CConstaterende datHulst
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage_Routekaart Gemeentelijk vastgoed 2025 - 2028

Gemeenteraad 18 september 2025, gemeente HulstBij agendapunt: Raadsvoorstel routekaart Gemeentelijk Vastgoed7.660 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Routekaart verduurzaming voor de vastgoedportefeuille van de gemeente Hulst 6 juni 2025

1

Colofon Referentie

20250606/692/CvH/PB

Contactpersoon

Hans de Doelder

Organisatie

Gemeente Hulst

Auteurs

Colette van Happen, MSc. Pim Bressers, MSc.

2

INHOUDSOPGAVE MANAGEMENTSAMENVATTING ................................................................................. 4 01

AANLEIDING..................................................................................................... 7

02

SCOPE, NULMETING EN OPGAVE ......................................................... 10 Scope van de routekaart ................................................................................. 10 Nulmeting ........................................................................................................... 10

03

VERDUURZAMEN. HOE DAN? ................................................................ 14 Verduurzamen. Hoe dan? .............................................................................. 14 BENG, ENG en energielabels ......................................................................... 14 Verduurzamen gaat verder dan energie .................................................... 14 Uitgangspunten en advies maatregelen ..................................................... 15 Kengetallenbibliotheek en berekeningen ................................................... 15

04

PRIORITERING EN INVESTERING .......................................................... 19 De verduurzamingsopgave tot en met 2030 ............................................. 19

05

OPGAVE 2050 EN VERVOLG .................................................................... 24 De verduurzamingsopgave tot en met 2050 ............................................ 24 Aandachtspunten ............................................................................................. 25 Van routekaart naar uitvoering .................................................................... 25 Monitoring en energie coaching.................................................................. 26 Herijken routekaart .......................................................................................... 26

BIJLAGE 1 – DE OBJECTENLIJST IN SCOPE ............................................................ 27 BIJLAGE 2 – VERDUURZAMINGSMAATREGELEN PER OBJECT..................... 28 BRONVERMELDING ......................................................................................................... 29

3

MANAGEMENTSAMENVATTING

100% 100%

Resterende CO2-uitstoot

De gemeente Hulst staat voor de opgave om al haar vastgoed in eigendom te verduurzamen en daarmee te voldoen aan de (inter)nationale klimaatdoelstellingen. Binnen de gemeentelijke portefeuille (het vastgoed in eigendom van gemeente Hulst) richten we ons voor deze routekaart specifiek op het maatschappelijke vastgoed. Hierbinnen valt alles met een maatschappelijk doel, zoals eigen huisvesting, musea, buurthuizen, brandweerkazernes en sporthallen. Voor de onderwijshuisvesting wordt separaat een routekaart opgesteld, in lijn met het IHP. We verwijzen in deze rapportage naar de maatschappelijke portefeuille in eigendom van de gemeente Hulst

80% 60%

45%

40% 20%

5%

0%

(exclusief onderwijshuisvesting) naar de ‘maatschappelijke portefeuille’. Voor het

1990

overig maatschappelijk vastgoed in eigendom van derden vervult de gemeente vooral

2025

EU-doel 2030

een voorbeeldrol en de rol van gesprekspartner om de verduurzaming aan te jagen. Verder heeft de gemeente in de verduurzaming daarvan geen directe

58,2%

-13,2%

2030

2035

2040

2045

Huidige portefeuille

2050

Routekaart

Figuur 1: Schematische weergave van de geplande verduurzaming tot 2050

verantwoordelijkheid. De opgave Het doel

Deze routekaart richt zich op de verduurzaming van de maatschappelijk portefeuille

Het Klimaatakkoord stelt als doelstelling om in 2050 (nagenoeg) energieneutraal te

die in eigendom is van de gemeente Hulst, exclusief onderwijshuisvesting. De scope

zijn, met een tussenstap van 55% reductie van de CO2-emissie in 2030. De routekaart

bevat 17 gebouwen of gebouwdelen met een totaal bruto vloeroppervlakte van circa

verduurzaming geeft antwoord op de vraag hoe de gemeente de komende periode

22.600 m2 BVO. De huidige portefeuille stoot jaarlijks circa 930 ton kg CO2 uit. Dat

invulling gaat geven aan de doelstelling. Waar beginnen we met verduurzamen, en

staat gelijk aan de gemiddelde CO2-uitstoot van 55 huishoudens in Nederland1. Deze

waarom? Hoeveel gaat het kosten? De routekaart is bedoeld als strategisch kader voor

uitstoot moet in 2050 naar nagenoeg 0 kg CO2 gebracht zijn.

de verduurzamingsopgave van de maatschappelijke portefeuille. Hieruit volgt een overzicht van investeringen om toekomstig budget vast te stellen voor de

Verduurzamingsmaatregelen

verduurzaming.

Om de CO2-uitstoot te reduceren is een pakket van maatregelen samengesteld. De maatregelen komen daarbij voor vrijwel alle gebouwen op hetzelfde neer:

De CO2-reductie van de gemeente Hulst ten opzichte van 1990 is ingeschat op 41,8%

-

Goed isoleren en kierdichting verhogen

(in lijn met de uitgangspunten uit de sectorale routekaarten4 en de vastgestelde

-

Toepassen van warmteterugwinning op ventilatie

emissieregistratie van het Rijk5). Dat betekent dat voor de tussendoelstelling in 2030

-

Aardgasvrij maken en het installeren van een alternatieve warmtebron

nog circa 13,2%-punt moet worden bespaard. Een schematische weergave hiervan is

-

Zonnepanelen plaatsen

weergegeven in Figuur 1.

4

Advies bij verduurzamen

circa € 14,4 miljoen. Voor de gehele looptijd (2025-2050) is daarmee een investering

Bij het verduurzamen van de vastgoedportefeuille raden wij aan om de volgende

van circa € 15,2 miljoen geraamd voor het CO2-neutraal maken van de

uitgangspunten te hanteren:

vastgoedportefeuille. Dit is inclusief kostenverhogende BTW (conform

‒

‒

Realiseer nieuwbouw nu al energieneutraal (ENG). Dat is een plus bovenop wat

mengpercentages gemeente Hulst) en 41% opslagen. Omgerekend resulteert dit in

het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl, voorheen Bouwbesluit) nu voorschrijft

een gemiddelde investering van circa € 608.000 per jaar tussen 2025 en 2050. Naast

(BENG). Echter is het voor overheidsinstanties vanaf 2028 verplicht om

investeringskrediet vraagt de verduurzamingsopgave ook om voldoende ambtelijke

nieuwbouw emissievrij op te leveren.

capaciteit en kennis van verduurzaming. Mogelijk is het aanstellen van een

Maak zoveel mogelijk gebruik van de natuurlijke momenten. Zowel de

projectleider verduurzaming benodigd om de projecten vanuit de Routekaart ook

vervangingsmomenten uit het meerjaren onderhoudsplan (MJOP) als het

daadwerkelijk tot uitvoering te kunnen brengen.

natuurlijke vervangingsmoment vanuit de leeftijd van gebouwen. ‒

‒

De periode tot aan de doelstelling van 2030 is nog maar beperkt. Begin daarom,

Vervolg

naast de lopende projecten, met gebouwen die relatief gemakkelijk en snel

De volgordelijkheid van de verduurzaming is sterk afhankelijk van de type gebouwen

opgepakt kunnen worden. Verduurzaming van bijvoorbeeld monumenten is

en het gebruik ervan in de gemeente Hulst. De wens is om de verduurzaming te

veelal complex en daarmee de planvorming langdurig. Technologie ontwikkelt

combineren met natuurlijke vervangingsmomenten en al bestaande plannen van een

zich snel, dus is het de kunst om toekomstige ontwikkelingen niet in de weg te

gebouw. Hiermee worden kosten en werkzaamheden bespaart. Een gedeelte van de

zitten.

