C26PHAPreventie- en Handhavingsplan Alcohol 2022-2026. - def
Tekst van het document
ZEEUWS MODEL
PREVENTIE- EN HANDHAVINGSPLAN ALCOHOL Periode 2022 tot 2026
Dit Zeeuws model Preventie- en Handhavingsplan Alcohol 2022-2026 beschrijft de belangrijkste maatregelen die de Zeeuwse gemeenten nemen om het alcoholgebruik onder jongeren tot 24 jaar te voorkomen en terug te dringen. 29 juli 2021
Inhoudsopgave 1. Inleiding ................................................................................................................................... 2 2. Ontwikkelingen in wetgeving en beleid ............................................................................................ 4 3. Alcoholgebruik: het probleem ........................................................................................................... 5 Algemene terugblik ............................................................................................................................ 8 4. Beleidsfocus ...................................................................................................................................... 10 Uitgangspunten en onderbouwing van beleid ................................................................................ 10 5. Doelstellingen ................................................................................................................................... 12 Hoofddoelstellingen ......................................................................................................................... 12 Inhoudelijke doelstellingen..............................................................................................................
12 Monitoring ........................................................................................................................................ 13 6. Risicoanalyse en interventiestrategie ............................................................................................. 14 Risicoanalyse .................................................................................................................................... 14 Interventiestrategie ......................................................................................................................... 14 7. Regelgeving en handhaving ............................................................................................................. 18 Toezicht............................................................................................................................................. 22 Interventiestrategie bepalen ........................................................................................................... 26 Handhavingsmethoden .................................................................................................................... 26 8. Educatieve- en communicatieve activiteiten ..................................................................................
31 Verstrekkers van alcohol.................................................................................................................. 31 Training ............................................................................................................................................. 31 Nalevingscommunicatie ................................................................................................................... 31 Evenementenbeleid ......................................................................................................................... 32 Onderwijs ......................................................................................................................................... 32 Ouders en de thuissituatie ............................................................................................................... 33 Sportverenigingen ............................................................................................................................ 34 Publiekscommunicatie ..................................................................................................................... 35 Jongeren ........................................................................................................................................... 35 9.
Samenwerking, uitvoering en evaluatie .......................................................................................... 36 Samenwerking met externe partners .............................................................................................. 36 Effectmeting en evaluatie ................................................................................................................ 36 10. Financiën ........................................................................................................................................... 37
1
Inleiding Onderliggend Preventie- en Handhavingsplan Alcohol 2022-2026 beschrijft de belangrijkste maatregelen die onze gemeente neemt om het alcoholgebruik onder onze jongeren tot 24 jaar te voorkomen en terug te dringen. Vermindering van alcoholgebruik draagt bij aan het kansrijk, veilig en gezond opgroeien van jongeren. Minder gebruik leidt tot betere schoolprestaties en een betere gezondheid, vermindert het schoolverzuim of schooluitval en dringt geweld en overlast terug.
‘Laat ze niet (ver)zuipen!’ is sinds 2010 een samenwerking tussen alle Zeeuwse gemeenten, GGD Zeeland, Emergis Preventie (1Nul1), Politie Zeeland-West-Brabant en andere maatschappelijke partners. Samen werken zij aan het terugdringen van het alcoholgebruik door jongeren onder de 18 jaar en het tegengaan van schadelijk alcoholgebruik door jongeren van 18 t/m 23 jaar. Belangrijk aandachtspunt is het netwerk rond de jongeren zoals ouders, scholen, sportverenigingen, horeca en supermarkten. De aanpak kenmerkt zich door een integrale benadering (zie bijlage 1). Ouders zijn eerstverantwoordelijk voor de opvoeding van hun kinderen en daarmee ook voor regels rondom alcohol. Kinderen van ouders die duidelijke grenzen stellen, beginnen later met drinken, drinken minder en hebben vrienden die ook relatief minder drinken. Jongeren hebben natuurlijk ook hun eigen verantwoordelijkheid. Daarnaast spelen sleutelfiguren zoals leraren, sportinstructeurs en horecaondernemers een belangrijke rol. De gemeente heeft een rol als aanjager, facilitator en handhaver en stelt de publieke grenzen vast. Gemeenten zijn sinds 2013 de belangrijkste uitvoerder van de Alcoholwet geworden. Zowel op juridisch-, handhavings-, als educatief vlak is de gemeente de regisseur
van het Nederlandse alcoholbeleid. Het verplicht, door de gemeenteraad vast te stellen, Preventie- en Handhavingsplan Alcohol (hierna: PHA) is in feite de wettelijke bekrachtiging van dit gegeven. Dit plan wordt elke vier jaar opnieuw vastgesteld, parallel aan de cyclus van de nota volksgezondheid. De Alcoholwet kent meerdere belangen zoals economische, openbare orde en veiligheid en volksgezondheid. Het laatstgenoemde belang is met name ook gericht op de bescherming van onze jeugd en jongvolwassenen tegen de schadelijke effecten die genotmiddelen kunnen hebben. Het PHA focust zich als eerste op het gemeentelijke terrein waar preventie van problematisch gebruik van alcohol en handhaving van de Alcoholwet samenkomen en elkaar kunnen versterken. Hoewel getracht is het plan zo concreet mogelijk te maken, is het geen uitvoeringsplan. Noem het een geoperationaliseerd beleidsplan. Voor zowel het preventie- als het handhavingsdeel zullen bepaalde zaken nog verder moeten worden vertaald naar de praktijk en de lokale situatie.
Dit Preventie- en Handhavingsplan Alcohol 2022-2026 staat niet op zichzelf. Het vloeit onder meer voort uit het Nationaal Preventieakkoord (november 2018) dat een
2
uitgebreid pakket aan maatregelen omvat voor het terugdringen van roken, overgewicht en problematisch alcoholgebruik. Met dit plan wordt het alcoholmatigingsbeleid operationeel vormgegeven en voldoet de
gemeente tevens aan de wettelijke eisen die zijn vastgelegd in de Alcoholwet. Het PHA is in verbinding met onze nota Gemeentelijk Gezondheidsbeleid tot stand gekomen en zal tegelijkertijd vastgesteld worden.
Drank- en Horecawet wordt Alcoholwet Het afsluiten van het Nationaal Preventieakkoord en de evaluatie van de Drank- en Horecawet hebben een aantal wijzigingen van de wet tot gevolg. Naast de verandering van de naam in Alcoholwet zijn er tal van wijzigingen die voor gemeenten een grote relevantie hebben. Omdat de nieuwe Alcoholwet is ingegaan per 1 juli 2021 wordt er in dit PHA al aandacht besteed aan de wijzigingen die daaruit voortkomen.
3
2. Ontwikkelingen in wetgeving en beleid Nationaal Preventieakkoord Het kabinet Rutte III heeft 170 miljoen euro extra vrijgemaakt voor diverse preventiedomeinen gedurende de looptijd van het Nationaal Preventieakkoord (NPA). Het Preventieakkoord is een samenhangend pakket aan maatregelen, acties en ambities die bijdragen aan het gezonder maken van Nederland in 2040. Er is gekozen voor een aanpak op de onderwerpen roken, problematisch alcoholgebruik en overgewicht, omdat deze de grootste oorzaak voor ziektelast in Nederland zijn, met 35.000 doden en 9 miljard aan zorguitgaven per jaar.
Wet Bibob De Wet Bibob is de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur. Om overheden ook de mogelijkheid te geven om justitiële gegevens op te vragen over de zakelijke relaties van degene die een aanvraag tot een vergunning of subsidie doet, is deze wet per 1 augustus 2020 gewijzigd. In de tweede helft van 2021 zal de tweede tranche van de wet Bibob inwerking treden. Door deze tweede wijziging krijgen gemeenten meer mogelijkheden met betrekking tot toetsing.
