Verslag commissie Middelen Hulst 29 juni 2023
Tekst van het document
Verslag Commissievergadering Middelen d.d. 29 juni 2023 Aanwezig: F. Smits (PvdA), J. Alvarez (GHH), P. van de Kerkhove (CDA). P. Erpelinck (D66), E. Naessens (VVD), J. van Eck (HP), J. Prins (ABGH), M. Seghers (ABGH), D. Steijaert (wethouder), M. Marin (afdelingshoofd), J Scheele (controller), D. Van Bunder (raadsgriffier), J. Roelandts (voorzitter), Afwezig: C. de Kraker (voorzitter), P. de Bruijn (FVD) 1.
Opening De voorzitter opent de vergadering.
2.
Mededelingen De wethouder meldt dat begin deze week een vergadering is geweest voor aandeelhouders van de PZEM. Er is besloten 100 miljoen dividend uit te keren. Dit is vorige keer ook meegedeeld maar is nu definitief. Voor de gemeente Hulst betekent dit meer dan € 3 miljoen. Dit wordt zoals afgesproken gebruikt om GB Aqua leningen af te lossen. Dit is ook volgend jaar het geval. Volgend jaar is er wellicht ook een uitkering van extra dividend aan de orde. Als hier meer over bekend is wordt het in deze commissie gemeld. De heer Smits vraagt wat het aandeel is dat Hulst in totaliteit aan aflossing moet betalen. De heer Van Eck vraagt over welk jaar die dividenduitkering is. En wat er nog rest van het uit te betalen bedrag. De heer Van de Kerkhove vraagt wat dit inhoudt voor de aankomende jaren. Het dividend dat nu wordt uitgekeerd gaat over het jaar 2022. Er is nu € 100 miljoen gekregen en de komende jaren is er nog € 200 miljoen nodig om de leningen volledig af te lossen. Het dividend dat daarna wordt uitgekeerd is vrij te besteden door de gemeente. De heer Smits vraagt om een indicatie van dit bedrag. Dit is een bedrag van ongeveer € 6 miljoen voor de gemeente Hulst. Vanuit de commissie zijn er geen mededelingen.
3.
Vaststelling agenda Punt 7c wordt naar voor geschoven
4.
Verslag van de vergadering van 6 april 2023 Er zijn geen tekstuele opmerkingen binnengekomen. Er zijn geen updates over het actiepunt. Er is volgens de heer Smits een vraag binnengekomen via de fractievoorzitter over het verslag, of er al meer bekend was is over de € 149 miljoen van Stedin. De voorzitter meldt dat deze vraag in de schriftelijke beantwoording van de jaarrekening werd meegenomen.
5.
Spreekrecht burgers Mevrouw Boeije spreekt n.a.v. de twaalf camperplaatsen op het Haverfort in Hulst waarvoor de gemeente voornemens is een tarief van € 7,50 te hanteren. Ze heeft op 20 december 2019 al een brief naar de gemeente gestuurd en verontrusting over deze plannen uitgesproken; hierop heeft zij geen reactie ontvangen. Minicampinghouders en campingplaatshouders worden volgens haar met dit tarief volledig uit de markt gedrukt. Zij zijn genoodzaakt een tarief tussen € 16 en € 22 per overnachting te hanteren. Ze stelt de vraag of de gemeente met dit tarief denkt te voldoen aan de criteria van de Wet Markt en Overheid, of er toeristenbelasting in dit bedrag zit of niet en of de gemeente zich bewust is van de gevolgen die dit heeft voor ondernemers en de leefbaarheid van het buitengebied. Ze vraagt zich ook af wat het belang van de gemeente is om camperplaatsen te exploiteren. De heer Alvares vraagt of er naast water en stroom ook andere faciliteiten zijn die de commerciële partijen aanbieden. Mevrouw Boeije legt uit dat zij een tarief van € 20 hanteert inclusief water, stroom, toeristenbelasting en btw. Hiervan blijft netto € 10 over waarvan weinig extra faciliteiten geboden kunnen worden. Voor de toeristenbelasting wordt uitgegaan van twee personen; bij een extra persoon komt er extra toeristenbelasting bij.
Mevrouw Segers vraagt wat de ondernemers een fair tarief zouden vinden en welk verschil zij zien tussen een plaats in de stad of erbuiten. Volgens mevrouw Boeije is het niet fair de groep mensen die een bedrag te besteden hebben omdat zij een camper hebben, minder te laten betalen dan een gezin dat op een camping wil kamperen. De heer Van Eck vraagt zich af of er nog verschillen zijn in serviceverlening tussen de camping of minicamping en op de camperplaats. Mevrouw Boeije weet niet welke voorzieningen er op de camperplaats precies zijn. De faciliteiten die de camping heeft, zijn via vergunningen geregeld. De camperplaats op de camping staat op dit moment leeg. Dit punt wordt verder besproken bij agendapunt 7B.