vastgoedportefeuille van gemeente Hulst is sterk verouderd en is toe aan een grotere

Stuur naast fysieke verduurzamingsingrepen ook op energieverlaging bij de

bouwkundige ingreep (grootschalige renovatie of nieuwbouw). In eerste instantie lijkt

gebruiker. Bijvoorbeeld door monitoring en energie coaching.

het voor deze gebouwen een goede keuze om aan te sluiten op hun natuurlijke vervangingsmoment en deze als eerste aan te pakken. Echter is het

Op weg naar de doelstellingen

toekomstperspectief voor deze gebouwen veelal onduidelijk. Er ontbreekt een

De gemeente Hulst heeft al voor 3 gebouwen verbouw of nieuwbouwprojecten in de

duidelijke vastgoedstrategie of accommodatieplan voor deze gebouwen, waardoor

planning staan voor de komende jaren. Ook worden er 2 gebouwen afgestoten

het niet duidelijk is hoelang deze gebouwen nog in huidige vorm blijven bestaan.

waarvan de huidige invulling in andere gebouwen van de gemeente ondergebracht

Daarom wordt er in deze routekaart gekozen om eerst aan te sluiten op bestaande

wordt. Met deze geplande ingrepen bereikt de gemeente tot aan 2030 al een reductie

bouwplannen en daar zo veel mogelijk verduurzaming toe te passen. Vervolgens

van 54,3%. Dat is ‘slechts’ 0,7% minder dan de doelstelling van 55% reductie in 2030

worden de gebouwen waar meer zekerheid in het toekomstige gebruik over bestaat,

ten opzichte van 1990. Op de korte termijn (2025-2030) is het voorstel om het

zoals de ambtelijke huisvesting, brandweerkazernes en musea, verduurzaamd. De

gebouw van de gemeentewinkel (Grote Markt 24) stapsgewijs verder te

buurtcentra worden verder in d

verduurzamen. Voor de eerste stap, het isoleren van het pand, wordt €875.000 (incl.

Kortom, om grip te krijgen op de verduurzamings- en vernieuwingsopgave is

btw) geraamd. Op de langere termijn (2030-2050) wordt een warmtewissel toegepast

duidelijkheid in het perspectief van de gebouwen benodigd. Het helpt de organisatie

voor de gemeentewinkel en worden de overige 11 gebouwen verduurzaamd. Het

en alle andere betrokkenen om te komen tot een Strategisch vastgoedplan en/of

verduurzamingsgedeelte van deze investeringen op de lange termijn is geraamd op

Accommodatieplan waarin deze duidelijkheid gecreëerd wordt.

5

01 Aanleiding 6

01

vastgoed met een maatschappelijke functie. Denk hierbij aan buurthuizen, musea

AANLEIDING

Het Klimaatakkoord2 stelt als doelstelling om in 2050 (nagenoeg) energieneutraal zijn. Hiervoor wordt een tussenstap genomen van 49% CO2-reductie in 2030 ten opzichte van 1990. De EU3 heeft dit doel verhoogd tot 55%. De Nederlandse overheid heeft deze EU-doelstelling formeel bekrachtigt. Het reduceren van CO2-emissie is daarmee niet langer enkel een ambitie maar ook een wettelijke verplichting. Gemeente Hulst is verantwoordelijk voor de verduurzaming van haar gemeentelijk vastgoed om zo te voldoen aan de (inter)nationale klimaatdoelstellingen. Om de verduurzamingsdoelstelling te vertalen naar een concrete strategie wordt er per domein een routekaart uitgewerkt.

en sportaccommodaties. 3.

Overig: overig vastgoed kan bestaan uit tijdelijke exploitatie en parkeerfaciliteiten. Dit is niet van toepassing voor gemeente Hulst.

Deze routekaart richt zich op de verduurzaming van het maatschappelijk vastgoed in eigendom van de gemeente Hulst, met uitzondering van de onderwijsportefeuille. Vanwege de complexiteit van de onderwijsportefeuille en de samenhang met het IHP wordt de verduurzaming van het onderwijsvastgoed behandeld in een aparte routekaart. De gemeente Hulst is daarnaast niet direct verantwoordelijk voor de verduurzaming van het maatschappelijke vastgoed dat in eigendom is van derden. In deze routekaart ligt de focus op het reduceren van de gebouw-gebonden CO2-

Figuur 2: Verdeling van gemeentelijk vastgoed naar subdomeinen

uitstoot. Dit is de CO2-uitstoot welke wordt veroorzaakt door het verwarmen,

Gemeentelijk vastgoed

Commercieel

Eigen huisvesting

Maatschappelijk

Onderwijshuisvesting

Overig

Overig maatschappelijk

verlichten en ‘normaal gebruiken’ van een gebouw. Verduurzaming verlaagt hierbij de energievraag en stimuleert het gebruik van duurzame energie. De routekaart geeft handvatten voor verduurzaming en inzicht in de opgave en keuzes voor prioritering. Waar wordt begonnen en waarom? Wat is de financiële impact? De routekaart als strategisch kader De routekaart is bedoeld als strategisch kader voor de verduurzamingsopgave van het maatschappelijk vastgoed in eigendom van de gemeente Hulst. Onderdeel

Het gemeentelijk vastgoed betreft al het vastgoed dat in eigendom is van de

van het strategisch kader is een overzicht van investeringen om toekomstig budget

gemeente Hulst. Hierin kan onderscheid worden gemaakt naar drie domeinen zoals

vast te stellen voor de verduurzaming. De berekeningen zijn gemaakt op basis van de

gevisualiseerd in Figuur 2:

huidige technieken en met de meest voor de hand liggende oplossingen. In de praktijk

1.

Commercieel vastgoed: het vastgoed in eigendom van de gemeente dat ingezet

zal blijken dat het gebruik verandert, elk gebouw anders is, er met alternatieven

wordt voor commerciële doeleinden zoals winkels, bedrijfspanden en kantoren.

gewerkt kan worden en dat technieken zich de komende periode ontwikkelen. Dat is

Dit is niet van toepassing voor gemeente Hulst.

een van de redenen waarom de routekaart iedere 4 jaar herijkt dient te worden.

2.

Maatschappelijk vastgoed: vastgoed dat bijdraagt aan een maatschappelijk beleidsdoel. Binnen het maatschappelijk vastgoed wordt onderscheid gemaakt

Er wordt in deze fase gerekend met kostenkengetallen. Het zal blijken dat de

naar de subdomeinen eigen huisvesting, onderwijshuisvesting en overig

investering in de praktijk voor sommige gebouwen goedkoper kan en voor andere

7

gebouwen toch duurder wordt. Dat vraagt om programmasturing op de hoofddoelen met flexibiliteit in de onderliggende projecten en maatregelen. Verduurzaming kent naast CO2-reductie vele baten. Verduurzaming van gebouwen zorgt voor meer comfort en een beter welzijn van de gebruikers van het gebouw. Een prettige werkomgeving zorgt daarbij voor een hogere medewerkerstevredenheid. Aansluiten bij VNG-richtlijnen Het Klimaatakkoord bepaalt dat grote gebouweigenaren, waaronder gemeenten, via vierjaarlijkse routekaarten op portefeuilleniveau in beeld brengen welke maatregelen zij al hebben getroffen en hoe zij naar de doelstellingen van 2030 en 2050 toe werken. Deze routekaart heeft een functie als uitvoeringsagenda voor de eerste periode van 4 jaar en geeft een doorkijk voor de jaren daarna. De routekaart dient iedere vier jaar te worden herzien. Deze herziening wordt gebruikt om de volgende periode van 4 jaar in detail uit te werken, aansluiting te vinden bij de laatste, in Nederland vastgestelde, wet- en regelgeving maar ook mee te kunnen bewegen met (technische) ontwikkelingen. Gelet op het richtinggevende kader van de routekaart is een uitwerking op kengetallen het advies vanuit VNG. In de vervolgstap, de uitvoeringsfase, kunnen de projecten in de eerste termijn in detail worden uitgewerkt.