Zeeuws Sportakkoord In het Nationaal Preventieakkoord komt sport veelvuldig aan bod. In het preventieakkoord staan verschillende doelstellingen die een gezond sportklimaat nastreven. Ook in Zeeland kennen we een akkoord dat hier mooi op aansluit, het Zeeuws Sportakkoord. In dit akkoord is duidelijk verwoord dat overmatig/zwaar alcoholgebruik en sport niet samen gaan. Daar waar dit op dit moment wel het geval is, moet dit veranderen. Goed alcoholbeleid in de sportkantine is integraal beleid en gaat dus hand in hand met rookvrij en een gezond aanbod van eten en drinken. Sportverenigingen en andere sportaanbieders hebben ondersteuning nodig om te komen tot een sportsector die nog meer dan nu gezond gedrag stimuleert en problematisch alcoholgebruik tegengaat. Hiervoor is door LZNVZ de Toolkit Sportgezond ontwikkeld.
Lokale ontwikkelingen in gemeente X Vul aan met lokale ontwikkelingen (lokale nota gemeentelijk gezondheidsbeleid, lokaal sportakkoord etc.)
Nieuwe Alcoholwet De naam van de Drank- en Horecawet is veranderd in de Alcoholwet. In aanvulling op het Nationaal Preventie Akkoord wordt een aantal nieuwe maatregelen voorgesteld: prijsacties met alcoholhoudende dranken voor gebruik elders van meer dan 25% korting worden verboden; er komen strenge regels voor de verkoop van alcohol op afstand en wederverstrekking van alcohol aan minderjarigen wordt in de publieke ruimte verboden. De meerderjarige die alcohol koopt voor een minderjarige is voortaan strafbaar. Deze strafbaarstelling is al jaren een wens van gemeenten. Door wederverstrekking strafbaar te stellen, wordt een signaal afgegeven aan de minderjarigen en aan de
4
ondernemers. De handhaving van dit verbod is echter lastig, omdat wederverstrekking vaak moeilijk te constateren is.
3. Alcoholgebruik: het probleem Alcohol is het meest gebruikte genotmiddel in ons land. Het gebruik is sociaal en economisch diep in onze samenleving geworteld. De gevolgen van het problematisch gebruik van alcohol en drugs zijn niet te overzien. De risico’s zijn groot voor alle leeftijden, zowel ongeboren kinderen als voor ouderen. In dit hoofdstuk bespreken we de huidige stand van zaken en de ontwikkeling in de tijd.
Jongeren Voor jongeren en jongvolwassenen zijn de risico’s van alcoholgebruik groter dan voor volwassenen (Expertisecentrum Alcohol, 2020). Niet alleen zijn de acute gevolgen voor hen vaak ernstiger – zij raken bijvoorbeeld eerder bewusteloos en kunnen onder invloed over hun seksuele grenzen heen gaan – ook heeft drinken op jonge leeftijd gevolgen voor de lange termijn. Denk aan verstoring van de hersenontwikkeling en een grotere kans op verslavingsproblemen. Agressief, asociaal en delinquent gedrag komt bovendien vaker voor bij jongeren die drinken dan bij hun niet drinkende leeftijdgenoten. Bij jongvolwassenen kunnen (de gevolgen van) alcoholgebruik leiden tot kort- en langduriger verzuim, studievertraging, afname van de studieprestaties en studie-uitval. Het RIVM berekende dat in 20% van de jaarlijkse gevallen van studievertraging en of -uitval in het hbo of wo alcohol een rol speelt (factsheet Trimbos: alcohol- en drugsbeleid voor studenten). Het drankgebruik onder Nederlandse jongeren stabiliseert de laatste jaren. In de groep 12- tot en met 16-jarigen was tussen 2003 en 2015 nog een afname zichtbaar in het alcoholgebruik: van ongeveer 70% naar 25%. Vanaf 2015 echter, is de afname van het alcoholgebruik gestagneerd. In zowel 2015, 2017 als 2019 bleef ongeveer een kwart (25%) van de 12- tot en met 16 jarige scholieren maandelijks alcohol drinken.
Ook binge drinken en dronkenschap zijn sinds 2015 niet verder afgenomen (Rombouts e.a., 2020). Als minderjarigen aan drank willen komen is dat nog steeds gemakkelijk in Nederland. Tussen 2018 (37,7%) en 2020 (37.9%) is de totale naleving van de leeftijdsgrens bij alcoholverkoop niet veranderd (Bureau Objectief).
Jongvolwassenen Schadelijk alcoholgebruik onder jongvolwassenen komt het meest voor onder de leeftijdsgroep 1829 jaar (Tuithof e.a., 2018). De meerderheid van de MBO en HBO studenten drinkt en ruim 70% doet dat regelmatig (van Dorsselaer e.a., 2020). Een specifiek onderzoek onder plattelandsjongeren laat zien dat hoewel zij overmatig drinken, dit zelf geen probleem vinden. Zij hebben een positieve houding ten opzicht van alcohol mede omdat drinken in hum omgeving als normaal wordt gezien. Hun kennis over de schadelijkheid van alcohol is beperkt (Paternotte & Prooij, 2019).
Ouders/verzorgers Ouders/verzorgers zijn soms nog toegeeflijk met betrekking tot alcoholgebruik door hun kinderen. Zo krijgt een kwart van de 12 tot 16-jarige scholieren die wel eens drinken, alcohol van hun ouders (Rombouts e.a., 2020). Dat aantal is niet gedaald sinds 2016. Maar er zijn meer ouders die hun rol oppakken. Driekwart van de ouders heeft in 2015 expliciet als regel dat hun minderjarige kind niet
5
mag drinken; in 2007 was dat nog 50% (van Dorsselaer e.a., 2016). Ouders die zelf veel drinken, zijn toleranter ten aanzien van alcoholgebruik bij hun kinderen. Hoewel de invloed van peers (leeftijdgenoten, vrienden) op het gedrag toeneemt met de leeftijd, blijven ouders invloed houden op het drinkgedrag van hun opgroeiende kind (Engels e.a, 2013) bijvoorbeeld via hun houding ten opzichte van alcohol of door de afspraken die zij met hun kind maken.
55-plus doelgroep Een groot deel van de 55-plussers lijkt zich niet bewust te zijn dat alcohol niet goed voor de gezondheid is en verslavend is. De overmatige drinkers hebben o.a. een groter risico (ten opzichte van jongeren) op snellere intoxicatie en orgaanschade vanwege met name hun lagere tolerantie, en toegenomen gebruik van medicatie. De overmatige drinkers krijgen ook te maken met meer psychosociale risico’s zoals een verhoogd risico op conflicten met familieleden, vrienden en verzorgenden, sociaal isolement en financiële problemen. In het Nationaal Preventie akkoord is de doelgroep 55-plus opgenomen als geprioriteerde doelgroep bij het thema problematisch alcoholgebruik en ook een deel van de Zeeuwse gemeenten willen hier graag een preventief aanbod voor. Een integrale aanpak verdient ook hier weer de voorkeur. LZNVZ heeft hierover in april 2021 een advies uitgebracht
6
4. Terugblik Zeeuwse trend onder jongeren De afgelopen jaren hebben alle samenwerkende partners allerlei interventies uitgevoerd. Echter, omdat ook landelijke ontwikkelingen, zoals landelijke campagnes als die van de Rookvrije Generatie en NIX18 een grote bijdrage leveren in het verkrijgen van mooie resultaten, is het niet mogelijk om behaalde resultaten volledig toe te schrijven aan de interventies vanuit LZNVZ. Een zeer duidelijke Zeeuwse trend kunnen we ook niet goed weergeven omdat sommige Zeeuwse onderzoeken niet herhaald zijn en/of niet met elkaar te vergelijken zijn. Hieronder bespreken we wel de resultaten aan de hand van de uitkomsten uit de Gezondheidsmonitor Jeugd 2019, Digitaal dossier JGZ, de Jeugdmonitor van ZB | Planbureau en het Nalevingsonderzoek 2018-2019. In vorige edities van het Preventie- en Handhavingsplan werden ook resultaten gedeeld uit het Draagvlakonderzoek door ZB | Planbureau. Deze is niet meer herhaald sinds 2015.
Afspraken met ouders over gebruik alcohol, drugs en roken Drie van de vier (79,9%) 13-jarigen heeft met zijn of haar ouders afspraken gemaakt over het gebruik van alcohol, drugs en roken (GGD Zeeland, Digitaal dossier JGZ).