6.
Nieuws van de gemeenschappelijke regelingen/verbonden partijen Er is geen nieuws rondom de gemeenschappelijke regelingen.
7.
Raadsvoorstellen voor de raadsvergadering van 13-07-2023
7C Jaarstukken 2022 Er zijn vooraf vragen gesteld over de jaarstukken en beantwoord. Vandaag geeft zowel de accountant als de wethouder een korte presentatie waarna aanvullende vragen gesteld kunnen worden. Dit stuk komt terug in de gemeenteraad. Eventuele wijzigingen kunnen daar voorgesteld worden. In de stukken staat dat het voor 15 juli 2022 ingediend moet worden, dit moet 2023 zijn. De heer van Vught spreekt zijn tevredenheid uit over de relatie en communicatie met gemeente Hulst. De accountant heeft de controle uitgevoerd met een goedkeuringstolerantie van € 930.000 en een onzekerhedenpercentage van 3%. De accountant heeft het voornemen volgende week een goedkeurende
2
controleverklaring af te geven voor zowel de rechtmatigheid als het getrouwe beeld. Volgend jaar legt het college hier onder controle van de accountant zelf verantwoording over af. De accountant deelt de kern van de rapportage via een powerpointpresentatie. Vanuit de commissie komen enkele vragen. De heer Erpelinck vraagt een toelichting op de tussentijdse resultaatbestemmingen van ruim € 7,5 miljoen. De heer van Vught legt uit dat de raad besluiten kan nemen waarbij overschotten tussentijds in een bestemmingsreserve geplaatst worden voor specifieke doelen of om bepaalde risico’s op te vangen. De heer Van Eck vraagt naar aanleiding van de toelichting op het grondbedrijf of in het saldo van € 300.000 ook de exploitatie van de Bierkaai is meegenomen. De accountant bevestigt dat het verwachte tekort van de Bierkaai in dit resultaat meegenomen is. De heer Van Eck vraagt wat het inhoudt dat de weerstandscapaciteit hoger is dan de door de gemeente Hulst ondertekende en aanwezige risico’s. De heer van Vught legt uit dat er meer buffers zijn dan geïdentificeerde risico’s. Dit getal mag niet onder de 1,0 komen en is nu 1,73. De heer Smits kaart aan dat het eigen vermogen de afgelopen jaren steeds met € 4 miljoen toenam, maar het afgelopen jaar met € 12 miljoen. Hij vraagt zich af of er sprake is van uitgestelde werkzaamheden of een te voorzichtige raming.
De heer van Vught legt uit dat er € 2,4 miljoen minder aan lasten is uitgegeven dan begroot; dit is 3% op de totale grootte. De grote stijging van het eigen vermogen is dus geen gevolg van uitgestelde werkzaamheden, ook gezien het feit dat de lasten in totaal met 7% zijn toegenomen. De toename van het eigen vermogen bestaat vooral uit incidenteel geld van het Rijk. De accountant noemt € 3 miljoen incidenteel geld voor de vluchtelingen uit Oekraïne en een toename in de specifieke uitkeringen in 2022 als voorbeelden. De heer Prins geeft een compliment voor de leesbaarheid van het verslag en vraagt zich af voor hoeveel gemeentes dit accountantskantoor de jaarrekening verzorgt. Hij geeft aan dat hijzelf dit voor ongeveer 15 gemeenten doet. De heer Van de Kerkhove sluit zich aan bij het compliment en informeert of er nog zaken zijn die de accountant ervan af kan houden een goedkeurende verklaring af te geven. De accountant geeft aan dat het ‘voornemen’ een goedgekeurde verklaring af te geven de formele procedure is. Hij acht de kans dat er nog zaken boven tafel komen die dit tegenhouden nihil is . De heer Alvarez informeert of de gehanteerde goedkeuringsmaterialiteit voor fouten hoog, laag of regulier is. De accountant legt uit dat er wettelijk een percentage van 1% is afgesproken voor fouten en 3% voor onzekerheden.
De raad kan dit percentage naar beneden bijstellen maar niet naar boven. In de praktijk gebeurt dit nauwelijks. Er ligt een nieuw wetsvoorstel waarbij het onderscheid tussen fouten en onzekerheden vervalt. Het totale percentage komt dan op 2% te liggen.