Een algemeen uitgangspunt van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten is dat gemiddeld 15% van de investering gedekt kan worden vanuit de MJOP4. Leeswijzer Dit rapport is in delen opgebouwd, zodat stapsgewijs wordt toegewerkt naar de routekaart met een planning en investeringsopgave. De scope, nulmeting en opgave worden in Hoofdstuk 2 toegelicht. Hoofdstuk 3 beschrijft de wijze waarop de objecten verduurzaamd worden. In Hoofdstuk 4 wordt de prioritering en de financiële impact van de routekaart beschreven. In Hoofdstuk 5 lichten we het vervolg toe.

8

02 Scope, nulmeting en opgave 9

02

SCOPE, NULMETING EN OPGAVE Scope van de routekaart

Zoals beschreven in Hoofdstuk 1 richt deze routekaart op het maatschappelijke portefeuille (exclusief onderwijs) in eigendom van gemeente Hulst. Vanaf nu refereren we hieraan als de ‘maatschappelijke portefeuille’. De maatschappelijke portefeuille van de gemeente Hulst bestaat in eerste instantie uit 25 gebouwen. In samenwerking met de ambtelijke organisatie van de gemeente Hulst is de definitieve scope aangebracht. Hierbij zijn zeven objecten uit de scope gehaald die binnen onderwijsgebouwen gehuisvest worden, denk hierbij bijvoorbeeld aan bibliotheken in scholen. Deze objecten maken geen deel uit van deze routekaart, maar zullen een plek krijgen in de routekaart voor de onderwijshuisvesting. Daarnaast maken twee onverwarmde objecten geen onderdeel uit van de routekaart.

Nulmeting De werkelijke CO2-uitstoot van de vastgoedportefeuille in 1990 is door de gemeente Hulst niet gemeten of te achterhalen. Dit geldt voor alle gemeenten in Nederland. Om de opgave alsnog te kunnen bepalen, is er vanuit het Rijk gerekend aan de historische verduurzaming sinds 1990. Jaarlijks worden hiervoor percentages gepubliceerd die organisaties kunnen hanteren als basis om te berekenen of de duurzaamheidsdoelstellingen worden behaald. In deze berekening wordt meegenomen in hoeverre de gebouwde omgeving van Nederland duurzamer wordt. Ook in deze routekaart nemen we deze berekening als uitgangspunt. Aan de hand van de uitgangspunten uit de sectorale routekaarten5 en de vastgestelde emissieregistratie van het rijk6, is de CO2-reductie van de gemeente Hulst in de periode van 1990 tot en met september 2024 ingeschat op circa 41,8% (peildatum september 2024). Deze reductie betreft de historische CO2-vermindering van de gebouwde omgeving in Nederland. Om te kunnen sturen op verduurzaming, is het van belang de huidige uitstoot te bepalen. Aan de hand van specifieke gebouwkenmerken heeft Republiq een kengetallenbibliotheek opgebouwd met 1.560 archetype gebouwen. Deze archetypes verschillen in functie, geometrie, gebouwtype, bouwjaarklasse en warmtevoorziening. Aan elk archetype zitten energetische kenmerken gekoppeld zoals isolatie, beglazing, warmtebron en verlichting.

Voor elk archetype is vervolgens het huidig verbruik en verbruik na verduurzaming per m2 BVO berekend op basis van de theoretische

Figuur 3 | Schematische weergave van de scope

In totaal vallen er daarmee 9 objecten buiten de scope, een gebouw (het stadhuis) is daarentegen gesplitst waarbij er onderscheid gemaakt wordt tussen het monumentale gedeelte en het nieuwere deel van dit gebouw. De scope van de routekaart is hiermee vastgesteld op 17 gebouwen, zoals gevisualiseerd in Figuur 3. Deze 17 objecten hebben een totale oppervlakte van circa 22.600 m2 BVO. Een overzicht van deze objecten is opgenomen in Bijlage 1.

doorrekening in de NTA-8800. De NTA-8800 wordt gehanteerd door NEN als rekenmethodiek voor de bepaling van de energieprestatie van gebouwen. Op basis van de aangeleverde gebouwgegevens maken we een koppeling tussen het werkelijke gebouw en het best passende archetype uit de kengetallenbibliotheek. Vervolgens wordt het werkelijke m² BVO vermenigvuldigd met dat van het gekoppelde archetype, om zo het theoretische verbruik van het gebouw te bepalen. Het theoretische elektra-, gas- en warmteverbruik wordt door middel van emissiefactoren omgerekend naar CO2-uitstoot. Voor emissiefactoren hanteren we dezelfde bron als die van de sectorale routekaart en die van het ministerie4.

10

Opgave Waar nodig wordt de theoretische berekening aangepast met specifieke input van de

In het Klimaatakkoord is de doelstelling vastgelegd om in 2050 in de gebouwde

gemeente Hulst. Dit gaat op voor gebouwen waarvan de huidige functie niet volledig

omgeving (nagenoeg) CO2-neutraal te zijn. Dit is concreet gemaakt naar een CO2-

gedekt wordt door de aangewezen typologie. Denk bijvoorbeeld aan een voormalige

besparing van 95% ten opzichte van 1990. Om de voortgang te bewaken is voor 2030

school die nu ingezet wordt voor een stichting, maar niet volledig verwarmd wordt.

een tussendoel gesteld. Het Klimaatakkoord ambieerde 49% CO2-reductie in 2030 ten opzichte van 1990. De EU heeft in 2023 dit doel verhoogd tot 55% CO2-reductie.

Als resultaat van deze berekeningen blijkt dat de maatschappelijke portefeuille in de

In Europa is de gebouwde omgeving verantwoordelijk voor bijna 40% van het

scope van de routekaart momenteel circa 930 ton kg CO2 per jaar uitstoot. Dat staat

energieverbruik en een derde van de CO2-uitstoot. De bouwsector heeft daarmee een

gelijk aan de gemiddelde CO2-uitstoot van 55 huishoudens in Nederland.

cruciale rol in het streven om het continent duurzamer te maken. Het “Fit for 55”-pakket omvat zeven verordeningen en richtlijnen voor de gebouwde omgeving. De belangrijkste richtlijn voor de gebouwde omgeving is de Energy Performance of Buildings Directive (EPBD), dat gaat over de energieprestatie van gebouwen7. In de EPBD IV is opgenomen dat vanaf 1 januari 2030 alle nieuwe gebouwen emissievrij moeten worden opgeleverd. Voor overheden geldt deze verplichting al vanaf 2028.

930 ton kg CO2-uitstoot per jaar

De Nederlandse overheid bekrachtigt de EU-doelstelling. Let op: voor de gebouwde omgeving richten deze doelen zich op de gebouw-gebonden verbruiken. Dit betreft het verbruik nodig voor het verwarmen, verlichten en ‘normaal gebruiken’ van een gebouw. Het gebruiks-gebonden verbruik is daarnaast natuurlijk ook een belangrijk onderdeel. Dit kan omlaag gebracht worden door het creëren van bewustwording en energie-coaching. De 55% CO2-reductie is een stevige doelstelling op relatief korte termijn. Ingrepen in gebouwen duren soms jaren om te organiseren en uit te voeren. Dit maakt dat het belangrijk is een passende strategie te bepalen, die naar de doelstelling toewerkt én haalbaar is. Ook dient het doel van 2050 niet uit het oog te worden verloren; 2030 is slechts de tussenstap.

