4. Gezamenlijke keuzes maken en prioriteiten stellen en lobby organiseren; 5. Borgen van bovenlokaal en regionaal draagvlak 2. Opgave voor de gebiedsalliantie Zuidwest Binnen de scope van de gebiedsalliantie is het van belang om de doorontwikkeling van de Lopikerwaard en Vijfheerenlanden (met autonome en regionale opgaven) in verband te brengen met de grote verstedelijkingsopgaven van Groot Merwede en Rijnenburg. Hoe kan deze grote ontwikkeling in de regio de opgaven voor Lopikerwaard en Vijfheerenlanden versterken en wat moeten we organiseren om negatieve effecten te mitigeren. In de alliantie worden de volgende ontwikkelingen in samenhang opgepakt: 1. Het gebied Groot Merwede en Rijnenburg is een van de door het Rijk aangewezen 17 grootschalige NOVEX-locaties (Groot Merwede) dat tot 2040 moet transformeren tot een levendig stedelijk gebied met o.a. 70.000 nieuwe woningen, 35.000 nieuwe arbeidsplaatsen, waarbij invulling moet worden gegeven aan een grote bereikbaarheidsopgave.
Een omvangrijke en complexe opgave met veel afhankelijkheden en randvoorwaarden die gedurende het planvormings- en ontwikkelproces nauwe afstemming vergen. De U10-gemeenten, de provincie, de MRU en het Rijk moeten elkaar goed kunnen vinden. Zo zijn we met elkaar in staat te anticiperen op de in de loop van de tijd veranderende omstandigheden en middelen. We moeten ervoor zorgen dat de opgaven van de regio en de omliggende gemeenten inzichtelijk zijn, dat meekoppelkansen worden benut en dat belangen in de uitwerkingen voor Groot Merwede en Rijnenburg worden behartigd en meegenomen. 2. Het voornemen om de gebiedsagenda Lopikerwaard te actualiseren: In 2020 is de gebiedsagenda Lopikerwaard opgesteld. Deze gebiedsagenda is een gezamenlijk regionaal perspectief op de ruimtelijke ontwikkeling van de gemeenten IJsselstein, Lopik, Montfoort, Oudewater en Woerden en Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden. Hiermee geven deze overheden gezamenlijk richting aan gewenste ruimtelijke ontwikkelingen in de kernen en het polderlandschap. Aanleiding voor deze actualisatie zijn de nieuwe ontwikkelingen die invloed hebben op het gebied. Zo wordt er gewerkt aan het NOVEX-gebied Groene Hart, zijn er plannen voor grootschalige woningbouw in Rijnenburg en is voor het IRP een uitvoeringsagenda gemaakt waarin allianties een belangrijk onderdeel vormen.
Deze ontwikkelingen hebben geleid tot de gedachte om de Omgevingsagenda Lopikerwaard te herijken. Insteek van de actualisatie is het maken van een uitvoeringsagenda op basis van prioriteiten van de gemeenten, waarin helder staat welke acties worden uitgevoerd en wie hiervan de trekker is.
3. Behoefte om in samenhang te werken aan Programmeren: vanuit gezamenlijk programmeren zal de regio een gedeeld beeld ophalen en dat inbrengen in volgende versies van het PPWW. Het gesprek over de programmering in de deelgebieden over wonen, werken, netcongestie, groen en mobiliteit is daarvoor een belangrijke basis, met de vitaliteit van de kernen als belangrijke drijfveer. Dit gesprek over programmering leidt niet altijd tot maximale realisatie. Vanuit de vitaliteit kan door een alliantie een andere keus gemaakt worden, bijvoorbeeld dan op basis van (nog vast te stellen) energiebeelden. Het gaat hierbij om lokaal specifieke opgaven, die vaak over woningbouw in relatie tot landschap gaan, maar soms ook over het verplaatsen van bedrijvigheid naar een betere plek. We werken aan een agenda van projecten waar afstemming voor nodig is. Startpunt hiervoor is de huidige programmering zoals opgenomen in het PPWW25 en de woondeal. Hier is immers al regionaal en provinciaal overeenstemming over. In de uitwerking hiervan zijn liggen nog vraagstukken die om afstemming vragen. Vervolgens benoemen we de plannen en ambities van de verschillende gemeenten waarover nog geen overeenstemming is. Het totaal aan programma kan leiden tot benodigde afwegingen vanwege beperkingen in ruimte en middelen (prioriteren). Deze afwegingen worden nu nog niet gemaakt. 4.
