Bijlage 5 - Advies CSZ minima meedoenregeling 20102025
Tekst van het document
Aan het College en Gemeenteraad van de gemeente Hulst
20 oktober 2025
Advies Minimaregeling: de Meedoenregeling De gemeente schrijft dat "de nieuwe regeling is eenvoudiger, toegankelijker en sluit beter aan bij de behoeften van onze inwoners" (blz.1). Het klinkt positief. De Cliëntenraad Sociale Zekerheid (CSZ) benadrukt dat wat ook belangrijk is bij de aanpassing van de Minimaregeling, dat de vergoedingen niet omlaaggaan en dat het aanbod voor de klanten niet wordt uitgekleed. Bijvoorbeeld dat de klant niet hoeft te kiezen tussen vergoeding voor sport en gratis een reisproduct, want beide regelingen zijn even belangrijk, sport om gezond te blijven en gratis een reisproduct om sociale uitsluiting te voorkomen. De CSZ adviseert om de vergoeding voor sport te verhogen omdat vaak men nog veel zelf moet bijbetalen. BLZ.6 De gemeente schijft dat " de consulenten van de gemeente Hulst geven aan dat het stimuleren naar werk steeds moeilijker is. Consulenten geven aan dat de verhouding tussen alleenstaanden en gezinnen krom is gegroeid. Alleenstaanden hebben het volgens hen moeilijker dan gezinnen. De regeling Maatschappelijke participatie en Individuele inkomenstoeslag loopt voor gezinnen flink op waardoor het resultaat onderaan de streep bij een werksituatie niet meer loont." De CSZ herkent niet dat de minima-regelingen de uitkeringsgerechtigden zou weerhouden om te gaan werken.
Veel van de uitkeringsgerechtigden werken gedeeltelijk, ze kunnen en mogen niet meer gaan werken vanwege hun gezondheid. Ze krijgen een (kleine) aanvulling van de gemeente, maar ze tellen in de statistiek mee bij het aantal uitkeringsgerechtigden. Een deel van de uitkeringsgerechtigden kunnen helemaal niet werken vanwege hun gezondheid. Een deel van de uitkeringsgerechtigden hebben een taalachterstand en/of geen of een niet aansluitende opleiding. De CSZ adviseert de gemeente de regelingen niet de schuld te geven maar meer te investeren in scholing en in degelijke afspraken met bedrijven. Onze ervaring leert dat uitkeringsgerechtigden die in staat zijn om volledig te werken en werk zoeken niet zo zeer bang zijn om het recht op regelingen te verliezen maar na een korte periode van werken hun werk kwijt te raken en weer een uitkering te moeten aanvragen. Het is, spijtig genoeg, nog steeds het geval dat het voor bedrijven aantrekkelijker is om uitkeringsgerechtigden voor een beperkte tijd in dienst te nemen. Zodra de subsidie voor het in dienst te nemen van een uitkeringsgerechtigde stopt, een bedrijf men ontslaat en de volgende uitkeringsgerechtigde in dienst neemt.
Zo loopt de ontslagene in de armoedeval, want men moet de periode tussen ontslagen zijn en het aanvragen en toekennen van een uitkering zonder inkomen zien te overbruggen. Verder zitten er in de bedragen van de Individuele Inkomenstoeslag voor alleenstaande en gezinnen niet veel verschil. Wat de Maatschappelijke participatie betreft is het verschil tussen alleenstaanden en gezinnen met kinderen veel groter, omdat 100 euro per persoon is toegekend. Hoe meer kinderen de familie heeft, hoe hoger het geldbedrag is. De CSZ is er in principe niet tegen dat de Maatschappelijke Participatie alleen aan volwassenen wordt toegekend, mits kinderen meer vergoed krijgen vanuit het Kindpakket (uitgevoerd door Stichting Leergeld). De gemeente licht in haar omschrijving toe voor welke doelen de Maatschappelijke Participatie is bedoeld: abonnementen, tijdschriften, boeken, telefoonkosten, bioscoop, excursies en dergelijke. Echter, niets van dit krijgen de kinderen van Stichting Leergeld. Wat Stichting Leergeld vergoed aan kinderen is zéér beperkt. Dus de regelingen, in tegenstelling van wat de gemeente aangeeft, is in dit geval zeker niet te overlappen.
Echter, in het geval als ouders/kinderen de bedragen van het Educatief Pakket (350 euro basisscholieren, 500 euro middelbare scholieren) aan de doelen voor wat Maatschappelijke Participatie is bedoeld mogen besteden, het voor de CSZ-akkoord is dat de Maatschappelijke Participatie door de gemeente alleen aan volwassenen wordt toegekend en dat de hoogte van het bedrag aan de inflatie wordt aangepast. Onder het kopje "Vermindering van stapeling van regelingen" schrijft de gemeente over "overcompensatie" en "een dubbele financiering". Volgens de CSZ is hier echter geen sprake over "overcompensatie" en "een dubbele financiering". Zoals de gemeente zelf aangeeft, kan Maatschappelijke Participatie onder andere voor internet en telefoonkosten ingezet worden, 100 euro is niet eens genoeg voor 2 maanden abonnement internet en telefoon. En als men het per se over sport wil hebben: de vergoeding vanuit het Volwassensportfonds dekt vaak niet eens de helft van de abonnementskosten. Bovendien heeft men er sportkleding, sportschoenen en andere benodigdheden voor nodig.
Blz.7,8,9 Opzet Meedoen regeling, Advies doelgroep, Beperkte middelen, gerichte inzet De CSZ geeft nog eens aan dat zij er in principe niet tegen is dat de doelgroep van de Meedoen regeling (voortaan Maatschappelijke Participatie) alleen volwassenen zouden zijn (voortaan volwassenen en kinderen), mits er verandering komt in de vergoeding vanuit het Kindpakket (uitgevoerd door Stichting Leergeld). Hoe Kindpakket tot stand is gekomen. Het Rijk is na haar onderzoek tot de conclusie gekomen dat de bestaande voorzieningen voor kinderen niet toereikend zijn. Om kinderen uit de armoede te trekken heeft de overheid besloten om structureel (elke jaar) extra financiële middelen (genoemd Klijnsmageld) naar de gemeenten te overmaken; het geld moet ingezet worden bovenop de bestaande voorzieningen voor de kinderen.
Zo is in Hulst het Kindpakket tot stand gekomen, 350 euro voor basisscholieren en 500 euro voor middelbare scholieren per jaar; dit geld krijgt Stichting Leergeld van de gemeente (de gemeente krijgt het geld van het Rijk). Als Stichting Leergeld dat nodig vindt, kan deze uit eigen middelen bovenop de bedragen van het Kindpakket aan de voorzieningen voor kinderen vergoeden, dus bovenop die 350 en 500 euro. Sport en cultuuractiviteit blijven hieronder vallen en werden dus ook vergoed door de eerder bestaande regeling van het Jeugdsport en Cultuurfonds. Dit was de uitleg van de gemeente. De CSZ was aanvankelijk blij met de regeling van het Kindpakket. Op papier is het echt een mooie regeling. Echter, snel is duidelijk geworden dat er zeer weinig werd vergoed vanuit het Kindpakket. De CSZ pleit al jaren voor een betere vergoeding vanuit het Kindpakket, de CSZ heeft respons en wensen van ouders/kinderen met de gemeente gedeeld. Spijtig genoeg zien wij geen verandering. De gemeente geeft aan dat zij met Stichting Leergeld fijne gesprekken heeft. Fijn voor beide partijen dat ze fijne gesprekken hebben, maar volgens de CSZ moeten wensen van kinderen centraal staan. Het voorstel van de CSZ is om bedragen van het Kindpakket (350 en 500 euro) aan ouders te verstrekken zodat ouders met kinderen zelf kunnen beslissen waar hun kinderen behoefte aan hebben.
De regel van Stichting Leergeld om niets aan ouders te verstrekken omdat ouders het geld niet aan kinderen maar aan zichzelf zouden besteden, is overbodig. Ouders krijgen immers Kinderbijslag rechtstreeks. De ouders die niet met geld kunnen omgaan of andere problemen hebben zijn al onder een bewindvoerder gesteld, die zorgt dat het geld goed terecht komt. Momenteel krijgen kinderen vanuit het Kindpakket van Stichting Leergeld een keer per 3 jaar een tweedehands laptop, een keer per 3 jaar een tweedehands fiets en sinds kort een Schoolpas ter waarde van 50 euro. Het geld dat door het Rijk voor kinderen bovenop de bestaande voorzieningen wordt bedoeld, komt dus in voor een groot deel niet bij kinderen terecht. Zelfs om een fiets te krijgen zijn lange wachttijden en kinderen moeten na aanvraag maanden wachten tot ze aan de beurt zijn voor een fiets. Er zou ongetwijfeld een reden zijn, misschien krijgt Stichting Leergeld niet genoeg tweedehands fietsen binnen. Maar wat voor reden de Stichting Leergeld ook mag zijn, kinderen die acuut een fiets nodig hebben zijn de dupe. Ouders doen een aanvraag voor een fiets en lopen tegen de onaangename verrassing dat hun kinderen nog lang niet aan de beurt zijn voor een fiets. Kinderen moeten naar school, sport en dergelijke, ze kunnen geen half jaar of zelfs geen maanden op een fiets wachten.
Dus moeten ouders alsnog zelf voor de aanschaf voor de fiets zorgen, want het kind kan immers niet zonder fiets. Laat ouders en kinderen zelf beslissen waar hun kinderen behoefte aan hebben.
Het geld van het Educatief Pakket kan aan een fiets besteed worden, maar ook aan reparaties van de fiets, een computer, een telefoon, een telefoonabonnement, een identiteitskaart, een bezoek van een pretpark, de bioscoop, benodigdheden voor het toneel, de muziekschool en andere activiteiten of nieuwe kleren. Erbij horen en soms met nieuwe kleren naar school komen is voor kinderen zeer belangrijk. Maak de geldbedragen van het Educatief Kindpakket over aan ouders, laat hun kiezen uit bovenstaande doelen en voer de controle in van juiste besteding, bijvoorbeeld volgens de regels die nu gelden voor de controle juiste besteding Maatschappelijke Participatie: bonnetjes moeten worden bewaard en achteraf wordt de selectieve controle uitgevoerd. Pas op deze manier kan de Educatief Kindpakket regeling niet alleen op papier mooi zijn, maar ook in werkelijkheid.
Met vriendelijke groet, Cliëntenraad Sociale Zekerheid Hulst