Vogeldijk3Bijlagen toelichting - samengevoegd compressed
Tekst van het document
1SPKFDUCFSFLFOJOH
1SPKFDUCFSFLFOJOH
32H5U'ISWSHE GFCSVBSJ
1SPKFDUCFSFLFOJOH
32H5U'ISWSHE GFCSVBSJ
1SPKFDUCFSFLFOJOH
32H5U'ISWSHE GFCSVBSJ
1SPKFDUCFSFLFOJOH
32H5U'ISWSHE GFCSVBSJ
1SPKFDUCFSFLFOJOH
32H5U'ISWSHE GFCSVBSJ
Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.
Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via:
www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers
Projectberekening
Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie
Activiteit
Omschrijving Toelichting
Berekening
AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie
Totale emissie
Sloop bedrijfsgebouwen en realisatie Ruimte voor Ruimte woning, Vogeldijk 6, Hengstdijk - Beoogd
Resultaten
Sloop bedrijfsgebouwen en realisatie Ruimte voor Ruimte woning, Vogeldijk 6, Hengstdijk - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename van depositie Grootste afname van depositie
RWdgX3FeonDJ (01 maart 2023)
De Koster Ruimtelijke Ordening BV Vogeldijk 6, 4585 PK Hengstdijk Sloop bedrijfsgebouwen en realisatie Ruimte voor Ruimte woning, Vogeldijk 6, Hengstdijk Sanering agrarisch bedrijf en bouw woning Vogeldijk 6, Hengstdijk RWdgX3FeonDJ 01 maart 2023, 16:19 Wnb-rekengrid incl. eigen rekenpunten Rekenjaar
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
Hoogste bijdrage
Hexagon
Gebied
2023 -
0,1 kg/j
73,2 kg/j
2/12
Projectberekening
Sloop bedrijfsgebouwen en realisatie Ruimte voor Ruimte woning, Vogeldijk 6, Hengstdijk (Beoogd), rekenjaar 2023 Emissiebronnen 8 Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Bron 1 Graafmachine van en naar locatie; Graafmachine naar en van locatie 9 Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Bron 2 Graafmachine in bedrijf; Graafmachine in bedrijf slopen en graven 10 Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Bron 7 Graafmachine naar en van locatie; Graafmachine naar en van locatie 11 Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Bron 8 Graafmachine in bedrijf; Graafmachine in bedrijf 12 Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Bron 9 Hijskraan naar en van locatie; Hijskraan naar en van locatie 13 Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Bron 10 Hijskraan in bedrijf; Hijskraan in bedrijf Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Bron 14 11 Betonwagen/storter naar en van locatie; Betonwagen/storter naar en van locatie 15 Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Bron 12 Betonwagen/storter in bedrijf; Betonwagen/storter in bedrijf 16 Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Bron 17 Compactor; Compactor 17 Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Bron 18 Sleuvenfrees; Sleuvenfrees Verkeersnetwerk
RWdgX3FeonDJ (01 maart 2023)
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
-
1,0 kg/j 13,5 kg/j 0,5 kg/j 13,9 kg/j 0,5 kg/j 14,3 kg/j
-
1,1 kg/j
0,1 kg/j
13,7 kg/j 1,8 kg/j 0,4 kg/j 12,5 kg/j
3/12
Projectberekening
Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.
500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald
Grootste afname van depositie Grootste toename van depositie Hoogste totale depositie
De bronnen op de kaart horen bij de Beoogde situatie.
RWdgX3FeonDJ (01 maart 2023)
4/12
Projectberekening
Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Sloop bedrijfsgebouwen en realisatie Ruimte voor Ruimte woning, Vogeldijk 6, Hengstdijk" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Berekend (ha gekarteerd)
Totaal
RWdgX3FeonDJ (01 maart 2023)
-
Hoogste totale Met toename Grootste depositie (mol (ha gekarteerd) toename (mol N/ha/jr) N/ha/jr)
-
-
-
Met afname (ha Grootste gekarteerd) afname (mol N/ha/jr)
-
-
5/12
Projectberekening
Per eigen rekenpunt
1 2
17 18 19 20 30 13 24 21 22 25 26 27 28 29 7 9 14 15 16 23 6 8 10 11 RWdgX3FeonDJ (01 maart 2023)
Naam
Vogelkreek (<1 km)
Coördinaat
X:58366 Y:373180 Vogelkreek Lg08 (<1 km) X:58767 Y:373321 Oosterschelde H1330B (19 km) X:60366 Y:392103 Oosterschelde H7210 (23 km) X:53708 Y:395679 Yerseke en Kapelse Moer & Yerseke en Kapelse Moer H1330B X:58566 (15 km) Y:388299 Yerseke en Kapelse Moer H1310A (15 km) X:58401 Y:388338 Veerse Meer (24 km) X:49471 Y:395596 Oosterschelde (13 km) X:65048 Y:384898 Zoommeer (21 km) X:74098 Y:386700 Canisvliet (17 km) X:45280 Y:360993 Canisvliet Lg08 (18 km) X:45220 Y:360075 Brabantse Wal & Brabantse Wal Lg13 (23 km) X:80782 Y:379479 Brabantse Wal Lg14 (23 km) X:80776 Y:379580 Brabantse Wal L4030 (24 km) X:81325 Y:379850 Brabantse Wal Lg09 (24 km) X:81375 Y:379875 Brabantse Wal Lg04 (24 km) X:81628 Y:379659 Westerschelde & Saeftinghe H1310B (15 km) X:73176 Y:374821 Westerschelde & Saeftinghe H2160 (17 km) X:75432 Y:376956 Oosterschelde H1330A (14 km) X:67765 Y:383233 Oosterschelde H1310A (14 km) X:67780 Y:383229 Oosterschelde H1320 (14 km) X:67821 Y:383247 Markiezaat (20 km) X:75587 Y:383439 Westerschelde & Saeftinghe H1330B (14 km) X:45294 Y:379006 Westerschelde & Saeftinghe H2110 (17 km) X:40799 Y:374503 Westerschelde & Saeftinghe H2120 (21 km) X:38885 Y:383401 Westerschelde & Saeftinghe H2130A (21 km) X:38883 Y:383446
Projectbijdrage (mol N/ha/jr)
0,80 0,11 -
6/12
Projectberekening
Per eigen rekenpunt
Naam
Coördinaat
12
Westerschelde & Saeftinghe H2190B (22 km)
3
Westerschelde & Saeftinghe (4 km)
4
Westerschelde & Saeftinghe H1320 & Westerschelde & Saeftinghe H1330A (4 km) Westerschelde & Saeftinghe H1310A (4 km)
X:38551 Y:383922 X:55487 Y:376055 X:55485 Y:376101 X:54551 Y:376166
5
RWdgX3FeonDJ (01 maart 2023)
Projectbijdrage (mol N/ha/jr)
-
7/12
Projectberekening
Sloop bedrijfsgebouwen en realisatie Ruimte voor Ruimte woning, Vogeldijk 6, Hengstdijk, Rekenjaar 2023 1
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte Beschrijving
Bron 3 Vrachtwagen van en naar locatie X:57826,6 Y:372913,73 Type scherm 1.338,73 m Hoogte Buitenweg Afstand tot de weg Beide richtingen 1 Normaal 0m
Vrachtauto - diesel - middelzwaar - Euro-3 - licht 2
-
Euroklasse
12 p/jaar
Links Rechts NOₓ 14,5 g/j - NO₂ 6,5 g/j - NH₃ 0,0 kg/j
-
Euroklasse
Bron 5 Vrachtwagen van en naar locatie met schone grond X:57824,05 Y:372912,66 Type scherm 1.364,12 m Hoogte Buitenweg Afstand tot de weg Beide richtingen 1 Normaal 0m
Vrachtauto - diesel - zwaar - Euro-3
Euroklasse
Euro klasse ZVADEUR3
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte Beschrijving
Bron 13 Vrachtwagen van en naar locatie voor bouw X:57831,04 Y:372914,68 Type scherm 1.341,10 m Hoogte Buitenweg Afstand tot de weg Beide richtingen 1 Normaal 0m
Vrachtauto - diesel - zwaar - Euro-3
RWdgX3FeonDJ (01 maart 2023)
Euroklasse
Euro klasse ZVADEUR3