In het Groene Hart wordt in het kader van de NOVEX gewerkt aan een regionale investeringsagenda (RIA). Vanuit de gemeenten in Utrecht West zijn sleutelopgaven gedefinieerd die hierin een plek krijgen. De opgenomen projecten komen veelal voort uit de (te verwachte) effecten van de transitie landelijk gebied vaak versterkt door de druk die vanuit de verstedelijking optreedt. De verstedelijking en thema’s als vitaliteit, nieuwe economieën en het versterken van de recreatieve infrastructuur, zijn hierdoor aan elkaar verbonden. Door deze verbinding expliciet te maken en om te zetten naar maatregelen wordt invulling gegeven aan de behoefte aan wederkerigheid.
Centrale opgave voor deze gebiedsalliantie •
• • •
Impactanalyse Groot Merwede en Rijnenburg om in beeld te brengen waar kansen en bedreigingen liggen en deze vertalen naar koppelkansen in: o Mobiliteit: breder dan het MIRT perspectief, ook mobiliteitseffecten en oplossingen op provinciale wegen, afritten, OV-structuur in gebied Zuidwest o Groen en landschap, inclusief recreatie, natuur, wateropgave en landbouw, landschappelijk raamwerk, koppeling GGM-opgaven Rijnenburg, Hollandse IJssel en Polderscheg, recreatieve verbindingen Veenweidegebied o Voorzieningen, vitaliteit en identiteit Organiseren van wederkerigheid tussen Lopikerwaard/Vijfheerenlanden en Groot Merwede/Rijnenburg: impact in beeld brengen en sturen op meerwaarde Afstemmen ruimte voor bedrijvigheid binnen de alliantie (schuifruimte) en op regionaal schaalniveau Gedeeld beeld over nieuwbouwlocaties woningbouw en programmering
3. Agenda van de alliantie Hier staat een eerste overzicht van de onderwerpen en acties waar de alliantie over afstemt en uitvoering aan geeft. Deze lijst wordt nader uitgewerkt. Programmering ontwikkelopgaven en effecten We programmeren omdat we zicht willen op de samenhang en integraliteit in de uitvoering. Het laat zien waar essentiële keuzes zitten, voedt de lobby en de financiële strategie voor de regio. Om te komen tot de programmering stellen we met de deelnemers van de alliantie de volgende producten op: • Gebiedsprogrammering op wonen en werken • Impactanalyse gebiedsontwikkeling Groot Merwede Rijnenburg • Gezamenlijk ruimtelijk beeld/agenda en bijbehorende maatregelen • Meerjarenprogrammering (incl. inzicht in financieringsopgave) • Verkennen en opstarten lobby Afstemming onderzoeken en ontwikkelingen De programmering van de alliantie wordt geladen met de diverse lopende ontwikkelingen en onderzoeken in het gebied. Voor de ontwikkelingen direct in de alliantie is afstemming nodig om de juiste input op te nemen in de programmering en impactanalyse. Daarnaast is het ook van belang om op de hoogte te blijven van raakvlakprojecten en trajecten uit de omgeving van de alliantie die mogelijk van invloed kunnen zijn.
Hieronder staan de meest relevante ontwikkelingen, onderzoeken en samenwerkingen voor de alliantie benoemd: Directe ontwikkelingen, onderzoeken en gebiedssamenwerkingen • Impactanalyse Groot Merwede & Rijnenburg • Afstemming Groot Merwede & Rijnenburg • Afstemming Mirt-verkenning en Mirt-onderzoek • Actualisatie Lopikerwaardagenda • Sleutelopgaven Groene Hart o Naar een vitaal landelijk gebied o Drijvend Bouwen (Rijnenburg en Kerkwetering) o Nieuwe verbindingen (recreatie en groen/blauw) • Afstemmen woningbouwontwikkelingen • Afstemming bedrijventerreinen en programmering uitbreiding en schuifruimte, impact regionale bedrijventerreinstrategie op alliantie Zuidwest Afstemming onderzoeken en ontwikkelingen • Verkenning bedrijventerreinenstrategie regionaal • Energiebeelden netcongestie • Regiodeal Waarde(n) van het Groene Hart • UPLG gebiedsgerichte aanpak deelgebied Utrechtse Waarden en Vijfheerenlanden • Programmalijn Vitale kernen • UNed; Adaptief programmeren • Aanpak 2030 mobiliteit • Regionale Energie Strategie (RES) • Centraal Holland: werken aan waterveiligheid, beschikbaarheid zoetwater en ruimtelijke adaptatie
Partnertrajecten De programmering en impactanalyse van de alliantie zijn toeleverend aan andere trajecten. Vanuit de alliantie kan er gecoördineerd input geleverd worden aan bijvoorbeeld de volgende processen: • Gezamenlijke inbreng en reactie PPWW • Reactie Povi • Adaptief programmeren • NB
