Tarieventabel Legesverordening 2025
Tekst van het document
75,00%
75,00% 50,00%
Artikel 2.57 Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift bij uitgebreide voorbereidingsprocedure Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders deze in behandeling, maar hierover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: a. bij gehele of gedeeltelijke intrekking binnen zes weken na de indiening van de aanvraag: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges; b.
bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf zes weken na de indiening van de aanvraag: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges. Artikel 2.58 Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg-, sloop- of milieubelastende activiteiten Als het college van burgemeester en wethouders een verleende omgevingsvergunning voor een bouw- of milieubelastende activiteit intrekt op aanvraag van de vergunninghouder, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, mits
75,00%
50,00%
50,00%
deze aanvraag is ingediend binnen een jaar na verlening van de vergunning en van de vergunning geen gebruik is gemaakt. De teruggaaf bedraagt: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges. Artikel 2.59 Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg-, sloop- of milieubelastende activiteiten a.
b.
Als het college van burgemeester en wethouders een omgevingsvergunning voor een bouw- of milieubelastende activiteit weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: van de voor de activiteit waarvoor de omgevingsvergunning is geweigerd verschuldigde leges. Onder een weigering bedoeld in onderdeel a wordt mede verstaan een vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend bij rechterlijke uitspraak.
Artikel 2.60 Geen teruggaaf legesdeel modaliteiten In afwijking van de voorgaande artikelen van deze paragraaf wordt geen teruggaaf verleend van het legesdeel dat betrekking heeft op de modaliteiten genoemd in paragraaf 2.12. Artikel 2.61 Minimumbedrag voor teruggaaf Een bedrag minder dan € 258,-- wordt niet teruggegeven. Dit is niet van toepassing op artikel 2.54.
50,00%
Hoofdstuk 3 Dienstverlening vallend onder de dienstenrichtlijn en niet vallend onder Titel 2
Paragraaf 3.1 Horeca Artikel 3.1 Exploitatie openbare inrichting Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van: a.
een aanvraag om een vergunning tot het exploiteren van een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2:25 van de Algemene plaatselijke verordening:
€ 265,80
b.
een aanvraag tot het wijzigen van een vergunning tot het exploiteren van een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2:25 van de algemene plaatselijke verordening
€ 132,90
c.
een aanvraag tot het op grond van een vergunning tot het exploiteren van een openbare inrichting als bedoel in artikel 2:25 van de algemene plaatselijke verordening bijschrijven van een leidinggevende
€ 88,50
Artikel 3.2 Uitoefenen horeca- of slijtersbedrijf Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van: a.
een aanvraag om een vergunning op grond van artikel 3 van de Alcoholwet:
€ 265,80
b.
een aanvraag om een ontheffing als bedoeld in artikel 4, vierde lid, van de Alcoholwet:
€ 132,90
c. d. e.
een melding als bedoeld in artikel 30 van de Alcoholwet: een aanvraag om wijziging van het aanhangsel als bedoeld in artikel 30a, tweede lid, van de Alcoholwet: een aanvraag om een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Alcoholwet:
€ 132,90 € 88,50 € 13,00
f.
Indien naar het oordeel van het bevoegd gezag een terras, behorende bij een inrichting uit het oogpunt van welstand moet worden getoetst aan de Beleidsnota Beeld van de Binnenstad, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in dit hoofdstuk, hiervoor:
€ 145,40
Paragraaf 3.2 Seksbedrijven Artikel 3.3 Vergunning seksbedrijf
1.
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning of om de wijziging van een vergunning als bedoeld in artikel 3:3 van de Algemene plaatselijke verordening, anders dan een wijziging als bedoel in artikel 3.4: a. b.
voor een escortbedrijf: voor een seksinrichting
2.
Reserveren
3.
Reserveren
€ 782,80 € 1.248,50
Artikel 3.4 Wijzigen vergunning seksbedrijf Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om wijziging van een in artikel 3.3 bedoelde vergunning in verband met uitsluitend een wijziging van het beheer als bedoeld in artikel 3:15 van de Algemene plaatselijke verordening: a. b. c.
voor een seksinrichting voor een escortbedrijf wijziging van een inrichting als gevolg van een uitbreiding of verbouwing
€ 309,30 € 309,30 € 711,70
Paragraaf 3.3 Winkeltijdenwet Artikel 3.5 Ontheffing winkeltijden Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om: a.
een ontheffing in het kader van de Winkeltijdenwet:
€ 70,90
b.
wijziging van een in onderdeel a bedoelde ontheffing:
€ 70,90
c.
tot het verlenen van toestemming om een in sub a bedoelde ontheffing over te dragen aan een ander
€ 8,90
Paragraaf 3.4 Organiseren evenement of markt Artikel 3.6 Organiseren evenement Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning voor het organiseren van een evenement als bedoeld in artikel 2:22 van de Algemene plaatselijke verordening (evenementenvergunning), als het betreft: a. b.
een grootschalig evenement of een evenement met verhoogd risicoprofiel zoals omschreven in de ‘evenementennota 2019’ een middelgroot evenement zoals omschreven in de ‘evenementennota 2019’, waarbij naar het oordeel van de burgemeester wel of geen advies van Veiligheidsregio Zeeland en / of politie nodig is
€ 289,00 € 72,10
Artikel 3.7 Vervallen Paragraaf 3.5 Standplaatsen Artikel 3.8 Vervallen Artikel 3.9 Vervallen Artikel 3.10 Ventvergunningen 1. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning tot het mogen venten in de gemeente ex artikel 5:15 van de algemene plaatselijke verordening voor:
2.
a. b. c.
een week of korter een maand of korter doch langer dan een week een jaar of korter doch langer dan een maand
€ 13,60 € 27,40 € 110,00
a.
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning voor het innemen of hebben van een standplaats voor meerdere dagen, bedoeld in artikel 3.75 van de Verordening Fysieke Leefomgeving:
€ 66,50
b.
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning voor het innemen of hebben van een dagstandplaats, bedoeld in artikel 3.75 van de Verordening Fysieke Leefomgeving:
€ 22,20
Paragraaf 3.6 Huisvestingswet 2014 Artikel 3.11 Vervallen Artikel 3.12 Vervallen Artikel 3.13 Vervallen Artikel 3.14 Vervallen Artikel 3.15 Vervallen Artikel 3.16 Vervallen Artikel 3.17 Vervallen Paragraaf 3.7 In dit hoofdstuk niet benoemd besluit Artikel 3.18 Niet benoemd besluit op aanvraag Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in dit hoofdstuk niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking:
Behorende bij raadsbesluit van 14 november 2024. De Raadsgriffier,
€ 132,90