CConstaterende datHulst
Koppel je AI →
Document · PDF

C17Jaarverslag SAZ+ 2021 def 2 juni 2022

Commissie Ruimte 20 september 2022, gemeente HulstBij agendapunt: Ingekomen stukken8.054 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Jaarverslag 2021 Samenwerking (Afval)waterketen Zeeland Juni 2022, instemming BOSAZ

Jaarverslag SAZ+ 2021

Inhoud Samenvatting........................................................................................................................................... 3 1.

Inleiding ........................................................................................................................................... 4

2.

Strategische doelen en programmalijnen SAZ+ .............................................................................. 5 Van Visie waterketen Zeeland en Strategie SAZ+ 2030 naar invulling van de programmalijnen ....... 5

3.

Programmalijn 1. Inrichting buitenruimte, integrale programmering ............................................ 7 3.1 Gezamenlijke voorbereiding Omgevingsvisie ............................................................................... 7 3.2 Gezamenlijke Blauwdruk GRP ....................................................................................................... 9 3.3 Data uitwisseling rioolinfrastructuur via Dataportaal Zeeland ................................................... 10 3.4 Verbinding SAZ+ & AZON ............................................................................................................ 11 3.5 Gebruikersgroep RioGL ............................................................................................................... 12

4.

Programmalijn 2. Water in de keten, doelmatige duurzame waterketen .................................... 13 4.1 RIOBASE ....................................................................................................................................... 13 4.2 Gezamenlijk gemalenbeheer gemeenten Bevelanden en Tholen .............................................. 17 4.3 Gezamenlijk gemalenbeheer Middelburg & Scheldestromen .................................................... 18 4.4 Optimalisatie sturing afvalwater (procesautomatisering) .......................................................... 19 4.5 Communicatie bewoners lozingen buitengebied ........................................................................ 20 4.6 Rioolvreemd water ...................................................................................................................... 21 4.7 Hergebruik effluent RWZI ............................................................................................................ 22

5.

Programmalijn 3. Water in de bebouwd kom, klimaatbestendigheid in beeld ............................ 23 5.1 Stedelijke Water Opgave Uitvoeringsprogramma ...................................................................... 23 5.2 Klimaatadaptatie strategie Zeeland (KASZ) ................................................................................. 24

2

6.

Kennisuitwisseling Klankbordgroep SAZ+ ..................................................................................... 25

7.

Kostenontwikkeling SAZ+ .............................................................................................................. 26

8.

Financiën 2020 .............................................................................................................................. 28

Jaarverslag SAZ+ 2021

Samenvatting Voorliggend jaarverslag geeft een weergave van de uitgevoerde activiteiten en behaalde resultaten van SAZ+ (Samenwerking Afvalwaterketen Zeeland) in 2021. De samenwerking bestaat uit de 13 Zeeuwse gemeenten, Evides en waterschap Scheldestromen. Het gezamenlijk doel is het effectief en verantwoord in stand houden en vormgeven van de waterketen, als zijnde één systeem en één organisatie.

Van Visie naar strategie, programmalijnen en jaarplannen De Visie waterketen Zeeland is door vertaald naar een gezamenlijke Strategie SAZ+ 2030. In 2021 is concrete invulling gegeven aan de 3 programmalijnen door deze sterker te karakteriseren, de relatie naar de omgeving van SAZ+ te leggen en de projecten en initiatieven te koppelen aan een programmalijn. Vanuit de technisch inhoudelijke waterketen die centraal staat, komt klimaatadaptatie, specifiek de verwerking van water in het stedelijk gebied, omgevingswet, assetmanagement en de integrale programmering tussen deze onderdelen sterk aan bod.

De 3 programmalijnen De eerste programmalijn is gericht op integrale programmering bij inrichting van de buitenruimte. In de tweede programmalijn, Water in de keten, ligt de focus op de technische inhoud van het doelmatig en duurzaam inrichten van de waterketen. In programmalijn 3 wordt vanuit de waterketen als basis, gekeken naar het watersysteem als geheel, met een focus op klimaatbestendigheid. In hoofdstukken 3, 4 en 5 wordt per programma de resultaten toegelicht.

Financiën In 2021 heeft de kostenmonitoring over 2020 plaatsgevonden. 2020 was het jaar waarin de ombuiging naar minder meerkosten moest gerealiseerd zijn. In hoofdstuk 7 wordt toegelicht dat die ombuiging is gerealiseerd.

3

Jaarverslag SAZ+ 2021

1. Inleiding Voor u ligt het jaarverslag SAZ+ 2021. SAZ+ is een samenwerking van alle dertien gemeenten in Zeeland, waterschap Scheldestromen en Evides Waterbedrijf. De focus van SAZ+ is gericht op het gezamenlijk kwalitatief hoogstaand vormgeven van de waterketen, vergroten van de efficiëntie in de uitvoering, verminderen van de personele kwetsbaarheid, vergroten van het innovatievermogen en besparen van kosten. De resultaten van 2021 zijn het gevolg van de afspraken die gemaakt zijn in het kader van het Bestuursakkoord Water 2011 en 2018, en het jaarplan SAZ+ 2021. Er is voortgang geboekt op verschillende projecten en initiatieven die voorgaand jaar al liepen of recent zijn opgestart. Draagvlak en samenwerking Om op een gedegen wijze samen te werken met 15 verschillende organisaties is het van belang om draagvlak te hebben voor de activiteiten die worden uitgevoerd. Dit geldt zowel voor kennisuitwisseling als voor het uitvoeren van projecten. In 2021 is sterk gebruik gemaakt van de inhoudelijke expertise van de klankbordgroep leden en projectleiders om over de gewenste onderwerpen aan kennisuitwisseling en opinievorming te doen. Voor een goede samenwerking is het van belang om van elkaar te weten welke activiteiten er lopen, wat de concrete doelstelling van de activiteit is en wie actief betrokken zijn. In de uitwerking van het jaarplan 2022 is hier invulling aan gegeven.

Met input van de klankbordgroep leden en projectleiders is inhoudelijk vorm gegeven aan de projecten. Versterken netwerk kennisdeling Naast de inhoudelijke accenten op klimaatbestendigheid, omgevingswet en verdergaande professionalisering assetmanagement heeft binnen de samenwerking het gezamenlijk uitwerken van beleid, onderlinge samenwerking en kennisdeling in zijn algemeenheid een stevigere basis gekregen. De SAZ+ is niet opgezet als publieksorganisatie, maar als kennisdelingsnetwerk. Het delen van elkaars opvattingen en kennis is de basis en het bestaansrecht van de SAZ+ als netwerkorganisatie. Dit laat onverlet dat de gezamenlijke opinievorming over (actuele) onderwerpen individuele partijen helpt hun eigen communicatie richting bewoners te stroomlijnen.

Figuur 1.1 SAZ+ Klankbordgroep bijeenkomst, kennisuitwisseling en delen van ervaringen in DOK 41 Vlissingen, met aansluitend een SAZ+ barbecue, september 2021

4

Jaarverslag SAZ+ 2021

2. Strategische doelen en programmalijnen SAZ+ Onderstaande activiteiten en projecten geven een representatief beeld van wat de samenwerking in 2021 heeft voortgebracht.

Van Visie waterketen Zeeland en Strategie SAZ+ 2030 naar invulling van de programmalijnen De SAZ+ heeft eind 2018 de Visie waterketen Zeeland vastgesteld. Deze visie is een leidraad voor de initiatieven en de strategie die we daarbij willen volgen. De waterketen ligt in een complexe omgeving, waarin zeker in deze tijd veel en grote ontwikkelingen gaande zijn. In 2020 is een nieuwe strategie ontwikkeld, met een aanzet tot 3 programmalijnen.

