Raadsvoorstel
Tekst van het document
Raadsvoorstel
Zaaknummer: 702291 Portefeuillehouder(s):
Wethouder G. Depauw
Aan:
De raad van de gemeente Hulst
Onderwerp Resultaatbestemming 2023 RUD Samenvatting Het DB van de RUD Zeeland heeft op 8 april 2024 ingestemd met de (concept) jaarstukken 2023, het (concept) voorstel resultaatbestemming 2023 en het voorleggen van dit voorstel voor zienswijzen aan de deelnemers. Het financiële resultaat van 2023 bedraagt negatief € 752.728. Vanwege de reservepositie is het voorstel van de RUD om in te stemmen met de volledige verrekening van het negatieve resultaat 2023 met de deelnemers. Voor Hulst komt dit neer op een nog te betalen bedrag van € 85.632. Wij stellen voor een zienswijze in te dienen in verband met de rekensystematiek die is gebruikt om tot deze bijdrage te komen. Naar onze mening is dit onrechtvaardig, omdat - de generieke uren niet evenredig zijn verdeeld, - het percentage aan werkelijke relatieve bijdrage door deze onevenredige verdeling erg hoog ligt, - het percentage aan werkelijke relatieve bijdrage daarnaast hoog is door voornamelijk één aandachtsdossier, én - vanwege dit percentage een groot aandeel van de verrekening van het negatieve resultaat op conto van de gemeente Hulst komt. 1. Besluit Wij stellen u voor: een zienswijze in te dienen tegen het voorstel tot verrekening van het negatieve resultaat 2023 zoals beschreven in bijgevoegde conceptzienswijze. 2.
Argumenten De jaarstukken en tabellen in het AB voorstel met betrekking tot de werkelijk productieve uren geven een vertekend beeld. Voor de gemeente Hulst is een begroot bedrag van € 661.060 opgenomen. Werkelijk productief (direct + generiek) zou er € 679.850 gerealiseerd zijn. Naar aanleiding van het vastgestelde jaarplan is een voorschot betaald van € 637.100. Dit wekt de indruk dat het jaarplan volledig zou zijn uitgevoerd. Echter, zijn veel uren naar voornamelijk één groot aandachtsdossier gegaan. Dit was niet als dusdanig geraamd in het jaarplan. In het jaarverslag wordt aangegeven dat voor Hulst 5.115 directe uren zijn ingezet, waar er 5.401 geraamd zijn volgens het jaarplan. Dit komt op een percentage van 95%, maar geeft zoals hiervoor aangegeven geen realistische weergave. Voor de generieke uren, wordt aangegeven dat 1.233 uren zijn gerealiseerd, terwijl er 697 uren zijn geraamd. Dit betreft een percentage van 177% (voor elke deelnemer). Voor Hulst komt dit op een bedrag van € 151.236. Kosten voor generieke taken bestaan uit taken die voor elke deelnemer gelden en die vallen binnen het algemene deel van de begroting. Denk hierbij aan bijvoorbeeld voorbereiding en implementatie Omgevingswet, werkzaamheden aan PvA robuuste RUD etc.