Steeds minder 13-jarigen geven aan ooit alcohol te hebben gedronken Sinds 2016 (29,2%) is er een, bijna complete, dalende lijn te zien in het percentage 13-jarigen dat ooit alcohol heeft gedronken. In 2017 was dit 29,1%, in 2018 27,4% en in 2019 steeg deze weer licht naar 28,3% (GGD Zeeland, Digitaal dossier JGZ).
Minder jongeren (klas 2 en 4 vo) doen aan ‘binge drinken’ Het aantal jongeren op het voortgezet onderwijs dat aan binge drinken doet is ten opzichte van 2010 (31%) gedaald naar 22% (Gezondheidsmonitor Jeugd, 2019).
Aantal 13-jarigen dat ooit alcohol heeft gedronken 29,500% 29,00% 28,500% 28,00%
27,500% 27,00% 26,500% 2016
2017
2018
2019
Aantal 13-jarigen dat ooit alcohol heeft gedronken
7
Zeeuwse jongeren drinken meer, roken meer en gebruiken vaker drugs dan landelijke leeftijdsgenoten Door Zeeuwse jongeren wordt er meer alcohol gedronken dan het Nederlands gemiddelde onder leeftijdsgenoten (32% versus 26%) en ook is er vaker ooit gerookt (13% versus 10%). Ook hebben Zeeuwse jongeren vaker wiet of hasj gerookt (9% versus 8%) (GGD Gezondheidsmonitor Jeugd 2019).
Zeeuws nalevingspercentage (te) laag
Gebruik genotmiddelen onder jongeren 35% 30% 25% 20% 15% 10%
Van de 790 in Zeeland succesvol bezochte alcoholverstrekkers, leeft 5% een derde (33%) de regels rond alcoholverkoop aan jongeren na. 0% Een indicatieve vergelijking met het onderzoek uit 2016 (54%) laat Alcohol Roken Wiet of hasj zien dat dit percentage helaas enorm gedaald is. Er zitten grote Zeeland Nederland verschillen tussen de gemeenten en categorieën. In Reimerswaal was het percentage het hoogst (69%) en in Hulst het laagst (3%). Hierbij moet de kanttekening gemaakt worden dat de absolute aantallen laag zijn en dus mogelijk niet representatief (ZB|Planbureau, 2019).
Lokale trend Aanvullen met lokale cijfers uit de GMJ: Tabellenboeken Gezondheidsmonitor Jeugd 2019-2020 - GGD Zeeland
Algemene terugblik Sinds 2010 zijn we in Zeeland bezig met de integrale, gezamenlijke aanpak om het alcoholgebruik onder jongeren terug te dringen. Er zijn goede resultaten geboekt. Niet alleen op het bereiken van enkele doelstellingen maar ook op andere gebieden. Denk aan de samenwerking in Zeeland tussen gemeenten onderling maar ook met GGD, Emergis Preventie (1NUL1), politie en andere partners. Men weet elkaar snel te vinden, werkt makkelijk samen en maakt gebruik van elkaars kennis en kunde. Ook de alcoholpoli, het daarbij behorende nazorgtraject (momenteel uitgevoerd door 1NUL1) en de relaties met de landelijke instellingen zijn ontwikkelingen die voort zijn gekomen uit LZNVZ. Echter, op sommige punten is er ook minder vooruitgang geboekt dan gehoopt. Dit laat des te meer zien dat het tijd kost om een zo in de cultuur verweven gewoonte te veranderen. Terugkijkend op de afgelopen 4 jaar geven diverse ambtenaren aan dat er knelpunten worden ervaren. Denk daarbij aan ambtelijke capaciteit. Er is behoefte om meer samen te werken tussen de gemeenten onderling, zoals bijvoorbeeld bij het uitwisselen van mysteryshoppers. Ook hebben we de afgelopen jaren gemerkt dat het nodig is om te controleren op toegepaste methodieken en dat er meer aandacht moet zijn voor het opvolgen van opgelegde boetes.
Hiermee kwamen Zeeuwse gemeenten negatief in het nieuws en werden er fouten gemaakt in de procedure tot het opleggen van boetes. Ook borging is een belangrijk onderwerp van discussie. Borging binnen de gemeenten zelf door bijvoorbeeld een jaarplan en een uitvoeringsbudget, maar ook borging van de coördinatiefunctie en het inbedden en aansluiten bij bestaande structuren.
8
Conclusie Helaas zijn niet alle onderzoeken voor 2022 (op dezelfde wijze) herhaald zodat niet voor alle doelstellingen zoals opgesteld in het PHA 2017-2022 een harde conclusie getrokken kan worden. Hieronder zullen t.b.v. de conclusie die doelstellingen waar wel concreet wat over gezegd kan worden even kort onder de loep worden genomen. Doelstelling 2 ‘Het terugdringen bingedrinking’ onder 14/15 jarigen van 31% ín 2015 naar 25% of minder’ is behaald. Bingedrinken is de meest schadelijke en risicovolle manier van alcohol drinken en uit de gezondheidsmonitor Jeugd (2019) blijkt dat het percentage gedaald is naar 22%. Daarentegen staat dat doelstelling 5 ‘Een verbetering van de naleving onder de verstrekkers van alcohol van 54% in 2016 naar 80% in 2022’ juist helemaal niet gehaald is. De naleving is juist nog veel slechter geworden (33% in 2018/2019). Doelstelling 6 ‘Het begeleiden van 30 gezinnen met een lage SES binnen het project alcoholpreventie lage SES’ is ook behaald. De laatste doelstelling ‘Realisatie van een opzet ten aanzien van een integrale, gezamenlijke aanpak van alcoholproblematiek bij de 55+ doelgroep’ is tot slot ook behaald, het beleidsadvies hierover is te vinden op de website van LZNVZ.
Rekening houdend met de onderzoeksresultaten zoals in dit hoofdstuk beschreven kunnen we concluderen dat er op veel punten een dalende trend ten aanzien van alcoholgebruik waarneembaar is. Wel gebruiken Zeeuwse jongeren in vergelijking met leeftijdsgenoten uit het land nog steeds meer alcohol en is ook de NIX18 naleving in Zeeland iets slechter als het landelijke. Lokale conclusie toevoegen. Het blijft dan ook wenselijk om door te gaan met de integrale aanpak en tegelijkertijd te werken aan de bestendiging van de aanpak.
9
4. Beleidsfocus Uitgangspunten en onderbouwing van beleid In dit plan beschrijft onze gemeente hoe zij de jeugd wil beschermen tegen de schadelijke gevolgen van alcoholgebruik. Om resultaat te bereiken is de bijdrage van iedereen in de gemeenschap nodig: scholen, sportverenigingen, ouders, ondernemers. Daarom betrekt de gemeente deze partijen bij de beleidsontwikkeling en de uitvoering. Gezamenlijk zetten we in op een gezonde bevolking, zonder alcoholgebruik onder de 18 jaar en met verantwoorde alcoholverstrekking aan en verantwoord alcoholgebruik door jongvolwassenen.
Omgevingsbenadering De systeemtheorie van Holder (1998) maakt duidelijk dat alcoholgebruik altijd het resultaat is van een combinatie van factoren. De persoon, zijn sociale omgeving en het overheidsbeleid vormen samen een systeem dat uiteindelijk de keuze van de gebruiker bepaalt. Holder laat daarmee zien dat alcoholpreventie nooit alleen op het individu gericht kan zijn. Het meest succesvol zijn strategieën die vooral de fysieke en sociale omgeving van de drinker beïnvloeden. In de omgeving van de jonge drinker spelen locaties waar alcohol verstrekt wordt, alcoholverstrekkers, scholen en ouders een belangrijke rol. Zo hebben bijvoorbeeld tal van studies aangetoond dat het drinkgedrag van jongeren wordt gestimuleerd door goedkope alcohol en alcoholreclame via radio, tv, internet en via sponsoring van sport- en culturele evenementen. Gemeenten kunnen niet zoveel veranderen aan de reclame via televisie maar wel bijvoorbeeld aan reclame op gemeentelijke reclamedragers. Of ‘happy hours’ en supermarktstunts verbieden.