De strategie 2030 laat de inhoud van het werk terugkomen in 3 sporen: 1. Inrichting buitenruimte, integrale programmering: afstemmen werkzaamheden aan voorzieningen in de (openbare) buitenruimte en strategische planvorming in kader van de Omgevingswet; 2. Water in de keten, doelmatige duurzame waterketen: onderhouden en beheren voorzieningen en verwerken van waterstromen in de waterketen van productie drinkwater tot aan de zuivering en hergebruik van afvalwater; 3. Water in de bebouwde kom, klimaatbestendigheid in beeld: het verwerken van regenwater binnen de bebouwde kom in relatie tot grond- en oppervlaktewater en het water in het omliggende, landelijke gebied. Met mogelijke bijdrage aan bestrijding van droogte en hitte. Deze sporen zijn bedoeld om richting te geven aan initiatieven en dienen als vertrekpunt voor de uitwerking van nieuwe projecten binnen de programmalijnen. Het onderstaande schema schetst de vernieuwde programma aanpak.

5

Jaarverslag SAZ+ 2021

In 2021 is concrete invulling gegeven aan de 3 programmalijnen door deze sterker te karakteriseren, de relatie naar de omgeving van SAZ+ te leggen en de projecten en initiatieven te koppelen aan een programmalijn. Vanuit de technisch inhoudelijke waterketen die centraal staat, komt klimaatadaptatie, specifiek de verwerking van water in het stedelijk gebied, omgevingswet, assetmanagement en de integrale programmering tussen deze onderdelen sterk aan bod.

In 2022-2023 wordt de strategie verder uitgewerkt in een meerjarenprogramma SAZ+ 2023 - 2026 waarin de onderwerpen die in de strategie zijn opgenomen concreter worden uitgewerkt en waarin nuance wordt aangebracht over een aantal onderwerpen die dat nodig hebben.

6

Jaarverslag SAZ+ 2021

3. Programmalijn 1. Inrichting buitenruimte, integrale programmering

3.1 Gezamenlijke voorbereiding Omgevingsvisie De Omgevingswet gaat uit van een aantal kerninstrumenten, de eerste betreft de omgevingsvisie. Gemeenten hebben tot 2025 voor het vaststellen van de omgevingsvisie en tot 2029 voor het vaststellen van het omgevingsplan.

Figuur 3.1 Kerninstrumenten van de Omgevingswet

Ook de waterketen zal een rol hebben in de omgevingsvisie. De waterketen speelt een belangrijke rol in het waarborgen van een gezonde leefomgeving en een klimaatbestendige inrichting van de openbare ruimte op een kosteneffectieve manier. In 2021 zijn in SAZ+ verband een aantal kennisdeling- en werksessies gehouden. Hierbij hebben de stedelijk waterbeheerders en RO medewerkers van de SAZ+ organisaties deelgenomen. In SAZ+verband willen we de samenwerking op het gebied van de betekenis van de Omgevingswet voor de eigen praktijk vormgeven en vasthouden. In april en mei 2021 zijn daartoe verschillende werksessies en een grotere workshop georganiseerd over de inhoud en de betekenis van de Omgevingswet voor de praktijk van het stedelijk waterbeheer (SWB) voor de Zeeuwse gemeenten, waterschap Scheldestromen en Evides. Tijdens werksessies in april 2021 is inhoudelijk ingegaan op de plek van stedelijk waterbeheer in de omgevingswet en de wettelijke eisen die aan de omgevingsvisie worden gesteld.

7

Jaarverslag SAZ+ 2021 Figuur 3.2 Betekenis Omgevingswet voor het stedelijk waterbeheer in een notendop Belangrijkste veranderingen De belangrijkste consequentie is dat de beleidsvrijheid van decentrale overheden verder toeneemt. Met de omgevingsvisies, de al dan niet verplichte programma’s en verordeningen kan werk worden gemaakt van de verschillende opgaven. Hierbij is de algemene afstemmingsbepaling van de Ow relevant (art. 2.2) die erop neer komt dat bestuursorganen hun onderlinge taken en bevoegdheden moeten afstemmen daar waar deze elkaar raken. De raakvlakken binnen het stedelijk waterbeheer zijn evident. Bestuursorganen zullen zelf èn samen moeten bepalen welk beleid zij, gegeven de ontwikkelingen en opgaven, willen voeren, welke maatregelen hierbij horen en wat wel en niet op welke wijze juridisch bindend geregeld wordt.

Tijdens een SAZ+ workshop in mei 2021 zijn de eerste stappen genomen om te komen tot een inhoud van de gemeentelijke omgevingsvisies. Idee hierbij is dat alle gemeenten baat (kunnen) hebben bij SWB-standaardteksten / bouwblokken voor de eigen gemeentelijke omgevingsvisie. Die betreffen bijvoorbeeld de ontwikkelingen en uitdagingen waar gemeenten voor staan. Als uitkomst van de workshop zijn vijf SWB-hoofdthema’s onderscheiden met daarbinnen een aantal sub thema’s. Figuur 3.3 Vijf hoofdthema’s voor stedelijk waterbeheer als onderdeel van de omgevingsvisie

De eerste stappen zijn gezet om voor een aantal sub thema’s een werktabel in te vullen waarbij wordt ingegaan op de uitdagingen, ontwikkelingen, ambitie en uitganspunten waar de Zeeuwse gemeenten mee te maken hebben. Doelstelling voor 2022 is om de sub thema’s gezamenlijk uit te werken en te komen tot SWB-bouwblokken die alle gemeenten naar eigen inzicht kunnen toepassen voor hun eigen gemeentelijk omgevingsvisie op het gebied van stedelijk waterbeheer.

8

Jaarverslag SAZ+ 2021

3.2 Gezamenlijke Blauwdruk GRP Iedere gemeente binnen de SAZ+ schrijft om de ca. 5 jaar op eigen initiatief een Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) waarin beleidskeuzes en ambitieniveaus met bijbehorende begroting worden voorgesteld aan de Gemeenteraad. Het GRP beslaat de (financiële) onderbouwing van de rioolheffing en het te voeren beleid voor de komende periode. Het GRP vormt daarmee een fundamentele hoeksteen in de afvalwaterketen voor gemeente en in afstemming met waterschap. Aan de basis van beleidskeuzes wordt de samenwerking en eenduidigheid bevorderd. Door de werkgroep Gezamenlijke Blauwdruk GRP is in 2019 en 2020 gewerkt aan het opstellen van een gezamenlijke ‘blauwdruk’ als inspiratiedocument en overname document om te gebruiken bij het opstellen van de gemeentelijke GRP’s. Dit sluit aan de op de doelstelling zoals geformuleerd in het Bestuursakkoord Water 2011; het delen van elkaars deskundigheid en expertise en het nemen van stappen in het gezamenlijk afstemmen van beleid (zoals eveneens opgenomen in jaarplan SAZ+ 2020).

Figuur 3.4 Gezamenlijke blauwdruk verbreed GRP en ‘relining’ als kostenbesparende renovatiemaatregel

In 2021 zijn verschillende Zeeuwse gemeenten werkzaam geweest met het opstellen van een GRP voor hun gemeente of het plannen daarvan in de komende twee jaar. Voor tien Zeeuwse gemeenten geldt dat het afgelopen jaar (2021) of de komende twee jaar (2022 – 2023) een nieuw GRP is opgesteld / opgesteld zal worden. Alle tien deze gemeenten geven aan de blauwdruk vGRP SAZ+ als inspiratiebron te gebruiken. Vijf gemeenten geven aan zowel de structuur, teksten en keuze mogelijkheden toe te passen / toe gepast te hebben. Vier gemeenten geven aan de blauwdruk in ieder geval als basis voor het vGRP toe te gaan passen, maar weten nog niet in welke mate (structuur en/of teksten en/of keuzemogelijkheden). Eén gemeente geeft aan de blauwdruk wel als inspiratiebron te gebruiken, maar door communicatiewensen vanuit de eigen organisatie, het vGRP op een beknopte en sterk visuele manier vorm te geven. Bert Janse, beleidsmedewerker Waterschap Scheldestromen: ‘’We merken dat Zeeuwse gemeenten de blauwdruk GRP gebruiken en zien de voordelen van het gebruik van dit document als onderlegger. We gebruiken elkaars deskundigheid en expertise. Daarbij maakt het eenduidig formuleren en presenteren van beleid de samenwerking in de toekomst gemakkelijker.’’