NAAM NOVEX Groene Hart Vitaliteit kernen Regiopoort Vianen Regiopoort Woerden Gaasperwaard
FASE Uitvoering Afstemming, beleid Onderzoek Uitvoering Uitvoering
WIE Alliantie Alliantie, U10, PU GV, PU GW, PU GV, U10, PU
PLANNING Loopt Voor 2030
4. Naar samen programmeren en samenwerken De inhoudelijke opgaven worden vertaald naar een gezamenlijke programmering en het samenwerken in een aantal opgaven en projecten. Dit zorgt voor samenhang en integraliteit in de uitvoering, laat zien waar essentiële keuzes zitten en voedt de lobby en de financiële strategie voor de regio. Het doel van regionaal programmeren Doel is de realisatie van projecten die in het IRP worden benoemd. Om tot uitvoering van bijvoorbeeld woningbouwprojecten te komen is het essentieel om te weten wat er nodig is aan randvoorwaarden en maatregelen. Vervolgens moeten hierover afspraken gemaakt worden in tijd (fasering), geld ((co)financiering) en uitvoering (wie is verantwoordelijk). Als startpunt gebruiken we de huidige programmering zoals bekend vanuit de woondeal en PPWW. Hier zijn immers al regionaal en provinciaal afspraken over gemaakt. In de uitwerking hiervan liggen nog vraagstukken die om afstemming vragen. Over welke projecten hebben we afspraken? Wonen IJsselstein – Paardenveld Noord IJsselstein – Ruimtevaartbaan IJsselstein – Europakwartier IJsselstein – Clinckhoeff + Televisiebaan IJsselstein – Randdijk IJsselstein – Lage Biezen IJsselstein – Ijsseloevers Lopik – Cabauw Lopik – Lopikerkapel Lopik – Lopik Oost I & II
400 79 134 72 + 38 145 64 560 – 580 50 50 126 & 280
Oudewater – Kerkwetering Montfoort – De Bleek Montfoort – Linschoten Zuidoost Montfoort – Hofdijk/Lindeboomseweg Nieuwegein – City Nieuwegein – Rijnhuizen Nieuwegein – Blokhoeve Vijfheerenlanden – Leerdam Broekgraaf Vijfheerenlanden – Leerdam Broekgraaf-Noord Vijfheerenlanden – Hoef en Haag Woerden Regiopoort Utrecht – Papendorp Utrecht – Groenewoud Utrecht – Merwede
500 500 80 50 1.180 902 260 448 800 288 5.000 2.000 1.500 10.000
Werken Vijfheerenlanden – Meerkerk V Vijfheerenlanden – Meerkerk IV Vijfheerenlanden – Gaasperwaard 2 Vijfheerenlanden – Gaasperwaard 3 IJsselstein – Lage Dijk Noord IJsselstein – Eastpoint IJsselstein – De Kroon Montfoort – Heeswijk-Oost Lopik – De Copen Lopik – De Copen-Noord Oudewater – Tappersheul 3
5 hectare 5 hectare 8 hectare 30 hectare 1,6 hectare 1,6 hectare 9 hectare 6 hectare 4,7 hectare 5,7 hectare 3 hectare
Over welke projecten gaan we afstemmen / programmering nog te onderzoeken? Inventarisatie van plannen en ambities van de gemeenten waarover nog geen overeenstemming is. Het totaal aan programma kan leiden tot benodigde afwegingen vanwege beperkingen in ruimte en middelen (prioriteren). Wonen Utrecht – Stadseiland-Zuid Utrecht – Rijnenburg Nieuwegein – Galecopperzoom & Liesbosch-West IJsselstein – Kromme IJsselpark Montfoort – Doeldijk Werken Utrecht – Bedrijvenpark Rijnenburg
> 11.000 22.000 - 25.000 5.000-10.000 1.300
39 – 52 ha
Effecten en maatregelen die nodig zijn Om de effecten van de verstedelijkingsopgave in beeld te krijgen voeren we onderzoek uit. Bijvoorbeeld om bij een nieuwe locatie de effecten en impact op de omgeving in beeld te krijgen. Daarnaast wordt sectoraal onderzoek gedaan naar mobiliteit via MPVE’s (mobiliteitsprogramma’s van eisen) en stellen we per alliantie energiebeelden op waarin de beperkingen door netcongestie inzichtelijk worden. In de uitvoeringsagenda van het IRP en het Adaptief Programmeren zijn maatregelen opgenomen die nodig zijn om deze verstedelijking mogelijk te maken of die nodig zijn vanuit een autonome opgave. In bijlage 2 is de projectenlijst opgenomen uit het traject Adaptief Programmeren (Uned). Dit is een lange lijst van maatregelen, waarin binnen de gebiedsalliantie geprioriteerd en geprogrammeerd moet worden. Wat is belangrijk, wanneer is het nodig, wie trekt de kar, hoe organiseren we de financiën en eventueel benodigde lobby. 5. Hoe organiseren we de alliantie a. Uitgangspunten voor de samenwerking In de uitvoeringsagenda van het IRP (H5) zijn algemene uitgangspunten en principes voor de samenwerking binnen de alliantie vastgesteld.