3
De heer Prins vraagt wat er in de praktijk verandert wanneer in het vervolg het college verantwoordelijk is voor de rechtmatigheidscontrole. De accountant geeft aan dat er in de praktijk weinig verandert. Deze regelgeving is primair bedoeld om verantwoordelijkheden zuiver te krijgen. Het college is verantwoordelijk voor het naleven van de wet- en regelgeving en legt hier zelf verantwoording over af. De accountant is verantwoordelijk de commissie te laten weten of wat het college zegt ook klopt. Waarschijnlijk komt er een verschuiving in het proces voor het maken van een rechtmatigheidsverantwoording. Wethouder Steijaert presenteert de jaarrekening van 2022 en de commissie stelt hier enkele vragen over. De heer Van de Kerkhove kaart aan dat er in de gemeente door verenigingen en stichtingen al jaren wordt gesproken over investeringen in accommodatie. In september wordt het accommodatiebeleid gepresenteerd. De heer Van de Kerkhove stelt voor hier een bedrag voor te reserveren en dit na september voortvarend aan te pakken. Ook voor het plan ‘Morres’ aan de Abdaalseweg bleken extra financiële middelen nodig te zijn. De heer Van de Kerkhove stelt voor dit ook in de bestemming van het overschot mee te nemen. De wethouder geeft aan dat er ook op een later moment een bedrag gereserveerd kan worden voor accommodatiebeleid; eventueel ook uit de algemene reserve.
Het tussengebied heeft grote aandacht van de wethouder. Hierover zijn recent vragen gesteld en de wethouder verwacht op korte termijn antwoorden. Ook voor het tussengebied kan geput worden uit GREX (GrondExploitatie) De heer Prins vraagt waarom het liquiditeitssaldo in april onder de kaslimiet lag. Hij informeert of het bedrag voor de noodopvangontheemden is voorgeschoten door de gemeente. De wethouder bevestigt dat dit het geval is. De heer Smits vraagt of het college erover na wil denken ruimte te bieden aan de raad en commissieleden met voorstellen te komen voor de bestemming van het overschot. De wethouder geeft aan dat het programma van wensen in het bestuursakkoord is vastgelegd. Alle bestemmingen komen met raadsbesluiten bij de commissie terug. De heer Smit geeft aan dat het college al enige tijd bezig is; er kunnen andere ideeën gaan leven. Hij vraagt opnieuw om ruimte hiervoor. De wethouder geeft aan dat het geen coalitieakkoord is maar een bestuursakkoord. Tijdens de bespreking van de begroting kunnen er nieuwe zaken ingebracht worden. De heer Smits informeert of inmiddels perceel 4 bij het Grote Kreek is aangekocht. De wethouder geeft aan dat dit nog niet het geval is. De heer Smits zou graag een staffel krijgen van alle kosten die de gemeente maakt voor WK cross 2026. Er worden nu op allerlei gebieden kosten ondergebracht die moeilijk te herleiden zijn.
De wethouder is het ermee eens dat dit overzichtelijk gemaakt moet worden. De heer Erpelinck benadrukt dat het belangrijk is raadsbesluiten te nemen over de bestemming van het overschot. Het heeft zijn voorkeur dit in te zetten in het sociale domein, voor kansengelijkheid, armoedebestrijding en huisvesting van ontheemden. Hij noemt dit een morele plicht omdat het overschot onder andere is ontstaan door de subsidie voor huisvesting van ontheemden.
4
De wethouder kaart aan dat in de tabel op pagina 158 terug te zien is dat er € 800.000 is toegevoegd aan het sociale domein en er een reserve van € 3,7 miljoen is. Dit wordt besteed aan de zaken die de heer Erpelinck noemt. De heer Alvarez vraagt zich af op basis waarvan de bedragen voor de bestemming van het resterend saldo zijn bepaald. Volgens de heer van Eck zijn niet alle vooraf gestelde vragen naar tevredenheid beantwoord. De voorzitter kondigt de tweede termijn aan. Er kunnen vragen gesteld worden op basis van de beantwoording. De fracties kunnen eventueel hun standpunt duidelijk maken over de bestemming van het voorschot. Dit kan eventueel met een amendement waarop teruggekomen mag worden. De heer Alvarez reageert op het antwoord van de wethouder over de vraag van de heer Van de Kerkhove over reservering voor iets anders, zoals accommodatiebeleid. Het antwoord van de wethouder klinkt iets soepeler dan de schriftelijke beantwoording. Dat biedt mogelijkheden. Verder laat hij het hele stuk over aan de raadsleden. De heer Van de Kerkhove maakt nog een compliment, vooral aan het ambtelijk apparaat, voor de manier waarop de commissie de cijfers kon krijgen, inzien en bediscussiëren. Ook een compliment naar het college voor het gevoerde beleid. Hij wil nog reageren op de opmerking van de heer Smits naar aanleiding van zijn vraag de bestemming op te nemen voor het plan-Morres.