9

Jaarverslag SAZ+ 2021

3.3 Data uitwisseling rioolinfrastructuur via Dataportaal Zeeland In de onderlinge samenwerking tussen de SAZ+ partijen wordt geregeld informatie uitgewisseld. Voor een goede onderlinge samenwerking in de waterketen is het van belang om actueel inzicht te hebben in de aanwezige riool- en waterinfrastructuur van partnerpartijen. Dit kan gaan om data uitwisseling tussen aangrenzende gemeenten of tussen gemeente en waterschap. Ook voor andere organisaties kan het wenselijk zijn om toegang te hebben tot deze informatie (o.a. hulpdiensten, aannemers, adviesbureaus, rioolontstoppingsbedrijven). Doorgaans wordt informatie uit GIS (geografische informatiesystemen); Arc GIS of OBSURV toegezonden op het moment dat partnerpartijen deze informatie nodig hebben, bijvoorbeeld aan de start van een infrastructureel project. Het werkt echter sneller en is minder arbeidsintensief om elkaar toegang te geven tot de actuele GIS data van alle partnerpartijen. Tegenwoordig is dat op verschillende manieren eenvoudig te regelen. Binnen dit initiatief is in 2020, middels een enquête, geïnventariseerd welke SAZ+ organisaties willen deelnemen. Als belangrijke stap daarbij, is naast de technische mogelijkheden, met name goed gekeken naar de wensen/eisen vanuit de partnerorganisaties t.a.v. gegevensbescherming. Er is een aanpak uitgezet waarbij gegevensbescherming geborgd is.

Dataportaal Zeeland is gevonden als geschikt platform om de data te delen, tevens is hier voorzien in een webviewer. Bijkomend voordeel is dat deze viewer ook op mobiele apparaten (in het veld) te raadplegen is. In 2021 is op basis van de technische mogelijkheden en kosten een definitieve keuze gemaakt om de actuele rioleringsdata op Dataportaal Zeeland te publiceren. Er is samen met SWECO en provincie Zeeland gewerkt aan een aanpak waarbij drie gemeenten (Tholen, Borsele, Reimerswaal) dienen als pilot gemeenten en als eerste gemeenten de data uit het beheerprogramma gaan publiceren. Er wordt voor gezorgd dat de data conform GWSW-norm (Gezamenlijk Woordenboek Stedelijk Water) wordt gedeeld. Eind 2021 is opdracht verleend aan SWECO. Begin 2022 zal de data van de 3 pilot gemeenten worden gepubliceerd en in SAZ+ verband worden besproken. De overige Zeeuwse gemeenten kunnen vervolgens deelnemen, middels inschrijving, wanneer ze daartoe besluiten. Vanuit de werkgroep is ervoor gezorgd dat deelname op arbeidsextensieve wijze kan plaatsvinden. Figuur 3.5 Rioleringsdata in Dataportaal Zeeland, pilot gemeente Tholen

10

Jaarverslag SAZ+ 2021

3.4 Verbinding SAZ+ & AZON In SAZ+ verband is de pilot ‘SORBET’ Samenwerken in de OndeRgrond en openBarE RuimTe van start gegaan in 2017. Doelstelling van dit initiatief is om plannen in de openbare ruimte met andere organisaties af te stemmen zodat werkzaamheden kunnen worden gecombineerd. In 2020 heeft dit initiatief een definitief vervolg gekregen in de AZON-overeenkomst (AZON = Afstemming Zeeuwse Overheden en Nutsbedrijven). Sturing op de AZON vind plaats vanuit het ‘MOZON’: Management Overleg Zeeuwse Overheden en Netwerkbedrijven. Met deze transitie is AZON zelfstandig (buiten het SAZ+ verband) gepositioneerd. Echter afstemming met / binnen het SAZ+ verband blijft nuttig om gezamenlijk het initiatief verder te brengen. Binnen AZON worden plannen in de openbare ruimte afgestemd voor de lange-termijnprojecten (2 tot 10 jaar), op het Zeeuwse grondgebied. Doel is om gezamenlijk de hoogste maatschappelijke waarde te creëren tegen de laagste maatschappelijke kosten. Het online platform is hiervoor een belangrijke tool. In 2021is het aantal plannen in AZON van 600 naar 900 toegenomen. Daarbij worden de plannen steeds meer lange termijn gepland en krijgen steeds meer plannen de status ‘definitief’ (ca. 180).

Figuur 3.6 Werken in de openbare ruimte Toename werkzaamheden De energietransitie en klimaatadaptatie zorgen de komende jaren voor een toename van werkzaamheden in de ondergrond door de aanleg van kabel- en leidingnetten. De werkgebieden van overheden, netbeheerders en het waterschap overlappen elkaar. Door structureel samen te werken in heel de provincie Zeeland, wordt voorkomen dat straten meerdere keren kort achter elkaar opgebroken worden op dezelfde plek. De organisaties willen met de intensievere samenwerking zo bijdragen aan het verhogen van de klanttevredenheid.

Figuur 3.7 Wow-portaal als online platform om projecten af te stemmen

In 2022 zal sterk ingezet worden op het verder verbeteren van de procesafspraken voor het delen van plannen die verder in de toekomst liggen en het breder inbedden van AZON in deelnemende organisaties. Ook zal er aandacht zijn voor de doorgaande lijn van planafstemming naar opdrachtverstrekking en de beschikbare capaciteit tijdens de uitvoeringsfase. Op het gebied van burgerparticipatie zal sterker worden samengewerkt. Er blijft een sterke verbinding tussen AZON en de SAZ+ klankbordgroep om elkaar te versterken en van elkaar te leren.

11

Jaarverslag SAZ+ 2021

3.5 Gebruikersgroep RioGL Voor een gedegen beheer van het rioolsysteem is het van belang om goed zicht te hebben op de aanwezige rioolinfrastructuur en de onderhoudsstaat daarvan. Twaalf Zeeuwse gemeenten gebruiken RioGL als ondersteunende software tool (onderdeel van OBSURV, geleverd door SWECO) om de infrastructuur en inspectiedata in beeld te brengen en te houden.

Figuur 3.8 RioGL, ondersteunend software tool rioolbeheer

Vanuit verschillende Zeeuwse gemeenten bestond de behoefte om beter te leren werken met RioGL. In 2019 is in SAZ+ verband en enquête onder de gebruikers van RioGL uitgezet om de behoefte te inventariseren. Op basis van de feedback is in overleg met SWECO een Zeeuwse gebruikersbijeenkomst gepland. Deze is gehouden op 21 januari 2020. In oktober en november 2020 heeft SWECO voor de Zeeuwse gemeenten 3 cursussen gedraaid: ‘basistraining’, ‘raadplegen’ en ‘muteren’ RioGL. In 2021 is een vervolg gegeven aan de reeks van cursussen. Vanuit de Klankbordgroep werd aangegeven behoefte te hebben aan het nader ingaan op ‘maatregelen’. Door SWECO is een cursus gegeven op 25 november waarbij ingegaan is op de classificatietabel, strategisch maatregelplan en bekijken van de maatregelen. In totaal hebben 6 personen vanuit de SAZ+ partnerpartijen deelgenomen.

12

Jaarverslag SAZ+ 2021

4. Programmalijn 2. Water in de keten, doelmatige duurzame waterketen 4.1 RIOBASE Voor een groot deel van de riolering in Nederland komt het einde van de technische levensduur in zicht. In combinatie met politieke en sociale ontwikkelingen én gevolgen van de klimaatverandering (droogte en korte heftige buien) neemt de druk op de financiële middelen voor beheer en onderhoud van de rioolinfrastructuur toe. Daarbij verlangt de huidige maatschappij een transparante inzet van overheidsmiddelen, dus ook voor effectief en efficiënt rioolbeheer. Dit is zo vastgelegd in het Bestuursakkoord Water 2011. Veel organisaties hebben assetmanagement omarmd als de systematische en transparante aanpak voor het beheer en onderhoud van hun infrastructuur. Centraal in assetmanagement staan: risicogestuurd handelen en datagedreven beslissingen nemen, en dat doen in samenwerking met anderen. Immers, zonder samen te werken blijven afwegingen voor het nemen van beslissingen beperkt tot de belangen van een eigen afdeling, of organisatie.