-
Aantal voertuigen
Euro klasse LBADEUR3CL1
15 p/jaar
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte Beschrijving
63,2 g/j 4,3 g/j 0,0 kg/j
Aantal voertuigen
Euro klasse MVADEUR3LCH
Bron 4 Werknemers van en naar locatie van en naar locatie X:57828,88 Y:372914,24 Type scherm 1.349,93 m Hoogte Buitenweg Afstand tot de weg Beide richtingen 1 Normaal 0m
Bestelauto - diesel - Euro-3 - N1 klasse 1
4
-
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte Beschrijving 3
Links Rechts NOₓ - NO₂ - NH₃
Links Rechts NOₓ 51,5 g/j - NO₂ 3,5 g/j - NH₃ 0,0 kg/j
-
-
Aantal voertuigen
4 p/jaar
Links Rechts NOₓ 9,2 kg/j - NO₂ 0,6 kg/j - NH₃ 2,9 g/j
-
-
Aantal voertuigen
2 p/etmaal
8/12
Projectberekening
5
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte Beschrijving
Bron 14 Werknemers van en naar locatie voor bouw X:57832,04 Y:372914,98 Type scherm 1.352,63 m Hoogte Buitenweg Afstand tot de weg Beide richtingen 1 Normaal 0m
Bron 15 Werknemers van en naar locatie voor bouw X:57829,14 Y:372922,74 Type scherm 1.347,96 m Hoogte Buitenweg Afstand tot de weg Beide richtingen 1 Normaal 0m
Personenauto - diesel - Euro-3
Naam
-
Euroklasse
4 p/etmaal
Links Rechts NOₓ - NO₂ - NH₃
-
Euroklasse
6 p/etmaal
Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning
RWdgX3FeonDJ (01 maart 2023)
4,0 m 0,000 MW
-
0,6 kg/j 3,5 g/j 86,9 g/j
Aantal voertuigen
Euro klasse LPABEUR5
Bron 1 Uittreedhoogte Graafmachine van Warmteinhoud en naar locatie; Graafmachine naar en van locatie Locatie X:57831,54 Y:372918,77 Lengte 1.345,52 m Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Standaard Profiel Industrie
-
Aantal voertuigen
Euro klasse LPADEUR3
Bron 16 Bewoners van en naar locatie voor bouw X:57831,39 Y:372918,71 Type scherm 1.347,57 m Hoogte Buitenweg Afstand tot de weg Beide richtingen 1 Normaal 0m
Personenauto - benzine - Euro-5 8
4 p/etmaal
Links Rechts NOₓ 1,1 kg/j - NO₂ 0,5 kg/j - NH₃ 5,9 g/j
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte Beschrijving
-
Aantal voertuigen
Euro klasse LBADEUR3CL1
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte Beschrijving 7
-
Euroklasse
Bestelauto - diesel - Euro-3 - N1 klasse 1 6
Links Rechts NOₓ 1,4 kg/j - NO₂ 0,6 kg/j - NH₃ 5,9 g/j
NOₓ
1,0 kg/j
9/12
Projectberekening
9
Naam
Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning
Bron 2 Uittreedhoogte Graafmachine in Warmteinhoud bedrijf; Graafmachine in bedrijf slopen en graven Locatie X:58441,77 Y:373125,72 Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Standaard Profiel Industrie 10
Naam
Naam
Naam
Naam
NOₓ
4,0 m 0,000 MW
NOₓ
Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning
Bron 9 Hijskraan Uittreedhoogte naar en van locatie; Warmteinhoud Hijskraan naar en van locatie Locatie X:57831,36 Y:372924,7 Lengte 1.353,98 m Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Standaard Profiel Industrie 13
4,0 m 0,000 MW
Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning
Bron 8 Uittreedhoogte Graafmachine in Warmteinhoud bedrijf; Graafmachine in bedrijf Locatie X:58443,5 Y:373127,45 Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Standaard Profiel Industrie 12
NOₓ
Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning
Bron 7 Uittreedhoogte Graafmachine naar Warmteinhoud en van locatie; Graafmachine naar en van locatie Locatie X:57826,3 Y:372917,44 Lengte 1.347,11 m Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Standaard Profiel Industrie 11
4,0 m 0,000 MW
4,0 m 0,000 MW
NOₓ
Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning
Bron 10 Hijskraan Uittreedhoogte in bedrijf; Hijskraan Warmteinhoud in bedrijf Locatie X:58443,5 Y:373127,45 Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Standaard Profiel Industrie
RWdgX3FeonDJ (01 maart 2023)
4,0 m 0,000 MW
NOₓ
13,5 kg/j
0,5 kg/j
13,9 kg/j
0,5 kg/j
14,3 kg/j
10/12
Projectberekening
14
Naam
Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning
Bron 11 Uittreedhoogte Betonwagen/storterWarmteinhoud naar en van locatie; Betonwagen/storter naar en van locatie Locatie X:57819,8 Y:372923,31 Lengte 1.359,03 m Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Standaard Profiel Industrie 15
Naam
Naam
4,0 m 0,000 MW
NOₓ
Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning
Naam Bron 17 Compactor;Uittreedhoogte Compactor Warmteinhoud Locatie X:58448,68 Y:373127,45 Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Standaard Profiel Industrie 17
NOₓ
Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning
Bron 12 Uittreedhoogte Betonwagen/storterWarmteinhoud in bedrijf; Betonwagen/storter in bedrijf Locatie X:58445,23 Y:373129,18 Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Standaard Profiel Industrie 16
4,0 m 0,000 MW
4,0 m 0,000 MW
NOₓ
Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning
Bron 18 Uittreedhoogte Sleuvenfrees; Warmteinhoud Sleuvenfrees Locatie X:58448,68 Y:373125,72 Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Standaard Profiel Industrie
4,0 m 0,000 MW
NOₓ
1,1 kg/j
13,7 kg/j
1,8 kg/j
0,4 kg/j
Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden.
RWdgX3FeonDJ (01 maart 2023)
11/12
Projectberekening
Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2022_20230221_e1cb893112 Database versie 2022_e1cb893112 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/
RWdgX3FeonDJ (01 maart 2023)
12/12
De watertoetstabel ondersteunt de onderbouwing van de wateraspecten in uw ruimtelijk plan. Thema en water(beheer)doelstelling
Uitwerking
Veiligheid waterkeringen
De Vogeldijk is een waterkering rondom de Vogelkreek. De ontwikkeling ligt buiten de beschermingszone van de Vogeldijk.
Waarborgen van het veiligheidsniveau en rekening houden met de daarvoor benodigde ruimte.
Voorkomen overlast door oppervlaktewater Het plan biedt voldoende ruimte voor het vasthouden, bergen en afvoeren van water. Waarborgen van voldoende bouwpeil om overstroming vanuit oppervlaktewater in maatgevende situaties te voorkomen. Rekening houden met de gevolgen van klimaatverandering en de kans op extreme weersituaties.
huidige situatie
na
dakoppervlak
2250
675
1
dichte bodemverharding
1200
1000
2
doorlatende bodemverharding
0
0
3
wateroppervlak
0
0
4
realisatie
Hemelwater wordt afgevoerd op de bestaande sloten. Het bouwpeil is 20 centimeter boven het straatniveau waar de oprit de Vogeldijk raakt.
Voorkomen overlast door hemel- en afvalwater Waarborgen optimale werking van de zuiveringen/ RWZI’s en van de (gemeentelijke) rioleringen. Afkoppelen van (schone) verharde oppervlakken in verband met de reductie van hydraulische belasting van de RWZI, het transportsysteem en het beperken van overstorten.