Volgens hem is al jaren geleden in deze raad aangenomen dat er een doorverbinding komt vanaf het Morres-terrein naar Abdaalseweg. Dat plan zit al jaren in het slop vanwege verontreiniging op het terrein. Schoonmaken kost veel geld. Daar heeft de CDA-fractie 7 weken geleden vragen over gesteld, waarop ze nog geen antwoord heeft gekregen. Ze heeft wel een raming van de kosten gekregen. Daarom wil de fractie dat graag opgenomen zien, eventueel als reservering. De voorzitter geeft aan dat die vraag is beantwoord in de eerste termijn en dat is toegezegd dat er een schriftelijk antwoord komt. De heer Prins is vergeten 2 vragen te stellen. Op pagina 176 van de jaarstukken staat dat € 135.000 ten laste is gebracht van de algemene reserve voor onderzoek zwembad. Hij vraagt of dit onderzoek al is afgerond. Als dat zo is, ontvangt hij graag de resultaten. Als tweede vraagt hij inzicht te krijgen hoe de gelden voor Hulst voor elkaar zijn besteed in De Lieve (op pagina 222). De voorzitter reageert dat deze vragen gisteren zijn behandeld en beantwoord in de commissie Samenleving.
7A SABEWA; jaarstukken, begrotingswijziging en begroting 2024 De voorzitter meldt dat er een voorstel van het college ligt om met een positieve zienswijze op de eerste begrotingswijziging 2023 en de begroting 2024 te komen onder de voorwaarde dat via tussentijdse rapportages de voortgang van de versterking van de organisatie en de vorderingen in het hele proces kunnen worden gemonitord. In de eerste termijn kunnen commissieleden vragen stellen, in de tweede termijn hun standpunt kenbaar maken.
5
De heer Alvarez zegt het gevoel te hebben elk jaar in herhaling te vallen. Er is elk jaar een tegenvaller, elke keer om bijna dezelfde redenen en er komt elk jaar meer bij. Maar als het elk jaar hetzelfde is, kan je het dan nog een tegenvaller noemen. Hij heeft nog een inhoudelijke vraag over het bedrag van meer dan € 300.000 voor kosten inhuur externen. Gaat het om openstaande vacatures of zijn die al ingevuld? Als dat niet zo is, betekent dat dan dat in de komende 5 maanden van dit jaar nog voor € 300.000 inhuur plaatsvindt? Het college wil een positieve zienswijze indienen, maar zo heel positief lijkt het volgens hem toch niet te zijn. De heer Erpelinck vindt een begrotingswijziging van € 1,4 miljoen erg fors. Zijn fractie is er zeker voorstander van om een kwaliteitsimpuls te geven op weg naar 4 sterren. De fractie neigt ernaar de positieve zienswijze te ondersteunen, maar vraagt nog wel of er afspraken zijn gemaakt over tussentijdse monitoring. Hoe regelmatig gaat dat gebeuren?. De heer Van Eck ziet in de toelichting dat het vooral gaat om de voortgang van de versterking van de organisatie om te komen tot een meer efficiënte en misschien ook wel kostenbesparende organisatie. Hij vindt dat de raad moet zeggen hoe hij dat wil bewaken. Anders komen we volgend jaar in precies hetzelfde verhaal terecht. Hij heeft moeite met het woord positief.
Het kost tijd om de voortgang van de versterking van de organisatie uit te bouwen. Een versterking zou kunnen zijn het uitbreiden van het aantal gemeenten dat klant wordt. Ook de heer Smits valt het grote bedrag aan externe inhuur op. Dat wordt gemotiveerd met kwetsbaarheid van de organisatie en achterstanden wegwerken. Extra personeel inhuren om achterstand weg te werken snapt hij. Maar kwetsbaarheid lijkt hem meer een structureel iets. Het lijkt een teken dat sprake is van onderbezetting. Er wordt aangegeven dat de totale begroting volgens de VZGrichtlijnen met € 429.000 ruim wordt overschreden. Daar zit volgens hem een spanningsveld waar hij graag een reactie op krijgt. In het verlengde van wat de heer Smits heeft gezegd vraagt de heer Prins in hoeverre het inhuren van personeel leidt tot versterking van de organisatie. Moet daarvoor niet juist gezocht worden naar structurele banen? De heer Van de Kerkhove had voor zichzelf dezelfde woorden opgeschreven als vorig jaar. En het jaar daarvoor, en daarvoor. Dit jaar is het eindresultaat € 128.000 positief. Maar de organisatie moet versterkt worden en dat geeft een verhoging van € 849,000, waarvan € 167.000 structureel is. Een overschrijding van meer dan € 1 miljoen. Voor gemeente Hulst houdt dat in een verhoging van € 90.000. Dat is bijna 20%.