In 2020 is het met subsidie ondersteunde project RIOBASE van start gegaan waarin de HZ University of Applied Sciences samen met Zeeuwse gemeenten, waterschap Scheldestromen en Evides samenwerken aan de praktijkvraag: ‘Hoe kunnen rioolbeheerders in de relatief kleine Zeeuwse gemeenten, risicogestuurd, met gebruikmaking van data en in onderlinge samenwerking, efficiënt en effectief rioolbeheer uitvoeren?’ Met de HZ als trekkende organisatie (lectoraat asset management en lectoraat data science) wordt onderzoek uitgevoerd naar risicogestuurd en datagedreven rioolbeheer. Vier Zeeuwse gemeenten dienen hierbij als casus gemeente (Veere en Reimerswaal, Vlissingen en Sluis) om het principe van asset management op te zetten en toe te passen. Opgedane kennis en ervaringen worden met alle aangesloten partijen gedeeld en toepasbaar gemaakt.

Figuur 4.1 RIOBASE, risicogestuurd en datagedreven rioolbeheer voor de Zeeuwse gemeenten

In 2020 is gewerkt aan het eerste werkpakket waarbij middels literatuuronderzoek en interviews, criteria en randvoorwaarden zijn vastgelegd en een aantal asset management tools is geïdentificeerd

13

Jaarverslag SAZ+ 2021 om bij de Zeeuwse gemeenten toe te passen. Hiermee is in het tweede werkpakket een raamwerk voor asset management opgezet. Als onderdeel van het derde werkpakket, zijn voorbereidingen getroffen om de opzet van het raamwerk te toetsen binnen de gemeente Reimerswaal en Veere (tranche 1). Een belangrijk inzicht hierbij is dat kernwaarden op het gebied van rioolbeheer als vertrekpunt dienen. Hierbij valt te denken aan kernwaarden als ‘veiligheid’, ‘gezondheid’, ‘leefbaarheid’ ‘imago’ en ‘kosten’. Met deze kernwaarden (in concept uitgewerkt) als vertrekpunt, is een risicomatrix opgesteld. In de risicomatrix zijn kernwaarden uitgezet tegen de risico’s die deze kernwaarden bedreigen, de ernst van de gevolgen, met daaraan een kans van falen gekoppeld.

Figuur 4.2 Schematisch overzicht van werkpakketten RIOBASE

In 2021 is gewerkt aan werkpakket 3. Met gemeente Veere en Reimerswaal als eerste casusgemeenten is het raamwerk voor risicogestuurd rioolbeheer gevuld met data. Vervolgens is het raamwerk getest en gefinetuned. In de risico-matrix zijn de kernwaarden, ernst van gevolg en kans van falen uitgezet tegen elkaar. Deze risico-matrix is gedeeld en besproken met de betrokken organisaties van de SAZ+ in een digitale werksessie. Als input informatie voor het toepassen van de methodiek uit het raamwerk (opgesteld in werkpakket 2) wordt gebruik gemaakt van o.a. gegevens uit het rioolbeheer bestand, wegbeheergegevens, en rioolinspectiedata. Uit de analyse komt naar voren waar de meer en minder risicovolle rioolstrengen aanwezig zijn.

14

Jaarverslag SAZ+ 2021

Hier wordt ‘Ernst van het gevolg’ gekoppeld aan de te borgen ‘Kernwaarden’

Hier wordt ‘Ernst van het gevolg gekoppeld aan de ‘Kans van falen’ Kans x Gevolg = Risico

Dit is een conceptuele weergave, niet leesbaar

Figuur 4.3 Conceptuele weergave van een risico-matrix, samenhang tussen kernwaarden, ernst van gevolg en kans van falen om te bepalen of ingrijpen nodig is (locatie blauwe stip)

Voor het verder finetunen van de risicoanalyse is een gedetailleerde uitwerking gemaakt van de schades ‘toestandsaspecten’ die in het rioolstelsel kunnen voorkomen, de bijbehorende meest kritische faalwijze en de mogelijke faalkansen. Voor het classificeren van de faalkans is een hiervoor opgestelde ‘kans van optreden tabel’ met een classificatie opgesteld, gebaseerd op de handreikingen vanuit de stichting Rioned. In deze tabel is ook de koppeling gemaakt tussen ‘intensiteit van de schade’ (aantal schades per streng) en kans van falen. Daarbij is gebruik gemaakt van NEN normen en de ervaringen die rioolbeheerders hebben met falen van het systeem. Op specifieke faalmechanismen wordt verder ingezoomd. Bijvoorbeeld bij het instromen van lekwater is het van belang om te achterhalen of er inspoeling van zand/grond plaatsvindt. Dit heeft invloed op de kans van instorten. De risicomatrix vormt hiermee een filter waarvan naar eigen inzicht en behoefte de instellingen gefinetuned kunnen worden. Het voordeel van deze aanpak is dat afwegingen voor rioolbeheer op een transparante manier gemaakt worden en dat opmerkelijkheden in het rioolsysteem worden gesignaleerd. De resultaten van de analyse worden gevisualiseerd met behulp van Gis, zodat de uitkomst toegankelijk en snel inzichtelijk is. Deze visualisatie kan tevens als communicatiemiddel fungeren.

De eerste schifting die voorheen in het hoofd van de rioolbeheerder plaatsvond zal hiermee digitaal plaatsvinden. De rioolbeheerder heeft hiermee meer mogelijkheden om op de uitzonderlijke situaties in te zoomen. Voor het bepalen van het al dan niet nemen van maatregelen biedt de risico analyse ondersteuning. De methodiek is een beslissingsondersteunend instrument. Vanuit de koppeling naar de doelstelling van de organisatie wordt een strategie aanbevolen; of een risico genomen moet worden of dat er juist maatregelen getroffen dienen te worden om dit risico in te perken. Hiermee wordt de wisselwerking tussen doelstelling van de organisatie, de daarvoor benodigde onderhoudsmaatregelen met bijbehorende benodigde middelen transparant. Ook voor het bepalen van een maatregel biedt de risico analyse ondersteuning; met repressieve maatregelen wordt de impact van falen onderdrukt, middels preventieve maatregelen wordt de kans van falen onderdrukt.

15

Jaarverslag SAZ+ 2021

Figuur 4.4 Risico bepaling op basis van data om te komen tot een maatregelenafweging

De expertise van vakspecialisten is en blijft relevant voor het evalueren en continue verbeteren van de risicoanalyse voor het beheer van infrastructuur. Dit kan gaan over het verkrijgen van de juiste data als input voor de analyse of het finetunen van de afweging die gemaakt wordt op basis van praktijkervaringen. Ook cross-audits binnen SAZ+ verband zouden kunnen bijdragen aan het continue verbeteren van de analyse. Blijvende aandacht is nodig voor het optimaliseren van de afstemming tussen de strategische doelen van de organisatie en de operationele afwegingen in de analyse.

Relevantie risico gestuurd asset management In een situatie waarbij een asset management methodiek niet wordt toegepast, komt besluitvorming vaak tot stand op basis van kennis en ervaring van de vakspecialist. Dit kan zowel de organisatie als de positie van de specialist kwetsbaar maken. Tijdens het maken van keuzes is het minder transparant hoe deze bij de doelen van de organisatie aansluiten. Een risico matrix helpt bij het leggen van deze koppeling. Afwijken van de uitkomst van de risicoafweging op basis van expertise blijft altijd mogelijk en een kritische blik blijft noodzakelijk.