11

100%

Resterende CO2-uitstoot

100% 80% 60%

58,2%

-13,2%

45%

40% 20%

5%

0% 1990

2025

EU-doel 2030

2030

2035

2040

2045

Huidige portefeuille

2050

Routekaart

Figuur 4 | Schematische weergave van de geplande verduurzaming tot 2050

De opgave uitgedrukt in CO2-uitstoot Uit de nulmeting volgt dat de portefeuille op dit moment circa 930 ton kg CO2 per jaar uitstoot. Om aan de EU-doelstelling van 55% CO2-reducte in 2030 ten opzichte van 1990 te voldoen, moet de gemeente de komende jaren nog 13,2%-punt CO2 reduceren (op basis van de huidige portefeuille uit de nulmeting). Dit komt neer op een te behalen reductie van circa 210 ton kg CO2. De resterende CO2-uitstoot moet na 2030 teruggebracht worden tot nagenoeg 0 kg in 2050. De opgave is gevisualiseerd in Figuur 4. Aansluitend dient nog te worden vermeld dat de ontwikkelingen in het klimaat ervoor kunnen zorgen dat de opgave in de toekomst nog groter wordt. Momenteel is er in vele gebouwen last van hitte-stress en wordt koeling een steeds belangrijker vraagstuk. Doordat koeling een relatief grote energievraag met zich meebrengt, is het waarschijnlijk dat de opgave hierdoor wordt vergroot.

12

03 Verduurzamen. Hoe dan? 13

03

VERDUURZAMEN. HOE DAN? Verduurzamen. Hoe dan?

Er zijn veel mogelijkheden om te verduurzamen, maar het komt vaak in de basis op hetzelfde neer: energiegebruik besparen, goed isoleren, toepassen van warmteterugwinning, het aardgasvrij maken van het gebouw en het aanbrengen van zonnepanelen. We sluiten hiermee aan bij de principes van Trias Energetica. Deze routekaart maakt onderscheid in het isoleren van het dak, de gevel en de vloer, kierdichting, warmteterugwinning, de warmtewissel, het plaatsen van zonnepanelen of een combinatie daarvan. Een overzicht hiervan is weergegeven in Figuur 5. Paragraaf 03.05 geeft inzicht in de rekenmethodiek voor de kosten van deze verduurzamings-

prestaties van een gebouw. Daarin is met name het fossiele energiegebruik van het gebouw maatgevend (de zogenaamde BENG 2 eis). Bijna energie neutrale gebouwen (BENG) hebben een energielabel A+++. Energieneutraal (ENG) betekent dat het gebouw geen fossiele bronnen meer gebruikt. Dit is het gewenste eindpunt. Deze gebouwen hebben energielabel A++++. Figuur 6 geeft een schematische weergave van de energielabels in relatie tot (B)ENG. De energielabels in de maatschappelijke vastgoedportefeuille van de gemeente Hulst zijn in 2019 opgesteld conform de oude rekenmethodiek. Deze energielabels zijn tot 2029 nog geldig. Maar door veranderingen in de rekenmethodiek zijn ze moeilijker vergelijkbaar met de huidige standaard (conform NTA 8800).

maatregelen.

Figuur 6 | Overzicht energielabels en primaire fossiele energieverbruik per m 2 (BENG 2 eis)

Verduurzamen gaat verder dan energie Bij de verduurzaming wordt steeds vaker breder gekeken dan alleen energiebesparing. De gemeente Hulst beschrijft in haar “Visie en Ambitiedocument voor duurzaamheidsbeleid gemeente Hulst” naast de energietransitie ook de thema’s Figuur 5 | Maatregelen voor verduurzaming

Biodiversiteit, Klimaatadaptatie, Circulaire economie, Duurzaam vervoer en Lokale producten. Allemaal thema’s die steeds belangrijker worden om met elkaar te zorgen

BENG, ENG en energielabels

voor een leefbare wereld, nu en in de toekomst.

Vaak wordt de energieprestatie van een object uitgedrukt in het energielabel.

Voor de aanpak van de portefeuille is uitgegaan van het inzetten van maatregelen die

Energielabel A klinkt duurzaam, maar ligt nog ver van het gewenste eindpunt.

relatief “standaard” zijn en waarvan de prijs en het resultaat in balans zijn. We rekenen

Daarvoor moet een gebouw in de huidige labelsystematiek label A++++ hebben.

standaard met duurzaam isolatiemateriaal en bij dakisolatie voegen we sedum toe

Label A is daarmee ongeveer halverwege. Labels geven inzicht, maar zijn door de

(een groen dak). Aanvullende maatregelen ten behoeve van circulair, natuurinclusief

veranderende methodiek niet wenselijk als stuurmiddel. Sinds 1 januari 2022 is een

en klimaatadaptief bouwen vallen buiten de scope van deze routekaart. Hier is

nieuwe meetmethode beschikbaar (NTA-8800) voor het meten van de energetische

aanvullend onderzoek voor nodig in de uitvoeringsfase.

14

Uitgangspunten en advies maatregelen

-

Een aantal gebouwen in de scope hebben een monumentale status. Het

In de verduurzamingsstrategie van deze routekaart worden de onderstaande

verduurzamen van een monument is vaak complex en tijdsintensief door regels

uitgangspunten gehanteerd:

en beperkingen omtrent aanpassingen. Technieken en wetgeving rondom de

-

Bij nieuwbouw worden duurzame keuzes gemaakt. Dat betekent dat de

verduurzaming van monumenten zijn in ontwikkeling, maar een goede

gebouwen zoveel als mogelijk energieneutraal (ENG) moeten worden gemaakt.

standaard aanpak ontbreekt (nog). Hier speelt ook de afweging ten aanzien van

Dit is een verbetering ten opzichte van het huidige Bbl (BENG). De Europese

de uitvoerbaarheid een belangrijke rol. Om de klimaatdoelen te halen zijn

6

richtlijn EPBD IV schrijft voor dat vanaf 2028 alle nieuwe gebouwen in eigendom

innovaties nodig én is het voor monumenten nodig dat de benodigde energie

van overheidsinstanties emissievrij moeten zijn. Blijft het uitgangspunt voor

en warmte duurzaam wordt opgewekt en ingekocht. Er is daarom in deze

nieuwbouw BENG in plaats van ENG, dan moeten deze gebouwen in de periode

routekaart voor gekozen om de monumenten zo veel mogelijk na 2030 te

tot 2050 nogmaals worden aangepakt om de stap naar ENG te maken. Vaak is dit inefficiënt en kostenverhogend wanneer er niet vooraf rekening mee -

verduurzamen. -

gehouden wordt.

momenten dat (grootschalige) onderhoudsingrepen nodig zijn. Zo is vervanging

Bestaande bouw moet ook verduurzaamd worden. Het uitgangspunt voor de

van de ketel door een warmtepomp het meest kostenefficiënt op het moment

verduurzaming per object is “CO2-neutraal waar dat kan”. De mogelijkheden bij

dat de ketel het einde van zijn levensduur heeft bereikt. Ook worden daarmee

bestaande gebouwen zijn altijd maatwerk. -

-

Verduurzaming vindt bij voorkeur plaats op natuurlijke momenten, ofwel

Uiteraard moeten we oog hebben voor de problematiek rondom de

momenten gebundeld waarop tijdelijke huisvesting nodig is. -

Goede isolatie is een voorwaarde voor optimale en comfortabele

netcongestie. Voor sommige gebouwen zal dit betekenen dat alternatieve

warmteopwekking. Daarom vindt isolatie (en ventilatie) altijd plaats voorafgaand

oplossingen gevonden moeten worden.

aan of tegelijk met de warmtewissel. Wij adviseren dan ook niet om gasgestookte

Bij het verduurzamen werken we zoveel mogelijk meteen naar het einddoel.

