VRZRaadsvoorstelWaarborgfonds
Tekst van het document
Raadsvoorstel Nummer: 303510 Aan:
Portefeuillehouder:
De raad van de gemeente Hulst
Burgemeester I.M.M. Jense-van Haarst Onderwerp: voorstel tot oprichting stichting waarborgfonds veiligheidsregio's Inleiding De veiligheidsregio’s zijn zich bewust geworden van het risico op aanspraken van medewerkers, die getroffen worden door een ongeval tijdens het werk. De samenwerkende veiligheidsregio’s hebben enkele jaren geleden het initiatief genomen om gezamenlijk aan de slag te gaan met het thema ‘Goed werkgeverschap na dienstongevallen’. De directeuren en commandanten hebben om die reden het project risicomanagement en verzekeringen opgestart, met als doel landelijke lijnen te formuleren. Het Veiligheidsberaad heeft op 1 juli 2022 besloten tot oprichting van een stichting expertisebureau risicobeheer voor de veiligheidsregio’s. Dit expertisebureau risicobeheer voorziet in de ondersteuning bij afhandeling van ongevallen en gezamenlijke inkoop van een ongevallenverzekering. Zoals aangekondigd bij het besluit rondom de oprichting van het expertisebureau, wordt daarnaast een waarborgfonds opgericht. Dit waarborgfonds wordt gebruikt om in ieder geval niet-verzekerbare risico’s af te dekken. Het Algemeen Bestuur (AB) VRZ heeft op donderdag 13 april jl. een positief advies gegeven met betrekking tot het voorstel om een stichting Waarborgfonds op te richten.
Voorafgaand aan een definitief besluit wordt aan de raden van de deelnemende gemeenten een ontwerpbesluit toegezonden en worden de raden op basis van artikel 31a lid 2 van de Wet gemeenschappelijke regelingen in de gelegenheid gesteld hun wensen en bedenkingen ter kennis van het AB te brengen 1. Oplossingen, eventuele alternatieven en beoogd resultaat Beoogd resultaat De gemeenteraad in staat te stellen wensen en bedenkingen kenbaar te maken in het kader van het oprichten van de stichting waarborgfonds veiligheidsregio’s. Argumenten Inspraak gemeenteraad is een wettelijke verplichting Dit is op basis van artikel 31a lid 2 van de Wet gemeenschappelijke regelingen. Achtergrond Ten tijde van de regionalisering van de brandweer zijn de aanspraken bij ongevallen, zoals die golden bij de gemeentelijke en regionale brandweren, via nieuwe verzekeringspolissen samengevoegd. Hierbij is veelal geen bewuste afweging gemaakt rondom aanspraken bij ongevallen. Onder meer door versterkte onderlinge samenwerking van veiligheidsregio’s op dit vlak, is een toenemend bewustzijn ontstaan over de aard en hoogte van aanspraken van medewerkers als gevolg van ongevallen tijdens het werk. In de loop van de tijd bleek dat de dekking van de ongevallenverzekering niet in alle gevallen (meer) aansloot bij de verwachtingen die zowel de veiligheidsregio alsook de medewerker hadden.