Sabewa is in het leven geroepen om efficiency en besparing door te voeren, maar ieder jaar worden de gemeenten met meer kosten geconfronteerd Wethouder Steijaert beantwoordt de vragen. Er ligt een voorstel dat uitgebreid is besproken binnen het dagelijks en algemeen bestuur van Sabewa. Want er zijn een aantal zaken dat nog steeds niet op orde zijn. Het gaat dan om bronbestanden, achterstand, no-cure-no-pay-bezwaarschriften en de verandering van kubieke naar vierkante meters. De organisatie wil van 3 naar 4 sterren, dat vraagt ook nog een bepaalde kwaliteitsslag. Daar zijn extra mensen voor nodig. Een aantal vragen ging over het bewaken van de voortgang door tussentijdse monitoring. Dat gebeurt een aantal keren per jaar en de wethouder zal dat terugkoppelen aan de commissie. De directeur van Sabewa heeft duidelijk aangegeven wat er speelt en er is een gesprek geweest met de accountant en de Waarderingskamer. Beide hebben gezegd dat – wil
6
Sabewa op de toekomst zijn voorbereid - deze stappen moeten worden gezet op kwaliteitsgebied. Dus eigenlijk is er geen andere keus. De VZG-norm van de Vereniging Zeeuwse Gemeenten was 2,7%. Die norm bleek afgelopen jaar door allerlei redenen onhoudbaar. Hij is omhoog gegaan. Redenerend vanuit de oorspronkelijke 2,7% is € 429.000 een forse overschrijding. Al met al komt het erop neer dat deze zaken gewoon op orde moeten zijn en dat dat geld kost. De wethouders is het met de commissie eens dat goed moet worden gemonitord. De heer Van de Kerkhove zegt dat de overschrijding voor Hulst 20% is. Ten opzichte van de VZG-norm van 2,7% is dat een verschil van 17,3%. Hij vindt dat erg veel. De heer Smits houdt het standpunt van zijn fractie aan tot de raad. De heer Van de Kerkhove doet dat ook. Volgens de heer Van Eck komt het in feite allemaal op hetzelfde neer. Hij vindt dat duidelijk moet worden gekeken wat de voortgang is, anders blijft het hetzelfde verhaal als 2022, 20021 en verder terug. Dat is de voorwaarde. Zijn fractie zal daar in de raad niets meer aan toevoegen. Zij zal het voorstel wel moeten volgen. Wat hem betreft mag het naar raad en zal zijn fractie in de raad niet herhalen wat hij in deze commissie heeft gezegd. De voorzitter concludeert dat het namens HulstPLUS als hamerstuk naar de raad kan.
De heer Erpelinck zegt dat D66 Hulst akkoord kan gaan met het voorstel, mits er goede afspraken worden gemaakt over de tussentijdse voortgang van het versterken van de organisatie. Daarnaast moet het totale proces worden gemonitord om te zien dat er vooruitgang wordt geboekt en dat de 4 sterren haalbaar zijn. De heer Prins geeft aan dat ABGH akkoord gaat met de zienswijze van het college. Het zat eraan te komen, ook door de presentatie van de directeur, dus het komt voor ABGH niet als een verrassing. De voorzitter vraagt of de wethouder nog kort wil reageren. Wethouder Steijaert reageert richting de heer Van Eck. Die zegt: het moet. De wethouder wil het omdraaien: het is echt nodig. Verder geeft hij aan dat er een verbeterplan is en er een tussentijdse rapportage komt. Hij zegt toe dat hij de commissie en de raad daarin meeneemt. De voorzitter constateert dat er een voorbehoud is van de fracties van CDA en PvdA. Dan gaat het voorstel als bespreekstuk naar de raadsvergadering van 13 juli. 7B Verordening Campergelden 2023 De heer Naessens had als vraag gesteld hoe het zit het met de toeristenbelasting. Dat komt nergens terug. Ook het betoog van de inspreker laat zien dat het een punt is om goed over na te denken. De heer Alvarez vraagt de wethouder nog toe te lichten hoe de kosten die nu worden berekend zijn ingeschat.