Cv-ketels te vervangen door andere warmtebronnen zonder dit gepaard te laten

Gedeeltelijk verduurzamen om later verder te verduurzamen is vaak inefficiënt en kostbaar. Soms belemmeren maatregelen zelfs betere maatregelen. Tenzij het

gaan met het goed isoleren van het gebouw. -

Technologie ontwikkelt zich in razend tempo. De kunst is om toekomstige

onzeker is of het gebouw er nog in 2050 staat en als er (nog) geen grootschalige

oplossingen niet in de weg te zitten. Het kan daarom een keuze zijn om moeilijk

renovatie gepland staat. Dan kan een stapsgewijze aanpak van een gebouw wel

te verduurzamen gebouwen later in de tijd pas aan te pakken of de

de voorkeur hebben. Sommige maatregelen kunnen goed stapsgewijs worden

verduurzaming stapsgewijs aan te pakken.

uitgevoerd. Zo is isoleren altijd nuttig, ook als de verwarming via gas plaatsvindt. Ook kunnen zonnepanelen demontabel worden geplaatst, zodat ze na enkele

Kengetallenbibliotheek en berekeningen

jaren eenvoudig op een ander gebouw geplaatst kunnen worden of tijdelijk

Zoals toegelicht in Hoofdstuk 02.02, wordt er voor de nulmeting van het

tijdens renovatie kunnen worden verwijderd. Op projectniveau wordt bepaald of

energieverbruik en de verduurzaming gebruik gemaakt van de kengetallenbibliotheek

het gebouw direct CO2-neutraal wordt gemaakt of dat er voldoende redenen

opgesteld door Republiq. De kengetallenbenadering sluit aan bij de uitgangspunten

zijn voor een stapsgewijze verduurzaming. Ook netcongestie kan resulteren in

van de VNG voor het opstellen van een routekaart. De daadwerkelijke

een stapsgewijze verduurzaming.

verbruiksgegevens van gebouwen van één jaar zijn vaak niet betrouwbaar doordat ze

15

sterk worden beïnvloed door weersomstandigheden, gebruik of doordat ze zelfs

De verduurzamingsmaatregelen

ontbreken. Dit maakt dat het gebruik van kengetallen voor de hele portefeuille meer

In overleg met kostenadviseurs zijn verduurzamingsmaatregelen bepaald. We

vergelijkbare resultaten oplevert. Het advies is daarentegen wel om het

hanteren in de routekaart de volgende verduurzamingsmaatregelen:

energieverbruik jaarlijks actief te gaan monitoren zodat in het vervolg wel gestuurd 1.

isolatie van dak, gevel en vloer en kierdichting;

2.

HR++ glas inclusief vervanging van kozijnen;

Aan de hand van objectkenmerken is een berekening uitgevoerd, die op hoofdlijnen

3.

balansventilatie met warmteterugwinning;

bestaat uit:

4.

warmtewissel van een gasketel naar warmtepomp;

1.

het vaststellen van de verduurzamingsmaatregelen;

5.

warmtapwaterbereiding met een elektrische boiler of warmtepompboiler;

2.

het berekenen van de kosten;

6.

(extra) zonnepanelen.

3.

het berekenen van de impact van (een pakket van) verduurzamingsmaatregelen

kan worden op daadwerkelijk energieverbruik en de effecten van de verduurzaming.

op de CO2-uitstoot. Deze stapsgewijze werkwijze is schematisch weergegeven in figuur 7.

De investeringskosten per verduurzamingsmaatregel Voor alle verduurzamingsmaatregelen zijn investeringskosten vastgesteld. Er is reeds in Hoofdstuk 02.02 toegelicht dat ieder object is gekoppeld aan een van de 1.560

Bij het berekenen van de investeringskosten worden in principe alleen de kosten voor

archetypes uit de kengetallenbibliotheek. De investering per verduurzamingsmaatregel

de verduurzaming berekend. In de situatie van een sloop-nieuwbouw worden

verschilt per archetype. De optelsom van de verduurzamingsmaatregelen per object

daarmee de meerkosten van ENG ten opzichte van het Bbl (huidige eis BENG)

geeft de totale investering voor de routekaart.

berekend. De kosten voor de nieuwbouw in het algemeen wordt niet meegerekend in de routekaart; dit is namelijk geen verduurzaming maar een reguliere investering.

Alle bedragen in deze rapportage zijn prijspeil 2024, inclusief kostenverhogende btw (cf. opgave mengpercentages gemeente Hulst) en inclusief 41% opslag voor algemene (bouw)kosten, winst en risico, advieskosten en onvoorzien.

Figuur 7 | Stappen in de routekaart per object

16

Subsidies worden voorzichtigheidshalve niet meegenomen, aangezien het verkrijgen van subsidies in de toekomst een onzekere factor is. Ook de kosten voor het huren van tijdelijke huisvesting bij grootschalige verduurzamingsprojecten worden buiten beschouwing gelaten. Deze kosten kunnen wel aanzienlijk zijn, het advies is om tijdelijke huisvesting zoveel als mogelijk proberen te voorkomen. De impact van het pakket van verduurzamingsmaatregel De verduurzamingsmaatregelen zijn gebundeld in pakketten, zodat logische maatregelen worden uitgevoerd per object. Er is op basis van de beschikbare en toegestuurde data rekening gehouden met de kwaliteit en complexiteit van de individuele objecten. Het effect van dit verduurzamingspakket op de CO2-uitstoot is vervolgens conform de NTA-8800 vastgesteld (zie toelichting 02.02). Er is in deze fase nog geen haalbaarheidsonderzoek van de verduurzaming per gebouw uitgevoerd. Dit volgt in de uitvoeringsfase.

17

04 Prioritering en investering 18

04

PRIORITERING EN INVESTERING De verduurzamingsopgave tot en met 2030

De verduurzamingsopgave is groot. Momenteel wordt de verduurzaming van de gebouwde omgeving in Hulst ingeschat op een reductie van 41,8% ten opzichte van 19908. Om in 2030 een CO2-reductie van 55% te realiseren moet de CO2-uitstoot de komende vijf jaar nog met 13,2%-punt verlaagd worden. Dat vraagt om prioriteren. Binnen de prioritering is het nodig om aandacht te hebben voor de financierbaarheid én uitvoerbaarheid van de opgave. Er resteert nog circa 5 jaar tot 2030 en bouwprojecten hebben vaak een doorlooptijd van meerdere jaren. Daarnaast kan het nodig zijn om bij bepaalde grotere ingrepen tijdelijke huisvesting te organiseren. Er zijn verschillende routes om het duurzaamheidsdoel van 2030 te behalen. In een ambtelijke werksessie is hierover uitgebreid gesproken. Idealiter wordt zoveel als mogelijk aangesloten bij natuurlijke vervangingsmomenten. Deze momenten kunnen worden bepaald door de leeftijd van een gebouw of grootschalig geplande onderhoudsingrepen in de MJOP. Echter speelt het toekomstperspectief van de portefeuille ook een belangrijke rol. Zonder een helder toekomstperspectief kan het riskant zijn om te investeren in de verduurzaming van deze gebouwen. Als op korte termijn alsnog wordt besloten om het betreffende gebouw grootschalig te renoveren, leidt dat namelijk tot (aanzienlijke) kapitaalvernietiging.

