Uitbreiding FTE wethouders2019
Tekst van het document
Raadsvoorstel Zaaknummer: 150601 agenda nummer: Volgnummer :
Aan:
Datum:
4 april 2019
De raad van de gemeente Hulst
Portefeuillehouder:
wethouder J.P. Hageman
Onderwerp: portefeuilleverdeling
Met het coalitieprogramma 2018-2022 is het college inmiddels voortvarend aan de slag. Op een aantal thema’s uit het programma zijn vorderingen gemaakt en is in sommige gevallen de uitvoering reeds ter hand genomen. Andere thema’s bevinden zich in de opstartfase. Inmiddels is ook de balans opgemaakt inzake de benodigde bestuurlijke capaciteit en de verdeling daarvan. Ondanks prioritering blijkt dat de capaciteit met name op het project Perkpolder (PP) en het thema Duurzaamheid te laag is ingeschat. Onderstaand doet het college voorstellen om de balans in de bestuurlijke capaciteit terug te brengen. Project Perkpolder Ten behoeve van de voortgang in het project Perkpolder (PP) zijn inmiddels enkele (vertrouwelijke) informatieve bijeenkomsten gehouden met de gemeenteraad. In deze bijeenkomsten is door de raad onder meer gevraagd mogelijkheden te onderzoeken om het project te versnellen en om de bestuurlijke aansturing van het project beter te borgen. Het college heeft dit verzoek van de raad ter harte genomen. Er is een andere projectstructuur doorgevoerd en er is afscheid genomen van de externe directeur en administratieve ondersteuning. Nu het plan meer in de uitvoeringsfase is gekomen is gekozen voor het detacheren van een algemeen directeur en een financieel directeur uit de ambtelijke organisatie. Het betreft beiden parttime functies.
Zij worden ondersteund door een parttime administratieve kracht eveneens afkomstig uit de ambtelijke organisatie. Teneinde de bestuurlijke aansturing verder te versterken is besloten om naast de twee zittende AVA leden (portefeuillehouder Perkpolder en wethouder RO) ook de wethouder Financiën toe te voegen. Dit in verband met het grote financiële belang voor de gemeentelijke begroting. Met de inrichting van de nieuwe structuur is een feitelijke financiële ombuiging gerealiseerd van circa € 150.000,-- per jaar die ten goede komt aan het projectsaldo. De bovenstaande structuurwijzigingen hebben al geleid tot resultaten. Er is eind 2018 een Koop Ontwikkelingsovereenkomst (KOO) getekend en er is duidelijkheid aan de ontwikkelaar gegeven dat Grootschalige Bodemtoepassing (GBT) niet aan de orde kan zijn en dat het gebruik van Lokaal Maximale Waarde (LMW) in de Westelijke Perkpolder (WPP) op basis van proportionaliteit & subsidiariteit bekeken zal worden in het licht van de vigerende Wet- & Regelgeving , de huidige Achtergrondwaarde (AW) van de WPP en de totale kwaliteit van het voorliggende plan. Momenteel wordt door de ontwikkelaar gewerkt aan het Masterplan. Op grond van de KOO zal dit Masterplan uiterlijk 01 juli 2019 gereed moeten zijn en vervolgens voorgelegd moeten worden aan het college en de raad.
Voor de WPP geldt dat er de ontwikkelaar op basis van het plan een business case op wil stellen die eind 2020 gereed moet zijn. Op grond van deze business case zal de ontwikkelaar een besluit nemen over de mogelijke uitvoering van het plan. Het project Perkpolder vraagt momenteel om een strakke bestuurlijke begeleiding waarbij de financiële, infrastructurele en ruimtelijke ordening problematiek frequent afgewisseld worden met sociaal-maatschappelijke, politieke-, juridische- en ambtelijke zaken. Dit maakt het project divers en op onderdelen complex waarbij naast heldere communicatie, ook korte bestuurlijke/ambtelijk lijnen een vereiste zijn om de door de raad gewenste resultaten vorm te geven en aan te sturen. -1-
Raadsvoorstel Zaaknummer: 150601 De huidige bestuurlijke capaciteit is momenteel te laag ingeschat. Daarnaast is de verantwoordelijk bestuurder maar vier dagen aanwezig (0.8fte). In het college is bekeken of er extra bestuurlijke capaciteit vrij te maken is door onder meer herijking van de portefeuille van wethouder Ruissen. Dit blijkt niet makkelijk te zijn. Deels komt dit omdat naar de mening van het college voorkomen moet worden dat de portefeuille te veel versnipperd, waardoor de integraliteit onder druk komt te staan. Daarnaast blijkt dat de veelheid aan (sub) regionale samenwerkingsverbanden een grote druk leggen op de samenhang in de portefeuille. Als enige mogelijkheid ziet het college uitbreiding van het aantal bestuurlijke uren. Het college wil dan ook voorstellen om de tijdsbestedingsnorm voor de verantwoordelijk portefeuillehouder, wethouder Ruissen, met 0.1 fte te verhogen, teneinde de bestuurlijke continuïteit te waarborgen. Duurzaamheid Klimaat en Duurzaamheid beheersen op dit moment voor een groot deel de maatschappelijke discussie. Er is een Ontwerp Klimaatakkoord voorgelegd waarin afspraken zijn opgenomen voor de elektriciteitssector, de industrie, de gebouwde omgeving, de transportsector en de landbouw. Deze afspraken worden momenteel uitgewerkt en doorgerekend. Verwacht wordt dat in het voorjaar de eerste onderhandelingsresultaten bekend zullen worden.