Het hemelwater van de nieuw te bouwen woning zal gescheiden worden afgevoerd. Gelet op de ruime oppervlakte van het perceel, is het mogelijk om het hemelwater ter plaatse vast te houden en te infiltreren. De perceelsoppervlakte biedt ruime kansen voor infiltratie. Op basis van de te verwachten te verharden oppervlakte van ca. 400 m2 voor de nieuw te bouwen woning, dient op het terrein een waterberging te worden gerealiseerd van 400 x 0,075 = 30 m3. Deze waterberging zal in de vorm van een vijver, of WADI worden gerealiseerd aan de voor-, of achterzijde van de woning. Aan de Vogeldijk is geen rioleringsstelsel aanwezig. Het afvalwater van de woning wordt ter plaatse behandeld door middel van een nieuw te plaatsen IBA, deze dient minimaal te bestaan uit een verbeterde septictank, conform NEN-EN12566-1, met een inhoud van 6 m3. De locatie hiervan wordt nader met het waterschap afgestemd in verband met de Keur beschermingszone langs
de waterloop. Op deze IBA worden alle afvalwaterstromen aangesloten. Bekeken zal worden of de sceptictank van de bestaande woning ook kan worden vernieuwd. Grondwaterkwantiteit en verdroging Voorkomen en tegengaan van grondwateroverlast en -tekort. Rekening houdend met de gevolgen van klimaatverandering. Beschermen van infiltratiegebieden en –mogelijkheden.
Grondwaterkwaliteit Behoud of realisatie van een goede grondwaterkwaliteit. Denk aan grondwaterbeschermingsgebieden.
Oppervlaktewaterkwaliteit Behoud of realisatie van goede oppervlaktewaterkwaliteit. Vergroten van de veerkracht van het watersysteem. Toepassing van de trits schoonhouden, scheiden, zuiveren.
Ter plaatse is geen grondwateroverlast bekend.
Door bij de bouw geen gebruik te maken van uitlogende materialen, zoals zink en lood, maar enkel door gebruik te maken van duurzame niet-uitloogbare bouwmaterialen, zal de ontwikkeling geen gevolgen hebben voor de grondwaterkwaliteit. Bij de bouw wordt geen gebruik gemaakt van uitlogende materialen. Het hemelwater wordt apart afgevoerd. Het afvalwater wordt ter plaatse
Volksgezondheid Minimaliseren risico watergerelateerde ziekten en plagen. Voorkomen van verdrinkingsgevaar/-risico’s via o.a. de daarvoor benodigde ruimte.
Bodemdaling Voorkomen van maatregelen die (extra) maaiveldsdalingen in zettinggevoelige gebieden kunnen veroorzaken.
Natte natuur Ontwikkeling/bescherming van een rijke gevarieerde en natuurlijk karakteristieke aquatische natuur.
Onderhoud oppervlaktewater Oppervlaktewater moet adequaat onderhouden worden. Rekening houden met obstakelvrije onderhoudsstroken vrij van bebouwing en opgaande (hout)beplanting.
De ontwikkeling zal geen gevolgen hebben voor de volksgezondheid.
Er is geen sprake van een zettinggevoelig gebied. De nieuwe ontwikkeling zal geen gevolgen hebben ten aanzien van bodemdaling. Binnen het plangebied is geen natte natuur gelegen. De ontwikkeling gaat uit van het saneren van een actief gemengd agrarisch bedrijf. Natte natuur in de omgeving van het plangebied zal dankzij deze ontwikkeling minder worden belast. Aan de straatzijde van het plangebied is een sloot aanwezig. Deze is vanaf de straatzijde bereikbaar voor onderhoud. De ontwikkeling zal geen invloed hebben op het onderhoud en functioneren van dit water.
Andere belangen waterbeheerder Relatie met eigendom waterbeheerder Ruimtelijke ontwikkelingen mogen de werking van objecten (terreinen, milieuzonering) van de waterbeheerder niet belemmeren.
De ontwikkeling is niet gelegen in eigendommen van waterschap Scheldestromen.
Wegen in beheer bij het waterschap (alleen invullen voor zover van toepassing) * in de bouwfase: Vinden er transporten (grond/bouwmaterialen) plaats over waterschapswegen?
De Vogeldijk is in beheer van het Waterschap Scheldestromen. Het plan brengt een afname van zwaar verkeer met zich ee.
* na realisatie: verkeersaantrekkende werking Veroorzaakt uw plan structureel extra verkeer? * na realisatie: bereikbaarheid Omschrijf hoe motorvoertuigen, fietsers en voetgangers uw plan kunnen bereiken. Worden er hiervoor uitwegen gewijzigd of nieuw aangelegd? * na realisatie: parkeren
Ten behoeve van de extra woning en het bouwverkeer zal gebruik worden gemaakt van een bestaande uitrit.
Parkeren vindt op eigen terrein plaats.
Wordt er op uw eigen terrein geparkeerd?
* na realisatie: (ver)bouwen Bent u voornemens om binnen 20 meter van een waterschapsweg een bouwwerk te (ver)bouwen? (zoals een woning of afscheiding (gefundeerd).
De nieuw te bouwen woning komt op ca. 25 meter van de Waterschapsweg
Quickscan natuurwetgeving project sloop landbouwschuren Vogeldijk 6 Hengstdijk
Quickscan natuurwetgeving project Sloop landbouwschuren Vogeldijk 6 te Hengstdijk
1
Quickscan natuurwetgeving project sloop landbouwschuren Vogeldijk 6 Hengstdijk
Quickscan natuurwetgeving project Sloop landbouwschuren Vogeldijk 6 te Hengstdijk
Opdrachtgever: Datum: 2 mei 2022 Uitgevoerd en opgesteld door: Adviesbureau Wieland Liniestraat 13 4561 ZS Hulst 0612352169
© Niets uit deze rapportage mag gekopieerd worden zonder schriftelijke toestemming van de auteur.
2
Quickscan natuurwetgeving project sloop landbouwschuren Vogeldijk 6 Hengstdijk
INHOUD 1
Inleiding ......................................................................................................................... 4 1.1 Aanleiding en doel onderzoek ................................................................................ 4 1.2 Kader ..................................................................................................................... 4 1.3 Afbakening plangebied en werkwijze ..................................................................... 8 1.4 Opzet beoordeling..................................................................................................
9 2 Beschrijving huidige situatie en voorgenomen activiteiten.............................................10 3 Soortenbescherming.....................................................................................................14 3.1 Zoogdieren............................................................................................................14 3.2 Vogels ...................................................................................................................15 3.2.1 Broedvogels ......................................................................................................15 3.2.2 Watervogels ......................................................................................................16 3.3 Reptielen en Amfibieën .........................................................................................16 3.4 Vissen ...................................................................................................................17 3.5 Ongewervelden .....................................................................................................17 3.6 Vaatplanten...........................................................................................................17 4 Toetsing Natura 2000 (Vogelrichtlijn / Habitatrichtlijn) en Natuurbeschermingswet en Natuurnetwerk Zeeland
(NNZ)..............................................................................................19 5 Conclusies en aanbevelingen mbt de uitvoering ...........................................................20
Bijlage 1 Bijlage 2
Kaart Natuurbeheerplan, Natura 2000 Informatie Wet natuurbescherming Zeeland
3
Quickscan natuurwetgeving project sloop landbouwschuren Vogeldijk 6 Hengstdijk
1
Inleiding
1.1
Aanleiding en doel onderzoek
Gepland is om op het erf van Vogeldijk 6 een drietal landbouwschuren te slopen. Hiervoor in de plaats komt vervangende nieuwbouw in de vorm van een woning. Een quickscan in het kader van de Wet natuurbescherming is noodzakelijk om te bepalen of hierbij beschermde natuurwaarden een nadelig effect ondervinden. Deze rapportage bevat de resultaten van een voorstudie van beschikbare kennis op het gebied van beschermde natuurwaarden. Op basis van de gevonden resultaten kan op voorhand bepaald worden of significante effecten op de huidige (beschermde) natuurwaarden al dan niet uit te sluiten zijn en wat eventueel nog nader onderzocht dient te worden. In deze beoordeling worden dan ook de volgende vragen, voor zover mogelijk, beantwoord:
1.2
Tot welke (mogelijke) effecten leidt de sloop en de nieuwbouw op beschermde natuurwaarden? Wat is de reikwijdte van de mogelijke effecten? Hoe beïnvloeden de effecten de jaarrond beschermde soorten en de kwalificerende natuurwaarden, gelet op de instandhoudingsdoelen? Zijn mogelijke negatieve effecten significant? Al of niet in combinatie met andere projecten in de omgeving? Op welke wijze kunnen negatieve effecten voorkomen of gemitigeerd worden?