Op basis van deze ambtelijke werksessie zijn in eerste instantie dan ook twee scenario’s geformuleerd om verder uit te werken: -

Scenario 1: Zekere gebouwen eerst

-

Scenario 2: Aansluiten bij natuurlijke vervangingsmomenten

Bij de uitwerking van deze twee scenario’s is gebleken dat beide resulteren in een routekaart met onduidelijkheden en onzekerheden. De conclusie is dan ook dat beide scenario’s op zichzelf niet optimaal zijn als uitgangspunt voor de verduurzaming van gemeente Hulst.

Daarom is er toegewerkt naar een combinatie scenario, zoals weergegeven in Figuur 8. Een scenario waarin de helderheid over het toekomstige gebruik wordt gecombineerd met de natuurlijke vervangingsmomenten van de portefeuille. Het combinatie scenario resulteert in een bepaalde fasering van de routekaart: -

Reeds geplande ingrepen

-

Tot 2030

-

2030-2040

-

2040-2050

Deze fasering is in detail uitgewerkt in Bijlage 2 en wordt hieronder verder toegelicht. Reeds geplande ingrepen Er zijn 5 objecten in de gemeente Hulst waarvoor al een ingreep gepland staat tussen nu en 2030. Het betreft brandweerkazerne en gemeentewerken Kloosterzande, brandweerkazerne en gemeentewerken Vogelwaarde, Den Dullaert – Zuidhal, de Regenboogschool en het Vogelnest. De laatste twee worden afgestoten dan wel gesloopt. Bij de andere drie betreft het vervangende nieuwbouw of renovatie. Hierbij hanteren we in deze routekaart het uitgangspunt dat deze gebouwen energieneutraal worden gerealiseerd. Zoals eerder beschreven is het advies om alle ingrepen vanaf nu wanneer mogelijk ENG te realiseren om latere kapitaalvernietiging te voorkomen. Voor de Zuidhal van Den Dullaert betekent dit dat het gebouw verregaand zal worden geïsoleerd, ventilatie met WTW zal worden toegepast en er een alternatieve warmtebron, zoals een warmtepomp, zal worden geïnstalleerd. Daarnaast dienen er extra pv-panelen geplaatst te worden. Voor de brandweerkazerne en gemeentewerken in zowel Kloosterzande als Vogelwaarde vindt vervangende nieuwbouw plaats (met als uitganspunt ENG). De CO2-reductie die met deze reeds geplande ingrepen gerealiseerd wordt nemen we mee in de routekaart.

De investeringen die hierbij horen zijn geen onderdeel van deze routekaart omdat deze budgetten voor het grootste deel al ingeregeld zijn. Waar de extra stap naar ENG voor deze projecten nog om een aanvullende investering vraagt zal separaat een kredietaanvraag, o.b.v. daadwerkelijke kosten, gedaan moeten worden.

19

Het is hierbij belangrijk om te vermelden dat een opgebouwde onderhoudsreserve de 5 reeds geplande ingrepen tussen 2025 en 2030

kosten nooit helemaal kan dekken. Een dergelijke reserve is gebaseerd op vervanging

1.

Nieuwbouw brandweerkazerne & gemeentewerken Kloosterzande

door een vergelijkbare installatie. Vervanging van een cv-ketel door een warmtepomp

2.

Nieuwbouw brandweerkazerne & gemeentewerken Vogelwaarde

is echter niet vergelijkbaar en zal dus kostenverhogend zijn. De opgebouwde reserve

3.

Renovatie & verduurzaming Den Dullaert – Zuidhal

kan daarmee slechts een deel van deze investering dekken.

4.

Sloop Regenboogschool

5.

Afstoten Vogelnest

2030 – 2040 De periode 2030-2040 ligt verder in de toekomst. Er zijn nog geen grootschalige

Tot 2030 Omdat er al vijf ingrepen zijn gepland tot aan 2030, wordt een CO2-reductie van circa 54,3% ten opzichte van 1990 bereikt. Dit betekent dat er slechts een aanvullende reductie nodig is van 0,7%-punt om de doelstelling voor 2030 te behalen. In het uiteindelijke combinatiescenario is ervoor gekozen om de Gemeentewinkel (Grote Markt 24) vóór 2030 aan te pakken om de doelstelling te behalen. Voor de Gemeentewinkel staan reeds verschillende ingrepen gepland die gecombineerd kunnen worden met de verduurzaming. Het budget voor deze verduurzaming is momenteel nog niet ingeregeld. Het voorstel is om de Gemeentewinkel tot 2030 verregaand te isoleren, en op een later moment (na 2030) de warmtebron te vervangen door een warmtepomp. Zo sluiten we aan op de levensduur van de cvketels en wordt het natuurlijk vervangingsmoment benut. Met deze isolatie ingreep wordt in 2030 een totale CO2-reductie van ongeveer 55,7% bereikt. Daarmee wordt

vervangingsmomenten gepland. Daarom is voor deze periode met name gekeken naar de natuurlijke vervangingsmomenten op basis van bouwjaar en MJOP. In de routekaart voorzien we dat Den Dullaert, De Warande, Sporthal Hontenisse, De Binnendeur en Malpertuus worden verduurzaamd in deze periode. Wanneer de betreffende gebouwen precies in deze periode worden aangepakt, moet nader onderzocht worden. Hiervoor is het noodzakelijk om inzicht te verkrijgen in het verwachte toekomstperspectief van deze gebouwen. Met het verduurzamen van deze gebouwen wordt in 2040 een reductie gerealiseerd van in totaal 84% ten opzichte van 1990. De totale verduurzamingsingrepen van deze gebouwen vereisen een investering van circa €9,9 miljoen. Gemiddeld moet in deze periode rekening worden gehouden met een jaarlijkse investering van circa € 990.000 voor de verduurzaming van deze 5 gebouwen en het plaatsen van een warmtepomp bij de Gemeentewinkel.

de klimaatdoelstelling voor 2030 gehaald. Voor het volledig isoleren van de Gemeentewinkel is tot aan 2030 een aanvullende investering benodigd van circa € 875.000. Het later nog installeren van een warmtepomp vraagt om een investering van circa € 177.000. Door deze ingreep vooruit te schuiven kan voor een deel gebruikt worden gemaakt van onderhoudsreserves die opgebouwd zijn voor de vervanging van de huidige cv-ketels.

2030 - 2040

1. Den Dullaert - Noordzijde 2. De Warande 3. Sporthal Hontenisse 4. De Binnendeur

Tot aan 2030

5. Malpertuus

1. Gemeentewinkel

6. Gemeentewinkel (warmtepomp)

20

Met name Den Dullaert - Noordzijde heeft een grote invloed op deze totaal investering. Voor de volledige verduurzaming van dit gebouw dient op termijn rekening gehouden te worden met een investering van bijna € 5,4 miljoen. 2040 – 2050 Het laatste tijdvak vraagt om nog meer inzicht in het toekomstperspectief. Hierin zijn met name de gebouwen opgenomen die relatief jong zijn, recentelijk zijn gerenoveerd, of om andere redenen niet realistisch lijken om op korte termijn grootschalig aan te pakken. Het betreft het Stadhuis (zowel het monumentale gedeelte als de latere uitbreiding), Gemeentewerken in Hulst, Brandweerkazerne in Hulst, ’s Landshuis en De Kauter. Wanneer deze gebouwen tot aan 2050 volledig worden verduurzaamd, wordt een reductie in de CO2-emissie gerealiseerd van circa 98,5% ten opzichte van 1990. Hiermee is de klimaatdoelstelling van 2050 voor gemeente Hulst behaald. Voor de projecten in deze laatste periode is, op basis van de huidige uitgangspunten, een totaal investering benodigd van circa € 4,4 miljoen.