Eind 2022 wordt het RIOBASE project afgerond. Het eindproduct zal bestaan uit een praktisch toepasbaar raamwerk voor asset management van rioolsystemen dat gekoppeld kan worden aan het gemeentelijk rioolbeheerprogramma van de Zeeuwse gemeenten. Een leergang wordt vormgegeven voor beheerders bij Zeeuwse gemeenten (en voor toepassing in het hoger onderwijs) ter kennisdeling en het bestendigen van opgedane ervaringen. Een afrondende bijeenkomst van RIOBASE zal worden gehouden in de vorm van een eindsymposium. In vervolg op RIOBASE bestaat de kans om, in SAZ+ verband, de methodiek te implementeren bij de organisaties die dat graag willen. In gezamenlijkheid zal hiervoor een traject verkend worden.

16

Jaarverslag SAZ+ 2021

4.2 Gezamenlijk gemalenbeheer gemeenten Bevelanden en Tholen Vanuit het initiatief ‘Gezamenlijk gemalenbeheer Bevelanden en Tholen’ worden 1800 gemeentelijke rioolgemalen op operationeel en tactisch niveau beheert. (6 gemeenten) Middels een bottom-up aanpak en intensief samenwerken is dit project tot stand gekomen en wordt in 2021 voortgezet. Start In 2019 is veel aandacht uitgegaan naar verkennen, inventariseren, en bepalen van mogelijke knelpunten t.b.v. een uniforme bedrijfsvoering. Tevens is er een organisatiestructuur opgezet bestaande uit de domeinen organisatie, data, planvorming en operationele zaken. Het opstellen van een operationele visie op het beheer en onderhoud van de rioolgemalen is in begin 2020 afgerond in de vorm van een beheerplan. Hierin zijn o.a. de organisatiestructuur, taakverdeling, knelpuntenanalyse voor samenwerken, kwaliteitsniveaus gemalen, onderhoudsfrequenties, en de NEN3140 keuring vastgelegd. Er is een benchmark opgezet welke jaarlijks wordt uitgevoerd en na analyse een belangrijke graadmeter voor de samenwerking vormt. Bestek Vanaf half 2020 is de stap gezet naar de operationele uitwerking van het gemalenbeheer. Er is een gezamenlijk onderhoudsbestek aanbesteed. Xylem heeft het 2+1+1 jaar contract gegund gekregen op basis van kwaliteit, kosten en referentie op basis van contractgrootte.

De directievoering wordt uitgevoerd door twee beheerders die elkaars back-up vormen. Dit bestek vormt een belangrijke spil voor uniform beheer, materiaalkeuze en databeheer. Monitoring In 2021 is een gezamenlijk een contract voor Aquaview aangeschaft. Gezamenlijke operationele monitoring van aquaviewgemalen vind plaats door eigen personeel. Daarnaast gaat een tweetal beheerders zich in 2022 verder verdiepen in de analyse van de gemalen en beheerdata. Hiermee worden kentallen verkregen m.b.t. het aantal storingen, functioneren in bemalingsgebied, energieverbruik, areaalgrootte, kosten en uniformiteit en vulling van de data. Databeheer In 2021 is er gezamenlijk een “in-company” versie van het beheerprogramma XDM aangeschaft. De data van alle 6 de gemeenten is zo op één locatie beschikbaar voor de aannemer en om zelf exports en analyses op te kunnen maken. Installatieverantwoordelijkheid Tussen dezelfde gemeenten, met veelal dezelfde beheerders, is een samenwerking voor installatieverantwoordelijkheid voor de disciplines gebouwen, gemalen, openbare verlichting, havens en markten opgezet. Daarin vind ondersteuning plaats door een gecertificeerde externe installatieverantwoordelijke.

Figuur 4.5 Met behulp van XDM gepland onderhoud aan een gemaal in Goes

17

Jaarverslag SAZ+ 2021

4.3 Gezamenlijk gemalenbeheer Middelburg & Scheldestromen Waterschap Scheldestromen en gemeente Middelburg hebben elkaar in 2018 gevonden om samenwerking in het onderhoud van rioolgemalen in de praktijk te brengen. Vanaf 1 januari 2019 is het initiatief van start gegaan met een looptijd van 2 jaar. In deze pilot voerde het waterschap het onderhoud uit aan alle Middelburgse rioolgemalen. Doelstelling is om de kwetsbaarheid t.a.v. beheer van rioolgemalen te verminderen en de kwaliteit van het gemaalbeheer te borgen en verbeteren zonder meerkosten. In 2021 zijn de ervaringen uit de pilot gebruikt om te bepalen of en hoe beide partijen verder willen. Er zijn lessen getrokken over wat goed ging en wat er nog beter kan. Dat ging over allerlei aspecten van de samenwerking zoals personeel, organisatie, techniek, materieel en financiën. In 2021 is besloten om de samenwerking voort te zetten voor een periode van 10 jaar. Daarvoor wordt het volgende georganiseerd: -

Figuur 4.6 Onderhoudswerkzaamheden aan een spoelpomp van een gemaal in Middelburg. Op de foto: Taurus Krajenbrink.

Het waterschap gaat het onderhoud van de rioolgemalen voor Middelburg uitvoeren; het waterschap stelt een nieuwe operator aan voor de Middelburgse gemalen; een beperkt aantal, relatief eenvoudige taken wordt uitbesteed aan een onderhoudsaannemer; de gemaalbesturing van beide partijen wordt verder gekoppeld; alle gemalen gaan voldoen aan de Arbo-eisen; een duidelijke afbakening van de taken tussen waterschap en gemeente.

Alle afspraken staan in een samenwerkingsovereenkomst, die gemeente en waterschap begin 2022 hebben ondertekend. Aanvullend op deze samenwerking in het onderhoud, zullen gemeente en waterschap kijken hoe het beheer van de gemalen verder kan worden verbeterd. Wethouder Chris Dekker: “Door de gemeentelijk rioolgemalen op te nemen in het systematische onderhoudsregime van de waterschapsgemalen, zijn we als gemeente ontzorgd en is het onderhoud geborgd. Daarmee is de kwetsbaarheid van het gemeentelijke gemaalbeheer verder beperkt en wordt de kwaliteit verbeterd.”

Figuur 4.7 Ondertekening samenwerkingsovereenkomst gezamenlijk gemalenbeheer

18

Gert van Kralingen, waterschap Scheldestromen: ”We zijn blij om het onderhoud voor Middelburg voort te zetten. Met onze expertise in gemaalbeheer kunnen we de kwaliteit van het beheer verhogen en de totale afvalwaterketen integraal, dus als één geheel, beheren. Met deze positieve ervaring willen we peilen of ook andere gemeenten openstaan voor gezamenlijk gemalenbeheer.”

Jaarverslag SAZ+ 2021

4.4 Optimalisatie sturing afvalwater (procesautomatisering) Middels rioolgemalen zorgen SAZ+ organisaties ervoor dat het afvalwater in de rioolsystemen wordt afgevoerd naar de rioolwaterzuivering. Door deze rioolgemalen op een slimme manier aan te sturen kunnen de prestaties van het systeem worden verbeterd. In het project ‘Optimalisatie sturing afvalwater’ wordt gewerkt aan het uitwisselen van procesdata van de rioolgemalen tussen gemeenten en waterschap en het slim inregelen van de aansturing van de gemalen. Doelstelling van het project is; het verminderen van het overstortvolume vanuit het riool naar oppervlaktewater, het optimaal benutten en verdelen van de rioolcapaciteit (beschikbare berging benutten), energiebesparing van de gemalen en het beter functioneren van het zuiveringsproces. Binnen Zeeland komt de procesdata van de gemeentelijke gemalen op een aantal hoofdposten samen. Voor de Zeeuws Vlaamse gemeenten komt de procesdata samen in Sluis. Procesdata van de Bevelanden en Tholen komt samen in Goes, gehost door Xylem. De hoofdpost voor Walcheren is geplaatst in Veere. Schouwen Duiveland heeft hosting van Xylem.