Kader
Soortbescherming De soortbescherming is per 01/01/2017 ook opgenomen in de Wet natuurbescherming. Deze wet omvat ook de bescherming van Habitatrichtlijnsoorten buiten de aangewezen Natura 2000-gebieden. Deze bescherming geldt overal in Nederland, ook in de beschermde gebieden. De soortbescherming kent geen externe werking. Projecten worden getoetst aan de directe invloed op beschermde waarden binnen de grenzen van het projectgebied. Conform deze wet is de initiatiefnemer bij ruimtelijke ingrepen verplicht op de hoogte te zijn van mogelijke voorkomende beschermde natuurwaarden binnen het projectgebied. Vanuit deze kennis dienen plannen en projecten getoetst te worden aan eventuele strijdigheid met de verbodsbepalingen uit de Wet natuurbescherming. Onder de werking van de soortbescherming vallen circa 930 dier- en plantensoorten. Alle inheemse zoogdieren, vogels, amfibieën, en reptielen zijn beschermd. Tevens hebben een aantal planten, vissen, insecten en ongewervelden een beschermde status. Voor de in het wild voorkomende planten en dieren geldt bovendien de algemene zorgplicht (art. 1.11). Volgens de Wet natuurbescherming mogen beschermde dier- en plantensoorten niet worden, gevangen, opzettelijk worden verontrust of gedood. Voortplanting- of vaste rust of verblijfplaatsen mogen niet opzettelijk worden beschadigd of vernield.
Habitatrichtlijnsoorten mogen tevens niet opzettelijk worden verstoord. Beschermde planten mogen niet opzettelijk van hun groeiplaats worden verwijderd of
4
Quickscan natuurwetgeving project sloop landbouwschuren Vogeldijk 6 Hengstdijk
vernield. De verbodsbepalingen van de Wet natuurbescherming (Wnb) staan vernoemd in onderstaand kader. Verbodsbepalingen Wet natuurbescherming (Wnb)
Bron: Soortenbescherming bij ruimtelijke ingrepen, Ministerie van Economische Zaken
De werkingssfeer van de Wet natuurbescherming is niet beperkt tot of gerelateerd aan speciaal aangewezen gebieden, maar geeft de beschermde soorten overal in Nederland bescherming. In o.a. artikelen 3.3, 3.8 en 3.10 van de Wet natuurbeschermingswet worden de ontheffings- en vrijstellingsmogelijkheden weergegeven. Welke voorwaarden verbonden zijn aan de ontheffing- of vrijstelling (zoals werken met een goedgekeurde gedragscode) hangt af van de dier- of plantensoorten die voorkomen in het plangebied. Beschermde soorten – met (Provinciale) vrijstelling: Voor deze soorten geldt een vrijstelling van een of meerdere verbodsbepalingen (zoals bijvoorbeeld het vangen van dieren en/of het vernielen van vaste verblijfsplaatsen. Voor deze soorten is derhalve in veel gevallen geen ontheffing nodig. Wel geldt ten aanzien van deze soorten de zorgplicht, die eveneens van de Wet natuurbescherming uitgaat. Soorten die vallen onder de vrijstelling betreft over het algemeen (en dus per Provincie verschillend) onder andere algemene zoogdiersoorten, zoals algemene muizen- en spitsmuizen, de woelrat, de egel, konijn, ree en vos, algemene amfibiesoorten, waaronder de bruine kikker, gewone pad en kleine watersalamander.
Overige ‘nationaal beschermde’ soorten: Voor deze soorten geldt voor ruimtelijke ontwikkeling en bestendig beheer een mogelijkheid voor ontheffing, welke aan drie criteria wordt getoetst: er is sprake van een
5
Quickscan natuurwetgeving project sloop landbouwschuren Vogeldijk 6 Hengstdijk
in of bij wet genoemd belang, er is geen alternatief en ‘doet geen afbreuk aan de gunstige staat van instandhouding van de soort’. Voor deze soorten is derhalve een ontheffing nodig of kan gewerkt worden met een goedgekeurde gedragscode. Soorten die vallen onder dit nationale beschermingsregime vallen betreft onder andere algemene zoogdiersoorten, zoals das, boommarter, algemene amfibieën en reptielen alpenwatersalamander, hazelworm, flora als schubvaren en bokkenorchis en vissoorten waaronder de grote modderkruiper. Daarnaast geldt ook voor deze soorten de algemene zorgplicht. Habitatrichtlijnsoorten: Voor deze soorten geldt het zwaarste beschermingsregime en is voor ruimtelijke ontwikkeling geen vrijstelling mogelijk van de ontheffingsplicht. Voor deze soorten dient een ontheffing te worden aangevraagd, welke aan drie criteria wordt getoetst: er is sprake van een in of bij wet genoemd belang, er is geen alternatief en ‘doet geen afbreuk aan de gunstige staat van instandhouding van de soort’. Wel kan als voldaan wordt aan een in de wet genoemd belang ook bij ruimtelijke ontwikkeling gewerkt worden met een goedgekeurd gedragscode. Daarnaast geldt ook voor deze soorten de algemene zorgplicht. Tot dit beschermingsregime horen o.a. alle vleermuissoorten, de bever, otter, noordse woelmuis, verschillende amfibiesoorten waaronder rugstreeppad en kamsalamander.
Vogelrichtlijnsoorten: Alle vogels zijn in Nederland gelijk beschermd. Voor deze soorten geldt het zwaarste beschermingsregime en is voor ruimtelijke ontwikkeling ook geen vrijstelling mogelijk van de ontheffingsplicht. Voor deze soorten dient een ontheffing te worden aangevraagd, welke aan drie criteria wordt getoetst: er is sprake van een in of bij wet genoemd belang, er is geen alternatief en ‘doet geen afbreuk aan de gunstige staat van instandhouding van de soort’. Wel kan als voldaan wordt aan een in de wet genoemd belang ook bij ruimtelijke ontwikkeling gewerkt worden met een goedgekeurd gedragscode. Daarnaast geldt ook voor deze soorten de algemene zorgplicht. Zorgplicht Voor alle in het wild voorkomende plant- en diersoorten, dus ook voor onbeschermde en beschermde soorten die zijn vrijgesteld geldt wel de ook ‘algemene zorgplicht’ (art. 1.11 Wet natuurbescherming). Deze zorgplicht houdt in dat initiatiefnemer passende maatregelen moet nemen om schade aan beschermde gebieden en in het wild voorkomend plant en diersoorten te voorkomen of zoveel mogelijk te beperken. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om het niet verontrusten of verstoren in de kwetsbare perioden zoals de winterslaap, de voortplantingstijd en de periode van afhankelijkheid van de jongen. De kwetsbare perioden voor de verschillende soortgroepen zijn niet allen gelijk.
Als ‘veilige’ periode voor alle groepen geldt in het algemeen de periode van half augustus tot half november, de periode waarin de voortplantingstijd achter de rug is en diersoorten als vleermuizen, overige zoogdieren en amfibieën nog niet in winterslaap zijn. Indien een locatie in die periode bouwrijp wordt gemaakt, kan daarna gedurende het winterseizoen en het daarop volgende voorjaar probleemloos worden gewerkt. Zo kan bijvoorbeeld vegetatie gedurende het groeiseizoen kort gemaaid worden, zodat er geen vogels gaan broeden en het tegen de winter ook ongeschikt is voor kleine zoogdieren of amfibieën die in winterslaap gaan. Indien tijdens de uitvoering van de werkzaamheden
6
Quickscan natuurwetgeving project sloop landbouwschuren Vogeldijk 6 Hengstdijk
beschermde soorten worden waargenomen dienen maatregelen genomen te worden om schade aan deze individuen zo veel mogelijk te voorkomen (bijvoorbeeld wegvangen en verplaatsen of terreindelen af te zetten en het werk ter plaatse stil te leggen). Ecologische begeleiding kan hierin voorzien. Gebiedenbescherming Natura 2000 De Europese Vogelrichtlijn (1979) regelt de bescherming van leefgebieden van Europees bedreigde en kwetsbare vogelsoorten. Met de Europese Habitatrichtlijn (1992) worden Europese (half-) natuurlijke habitats en bedreigde en kwetsbare dier- (andere dan vogels) en plantensoorten beschermd. De Natura 2000-gebieden zijn de gebieden die zijn aangewezen als speciale beschermingszones (SBZ’s) in het kader van de EU Vogel- en/of Habitatrichtlijn. Deze gebieden samen vormen het omvangrijke Europese netwerk Natura 2000. Het hoofddoel van Natura 2000 is het stoppen van de achteruitgang en de waarborging van de biodiversiteit in Europa. De Europese Vogel- en Habitatrichtlijn zijn in Wet natuurbescherming (Wnb) overgenomen. Vanuit de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn zijn belangrijke bepalingen overgenomen. Eén van die bepalingen is het afwegingskader, incl. compenserende maatregelen, zoals dat in artikel 6 van de Habitatrichtlijn staat.