Het hoge percentage aan generieke uren komt onder andere doordat als gevolg van de implementatie van een nieuw VTH-systeem, zich problemen hebben voorgedaan omtrent het schrijven van uren. Er zijn vervolgens uren geschreven op een generieke taak, die niet opgenomen is in de PDC (Producten Diensten Catalogus). Hierdoor zijn directe uren verantwoord als generieke uren, dan wel niet herleidbare uren. In dit geval gaat het om Pagina 1 van 3
3.635 niet herleidbare uren. In het AB van 4 maart 2024 is er door een meerderheid (Hulst stemde tegen) ingestemd om deze uren conform de generieke verdeelsleutel te verrekenen met de deelnemer. Dit zou voor Hulst een bijdrage van 6% ad. € 21.484 betekenen. Uit het jaarverslag is deze berekening niet te herleiden. Hulst zou naast de verrekening van niet herleidbare uren nog € 33.652 aan generieke uren extra betalen. De begrote generieke uren zijn verhoudingsgewijs allemaal met een zelfde percentage verhoogd naar de gerealiseerde uren. Daardoor betaalt een deelnemer waarvoor weinig generieke uren zijn begroot, bij de realisatie ook minder. Deelnemers met een lager inrichtingenbestand of deelnemers die niet alle taken hebben ingebracht, betalen dus verhoudingsgewijs minder voor de taken die voor elke deelnemer worden uitgevoerd. Elke deelnemer moet daarnaast op basis van de bijdrageverordening een deel van het tekort opvangen. Dit deel wordt berekend op basis van de werkelijke relatieve bijdrage van dat jaar. Zoals hiervoor aangegeven is naar onze mening de berekening van de generieke uren onrechtvaardig, wat zorgt voor een verhoogd percentage aan werkelijke relatieve bijdrage. Daarnaast is zijn de werkelijk direct productieve uren misleidend vanwege het ene grote aandachtsdossier. Dit resulteert echter wel in een hoger aandeel in het opvangen van het tekort.
Onderstaande tabel geeft een overzicht van bovenstaande omschrijving, waarin de kolom “werkelijke productief (direct + generiek)” voor een goed overzicht uit twee kolommen zou moeten bestaan. Conform het concept jaarverslag is er voor de gemeente Hulst € 528.615 productief en € 151.236 generiek gerealiseerd*. * Dit geeft overigens een ander getal aan werkelijke productief. Er zit een klein verschil in de tabellen uit het jaarverslag en het AB voorstel.
3. Kaders De (concept) jaarstukken 2023 zijn ter informatie toegezonden. De daarin opgenomen (concept) jaarrekening 2023 die ten grondslag ligt aan het resultaat 2023 betreft de jaarrekening zonder controleverklaring van de accountant en zonder verslag van bevindingen, omdat de controle nog niet is afgerond en deze nog niet beschikbaar zijn. Derhalve is het resultaat nog niet definitief en bestaat de mogelijkheid dat de definitieve
Pagina 2 van 3
verrekening van het resultaat 2023 cijfermatig afwijkt van het (concept) voorstel verrekening resultaat 2023. De gebruikte systematiek van de verdeling van het resultaat zal ongewijzigd blijven. De jaarrekening wordt in het DB van 10 juni 2024 behandeld en op 1 juli 2024 ter vaststelling worden voorgelegd aan het AB. Voor vaststellen van de jaarrekening is geen zienswijze procedure voorgeschreven. 4. Financieel De gemeente Hulst moet vanwege de verrekensystematiek een bedrag van € 85.632 betalen indien dit naar aanleiding van de zienswijze niet meer wordt gewijzigd. 5. Aanpak De zienswijze wordt ingediend na besluitvorming door uw gemeenteraad. 6. Communicatie/participatie Er zal gecommuniceerd worden per brief. 7. Termijn De jaarrekening 2023 met controleverklaring waarin het definitieve resultaat opgenomen zal zijn, wordt in het DB van 10 juni 2024 behandeld. Vervolgens zal de definitieve jaarrekening op 1 juli 2024 ter vaststelling worden voorgelegd aan het AB. Voor vaststellen van de jaarrekening is geen zienswijze procedure voorgeschreven. De zienswijze op het (concept) voorstel verrekening resultaat 2023 kan worden ingediend tot 9 juli 2024. 8. Uitkomst De definitieve resultaatverrekening 2023 met daarop ingediende zienswijzen worden er besluitvorming voorgelegd aan het AB op 9 september 2024. 9.
Risico Als de berekening naar aanleiding van de zienswije niet wordt aangepast zal het volledige bedrag betaald moeten worden. Burgemeester en wethouders van Hulst, De Secretaris, De Burgemeester,
Bijlage(n): Bijlage 1: Aanbiedingsbrief d.d. 17 april 2024 Bijlage 2: Voorstel Algemeen Bestuur Bijlage 3: Concept jaarverslag 2023 Bijlage 4: Advies begeleidingscommissie Bijlage 5: Concept zienswijze
Pagina 3 van 3