2040 - 2050 1. Stadhuis (beide gebouwdelen) 2. Gemeentewerken Hulst 3. Brandweerkazerne Hulst 4. ‘s Landshuis 5. De Kauter

21

Figuur 8 | Globale tijdlijn combinatie scenario

22

05 Opgave 2050 en vervolg 23

05

Na realisatie van de gehele routekaart is het gebouw-gebonden elektraverbruik vrijwel

OPGAVE 2050 EN VERVOLG

CO2-neutraal.

De verduurzamingsopgave tot en met 2050 en efficiënter maken. Toekomstige ontwikkelingen hebben naar verwachting grote invloed op de verduurzamingsingrepen die in de periode na 2030 gaan plaatsvinden. Dit betekent dat gebouwen die momenteel moeilijk te verduurzamen zijn of met de huidige technologieën niet CO2-neutraal gemaakt kunnen worden, in de toekomst (eenvoudiger) te verduurzamen zullen zijn. Dit speelt met name een rol bij de verduurzaming van monumenten. Desalniettemin, blijft de verduurzamingsopgave ook na 2030 groot. In de periode van 2030 tot 2050 moet de resterende CO2-uitstoot naar nagenoeg 0 kilogram gebracht

% CO2-emissie t.o.v. 1990

De verwachting is dat innovaties de komende jaren de verduurzaming sneller, beter

100 80 60 45%

40 20

5%

0 1990

worden, zoals gevisualiseerd in Figuur 9. Na 2030 moeten in de gemeente Hulst nog

2023

2030

2040

11 gebouwen verduurzaamd worden, zie Tabel 1. Het is daarom belangrijk om het

Routekaart

Huidige portefeuille

tempo erin te houden, zodat de opgave na 2030 zoveel mogelijk behapbaar blijft.

EU-doel 2030

EU-doel 2050

2050

Figuur 9 | Ontwikkeling van de CO2 uitstoot ten opzichte van 1990

Voor de verduurzaming van de volledige scope – 2025 tot en met 2050 – is een budget van € 15,2 miljoen, inclusief btw en opslagen, nodig.

Tabel 1 | Overzicht van de routekaart

Reeds gepland 2025 - 2030 Bijdrage CO2-reductie t.o.v. 1990 CO2-reductie t.o.v. 1990 cumulatief (stand 2024 = 41,8%) Omvang projecten (aantal) Omvang projecten (m2 BVO)

Verduurzamingsprojecten

Verduurzamingsprojecten

Totaal

2025 - 2030

2031 - 2050

2025 - 2050

12,5%

1,4%

36%

54,3%

55,7%

99%

99%

5

1

11

17

4.700

2.000

15.900

22.600

Investering, incl. opslagen en btw

Buiten scope

€ 875.000

€ 14,4 miljoen

€ 15,2 miljoen

Investering gemiddeld per jaar

Buiten scope

n.v.t. 1 object

€ 720.000

€ 608.000

(incl. btw)

24

Aandachtspunten

Er is veel onduidelijkheid over hoelang de gebouwen in gemeente Hulst in huidige

Vanuit financieel oogpunt adviseren we om de gebouwen te verduurzamen wanneer

vorm blijven bestaan. Om meer grip te krijgen op de verduurzamings- en

natuurlijke vervanging staat gepland óf wanneer het gecombineerd kan worden met

vernieuwingsopgave is duidelijkheid in het perspectief van de gebouwen benodigd.

andere initiatieven. Daarmee worden maatschappelijke gelden het meest

Het helpt de organisatie en andere betrokkenen om te komen tot een Strategisch

kostenefficiënt ingezet.

vastgoedplan en/of Accommodatieplan waarmee duidelijkheid gecreëerd wordt.

De verduurzaming van de portefeuille is ook voor gemeente Hulst een grote opgave.

Vervangende nieuwbouw

Het uitvoeren van meerdere verduurzamingsprojecten is voor iedere gemeente een

Naast verduurzaming van de objecten vindt er vervangende nieuwbouw plaatst. In alle

opgave en er is onzekerheid of de markt hier de benodigde capaciteit en materialen

gevallen adviseren we nieuwbouw altijd energieneutraal (ENG) te realiseren. Dit is

voor beschikbaar heeft. Daarbij komt dat de gemeente Hulst niet de enige is die in de

meer dan de huidige BENG eis. Maar het is vaak inefficiënt en kostbaar om een BENG

komende jaren nog een flinke verduurzamingsslag wil maken.

gebouw na enkele jaren verder te verduurzamen tot energieneutraal. Uiteraard is dit streven wel sterk afhankelijk van de capaciteit op het elektriciteitsnet.

Ondanks dat de gemeente Hulst alleen verantwoordelijk is voor verduurzaming van het vastgoed in eigendom, betekent dit niet dat het op geen enkele manier betrokken

Verduurzaming bij regulier onderhoud

is bij de verduurzaming van het vastgoed in eigendom van derden. Gemeente Hulst

Ook is het aan te raden om (stapsgewijze) verduurzaming bij de reguliere

vervult voor het resterende vastgoed in de gemeente een voorbeeldrol en

onderhoudsmomenten van gebouwen die je niet prioriteert te onderzoeken. Vaak is

functioneert als gesprekspartner om de verduurzaming aan te jagen.

verduurzaming via de MJOP een efficiënte manier om stappen te maken.

Toekomstbestendige plannen

Van routekaart naar uitvoering

De prioritering voor de verduurzaming van de gemeente Hulst is enerzijds gebaseerd

Als de strategie helder is, kan de verdieping per gebouw worden opgezocht. Dit gaat

op de natuurlijke onderhoudsmomenten van de portefeuille, maar anderzijds ook

doorgaans door middel van een uitvoeringsprogramma waarbij de prioritering van de

sterk afhankelijk van het toekomstperspectief van de portefeuille. De huidige strategie

gebouwen van minimaal 5 en maximaal 10 jaar vooruit wordt bekeken. Uit het

prioriteert de ‘veilige’ gebouwen. Zo staan er voor de gemeentewinkel al

uitvoeringsprogramma volgt vervolgens het project. Op deze manier wordt de

(onderhouds-)werkzaamheden gepland, en is het toekomstperspectief zeker. Voor het

beleidsachtbaan (Figuur 10) gesloten. Op basis van een drietal aspecten leidt de

volgende decennium (2030-2040) moet bij een herijking van de routekaart opnieuw

verdieping tot een concrete aanbestedingsstrategie van het uitvoeringsprogramma,

beoordeeld worden of de gebouwen die voor die periode in de pijplijn zitten, ook in

waarbij de volgende vragen beantwoord worden:

de toekomst hun functie blijven behouden. Hiervoor geldt bijvoorbeeld dat het samenvoegen van functies in minder vierkante meters ook een vorm van verduurzamen is.

‒

Opgave: welk type gebouwen zitten er in het uitvoeringsprogramma? Wat is de technische haalbaarheid van de verduurzamingsmaatregelen voor deze gebouwen? Verduurzamen we per gebouw of kunnen we soortgelijke gebouwen slim clusteren?