Het afwegingskader geeft aan op welke wijze besluitvorming plaats moet vinden voor plannen en projecten met mogelijke gevolgen voor beschermde natuurgebieden. Binnen Nederland zijn er, in de periode 1986-2005, 79 belangrijke vogelgebieden als speciale beschermingszone (SBZ) van de Vogelrichtlijn aangewezen. In het kader van de Habitatrichtlijn zijn in 2003 141 gebieden aangemeld bij de Europese Commissie. Ongeveer 87% van het oppervlak van deze Habitatrichtlijngebieden heeft overlap met de gebieden die als Vogelrichtlijngebied zijn aangewezen. In Aanwijzingsbesluiten wordt door de minister van EZ de bescherming van de Natura 2000-gebieden juridisch vastgelegd. Centraal in de Aanwijzingsbesluiten staan de instandhoudingsdoelstellingen ten aanzien van leefgebieden, natuurlijke Habitats en populaties van in het wild levende plant- en diersoorten, waarvoor het betreffende gebied is aangewezen. Het toetsingskader van de Wet natuurbescherming kent de volgende procedurevarianten: 1. Er is zeker geen kans op effecten: geen vergunningplicht; 2. Er een kans op effecten, maar zeker niet significant: vergunningaanvraag via een verstoringstoets/ verslechteringstoets; 3. Er is een kans op significante effecten: vergunningaanvraag via Passende Beoordeling (alternatieventoets + dwingende redenen van groot openbaar belang).
Het referentiekader voor de toetsing wordt gevormd door de instandhoudingsdoelen voor de habitats en soorten waarvoor het Natura 2000gebied is aangewezen. Natuurnetwerk Het Natuurnetwerk Zeeland, vroeger de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) genoemd, is het Zeeuwse netwerk van bestaande en nieuw aan te leggen natuurgebieden. Het
7
Quickscan natuurwetgeving project sloop landbouwschuren Vogeldijk 6 Hengstdijk
netwerk moet natuurgebieden beter verbinden met elkaar en met het omringende agrarisch gebied. Het maakt onderdeel uit van het Nederlandse netwerk. In het Natuurnetwerk Nederland liggen: • bestaande natuurgebieden, waaronder de 20 Nationale Parken; • gebieden waar nieuwe natuur aangelegd wordt; • landbouwgebieden, beheerd volgens agrarisch natuurbeheer; • ruim 6 miljoen hectare grote wateren: meren, rivieren, de kustzone van de Noordzee en de Waddenzee; • alle Natura 2000-gebieden. Vanaf 2014 zijn de provincies verantwoordelijk voor de begrenzing en ontwikkeling van dit natuurnetwerk. Tot die tijd was de Rijksoverheid hiervoor verantwoordelijk. In het Natuurpact hebben de provincies met het rijk afgesproken om tot 2027 80.000 hectare natuur in te richten. Het Natuurnetwerk Nederland moet uiteindelijk samen met de natuurgebieden in andere Europese landen het aaneengesloten pan-Europees Ecologisch Netwerk (PEEN) vormen.
1.3
Afbakening plangebied en werkwijze
Het plangebied is weergegeven in figuur 1. Het plangebied is het gebied waar de werkzaamheden zullen plaatsvinden (rood aangegeven).
8
Quickscan natuurwetgeving project sloop landbouwschuren Vogeldijk 6 Hengstdijk
Figuur 1. Plangebied (rood.
Het plangebied is bezocht op 29 maart 2022. Daarnaast zijn lokale verspreidingsatlassen geraadpleegd, zijn gegevens opgevraagd en zijn openbare websites geraadpleegd.
1.4
Opzet beoordeling
De opzet van deze beoordeling is als volgt. In hoofdstuk 2 is een korte beschrijving gegeven van het studiegebied, het plangebied en de voorgenomen activiteit. Hoofdstuk 3 geeft een beschrijving van de te verwachten en de aangetroffen natuurwaarden in het gebied. Deze gegevens zijn vervolgens geïnterpreteerd en beoordeeld in relatie tot de voorgenomen activiteit.
9
Quickscan natuurwetgeving project sloop landbouwschuren Vogeldijk 6 Hengstdijk
2 Beschrijving huidige situatie en voorgenomen activiteiten In dit hoofdstuk wordt een korte beschrijving gegeven van de huidige situatie. Het plangebied waar deze quickscan op van toepassing is gelegen ten zuiden van de Vogelkreek. Het betreft een erf waarop landbouwschuren staan. Deze schuren zijn gebruikt als stal voor runderen en als opslag van materiaal. De omgeving bestaat uit landbouwgebied, tuin/erf, dijk en kreek (oeverzone en open water). De werkzaamheden bestaan uit het slopen van drie landbouwschuren, bouwrijp maken van het terrein, bouwen van een woning. Figuur 2. Luchtfoto van het plangebied (blauw blijft behouden).
10
Quickscan natuurwetgeving project sloop landbouwschuren Vogeldijk 6 Hengstdijk
Foto 1. Schuur 2.
Foto 2. Schuur 3.
11
Quickscan natuurwetgeving project sloop landbouwschuren Vogeldijk 6 Hengstdijk
Foto 3. Schuur 1.
Foto 4. Kierende gevelbeplating.
12
Quickscan natuurwetgeving project sloop landbouwschuren Vogeldijk 6 Hengstdijk
Foto 5. Kierende gevelbeplating.
Foto 6. Binnenzijde schuur 3.
13
Quickscan natuurwetgeving project sloop landbouwschuren Vogeldijk 6 Hengstdijk
3
Soortenbescherming
Hieronder worden soorten vernoemd die in de omgeving van het plangebied voorkomen. Vervolgens wordt uitgewerkt of deze soorten ook in het plangebied voorkomen en of er eventueel nadelige effecten te verwachten zijn.
3.1
Zoogdieren
Overige soorten: ree, egel, bosmuis, rosse woelmuis, dwergmuis. Beschermde soorten: Gewone dwergvleermuis, Ruige dwergvleermuis, Watervleermuis, Laatvlieger, Gewone grootoorvleermuis, wezel, hermelijn, bunzing, haas, konijn. Voorkomen / functie van het plangebied: Bron: Bekker 2009, Zoogdieren in Zeeland, NDFF 30 maart 2022. Omdat het plangebied geheel verhard is en er geen beplanting aanwezig is, is het niet geschikt voor grondgebonden zoogdieren. Er zijn ook geen schuilmogelijkheden voor marterachtigen. Een groot deel van de bebouwing is niet geschikt voor vleermuizen. Het bestaat uit damwand, of is enkel steens, de constructiebalken zijn van metaal, er is veel licht. In 1 schuur zijn verblijfplaatsen voor vleermuizen niet uitgesloten, dit betreft schuur 3. Hier is loszittend isolatiemateriaal en kierende gevelbeplating. Uit te voeren maatregelen: Slopen bebouwing, bouwrijp maken van het terrein, bouwen woning. Verboden handelingen (doden, vernielen, verstoren van beschermde soorten): Nog niet bekend. Mitigerende maatregelen / Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Nog niet bekend. Conclusie: Het plangebied is niet geschikt als leefgebied voor grondgebonden zoogdieren. Het plangebied is wel geschikt als verblijfplaats voor vleermuizen. Dit betreft schuur 3.