Hij vraagt ook of het college zelf vooraf onderzoek heeft gedaan naar kosten ten opzichte van commerciële partijen in de gemeente.
7
De heer Van de Kerkhove ziet dat bij het opbouwen van het voorgestelde tarief wordt uitgegaan van een bedrag van € 7,50. Dat is berekend op basis van volledige kostendekkendheid van de integrale kosten. Dit tarief is niet marktconform met andere camperplaatsen in de gemeente. Daar gaat het om bedragen tussen € 15 en € 20, soms inclusief en soms exclusief toeristenbelasting. De CDA-fractie is van mening dat er geen oneerlijke concurrentie gevoerd mag worden door de gemeente en dat in het tarief de toeristenbelasting moet worden opgenomen. Hij stelt een allintarief voor van minimaal € 15 per overnachting per camperplaats. Hij vraagt ook hoe wordt gehandhaafd. Nu staat een aantal campers op camperplaatsen, maar er staan ook campers op parkeerplaatsen ernaast. Mevrouw Segers heeft een aantal vragen. Is erover nagedacht het aan ondernemers over te laten? Waarom geldt de Wet Markt en Overheid niet voor de andere camperplaatsen? Komen er in de toekomst ook faciliteiten met bijbehorende heffing op de andere camperplekken? Is het mogelijk om digitaal af te rekenen zoals nu ook kan met de parkeerbelasting? In artikel 1 wordt het begrip camper gedefinieerd. Sluit deze omschrijving vrachtwagens uit? De argumenten om niet voor een parkeerbelasting te kiezen zijn niet overtuigend.
Dat de parkeerverordening aan het aanwijzingsbesluit betaald parkeren gebied aangepast moet worden is net zo veel werk. Kunnen de opbrengsten anders worden ingezet zoals bij de parkeerbelasting mogelijk is? Zij vindt ook dat het tarief te laag is. Volgens de heer Smits variëren de reguliere tarieven heel sterk, van € 10 tot € 15 tot € 0. Met het voorgestelde tarief moet iets gebeuren vanwege de oneerlijke concurrentiepositie. Een andere reden om het tarief te verhogen is dat de kosten voor de camperplaats de komende jaren zullen oplopen. De heer Van Eck vindt dat een tarief voor een camperplaats niet kan worden vergeleken met het tarief op een camping. Hij is het niet eens dat het concurrentievervalsend zou zijn. Het bedrag van € 7,5 is relatief laag, het kan volgens hem omhoog naar € 10. Meer opbrengst vindt zijn fractie goed, dan kan worden overwogen andere belastingen te verlagen of te laten vervallen. Ook volgens de heer Erpelinck mag de gemeente er best wat aan overhouden. Hij kan leven met een tarief tussen €12,50 en € 15. Wethouder Steijaert beantwoordt de vragen. Hij is blij dat camperplaatsen zijn gerealiseerd. In een vestingstad zoals Hulst is grote behoefte aan een camperlocatie. Een camperplaats is qua service niet vergelijkbaar met een campingplaats. Er is gekeken naar tarieven van andere gemeenten in Zeeland. Die zitten tussen € 0 en € 4, Terneuzen hanteert €8.
Dat is ook relatief laag ten opzichte van commerciële tarieven. Bij de camperplaatsen in Hulst is geen douche en geen wc, het is in principe openbaar parkeerterrein met weinig privacy. Het is dus een ander product. De wethouder zegt toe terug te komen op de vraag om de toeristenbelasting aan het tarief toe te voegen. Er zijn geen plannen voor faciliteiten met bijbehorende heffing voor andere camperplaatsen. Mochten die plannen komen, dan wordt de commissie op de hoogte gesteld. Over handhaving laat de heer Marin weten dat het niet is toegestaan buiten de camperplaatsen te staan. Het gebied is specifiek aangewezen. Op camperplaatsen mag maximaal 3 dagen worden verbleven. Daarop wordt gehandhaafd. Buiten de
8
camperplaatsen mag een camper niet op een parkeerplaats gaan staan. Boa’s gaan erop toezien dat dat niet meer gebeurt. De heer Alvarez vraagt of de kostendekkendheid alleen is berekend o.b.v. geraamde baten en lasten. Of zitten de aanlegkosten die er zijn geweest ook in het tarief? De heer Marin antwoordt dat het gaat om alle kosten die toerekenbaar zijn aan de camperplaatsen. Daar horen ook kapitaalslasten bij en die worden op jaarbasis doorgerekend in de tarieven. Daarnaast zijn er ook beheer- en schoonmaakkosten. De heer Van de Kerkhove wacht af of de wethouder komt met nieuwe plannen voor tariefstelling. Zijn fractie houdt haar standpunt aan. De heer Van Eck vraagt of er ook een andere basis dan artikel 229 Gemeentewet te vinden is om tarieven vast te stellen. Hij wacht ook af waarmee het college komt. De heer Erpelinck denkt dat het een voordeel is als je vlakbij de stad kan parkeren met de camper. Daar mag je extra geld voor vragen. Hij vindt het tarief te laag. Zijn fractie houdt haar standpunt aan. De heer Naessens houdt zijn standpunt aan. De heer Alvarez meldt dat zijn fractie met de toezegging van de wethouder dat hij naar toevoeging van de toeristenbelasting gaat kijken haar standpunt over het voorstel aanhoudt. De voorzitter concludeert dat er een algemeen voorbehoud wordt gemaakt door de commissie. Het voorstel komt terug in de raad van 13 juli.