25

‒

‒

Monitoring en energie coaching

Organisatie: hoe ziet de projectorganisatie van de gemeente eruit? Hoe wil de gemeente sturen op projecten (mate van regie)? In welke mate van regie wil de

Actieve monitoring op het energieverbruik en het aanstellen van een energiecoach

gemeente de verduurzaming uitvoeren?

voor de gebruikers is onderdeel van de sturing op de verduurzaming. Dit is het

Markt: wat is de huidige marktsituatie? Welke marktpartijen kunnen de

laaghangend fruit. Het beter inregelen van bestaande installaties en het vergroten van

verduurzaming het beste uitvoeren? Hoe kan de samenwerking met marktpartijen

bewustzijn van de gebruikers kan al direct, zonder verduurzamingsingrepen, voor een

het beste worden vormgegeven?

aanzienlijke energiebesparing zorgen in het gebruiks-gebonden gedeelte (20-30%). Daarnaast moet na de verduurzaming het energieverbruik ook gemonitord worden om inzicht te krijgen in de resultaten van verduurzaming. Het komt vaak voor dat door onjuist gebruik van installaties het daadwerkelijke energieverbruik na verduurzaming niet daalt. Dat moet voorkomen worden door een goede uitleg van de nieuwe installaties bij oplevering en periodiek overleg tussen gebruikers en energiecoach de eerste jaren na oplevering.

Figuur 10 | De beleidsachtbaan

In de uitvoering zal blijken dat de investeringskosten uit de routekaart afwijken van de praktijk. Soms door scopewijzigingen en soms door meevallers of tegenvallers. Terugkoppeling van het individuele project naar het programma zorgt voor eventuele bijstelling van het kader. Dit is een leereffect dat op gang moet komen. Vaak wordt de organisatiecomponent van de uitvoering vergeten. Het programmatisch verduurzamen van de vastgoedportefeuille van de gemeente Hulst gaat verder dan de (tot nu toe) reguliere werkzaamheden. Om de routekaart volledig en met grip op de individuele projecten te kunnen realiseren is voldoende ambtelijke capaciteit een vereiste. Daarbij vraagt verduurzaming van de portefeuille om aanvullend (technisch) expertise. Het advies is dan ook om te onderzoeken of de huidige ambtelijke organisatie voldoende capaciteit (fte) en specifieke kennis van verduurzaming heeft om de routekaart tot uitvoering te kunnen brengen. Het

Herijken routekaart De routekaart dient iedere 4 jaar herijkt te worden. Bij deze herijking wordt de voortgang gemonitord en wordt de volgende termijn in meer detail uitgewerkt. De herijking wordt daarbij ook gebruikt om aan te sluiten bij de laatste wet- en regelgeving omtrent de verduurzaming en doelstellingen en de ontwikkelingen binnen de gemeente Hulst. Het is hierbij belangrijk om te vermelden dat (grote) wijzigingen in de portefeuille, bijvoorbeeld door een aankoop, ook direct effect hebben op het behalen van de doelstellingen en dus ook op de routekaart. Wanneer er vastgoed wordt toegevoegd aan de portefeuille is het dan ook van belang om te onderzoeken wat (op termijn) het effect is op het behalen van de klimaatdoelstellingen. Wanneer dit effect naar verwachting negatief is (omdat een object tot na 2050 in eigendom blijft) dient ook voor dit object een verduurzamingsstrategie opgesteld te worden.

aanstellen van een specifieke projectleider verduurzaming kan hiervoor een oplossing zijn.

26

BIJLAGE 1 – DE OBJECTENLIJST IN SCOPE Objectnaam

Straatnaam

Huisnummer

Oppervlakte 2

[m BVO]

Huidige CO2 uitstoot [kg]

1

Stadhuis-monument

Grote Markt

21

1.397

69.200

2

Stadhuis-nieuwbouw

Grote Markt

21

3.065

47.600

3

Gemeentewinkel

Grote Markt

24

2.009

41.600

4

Gemeentewerken Hulst

Oceanië

2

343

5.100

5

s Landshuis

Steenstraat

37

1.037

54.800

6

Sporthal (Hontenissehal)

Emmastraat

23

2.211

49.100

7

De Binnendeur

Pastoor Smuldersstraat

1

618

45.100

8

De Kauter

Hulsterloostraat

81

724

74.400

9

Malpertuus

Malpertuuslaan

6

1.617

87.600

10

De Warande

Wilhelminastraat

43

146

12.400

11

Den Dullaert - Noordzijde

Sportlaan

24/26

4.437

240.400

12

Den Dullaert - Zuidhal

Sportlaan

28/28a

2.350

111.500

13

Brandweer/gemeentewerken Vogelwaarde

Bossestraat

30

478

27.100

14

Vogelnest (voormalige school)

Hengstdijkse Kerkstraat

15A

595

900

15

Regenboogschool

Tabakstraat

22

995

37.800

16

Brandweerkazerne/gemeentewerken Kloosterzande

Hulsterweg

289

22.300

17

Brandweerkazerne Hulst

Globe

2

298

4.400

22.609

931.300

27

BIJLAGE 2 – VERDUURZAMINGSMAATREGELEN PER OBJECT Nr

Objectnaam

Aanpak

CO2-

CO2-uitstoot

Investering incl.

Investering incl. opslagen,

besparing

na ingreep

opslagen, excl. btw

incl. btw

[kg]

[kg]

[€]

[€]

Reeds geplande ingrepen 1

Den Dullaert - Zuidhal

Isoleren, ventilatie en warmtepomp, pv

111.500

-

Buiten scope

Buiten scope

2

Brandweer/werkplaats Vogelwaarde

Vervangende nieuwbouw (ENG)

27.100

-

Buiten scope

Buiten scope

3

Vogelnest

Afstoten

900

-

Buiten scope

Buiten scope

4

Regenboogschool

Afstoten

37.800

-

Buiten scope

Buiten scope Buiten scope

5

Brandweerkazerne/gemeentewerken

Vervangende nieuwbouw (ENG)

22.300

-

Buiten scope

Isoleren

22.200

19.400

870.000

875.000

Kloosterzande 2025 - 2030 6

Gemeentewinkel 2030 - 2040

7

Den Dullaert - Noordzijde

Isoleren, ventilatie en warmtepomp, pv

240.400

-

5.149.000

5.387.000

8

De Warande

Isoleren, ventilatie en warmtepomp, pv

12.400

-

147.000

178.000

9

Sporthal Hontenisse

Isoleren, ventilatie en warmtepomp, pv

49.100

-

878.000

1.062.000

10

De Binnendeur

Isoleren, ventilatie en warmtepomp, pv

45.100

-

702.000

849.000

11

Malpertuus

Isoleren, ventilatie en warmtepomp, pv

87.600

-

1.876.000

2.269.000

12

Gemeentewinkel

Warmtepomp

19.400

-

176.000

177.000

105.500

11.300

2.237.000

2.249.000

2040 - 2050 13

Stadhuis (beide gebouwdelen)

Isoleren, ventilatie en warmtepomp

14

Gemeentewerken Hulst

Isoleren en warmtepomp

5.100

-

150.000

150.000

15

Brandweerkazerne Hulst

Isoleren en warmtepomp

4.400

-

135.000

163.000

16

‘s Landshuis

Isoleren, ventilatie en warmtepomp

42.600

12.100

970.000

970.000

17

De Kauter

Isoleren, ventilatie en warmtepomp, pv

74.300

-

696.000

842.000

907.700

23.400

14.000.000

15.200.000

* Bedragen zijn prijspeil eind 2024 incl. 41% opslagen

28

BRONVERMELDING 1

https://www.milieucentraal.nl/media/tqojovzu/factsheet-co2-voetafdruk-augustus-2024.pdf

2

https://www.klimaatakkoord.nl/documenten/publicaties/2019/06/28/klimaatakkoord

3

https://climate.ec.europa.eu/eu-action/climate-strategies-targets/2030-climate-energy-framework_en

4

https://vng.nl/sites/default/files/2020-05/2020sectorale-routekaart-maatschappelijk-vastgoed-def.pdf

5

https://vng.nl/artikelen/verduurzamen-maatschappelijk-vastgoed

6

https://www.co2emissiefactoren.nl/over-co2emissiefactoren/

7

https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/?uri=OJ%3AL_202401275

29

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15847274/1