Definitieve jaarstukken 2021 Gemeente Hulst (geparafeerd)
Tekst van het document
55.000
Vervangingsinvesteringen (ICT, materieel, etc.)
65.000
Taakmutaties UGF 2021
57.000
Leefbaarheid dorpen en wijken
10.000
Zorgmeldpunt/participatieplan
50.000
Toerisme/economie
25.000
Cofinanciering subsidie Vestrock
15.000
Loon-/prijsstijging
155.000
Totaal
587.000
In 2021 is slechts een klein deel van het bovenstaand budget ingezet en naar de juiste programma's overgebracht of gereserveerd. Verder zijn aan deze post in de loop van het jaar nog budgetten voor taakmutaties vanuit de Uitkering Gemeentefonds (UGF) toegevoegd. Er resteren nog bedragen voor kunstgras, vervangingsinvesteringen, taakmutaties UGF, recreatiestranden en leefbaarheid. Deze zijn opnieuw als stelpost of rechtstreeks op het betreffende programma opgenomen in de programmabegroting 2022. Overhead Het is verplicht in de jaarstukken een apart overzicht van lasten en baten voor overhead, de niet direct aan het primaire proces (specifieke taakvelden) toe te rekenen apparaatskosten, op te nemen. Deze mogen niet worden doorbelast naar de programma’s. Het bedrag voor overhead bestaat voornamelijk uit de onderdelen huisvesting ambtelijk apparaat, algemene ICT-middelen, personeelslasten financiën, ICT, P&O, archief, huishoudelijke dienst, kosten voor scholing personeel, accountantskosten en materieelkosten. In deze jaarstukken zijn de volgende lasten en baten opgenomen: Overzicht overhead Onderdelen (bedragen * € 1)
Begroting na wijziging lasten
Begroting na Werkelijke lasten Werkelijke baten wijziging baten
Salarissen ondersteuning en algemene personeelskosten
8.424.409
215.480
8.246.106
476.954
ICT/Automatisering
1.370.597
-
1.485.504
-
Huisvesting
1.402.624
78.200
1.167.369
71.010
11.197.630
293.680
10.898.979
547.964
Pagina 56 van 187
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 juni 2022
Jaarstukken 2021 Gemeente Hulst Kengetallen Indicator
Realisatie 2020
Raming 2021
Realisatie 2021
Gemiddelde debiteurentermijn in dagen (belastingen uitgezonderd)
27
26
32
Aantal uitgevaardigde dwangbevelen (excl.Sabewa)
21
25
13
Gemiddelde crediteurentermijn (in dagen)
25
25
25
Lokale belastingdruk standaard gezinshuishouden
€ 808
€ 838
€ 838
Saldo (uitgaven -/- inkomsten) per inwoner
-(€1.510)
-(€ 1.466)
-(€ 1.660)
Uitkering gemeentefonds (AU) per inwoner (-/- = batig)
-(€ 1.420)
-(€ 1.662)
-(€ 1.824)
Beleidsindicatoren Bestuur en Organisatie 2021 Indicator
Eenheid
Raming na wijziging
Werkelijk
Formatie
FTE per 1.000 inwoners
6,39
6,41
Bezetting
FTE per 1.000 inwoners
6,07
6,30
Apparaatskosten
Kosten in € per inwoner
€ 661
€ 637
Externe inhuur
Kosten in €
€ 1.575.360
€ 1.649.494
Als % van totale loonsom
11,12%
11,81%
Als % van totale lasten
13,33%
13,66%
Overhead Bron: eigen gegevens
Pagina 57 van 187
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 juni 2022
Jaarstukken 2021 Gemeente Hulst Beleidsindicatoren programma's Besluit Begroting en Verantwoording (verplichte indicatoren en programmabegroting) Indicator
Eenheid
Periode
Hulst
Zeeland Bron
Beschrijving
Verwijzingen Halt
per 10.000 jongeren
2020
10
16 Stichting Halt
Het aantal verwijzingen Halt per 1.000 inwoners van 12 tot 18 jaar. Jongeren van 12 tot 18 jaar die een licht strafbaar vergrijp plegen, worden door de politie of leerplichtambtenaren naar Bureau Halt verwezen voor een passende Halt-straf. Zij krijgen leeropdrachten en er volgen gesprekken met de jongere en de ouders. Op deze manier kunnen jongeren rechtzetten wat zij fout hebben gedaan, zonder dat zij in aanraking komen met het Openbaar Ministerie.
Misdrijven - Winkeldiefstallen
per 1.000 inwoners
2021
0,4
1,2 CBS - Diefstallen
Het aantal winkeldiefstallen per 1.000 inwoners.
Misdrijven - Geweldsmisdrijven
per 1.000 inwoners
2021
3,8
3,9 CBS - Criminaliteit
Het aantal geweldsmisdrijven. Voorbeelden van geweldsmisdrijven zijn seksuele misdrijven, levensdelicten zoals moord en doodslag en dood en lichamelijk letsel door schuld (bedreiging, mishandeling, etc.).
Misdrijven - Diefstallen uit woning
per 1.000 inwoners
2021
1,8
0,9 CBS - Diefstallen
Het aantal diefstallen uit woningen, per 1.000 inwoners.
5,5 CBS - Criminaliteit
Hieronder vallen brandstichting, alle vormen van vernieling en misdrijven tegen de openbare orde en het openbaar gezag. Voorbeelden van misdrijven tegen de openbare orde en tegen het openbaar gezag zijn opruiing, huis-, computer- en lokaalvredebreuk, deelneming aan een criminele of terroristische organisatie, openlijke geweldpleging, godslastering, discriminatie en het doen van een valse aangifte. Omdat het delict mensenhandel vaak onder dezelfde feitcode geregistreerd wordt als het delict mensensmokkel worden deze twee delicten samengeteld en weergegeven bij de gewelds- en seksuele misdrijven.
Misdrijven - Vernielingen en beschadigingen (in de openbare ruimte)
Pagina 58 van 187
per 1.000 inwoners
2021
4,5
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 juni 2022
Jaarstukken 2021 Gemeente Hulst
Functiemenging
%
2020
42,4
CBS BAG/LISA bewerking ABF 49,6 Research
Vestigingen (van bedrijven)
per 1.000 inw.15 t/m 64jr
2020
150,5
172,1 LISA
De functiemengingsindex (FMI) weerspiegelt de verhouding tussen banen en woningen, en varieert tussen 0 (alleen wonen) en 100 (alleen werken). Bij een waarde van 50 zijn er evenveel woningen als banen. Het aantal vestigingen van bedrijven, per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15-65 jaar. Er wordt gesproken van absoluut verzuim als een leerplichtige en/of kwalificatieplichtige jongere niet op een school of instelling staat ingeschreven.
Absoluut verzuim
per 1.000 leerlingen
2020
2
2,1 DUO/Ingrado
De periodeaanduiding '2018' staat voor schooljaar '2017/2018'. Er is sprake van relatief verzuim als een jongere wel op een school staat ingeschreven, maar gedurende een bepaalde tijd de lessen/praktijk verzuimt. Ook veelvuldig te laat komen kan hiertoe worden gerekend.
Relatief verzuim
per 1.000 leerlingen
2019
9
32 DUO/Ingrado
De periodeaanduiding '2018' staat voor schooljaar '2017/2018'. Het percentage van het totaal aantal leerlingen van het VO en MBO (12 - 23 jaar) dat voortijdig, dat wil zeggen zonder startkwalificatie, het onderwijs verlaat.
Voortijdige schoolverlaters zonder startkwalificatie (vsv-ers)
%
2020
1,2
1,7 DUO/Ingrado
De periodeaanduiding "2018" staat voor schooljaar "2017/2018".
Niet-sporters
%
2020
53,7
Gezondheidsmonitor volwassenen (en Het percentage niet-wekelijkse sporters t.o.v. de bevolking ouderen), GGD’en, van 19 jaar en ouder. Bevolking van 19 jaar en ouder dat 56,8 CBS en RIVM niet minstens één keer per week aan sport doet.
Omvang huishoudelijk restafval
kg per inwoner
2019
152
CBS statistiek 219 Huishoudelijk afval
Hernieuwbare elektriciteit
%
2019
x
Klimaatmonitor 49,8 Rijkswaterstaat
Pagina 59 van 187
Niet gescheiden ingezameld huishoudelijk afval.
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 juni 2022
Jaarstukken 2021 Gemeente Hulst
Gemiddelde WOZ waarde
Nieuw gebouwde woningen
x €1.000
per 1.000 woningen
2021
2020
226
CBS - Statistiek Waarde Onroerende 228 Zaken De gemiddelde WOZ waarde van woningen.
6,7
Basisregistraties adressen en gebouwen bewerking ABF 8,2 Research
Nieuw gebouwde woningen, exclusief overige toevoegingen, zoals transformaties.
De som van het aantal personen van 0 tot 20 jaar en 65 jaar of ouder in verhouding tot de personen van 20 tot 65 jaar.
Demografische druk
%
2021
77,8
CBS Statistiek Bevolking bewerking ABF 81,2 Research
Gemeentelijke woonlasten éénpersoonshuishouden
€
2021
752
747 COELO, Groningen
Het gemiddelde totaalbedrag in euro's per jaar dat een éénpersoonshuisouden betaalt aan woonlasten.
Gemeentelijke woonlasten meerpersoonshuishouden
€
2021
849
820 COELO, Groningen
Het gemiddelde totaalbedrag in euro's per jaar dat een meerpersoonshuisouden betaalt aan woonlasten.
589
CBS Bevolkingsstatistiek / LISA - bewerking 786,8 ABF Research
Banen
Jongeren met een delict voor de rechter
Pagina 60 van 187
per 1.000 inwoners van 15-64 jaar
%
2020
2020
1
1 CBS Jeugd
Onder een baan wordt een vervulde positie verstaan. Dit betreffen zowel fulltimers, parttimers als uitzendkrachten. De indicator betreft het aantal banen per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15 tot en met 64 jaar. Het percentage jongeren (12 t/m 21 jaar) dat met een delict voor de rechter is verschenen. Tot en met 2015 zijn de cijfers van deze indicator afkomstig van het Verwey-Jonker Instituut - Kinderen in Tel. De cijfers vanaf 2016 zijn afkomstig van het CBS.
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 juni 2022
Jaarstukken 2021 Gemeente Hulst
Achterstand onder jeugd - Kinderen in uitkeringsgezin %
2020
4
5 CBS Jeugd
Percentage kinderen tot 18 jaar die in een gezin leven dat van een bijstandsuitkering moet rondkomen. Bijstandshuishouden is een huishouden waarvan minimaal één lid een bijstandsuitkering ontvangt. Onder bijstand wordt hier uitkeringen aan huishoudens op grond van de Wet werk en bijstand (WWB, tot 2015) en de Participatiewet (vanaf 2015) en het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004 (Bbz) verstaan. Tot en met 2015 zijn de cijfers van deze indicator afkomstig van het Verwey-Jonker Instituut - Kinderen in Tel. De cijfers vanaf 2016 zijn afkomstig van het CBS.
2 CBS Jeugd
Personen van 16 t/m 22 jaar die als werkzoekende staan ingeschreven bij het UWV WERKbedrijf en tegelijkertijd geen baan hebben als werknemer volgens de Polisadministratie. Tot en met 2015 zijn de cijfers van deze indicator afkomstig van het Verwey-Jonker Instituut Kinderen in Tel. De cijfers vanaf 2016 zijn afkomstig van het CBS.
Achterstand onder jeugd - Werkloze jongeren %
2020
1
Netto arbeidsparticipatie
2020
63,8
CBS 67,5 Arbeidsdeelname
%
Het percentage van de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de (potentiële) beroepsbevolking.
Personen met een bijstandsuitkering per 10.000 inwoners
2021
209,9
Het aantal personen met een uitkering op grond van de Wet werk en bijstand (WWB, t/m 2014) en de Participatiewet (vanaf 2015). De uitkeringen (leefgeld) aan personen in een instelling, de elders verzorgden, zijn niet inbegrepen. Ook de uitkeringen aan dak- en thuislozen zijn 302,2 CBS - Participatiewet niet inbegrepen.
per 10.000 inwoners van Lopende re-integratievoorzieningen 15-64 jaar
2020
111,7
Het aantal reintegratievoorzieningen, per 10.000 inwoners 203,6 CBS - Participatiewet in de leeftijd van 15-64 jaar.
12,7
Het percentage jongeren tot 18 jaar met jeugdhulp ten opzicht van alle jongeren tot 18 jaar. Jeugdhulp is de hulp en zorg zoals deze bedoeld en beschreven is in de Jeugdwet (2014). Het betreft hulp en zorg aan jongeren en hun ouders bij psychische, psychosociale en/of gedragsproblemen, een verstandelijke beperking van de jongere, of opvoedingsproblemen van de ouders.
Jongeren met jeugdhulp
Pagina 61 van 187
% van alle jongeren tot 18 jaar
2021
11,4 CBS Jeugd
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 juni 2022
Jaarstukken 2021 Gemeente Hulst
Jongeren met jeugdbescherming betreft jongeren tot 18 jaar die op enig moment in de verslagperiode een maatregel door de rechter dwingend opgelegd hebben gekregen. Jeugdbescherming is een maatregel die de rechter dwingend oplegt. Dat gebeurt als een gezonde en veilige ontwikkeling van een kind of jeugdige wordt bedreigd en vrijwillige hulp niet of niet voldoende helpt. Een kind of jongere wordt dan onder toezicht gesteld of onder voogdij geplaatst.
Jongeren met jeugdbescherming
Jongeren met jeugdreclassering
Pagina 62 van 187
%
%
2021
2021
1,2
Geen data
Geen data CBS Jeugd
In uitzonderlijke gevallen wordt de hulp of zorg voortgezet tot de leeftijd van 23 jaar.
Geen data CBS Jeugd
Het percentage jongeren (12-23 jaar) met een jeugdreclasseringsmaatregel ten opzichte van alle jongeren (12-23 jaar). Jeugdreclassering is een combinatie van begeleiding en controle voor jongeren vanaf 12 jaar, die voor hun 18e verjaardag met de politie in aanraking zijn geweest en een proces-verbaal hebben gekregen. Indien de persoonlijkheid van de dader of de omstandigheden waaronder het misdrijf is begaan daartoe aanleiding geven, bijvoorbeeld bij jongvolwassenen met een verstandelijke beperking, kan het jeugdstrafrecht eveneens worden toegepast op jongvolwassenen in de leeftijd 18 tot en met 23 jaar. De jongere krijgt op maat gesneden begeleiding van een jeugdreclasseringswerker om te voorkomen dat hij of zij opnieuw de fout ingaat. Jeugdreclassering kan worden opgelegd door de kinderrechter of de officier van Justitie. Jeugdreclassering kan ook op initiatief van de Raad voor de Kinderbescherming in het vrijwillige kader worden opgestart. De begeleiding kan doorlopen tot de jongere 23 jaar wordt.
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 juni 2022
Jaarstukken 2021 Gemeente Hulst
Cliënten met een maatwerkarrangement Wmo
per 10.000 inwoners
2021
480
CBS - Monitor Sociaal Domein 688 WMO
Aantal per 10.000 inwoners in de betreffende bevolkingsgroep. Een maatwerkarrangement is een vorm van specialistische ondersteuning binnen het kader van de Wmo. Voor de Wmo-gegevens geldt dat het referentiegemiddelde gebaseerd is op 327 deelnemende gemeen
www.waarstaatjegemeente.nl donderdag 28 maart 2022
Pagina 63 van 187
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 juni 2022
Jaarstukken 2021 Gemeente Hulst
PARAGRAFEN ALGEMEEN De in het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten (BBV) voorgeschreven paragrafen moeten in het kader van het nieuwe duale stelsel een dwarsdoorsnede geven van het financiële beheersingsproces. Dit moet de raad in staat stellen haar kaderstellende en controlerende rol ten behoeve van een goede uitvoering van de beleidsprogramma’s te vervullen. Hoewel (gedeelten van) deze informatie op verschillende plaatsen in het jaarverslag al naar voren komt, gelden de paragrafen in dit opzicht als verzamelpunt, die de lezer een overzicht bieden in de specifieke onderwerpen die de verschillende paragrafen behandelen. In het BBV worden zeven paragrafen voorgeschreven, die bezien vanuit het realiseren van de vastgestelde programma’s, grote financiële gevolgen kunnen hebben of van grote politieke betekenis zijn. Naast de voorgeschreven paragrafen staat het de gemeenteraad vrij om “eigen” paragrafen te definiëren om zo gemeente specifieke zaken inzichtelijk te maken. •
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
•
Onderhoud kapitaalgoederen
•
Financiering
•
Demografische ontwikkeling
•
Bedrijfsvoering (inclusief rechtmatigheid)
•
Verbonden partijen
•
Grondbeleid
•
Lokale heffingen
•
Informatiebeveiliging en Privacy
Pagina 64 van 187
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 juni 2022
Jaarstukken 2021 Gemeente Hulst WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING Inleiding Het beleid omtrent weerstandsvermogen en risicobeheersing is vormgegeven in de nota risicomanagement en weerstandsvermogen. Deze nota is vastgesteld in de raadsvergadering van juli 2010. In het maatschappelijke verkeer is er een toenemende aandacht voor risico’s en de beheersing hiervan. Deze paragraaf is samengesteld op basis van de gehouden inventarisatie en zal periodiek worden geactualiseerd. Het weerstandsvermogen wordt uitgedrukt in een ratio tussen beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit. De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat met name uit de reserves (eigen middelen) en de mogelijkheden om extra middelen te verkrijgen. De benodigde weerstandscapaciteit volgt uit het kwantificeren van risico’s (kans * impact). Beschikbare weerstandscapaciteit Beschikbare weerstandscapaciteit wordt gedefinieerd in financiële zin, d.w.z. als het beschikbare weerstandsbedrag dat wordt aangehouden ter afdekking van financiële verliezen die kunnen optreden, als risico’s zich feitelijk gaan manifesteren. De weerstandscapaciteit is opgebouwd uit een tweetal componenten, te weten: • Weerstandscapaciteit uit vermogen • Weerstandscapaciteit in de exploitatie. De eerste component is de incidentele weerstandscapaciteit. De tweede component vormt de structurele weerstandscapaciteit.
De totale beschikbare weerstandscapaciteit per 31 december 2021 is als volgt (bedragen * € 1.000): Beschikbare weerstandscapaciteit
Realisatie 2021
Realisatie 2020
6.725
7.875
4.761
4.279
11.486
12.154
1.851
2.016
c. Rekeningoverschot
2.101
2.161
Weerstandscapaciteit uit exploitaties
3.952
4.177
Totale weerstandscapaciteit
15.438
16.331
Vermogenssfeer: a. Algemene Reserve b. Bestemmingsreserve - ten behoeve van egalisatie van tarieven - overige bestemmingsreserve Weerstandscapaciteit uit vermogen Exploitatiesfeer: a. Onbenutte belastingcapaciteit - OZB - Rioolrecht - Afvalstoffenheffing - Overige leges en rechten b. Onvoorzien
Mutatie beschikbare weerstandscapaciteit De beschikbare weerstandscapaciteit uit vermogen van de gemeente Hulst bedraagt ultimo 2021 € 11.686.000 t.o.v. € 12.154.000 ultimo 2020, een daling van € 668.000. Deze stijging is voor een groot deel te verklaren door de volgende mutaties: Algemene reserve Toevoeging rekeningsaldo 2021
1.411.000
Diverse stortingen
2.467.000
Diverse onttrekkingen
-1.275.000
Mutaties claims
-3.753.000 -1.150.000
Pagina 65 van 187
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 juni 2022
Jaarstukken 2021 Gemeente Hulst Overige bestemmingsreserve Toevoegingen
2.174.000
Onttrekkingen
-869.000
Mutaties claims
-823.000 482.000
Op grond van de handreiking zoals die in de meicirculaire 2020 is opgenomen, benadert de onbenutte belastingcapaciteit voor het jaar 2021 een bedrag van € 1.851.000. Een berekening hiervan is in deze paragraaf opgenomen. Weerstandscapaciteit uit vermogen Algemene reserve De omvang van de algemene reserve bedraagt na aftrek van claims per 31 december 2021 € 6.725.000. Dit saldo wordt volledig meegewogen in de berekening van de weerstandscapaciteit. Bestemmingsreserves Het totaal van de bestemmingsreserves bedraagt per 31 december 2021 € 10.417.000 waarvan: · overige bestemmingsreserve € 6.506.500 · dekkingsreserves € 3.910.500 Dekkingsreserves wordt niet meegewogen in de weerstandscapaciteit. De overige bestemmingsreserves worden na aftrek van claims volledig meegewogen in de berekening van de weerstandscapaciteit. Stille reserves Stille reserves zijn activa die tegen nul zijn gewaardeerd en die bij verkoop leiden tot opbrengsten. De stille reserves hebben met name betrekking op aandelen en op gebouwen en terreinen die niet meer op de balans voorkomen. Weerstandscapaciteit in de exploitatie Onbenutte belastingcapaciteit Artikel 12-gemeenten moeten gedurende de hele looptijd van de aanvraag én van de toekenning van de aanvullende uitkering van het gemeentefonds blijven voldoen aan het jaarlijks vastgestelde redelijk peil van eigen inkomsten.
De berekening hiervan is als volgt: Berekening onbenutte belastingcapaciteit
(afgeronde bedragen)
Redelijk peil OZB 2021*
-
PEW= OZB-percentage eigenaar woning
0,001129
PGNW = OZB-percentage gebruiker niet-woning
0,001795
PENW = OZB-percentage eigenaar niet-woning
0,002145
WW = waarde woningen
€ 2.946.489.000
WNWG = waarde niet-woningen gebruikers
€ 351.695.000
WNWE = waarde niet-woningen eigenaren
€ 470.455.000
Gemeente Hulst
0,001318
Redelijk peil OZB 2021*
0,001809
verschil redelijk peil 2021 en tarief gemeente Hulst
0,000491
verschil uitgewerkt op alleen woningen
1.447.000
verschil uitgewerkt op woningen en niet-woningen
404.000
Onbelaste belastingcapaciteit 2021
1.851.000
Rekeningoverschot/-tekort Het rekeningoverschot 2021 bedraagt € 2.101.300.
Pagina 66 van 187
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 juni 2022
Jaarstukken 2021 Gemeente Hulst Benodigde weerstandscapaciteit Om het weerstandsvermogen te kunnen beoordelen moet de beschikbare weerstandscapaciteit worden afgezet tegen de gekwantificeerde risico’s (de benodigde weerstandscapaciteit). • Risico= kans x gevolg Op basis van de inschatting van kans en gevolg wordt per risico berekend hoeveel geld er benodigd is om de risico’s financieel af te kunnen dekken. De kans dat alle risico’s met het maximale gevolg zullen optreden is namelijk erg klein. Dat rechtvaardigt het reserveren van een geringer bedrag om die risico’s op te vangen. Het verschil tussen de benodigde weerstandscapaciteit en beschikbare weerstandscapaciteit geeft inzicht in het totale weerstandsvermogen van de gemeente.
Pagina 67 van 187
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 juni 2022
Jaarstukken 2021 Gemeente Hulst Risico inventarisatie In de volgende tabel worden de financiële risico’s samengevat die niet zijn afgedekt door beheersmaatregelen, waardoor deze door de beschikbare weerstandscapaciteit opgevangen mogen worden. Financieel gevolg
Nr. Risico Sociaal Domein Het sociaal domein wordt met name gekenmerkt door een groot aantal open eind regelingen. Zo zijn er onder andere open eind regelingen bij de WMO, Jeugdzorg en collectief vervoer. Bij open eind regelingen is er sprake van een wettelijk recht, waarop een gerechtigde zich kan beroepen. De 1 gemeente staat hierbij dan met name financieel aan de lat. De afgelopen jaren is binnen het sociaal domein zowel het gebruik (aantal) als het tarief (prijs) toegenomen. De lasten op de onderdelen WMO, Jeugdzorg en Participatie zijn in 2021 met € 3.235.000 gestegen ten opzichte van de lasten in 2020. Hiervoor is de gemeente slechts deels gecompenseerd door het Rijk. Indien deze trend zich doorzet zullen de tekorten binnen het sociaal domein de komende jaren verder oplopen.
€ 5.500.000
Perkpolder De gemeente is voor 100% aandeelhouder in Perkpolder Beheer B.V. De gemeente heeft een extern bureau onderzoek laten voeren naar de risico’s in dit project voor de gemeente Hulst. Dit onderzoeksbureau heeft geoordeeld dat het reëel ingeschatte risico momenteel € 6.000.000 bedraagt. 2 Een andere benadering is de kans * effect methode. Het maximale effect bedraagt op enig moment € 24.000.000, namelijk de totale omvang van de borgstelling. Wanneer we uitgaan van een slagingspercentage van 75%, resteert er 25% risico. Het project is inmiddels in verdere ontwikkeling gekomen. Hieromtrent zijn contractuele afspraken gemaakt. Afhankelijk van de uitkomst van juridische procedures zullen de afspraken nagekomen worden en het risico verminderen.
