Raadsvoorstel riool- en waterzorgheffing 2023aangepast
Tekst van het document
Raadsvoorstel Nummer: 289390 Aan:
Portefeuillehouder:
De raad van de gemeente Hulst
Wethouder D. Steijaert
Onderwerp: Belastingmaatregelen riool- en waterzorgheffing 2023 Inleiding Elk jaar leggen wij de verordening riool- en waterzorgheffing (voorheen verordening rioolheffing) ter vaststelling aan de gemeenteraad voor. De wijzigingen voor 2023 komen met name voort uit: het door de raad vastgestelde meerjarenbeleid (lees: Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan), het realiseren van kostendekkende tarieven, inflatieindexering, alsmede uit tekstuele wijzigingen van de modelverordeningen van de VNG. Ontwikkelingen rioolheffing: Behoudens de benaming van de heffing zijn er voor 2023 tekstueel geen wijzigingen aangebracht in onderliggende belastingverordening. Met wijziging van de benaming wordt een eerste (kleine) stap gezet richting een heffing die meer recht doet aan de hieraan verbonden gemeentelijke taken op het gebied van waterbeheer. Al enige tijd is er geen sprake meer van uitsluitend beheer van het rioleringsstelsel en de afvoer afvalwater. Weerextremen zorgen voor enerzijds wateroverlast en anderzijds voor droogte en daarmee het zakken van het grondwaterpeil. Beide omstandigheden bepalen ook richting toekomst in grote mate de inrichting van de openbare ruimte en krijgt zijn weerslag in de verschillende beleids-/beheerplannen. Streven is dan ook om op gemeentelijk fiscaal gebied de heffing hierop (op termijn) af te stemmen.
Vanuit de VNG wordt voorgesteld om de “traditionele” rioolheffing (i.c. rioolrecht) te vervangen door dan wel aan te vullen met een waterzorgheffing. Hiertoe heeft men een nieuwe belastingverordening opgesteld waarbij met name het hebben van een (in-)directe aansluiting op de gemeentelijke riolering niet meer noodzakelijk is voor de heffing. Los van een “bredere” vorm van rioolheffing is een landelijke trend zichtbaar, waarbij de maatstaf van heffing wijzigt. In de afgelopen jaren laten steeds meer gemeenten het waterverbruik als grondslag los en vindt heffing plaats op grond van een vast bedrag of een percentage van de WOZwaarde of een combinatie van beiden. De reden om een andere maatstaf te gebruiken is tweeledig. Het uitsluitend heffen op grond van waterverbruik richt zich in overwegende mate op afvoer van afvalwater en in mindere mate op de afvoer van hemelwater en of het waterbeheer in de openbare ruimte. Ten tweede is het bijhouden van de waterverbruiken een administratief intensief karwei dat kostenverhogend voor de rioolheffing werkt. Tot op heden hanteert de gemeente Hulst nog steeds op grond van de waterverbruiken. De afgelopen periode is getracht een sluitende overgang te maken naar een nieuwe heffingsmaatstaf/staven die recht doet/doen aan de (toekomstige) uitdagingen op het gebied van gemeentelijk waterbeheer.