Figuur 4.8 Pompput

Op de hoofdposten wordt gewerkt aan het leggen van een directe koppeling tussen de gemeente- en waterschap rioolgemalen. In totaal zijn nu 150 rioolgemalen gekoppeld (onderstaande tabel). Ten opzichte van eind 2020 is hierin geen verandering opgetreden, in 2021 zijn er geen koppelingen toegevoegd. In 2021 hebben voornamelijk de planningswerkzaamheden plaatsgevonden voor verdere uitrol in Terneuzen en Hulst en voor het plannen van werkzaamheden aan de bestaande koppelingen in Sluis. Hoofdpost Veere

Schouwen-Duiveland Goes

Sluis

Totaal

Gemeente Veere Middelburg Vlissingen Schouwen-Duiveland Goes Borsele Kapelle Reimerswaal Noord-Beveland Tholen Sluis Terneuzen Hulst

Aantal rioolgemalen gekoppeld Gemeente Waterschap 7 3 4 3 12 1 14 3 3 8 5 16 2 3 8 13 7 7 6 9 13 3 0 0 0 0 81 69

Totaal 10 7 13 17 11 21 5 21 14 15 16 0 0 150

In 2022 wordt ingezet op verbeteren van de bestaande koppelingen in gemeente Sluis. In gemeente Terneuzen en Hulst wordt in overleg met waterschap Scheldestromen de kansen en doelen van de gemaalkoppelingen afgestemd.

19

Jaarverslag SAZ+ 2021

4.5 Communicatie bewoners lozingen buitengebied In de Wet Milieubeheer is de verplichting voor gemeenten opgenomen om huishoudelijk afvalwater in te zamelen via riolering en voor waterschappen om dit afvalwater te zuiveren. Binnen dorpen en steden is dit vanzelfsprekend, maar in het buitengebied niet. In Zeeland lozen ruim 4000 percelen via een IBA (Individuele Behandeling Afvalwater) op oppervlaktewater. In Zeeland is in 2010 vastgesteld dat alle ongerioleerde percelen aan het eind van de KRWplanperiode (2027) moeten voldoen aan de wettelijke minimumeisen op het gebied van zuivering: een Verbeterde Septic Tank (VST). Dit besluit was ingegeven door het van kracht worden van het Besluit Lozing Afvalwater Huishoudens (BLAH). Het BLAH verplicht de perceeleigenaar om minimaal een VST te plaatsen bij afwezigheid van gemeentelijke riolering binnen 40m van de perceelsgrens. De VST moet een inhoud hebben van 6 m3 waarop al het afvalwater wordt aangesloten. In de oude situatie is meestal een veel kleinere septictank aanwezig waarop alleen het toilet is aangesloten. Omdat deze aanscherping ca. 3000 Zeeuwse bewoners treft en omdat er geen grote waterkwaliteitsproblemen werden verwacht vond men het in 2010 redelijk om hiervoor ruimte te geven tot 31-12-2027. Nieuwe of uitbreidende lozingen dienen wel per direct te voldoen aan het BLAH.

In 2016 zijn alle uitgangspunten ten aanzien van ongerioleerde lozingen in het buitengebied opnieuw getoetst. De eerdere afspraken uit 2010 zijn bevestigd in het ‘Beleid lozingen buitengebied’ dat op 21 april 2016 is vastgesteld door het BOSAZ. Tijdens een van de klankbordgroep overleggen in 2021 is door een gemeentelijk KBG lid aangegeven dat het van belang is om de Zeeuwse bewoners die uiterlijk 2027 een aanpassing aan de IBA dienen te doen tijdig op de hoogte te brengen en geïnformeerd te houden. Tijdens verschillende KBG overleggen in 2021 is dit onderwerp besproken en is besloten om ‘communicatie bewoners lozingen buitengebied’ in SAZ+ verband vorm te geven. In de klankbordgroep is gezamenlijk gekomen tot een aanpak voor 2022, deze aanpak is vastgelegd in jaarplan SAZ+ 2022. Waterschap Scheldestromen is de trekkende organisatie van dit initiatief. Dit vanwege de centrale rol die het waterschap heeft in Zeeland en de handhavende rol m.b.t. lozingen in het buitengebied. Een nauwe samenwerking tussen waterschap en gemeente is echter van belang om een gedegen lijst te verkrijgen van de aanwezige huishoudens die een IBA hebben die nog niet aan de norm voldoet, en dus geïnformeerd dienen te worden. Figuur 4.9 Schematische weergave geavanceerde IBA

20

Jaarverslag SAZ+ 2021

4.6 Rioolvreemd water De hoeveelheid rioolvreemd water die door de RWZI ‘s in Zeeland wordt verwerkt, is geschat op circa 16 miljoen m3 per jaar (op een totale hoeveelheid afvalwater van 58 miljoen m3). Relevante bronnen van rioolvreemd water zijn aangeduid, zoals instromend oppervlaktewater, aangesloten drainage, pompjes van kelders, lekwater in riolering of hemelwaterafvoer aangesloten op droogweerafvoer. De gemeentelijk rioolbeheerders in Zeeland zijn zich bewust van de aanwezigheid van rioolvreemd water en de gevolgen daarvan. In een poster zijn Do’s en Dont’s uitgewerkt voor het opsporen van rioolvreemd water. Zowel kansen voor het afkoppelen van regenwater als kansen voor het tegengaan van rioolvreemd water worden door gemeentelijk rioolbeheerders meegenomen op het moment dat het bestaande rioolsysteem aan onderhoud of vervanging toe is. Op het gebied van rioolvreemd water heeft deze vorm van ‘gedegen rioolbeheer’, waarbij effecten op de gehele keten worden overzien, in 2020 en 2021 aandacht gehad. Er zijn (buiten de uitvoering van het ‘gedegen’ rioolbeheer) in 2021 geen gerichte activiteiten met als primair doel het tegengaan van rioolvreemd water uitgevoerd. Voor de toekomst zal tegengaan van rioolvreemd water onderdeel blijven van het gedegen rioolbeheer. Of er in SAZ+ verband gerichte activiteiten komen op het gebied van rioolvreemd water, wordt nog afgewogen.

Figuur 4.10 Do’s en dont’s rioolvreemd water

21

Jaarverslag SAZ+ 2021

4.7 Hergebruik effluent RWZI Na zuivering van het afvalwater in een Rioolwaterzuiveringsinstallatie (RWZI) resteert het effluent dat in de meeste gevallen wordt teruggebracht in de natuur. Graag willen we verkennen of het effluent een nuttige toepassing kan krijgen als zoetwaterbron. Een circulaire aanpak waarbij effluent als waardevolle bron wordt toegepast draagt bij aan de duurzaamheid van onze samenleving. Eveneens kan het decentraliseren van zoetwaterbronnen in Zeeland de kwetsbaarheid t.a.v. watertekorten verlagen. In SAZ+ verband is er in het verleden gekeken naar concrete mogelijkheden voor hergebruik van effluent vanuit RWZI’s (Rioolwater zuiveringsinstallaties). In 2020 is onder andere een business case uitgewerkt voor het verder zuiveren en toepassen van effluent van de RWZI in Hulst. Dit blijkt nog niet haalbaar met de huidige zuiveringseisen en marktprijs van het al beschikbare water. In 2022 is ervoor gekozen om niet direct andere business cases te verkennen of uit te werken, maar om eerst een gedegen inzicht te krijgen in de watervraag en aanbod in Zeeland. In het Zeeuws Deltaplan Zoetwater heeft waterschap Scheldestromen de ambities voor zoetwater beschreven samen met Provincie Zeeland en andere partijen. Effluent is hierin opgenomen als een van de opties die verder uitgewerkt kan worden.