Integrale beleidsvisie Het preventiemodel van Reynolds (2003) borduurt voort op de systeemtheorie van Holder. Het preventiemodel kent drie beleidspijlers: regelgeving, handhaving en educatie. De pijlers staan deels op zichzelf maar overlappen elkaar ook. Juist in de overlap is het integrale preventiebeleid terug te zien: het model maakt duidelijk dat niet alleen educatie maar ook regelgeving en handhaving bijdragen aan het voorkómen van (problemen door) alcoholgebruik. Dit Preventie- en handhavingsplan is gebaseerd op deze integrale beleidsvisie. Er is immers sprake van een preventie én handhavingsplan. Dat impliceert dat meerdere afdelingen binnen de gemeenten - en dus ook meerdere typen maatregelen - worden ingezet bij de aanpak van de alcoholproblematiek.
Pijler 1: Regelgeving De Alcoholwet is primair een volksgezondheidswet met als doel om, met name onder jongeren, gezondheidsschade door alcoholgebruik te voorkomen. Daarnaast stelt de Alcoholwet ook als doel om alcohol gerelateerde verstoringen van de openbare orde terug te dringen. De Alcoholwet geeft invulling aan beide doelstellingen door onder andere beperkingen te stellen aan de beschikbaarheid van alcohol. Zo mag er bijvoorbeeld niet worden verstrekt aan een jongere als niet is vastgesteld dat hij of zij 18 jaar of ouder is en is de aanwezigheid van dronken personen niet toegestaan in een horecagelegenheid of slijterij.
10
Pijler 2: Handhaving Maatregelen ten aanzien van omgevingsfactoren, zoals bijvoorbeeld de beschikbaarheid van alcohol beperken, zijn het meest effectief. Helaas is het nog steeds zo dat jongeren gemakkelijk aan alcohol kunnen komen als ze dat willen. Een voorbeeld van een interventie gericht op deze pijler is: inzetten op een optimale handhaving zodat er niet geschonken wordt aan jongeren onder de 18 jaar.
Pijler 3: Educatie Inzet van publieke bewustwordingscampagnes om het draagvlak voor het beleid te versterken en de norm met betrekking tot problematisch middelengebruik positief te beïnvloeden zijn heel belangrijk. De NIX18-norm moet de geldende norm zijn en dat behoeft voorlopig blijvende aandacht. Kennisverhoging en opvoedgedrag verbeteren door regel- en normstelling zal alleen werken als het algemene publiek via allerlei invalswegen elke keer weer dezelfde boodschap krijgt voorgeschoteld. Dit kun je bijvoorbeeld doen door een Zeeuwse publiekscampagne maar ook in kleinere settings: voorlichting aan ouders, andere volwassenen die om de jongeren heen staan en aan jongeren zelf
11
5. Doelstellingen Het doel van LZNVZ is het voorkomen en terugdringen van alcoholgebruik onder alle jongeren en jongvolwassenen tot 24 jaar. Hiernaast willen wij als gemeente ook problematisch drankgebruik onder de 55 plus doelgroep verminderen. Jongeren en jongvolwassenen en ouderen die extra aandacht nodig hebben om dit doel te bereiken, krijgen die extra aandacht. Daarnaast willen we dat alle alcoholverkopers en -verstrekkers zich aan de wet houden: niet verkopen of schenken aan jongeren onder de 18 jaar en niet doorschenken aan mensen die al te veel gedronken hebben. Omdat grenzen stellen en bewaken niet los staan van normbesef en publiek draagvlak, nemen we ook op die gebieden maatregelen. Er wordt onderscheid gemaakt ten aanzien van de doelstellingen. Er zijn hoofddoelstellingen, inhoudelijke doelstellingen en procesdoelstellingen opgesteld.
Hoofddoelstellingen 1. Het tegengaan en terugdringen van alcoholgebruik door jongeren onder de 18 jaar. 2. Het tegengaan van risicovol alcoholgebruik door jongeren van 18 tot en met 23 jaar. Aanvullende hoofddoelstellingen 1. …? Lokaal aanvullen
Inhoudelijke doelstellingen De inhoudelijke doelstellingen verschillen in essentie niet van die van de afgelopen periode; op latere leeftijd, minder vaak en minder veel genotmiddelen gebruiken onder jongeren in Zeeland stimuleren. De inhoudelijke doelstelling zullen getoetst worden aan cijfers die beschikbaar komen vanuit de reguliere monitoringssystemen. Let op: Onderstaande doelstellingen zijn gebaseerd op de Zeeuwse cijfers. Waar mogelijk kun je deze aanpassen aan de lokale cijfers. Zie: Tabellenboeken Gezondheidsmonitor Jeugd 2019-2020 - GGD Zeeland en monitor jongvolwassenen van ZB|Planbureau en het laatste naleefonderzoek 2019. 1. Het percentage Zeeuwse jongeren (uit klas 2 en 4) dat in de afgelopen 4 weken alcohol heeft gedronken, is in 2026 lager dan het percentage in 2019 (32%). 2. Het percentage Zeeuwse jongeren (uit klas 2 en 4) wat in de afgelopen 4 weken aan bingedrinking heeft gedaan, is in 2026 lager dan het percentage in 2019 (22%). 3. Het percentage jongvolwassenen dat dagelijks of wekelijks drinkt is in 2026 lager dan in 2019 (dagelijks 7% en wekelijks 38%). 4. Een verbetering van de naleving onder de verstrekkers van alcohol ten opzichte van 2019 (33%). [lokaal mogelijk extra doelstellingen toe te voegen per categorie (horeca, supermarkten, slijterijen, paracommercie]
12
Monitoring De doelstellingen worden getoetst aan de hand van de resultaten uit de Gezondheidsmonitor Jeugd van GGD Zeeland, de monitor jongvolwassenen van het ZB| Planbureau onder 21-23 jarigen en het naleefonderzoek van ZB|Planbureau.
13
6. Risicoanalyse en interventiestrategie In dit hoofdstuk wordt geïnventariseerd welke risicogevende settingen er zijn en vanuit welke beleidspijler regelgeving, handhaving, educatie) interventies moeten worden ingezet. De risicoanalyse geeft inzicht in de verschillende soorten settingen en de daarbij behorende risicokenmerken. Op basis van deze analyse is vervolgens een interventiestrategie gemaakt (tabel 1). De interventiestrategie geeft aan welke soorten interventies ingezet worden om de risico’s te verkleinen. Door het periodieke karakter van deze analyse, is het tevens een evaluatie-instrument dat inzicht geeft in de resultaten van het lokale alcoholbeleid, dat aanknopingspunten biedt voor een volgend Preventie- en Handhavingsplan Alcohol.
Risicoanalyse Gegevens uit onderzoek Het naleefniveau voor drankverstrekking aan minderjarigen door alcoholverstrekkers wordt in Zeeland vastgesteld aan de hand van mysteryshop-onderzoek. Hierbij worden jongeren die niet onmiskenbaar 18 jaar of ouder zijn ingezet, om te toetsen of drankverstrekkers eerst de leeftijd vaststellen alvorens tot verstrekking van alcohol over te gaan. Met het nalevingsonderzoek kan per setting en zelfs per locatie worden bepaald hoe de naleving van de leeftijdsgrens in de praktijk wordt uitgevoerd. Alcoholverstrekkers worden in algemene zin in kennis gesteld van het feit dat dergelijke onderzoeken worden uitgevoerd. De onderzoeken zelf worden in het geheim uitgevoerd om betrouwbare informatie te kunnen verzamelen. In het voorjaar van 2021 zou er weer een naleefonderzoek starten maar dit is vanwege Corona uitgesteld naar 2022. De kenmerken van het alcoholgebruik onder jongeren stellen we vast met de Gezondheidsmonitor Jeugd van de GGD Zeeland en de monitor jongvolwassenen van ZB|Planbureau. Deze monitors worden eens per vier jaar afgenomen. De intoxicatiecijfers worden op basis van de ziekenhuisgegevens van de alcoholpoli van het ADRZ, Bravis en ZorgSaam per kwartaal door 1NUL1 aan LZNVZ teruggekoppeld.