Er zijn kierende dakpannen, openingen achter boeiboorden en scheuren/holtes in muren. Of vleermuizen daadwerkelijk voorkomen en wat de functie is dient nader onderzocht te worden.
14
Quickscan natuurwetgeving project sloop landbouwschuren Vogeldijk 6 Hengstdijk
3.2
Vogels
3.2.1 Broedvogels
De volgende broedvogels zijn in de omgeving van het plangebied vastgesteld: Houtduif, Holenduif, Merel, Zanglijster, Koolmees, Pimpelmees, Kauw, Ekster, Zwarte kraai, Spreeuw, Turkse Tortel, Zwarte roodstaart, Groenling, Putter, Kneu, Grasmus, Spotvogel, Kleine karekiet, Rietzanger, Blauwborst, Rietgors, Roodborsttapuit, Waterhoen, Waterral, Meerkoet, Fuut, Fazant, Ringmus, Gele kwikstaart, Graspieper, Boerenzwaluw, Steenuil, Kerkuil, Ransuil Huismus. Vetgedrukte soorten zijn soorten waarvan het leefgebied jaarrond beschermd is. Cursief zijn soorten die zijn opgenomen in categorie 5. Voorkomen / functie van het plangebied: Bron: veldinspectie, vogelatlas van Nederland, NDFF versie 30 maart 2022. De bebouwing wordt gebruikt door soorten als boerenzwaluw, holenduif, kauw, zwarte roodstaart. Voor deze soorten zijn voldoende alternatieve broedlocaties in de omgeving aanwezig. Voor soorten waarvan het leefgebied jaarrond beschermd is, is de te slopen bebouwing niet geschikt als broedlocatie. Er zijn geen geschikte broedholtes en er zijn ook geen nestkasten aanwezig. De te slopen bebouwing heeft ook geen functie als essentieel foerageergebied. Uit te voeren maatregelen: Slopen bebouwing, bouwrijp maken van het terrein, bouwen woning. Verboden handelingen (doden, vernielen, verstoren van beschermde soorten): Niet van toepassing indien er gesloopt wordt buiten de broedperiode.
Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Sloop buiten de broedperiode. Een gunstige periode om te slopen is tussen 15 augustus en 1 maart. Conclusie: In de bebouwing zijn broedvogels te verwachten. Dit betreft gebouw bewonende soorten. Er komen geen soorten voor waarvan het leefgebied jaarrond beschermd is. Sloop dient uitgevoerd te worden buiten de broedperiode. Een gunstige periode om te slopen is van 15 augustus tot 1 maart. Soorten die zijn opgenomen in categorie 5 komen voor in het plangebied. Er is geen negatief effect op regionaal populatieniveau te verwachten.
15
Quickscan natuurwetgeving project sloop landbouwschuren Vogeldijk 6 Hengstdijk
3.2.2 Watervogels
Er komen geen watervogels voor in het plangebied. Trekvogels en watervogels Voorkomen / functie van het plangebied: (Ministerie van Verkeer en Waterstaat e.a., Deltavogelatlas, atlas van vogelconcentraties en vliegbewegingen in het Deltagebied, digitale versie 30 maart 2022.; SOVON Vogelonderzoek Nederland & Ganzenwerkgroep Zeeland.2019; Omdat het terrein volledig verhard is, is het ongeschikt voor watervogels. Geschikte gebieden voor watervogels liggen op meer dan 50 meter. Bovendien ligt er een dijk tussen het plangebied en gebieden die geschikt zijn voor watervogels. Uit te voeren maatregelen: Slopen bebouwing, bouwrijp maken van het terrein, bouwen woning. Verboden handelingen (doden, vernielen, verstoren van beschermde soorten): Niet te verwachten Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Niet van toepassing. Conclusie: Geen nadelig effect te verwachten. Het plangebied is ongeschikt voor watervogels. De afstand tot belangrijke watervogel gebieden is voldoende groot.
3.3
Reptielen en Amfibieën
Amfibieën die kunnen voorkomen in de ruimere omgeving van het plangebied zijn: Algemene beschermde soorten: Bruine kikker, Groene kikker, Kleine watersalamander, Gewone pad. Voorkomen en functie van het plangebied: Bron: website www.ravon.nl, NDFF datum 30 maart 2022. De genoemde soorten komen voor in de omgeving van het plangebied. Het plangebied heeft geen waarde voor de beschermde soorten omdat het verhard is. Er zijn geen voortplantingswateren aanwezig, er is ook geen geschikt landbiotoop. Reptielen komen in de ruime omgeving (> 1 kilometer) niet voor. Het habitat is vanwege de grote oppervlakte verharding niet geschikt. Uit te voeren maatregelen: Slopen bebouwing, bouwrijp maken van het terrein, bouwen woning. Verboden handelingen (doden, vernielen, verstoren van beschermde soorten): Niet van toepassing. Het betreffende plangebied is niet geschikt als leefgebied. Gunstige staat van instandhouding / effect op populatieniveau (lokaal): Niet in het geding. Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Niet van toepassing. Conclusie: Geen nadelige effecten te verwachten. Het biotoop is ongeschikt voor amfibieën en reptielen.
16
Quickscan natuurwetgeving project sloop landbouwschuren Vogeldijk 6 Hengstdijk
3.4
Vissen
In het plangebied komen geen vissen voor. Het biotoop is niet geschikt. Voorkomen en functie van het plangebied: (Website Ravon versie 30 maart 2022). (Nie, Hendrik W. de, Atlas van de Nederlandse zoetwatervissen, Doetinchem, febr. 1996).Waterschap Scheldestromen. In het plangebied is geen water. Uit te voeren maatregelen: Slopen bebouwing, bouwrijp maken van het terrein, bouwen woning. Verboden handelingen (doden, vernielen, verstoren van beschermde soorten): Niet van toepassing. Het leefgebied wordt niet aangetast. Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Niet van toepassing. Conclusie: Geen negatieve effecten te verwachten. Het plangebied is ongeschikt voor vissen.
3.5
Ongewervelden
Voorkomen en functie van het plangebied: Vlinder- en Libellenwerkgroep 2003; Geene et. al. 2007; Wagenaar 2007, NDFF 30 maart 2022. In het plangebied komen geen dagvlinders, nachtvlinders, libellen, sprinkhanen en overige ongewervelden voor die beschermd worden door de Wet natuurbescherming. Het plangebied is ongeschikt omdat het bestaat uit verhard gebied. Ook zijn ook geen populaties van beschermde soorten gelegen binnen 1 kilometer afstand. Uit te voeren maatregelen: Slopen bebouwing, bouwrijp maken van het terrein, bouwen woning. Verboden handelingen (doden, vernielen, verstoren van beschermde soorten): Niet van toepassing. Er komen geen beschermde soorten voor. Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Niet van toepassing. Conclusie: het biotoop is ongeschikt voor beschermde ongewervelden. Geen negatieve effecten te verwachten. Er komen geen beschermde soorten voor.
3.6
Vaatplanten
In het plangebied komen geen beschermde soorten voor.
17
Quickscan natuurwetgeving project sloop landbouwschuren Vogeldijk 6 Hengstdijk
Voorkomen en functie van het plangebied: Flora Zeelandica en veldbezoek. NDFF versie 30 maart 2022 In het plangebied komen geen beschermde soorten voor. Tijdens het veldbezoek zijn deze niet vastgesteld. Beschermde vaatplanten komen vooral voor in kalkrijke (vochtige) biotopen, voedselarme akkers en schraallanden. Deze zijn in het plangebied niet aanwezig. Er geen muren waarop beschermde muurplanten kunnen voorkomen. Uit te voeren maatregelen Slopen bebouwing, bouwrijp maken van het terrein, bouwen woning. Verboden handelingen (doden, vernielen, verstoren van beschermde soorten): Niet van toepassing. Gunstige staat van instandhouding / effect op populatieniveau (lokaal): Niet in het geding. Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Niet van toepassing. Conclusie: Er komen geen beschermde soorten voor in het plangebied.