Specifiek voor de alliantie zuidwest worden daar de volgende uitgangspunten aan toegevoegd: - We staan voor elkaars opgaven passend binnen het gezamenlijk perspectief van het IRP; - Gemeenten zijn zelf verantwoordelijk voor de ontwikkelingen binnen hun gemeentegrenzen; - In de basis steunen we elkaars ontwikkelingen. Binnen de alliantie ligt het zwaartepunt op de impact en effecten van de ontwikkelingen in het gebied en de daaruit voortkomende maatregelen. b. Krachtenveld en organisatie Deelnemers en rollen Uitgangspunt binnen het IRP is dat de gemeenten (o.b.v. grondgebied) trekker zijn van de allianties en daar andere partijen bij kunnen uitnodigen. Indien relevant en gewenst kan de U10-organisatie meewerken in de gebiedsallianties, bijvoorbeeld als aanjager, adviseur en altijd als hoeder van het IRP. De rollen trekker en deelnemer zijn voor de partijen die het meest direct in de alliantie zitten. Voor de deelnemers kan de betrokkenheid zich eventueel beperken tot specifieke ontwikkelingen of onderwerpen. Naast deze partijen zijn er ook partijen die een ondersteunende, of faciliterende rol hebben zoals de U10, provincie en het waterschap. Het onderstaande overzicht toont de deelnemers en rollen in deze alliantie. Direct betrokken stakeholders
rollen
Gemeente IJsselstein
Trekker
Gemeente Vijfheerenlanden
Trekker
Gemeente Montfoort
Deelnemer
Gemeente Lopik
Deelnemer
Gemeente Oudewater
Deelnemer
Gemeente Woerden
Deelnemer
Gemeente Nieuwegein
Deelnemer en verbindend met GM
Gemeente Utrecht
Deelnemer en verbindend met GM/RB
Gemeente Houten
Deelnemer (ivm Laagraven-Oost)
Provincie Utrecht*
Bevoegd gezag, voorwaardenscheppend en faciliterend Zit aan de alliantie (deelname werkroep afhankelijk van agenda)
U10
Ondersteunend, aanjagend, stimulerend, vertegenwoordigend, verbindend met GM/RB
HDSR en Waterschap Rivierenland
Bevoegd gezag, voorwaardenscheppend en faciliterend Zit aan de alliantie (deelname werkgroep afhankelijk van agenda)
*De rol van de provincie moet nog in overleg worden bepaald. De alliantie richt zich met name op de direct betrokken overheden. Maar afhankelijk van de opgave en urgentie dienen ook de indirecte stakeholders betrokken te worden. Het volgende overzicht geeft hier een eerste inzicht in. Indirect betrokken stakeholders
Op welke onderdelen?
Buurgemeenten Krimpenerwaard, Molenlanden
Opgavengericht: o.a. op grote gebiedsontwikkelingen en landschap
RWS
Mobiliteitsopgave hoofdwegennet
Vitens
Drinkwateropgave
Stedin, Tennet
o.a. Netcongestie
Utrechts landschap, SBB/TBO’s
Landschappelijke opgaven
LTO
Transitie landelijk gebied
Grondeigenaren
Divers
Rijk
Divers
ODRU
Divers
VRU
Divers
EBU/ROM
Economie
Woningbouwcorporaties
Gebiedsontwikkeling
Fietsersbond
Mobiliteitsopgaven
Afstemming en overlegstructuren In de uitvoeringsagenda van het IRP (H5) staat de overlegstructuur beschreven. Afstemming tussen de allianties vindt plaats op het Ambtelijk overleg IRP (AO-IRP), Directeurenoverleg IRP (DO-IRP) en het Bestuurlijk overleg IRP (BO IRP).
Werkgroep zuidwest Deze overleggen worden voorbereid door de ambtelijke werkgroep zuidwest, aangestuurd door de trekkende gemeenten. In de werkgroep zitten alle direct betrokken gemeenten. Afhankelijk van de agenda kunnen indirect betrokken partijen zoals de provincie, HDSR of andere gebiedssamenwerkingen uitgenodigd worden om deel te nemen aan de werkgroep. Deelnemers van de werkgroep zorgen voor integrale en sectorale afstemming binnen hun eigen organisatie. Rolverdeling Zuidwest is een bijzondere gebiedsalliantie door de relatie met Groot Merwede & Rijnenburg en de impact op de omgeving. Het is essentieel om de verbinding tussen beide allianties goed te borgen. Dit doen we op drie manieren. Ten eerste geldt dat, waar de andere trekkers het proces van Zuidwest vormgeven, de gemeente Utrecht de taak heeft tijdig aan te geven wanneer er belangrijke ontwikkelingen, producten en momenten voor GM/RB aankomen, waarvoor bredere afstemming noodzakelijk is. Ook de gemeente Nieuwegein heeft die taak voor waar het de Nieuwegeinse deelgebieden van Groot Merwede betreft. Aanvullend vertegenwoordigt de U10 de regio en de gemeenten van de alliantie Zuidwest en de gemeente Houten in Groot Merwede & Rijnenburg.
Zij dient daarbij de regionale ruimtelijke agenda, programmering en de belangen van de Zuidwestgemeenten en de gemeenten Houten te borgen, (ook) te signaleren wanneer een gesprek over de impact van GM/RB in breder verband noodzakelijk is en het proces op deze onderdelen te organiseren. Tot slot is de een van de trekkers van de gebiedsalliantie Zuidwest agendalid van de gebiedsalliantie GM/RB. Vertegenwoordiging zuidwest in ontwikkeling Groot Merwede Rijnenburg Naast Utrecht en Nieuwegein neemt U10 deel in een bestuurlijk overleg over Groot Merwede Rijnenburg. Door hier de voorzitter van het BO IRP naar af te vaardigen ontstaat een rechtstreekse lijn naar de bestuurlijke gesprekstafel IRP en met de rijkspartijen: Programmaraad UNed, BOL en BO MIRT. In de alliantie zuidwest wordt de voortgang besproken, het gezamenlijk ontwikkelperspectief en de ontwikkelstrategie opgewerkt en de uitvoering besproken met alle partijen, minimaal tijdens de BO IRP-momenten. De IRPvoorzitter heeft een vertegenwoordigende rol. Goede afstemming met de bestuurders in zuidwest is hierbij essentieel. Vertegenwoordiging DO- en BO-IRP De trekkende gemeenten voorzien in een vertegenwoordiging van de alliantie binnen het directeurenoverleg en het bestuurlijk overleg. De directeur van de gemeente Utrecht kan deelnemen in het DO gebiedsalliantie zuidwest wanneer dat relevant is.
Dit stelt de directeuren in staat te overleggen over hoe zorgen worden geadresseerd en kansen worden benut. c. Bemensing en organisatie In het kader van het integraal-gebiedsgericht werken, stellen we voor alle allianties de volgende uitgangspunten vast met betrekking tot de bemensing en organisatie van de DO(directeurenoverleg), AO- (ambtelijk overleg) en Programmateam-IRP. Het overkoepelende
uitgangspunt is dat het IRP de centrale plek binnen U10 vormt, waar de integrale strategie, programmering, uitvoering, lobby en positionering wordt aangestuurd. Dit proces itereert en interacteert met sectorale bestuurstafels. DO IRP Het DO IRP fungeert als hoeder en opdrachtgever van overkoepelende producten en gebiedsallianties, en stuurt op haalbare programmering en integrale advisering en daarbij behorende capaciteit en middelen. IRP Programmateam Het IRP programmateam coördineert de activiteiten in het kader van het IRP, stimuleert allianties, leidt programmalijnen en zorgt voor ondersteunende producten en activiteiten zoals de programmering van de allianties. Dit team, bestaat uit strategen in elke sector en RO, evenals gebiedsmanagers per alliantie. AO-IRP In nauwe afstemming met AO-leden en projectleiders worden producten en vraagstukken naar DO en BO gebracht met begeleiding van het IRP Programmateam. AO zorgt voor integrale advisering binnen gemeenten en aan DO en BO, waarbij de nadruk bij DO ligt op het 'hoe' en bij BO op het 'wat'. De AO-er IRP vertegenwoordigt de gemeente integraal binnen de alliantie en fungeert als aanjager vanuit een onafhankelijke rol, wat capaciteit vereist op proces- en projectsturing, advisering en uitvoering.