Alles gehoord hebbende lijkt het wethouder Steijaert goed dat hij het voorstel terugbrengt in het college en kijkt hoe de toeristenbelasting kan worden geïntegreerd en of er eventueel een andere basis te vinden is. Hij komt volgende week met een aangepast voorstel. Het lijkt de heer Smits onmogelijk de toeristenbelasting te integreren omdat het lastig is te controleren hoeveel personen in de camper verblijven. De wethouder zal met een algemeen tarief moeten komen. Dat is het meest helder, ook voor degene die de camper neerzet en voor de inkomsten van de gemeente. De heer Van de Kerkhove vindt dat het tarief inclusief toeristenbelasting voor 2 personen moet zijn De voorzitter concludeert dat het college komt met een nieuw voorstel richting gemeenteraad van 13 juli. Daarin kan het voorstel worden besproken. --7D Voorjaarsnota 2023 5 Er zijn vooraf vragen gesteld over de jaarstukken en beantwoord door het ambtelijk apparaat. Wethouder Steijaert geeft een korte presentatie. Daarna volgt een eerste termijn voor vragen en een tweede termijn voor standpuntbepaling.
9
De heer Van Eck komt terug op schriftelijke vraag 4 van HulstPLUS over de inflatievergoeding. Hij doet een pleidooi naar alle gesubsidieerde instellingen te kijken. Die hebben allemaal te maken met enorme kostenverhogingen. Ze krijgen geen of weinig compensatie voor de gestegen inflatie. Hij wijst ook op de koopkracht van alle werkenden en in het bijzonder van de ouderen. Hij vindt dat onder die omstandigheden de gemeente niet de ozb met 6% moet verhogen. Als dat toch gebeurt, zou er rekening mee moeten worden gehouden dat er compensatie komt voor diegenen die een laag inkomen hebben. De heer Smits ziet dat de voorgenomen verhoging van de ozb van 6,6% wordt ingegeven door de onzekerheid van inkomsten. Aan de andere kant komen er waarschijnlijk ook extra middelen binnen, bijvoorbeeld het dividend van ZEH over 2023. Daar kan ook rekening mee worden gehouden bij de voorgenomen verhoging van ozb. Een verdubbeling van 3% naar 6,6%, gekoppeld aan elk jaar een hogere taxatiewaarde, is een serieuze aanslag op de portemonnee van iedere inwoner. De heer Prins heeft aantal vragen. Hij krijgt graag uitleg in ‘Jip&Janneke’-taal van het antwoord over het Wmoverhaal. De vraag met volgnummer 3 over onder meer het aankomende ravijn is niet beantwoord. Volgnummer 4 gaat onder meer over de CPI-index van 11,8 %. CBS hanteert vanaf januari dit jaar een andere berekening van de inflatie.
Energie weegt anders mee en dat zorgt voor daling van inflatie. Dan is het vreemd die 11,8 % te hanteren. Normale hardwerkende mensen krijgen zeker geen 11,8 % compensatie. Het ravijn wordt opgelegd door de rijksoverheid, daar heeft niemand invloed op. Maar kijkend naar de 6,6 % die wordt aangegeven als mogelijke dekking van toekomstig tekort moet de gemeente misschien ‘het stoutste jongetje van de klas’ zijn en weerwoord geven aan de rijksoverheid. Die kan dingen opleggen, maar moeten gemeentes alles accepteren? Ook de heer Van de Kerkhove vindt de 6,6% verhoging een heel behoorlijke lastenverzwaring voor de inwoners. Er is al een aantal argumenten genoemd om dat percentage te verlagen en daar wil hij er nog 2 aan toevoegen. 1: Op het VNG Congres is een motie aangenomen om de uitkering van het gemeentefonds ook na 2026 niet te laten dalen. 2: Indexeren is nodig maar dan wel een normale indexering, zeker niet boven 4%. De lasten voor de inwoners moeten niet verder omhoog. Dan liever eventueel luxe zaken uit de begroting halen. De heer Erpelinck vindt de toegepaste rente van 3% vrij laag. Hij krijgt graag een toelichting op de tekst dat over het tekort aan financieringsmiddelen rente van 1% wordt gerekend tot de kasgeldlimiet en 3,5% boven de limiet. Hij vindt een verhoging van 6,6 % ook erg hoog.