18
Quickscan natuurwetgeving project sloop landbouwschuren Vogeldijk 6 Hengstdijk
4 Toetsing Natura 2000 (Vogelrichtlijn / Habitatrichtlijn) en Natuurbeschermingswet en Natuurnetwerk Zeeland (NNZ) Natura 2000/Natuurbeschermingswet Het plangebied is geen Beschermd Natuurmonument of Natura 2000 gebied, zie bijlage 1. Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied is de Vogelkreek . De afstand tussen dit gebied en het plangebied is 40 meter. Hiertussen ligt een dijk. Dit gebied is aangewezen voor het voorkomen van het Kruipend Moerasscherm. De afstand tussen het plangebied en Natura 2000 gebieden is groot genoeg om geen negatieve effecten van trilling, geluid of optische verstoring te veroorzaken. Er wordt ook geen grondwater onttrokken dus er zijn geen verdrogingseffecten. De instandhoudingsdoelstellingen van Natura 2000 gebieden worden niet aangetast. Natuurnetwerk Zeeland (NNZ) Het plangebied is niet begrensd in het kader van de Natuurnetwerk Zeeland (NNZ, voorheen Ecologische Hoofdstructuur (EHS)), zie bijlage 1. Op circa 30 meter afstand ligt de Vogeldijk en de Vogelkreek. De werkzaamheden zijn kleinschalig van aard en op ruime afstand gelegen. Ze tasten de natuurkwaliteiten van het betreffende gebied niet aan. Er wordt geen beplanting gekapt. Het onderdeel houtopstanden in de Wet natuurbescherming is niet van toepassing. Conclusie: Er is geen negatief effect te verwachten op een Natura 2000 gebied.
Er zijn geen negatieve effecten te verwachten op gebieden die zijn aangewezen in het kader van het NNZ. De gebieden zijn op voldoende afstand gelegen en de maatregelen zijn kleinschalig van aard.
19
Quickscan natuurwetgeving project sloop landbouwschuren Vogeldijk 6 Hengstdijk
5
Conclusies en aanbevelingen mbt de uitvoering
Op de locatie Vogeldijk 6 in Hengstdijk worden 3 landbouwschuren gesloopt. Hiervoor in de plaats wordt een woning gebouwd. De betreffende landbouwschuren worden gebruikt voor opslag van materialen en als stal voor paarden. In de bebouwing zijn restanten van vogelnesten gevonden. Soorten die in de schuren kunnen broeden zijn holenduif, kauw, turkse tortel en boerenzwaluw. Soorten waarvan het leefgebied jaarrond beschermd is zijn niet te verwachten. Door de schuren te slopen buiten de broedperiode kan voorkomen worden dat vogelnesten verstoord worden. Alle in gebruik zijnde vogelnesten zijn beschermd middels de Wet natuurbescherming. Een gunstige periode om te slopen is van 15 augustus tot 1 maart. Het plangebied is geen geschikt biotoop voor grondgebonden zoogdieren. Het is geheel verhard en er zijn geen schuilmogelijkheden. Er zijn wel potentiële verblijfplaatsen voor vleermuizen in schuur 3. Om te bepalen of hier vleermuizen voorkomen en wat de functie is, is een nader onderzoek naar het voorkomen van vleermuizen noodzakelijk. Het terrein is niet geschikt voor andere beschermde soorten. Het is geheel verhard. Er is geen beplanting, of water aanwezig. Er is geen negatief effect te verwachten op een Natura 2000 gebied. Er is ook geen negatief effect te verwachten op de natuurkwaliteiten van terreinen die zijn aangemerkt in het kader van het natuurnetwerk Zeeland.
Het plangebied is op voldoende afstand gelegen van deze gebieden en de werkzaamheden zijn kleinschalig van aard.
20
Quickscan natuurwetgeving project sloop landbouwschuren Vogeldijk 6 Hengstdijk
Bijlage 1 Natuurnetwerk Zeeland (voorheen Ecologische Hoofdstructuur), rood is plangebied.
21
Quickscan natuurwetgeving project sloop landbouwschuren Vogeldijk 6 Hengstdijk
Natura 2000 (rood is plangebied).
22
Quickscan natuurwetgeving project sloop landbouwschuren Vogeldijk 6 Hengstdijk
Bijlage 2
Informatie Wet natuurbescherming Zeeland
23
Quickscan natuurwetgeving project sloop landbouwschuren Vogeldijk 6 Hengstdijk
24
Quickscan natuurwetgeving project sloop landbouwschuren Vogeldijk 6 Hengstdijk
25
Quickscan natuurwetgeving project sloop landbouwschuren Vogeldijk 6 Hengstdijk
26
Quickscan natuurwetgeving project sloop landbouwschuren Vogeldijk 6 Hengstdijk
27
Quickscan natuurwetgeving project sloop landbouwschuren Vogeldijk 6 Hengstdijk
28
Nader onderzoek aanwezigheid van vleermuizen
Vogeldijk 6 Hengstdijk 6 november 2022
Uitgevoerd en opgesteld door:
Adviesbureau Wieland Liniestraat 13 4561 ZS Hulst 0612352169 © Niets uit deze rapportage mag gekopieerd worden zonder schriftelijke toestemming van de auteur.
1
Inhoud Inleiding .................................................................................................................................................. 3 1
Omschrijving van het plangebied ............................................................................................... 4
2
Methode ......................................................................................................................................... 5
3
Resultaten en aanbevelingen ..................................................................................................... 6
2
Inleiding Gepland is om op de locatie Vogeldijk 6 in Hengstdijk bebouwing te slopen. Om te bepalen welke beschermde diersoorten in de bebouwing aanwezig zijn is een quickscan uitgevoerd. Middels de quickscan is bepaald welke soorten er in het plangebied voor kunnen komen die een nadelig effect van de werkzaamheden kunnen ondervinden. Hieruit is gebleken dat er nader onderzoek uitgevoerd dient te worden naar het voorkomen van vleermuizen. Door het gericht veldonderzoek is bepaald of vleermuizen ook daadwerkelijk voorkomen in het plangebied. De resultaten van het veldonderzoek zijn uitgewerkt in deze notitie.
3
1 Omschrijving van het plangebied Het onderzoeksgebied is gelegen aan Vogeldijk 6 in Hengstdijk. Het betreft een aantal stallen en schuren op een erf. De werkzaamheden bestaan uit het slopen van de bebouwing. Het groen aangegeven deel blijft behouden. Figuur 1. Ligging van het onderzoeksgebied (rood).
4
2
Methode
Tijdens de veldbezoeken werd op grond van geluid en zicht geïnventariseerd. Met behulp van een heterodyne batdetector met opname- en vertragingsfunctie (type: Petterson, D240x, werd de echolocatie die vleermuizen uitzenden hoorbaar gemaakt. Geluiden zijn opgenomen met een songmeter SM4 bat. Met het programma kaleidoscope zijn de opgenomen geluiden geanalyseerd. Door daarnaast zoveel mogelijk visueel waar te nemen werd de determinatie geverifieerd en werd het gedrag (en daarmee vaak de functie van het gebied) vastgesteld met behulp van een warmtebeeldcamera. Het onderzoek is uitgevoerd door: M. Dobbelaar, A. Wieland. Er zijn onderzoeken 5 onderzoeken uitgevoerd. Tabel 1. Onderzoeksgegevens vleermuizen. Datum en tijd 1 juni ; 03:12-05:22 8 juni 21:50-00:10 14 juli 21:45-00:12 26 augustus; 20:20-00::30 28 september: 19:20-23:30
Weer 15 graden, droog, zw 3 13 graden, droog, no2 16 graden, droog, no1 18 graden, droog, oost 2 14 graden, droog, oost 3
Soort onderzoek Zomerverblijf-kraamverblijf Zomerverblijf-kraamverblijf Zomerverblijf-kraamverblijf Zomerverblijf-paarverblijf Zomerverblijf-paarverblijf
5
3 Resultaten en aanbevelingen Hieronder worden de resultaten van het vleermuisonderzoek besproken. Op het erf zijn gewone dwergvleermuizen vastgesteld. De verblijfplaats is in het woonhuis. Het woonhuis blijft behouden. Hier worden geen werkzaamheden uitgevoerd. In de te slopen schuren zijn geen verblijfplaatsen van de vleermuizen vastgesteld. De sloop van de schuren zal geen nadelig effect hebben op vleermuizen. De afstand van het huis tot de slopen schuren is voldoende groot om geen nadelig effect te hebben van sloopwerkzaamheden (geluid, trillingen).