Gegevens van informanten Om een praktijkgerichte risicoanalyse uit te voeren, ter aanvulling op de bovengenoemde onderzoeken, raadpleegt onze gemeente o.a. via LZNVZ ook andere bronnen. In eerste instantie zijn dat: politie, jongerenwerk, veldwerk verslavingszorg, de Alcoholwet BOA’s en de registraties bij de alcoholpoli in Zeeland. Van deze partners zal worden gevraagd aan te geven wat zij als de belangrijkste risico’s zien.
Interventiestrategie Om het effect van afzonderlijke handhavings- of preventieve interventies te versterken worden deze zoveel mogelijk in samenhang ingezet. Daarnaast kiest de gemeente voor het inzetten van op wetenschappelijke inzichten gebaseerde integrale aanpakken. Zie onderstaande tabel voor (de combinatie van) maatregelen en integrale aanpakken die de gemeente inzet om de doelstellingen van dit plan te behalen. In de volgende hoofdstukken lichten we de verschillende maatregelen toe. Afhankelijk van de setting en de omstandigheden met betrekking tot, bijvoorbeeld, de alcoholconsumptie daaromheen, is de ene maatregel effectiever dan de andere. In sommige gevallen zal een situatie activiteiten op het gebied van bijvoorbeeld handhaving eisen, in andere gevallen juist educatie. Echter, een mix van activiteiten uit alle pijlers is het meest aan te bevelen.
14
Tabel 1: Maatregelenmix per setting Setting Detailhandel
Horeca/ Evenementen
Handhaving - Toezicht leeftijdsgrens. - Sanctiestrategie. - Three strikes out - Toezicht door detailhandel zelf - Toezicht prijsacties (vanaf 1 juli 2021, NVWA) - Toezicht leeftijdsgrenzen - Toezicht doorschenken - Toezicht regels Alcoholwet - Toezicht Happy Hours - Sanctiestrategie.
Clubhuizen en jongerencentra
- Toezicht leeftijdsgrenzen - Toezicht doorschenken - Toezicht regels Alcoholwet - Toezicht schenkregels paracommercie. - Sanctiestrategie.
Thuis/ouders
- Ouderlijk toezicht op regels NIX18
Regelgeving - Leeftijdsgrens - Prijsacties beperken (per 1 juli 2021 landelijk geregeld in de Alcoholwet)
Educatie - Nalevingscommunicatie - Training caissières - Communicatie over Alcoholwet, alcoholregels, prijsacties
- Leeftijdsgrens - Aanvullende eisen tav ontheffing Alcoholwet bij evenementen - Beleidsregels ontheffingen art. 35 Alcoholwet - Alcoholreclames verbieden - Leeftijdsgrens - Schenktijden beperken - Verbod sterke drank - Alcoholreclames verbieden
- Nalevingscommunicatie - Dronkenschap en - IVA Training barpersoneel doorschenken - Communicatie over - Leidraad alcoholbeleid op Alcoholwet en evenementen voor alcoholregels, gemeenten wederverstrekking
- Ouders adviseren duidelijke regels te stellen en hier ook consequenties aan te verbinden
- Opvoeding met betrekking tot middelengebruik - Uitgaansopvoeding - Communicatie over Alcoholwet en alcoholregels - Adviezen t.a.v. opvoeding met betrekking tot middelengebruik delen via socials, artikelen op gemeentelijke pagina’s, free publicity,
Integrale aanpak
- Dronkenschap en doorschenken
15
Sport
- Toezicht leeftijdsgrenzen - Toezicht doorschenken - Toezicht regels Alcoholwet - Toezicht schenkregels paracommercie. - Sanctiestrategie - Geen alcohol bij jeugdwedstrijden - Toezicht sterkte drank
- Schenktijden beperken - Verbod sterke drank - Leeftijdsgrens - Verbod aanwezigheid dronken personen - Alcoholreclames verbieden
www.lznvz.nl, (online) voorlichtingsavonden, talkshows, etc. - Inzet politie n.a.v. aantreffen dronken jongeren op straat - Inzet Emergis Preventie nazorg bij alcoholintoxicatie - Huiskamergesprekken - Homeparty voor ouders en eventueel jongeren - Ouderavonden online - Ouderavonden in cafés - Nazorgtraject na alcoholintoxicatie - Communicatie over Alcoholwet en alcoholregels - Alcoholregels duidelijk zichtbaar (NIX18) - Uitstraling frisse en gezonde kantine Aanbod alcoholvrij alternatief - IVA training barpersoneel/vrijwilligers - Training vroegsignalering - Voorlichting voor jongeren
- Dronkenschap en doorschenken - Alcoholbeleid in sportkantines
16
Scholen
- Ondersteuning door boa’s en/of Emergis Preventie bij schoolfeesten (bijv. indrinken)
- Alcoholvrije schoolomgeving en activiteiten
Openbare ruimte
- Toezicht en handhaving in de openbare ruimte:
- Verbod aanwezig hebben alcohol onder de 18 jaar - Verbod openbaar dronkenschap - Alcoholreclames verbieden
- bezit alcohol onder de 18 jaar (Jongeren) campings
Hokken / Keten
- openbaar dronkenschap - Toezicht leeftijdsgrenzen - Toezicht doorschenken - Toezicht regels Alcoholwet - Toezicht schenkregels paracommercie. - Sanctiestrategie. - Toezicht en handhaving in de openbare ruimte.
Overleg over (huis)regels
- Voorlichting voor ouders en vrijwilligers - Interventies uit digitale Tookit ‘Sport Gezond’ - Voorlichting over genotmiddelen aan ouders - Voorlichtingsavond voor ouders in samenwerking met school. - Spreekuren op het VO, Leerlingen kunnen doorverwezen worden naar de preventiewerker als het er zorgen zijn - Communicatieplan - Nalevingscommunicatie - Campagne NIX18 - IkPas Campagne - Dranquilo Campagne
- Overleg over integrale aanpak preventie van problematisch gebruik genotmiddelen - Alcoholvrije school - Helder Op School, een doorlopende leerlijn vanaf de brugklas ( Frisse Start) tot minimaal het vierde leerjaar (In Charge) - Gezonde School
- Nalevingscommunicatie - Voorlichting door Emergis Preventie met een peergroup
- Voorlichting aan ouders
17
7. Regelgeving en handhaving De Alcoholwet is primair een volksgezondheidswet met als doel om, met name onder jongeren, gezondheidsschade door alcoholgebruik te voorkomen. Daarnaast stelt de Alcoholwet ook als doel om alcohol gerelateerde verstoringen van de openbare orde terug te dringen. De Alcoholwet geeft invulling aan beide doelstellingen door onder andere beperkingen te stellen aan de beschikbaarheid van alcohol. De Alcoholwet geeft gemeenten verschillende verordenende bevoegdheden. Regelgeving is een onmisbare factor van een integraal alcoholbeleid. Om die reden wordt kort uiteengezet welke soorten regels er zijn.
Regels centraal en decentraal Er zijn regels die van rijkswege gelden en regels die door de gemeenten zijn opgesteld. De regels van gemeentewege zijn neergelegd in de verordening paracommercie en/of de Algemene Plaatselijke Verordening. Daarnaast verstrekt de gemeente vergunningen en ontheffingen, al dan niet onder voorwaarden en stelt de gemeente het toetsingskader vast voor beleidsregels van de burgemeester inzake de ontheffingen ex. artikel 35 van de Alcoholwet en de ontheffing op grond van artikel 4 van de Alcoholwet.
Verordening Het vastleggen van de schenktijden in de paracommercie is een wettelijke verplichting voor gemeenten (artikel 4 van de Alcoholwet). Doel is het voorkomen van oneerlijke concurrentie tussen paracommercie en commerciële horeca. Met het stellen van regels is rekening gehouden met de pijler alcohol en jeugd. Het is verstandig de schenktijden in sportverenigingen en jongerencentra, zeker daar waar veel jongeren komen, niet te ruim te maken. Achterliggende gedachte is de wetenschap dat ruime schenktijden leiden tot meer consumptie. Ook is het de vraag of vanuit normatief oogpunt wenselijk is dat jongeren tijdens sport en spel van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat geconfronteerd worden met het alcoholgebruik van anderen. De schenktijden kunnen in een aparte verordening paracommercie worden opgenomen of deel uit maken van de Algemene Plaatselijke Verordening. De Alcoholwet biedt gemeenten daarnaast de mogelijkheid in de verordening regels op te nemen op grond van artikel 25a t/m 25d van de Alcoholwet (bijvoorbeeld prijsacties en happy hours beperken of het hanteren van toegangsleeftijden tot 21 jaar bij horeca en terrassen op bepaalde tijdstippen). In onze gemeente zijn de schenktijden opgenomen in de Algemene Plaatselijke Verordening. Daarin is ook een artikel opgenomen over happy hours.