Aanvullende capaciteit Binnen de alliantie wordt in 2025 gewerkt aan producten zoals startnotities en integrale programmering in het deelgebied, en in U10/IRP-verband aan een meerjarenprogrammering. Dit vraagt om aanvullende capaciteit op projectleiding en advisering.
Bijlage 1: Indicatie van de planvoorraad: Hard Utrecht Zuidwest
Zacht
Zacht Indicatief
Onbekend
25.000
Totaal 25.000
A12-zone
25.000
25.000
Rijnenburg
25.000
25.000
IJsselstein
70
1.099
2.530
3.699
Montfoort
313
260
646
1.219
Oudewater
197
138
710
1.045
Lopik
181
108
923
25
1.237
Vijfheerenlanden
1.189
68
4.008
600
5.865
58.817
625
88.065
1.950 26.673 *Aantallen Utrecht … nader onderbouwen ** Overige gemeenten getallen uit Planmonitor (Jan 2025)
2025- 2029 2030 - 2034 2034 - 2039 Na 2040
Totaal
Nieuwegein
4.166
223
7.260
1.450
13.099
IJsselstein Montfoort Oudewater
1.129 551 472
1.313 535 280
859 130 50
200 0 0
Lopik Vijfheerenlanden
811 2.407
89 1.980
0 1.200
0 200
3.501 1.216 802 1.219
Zuidwest (excl Utrecht)
9.536
4.420
9.499
2.169
Utrecht Zuidwest Stadseiland-Zuid Rijnenburg
* Gegevens planmonitor april 2025 (wijkt af van tabel hierboven wegens peildatum planmonitor)
(319 onbekend)
5.787 25.624
Bijlage 2 projectenlijst adaptief programmeren Uned
Groen en landschap: • GGM Woerden, Linschoten, Oudewater, Montfoort • GGM Vijfheerenlanden • GGM A12-zone / Rijnenburg • GGM A12-zone / Laagraven • GGM Hollandse IJssel • •
Waterberging noordelijk deel Rijnenburg Waterberging Hollandse IJssel
•
UPLG landelijk gebied, Woerden tot Vijfheerenlanden
Regiopoorten: • Pakket regiopoort Vianen o Kwaliteitsimpuls busstation (comfortabele overstap en veiligheid) met deelvervoer en aanvullende voorzieningen o Realisatie (hink-stap-sprong) BRT (Breda Gorinchem Utrecht) o Realisatie Mobiliteitshub o Optimaliseren van op/afrit A2 en kruispunten rondom toekomstige mobiliteitshub voor doorstroming bus o Kwaliteitsimpuls wandel- en fietsroutes o Groenblauwe fiets- en wandelverbinding van het oude centrum, via ringdijk naar Middelwaard en Uiterwaarden Lek o Fietsbrug over het kanaal Toevoegen (?): • Pakketten overige locaties? Mobiliteit: • Merwedelijn versnelling (Merwedelijn t/m Nieuwegein) • Aftakking Merwedelijn naar Rijnenburg • Papendorplijn naar Rijnenburg • Transferium Papendorp XL • Knooppunt/OV-hub Westraven • HUB busstation Vianen A2 • • • • •
A12 toekomst irt GM&R Onderliggend wegennet (OWN) A12-zone Onderliggend wegennet (OWN) Rijnenburg N210 IJsselstein / afrit Volledig maken knooppunt Everdingen
• • •
Doorfietsroute Utrecht - IJsselstein F408 Doorfietsroute Vianen – Nieuwegein Fietsnetwerk A12-zone
Energie: • 150 kV station Oudenrijn • Uitbreiding capaciteit MS-station Nieuwegein Liesbosch 50 kV • 50/21kV station Rijnenburg • Hoogspanningsstation 150kV A12 Montfoort/Woerden • Zonnevelden IJsselstein Hollandse IJsselgebied Autonome opgave: • Vitale kernen • Transitie landelijk gebied, NOVEX Groene Hart