Veelal spitst zich dit toe op de vraag of aan alle elementen van ongevalsdefinitie is voldaan, terwijl de medewerker evident letsel heeft opgelopen tijdens zijn werk. Daarnaast is sprake van een ‘verharding’ van de verzekeringsmarkt, hetgeen inhoudt dat het aantal aanbieders afneemt, premies stijgen en voorwaarden versoberd worden. De verzekerbaarheid komt hierdoor onder druk te staan. Dit alles heeft bijgedragen aan de gedachte dat verzekeren ‘slechts’ een van de mogelijke opties is om financiële risico’s als gevolg van schade bij ongevallen op te vangen. In feite is daarmee de stap gezet van verzekeringsdenken naar risicodenken. Daarnaast zou de aanspraak leidend moeten zijn voor de medewerker, in plaats van de verzekering. Door onderling samen -1-
Raadsvoorstel Nummer: 303510 te werken en verbindingen te leggen met externe expertise in bestuurlijke context, zorgen we ervoor dat onze verzekeringsfunctie minder kwetsbaar wordt ingevuld. Aanpak Om invulling te geven aan deze uitdagingen is door de Raad van Commandanten en Directeuren Veiligheidsregio (RCDV) het project risicomanagement en verzekeringen gestart, om via landelijke samenwerking antwoord te vinden op bovenstaande ontwikkeling. Kort gezegd is het doel om: - landelijk te komen tot één set van aanspraken bij dienstongevallen; - collectief één ongevallenverzekering in te kopen (voor verzekerbare aanspraken); - een waarborgfonds op te richten om een oplossing te bieden voor (in ieder geval) de nietverzekerbare aanspraken; - een landelijk expertisebureau op te richten dat kan adviseren en bemiddelen; - strategische samenwerkingsverbanden aan te gaan. Oprichting waarborgfonds Het expertisebureau risicobeheer is per 12 oktober 2022 feitelijk opgericht en deze bereidt nu een vergunningsaanvraag bij de Autoriteit Financiële Markten (AFM) voor. De stap die nu wordt gezet is het komen tot een stichting, als aangewezen rechtsvorm voor het waarborgfonds.
Op 16 december 2022 heeft het Veiligheidsberaad het principebesluit genomen tot oprichting van de stichting waarborgfonds veiligheidsregio’s (hierna: waarborgfonds), waarmee de veiligheidsregio’s in ieder geval de niet-verzekerbare aanspraken na dienstongevallen in gezamenlijkheid kunnen dragen. In het kader van goed werkgeverschap is het van belang dat ook Veiligheidsregio Zeeland aansluit bij deze stichting. Het gaat dan om met name schades die het gevolg zijn van bedrijfsongevallen, waarbij verzekeringsmaatschappijen een uitkering uitsluiten op grond van verjaring of moeilijk aantoonbare causaliteit; men moet hierbij denken aan bijvoorbeeld barotrauma bij duikers en PTSS bij brandweerpersoneel. Collectiviteit is daarbij voor een redelijk kleine regio als Zeeland van belang. Voordelen toekomstige situatie Met het expertisebureau risicobeheer kunnen veiligheidsregio’s collectief een ongevallenverzekering inkopen en per 1 januari 2024 schades afwikkelen. Voor VRZ geldt dat in verband met een lopend contract deelname aan de collectieve verzekering ingaat per 1 januari 2025. Op termijn kunnen ook andersoortige risico’s door dit expertisebureau worden opgepakt. Hiermee ontstaat een professionele organisatie die invulling geeft aan het risicobeheer van de veiligheidsregio’s.
Of en in welke mate VRZ gebruik gaat maken van andere collectieve aanbestedingen zal per geval worden beoordeeld. Door deelname aan het waarborgfonds kan VRZ samen met de andere deelnemende veiligheidsregio’s gezamenlijk de Landelijke Aanspraken na Dienstongevallen financieren voor zover deze niet verzekerd zijn. Deelname aan het waarborgfonds is vrijwillig. De minimale deelname aan het waarborgfonds is vijf jaar. Voor het waarborgfonds is een verdeelsleutel overeengekomen op basis van inwoneraantal. Deze verdeelsleutel wordt na de eerste periode van vijf jaar geëvalueerd. Beoogd wordt dat de deelnemers jaarlijks een bijdrage storten in het waarborgfonds. Indien er op grond van de Landelijke Regeling Aanspraken na Dienstongevallen een uitkering dient te worden gedaan aan een medewerker die een dienstongeval is overkomen én deze aanspraak niet gedekt wordt door de ongevallenverzekering, dan volgt een betaling uit het waarborgfonds aan de veiligheidsregio. De veiligheidsregio gebruikt deze vergoeding vervolgens om de aanspraak van de betreffende medewerker mee te betalen. Het financiële risico dat VRZ momenteel loopt bij niet-verzekerde aanspraken van (brandweer)personeel na een dienstongeval wordt door deelname aan het waarborgfonds gedekt. Als VRZ niet deel zal nemen aan het waarborgfonds, betekent dat de niet-verzekerde aanspraken zelf moeten worden gedragen.