Binnen waterschap Scheldestromen is gedegen inzicht verkregen in het belang om nieuw beleid voor hergebruik van effluent op te stellen. Vooralsnog wordt er gewerkt met vastgestelde richtlijnen, maar nieuwe wetgeving en de toenemende vraag naar zoetwater vragen erom dat het beleid wordt herzien. In 2022 en 2023 zal het nieuwe beleid worden uitgewerkt, dit is met name van belang voor het landelijke gebied. In een logisch volgende stap zal ook gekeken worden naar de richtlijnen rond decentraal zuiveren’. Mogelijk is hier nieuw beleid voor nodig, of moeten duidelijke kaders worden uitgewerkt. Onder andere in SAZ+ verband zal dit onderwerp worden besproken. Figuur 4.11 Waterfabriek, de nieuwe bron

22

Jaarverslag SAZ+ 2021

5. Programmalijn 3. Water in de bebouwd kom, klimaatbestendigheid in beeld 5.1 Stedelijke Water Opgave Uitvoeringsprogramma De in 2017 uitgevoerde ‘QuickScan kwetsbare locaties’ geeft een goed beeld van de gebieden die in Zeeland mogelijk kwetsbaar zijn voor de weerbeelden kort hevig nat of langdurig nat. De Quick scan is onder andere input geweest voor de klimaatstresstesten die de gemeenten in 2018/2019 hebben uitgevoerd. Deze testen zijn een stap in een bewustwordingstraject om het omgaan met de effecten van klimaatveranderingen een plek te geven in ons doen en laten. Op gebied van regenwateroverlast is vanuit de samenwerking expertise ingebracht in de Provinciale Klimaatadaptatiestrategie. Na de uitvoering van de QuickScan naar mogelijk kwetsbare locaties is gestart met de uitvoering van de Stedelijke Wateropgave (SWO) onderzoeken. De stedelijke wateropgave betreft gebiedsbeschouwing, knelpuntenanalyse en formulering van integrale maatregelenpakketten om schade door wateroverlast en droogte in het stedelijk gebied zo veel mogelijk te voorkomen. Riolering en de openbare ruimte (waaronder de openbare wegen, het openbaar groen en het stedelijk oppervlaktewater) worden hierbij als één samenhangend systeem beschouwd. In 2021 zijn minder SWO onderzoeken uitgevoerd dan voorgaande jaren.

Het werken op afstand is een belemmering gebleken voor het samenwerken aan integrale planvorming. In 2021 is met name ingezet op het uitwerken van de maatregelen die uit eerder afgeronde SWO analyses naar voren zijn gekomen. De pakketten van maatregelen, voorkomend uit eerder afgeronde SWO onderzoeken, zijn interessant gebleken voor het aanvragen van subsidie vanuit de Impulsregeling Klimaatadaptatie. Deze subsidie stelt gemeenten en waterschap in staat om versneld adaptatiemaatregelen door te voeren. De planning voor het uitvoeren van SWO onderzoeken heeft, in overleg met de gemeenten en waterschap, een update gekregen. Conform de huidige planning is het mogelijk om de SWO onderzoeken voor alle kernen met verhoogde mate van urgentie (op basis van de quickscan 2017 en op basis van de wensen vanuit gemeenten) voor het einde van 2023 afgerond te hebben. De behoefte vanuit de gemeente, als initiatiefnemer van de SWO onderzoeken, blijft hierin leidend. Figuur 5.1 Wateroverlast na korte hevige neerslag

23

Jaarverslag SAZ+ 2021

5.2 Klimaatadaptatie strategie Zeeland (KASZ) In Zeeland werken de gezamenlijke overheden aan de Klimaatadaptatie Strategie Zeeland. Deze strategie is in 2021 door de afzonderlijke besturen van de betrokken overheden vastgesteld. De gezamenlijke ondertekening vindt plaats in eerste helft 2022. De SAZ+ maakt deel uit van het bestuurlijk en ambtelijk kernteam KASZ en levert input op de klimaatthema’s regenwateroverlast en droogte met een focus op stedelijk gebied. Deze betrokkenheid heeft in 2021 de mogelijkheid gegeven om gebruik te maken van de Tijdelijke Impulsregeling Klimaatadaptatie. Het Rijk heeft daarvoor ca. € 7 miljoen voor de regio Zeeland beschikbaar gesteld. De maatregelen die uit de onderzoeken van de Stedelijke Water Opgaven voortkomen kunnen op basis van een cofinanciering van 33%, voor deze regeling in aanmerking komen en zo versneld worden uitgevoerd. In 2021 is een eerste tranche geweest waarin projecten konden worden ingediend. Tot eind juni 2022 loopt een tweede tranche en daarna volgt nog een derde tranche met een kwaliteitsbeoordeling voor de toekenning van de dan nog beschikbare middelen. Na vaststelling van de KASZ zal deze samenwerking gericht zijn op de uitvoering van de uitvoeringsagenda KASZ. Naast de uitvoering van de SWO en de daaruit voortvloeiende maatregelen zijn twee andere projecten in de uitvoeringsagenda opgenomen.

In het jaarplan SAZ+ 2022 zijn deze opgenomen om draagvlak te verkennen: -

24

Grondwater; in beeld brengen van de opgaven Grondwater; gezamenlijk beleid ontwikkelen

Jaarverslag SAZ+ 2021

6. Kennisuitwisseling Klankbordgroep SAZ+ Binnen de SAZ+ klankborgroep wordt geregeld aan kennisuitwisseling gedaan. In 2021 is onder andere kennis uitgewisseld over praktijkervaringen op de rioolwaterzuivering ten aanzien van afkoppelen van hemelwater, Integraal beheer van het rioolsysteem in Vlissingen en de Toekomstbestendige openbare ruimte ontwikkeld in gemeente Vlissingen. RWZI Ritthem; Werking van de rioolwaterzuiveringsinstallatie. Ervaringen op de zuivering ten aanzien van afkoppelen van hemelwater, influentvracht bij dwa en rwa, zuiveringsrendementen bij verschillende scenario’s.

Integraal beheer door de jaren heen, gemeente Vlissingen; naar een wijkgerichte integrale aanpak.

Toekomstbestendige openbare ruimte, gemeente Vlissingen; Optimaliseren ruimtegebruik, effectief inzetten van financiële middelen en verminderen van ongemak voor de burger, door een wijkgerichte aanpak, het koppelen van kapitaalgoederen en een kwaliteit gestuurde inrichting. Riolering Wegen Groen

Kades Overige opgaves

Projectbudget Kennis in de regio In 2021 is door ‘Kennis in de regio’ contact gelegd met de SAZ+. Dit is een initiatief van de STOWA (Stichting Toegepast Onderzoek Waterbeheer) en Stichting Rioned (koepelorganisatie in Nederland voor de goede zorg voor afvalwater, hemelwater en grondwater in steden en dorpen). Door deze kennisorganisaties (waarvan alle gemeente en waterschap lid zijn) zijn in de loop der jaren veel ‘tools’ ontwikkeld. De bekendheid van die tools is laag en als gevolg daarvan ook het gebruik. In december 2021 is een eerste verkenning gedaan welke tools interessant zijn om nader toe te lichten bij de SAZ+. In 2022 wordt een combinatie met de deelnemende medewerkers aan de KASZ verder uitgewerkt.

25

Jaarverslag SAZ+ 2021

7. Kostenontwikkeling SAZ+ In Zeeland is afgesproken om de jaarlijkse kosten van de afvalwaterketen met 12 miljoen euro te beperken tot 70 miljoen euro per jaar in 2020 (prijspeil 2013). De SAZ+, in het bijzonder de werkgroep Monitoren kostenontwikkeling, heeft jaarlijks de kosten in beeld gebracht op basis van de jaarrekeningen van de afzonderlijke organisaties. Praktisch betekent dit, dat na vaststelling van de jaarrekeningen de werkelijk gemaakte kosten van 2020 eind 2021 bekend zijn en in dit jaarverslag verwerkt kunnen worden. De resultaten over 2020 zijn extra interessant, omdat ze aangeven of de doelstelling aangaande het realiseren van minder meerkosten zijn gerealiseerd. In dit jaarverslag gaan we daarom wat dieper op deze resultaten in. De kosten en tarieven ontwikkeling van het drinkwaterbedrijf zijn in de afgelopen 10 jaar niet binnen SAZ+ verband gemonitord.

Jaarlijkse kosten in relatie tot (geïndexeerd) kostenplafond Onderstaande grafiek geeft de kosten per jaar aan. Deze kosten zijn op basis van het actuele prijspeil van het betreffende jaar. De ‘doelbedragen’ (blauwe lijn) zijn hierin geïndexeerd en geeft het kostenplafond aan. Ook moet rekening worden gehouden met ontwikkelingen die kostenverhogend hebben gewerkt in de beschouwde periode.

Uitgaande van het feitenonderzoek uit 2010 (van VEWIN, VNG en UvW), dat bepalend is geweest voor de te realiseren ombuiging naar minder meerkosten, was de verwachting dat tot 2020:  De kosten voor rioleringsbeheer met 30% toenamen.  De kosten voor zuivering een stijging van bijna 20% lieten zien.  De kosten voor drinkwater bij gelijke belastingdruk vrijwel constant bleven. Aangenomen werd dat door samenwerking in de gehele waterketen een kostenreductie van ca. 14,5% mogelijk was in 2020. Zonder ombuiging was de verwachting dat de (geïndexeerde) jaarlijkse kosten voor het waterschap en de Zeeuwse gemeenten in 2020 tot €87,5 miljoen zouden stijgen. Aan de visitatiecommissie is destijds aangegeven dat de ombuiging voor wat betreft gemeenten en waterschap in Zeeland er toe leidt dat de totale kosten in 2020 maximaal stijgen tot €70 miljoen

26

Jaarverslag SAZ+ 2021 (prijspeil 2013). Op basis van de CBS-indexering (Grond-, weg- en waterbouw) komt dit bedrag voor de totale jaarlijkse kosten o.b.v. prijspeil 2020 uit op € 75,2 miljoen. Dit betekende een vermindering van de jaarlijkse kosten van ca. €12,3 miljoen (prijspeil 2020). Met het resultaat van de werkelijke kosten van € 73,7 miljoen in 2020 zijn we daar nog eens 2% onder gebleven. Daarmee is in de afvalwaterketen een ombuiging van jaarlijks € 13,8 miljoen bereikt. De volgende factoren hebben ook nog invloed gehad op de stijging van de kosten:    

bijkomende kosten (ca. € 3 miljoen) die doorgerekend (mogen) worden in de rioolheffing, de areaal uitbreidingen (m.n. operationele kosten naast mogelijk investeringen), uitbreiding van de zorgplichten van alleen afvalwater naar ook regenwater en grondwater, die nog niet in alle GRP’s verwerkt waren/zijn, de klimaatmaatregelen

Deze factoren zullen bij elkaar gezorgd hebben voor een stijging van minimaal 4 % door de bijkomende kosten. Voor de overige factoren ontbreekt voldoende inzicht om het aandeel daarvan in de stijging te benoemen. Het werkelijke resultaat van de ombuiging van de kosten is door de genoemde factoren dus groter dan de geformuleerde doelstelling. Interessant is om dit in relatie te zien met de doelmatigheidswinst. Is alles wat gepland was ook uitgevoerd met dezelfde kwaliteit die gewenst was/is? En hoe staat het met de kwetsbaarheid, zijn alle partijen voorzien van voldoende capaciteit aan medewerkers met het gewenste kennisniveau? Dit is niet geïnventariseerd en gemonitord. Stijging van de heffingen Kijken we naar de ontwikkeling van de riool- en zuiveringsheffing tussen 2010 en 2020 dan zien we het volgende beeld: Het gemiddelde van alle heffingen in 2010 was €160 per aansluiting en is in 2020 met 46% gestegen naar €233 per aansluiting. De indexering bedraagt over deze periode ca. 14 % waarmee de toename door andere factoren ca. 32% is. De zuiveringsheffing is met 8 % van €319 naar €341 gestegen. Dat is minder dan de stijging van de indexering. De gemiddelde rioolheffing van de Zeeuwse gemeenten is met 52 % van € 148 naar € 225 gestegen. De stijging van de rioolheffingen per gemeente varieert van 1% tot 380%. De verklaring voor deze grote variatie is:  

dat een aantal gemeenten de politieke keuze hebben gemaakt om in de beschouwde periode de kostendekkendheid van de rioolheffing naar/richting 100% op te trekken, het toerekenen van de hierboven genoemde (bijkomende) kosten aan de rioolheffing

Daarnaast spelen mogelijk, want dit is niet geïnventariseerd, ook (exogene) kosten, zoals:  stijging kosten kwijtschelding 1  daling rente1  doorberekenen van btw in de heffing 1

27

Rapport Coelo: rapport-berekening-doelmatigheidswinst-gemeentelijk-waterbeheer

Jaarverslag SAZ+ 2021

Leren van de afgelopen jaren Het is nuttig om nader via ‘benchmarken’ binnen Zeeland te kijken op welke (verschillende) wijzen dit resultaat tot stand is gekomen en welke effecten genoemde factoren en keuzes hebben. In 2021 is voor de werkgroep kostenmonitoring een project voor verdieping in de (grondslag van de) rioolheffing in het jaarplan 2022 opgenomen. Het doel is onderzoek naar mogelijkheden om te komen tot:      

meer uniformiteit in de heffingen van de Zeeuwse gemeenten rechtvaardigere heffingen (integrale) heffingen die duurzaamheid, klimaatadaptatie stimuleren relevante heffingen (bijdrage gerelateerd aan soort pand/perceel) lage(re) perceptiekosten aansluiten bij vervolg van onderzoek Terneuzen

En daarbij ervaringen en kennis delen met elkaar, zodat niet elke gemeente zelf hier (opnieuw) onderzoek naar gaat doen. Hierbij kan gebruik gemaakt worden van de beschikbare rapportage van het onderzoek naar een andere grondslag voor de rioolheffing van de gemeente Terneuzen.

8. Financiën 2020 Onderstaande tabel geeft de inkomsten en uitgaven aan in 2021. De uitgaven zijn binnen de begroting gebleven. Het boekjaar 2021 is afgesloten met een batig saldo van € 15.225 . Inkomsten SAZ+ (bijdragen Scheldestromen, Evides, de 13 Zeeuwse gemeenten) Budget SAZ+

€ 182.500

Uitgaven SAZ+ Uitgaven (zie specificatie)

Specificatie uitgaven 2020

Uitgaven

Personeelskosten programmamanagement (1,2 fte)

€ 122.300

Externe kosten (Pleio, extern advies)

€ 26.857

Verrekening kosten inzameling medicijnresten met OLAZ

€ 15.214

Overige kosten (netwerkbijeenkomst, verslaglegging)

€ 1.020

Onvoorzien (opbrengsten bijdrage risicodialoog ikv KASZ)

€ 1.652

Totaal

28

€ 167.274

€ 167.274

Jaarverslag SAZ+ 2021

Verschil inkomsten en uitgaven Batig saldo 2020

€ 15.225

Het positieve saldo van 2021 hangt samen met de volgende posten: o Personeelskosten zijn lager in verband met vacature van Strategisch Adviseur van 4 maanden (ca. €20.000) De voorziening die hiervoor in 2021 was bijgeraamd, is niet aangesproken. o Daartegenover staan extra uitgaven van met name de inzameling van medicijnresten via de milieustraten. De hoeveelheid medicijnafval is in 2021 met ca. 20 % gestegen. Het batige saldo 2021 wordt toegevoegd aan de reserve, die per 1 januari 2021 € 35.363 bedroeg. Hierdoor is de reserve op 31 december 2021 gelijk aan € 50.588. Deze reserve wordt ingezet voor externe ondersteuning van diverse projectgroepen voor de uitvoering van het jaarplan 2022.

29

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11812792/1