Ook inzake het stimuleren van duurzame energie en energiebesparing is een Energieakkoord afgesloten met werkgevers, vakbonden en milieuorganisaties. Namens de gemeenten is de VNG vertegenwoordigd in het klimaatberaad en bij alle sectortafels. Naar aanleiding van gesprekken met de gemeentelijke achterban heeft de VNG de volgende drie randvoorwaarden geformuleerd bij het Klimaatakkoord. 1. De energietransitie moet haalbaar en betaalbaar zijn voor de samenleving 2. Gemeenten moeten de juiste bevoegdheden krijgen om de regierol mogelijk te maken 3. Gemeenten moeten gecompenseerd worden in de uitvoeringslasten De uitwerkingen van het klimaatakkoord zijn nog steeds niet gereed. Ook is er nog geen duidelijkheid over de financieringsstromen. Wel wordt steeds duidelijker dat de energietransitie niet lokaal kan worden ingevuld. Zeeuws breed zijn door de VRZ, Enduris, Impuls Zeeland, Waterschap Scheldestromen en de Provincie Zeeland de handen ineen geslagen om te komen tot een regionale energie strategie (RES). Het RES Zeeland is één van de regionale energie strategieën die moet zorgen voor een landelijk dekkend programma. Het moet een uitvoerbare visie worden en een actieplan gericht op het behalen van reductie van (regionale) doelstellingen.
Binnen de RES wordt zoveel mogelijk getracht lopende ontwikkelingen en afspraken te bundelen, (bestuurlijke) samenwerking tot stand te brengen, financiële afspraken te maken en een heldere rolverdeling tot stand te laten komen. De portefeuille van wethouder Depauw kenmerkt zich door vele regionale en/of Zeeuws brede overleggen. Op het terrein van Openbare werken en infra, als op de terreinen Verkeer/Vervoer en Klimaat/Milieu wordt steeds meer reistijd verloren met de aanwezigheid op regionale bijeenkomsten. Bedacht moet worden dat voor een uur vergaderen aan de overkant circa twee uur reistijd ingepland moet worden. Met een dienstverband van 0,5 fte wordt de (bestuurlijke) aanwezigheid van de gemeente Hulst dan ook steeds meer onzeker. Dit doet afbreuk aan onze invloed en ontneemt de gemeente Hulst om mee te praten bij nieuwe (beleidsmatige) ontwikkelingen. Het college heeft zich in eerste instantie ingespannen om met de Zeeuws Vlaamse gemeenten afspraken te maken over bundeling van krachten. In een aantal bijeenkomsten is dit gelukt en kan één vertegenwoordiger namens Zeeuws Vlaanderen goed werk doen. Echter bij (beleids)vraagstukken en opstarten van (nieuw) beleid, zoals Klimaat & Energie, wordt veelal
-2-
Raadsvoorstel Zaaknummer: 150601 verwacht dat de betreffende portefeuillehouder aanwezig is. Dit om gebruik te maken van de gezamenlijke kennis en vergroten van het gezamenlijk draagvlak. Het college is dan ook van mening dat de formatieve inzet van wethouder Depauw met 0,1fte verhoogd moet worden om een verantwoorde bijdrage van de gemeente Hulst in diverse transitieprocessen en nieuwe ontwikkelingen te borgen. Wettelijk kader In art.36 lid 1 Gmw is bepaald dat het aantal wethouders ten hoogste twintig procent van het aantal raadsleden bedraagt. Tevens is in art.36 lid 4 Gmw bepaald dat de raad bij benoeming van de wethouders de tijdsbestedingsnorm van elke wethouder vaststelt. Het voorstel tot uitbreiding van de tijdsbestedingsnorm voor Wethouder Ruissen en wethouder Depauw is derhalve een raadsaangelegenheid. De gemeente Hulst beschikt over eenentwintig raadsleden. Dit betekent dat de maximale formatieve omvang van het college 4,2 fte mag bedragen. De huidige formatieve omvang bedraagt 4,0 fte. Financieel kader Voor de uitbreiding van de formatieve omvang van het college van 4,0 naar 4,2 fte is een verhoging van de lasten noodzakelijk van afgerond € 29.000,-- (salaris en pensioen). Deze lasten zullen worden verwerkt in de voorjaarsnota 2019, waarbij een deel van de vergoeding van Perkpolder BV voor de directievoering ad.
€ 100.000,-- en een deel van de stelpost voor Duurzaamheid onder nader te concretiseren beleidsvoornemens ad. € 50.000,- als dekking zullen worden ingezet. Voorstel Onder verwijzing naar het bovenstaande en art.36 lid 1 Gmw stelt het college uw raad voor om:
de tijdsbestedingsnorm voor wethouder Ruissen (PH PP) per 01 mei 2019 te verhogen met 0,1 fte tot 0.9 fte en de kosten te dekken uit de gerealiseerde verminderde uitgaven van project Perkpolder. de tijdsbestedingsnorm voor wethouder Depauw per 01 mei 2019 te verhogen met 0,1 fte tot 0.6 fte en deze kosten eveneens te dekken uit gerealiseerde verminderde uitgaven van project Perkpolder.
Burgemeester en Wethouders van Hulst, De Secretaris, De Burgemeester, Bijlage(n): Onderliggende stukken (map leeskamer):
-3-