Naar verwachting levert de samenwerking in een waarborgfonds op termijn een besparing op doordat de verhouding schade-premie van de -2-
Raadsvoorstel Nummer: 303510 ongevallenverzekering ongeveer 1:2 is. Reeds bij deelname van een beperkt aantal veiligheidsregio’s is het opportuun om het waarborgfonds op te richten, omdat de niet verzekerbare aanspraken die gelden op grond van de Landelijke Regeling Aanspraken na Dienstongevallen anders door de individuele veiligheidsregio gedragen worden. Rechtsvorm Het is niet mogelijk om deze activiteiten onder te brengen bij een veiligheidsregio of een andere rechtspersoon, zoals het expertisebureau. Hier liggen de volgende overwegingen aan ten grondslag: 1. Het is de verwachting van juridisch experts dat de AFM en de DNB niet akkoord gaan met het onderbrengen van deze activiteiten bij een rechtspersoon met andersoortige activiteiten; de AFM is de vergunningverlenende instantie voor het expertisebureau; 2. Het samenvoegen van de activiteiten van het waarborgfonds met de werkzaamheden van een veiligheidsregio of het expertisebureau, leidt tot aansprakelijkheidsrisico’s voor deze organisaties. Met het ook op de eis dat geen sprake mag zijn van een winstoogmerk is de keuze voor rechtspersonen beperkt. Dat maakt namelijk dat gekozen moet worden tussen de rechtsvorm ‘stichting’ en de rechtsvorm ‘onderlinge waarborgmaatschappij’. Dit laatste is een bijzondere verenigingsvorm.
Hierbij is de afweging gemaakt dat de stichtingsvorm voor het waarborgfonds de voorkeur geniet boven de onderlinge waarborgmaatschappij met het oog op de lichte structuur. Hiermee wordt geen zwaardere structuur opgetuigd dan strikt noodzakelijk is. Om de activiteiten van het expertisebureau hierop te laten aansluiten is voor die organisatie destijds eveneens voor de stichtingsvorm gekozen. 2. Financiële paragraaf De financiële gevolgen zijn naar verwachting budgetneutraal. Dit blijft wel afhankelijk van verschillende factoren zoals het aantal dienstongevallen per jaar binnen Nederland, de complexiteit van een dienstongeval en de ontwikkelingen op de verzekeringsmarkt. De kosten bestaan uit een bedrag ter hoogte van onze premie ongevallenverzekering in 2022 en een eenmalige bijdrage gelijk aan deze premie. Het streven is de eenmalige bijdrage uit de lopende begroting VRZ te betalen. VRZ betaalde in 2022 € 97.116,-- aan premie ongevallenverzekering. Op basis van de verdeelsleutel inwoneraantal wordt de bijdrage van VRZ per 2024 € 91.269,-- per jaar. Voor deelname is een entree-inleg vereist gelijk aan de inleg van het eerste jaar met het oog op de te bouwen liquiditeit van het waarborgfonds in geval van een calamiteit in de eerste jaren. Deze entree-inleg wordt gerestitueerd zodra de liquiditeit van het waarborgfonds dit toelaat.
Ook na beëindiging van de deelname geldt dat restitutie plaatsvindt indien en zodra de liquiditeit van het waarborgfonds dit toelaat. Naar verwachting zullen de kosten voor de VRZ dalen door een gezamenlijke inkoop van de ongevallenverzekering en het collectief afhandelen en registreren van schades. 3. Voorstel Een positieve zienswijze te geven op het voorstel oprichting en deelname aan de stichting waarborgfonds veiligheidsregio’s, met als voorwaarde dat deze schaalvergroting niet leidt tot kostenstijging voor de gemeente. Burgemeester en Wethouders van Hulst, De Secretaris, De Burgemeester, Bijlage(n): Aanbiedingsbrief voorzitter VRZ; VRZ/202300502 Brief Veiligheidsberaad aan Algemeen Bestuur VRZ Concept ontwerpbesluit oprichting stichting waarborgfonds veiligheidsregio's
-3-
Raadsvoorstel Nummer: 303510 Onderliggende stukken:
-4-