Daarnaast ook kijkende naar een meer efficiënte wijze van uitvoering van de heffing. Een dergelijke overgang is nog niet volledig tot stand gekomen en vraagt nog verfijning met name ten aanzien van het element belastingdruk. Door wijziging van heffingsmaatstaven ontstaat er tevens een verschuiving in belastingdruk, ongeacht het feit dat de totale aan de heffing toe te rekenen kosten niet wijzigen. Riool-/waterzorgheffing vs. Gemeentelijk rioleringsplan: De fiscale basis voor de riool-/waterzorgheffing is belegd in de Gemeentewet. Het betreft hier de heffing van een zgn. ‘recht’. Een kenmerk van een recht is dat de opbrengst fungeert als dekking voor de lasten verbonden aan een dienst die door de gemeente wordt verleend. In voorkomend geval mag de geraamde opbrengst de geraamde kosten niet overstijgen. In geval van de riool/waterzorgheffing ligt in dit verband een sterke relatie met het (verbreed) gemeentelijk -1-
Raadsvoorstel Nummer: 289390 rioleringsplan en de hieruit voortvloeiende (toekomstige) kosten verbonden aan afval- en hemelwaterbeheer. Tot op heden was de heffing in overwegende mate gericht op de afvoer van afvalwater via de gemeentelijke riolering. Dit wordt richting toekomst dus steeds meer losgelaten en als zodanig kunnen er meer kosten worden toegerekend. Een greep uit de voorbeelden van kosten die extra toegerekend mogen worden aan de vernieuwde verordening riool- en waterzorgheffing zijn: • Het in beeld brengen van de risico’s van overlast hemel- en grondwater, 100% toerekenen aan het rioolbeheer; • Plaatselijk verlagen van stoepen, 50% toerekenen aan het rioolbeheer. • Investeren in klimaatbestendig openbaar groen, 50% toerekenen aan het rioolbeheer; • Het stimuleren van afkoppelen, 100% toerekenen aan het rioolbeheer; • Communicatieplan bewustwording van overstromingsgevaar, 50% toerekenen aan het rioolbeheer; • Samen met het waterschap de bescherming door de dijken verkennen, deels toerekenen aan het rioolbeheer; • Bewustwording van klimaatadaptie, 100% toerekenen aan het rioolbeheer; • Fysieke projecten in het kader van klimaatadaptie, 100% toerekenen aan het rioolbeheer; • Jaarlijkse monitoring gevolgen van klimaatverandering, 100% toerekenen aan het rioolbeheer.
In het vastgestelde VGRP 2022-2026 zijn in meerjarig perspectief klimaatmaatregelen in algemene zin doorgerekend bij investeringen in riolering. Een toerekening van de verschillende kostenposten naar mogelijke heffingsmaatstaven en de hieraan verbonden belastingplichtigen is evenwel nog niet afgerond. Ook in regionaal verband is een door SAZ+ geïnitieerd onderzoek hiertoe nog niet volledig gereed. Vooralsnog is het dan ook voor de hand liggend om heffing voor 2023 onder een andere benaming op dezelfde wijze uit te voeren als in voorgaande jaren en 2023 te gebruiken om de kostentoerekening te verfijnen en toe te rekenen aan de verschillende categorieën belastingplichtigen. Voorstel Voorgesteld wordt om de verordening riool- en waterzorgheffing 2023 vast te stellen conform het bijgevoegde besluit. Naast de gewijzigde benaming van de heffing wordt voorgesteld de tarieven als volgt te wijzigen: Tarieven: Wij stellen voor om de tarieven voor het afvalwater te verhogen met € 6,00 en daarna een indexering van 2%. De tarieven voor het hemel- en grondwater worden enkel geïndexeerd met 2%. Hiermee wordt de kostendekkendheid, zoals vastgelegd in het VGRP, geborgd en wordt voorkomen dat in latere jaren grotere en rigoureuzere tariefstijgingen noodzakelijk zijn. De samenhangende financiële gevolgen zijn verwerkt in de programmabegroting 2023.
Dit voorstel betekent het volgende voor de tarieven van 2023:
-2-
Raadsvoorstel Nummer: 289390 Riool- en waterzorgheffing
2022
2023
Bij percelen die enkel een directe of indirecte aansluiting op de gemeentelijke riolering hebben voor de afvoer van hemel- en grondwater Voor percelen waarvan de grondoppervlakte minder dan 50 m² bedraagt
€
44,60
€
45,50
Voor percelen waarvan de grondoppervlakte tussen 50 en 250 m² bedraagt
€
133,80
€
136,50
Voor percelen waarvan de grondoppervlakte tussen de 250 en 500 m² bedraagt
€
146,90
€
149,80
Voor percelen waarvan de grondoppervlakte groter dan 500 m² bedraagt
€
205,90
€
210,00
1 m³ - 100 m³
€
260,20
€
271,50
100 m³ - 200 m³
€
280,60
€
292,30
200 m³ - 350 m³
€
326,60
€
339,30
350 m³ - 500 m³
€
392,90
€
406,90
500 m³ - 1.000 m³
€
668,20
€
687,70
> 1.000 m³
€
1.033,10
€
1.059,90
Bij percelen die een directe of indirecte aansluiting op de gemeentelijke riolering hebben voor de afvoer van afvalwater bedragen de tarieven
Burgemeester en Wethouders van Hulst, De Secretaris,
De Burgemeester,
Bijlage(n): Verordening riool- en waterzorgheffing 2023
-3-