€ 6.000.000
De Statie In 2017 is er voor het project Life Style Village (herontwikkeling Morres-terrein) een herziening van het bestemmingsplan vastgesteld, een anterieure overeenkomst gesloten met De Mandemakers Groep (DMG) en een omgevingsvergunning voor de eerste fase verleend. Voor de verbindingszone tussen het Morres-terrein en de Absdaalseweg (het zogenaamde tussengebied) is de gemeente risicodrager. Voor het tussengebied zijn afspraken gemaakt in de 3 anterieure overeenkomst met DMG en is een dekkingsreserve 'Ontwikkeling tussengebied LSV’ ingesteld van circa € 800.000, gebaseerd op plannen uit 2013 en eerder. Een substantieel deel van de dekkingsreserve is bedoeld voor het saneren van de bodem. Inmiddels is duidelijk dat de eerdere plannen in de huidige tijd niet meer realistisch en haalbaar zijn. Er wordt dan ook onderzocht of het gebied op een alternatieve manier ontwikkeld kan worden. Om die reden is het risico bijgesteld naar € 200.000, wat overeenkomt met 25% van de dekkingsreserve. Daarmee wordt gehandeld in dezelfde lijn als bij andere projecten.
€ 200.000
Borgstellingen/garanties De gemeente staat borg voor leningen aangegaan door maatschappelijke instanties, bijvoorbeeld woningcorporaties e.d. Het saldo waarvoor eind 2021 borg gestaan wordt, is € 27.500.000 (exclusief borgstelling Perkpolder Beheer B.V en exclusief borgstelling via WSW). Daarnaast staat de gemeente garant voor de aflossing van (een deel van de ) leningen van instellingen aan particulieren. Deze vorm 4 van garantiestelling is een voorloper van de huidige Nationale Hypotheek Garantie. Eind 2021 bedraagt de restant schuld waarover risico wordt gelopen € 163.000. In de loop van 2020 zijn geen aanvullende garanties versterkt. Het risico wordt ingeschat op 0,5%. De risico’s met betrekking tot de verstrekte borgstelling ten behoeve van het project Perkpolder zijn eerder afzonderlijk in deze inventarisatie opgenomen.
€ 140.000
Precariobelasting De Hoge Raad heeft medio 2018 een uitspraak gedaan inzake de precariobelasting 2015. Deze uitspraak was in het nadeel van de gemeente. Hiermee had de gemeente geen rechtsmiddelen meer openstaan voor aanslag 2015 en is de aanslag verminderd. Ook voor de aanslagjaren 2016 t/m 2021 heeft de wederpartij bezwaar aangetekend. Over aanslagjaar 2016 heeft de Rechtbank Zeeland-West5 Brabant op 13 december 2021 een uitspraak gedaan. Deze uitspraak was in het nadeel van de gemeente. Inmiddels is door de gemeente tegen deze uitspraak hoger beroep aangetekend. Ondanks dat het college vooralsnog goede verwachting heeft voor deze aanslagjaren is ondertussen een extra bedrag van € 2,2 mln gestort in de algemene reserve. Dit bedrag is geclaimd. Hierdoor resteert een ongedekt risico van afgerond € 1.100.000. Het risico wordt ingeschat op minder dan 50%.
6
Diverse (overige) bedrijfsrisico's, zoals: PFAS/PFOS, Klimaat/Duurzaamheid, Oekraïne, Inflatie, etc.
Totaal
€ 550.000
p.m. € 12.390.000
Pagina 68 van 187
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 juni 2022
Jaarstukken 2021 Gemeente Hulst
Berekening weerstandsvermogen Ratio weerstandsvermogen De benodigde weerstandscapaciteit is afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit. De uitkomst van die berekening vormt het weerstandsvermogen. Rekening 2021 Weerstandsvermogen =
Beschikbare weerstandscapaciteit Benodigde weerstandscapaciteit
=
15.438.000 12.390.000
1,25
Rekening 2020 16.330.900 12.725.000
1,28
Om het weerstandsvermogen minimaal op niveau te houden of te verbeteren, dient er rekening te worden gehouden met de volgende stappen: • extra kritisch kijken naar voorstellen waarbij als dekking de algemene reserve wordt genoemd; • bestemmingsreserves kritisch screenen en waar mogelijk vrij laten vallen ten gunste van de algemene reserve; • eventuele exploitatieoverschotten direct toevoegen aan de algemene reserve. Financiële kengetallen van de gemeente Hulst Rekening 2021 Begroting 2021 1 Netto schuldquote
Rekening 2020
41,22%
74,43%
46,63%
40,50%
64,56%
45,82%
32%
19%
27%
3 Structurele exploitatieruimte
4,91%
0,07%
2,16%
4 Grondexploitatie
2,40%
2,25%
4,45%
5 Belastingcapaciteit
104,86%
107,99%
109,19%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen 2 Solvabiliteitsratio
Netto nettoschuldquote Geeft aan of ene gemeente investeringsruimte heeft of juist op haar tellen moet passen. Hoe hoger de schuld is, hoe meer kapitaallasten er zijn waardoor een begroting minder flexibel wordt. De norm van de VNG ligt tussen 0 en 100. Boven een netto-schuldquote van 100 is de situatie kritiek. Er blijft dan weinig leencapaciteit over om de gevolgen van financiële tegenvallers door bijvoorbeeld een economische recessie op te vangen.
Netto-schuldquote =
(Langlopende schulden + kortlopende schulden + crediteuren + overlopende passiva) -/- (langlopende uitzettingen + kortlopende vorderingen + liquide middelen + overlopende activa Totale baten voor bestemming
Norm Hulst Laag
tot 100%
Gemiddeld
100% tot 130%
Hoog
hoger dan 130%
Pagina 69 van 187
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 juni 2022
Jaarstukken 2021 Gemeente Hulst Solvabiliteitsratio Geeft aan de mate waarmee de gemeentelijke bezittingen zijn betaald met eigen middelen.
Solvabiliteitsratio =
Eigen vermogen (algemene reserve + bestemmingsreserve + nog te bestemmen resultaat) Balanstotaal
Norm Hulst Laag
tot 20%
Gemiddeld
20% tot 50%
Hoog
hoger dan 50%
Structurele exploitatieruimte Het financiële kengetal “structurele exploitatieruimte” geeft aan hoe groot de structurele vrije ruimte binnen de begroting is. Daarnaast geeft dit kengetal ook aan of de gemeente in staat is om de structurele tegenvallers op te vangen dan wel of er ruimte is voor nieuw beleid. Het toekomstperspectief m.b.t. de structurele exploitatieruimte is positief.
Norm Hulst Laag
structureel ratio kleiner dan 0% (van AU + integratie- en decentralisatieuitkeringen)
Gemiddeld
structureel ratio tussen 0% en 0,6 (van AU + integratie- en decentralisatieuitkeringen)
Hoog
structureel ratio groter dan 0,6% (van AU + integratie- en decentralisatieuitkeringen)
Grondexploitatie Geeft aan hoe groot de grondpositie (boekwaarde) is ten opzichte van de jaarlijkse baten.
Grondexploitatie =
Boekwaarde in- en nog niet in exploitatie genomen gronden Totale baten voor bestemming
Norm Hulst Een norm bepalen voor het kengetal grondexploitatie is lastig. De boekwaarde van de gronden in bezit zegt namelijk nog niets over de relatie tussen de vraag en aanbod van woningbouw dan wel m2-bedrijventerrein. De boekwaarde van de gronden geeft wel weer of een gemeente veel middelen heeft gestopt in haar grondexploitatie. Dit geld dient namelijk ook nog terugverdiend te worden. Om deze redenen is er geen norm verbonden aan het kengetal grondexploitatie Belastingcapaciteit De belastingcapaciteit geeft inzicht hoe de belastingdruk in de provincie of de gemeente zich verhoudt ten opzichte van het landelijke gemiddelde (jaar t-1). Wanneer het kengetal uitkomt op c.a. 100% betekent dit dat de woonlasten van de betreffende gemeente overeenkomst met het landelijke gemiddelde van een jaar eerder.