Gemeenten kunnen ter bescherming van de volksgezondheid of in het belang van de openbare orde happy hours beperken. Met deze bevoegdheid kunnen de meest excessieve acties (meer dan 40% korting) worden verboden. Onderzoek (Meier e.a., 2008) laat zien dat de prijs van alcohol een belangrijke voorspeller is voor gebruik en dat met prijsinterventies gebruik kan worden beïnvloed. Het verhogen van alcoholprijzen heeft specifiek impact op mensen die veel alcohol consumeren. Het beperken van mogelijkheden om met prijzen voor alcoholhoudende dranken te stunten is daarmee een geschikt instrument om de stevige consumptie in het uitgaansleven te beperken en dronkenschap te voorkomen.
18
Beleidsregels ontheffingen De Alcoholwet biedt gemeenten de mogelijkheid om voorwaarden te stellen aan het verlenen van een ontheffing van de Alcoholwet. Gemeenten kunnen beleidsregels vaststellen om te bepalen of een paracommerciële inrichting op aanvraag een ontheffing krijgt van de schenkregels voor tijdelijke gelegenheden van bijzondere aard (artikel 4 Alcoholwet). Daarnaast kan de gemeente beleidsregels hanteren om te bepalen of en onder welke voorwaarden alcoholhoudende drank geschonken mag worden tijdens evenementen (artikel 35 Alcoholwet). De burgemeester van gemeente X heeft een beleidsregel vastgesteld met betrekking tot artikel 35 Alcoholwet.
Nieuwe bevoegdheden voor gemeenten In de nieuwe situatie is het de BOA ook toegestaan te handhaven wanneer er sprake is van wederverstrekking van alcohol door een meerderjarige áán een minderjarige. Daarnaast wordt het ook geregeld dat gemeenten bepaalde gebieden als alcohol-overlastgebied kunnen aanwijzen. Hiermee kunnen gemeenten extra regels instellen met betrekking tot alcoholverkoop. De nieuwe Alcoholwet regelt ook dat gemeenten ervoor kunnen zorgen dat ook op vervoersmiddelen die bedrijfsmatig alcohol verstrekken (zoals een bierfiets of partyboot) iemand aanwezig moet zijn die in het bezit is van een diploma sociale hygiëne. Wat de naleving van bezorgdiensten betreft wordt er geregeld dat de (online) verkoper verantwoordelijk is voor het uitvoeren van de leeftijdscontrole, zowel bij de aankoop als bij aflevering.
19
Leeftijdsgrens 18 jaar Artikel 20 lid 1 Alcoholwet Het bedrijfsmatig of anders dan om niet verstrekken van alcoholhoudende drank aan een persoon van wie niet is vastgesteld dat deze de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt. Artikel 20 lid 4 Alcoholwet Het verplicht aanduiden van de leeftijdsgrens. Artikel 45 van de Alcoholwet Het is personen die de leeftijd van 18 jaar nog niet hebben bereikt, verboden op voor publiek toegankelijke plaatsen alcoholhoudende drank aanwezig te hebben of voor consumptie gereed te hebben, met uitzondering van plaatsen waar bedrijfsmatig of anders dan om niet alcoholhoudende drank voor gebruik elders dan ter plaatse wordt verstrekt. Artikel 45A van de Alcoholwet Onverminderd artikel 20, eerste lid, is het personen die de leeftijd van 18 jaar hebben bereikt, verboden op voor publiek toegankelijke plaatsen anders dan bedrijfsmatig alcoholhoudende drank te verstrekken aan een persoon die de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt. Dronkenschap/doorschenken Artikel 20 lid 5 Alcoholwet Het verbod om personen in kennelijke staat van dronkenschap toe te laten in een horecazaak of op het terras. Artikel 252 lid 1 Wetboek van Strafrecht Verbod om dronken personen te schenken. Artikel 453 Wetboek van Strafrecht Verbod om zich in kennelijke staat van dronkenschap op de openbare weg te begeven.
Alcoholverbod in de openbare ruimte en op aangewezen openbare plaatsen Artikel 2:48 Algemene plaatselijke verordening (voor zover vastgesteld) Verboden drankgebruik: 1. Het is voor personen die de leeftijd van achttien jaar hebben bereikt verboden op een openbare plaats alcoholhoudende drank te gebruiken indien dit gepaard gaat met gedragingen die de openbare orde verstoren, het woon- en leefklimaat aantasten of anderszins overlast veroorzaken. 2. Het is voor personen die de leeftijd van achttien jaar hebben bereikt verboden op een openbare plaats, die deel uitmaakt van een door het college aangewezen gebied: a. alcoholhoudende drank te nuttigen of aangebroken flessen, blikjes en dergelijke met alcoholhoudende drank bij zich te hebben; b. drank in glazen met zich te voeren of bij zich te hebben; c. anderszins dan verpakt, glazen bij zich te hebben, tenzij met het kennelijk en uitsluitend oogmerk van vervoer. 3. Het bepaalde in het tweede lid geldt niet voor: a. een terras dat behoort bij een horecabedrijf, als bedoeld in artikel 1 van de Alcoholwet;
20
b. een andere plaats dan een horecabedrijf, als bedoeld onder a, waarvoor een ontheffing geldt krachtens artikel 35 van de Alcoholwet. 4. Het bevoegde bestuursorgaan kan van het verbod, bedoeld in het tweede lid onder a, ontheffing verlenen. Artikel 4:18 Verbod hinderlijke of gevaarlijke reclame Het is verboden op of aan een onroerende zaak handelsreclame te maken of te voeren door middel van een opschrift, aankondiging of afbeelding waardoor het verkeer in gevaar wordt gebracht of ernstige hinder ontstaat voor de omgeving. Artikel 4:18a Vergunningsplicht handelsreclame 1. Het is verboden zonder vergunning van het college op of aan een onroerende zaak handelsreclame te maken of te voeren met behulp van een opschrift, aankondiging of afbeelding in welke vorm dan ook, die vanaf de weg zichtbaar is. 2. Het verbod geldt niet voor onverlichte: a. opschriften, aankondigingen en afbeeldingen in het inwendig gedeelte van een onroerende zaak, die niet kennelijk gericht zijn op zichtbaarheid vanaf de weg; b. opschriften of aankondigingen op of aan onroerende zaken, daartoe aangewezen door de overheid; c. opschriften of aankondigingen kleiner dan 0,50 m² en de langste zijde korter dan één meter die betrekking hebben op: I. een openbare verkoping of een aanbieding ter verkoop, verhuur of verpachting van een onroerende zaak, zulks voor zolang zij feitelijke betekenis hebben; II.
het beroep, de dienst of het bedrijf dat in of op de onroerende zaak wordt uitgeoefend of waarvoor die zaak is bestemd; d. opschriften die betrekking hebben op de naam of aard van in uitvoering zijnde bouwwerken of op de namen van degenen die bij het ontwerp of de uitvoering van het bouwwerk betrokken zijn, mits deze opschriften zijn aangebracht op borden bij of op de in uitvoering zijnde bouwwerken zelf, zulks voor zolang zij feitelijke betekenis hebben; e. opschriften of aankondigingen op of aan onroerende zaken dienstbaar aan het openbaar vervoer, indien deze zijn aangebracht ten dienste van dat vervoer. 3. Het verbod geldt niet voor opschriften of aankondigingen van kennelijk tijdelijke aard, voor zolang zij feitelijke betekenis hebben, mits: a. van het aanbrengen ervan tevoren schriftelijk is gemeld bij het college; b. het college niet binnen twee weken na ontvangst van die melding van enig bezwaar heeft doen blijken; c. deze opschriften of aankondigingen niet langer dan negen weken op de onroerende zaak aanwezig zijn. 4. Het verbod als bedoeld in het eerste lid geldt niet voor bouwwerken en niet op of aan wegen voor zover de Landschapsverordening Zeeland 2001 van toepassing is. 5. Een vergunning als bedoeld in het eerste lid kan worden geweigerd: a.
indien de handelsreclame, hetzij op zichzelf, hetzij in verband met de omgeving niet voldoet aan redelijke eisen van welstand; b. in het belang van de verkeersveiligheid; c. in het belang van de voorkoming of beperking van overlast voor gebruikers van een in de nabijheid gelegen onroerende zaak.