Het is dan belangrijk wat de toekomstvisie is die het college heeft voor de gemeente Hulst. Wat krijgen we ervoor terug? En belangrijk blijft ook dat minima kwijtschelding krijgen van de gemeentelijke belastingen. Wethouder Steijaert beantwoordt de vragen. De heer Smits refereerde aan het dividend van ZEH over 2022 van € 100 miljoen. De verwachting is inderdaad dat dat naar toekomst zo blijft, als de energieprijzen op dit niveau blijven. Dat is onzeker. Je kunt het pas inboeken op het moment dat je het zeker weet. Ervan uitgaan dat het geld komt, daarvoor is het nu nog te vroeg.
10
Vragen van de heer Prins over het ravijn. In de VNG-motie is het Rijk gevraagd mee te doen. Het is onzeker of dat gaat gebeuren. Als dat wel zo is, zou dat het probleem oplossen. Over ‘stoutste jongetje van klas’. De gemeente moet een sluitende meerjarenraming presenteren. Als de hervormingsagenda niet kan worden gerealiseerd, lukt dat niet. Dan komt de gemeente onder toezicht. Hoe gaan we ermee om in Zeeland? Hoe laat je zien dat het ravijn er is en dat het echt een probleem is. Putten uit overschotten is niet de oplossing. Dat is incidenteel geld. Het ravijn is structureel en dat moet met structureel geld worden opgelost. Over de 3% rente: de rente kan omhoog of omlaag. Je moet ergens van uitgaan en de gemeente gaat uit van 3%. De heer Erpelinck heeft gelijk dat het erom gaat wat de toekomstvisie is. Het is niet erg extra belasting te innen, als daarmee goede dingen worden gedaan. In het bestuursakkoord staan veel goede dingen. Om die doelen te realiseren moet nu een stap worden. Vandaar dit voorstel. De heer Marin geeft een toelichting op het Wmo-verhaal. Het heeft te maken met het abonnementstarief voor Wmo-voorzieningen. Steeds meer mensen deden er voor steeds meer voorzieningen een beroep op. Daardoor stegen de uitgaven flink. Het abonnementstarief gaat verdwijnen.
Dan mist de gemeente inkomsten en blijven er aan de andere kant kosten die worden gemaakt in het kader van de Wmo. Voor een stukje daarvan krijgt de gemeente een vergoeding vanuit het gemeentefonds. De heer Scheele geeft een toelichting op de renterisiconorm en de Wet Filo. Die wet regelt hoe de gemeente moet omgaan met de €100 miljoen die ze per jaar uitgeeft. Daar zijn allerlei begrippen aan gekoppeld. Ook de verschillende rentepercentage hebben daarmee te maken. Op bladzijde 113 van jaarrekening staat uitgelegd hoe het werkt. Tot zover over de voorjaarsnota. Die wordt verder besproken in de gemeenteraad. 8.
Ingekomen stukken E24 Voortgangsnotitie E27Voortgangsnotitie juni 2023 Hierover zijn geen vragen.
9.
Agendavoorstellen voor de volgende vergadering van de raadscommissie Er zijn geen voorstellen.
10.
Rondvraag De heer Smits vraagt om grote stukken wat eerder te sturen zodat de fracties wat meer leestijd hebben. Volgens de voorzitter kan die opmerking in het presidium worden meegenomen naar de raadsvoorzitter en naar de planning voor volgend jaar en de evaluatie van deze commissies.
11.
Sluiting De voorzitter bedankt iedereen en vooral de ambtelijke ondersteuning en sluit de vergadering.
11
ACTIEPUNTEN/TOEZEGGINGEN RAADSCOMMISSIE MIDDELEN Beroep Precario 24/2/22 Wachten op datum hof Den Bosch
Aldus vastgesteld door de raadscommissie middelen d.d. 2 november 2023. De raadsgriffier,
De raadsvoorzitter,
12