Pagina 70 van 187
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 juni 2022
Jaarstukken 2021 Gemeente Hulst ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN Inleiding De kwaliteit van het openbaar gebied wordt door de inwoners vaak het meest intensief beleefd. Zaken als: zwerfvuil, verzakte stoeptegels, niet brandende lantaarnpalen, slecht onderhouden plantsoenen, moeilijk toegankelijke gemeentelijke gebouwen, zijn onderwerpen die de directe omgeving van de burgers raken. Zij hebben hier dan ook een duidelijke mening over. Ook de reacties die vanuit de wijk- en dorpsraden geuit worden, gaan vaak over het beheer van de openbare ruimte. De gemeente is als beheerder van deze openbare ruimte verantwoordelijk voor een groot aantal kapitaalgoederen. De gewenste kwaliteit van kapitaalgoederen zoals openbaar groen, water, wegen, kunstwerken, straatmeubilair, riolering, openbare verlichting en gebouwen bepaalt mede het voorzieningenniveau in de gemeente en de daarmee gemoeid zijnde (jaarlijkse) lasten. Daartoe wordt periodiek voor elk van genoemde kapitaalgoederen een nota vastgesteld door de raad. Hierin worden de kaders weergegeven voor het onderhoud(sniveau), de bijbehorende kosten, de normkostensystematiek en het meerjarig budgettair beslag. In deze paragraaf “onderhoud kapitaalgoederen” gaan we in op het beleidskader en de daaruit voortvloeiende financiële gevolgen voor het beheer en het onderhoud van de kapitaalgoederen van de gemeente.
Voor verschillende kapitaalgoederen zijn inmiddels meerjarige onderhoudsplannen vastgesteld. Deze worden gekoppeld aan budgetten in de begroting. Verder moeten er antwoorden gevonden worden op vragen als: is het beheer in de gemeente goed geregeld? Is er behoefte aan het opstellen van onderhoudsbeleidsplannen, en zo ja, welke criteria gebruiken we? Hoe verhouden de in de begroting opgenomen onderhoudsbudgetten zich tot de onderhoudsplannen en de uitvoering ervan? Is er achterstallig onderhoud, en zo ja, hoe werken we die weg? Welke (financiële) risico’s lopen we? Als basis voor het vaststellen van beleid ten aanzien de gewenste kwaliteit van onderhoud en beheer van onze kapitaalgoederen zijn geautomatiseerde beheerpakketten geïmplementeerd op het gebied van wegen, riolering, openbaar groen, openbare verlichting en vastgoedbeheer. Voor het vastgoedbeheer moet de data nog gecompleteerd worden. Wij kunnen nu de verschillen aangeven tussen bestaand beleid en gewenst beleid, alsmede de daaraan verbonden financiële gevolgen. Beheerplannen Voor het onderhoud van de verschillende kapitaalgoederen zijn voor 2021 en volgende jaren de volgende beheerplannen (-systemen) vastgesteld of in voorbereiding: Beheerplan
Programma
Gereed Vaststelling Looptijd t/m
Wegen
Verkeer, vervoer en openbare ruimte
Ja
2019
2023
Openbare verlichting
Verkeer, vervoer en openbare ruimte
Ja*
2018
2023
Riolering
Milieu (VGRP)
Ja
2022
2026
Wateren
Milieu (VGRP)
ja
2022
2026
Openbaar groen
Verkeer, vervoer en openbare ruimte en Sport, cultuur en recreatie
Ja
2019
2023
(Buitensport)accommodaties
Sport, cultuur en recreatie
Nee
Begraafplaatsen
Verkeer, vervoer en openbare ruimte
Ja
2021
2035
Gemeentelijk vastgoed
Diverse programma’s
Ja
2019
2024
Haven Walsoorden
Verkeer, vervoer en openbare ruimte
Ja**
* Vervangingsplanning is in 2021 bijgesteld ** Beheerplan haven dateert van 2003. Is niet door de raad vastgesteld.
Toelichting beheerplannen Sinds de vaststelling van de notitie “duurzaam financieel beleid” in 2012 worden, t.b.v. het onderhoud van kapitaalgoederen, de middelen uit vrijvallende kapitaallasten beschikbaar gehouden. Tevens is in de opbouw van de gemeentebegrotingen sinds 2011 financiële ruimte beschikbaar gesteld voor het effectueren van het beleid zoals dat jaarlijks in het meerjarenonderhoudsprogramma wegen is opgenomen. Met betrekking tot het beheer Pagina 71 van 187
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 juni 2022
Jaarstukken 2021 Gemeente Hulst van de wegen, openbare verlichting en het groenbeheer zijn structurele middelen beschikbaar gesteld om het onderhoud op het gewenste niveau te brengen c.q. houden. Voor het aandeel wegen in integrale projecten en op zich zelf staande wegenprojecten zijn in de meerjarenraming 2022-2025 opnieuw middelen gereserveerd voor de MIP projecten. Wegen Kerncijfers Totale oppervlakte verhardingen
1.741.931 m2
Waarvan: - gesloten (asfalt)
424.808 m2
- gesloten (beton)
22.280 m2
- open (klinkers, tegels)
1.266.692 m2
- half (gravel, split)
59.581 m2
Beleid Wegenonderhoud bestaat uit dagelijks klein- en groot onderhoud en rehabilitatie (volledige vervanging wegconstructie aan het einde van de levensduur). De planningen van klein- en groot onderhoud zijn opgenomen in het wegenbeheerplan 2019-2023. Rehabilitatie maakt geen onderdeel uit van klein en groot onderhoud wegen. De rehabilitatie is opgenomen in het Meerjaren InvesteringsPlan wegen, waarbij de planning wordt afgestemd op de beschikbare middelen en de samenhang met rioleringsprojecten en wegbeheer. Afhankelijk van het project vindt een verdeling plaats tussen rehabilitatiekosten en overige kosten. De middelen worden jaarlijks gedoteerd aan de reserve MIP wegen waaruit de afschrijvingen van de investeringen worden gedekt. Hierdoor blijven voordelen op investeringen als gevolg van subsidies, aanbestedingsvoordelen en onderuitputting beschikbaar voor rehabilitatie. Bij het opstellen van het wegenbeheerplan is gebruik gemaakt van de beheersystematiek van de stichting CROW, bijgesteld naar aanleiding van de in 2020 uitgevoerde wegeninspecties. Binnen vermelde systematiek worden vier kwaliteitsniveaus onderscheiden, R-, R, R+ en R++. Voor het beheerplan wegen Hulst is uitgegaan van niveau R (laagste onderhoudsnorm zonder overschrijding van de richtlijn en voorkoming van risico’s; verzekerbaar zijn van schades).
Voor de vertaling van de technische R-norm naar beeldkwaliteit wordt de B-norm gehanteerd. Door het tijdig uitvoeren van klein onderhoud zoals het repareren van plaatselijke verzakkingen, losliggende tegels, boomwortelschades en dergelijke worden risico’s zoveel mogelijk vermeden, de beeldkwaliteit verhoogd en de service richting bewoners en gebruikers van de openbare ruimte verbeterd. Met betrekking tot de investeringen in het kader van herinrichting en reconstructie wegen is er in principe sprake van rehabilitatie en dus de mogelijkheid tot het maken van afwegingen over verkeersafwikkeling en/of inrichting. Aanleiding voor rehabilitatie kan ook voortvloeien uit afstemming met andere beleidsterreinen. Het is belangrijk dat de rehabilitatie van de wegen uitgevoerd wordt. Met andere woorden: aan het einde van de levensduur moeten zowel verharding als fundering volledig vervangen worden. Beschikbaar zijn van middelen voor rehabilitatie is essentieel om rioleringsprojecten en rehabilitatie van wegen op elkaar af te kunnen stemmen. In het VGRP is bij projecten waar de riolering vervangen wordt, ervan uitgegaan dat uitkomende bestratingsmaterialen hergebruikt worden. De kosten voor het vervangen van de fundering en het opnieuw leggen van de oude materialen worden uit de opbrengst rioolrechten gedekt.
Het hergebruiken van het bestratingsmateriaal heeft echter zeer nadelige gevolgen voor de kwaliteit. Voor het vervangen van de verhardingsmaterialen als onderdeel van rioleringsprojecten is gemiddeld ongeveer € 300.000 per jaar nodig. Deze kosten mogen niet ten laste van de voorziening riolering worden gebracht. De middelen voor het vervangen van bestratingsmateriaal bij rioleringsprojecten worden voortaan meegenomen in de planning voor het Meerjaren InvesteringsPlan wegen. Financieel kader De onderhoudskosten voor de korte en middellange termijn worden grotendeels bepaald door de huidige kwaliteit van de verhardingen en bestaat uit: Klein onderhoud: Het bedrag dat volgens de CROW-systematiek benodigd is voor het uitvoeren van Klein onderhoud aan zowel asfalt- en elementenverharding was geraamd op € 148.300 per jaar. Dit Klein onderhoud kan in eigen beheer worden uitgevoerd. De kosten daarvan zijn reeds in de begroting verwerkt en maken onderdeel uit van de totale kosten voor het dagelijkse onderhoud aan wegen (waarbij ook gladheidsbestrijding, onkruidbestrijding op verhardingen enz. worden uitgevoerd).
Pagina 72 van 187
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 juni 2022
Jaarstukken 2021 Gemeente Hulst
Groot onderhoud: Na de weginspectie is door het wegbeheersysteem een basisplanning gegenereerd. Conform de systematiek is een zogenaamde maatregeltoets uitgevoerd. Deze maatregeltoets, waarbij kritisch is gekeken naar de gekozen maatregelen en afstemming heeft plaatsgevonden met geplande projecten, heeft geresulteerd in een gemuteerde basisplanning. Hierin is berekend dat ten behoeve van uitvoering van het Groot onderhoud een bedrag van € 426.640 per jaar benodigd is (prijspeil 2018). Groot onderhoud ter plaatse van geplande projecten voor riolering of rehabilitatie (MIP wegen) is niet meegenomen in de raming van de kosten voor groot onderhoud. In de begroting was voor 2021 een bedrag opgenomen van € 299.000,- voor uitbesteed groot onderhoud. Er is voor € 163.373,- uitgevoerd. Het onderhoud wordt mede uitgevoerd om schades a.g.v. aanleg of vervanging van nutsvoorzieningen te repareren. Hiervoor wordt van de nutsbedrijven een degeneratievergoeding ontvangen. In 2021 is in de kern Hulst het project aanleg glasvezel uitgevoerd. De degeneratievergoeding die hiervoor ontvangen is, is toegevoegd aan de reserve onderhoud MIP wegen. In de periode 2023-2025, wanneer de verzakkingen a.g.v. de aanleg moeten worden hersteld, zullen deze middelen aan het budget voor onderhoud wegen worden toegevoegd t.l.v. de reserve waaraan ze zijn toegevoegd. Het project Zandberg (a.g.v.
vertragingen als gevolg van kabels en leidingen en verlenging subsidie) en onderhoud Dreefken (tevens a.g.v. afstemming nutsbedrijven) zijn niet in 2021 uitgevoerd. Deze middelen zijn in de najaarsnota toegevoegd aan de reserve MIP wegen, om in 2022 te worden uitgevoerd tlv de reserve. Door creatief om te gaan met de budgetten voor klein onderhoud en het combineren van de onderhoudsplanning van het wegbeheer en de planning van rioolbeheer en rehabilitatie valt, ondanks de budgettaire beperking 94 % van het wegenareaal binnen de gestelde kwaliteitsnormen. Ten aanzien van de investeringen (rehabilitatie) hebben een aantal projecten vertraging opgelopen. Dat heeft twee oorzaken. De eerste oorzaak is dat projecten vertraging oplopen door het uitlopen van de planning voor vervanging van kabels en leidingen door de nutsbedrijven. En de tweede oorzaak is personele capaciteit. De projecten uit het MIP worden door drie projectleiders voorbereid. Op dit moment is dat een te krappe capaciteit.
Pagina 73 van 187
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 juni 2022
Jaarstukken 2021 Gemeente Hulst In 2021 zijn onderstaande investeringen uit het MIP wegen uitgevoerd: Overzicht Meerjarig Investeringsplan Totaal beschikbaar gesteld krediet
Totaal uitgaven (incl 2021)
(Restant) krediet 2021
GVVP maatregelen Vogelwaarde (Rapenburg) (2016)
570.000
16.851
553.149
-
Reconstr. Julianastraat Heikant wegen (2016)
1.085.647
1.085.647
300.000
35.336
Vernieuwing omgeving Janseniuslaan
162.473
162.473
71.947
3.420
Reg. Impuls - Havenfort eo incl. camperplaatsen (2017)
325.000
10.709
323.761
9.470
314.291
Herinrichting Cloosterstraat (2018)
879.265
869.811
11.753
2.299
9.454
Herinr Houtm,Kl.Bag.str....L. Nieuwstr CP (2019)(K)
915.000
299.837
877.273
262.110
615.163
Reconstr. Fred. Hendrikstraat (2019)(K)
305.000
267.385
82.218
44.603
37.615
Bestrating bij verv. rioolstelsel St.Janst.(2019)(K)
215.000
213.871
1.129
-
1.129
Bestr. bij verv.rioolstelsel Klz fase 1(2019)(K)
175.000
103.423
73.450
1.873
71.577
2.725.000
71.033
2.675.287
21.320
2.653.968
Reconstructie Tivoliweg (2019)(K)
770.000
680.430
474.763
385.193
89.570
Bestrating Kloosterzande fase 2 (2020)
310.000
-
310.000
-
310.000
Bestrating Vogelwaarde fase 1 (2020)
95.000
-
95.000
-
95.000
Bestrating Plevierstraat Hengstdijk (2020)
40.000
-
40.000
-
40.000
Rec. Kruising vd Maelstedewg/ Absd. Weg (2021)
500.000
132.798
500.000
132.798
367.202
Verv. Rioolstelsel Klz fase 3 bestratingsmateriaal (2021)
10.000
-
10.000
-
10.000
Rec. Gentsevaart (2021)
200.000
-
200.000
-
200.000
Verv. Rioolstelsel Vgw fase 2 bestratingsmat. (2021)
10.000
-
10.000
-
10.000
Vev. Bestrat. Mat Smetstr. Reynaertstr.Tybaertstr. (2021)
82.500
-
82.500
-
82.500
Afbouw woonrijp. Wittebrug (2021)
615.000
119.566
615.000
119.566
495.434
Vervanging bruggen (2021)
100.000
-
100.000
-
100.000
Vernieuwen bestrating Grensstraat (2021)
25.000
1.383
25.000
1.383
23.617
Herstel en verkeersmaatr. Magdalenastr. (2021)
175.000
142.819
175.000
142.819
32.181
-
4.286
-
4.286
-4.286
252.629
252.629
60.914
60.914
-
7.668.144
1.227.389
6.107.563
Lopende investeringen MIP 2021
Landbouwroute Vogelwaarde (2018)(K)
Reconstructie Glacisweg (2022) Reg. Impuls - grensoverschrijdende bossen (2017)
9.082.385
Pagina 74 van 187
Nog te verwachte uitgaven
Uitgaven 2021
553.149
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 juni 2022
Jaarstukken 2021 Gemeente Hulst Knelpunten/risico’s Knelpunten en risico’s Met het vaststellen van het duurzaam financieel beleid heeft het gemeentebestuur richting gegeven om achterstanden in het onderhoud te voorkomen en de hiermee gepaard gaande risico’s te beperken. Zaken als verkeersveiligheid, externe prioriteiten enz. kunnen ertoe leiden dat de planning bijgesteld moet worden. A.g.v. de huidige economische ontwikkelingen en de forse inflatie zullen de ramingen voor de uitvoering van het onderhoud in de toekomst moeten worden bijgesteld en zijn de thans beschikbaar gestelde structurele middelen mogelijk onvoldoende voor de uitvoering van de vastgestelde planning. Ontwikkelingen Om het beheer en onderhoud ook in de toekomst goed vorm te kunnen geven wordt in afstemming met de Basiskaart Grootschalige Topografie (BGT) de wijzigingen in het wegenareaal continu bijgehouden. De MIP’s worden periodiek bijgewerkt en ter besluitvorming voorgelegd. Sinds 2016 mogen er geen onkruidbestrijdingsmiddelen op verhardingen meer toegepast worden. Het onkruid op de verhardingen wordt verwijderd door gebruik te maken van alternatieve methodes/machines. De ervaringen in 2016 tot en met 2018 wijzen uit dat het verbod op bestrijdingsmiddelen wel een verandering in het straatbeeld geeft. In 2021 is het gewenste kwaliteitsniveau niet overal gehaald als gevolg van ziekte van de medewerkers.
Haven Walsoorden Kerncijfers Kademuur
630 m1
Jaarlijks te baggeren slib
15.000 m3
Beleid De haven van Walsoorden is in eigendom bij de Staat (het Rijksvastgoedbedrijf RVB). De gemeente heeft een opstalrechtovereenkomst met het RVB afgesloten, die stilzwijgend doorloopt sinds 30-06-2017 (opstalrecht industriehaven) en een erfpachtovereenkomst die loopt tot 31-12-2023 (erfpacht getijdenhaven). De gemeente heeft op haar beurt overeenkomsten (opstalrechten, erfpacht, huur) gesloten met verschillende gebruikers van de haven. De gemeente en het RVB zijn met elkaar in gesprek over het toekomstige eigendom, beheer en onderhoud van de haven. Financieel kader Op dit moment zijn in de beheerbegroting de dagelijkse onderhoudskosten geraamd en worden er reserves opgebouwd voor groot onderhoud zoals vervanging van de kademuren. De toestand in de haven van Walsoorden gaat achteruit en daarmee bestaat het risico op grote incidentele kosten. Om een goed beeld te krijgen van de huidige conditie van de gehele haven in Walsoorden is in 2020 een risicoanalyse opgesteld. De risico’s op korte tot middellange termijn worden aangevuld met geraamde financiële consequenties van de noodzakelijke reparaties op korte termijn. Er is een inventarisatie gemaakt van het op korte en middellange termijn noodzakelijke onderhoud. Volgens het inspectierapport is in totaal circa € 630.000 nodig voor het uitvoeren van achterstallig onderhoud.
Er is echter nog discussie gaande over de verantwoordelijkheid voor dit onderhoud. In 2020 is een incidentele uitgave opgenomen van € 100.000 voor de dekking van het meest dringende onderhoud. Er is in 2020 en 2021 nog niet gestart met grote onderhoudswerken. Dit in afwachting van het overleg met RVB en RWS over de verantwoordelijkheid van dit onderhoud. In de meerjarenraming is voor het op niveau brengen van het onderhoud rekening gehouden met een structurele last van € 90.000. Knelpunten/risico’s Er zijn investeringen nodig om de haven weer robuust te maken voor de toekomst. Deze investeringen kunnen bestaan uit: − Achterstallig onderhoud: circa € 800.000 (€ 650.000 met tot 30% afwijking + of -, voor de periode van 0 – 3 jaar: rapport Sweco); − Bodemsanering van getijdehaven: circa € 800.000; − Reconstructie van het afgesloten kadedeel: circa € 400.000 (rapport Sweco). Ontwikkelingen De komende tijd wordt in overleg getreden met de Staat en de huidige gebruikers om te bezien hoe de toekomst van de haven eruit zal komen te zien en welke financiële verplichtingen de verschillende partijen op zich willen nemen. Daarnaast zal komende tijd een programma van eisen worden opgesteld om meer duidelijkheid te krijgen over de benodigde acties. In 2022 zal de opgestelde risicoanalyse uit 2020 verder worden uitgediept. Het onderzoek uit 2020 betrof een visuele inspectie.
Verder onderzoek zal meer informatie geven over de restlevensduur van de diverse constructies in de haven, aangevuld met een indicatieve budgetraming van de (noodzakelijke) herstelwerkzaamheden.
Pagina 75 van 187
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 juni 2022
Jaarstukken 2021 Gemeente Hulst Openbare verlichting Kerncijfers Lichtmasten
6.901 stuks
Armaturen
7.107 stuks
Waarvan: - LED-verlichting (nachtbrander en dimregime)
2.017 stuks
Beleid Doel van het Beleidsplan Openbare Verlichting 2018-2023 is het hebben en in stand houden van een sobere, en doelmatige verlichting in dienst van de sociale en verkeersveiligheid van de burgers. Bij vervanging van materialen wordt duurzaam geïnvesteerd en gebruik gemaakt van de nieuwste technieken. De doelstelling uit het energieakkoord worden ondersteund door toepassing van energiezuinige verlichting. Sinds 2016 werken de Zeeuwse gemeenten, het Waterschap, de Provincie en Zeeland Seaport samen in het gezamenlijk beheren en onderhouden van de openbare verlichting in Zeeland. De doelstellingen van deze samenwerking zijn een uniform, innovatief, effectief en efficiënt beheer en onderhoud van de openbare verlichting, zodat de maatschappelijke kosten zo laag mogelijk worden gehouden en de personele kwetsbaarheid van partijen wordt verminderd. Deze samenwerking is vastgelegd in de Samenwerkingsovereenkomst openbare verlichting Zeeland. Op basis hiervan is een ‘Bureau Openbare Verlichting Zeeland’ (BOVZ) gevormd, dat zorg draagt voor een gezamenlijk onderhoudsbestek, gezamenlijke directievoering, gebruik van één database – beheerpakket (Onderhoud Management Systeem of OMS) en het beheren van het beheerpakket. Financieel kader Planning per 10 jaar Peildatum 1-1-2021 Masten >30 jaar
2021-2030 2031-2040 2041-2050 2051-2060 2061-2070 1.410.200
Masten 20-30 jaar
1.410.200 1.601.600
Masten 10-20 jaar
2.530.000
Masten < 10 jaar
Armaturen > 10 jaar
1.651.100
1.338.900
Armaturen < 10 jaar
243.300
Led < 10 jaar
429.900
Led 2021-2030
429.900 1.338.900
1.338.900
Totale kosten
2.749.100
2.274.800
3.868.900
2.081.000
2.749.100
Kosten per jaar
274.910
227.480
386.890
208.100
274.910
De vervangingswaarde van de installatie bedraagt globaal € 9.205.000,-. Er is nog steeds een vervangingsachterstand. Gemiddeld is een jaarlijkse investering van € 280.000,- nodig. In het beleidsplan OV 2018-2023 is vastgesteld dat een mast na 40 jaar en een armatuur na 20 jaar aan vervanging toe is. In deze vervanging is een achterstand ontstaan welke de komende 10 jaar zal worden ingelopen. Voor de vervanging was € 200.000,- beschikbaar gesteld in de primitieve begroting. Daarnaast is het budget voor vervanging uit 2020 (vanuit het rekeningsaldo) in 2021 ingezet voor vervanging. In totaal is voor bijna € 450.000,besteed aan vervanging van de OV. In 2021 is daarmee een deel van de achterstand ingehaald. Pas in 2021 heeft de aanbesteding van het onderhoud en de vervanging van de openbare verlichting in Zeeland plaatsgevonden. Hierdoor zijn in 2021 de kosten voor storingsonderhoud gestegen. Tevens zijn in 2021 nieuwe energietarieven van kracht geworden, waardoor de bezuiniging op energiekosten niet is behaald (wel in Kwh, maar niet in Euro's). Knelpunten/risico’s In de begroting 2022 en de meerjarenraming 2023-2025 zijn de benodigde extra middelen beschikbaar gesteld. Op basis van de planning zou de achterstand langzaam worden ingehaald. Dit zal nog niet op korte termijn kunnen Pagina 76 van 187
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 juni 2022
Jaarstukken 2021 Gemeente Hulst worden gerealiseerd. Hierdoor zullen de kosten voor storingsonderhoud in elk geval nog een aantal jaren hoog blijven. Als gevolg van de extreme inflatie zullen er nog extra middelen nodig zijn om de gewenste vervangingsplanning te kunnen uitvoeren. De gevolgen zullen in de loop van 2022 pas duidelijk worden. Ontwikkelingen De nieuwe generatie LED verlichting zal steeds zuiniger worden. Naarmate de vervanging gerealiseerd worden, zal ook de mate van energiereductie steeds sneller gaan. Er is een ontwikkeling om duurzaam om te gaan met energie. Vanuit de Rijksoverheid is een “verplichting” opgelegd om voor 2020 een energiereductie te halen van 30% (t.o.v. 2013). Indien de vervangingsplanning wordt uitgevoerd zal deze norm t.a.v. de openbare verlichting worden gehaald. Overdracht openbare verlichting buitengebied Uitgangspunt voor de overdracht is dat alles wat bijdraagt aan het goed functioneren van een weg, in eigendom, beheer en onderhoud is bij de betreffende wegbeheerder. In de gemeente Hulst staan 429 masten welke overgedragen kunnen worden naar waterschap Scheldestromen en 8 masten welke nu in beheer zijn bij het waterschap welke naar de gemeente Hulst komen. Conform de gemaakte afspraken zullen te oude masten en armaturen eerst vervangen worden waarna de verlichting wordt overgedragen.
Daarnaast wordt afhankelijk van de leeftijd een vergoeding betaald voor de vervangingen en exploitatie. Deze kosten kunnen gedekt worden binnen de begroting. Rioleringen Kerncijfers Riolering (vrijverval, druk, persleiding)
307 km
Gemalen
60 stuks
IBA's klasse 3
33 stuks
IBA's klasse 2
26 stuks
Kolken
13.750 stuks
Drukrioleringsunits
472 stuks
Bergbezinkbassins
8 stuks
Bergbezinkleidingen
2 stuks
Totale vervangingswaarde rioolstelsel
€ 197.500.000
Beleid De zorgplicht voor stedelijk afvalwater is een gemeentelijke taak die is vastgelegd in de Wet milieubeheer. In deze wet is verder vastgelegd, dat gemeenten verplicht zijn om een Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) op te stellen, waarin zij hun beleid voor de rioleringszorg vaststellen. In juni 2021 is de planperiode, visie, speerpunten en ambitieniveau voor het VGRP 2022-2026 vastgesteld. In februari 2022 is het VGRP 2022-2026 vastgesteld. Er zijn drie hoofddoelen die ten grondslag liggen aan de gemeentelijke zorg voor de inzameling en het transport van afvalwater: • duurzame bescherming volksgezondheid; • handhaving goede leefomgeving; • duurzame bescherming van natuur en milieu. De door de raad vastgestelde missie voor het VGRP 2022-2026 is: Het realiseren van een duurzame, doelmatige en toekomstgerichte invulling van de rioleringszorg, waarin de bescherming van de volksgezondheid, het streven naar het voorkomen van wateroverlast en een goede kwaliteit en kwantiteit van grond- en oppervlaktewater gewaarborgd zijn. Deze missie vertaalt zich als volgt naar de visie voor de komende planperiode: Het hebben en houden van een duurzaam, veilig, gezond, robuust en toekomstbestendig (grond)water- en rioleringssysteem in zowel het bebouwde gebied als het buitengebied van de gemeente Hulst.
Deze algemene beweegredenen voor de rioleringszorg worden in het kader van het verbreed GRP 2022-2026 Hulst vertaald naar de onderstaande doelen. Daarbij is rekening gehouden met de verbreding van de gemeentelijke zorgplichten volgens de Waterwet naar de zorgplichten voor afvalwater, hemelwater en grondwater. 1. Doelmatige inzameling van het binnen het gemeentelijk gebied geproduceerde stedelijk afvalwater. 2. Doelmatige inzameling van het hemelwater en overtollige grondwater dat niet mag of kan worden gebruikt voor de lokale waterhuishouding. Pagina 77 van 187
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 juni 2022
Jaarstukken 2021 Gemeente Hulst 3. 4. 5. 6.
Transport van het ingezamelde afvalwater, hemelwater en grondwater naar een geschikt lozingspunt. Voorkomen van ongewenste emissies naar oppervlaktewater, bodem en grondwater. Zo min mogelijk overlast voor de omgeving veroorzaken. Doelmatig beheer en een goed gebruik van de gemeentelijke voorzieningen tegen de laagst maatschappelijke kosten.
De indicatie voor vervanging van een rioolleiding vindt plaats op basis van de verwachte gemiddelde levensduur, gecombineerd met de resultaten van de uitgevoerde riool-inspecties. Voor de gemiddelde levensduur van de voorzieningen wordt uitgegaan van de onderstaande gegevens. • • • •
Vrijverval riolering Gemalen bouwkundig Gemalen elektrisch/mechanisch Persleidingen
60 jaar 60 jaar 15 jaar 60 jaar
Door het actueel houden van het beheerpakket met nieuwe inspectiegegevens is er inzicht in de actuele situatie van het rioleringssysteem. Daarmee is ook de omvang van de achterstallige vervangingen beter in beeld gekomen. Deze achterstand is aanzienlijk en vergt een inhaalslag voor rioolvervangingen op korte termijn. De gemeente Hulst kiest ervoor om het achterstallig onderhoud weg te werken binnen één levensduurcyclus van het gehele rioleringssysteem. Met andere woorden: De achterstallige vervangingen, worden over een periode van circa 60 jaar vervangen. Door jaarlijks een klein deel van de achterstallige vervangingen in te lopen, wordt na circa 60 jaar een break-evenpoint bereikt. Voor het opstellen van de concrete planning voor de planperiode van dit verbreed GRP is rekening gehouden met het combineren van vervanging van de riolering met rehabilitatie van wegen, de risico’s die de gemeente loopt bij instortende riolen, maatregelen in het kader van het basisrioleringsplan of toekomstbestendige waterhuishouding, mogelijkheden om de riolering te renoveren en noodzakelijke afkoppeling van verhard oppervlak. Door beperkte middelen voor rehabilitatie van de wegen in combinatie met de risico’s voor instorten van riolering zal afstemming niet altijd mogelijk zijn. Op basis van de bovenstaande uitgangspunten is een vervangingsplanning gemaakt voor de komende planperiode.
Op basis van de bijstelling van de planning in het kader van de tussentijdse kostenherrekening, ziet de planning voor de komende periode er als volgt uit. Vervangingsplanning
60 jaar
15 jaar
Totaal investering
3.144.212
250.855
3.395.067
nieuwe kredieten 2021
4.118.000
180.000
4.298.000
werkelijk 2021
1.963.143
203.514
2.166.657
2022
3.063.567
373.067
3.436.633
2023
1.212.279
373.067
1.585.346
2024
2.413.815
373.067
2.786.881
geraamd restant 2012-2021
Financieel kader In de begroting worden de middelen voor het dagelijks onderhoud van de riolering opgenomen. Jaarlijks wordt een operationeel programma opgesteld waarbij de gemeenteraad budget wordt gevraagd voor de uit te voeren rioleringswerken in het betreffende begrotingsjaar. De kosten van de riolering worden gedekt uit de opbrengsten rioolrechten. Voor zover de lasten hoger/ lager zijn dan de opbrengsten vindt egalisatie plaats middels de voorziening riolering (investeringen). Het rioolrecht is binnen de vervangingscyclus kostendekkend. In de begroting 2021 was op basis van de geraamde opbrengsten rioolrechten en kosten riolering rekening gehouden met een dotatie aan de voorziening van bijna € 520.000,-. De dotatie in de rekening is bijna € 157.000,hoger. Dit wordt voor het grootste deel veroorzaakt door de lagere kapitaallasten. In 2021 zijn, i.t.t. wat in het VGRP voorzien was, de tarieven rioolrechten niet verhoogd. Deels kan deze bijstelling van de tariefstijging verklaard worden door een hoger aantal heffingseenheden dan voorzien in 2016 en voor een ander deel dat de geplande uitgaven later plaats vonden dan gepland. Dit laatste heeft weer te maken met de noodzakelijke voorbereidingstijd en afstemming met andere werkzaamheden.
Ook zijn de exploitatielasten lager uitgevallen dan in het VGRP is opgenomen en heeft een verschuiving van personeelskosten van investeringen naar exploitatie plaatsgevonden a.g.v. de nieuwe BBV voorschriften. Tot slot heeft de verlaging van de rente op investeringen een positieve invloed. Genoemde zaken en de totale lastendruk voor de inwoners hebben in 2019 geleid tot een afweging om voor 2020, 2021 en 2022 de rioolheffing enkel met
Pagina 78 van 187
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 juni 2022
Jaarstukken 2021 Gemeente Hulst het inflatiepercentage te laten stijgen. Voor het verbreed GRP 2022-2026 zal, rekening houden met het huidige prijsniveau, een actuele berekening opgesteld worden in het kader van de kosten en kostendekking. Knelpunten/risico’s Zowel het reguliere beheer als de kapitaallasten verband houdende met vervangingsinvesteringen worden gedekt uit tarieven en/of voorziening riolering. Er vindt jaarlijks afstemming plaats tussen het uitvoeren van werken in het kader van het VGRP en het MIP. In de toekomst dient het op elkaar afstemmen van noodzakelijke uitgaven en beschikbare middelen continu punt van aandacht te blijven. Ontwikkelingen Door klimaatverandering ontstaan er langdurige natte periodes, korte hevige buien en langdurige droge periodes. De gevolgen hiervan kunnen niet alleen in de riolering opgevangen worden. Acceptatie van water op straat wordt noodzakelijk. Afgelopen jaren is in de SAZ+ een methode ontwikkeld hoe om te gaan met deze ontwikkelingen. Door gebruik te maken van de mogelijkheden welke een gebied heeft zowel boven als onder de grond kunnen de gevolgen zo goed als mogelijk opgevangen worden. De komende jaren zullen de onderzoeken naar het functioneren van de riolering, de stedelijke wateropgave en waterkwaliteitsspoor en klimaatontwikkeling gecombineerd worden.
Hierbij wordt intensief samengewerkt met de buurgemeenten Sluis en Terneuzen. Een bewuste keuze tussen vervangen en renoveren leidt tot kostenbesparingen. Samenwerking in de regio en in Zeeland onder de paraplu van het SAZ+ en bij klimaatadaptatie leiden tot meer kennis, betere afwegingen, risicospreiding in de bedrijfsvoering en kostenefficiency. De gevolgen van PFAS en Stikstof zijn tot nu toe beperkt gebleven. Wateren Kerncijfers Alle natte ondergronden zoals sloten, kanalen, rivieren (binnenwater)