21
Overige regels In de Alcoholwet zijn nog tal van andere regels opgenomen waaraan alcoholverstrekkers dienen te voldoen. Zo moeten inrichtingen voldoen aan de zogenaamde inrichtingseisen en gelden er specifieke schenktijden/schenkregels voor de paracommerciële horeca. Een totaaloverzicht van de relevante regels is te vinden in de sanctiestrategie. Verwijzen naar andere documenten lokaal
Toezicht Het doel van de gemeente is om door middel van naleving van de wet bij te dragen aan het voorkomen van gezondheidsschade en verstoringen van de openbare orde. Sinds 1 januari 2013 is de gemeente verantwoordelijk voor het toezicht op de naleving van de wet en heeft daarmee een belangrijk instrument in handen. Onderzoek laat zien dat handhaving noodzakelijk is om het gewenste effect te bereiken van maatregelen zoals de leeftijdsgrens voor alcohol en het verbod op doorschenken (Babor e.a., 2010).
Risicoanalyse Het toezicht op de Alcoholwet bestaat uit drie typen controles. Reguliere inrichtingencontroles (type 1) en controles op leeftijdsgrenzen, dronkenschap en schenktijden (type 2). Om te bepalen welk type controle moet worden ingezet en met welke frequentie, is een risicoanalyse uitgevoerd op inrichtingenniveau. De risicoanalyse gaat uit van de kans dat de regels worden overtreden maal het effect dat daarmee wordt veroorzaakt. Daarnaast wordt bezien of in een bepaalde gelegenheid veel jongeren komen en of het wel of niet paracommercie betreft. De basis van de risicoanalyse wordt gevormd door de formule: Risico = Kans X Effect. De kans wordt in dit verband ook wel genoemd: het overtredersniveau, dus de kans dat de regels niet worden nageleefd. De kans op het overtreden van de regels hangt af van meerdere factoren. Te denken valt aan de drukte, het in werking hebben van een eigen (leeftijdscontrole)systeem en het nalevingsgedrag van de ondernemer in het verleden. Het overtrederniveau wordt ingeschat op basis van de beschikbare informatie en de lokale kennis binnen de gemeente. Indien na controle blijkt dat een ondernemer een betere of slechtere nalever is, dan wordt de score in de risicoanalyse bijgesteld. Dit gebeurt in ieder geval jaarlijks voorafgaande aan de jaarplanning.
Het effect is hoger naarmate er bijvoorbeeld meer jongeren of jongvolwassenen in de inrichting komen. Maar het kan ook zijn dat het effect bepaald wordt doordat bij overtreding van de regels meer oneerlijke concurrentie wordt veroorzaakt of meer problemen van openbare orde en veiligheid gepaard gaan. Concreet is het de bedoeling dat de controlecapaciteit dus vooral ingezet wordt naarmate de regels minder goed worden nageleefd en juist op die plekken waar veel jeugd komt. Beide variabelen bevinden zich op een geleidende schaal. De uitgewerkte risicoanalyse is bijgevoegd als bijlage 2. Uit de kolom of er veel of weinig jongeren in de inrichting komen en of het al dan niet een paracommerciële instelling betreft, kan worden afgeleid of controles van het type 2 moeten worden uitgevoerd.
22
Inzet toezicht per type controle Type 1: Inrichtingencontroles Bij de inrichtingencontroles wordt gekeken naar de aanwezigheid en actualiteit van de vergunning of ontheffing, het voldoen aan de voorschriften van de vergunning/ontheffing en andere bepalingen uit de Alcoholwet, zoals de aanwezigheid van leidinggevenden tijdens openingstijden1. De inrichtingencontroles zijn programmatisch opgenomen in het Deelprogramma Milieu van het jaarlijks door het college van B&W op te stellen Handhavingsuitvoeringsprogramma (HUP). In het HUP wordt een controlelijst toegevoegd waarin inrichtingen worden gecontroleerd aan de hand van de bepalingen van de Alcoholwet en de Wet milieubeheer. Deze controles vinden vaak overdag plaats en er is direct contact met de ondernemer. De controles worden in beginsel aangekondigd2. In eerste instantie wordt een controle uitgevoerd naar aanleiding van een vergunningenprocedure. Voor dit type inrichtingencontroles wordt dan ook verwezen naar het jaarlijks op te stellen HUP. In het kader van efficiënte inzet van controlecapaciteit is het voor de gemeenten die nog zelf de milieucontroles uitvoeren te overwegen om de Alcoholwet controle gelijktijdig te laten verlopen met de (integrale) milieucontrole. Indien voor deze werkwijze wordt gekozen is het raadzaam om de controlefrequentie van beide controles op elkaar af te stemmen.
Een randvoorwaarde is wel dat de inspecteur wel bevoegd is als Alcoholwet toezichthouder. Door het wijzigen van de regels met betrekking tot de (bouwkundige) inrichtingseisen komt de controle van deze aspecten meer te liggen bij bouw- en woningtoezicht. Namelijk de meeste inrichtingseisen vervallen en zijn de regels uit het Bouwbesluit van toepassing. Controle inzet voor type 1 controles
Soort Cafés Restaurants Cafetaria’s Strandtenten Hotels Pensions Dorps- en buurthuizen Supermarkten Clubhuizen Slijterijen Campings
Aantal .. .. .. .. .. .. .. .. .. .. ..
Prioriteitscore G L G G L L H L H L G
Bezoekfrequentie in maanden 24 48 24 24 48 48 12 48 12 48 24
L = Laag G = Gemiddeld H = Hoog
1 Voor een volledig overzicht van de regels waarop wordt gecontroleerd wordt verwezen naar de bij dit preventie- en handhavingsplan
opgenomen sanctiestrategie. 2
m.u.v. controles op de aanwezigheid van leidinggevenden. Hierbij is een onaangekondigde controle wenselijk.
23
Type 2: Leeftijdsgrenzeninspecties/ dronkenschap/schenkregels3 Naast de reguliere inrichtingencontroles die zijn opgenomen in het HUP richten de type 2 controles zich op leeftijdsgrenzeninspecties bij drankverstrekkers. De controles richten zich in hoofdzaak op het controleren van verstrekking van alcoholhoudende drank aan jongeren onder de 18 jaar. Daarnaast worden controles uitgevoerd op dronkenschap en op schenktijden binnen de paracommercie. Het toezicht bestaat uit observaties op de plaatsen en tijdstippen waarop (’s avonds en in de weekenden) jongeren alcoholhoudende dranken kopen en gebruiken. De scores uit de bijgevoegde risicoanalyse worden als volgt vertaald in controlefrequentie. De indicatie aspecten behorend bij de prioriteringsscore zijn: • Alcoholverstrekking aan jongeren • Verstoring openbare orde • Oneerlijke concurrentie Vervolgens kan de bezoek frequentie aangepast worden als gevolg van : • Beschikbare informatie • Beschikbare controle capaciteit • Risico op laag naleefgedrag/risico op wederverstrekking • Onvoorziene omstandigheden (Bijvoorbeeld Covid 19 pandemie) De scores worden als volgt vertaald: L = zeer gering G = reëel H = zeer groot Daarnaast is er nog een categorie die van vanwege de aard van de bedrijfsvoering moeilijk controleerbaar is.
(MC) De controle-inzet voor type 2 controles wordt als volgt vastgesteld: Leeftijdsgrenzeninspecties/ dronkenschap/schenkregels Soort aantal Prioriteitsscore Bezoek frequentie in maanden (statisch) Discotheken .. H 6 Cafés (hotspots) .. H 6 Cafés .. G 12 Restaurants .. L 24 Hotels/B&B .. L 24 Terrassen .. G 12 Cafetaria/Lunchroom/Broodjeszaak .. L 24 Strandtenten .. G 12 3
Bezoek Opmerking Frequentie (dynamisch)
variabel Variabel Variabel Variabel Variabel Variabel Variabel Variabel
MC MC
Controles type 2 is in dit document de verzamelnaam voor de leeftijdscontroles, het binnenlaten van dronken personen, het
doorschenken van alcohol aan dronken personen en het schenken buiten de schenktijden in paracommerciële instellingen.
24
Clubhuizen/buurthuizen/verenigingen gericht op jongeren Clubhuizen/buurthuizen/verenigingen overige Slijterijen Jongerencampings Campingbedrijven met horeca overige Detailhandel/supermarkten
..
G
12
variabel
MC
..
L
24
variabel
MC
.. .. ..
G L L
12 6 24
variabel variabel variabel
..
G
12
variabel
Type 3: Controle op het in bezit hebben van alcoholhoudende drank door minderjarigen De type 3 controles richten zich op het in bezit hebben van alcoholhoudende drank door minderjarigen op voor het publiek toegankelijke plaatsen. Dit is niet toegestaan met uitzondering van plaatsen waar bedrijfsmatig of anders dan om niet alcoholhoudende drank voor gebruik elders dan ter plaatse wordt verstrekt (bijvoorbeeld supermarkten). Het als minderjarige in bezit hebben van alcoholhoudende drank is een overtreding van artikel 45 DHW en dat is een strafbaar feit. De boete hiervoor bedraagt € 90,--. Voor jongeren onder de 16 jaar wordt deze boete gehalveerd tot € 45,--[1]. Dit soort controles worden in beginsel niet gecombineerd met controles op drankverstrekkers. Tijdens de looptijd van dit plan zullen meerdere controleacties worden gehouden, specifiek gericht op minderjarigen die alcoholhoudende drank in het bezit hebben. Afhankelijk van de problematiek (worden er veel minderjarigen gesignaleerd met alcoholhoudende drank in de openbare ruimte) kunnen jaarlijks 2 tot 6 van deze controleacties worden gehouden door de gemeente. Los hiervan heeft de politie ook deze bevoegdheid.
Overige controles Naast de hierboven genoemde programmatische type 1 controles op basis van de HUP en type 2 controles op basis van het bovengenoemde overzicht vinden nog de volgende incidentele controles/acties plaats. Steekproefsgewijze controles bij evenementen Deze vinden plaats aan de hand van de afgegeven evenementenvergunningen. Vaak jaarlijks terugkerende evenementen, waarbij op basis van ervaringen van de vorige jaren een afweging wordt gemaakt voor een eventuele steekproef. Controles bij ontmoetingsplaatsen/hotspots Deze vinden plaats op locaties waarover klachten of signaleringen of meldingen van de politie zijn binnengekomen. Juridisch vervolg Dit komt aan de orde wanneer na een controle handhaving volgt. Met name indien er sprake is van een last onder dwangsom/bestuursdwang of het intrekken van een vergunning.
[1]
Deze bedragen zijn afkomstig uit het feitenboekje dat landelijke gehanteerd wordt voor strafbare feiten.
25
Cameratoezicht Gemeenten handhaven steeds meer door het gebruik van cameratoezicht. Dit middel is efficiënt in te zetten voor het handhaven van bijvoorbeeld alcoholconsumptie op de openbare weg en tijdens georganiseerde evenementen (zoals bevrijdingsfestival, muziekfestivals, etc.). Tevens zal de gemeente reageren op klachten en meldingen en kan er zo nodig in de openbare ruimte worden opgetreden. Hier ligt een gedeelde taak tussen de eigen toezichthouders/boa’s en de politie. Daarnaast kunnen gemeentelijke boa’s zich bij wijze van preventie zo nu en dan laten zien bij horeca-inrichtingen zonder een formele controletaak te vervullen.
Interventiestrategie bepalen Op basis van de risicoanalyse en de hotspotlijst worden prioriteiten vastgesteld. Daarbij wordt een afweging gemaakt tussen de aandacht voor de leeftijdsgrens voor alcoholverkoop van 18 jaar en de bepalingen rondom dronkenschap, zoals het niet toelaten van dronken personen in een horecagelegenheid en het niet schenken aan klanten in kennelijke staat van dronkenschap. Elk jaar worden met het herijken van de hotspots tevens de handhavingsprioriteiten opnieuw vastgesteld.
Handhavingsmethoden Opties voor leeftijdscontroles Alcoholwet (Gemeenten kunnen keuze maken uit één of meerdere opties) Methode Observatie door eigen toezichthouders Controle eigen toezichthouders met mystery shoppers Controle door mystery toezichthouders zonder mystery shoppers. Controle door mystery toezichthouders met mystery shoppers. Overige methoden, zoals bijvoorbeeld convenant zelfcontrole door de branche.
Opmerking Niet effectief Risico dat eigen toezichthouders herkend worden. De ingevoegde bepalingen van de Alcoholwet bieden hier ruimere mogelijkheden Thans de meest toegepaste methode. Levert over het algemeen rechtsongelijkheid op
1
Controle door toezichthouders zonder mystery shoppers.
werkwijze
• De horeca-inrichtingen worden bezocht door toezichthouders die ter plaatse een controle doen door middel van observatie . • Juridisch veilig • Indien gekozen wordt voor toezichthouders uit de eigen organisatie zijn deze vanwege hun werk veelal bekend binnen horeca-inrichting en ook vallen zij op als zij een horeca-inrichting binnen gaan waar vooral jeugdigere personen hun avond doorbrengen. Een overtreding is door hun dus vrij lastig te constateren. Derhalve is inhuur of uitruil in deze aan te bevelen.
voordelen nadelen
aandachtspunten conclusie
• Heeft gezien de zeer lage effectiviteit m.b.t. repressieve handhaving geen voorkeur.
26
2
Controle door eigen toezichthouders met mysterys hoppers.
werkwijze
• De horeca-inrichtingen worden bezocht door de eigen toezichthouders die worden vergezeld door een mystery shopper. Deze laatste doet een aankooppoging die wordt waargenomen door de toezichthouder. • Redelijk flexibel qua planning en regie. • Met de invoering van de Alcoholwet is de inzet van 16 en 17 jarige mystery shoppers vereenvoudigd. • Het zelfde argument als bij optie 1 vanwege de bekendheid van de toezichthouders. • 16 en 17 jarige mystery shoppers m ogen tot uiterlijk 23:00 uur ingezet worden (Arbowet). • Het gebruik maken van een mystery shopper vraagt om juridische zorgvuldigheid. Zolang er nog geen heldere jurisprudentie is over de inzet van mystery shoppers bij horecacontroles bestaat er een afbreukrisico. • Heeft gezien de zeer lage effectiviteit m.b.t. repressieve handhaving geen voorkeur. • Door STAP is een factsheet gepubliceerd met betrekking tot de inzet van mystery shoppers bij de handhaving van de Alcoholwet. In deze factsheet worden de knelpunten die bij de huidige toegepaste methodiek bij controles worden ervaren beschreven.
voordelen
nadelen
aandachtspunten
conclusie info
3
Controle door mystery toezichthouders zonder mystery shoppers.
werkwijze
conclusie
• De horeca-inrichtingen wordt bezocht door een jong uitziende toezichthouder(s) die ter plaatse een controle doen door middel van observatie. • De mystery toezichthouder is afkomstig uit een BOA-poule of van een bedrijf ingehuurd. • Minder opvallend dan controle door eigen toezichthouders. • Kan anoniem. • Juridisch veilig, • Meerkosten qua inhuur personeel. • Deze optie is eigenlijk enkel geschikt indien gekozen wordt voor uitbesteding aan een marktpartij. Daar eigen toezichthouders maar een beperkte periode inzetbaar zijn. Kan indien uitbesteedt een werkbare methode zijn.