6
VERKENNEND BODEMONDERZOEK VOLGENS NEN 5740 VOGELDIJK 4-6 TE HENGSTDIJK
Opdrachtgever
:
De Koster Ruimtelijke Ordening B.V. Sint Janstraat 6b 4565 EN te Kapellebrug
Vestiging
:
ABO-Milieuconsult B.V. Amundsenweg 29 4462 GP Goes tel. +31 (0)113 362280
Projectnummer Periode onderzoek Datum rapportage
: : :
ANL22-6665 April 2022 29 april 2022
INHOUDSOPGAVE SAMENVATTING ...................................................................................................................................... 3 1 INLEIDING ........................................................................................................................................ 5 2 VOORONDERZOEK ......................................................................................................................... 6 2.1 Algemene bodem- en locatiegegevens .................................................................................... 6 2.2 Historische kaarten, luchtfoto’s en overig beeldmateriaal ........................................................ 7 2.3 Eerder uitgevoerd bodemonderzoek......................................................................................... 7 2.4 Bodemsamenstelling en geohydrologische situatie .................................................................. 7 2.5 Interpretatie verwachte milieuhygiënische bodemkwaliteit ....................................................... 9 2.6 Conclusies met betrekking tot het vooronderzoek .................................................................. 10 3 VELDWERKZAAMHEDEN .............................................................................................................
11 3.1 Opzet veldwerkzaamheden .................................................................................................... 11 3.2 Resultaten veldonderzoek ...................................................................................................... 11 4 LABORATORIUMONDERZOEK .................................................................................................... 14 4.1 Opzet laboratoriumonderzoek ................................................................................................. 14 4.2 Resultaten laboratoriumonderzoek/toetsingskader ................................................................ 15 4.3 Toetsingstabellen grond en grondwater.................................................................................. 15 4.4 Overschrijdingstabellen grond en grondwater ........................................................................ 15 5 CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN ........................................................................................... 18 5.1 Conclusies ............................................................................................................................... 18 5.2 Aanbevelingen ........................................................................................................................
19 TABELLEN TABEL 2.1: Algemene bodem- en locatiegegevens TABEL 2.2: Conclusie en hypothese vooronderzoek TABEL 3.1: Verrichte veldwerkzaamheden TABEL 3.2: Peilbuisgegevens TABEL 3.3: Zintuigelijke waarnemingen TABEL 4.1: Overzicht samenstelling (meng)monsters en analyseparameters TABEL 4.2: Overschrijdingstabel grond TABEL 4.3: Overschrijdingstabel grondwater BIJLAGEN BIJLAGE 1a: Locatie aanduiding op topografische ondergrond + foto’s onderzoekslocatie BIJLAGE 1b: Historische kaarten en luchtfoto BIJLAGE 2: Situatietekening onderzoekslocatie BIJLAGE 3: Boorprofielen BIJLAGE 4: Analyserapporten BIJLAGE 5: Toetsingstabellen grond en grondwater BIJLAGE 6: Toetsingskader BIJLAGE 7: Vooronderzoek
Verkennend bodemonderzoek, Vogeldijk 4 – 6 te Hengstdijk, ANL22-6665
2/19
SAMENVATTING Op de locatie gelegen aan de Vogeldijk 4 – 6 te Hengstdijk is in de periode april 2022 door ABO-Milieuconsult B.V. een vooronderzoek en een verkennend bodemonderzoek conform NEN 5725 en NEN 5740 uitgevoerd in opdracht van De Koster Ruimtelijke Ordening B.V. De onderzoekslocatie is kadastraal bekend als gemeente Hontenisse, sectie P, nummers 141, 825 en 826. De onderzoekslocatie bestaat momenteel uit een bedrijfswoning met meerdere loodsen met braakliggend en asfaltverhard terrein. Op de onderzoekslocatie is een gemengd agrarisch bedrijf aanwezig. De onderzoekslocatie heeft een totale oppervlakte van 14.650 m², welke opgesplitst kan worden in de volgende deellocaties: - Bedrijfswoning inclusief tuin van circa 2.850 m²; - Erfverharding van circa 8.300 m²; - Overig terrein van circa 3.500 m². Aanleiding voor het uitvoeren van het onderzoek betreft het opstellen van een bestemmingsplan en de daaruit voortvloeiende aanvraag van een omgevingsvergunning (activiteit bouwen). De locatie kan op basis van het vooronderzoek als verdacht worden beschouwd. Ter plaatse van de onderzoekslocatie zijn in totaal 38 boringen verricht waarvan drie boringen zijn afgewerkt met een peilbuis.
Conclusies Bedrijfswoning met tuin inclusief overig terrein inclusief voormalige watergang Tijdens de veldwerkzaamheden zijn geen bijmengingen aangetroffen die te relateren zijn aan de voormalige (gedempte) sloten. Op basis hiervan kan worden geconcludeerd dat de watergangen zijn gedempt met gebiedseigen grond. In de grond zijn geen van de geanalyseerde parameters in een verhoogd gehalte aangetoond. Erfverharding en loodsen Onder de verhardingslagen zijn op een aantal plaatsen funderingslagen aangetroffen bestaande uit wisselend repac-, grind-, baksteen-, beton-, ijzer-, en puinhoudend materiaal. In de grond zijn lichte verontreinigingen (overschrijding achtergrondwaarde) met respectievelijk minerale olie, kobalt, zink, lood, PAK en nikkel aangetoond. De overige van de geanalyseerde parameters zijn niet verhoogd aangetoond ten opzichte van de achtergrondwaarde. Voormalige boomgaard In de grond ter plaatse van de voormalige boomgaard zijn geen verontreinigingen aangetoond welke gerelateerd zijn aan het gebruik van bestrijdingsmiddelen. Voormalige bovengrondse tanks Bij de voormalige bovengrondse tanklocaties zijn geen bijzonderheden waargenomen die duiden op verontreinigingen met olieproducten. In grondmonster 106-3 (boring 106, traject 0,2 – 0,4 m -mv) is een lichte verontreiniging (overschrijding achtergrondwaarde) met minerale olie aangetoond.
Grondwater In het grondwater zijn geen van geanalyseerde parameters verhoogd aangetoond ten opzichte van de streefwaarde. Algemene conclusie De hypothese "De onderzoekslocatie is verdacht” dient op basis van de onderzoeksresultaten aangenomen te worden. Verkennend bodemonderzoek, Vogeldijk 4 – 6 te Hengstdijk, ANL22-6665
3/19
Aanbevelingen Bodem: De bodemkwaliteit vormt geen belemmering voor de ontwikkeling van het terrein. De aangetroffen gehalten in de grond zijn dermate gering dat deze resultaten geen aanleiding geven tot het uitvoeren van een nader bodemonderzoek. Fundatielagen: De aangetroffen fundatielagen maken geen onderdeel uit van de bodem en zijn tijdens onderhavig onderzoek niet onderzocht. Gezien de toekomstige graafwerkzaamheden van deze funderingslagen wordt aanbevolen om een asbestonderzoek uit te voeren. Opgemerkt dient te worden dat er geen asbestverdachte materialen zijn aangetroffen in de fundatie- en onderliggende bodemlagen. Algemeen: Aanbevolen wordt om bij graafwerkzaamheden vrijkomende grond zo veel mogelijk op de locatie te verwerken. Indien in het kader van de nieuwbouw grond moet worden afgevoerd moet rekening gehouden worden dat in onderhavig onderzoek geen onderzoek op PFAS is uitgevoerd. Opgemerkt dient te worden dat aan de hand van de bevindingen van onderhavig onderzoek geen absolute uitspraken kunnen worden gedaan over de hergebruiksmogelijkheden van eventueel af te voeren grond. Om te bepalen of er sprake is van grond (bodemkwaliteitsklasse achtergrondwaarde, wonen of industrie) ofwel een bouwstof gelden er andere beoordelingscriteria en onderzoeksstrategieën. Voldaan moet worden aan het Besluit bodemkwaliteit. Veldmedewerkers: