CConstaterende datHulst
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3: Begroting 2025-2029 Elevantio

Gemeenteraad 18 december 2025, gemeente HulstBij agendapunt: Raadsvoorstel toezicht op het Openbaar Primair Onderwijs Elevantio jaarverslag 20248.489 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

BEGROTING 2025 MEERJARENBEGROTING 2026 – 2029

Vastgesteld S. Sanderse Voorzitter College van Bestuur Positief advies GMR A. Stallaart Voorzitter GMR Goedgekeurd

Datum: 5 december 2024 Handtekening:

Datum: 10 december 2024 Handtekening:

Datum: 16 december 2024 Handtekening:

V. Verdurmen Voorzitter Raad van Toezicht

1

Inhoud 1

VOORWOORD ................................................................................................................................. 4

2

Begroting 2025 Elevantio................................................................................................................ 5 2.1

Algemeen en uitgangpunten ................................................................................................. 5

2.2

Onderzoek aanpassingen personele - en materiële allocatie ................................................ 5

3

ONTWIKKELING LEERLINGAANTALLEN .......................................................................................... 7

4

Personeel en formatie .................................................................................................................... 8

5

6

4.1

CAO Primair Onderwijs .......................................................................................................... 8

4.2

Eigen risico drager voor ziektevervangingen ......................................................................... 8

4.3

Bestuursformatieplan ............................................................................................................ 8

4.4

Ontwikkeling streefformatie ................................................................................................ 10

DE BEGROTING EN DE UITGANGSPUNTEN .................................................................................. 11 5.1

Algemeen ............................................................................................................................. 11

5.2

Begroting 2025 en meerjarenperspectief 2026 – 2029 ....................................................... 11

5.3

Beleidskeuzes ....................................................................................................................... 12

5.4

Staat van baten en lasten .................................................................................................... 13

5.4.1

Rijksbijdragen .................................................................................................................. 13

5.4.2

Onderwijsachterstandenbestrijding ................................................................................ 13

5.4.3

Professionalisering en begeleiding van startende leraren en schoolleiders ................... 13

5.4.4

Bijdrage samenwerkingsverband .................................................................................... 14

5.4.5

Fusiefaciliteiten................................................................................................................ 14

5.4.6

Gemeentelijke subsidies .................................................................................................. 14

5.4.7

Verhuuropbrengsten ....................................................................................................... 15

5.4.8

Loonkosten ...................................................................................................................... 15

5.4.9

Professionalisering, scholing en interventie .................................................................... 16

5.4.10

Overige personele lasten ............................................................................................ 16

5.4.11

Afschrijvingen .............................................................................................................. 16

5.4.12

Huisvestingslasten ....................................................................................................... 17

5.4.13

Overige instellingslasten ............................................................................................. 17

5.4.14

Financiële baten en lasten .......................................................................................... 18

DE BALANS EN KENGETALLEN ...................................................................................................... 19 6.1

Meerjarenbalans 2025 – 2029 ............................................................................................. 19

6.2

Kengetallen 2025 – 2029 ..................................................................................................... 19

6.3

Liquiditeitsprognose 2025-2029 .......................................................................................... 22 2

6.4

Investeringen en voorzieningen........................................................................................... 22

Bijlage 1

Leerlingenprognose per 1 februari ................................................................................. 23

3

1

VOORWOORD

Voor u ligt de begroting van Elevantio voor het kalenderjaar 2025 met het meerjarenperspectief tot en met 2029. In 2023 is de strategische koers voor Elevantio vastgesteld voor de periode 2023-2027. Elevantio richt zich op KansRijk onderwijs voor alle kinderen in de hele regio, op goed werkgeverschap waar medewerkers zich kunnen ontwikkelen in een gezonde omgeving, op versteviging van de samenwerking met partners en op het verder ontwikkelen naar een krachtige organisatie, waarbij solidariteit en verbinding kernwoorden zijn. Daarop aansluitend hebben de schoolteams hun plannen voor de periode 2023-2027 vastgelegd in de schoolplannen. Elevantio wil actief bijdragen aan de toekomst van Zeeuws-Vlaanderen. Dat vraagt een intensieve samenwerking met kinderopvang, gemeenten, schoolbesturen voor primair en speciaal (basis)onderwijs, verenigingen en culturele centra. Serieuze zorgen over het welbevinden, welzijn en de mentale gezondheid van jongeren in Zeeuws-Vlaanderen vragen om intensieve samenwerking en heroverweging van diverse systemen. Elevantio is een financieel gezonde organisatie. Dat geeft ruimte om te werken aan het (duurzaam) behalen van de strategische doelen, waarvan het versterken van de onderwijskwaliteit - in brede zin en het vergroten van de kansen voor elk kind, primair zijn.

Belangrijke voorwaarden zijn dat Elevantio blijft investeren in de medewerkers en in hun werkomstandigheden en in de samenwerking met partners. Werken aan KansRijk onderwijs vraagt ook de beschikbaarheid van voldoende medewerkers en om het formeren van multidisciplinaire teams. Om leerkrachten, onderwijsassistenten, andere professionals dichtbij het kind de ruimte te bieden het goede te doen voor de leerling, is goed leiderschap binnen en ondersteuning van de scholen / in de kindcentra cruciaal. In al deze facetten zal Elevantio komende jaren investeren. Uiteraard wil Elevantio financieel gezond blíjven. Dit is ook nodig om risico’s op te vangen. Die risico's liggen onder meer demografische ontwikkelingen in de regio (minder leerlingen), in politieke ontwikkelingen (groter deel van de bekostiging op basis van subsidies) en in veranderde wet- en regelgeving rondom onderhoud aan de schoolgebouwen. Elevantio is zich bewust van de opdracht vanuit het ministerie om het eigen vermogen af te bouwen. Bij de totstandkoming van de begroting is de geplande personele inzet voor het schooljaar 2025-2026 doorberekend en verantwoord. Dit zorgt voor gezonde bedrijfsvoering en een transparante verdeling van de middelen. In paragraaf 2.2 wordt toegelicht hoe Elevantio hier langjarig mee wil omgaan.

Onze dank gaat uit naar de medewerkers die hebben bijgedragen aan de totstandkoming van deze begroting. Het College van Bestuur van Elevantio, S. Sanderse E. de Neef

4

2

Begroting 2025 Elevantio

2.1 Algemeen en uitgangpunten In september 2024 is het begrotingsproces opgestart om te komen tot de opstelling van de meerjarenbegroting 2025-2029. De belangrijkste vertrekpunten bij de start van dit begrotingsproces zijn: - Het beleidsplan Financieel Management waarin onder andere het allocatiebeleid van Elevantio is opgenomen; - Begrotingsbrief 2025; - Leerlingenprognoses Elevantio op peildatum 1 oktober 2024 t.b.v. meerjaren bestuursformatieplan; - Actuele gegevens uit de financiële en personele administratie; - Beleidskeuzes met personele en financiële gevolgen; - Personele allocatie Elevantio conform uitgangspunten BFP 2025-2030; - Uitgangspunten begroting en exploitatie 2025. Op basis van de hiervoor genoemde punten zijn de eerste berekeningen gemaakt voor de meerjarenbegroting en het bestuursformatieplan. Daarna is het begrotingsproces verder doorlopen. Daarbij zijn onder andere de volgende stappen doorlopen: - Begrotingsgesprekken met alle directeuren en bovenschoolse budgethouders; - Verwerking van alle wensen en meerjaren (vervangings) investeringen ; - Opstellen van loonkostenbegroting met alle verplichtingen en natuurlijk verloop; - Opstellen van de berekeningen BFP 2025-2030; - Actualisatie van de leerlingenprognose op teldatum 1 februari t.b.v. bekostiging. Bovenstaande heeft uiteindelijk geresulteerd in deze meerjarenbegroting 2025-2029. 2.2

Onderzoek aanpassingen personele - en materiële allocatie

Aanleiding De meerjaren begroting 2024-2028 liet een flink oplopend tekort zien. Het tekort wordt enerzijds veroorzaakt door oplopende materiële uitgaven waarvoor onvoldoende compensatie in de bekostiging wordt ontvangen. Anderzijds heeft Elevantio een beleidsrijke formatieve inzet ontwikkeld die een groot beroep doet op de beschikbare middelen. De begroting maakt het belang van een evenwichtige en betaalbare allocatie en inzet van medewerkers en middelen duidelijk. Het CvB heeft daartoe aan de werkgroep financiën, facilitair en formatie opdracht gegeven om een advies uit te brengen over mogelijke aanpassingen in de personele en materiële allocatie, zodat de meerjarenbegroting vanaf 2025 past binnen de vastgestelde kaders van het beleidsplan financiële management. In dit beleidsplan is afgesproken dat een sluitende begroting geen vereiste is, maar er begroot wordt met een bandbreedte van het (gecorrigeerd) resultaat waarbij de rentabiliteit (resultaat/totale baten) ligt tussen de -1% en + 0,2%. Dit mede met als doel om tot een gelijkmatige afbouw van de mogelijk bovenmatige reserve te komen. Materieel Door gezamenlijke inkoop, mantelovereenkomsten en harmonisatie na de fusie zijn en worden besparingen gerealiseerd.

Geconcludeerd is dat er binnen de materiële uitgaven geen substantiële besparing te realiseren is die bijdraagt aan de opdracht om de begroting meerjarig binnen de bandbreedte te krijgen. 5

Personeel Door de werkgroep zijn er 4 beïnvloedbare factoren onderzocht: 1. 2. 3. 4.

Basisfacilitering groepsformatie; Facilitering ambulante tijd directeur; Facilitering ambulante tijd IB; Overhead van het bestuurskantoor t.a.v. bedrijfsvoering.

Met als doel de bestaande personele allocatie van Elevantio te vergelijken met andere besturen is gezocht naar benchmark gegevens. Landelijk bleken die niet beschikbaar op het niveau dat noodzakelijk is. Vervolgens zijn binnen het bestuurdersnetwerk in Zeeland (CPOZ) gegevens opgevraagd. Uit de ontvangen gegevens en opgestelde benchmark is geconstateerd dat: •

Er ruimte lijkt te zitten in aanpassing van: - De basisfacilitering van de groepsformatie van 1:23,8 naar 1:25 - De ambulante tijd van directeuren (vanaf 1 fte)

•

Aanpassing van de IB facilitering niet wenselijk is i.v.m. ingezette ontwikkelingen en kwaliteitsopdracht.

•

Overhead bedrijfsvoering van het bestuurskantoor scherp en passend is zeker vanwege de volledige insourcing van werkzaamheden.

Bovenstaande is uitgewerkt in verschillende scenario’s waarbij het financieel effect van de mogelijke aanpassingen inzichtelijk is gemaakt. Op basis van de benchmark en de scenario’s heeft het CvB de beslissing genomen om vanaf schooljaar 2025/2026 de basisfacilitering van de groepsformatie aan te passen van 1:23,8 naar 1:25. Dit betreft de kale groepsformatie zonder extra faciliteringen als bijvoorbeeld kleine scholen toeslag, werkdruk- en onderwijsachterstandsmiddelen. De gemiddelde groepsgrootte van alle Elevantio scholen stijgt door de aanpassing van 18,4 naar 19,0 leerlingen. Door deze maatregel, die naar evenredigheid over alle scholen wordt verdeeld, is de begroting de komende jaren beter in balans en ontstaat er extra beleidsruimte.

6

3

ONTWIKKELING LEERLINGAANTALLEN

In onderstaande tabel is de verwachte ontwikkeling van het leerlingenaantal op Elevantio niveau opgenomen op teldatum 1 februari opgenomen. In de bijlage is een gespecifieerd overzicht per school toegevoegd. Teldatum 1-2 Leerlingen

2023 5809

2024 5724

2025 5729

2026 5629

2027 5534

2028 5405

Op basis van het aantal leerlingen per 1 februari wordt de bekostiging berekend voor het kalenderjaar daarop volgend. Uitgangspunt voor de begroting 2025 is dus het aantal leerlingen op teldatum 1 februari 2024. Op peildatum 1 oktober heeft een laatste actualisatie plaatsgevonden van de leerlingenprognose. Daarbij is vastgesteld dat geprognosticeerde ontwikkeling van het leerlingenaantal aanzienlijk gunstiger is dan eerder voorspeld. Dit heeft een positief effect op de te verwachte inkomsten waardoor deels extra financiële ruimte ontstaat. Op teldatum 1 februari 2025 vindt een volgende check plaats. Eventuele niet voorziene afwijkingen kunnen dan bij de definitieve formatieve uitwerking voor schooljaar 2025/2026 alsnog worden verwerkt.

7

4

Personeel en formatie

4.1 CAO Primair Onderwijs In oktober 2024 is de vigerende CAO Primair onderwijs (2024/2025) van kracht geworden. Die CAO heeft een looptijd tot en met 31 oktober 2025. Met het cao-akkoord 2024/2025 is het loon voor alle medewerkers in het primair onderwijs vanaf oktober 2024 met 4,9% gestegen. In de loonkostenbegroting 2025-2029 is de loonsverhoging verwerkt. 4.2 Eigen risico drager voor ziektevervangingen Elevantio is eigen risicodrager voor ziektevervangingen (ERD), ziektevervangingen worden daardoor niet door het Vervangingsfonds bekostigd. Daar tegenover staat dat er niet langer premie (4,3% voor 2025) wordt afgedragen. Door het ERD schap is er meer vrijheid om met meer flexibiliteit en minder administratieve last de noodzakelijke ziektevervangingen te regelen. 4.3 Bestuursformatieplan Om de onderwijskwaliteit te borgen wordt jaarlijks in het bestuursformatieplan de streefformatie vastgesteld. De streefformatie is het geheel aan functies dat op organisatieniveau op basis van vastgesteld beleid binnen de vastgestelde begroting met rijksmiddelen bekostigd wordt. Om de maatschappelijke opdracht van kwalitatief sterk onderwijs te borgen streeft het bestuur van Elevantio naar een goede en verantwoorde balans tussen gezond vermogen en inzet van beschikbare middelen. Specifiek betekent dit: A.

Omgeving: • behoud van toekomstbestendige en kwalitatief goede scholen in de regio ZeeuwsVlaanderen. B. Werkgelegenheid en personeelsbeleid: • Zoveel mogelijk behoud van werkgelegenheid in de regio door het beperken en zo mogelijk voorkomen van gedwongen ontslag (goed werkgeverschap) • Een evenwichtige leeftijdsopbouw van het personeelsbestand van leerkrachten, directie en ondersteunend personeel, die zorg kunnen dragen en borg kunnen staan voor een sterke onderwijskwaliteit, nu en in de toekomst (continuïteit) • Vormgeven van een organisatiestructuur en gezagsverhoudingen waarin de werknemers willen bijdragen aan een goed functionerende organisatie • Organiseren van zinvolle werkzaamheden, bevoegdheden op de juiste plaats en passend bij ieders aanleg, capaciteit en ambitie • Betrekken van werknemers bij het organiseren van het werk • Scheppen van goede voorwaarden voor verdere professionalisering • Bieden van goede materiële- en huisvestingsvoorzieningen • Het bevorderen van welzijn, gezondheid en veiligheid van iedere werknemer C. Financieel: • Transparant financieel beleid afgestemd op de strategische doelstellingen van de stichting. • Een gezonde vermogenspositie die de continuïteit van het onderwijs op middellange termijn kan borgen.

8

Rekening houdend met bovenstaande pijlers werkt het bestuur van Elevantio jaarlijks de streefformatie uit met een planperiode van 5 schooljaren. De streefformatie is beleidsmatig gebaseerd op: A. Een optimale groepsbezetting, gerelateerd aan de door de minister beschikbaar gestelde basisformatie en de berekende ‘ruimtebeslagberekening’; B. een groepsbezetting die invulling wordt gegeven door bevoegde en bekwame groepsleerkrachten; C. waarbij startende leerkrachten vanuit de organisatie begeleid worden door starterscoaches en opleidingscoördinatoren; D. die als team worden geleid en gecoacht door bevoegde en bekwame directeuren op schoolniveau en verantwoording dragen en afleggen voor het geformuleerde school- en bestuursbeleid en deze concreet kunnen vertalen in operationele doelen met een attitude zoals verwoord in het strategisch beleidsplan van Elevantio; E. ondersteund door IB-ers, ontwikkelteams en kwaliteitsmedewerkers, die medeverantwoordelijkheid dragen voor de interne ondersteuning en coaching i.h.k.v. kwaliteitsontwikkeling van scholen, het vormgeven van het schoolprofiel en het passend onderwijs; F. binnen de mogelijkheden van de beschikbare ondersteuningsmiddelen en het zorgcontinuüm bovenschools vormgegeven wordt door een team van bovenschoolse zorg en het Sbao G.

(inhoudelijke) bovenschoolse ICT-ers die beleidsmatig voorbereiden, uitvoeren, coördineren, coachen en technisch ondersteunen. H. identiteitsbegeleiding voor de borging van de Elevantio-kernwaarden en de inhoudelijke versterking daarvan zichtbaar in diversiteit en pluriformiteit op de Elevantio scholen. I. organisatie brede ondersteuning door een efficiënt georganiseerd Bestuurskantoor, als verbindende en ondersteunende factor voor de kwaliteit van het onderwijs, de personele, financiële, facilitaire en formatieve bedrijfsvoering. J. een pro-actief (strategisch) handelend bestuur dat vanuit haar bestuurlijke verantwoordelijkheid zorgdraagt voor voldoende input vanuit de maatschappelijke context en daarbij zorgdraagt voor verankering van organisatiedoelen, controle op de uitvoering en toezicht op de kwaliteit en professionaliteit van de scholen. K. De Elevantio-organisatie wil ter ondersteuning van de kwaliteit van het onderwijs en de werkdruk van het personeel, binnen de beschikbare middelen, gebruik maken van: o Vakdocenten bewegingsonderwijs o Leerkrachtondersteuners o Onderwijsassistenten o Externen ter ondersteuning van groepen en individuele leerlingen L. Actuele beleidskeuzes – Elevantio heeft de afgelopen twee jaar, aansluitend op de vastgestelde streefformatie aanvullende beleidsrijke keuzes gemaakt.

Op hoofdlijnen heeft Elevantio de (bovenschoolse) ondersteuning op school- en organisatieniveau versterkt met: drie TEC-locaties in Oostburg, Terneuzen, Hulst extra NT-2 specialisten een orthopedagoog een cluster-3-specialist specialist HB-onderwijs ICT-specialisten voor zowel onderwijskundige als technische ondersteuning Identiteitsbegeleiding Auditteams en professionalisering daarvan een kennismakelaar/AVG-functionaris Begeleiders stagiaires en startende leerkrachten (team STAAN) Pilot ‘pedagoog in de klas’ 9

In onderstaande tabel zijn de beleidskeuzes, hierboven benoemd onder L. formatief weergegeven. In paragraaf 5.3 is de financiële vertaling van deze keuzes opgenomen. Beleidskeuzes

FTE

Taal Expertise Centrum (TEC) Bovenschoolse Ondersteuning Hoogbegaafdheid Overige

9,2 9,0 3,1 9,6

Totaal

30,9

4.4 Ontwikkeling streefformatie In onderstaande tabel is de geprognosticeerde ontwikkeling van de streefformatie weergegeven rekening houdend met de uitgangspunten in paragraaf 4.3. De berekende streefformatie wordt gebruikt om de jaarlijkse vacature ruimte inzichtelijk te maken. In paragraaf “werkgelegenheidsperspectief” opgenomen in hoofdstuk 3 van het meerjaren bestuursformatieplan wordt de systematiek nader toegelicht en berekend Overzicht streefformatie: CvB Directie OP OOP

2025-2026

2026-2027

2027-2028

2028-2029

2029-2030

2,0 32,2 338,2 44,9

2,0 32,1 330,3 44,3

2,0 32,4 322,1 43,3

2,0 31,4 317,6 43,0

2,0 31,4 316,2 41,6

417,2

408,7

399,7

394,0

391,2

Doordat er in de meerjarenbegroting financiële ruimte is ontstaan, mede als gevolg van de groepsgrootte en de gunstige ontwikkeling van het leerlingenaantal, zal er in schooljaar 2025/2026 aanvullend op de streefformatie extra onderwijs (OP) - en onderwijs ondersteunend personeel (OOP) worden benoemd. Voor zowel OP als OOP betreft dit 6 FTE. Het bestuur heeft de intentie om deze medewerkers zoveel mogelijk beleidsrijk in te zetten in de ontwikkeling naar “meer inclusief” en ter versterking van onderwijs in basisvaardigheden. Zij-instroom trajecten Naast het aantrekken van gediplomeerde leerkrachten uit Nederland en Vlaanderen is er sinds 2019 ook geïnvesteerd in zij-instroom trajecten. Dit betreft mensen met een aan onderwijs gerelateerde opleiding, die met een verkorte opleiding van 2 jaar tot bevoegd leraar worden opgeleid. Gedurende het opleidingstraject zijn de zij-instromers slechts beperkt formatief inzetbaar en komen de loonkosten volledig voor rekening van het schoolbestuur. Elevantio heeft in de begroting het voornemen verwerkt om in 2025 4 extra zij instroom trajecten op te starten, aanvullend op de 4 trajecten die al lopen. De kosten van deze medewerkers worden voorzien in de schooljaren 2025/2026 en 2026/2027. Na het behalen van het diploma zullen ze via de jaarlijkse vacature ruimte door kunnen stromen in de reguliere formatie.

Voor een goede begeleiding van deze en andere startende medewerkers zal de facilitering van Team STAAN, verantwoordelijk voor de begeleiding van stagiaires en startende leerkrachten, gedurende deze jaren eveneens wat uitgebreid worden (0,2 FTE).

10

5

DE BEGROTING EN DE UITGANGSPUNTEN

5.1 Algemeen De Elevantio begroting 2025 sluit met een positief saldo. Na resultaatbestemming resulteert een positief resultaat dat past is dan het afgesproken rentabiliteitskader van begroten. In het meerjarenperspectief is er ook voor de jaren 2026 t/m 2028 sprake van een resultaat passend is binnen genoemd kader. Het laatste jaar, 2029, wordt beïnvloed door een sterker dalende leerlingenprognose. De komende jaren zal de prognose telkens geactualiseerd worden zodat, indien nodig, er tijdig bijgestuurd kan worden. De begroting en het meerjarenperspectief zijn verder opgesteld op basis van de huidige beleidsuitgangspunten en ligt daarmee in lijn van de begroting 2024. 5.2 Begroting 2025 en meerjarenperspectief 2026 – 2029 In onderstaand overzicht is de begroting 2025 en het meerjarenperspectief 2026-2029 opgenomen. In de vergelijkende cijfers is de realisatie 2023, de begroting 2024 en de prognose 2024 opgenomen. De prognose van begrotingsjaar 2024 is ook de basis voor de doorrekening van de meerjarenbalans. Tevens is het begrote gecorrigeerde exploitatie resultaat opgenomen. Hierin is rekening gehouden met de resultaatbestemming van kosten als gevolg van beleidskeuzes waarvoor eerder bestemmingsreserves zijn gevormd. Realisatie 2023

Begroting 2024

Prognose 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting 2029

3.1 Rijksbijdragen 3.2 Overige overheidsbijdragen en -subsidies 3.5 Overige baten 3 Baten

50.899.506 48.627.854 781.057 388.260 923.275 386.373 52.603.838 49.402.487

50.643.677 50.778.922 49.335.313 504.913 631.000 631.000 825.978 719.748 895.408 51.974.568 52.129.670 50.861.721

48.628.083 47.740.076 46.820.894 631.000 631.000 631.000 887.402 719.594 703.959 50.146.485 49.090.670 48.155.853

4.1 Personeelslasten 4.2 Afschrijvingen 4.3 Huisvestingslasten 4.4 Overige lasten 4 Lasten

43.754.317 42.588.266 1.114.478 1.186.327 3.144.777 3.528.702 4.556.885 3.562.360 52.570.456 50.865.655

44.694.151 44.813.536 43.351.295 1.186.326 1.132.176 1.243.367 3.532.319 3.615.997 3.617.122 4.396.129 3.614.837 3.434.140 53.808.925 53.176.546 51.645.924

42.561.159 41.898.557 41.735.580 1.231.745 1.183.197 1.121.189 3.563.097 3.532.621 3.493.421 3.365.933 3.298.463 3.285.905 50.721.935 49.912.838 49.636.095

5.1 Rentebaten

594.905

550.000

668.346

600.000

550.000

500.000

450.000

450.000

1 Resultaat

628.287

-913.168

-1.166.011

-446.875

-234.203

-75.450

-372.168

-1.030.242

-1.166.011 165.000 637.000 308.000 132.000 16.000 6.000 -

-446.875 46.000 145.000 132.000 18.000 8.000 125.000

-234.203 46.000 132.000 18.000 8.000 125.000

-75.450 37.000 8.000 18.000 8.000 125.000

-372.168 24.000 18.000 8.000 125.000

-1.030.242 15.000 18.000 8.000 125.000

97.989

27.125

94.797

120.550

-197.168

-864.242

0,2%

0,1%

0,2%

0,2%

-0,4%

-1,8%

Exploitatie resultaat Bestemmingsreserve NPO (materieel) Bestemmingsreserve NPO (formatieve inzet) Bestemmingsreserve startgroepen Bestemmingsreserve ICT DWO Bestemmingsreserve owk vernieuwing gebouwen Bestemmingsreserve kwaliteit nieuwbouw scholen Bestemmingsreserve onderwijs aan anderstaligen Exploitatie na resultaatbestemming Rentabiliteit

11

In onderstaand overzicht zijn de bovenstaande cijfers uit de begroting (voor resultaatbestemming) procentueel afgezet tegen de benchmark. Als bron van de benchmark is het Gegevensboek Primair Onderwijs 2019-2023 gepubliceerd door het ministerie gebruikt. De benchmark betreft schoolbesturen met > 20 scholen. Realisatie 2023

Begroting 2024

Prognose 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting Benchmark 2029

3.1 Rijksbijdragen 3.2 Overige overheidsbijdragen 3.5 Overige baten 3 Baten

96,8% 1,5% 1,8% 100%

98,4% 0,8% 0,8% 100%

97,4% 1,0% 1,6% 100%

97,4% 1,2% 1,4% 100%

97,0% 1,2% 1,8% 100%

97,0% 1,3% 1,8% 100%

97,2% 1,3% 1,5% 100%

97,2% 1,3% 1,5% 100%

94,4% 2,9% 3,1% 100%

4.1 Personeelslasten 4.2 Afschrijvingen 4.3 Huisvestingslasten 4.4 Overige lasten 4 Lasten

83,2% 2,1% 6,0% 8,7% 100,0%

83,7% 2,3% 6,9% 7,0% 100,0%

83,1% 2,2% 6,6% 8,2% 100,0%

84,3% 2,1% 6,8% 6,8% 100,0%

83,9% 2,4% 7,0% 6,6% 100,0%

83,9% 2,4% 7,0% 6,6% 100,0%

83,9% 2,4% 7,1% 6,6% 100,0%

84,1% 2,3% 7,0% 6,6% 100,0%

82,4% 2,2% 7,2% 8,2% 100,0%

Net als voorgaande jaren is zichtbaar dat Elevantio minder subsidies van gemeenten ontvangt en er minder overige baten zijn dan andere besturen. De personeelslasten zijn in 2025 wat hoger dan de benchmark, in het meerjaren perspectief loopt dit nog op. De afschrijvings- en huisvestingslasten liggen op benchmarkniveau. De overige lasten zijn bij Elevantio lager dan de benchmark. Deze uitgaven hebben vaak een relatie met de overige baten, waarvan de benchmark ook lager was. In het vervolg van dit hoofdstuk wordt een uitgebreide toelichting gegeven op de belangrijkste uitgangspunten en ontwikkelingen waarmee in de begroting rekening is gehouden. In hoofdstuk 6 wordt de balans verder toegelicht. 5.3 Beleidskeuzes In de voorliggende begroting zijn beleidskeuzes verwerkt waarvan de financiële uitwerking bijdraagt aan met name de personele kosten, zie ook paragraaf 4.3. In onderstaand overzicht zijn de begrote meerjarige kosten afgezet tegen de belangrijkste en beïnvloedbare beleidskeuzes. Begroting 2025 Begroting 2026 Begroting 2027 Begroting 2028 Begroting 2029 Beleidskeuzes (paragraaf 4.3) Taal Expertise Centrum (TEC) Bovenschoolse Ondersteuning Hoogbegaafdheid Overige formatieve keuzes

716.000 853.000 294.000 910.000 2.773.000

716.000 853.000 294.000 910.000 2.773.000

716.000 853.000 294.000 910.000 2.773.000

716.000 853.000 294.000 910.000 2.773.000

716.000 853.000 294.000 910.000 2.773.000

Formatieve faciliteringen BFP

775.000

775.000

775.000

775.000

775.000

Kwaliteit inhuur externe zorg Totaal beleidskeuzes

100.000 3.648.000

100.000 3.648.000

100.000 3.648.000

100.000 3.648.000

100.000 3.648.000

12

Ad 1. Beleidskeuzes (paragraaf 4.3) Betreft de financiële vertaling van de inzet van onderwijs personeel (OP) en onderwijs ondersteunend personeel (OOP) o.b.v. de gemiddelde personele last (GPL) van de beleidskeuzes benoemd in paragraaf 4.3 onder L. Ad 2. Formatieve faciliteringen BFP Betreft de verruiming in facilitering voor directie en IB die in het bestuursformatieplan is opgenomen. Ad 3. Kwaliteit – inhuur externe zorg Betreft het extra budget dat opgenomen is in de begroting om aanvullend op onze interne zorg ook specialistische externe zorg in te kopen.

5.4

Staat van baten en lasten

5.4.1 Rijksbijdragen De rijksbijdragen in de begroting worden bepaald op basis van de meest recente bekostigingsbedragen Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 17 oktober 2024 voor bekostiging primair onderwijs voor het kalenderjaar 2025. Er is in de begroting aanvullend rekening gehouden met een indexering van de bekostiging van 2,95%. In de CAO primair onderwijs 2024-2025 is in de loonsverhoging namelijk al geanticipeerd op de minimaal te verwachten arbeidsvoorwaardenruimte voor 2025. Zoals genoemd in hoofdstuk 4 is in de loonkostenbegroting de loonsverhoging verwerkt en door de indexatie op te nemen nu ook aan de bekostigingskant. De daadwerkelijke vaststelling en uitbetaling van de indexatie vindt naar verwachting medio juli 2025 plaats waardoor er feitelijk sprake is van voorfinanciering. 5.4.2 Onderwijsachterstandenbestrijding In de begroting is de bekostiging voor onderwijsachterstandenbestrijding (OAB) conform de meest recente bekostigingsregeling verwerkt. Het totale budget voor OAB verdeeld via een aparte lumpsumbekostiging op basis van vastgestelde CBS indicatoren die tot een achterstandscore per school leiden. De achterstandscore wordt jaarlijks opnieuw vastgesteld op basis van de leerling telling per 1 februari. In deze begroting is de bekostiging OAB derhalve gebaseerd op de achterstandsore per 1 februari 2024.

Jaarlijks zijn er fluctuaties zichtbaar in scores op schoolniveau. Op stichtingsniveau zijn de ontvangen middelen de laatste jaren echter stabiel te noemen. 5.4.3 Professionalisering en begeleiding van startende leraren en schoolleiders De Regeling professionalisering en begeleiding van startende leraren en schoolleiders is tijdelijk verlengd tot en met 2025. De bekostiging wordt in 2025 wel met ca. 50% verlaagd doordat er door het Ministerie 50% wordt overgeheveld aan de “Onderwijsregio’s”. In een Onderwijsregio (voor Elevantio is dat geheel Zeeland) wordt op regionaal niveau samengewerkt door PO/VO/MBO om gezamenlijk de verantwoordelijk te nemen voor de gehele onderwijsarbeidsmarkt. De bedoeling is dat door de vorming van onderwijsregio’s met meer impact en effectiever gewerkt kan worden richting het oplossen van het leraren- en personeelstekort. Schoolbesturen met hun scholen, lerarenopleidingen, leraren en mensen uit het vak zelf kunnen dit volgens het ministerie van OC&W niet alleen. Naar verwachting wordt vanaf 2026 de gehele bekostiging uitgekeerd aan de Onderwijsregio

13

In de meerjarenbegroting is voor 2025 rekening gehouden met een halvering van de ontvangen bekostiging (o.b.v. een bedrag per leerling). Voor 2025 is in de Zeeuwse Onderwijsregio (ZOR) afgesproken dat de ZOR 90% van de ontvangen middelen doorbetaald aan de schoolbesturen. Daarmee bedraagt voor Elevantio de bekostiging in 2025 95% t.o.v. de bekostiging in 2024. Voor 2026 en verder is er nog geen afspraak gemaakt in de meerjarenbegroting is rekening gehouden met een afbouw van de middelen: 2026 en 2027 75% en vanaf 2028 50% (t.o.v. 2024). 5.4.4 Bijdrage samenwerkingsverband Het Samenwerkingsverband PPOZ (Passend Primair Onderwijs Zeeuws-Vlaanderen) bekostigt Elevantio middels overdracht van middelen waaruit de lichte- en zware ondersteuning voor de scholen worden uitgevoerd. Deze inkomsten worden bij Elevantio met name ingezet als dekkingsbijdrage voor de bovenschoolse ondersteuning, intern begeleiders en de ondersteuning van formatie op de scholen. Op basis van de concept meerjarenbegrotingbegroting 2025-2029 van het Samenwerkingsverband zijn de te verwachten bedragen opgenomen. De baten van Visio, inzake leerlingen met visuele problemen zijn op basis van vergelijkende cijfers over voorgaande jaren geraamd. De baten van Auris, inzake leerlingen met gehoor-, spraak- en taalproblemen, worden wegens aangepaste beleidskeuzes niet langer ontvangen.

5.4.5 Fusiefaciliteiten De regeling fusiefaciliteiten waarbij voor de eerder gefuseerde Elevantio scholen voor 6 jaar 100% fusiefaciliteiten wordt ontvangen. In de meerjarenraming is rekening gehouden met de toegekende fusiefaciliteiten en de afbouw daarvan. Voor fusies na 2023 geldt een nieuwe en minder gunstige regeling. Gedurende de looptijd van de meerjaren begroting loopt het aantal scholen waar fusiefaciliteiten wordt ontvangen terug. In onderstaand schema is dit weergegeven. Per 1 augustus 2025 (schooljaar 2025/2026) worden er geen fusiefaciliteiten meer ontvangen Peildatum per 1-8 Aantal scholen met fusiefaciliteiten Fusie faciliteiten in euro’s

2024 2 498.000

2025 233.000

2026 -

2027 -

2028 -

2029 -

De middelen worden met name ingezet voor de fusiescholen, extra formatieve faciliteringen en extra kwaliteit op scholen. Overige overheidsbijdragen 5.4.6 Gemeentelijke subsidies In de meerjaren begroting is rekening gehouden met structurele middelen vanuit de gemeente Terneuzen voor onderwijsachterstandsbeleid en schakelklassen. De middelen zijn gebaseerd op de meest recente OAB begroting van de gemeente. De ontvangen middelen worden met name formatief ingezet en zijn ook opgenomen in het meerjaren bestuursformatieplan. Verder wordt voor een tweetal scholen een genormeerde vergoeding voor de exploitatie van een gymzaal ontvangen.

14

Overige baten 5.4.7 Verhuuropbrengsten De verhuuropbrengsten van gebouwen en lokalen komen voort uit verhuur – en medegebruik op scholen. Er wordt met name verhuurd aan kinderopvangorganisaties. De laatste jaren zien we ook andere zorgpartners de school inkomen, bijvoorbeeld logopedie en kinderfysiotherapie. Met de gemeente Hulst, Terneuzen en Sluis zijn de afspraken en tarieven vastgelegd in beleidsnotitie “verhuur en medegebruik schoolgebouwen”. Aandachtspunt voor 2025 is de (verplichte) kostendekkendheid van de verhuur- en medegebruik tarieven die een schoolbestuur in rekening dient te brengen. Met name door de gestegen energielasten is daar momenteel niet altijd sprake van.

Personele lasten 5.4.8 Loonkosten De loonkosten in de begroting zijn opgenomen op basis van de lopende verplichtingen zoals opgenomen in paragraaf 4.4 Ontwikkeling streefformatie. Op basis van het bestuursformatieplan waarin de streefformatie is berekend is een meerjarige loonkostenbegroting opgesteld. In de loonkostenbegroting is rekening gehouden met de volgende zaken: 1. De lopende verplichtingen schooljaar 2024/2025 en de huidige vaste verplichtingen voor schooljaar 2025/2026 t/m schooljaar 2029/2030; 2. De loonkosten schooljaren 2024/2025 t/m 2029/2030 conform de vigerende CAO Primair Onderwijs 2024-2025 en geldende belastingen en premies; 3. Verwachte uitstroom o.b.v. natuurlijk verloop t/m 2029; 4. In de streefformatie is rekening gehouden met 9,4% (van de groepsbezetting) vervangingsruimte voor ziekte- en ouderschapsverlof; 5. In de streefformatie is rekening gehouden met de bestaande afspraken voor facilitering en beleidskeuzes zoals toegelicht in paragraaf 4.3 Bestuursformatieplan onder L. In onderstaande tabel zijn de loonkosten voor de meerjaren begrotingsperiode gespecificeerd per categorie weergegeven. In deze loonkosten zijn de extra formatieve investeringen benoemd in paragraaf 4.4 Streefformatie verwerkt. CvB Directie OP OOP Totaal

2025 2026 2027 2028 2029 370.000 370.001 370.002 370.003 370.004 4.165.943 4.227.182 4.229.409 4.208.572 4.208.741 33.370.348 32.622.221 32.052.536 31.747.167 31.625.719 4.432.655 4.037.873 3.885.863 3.653.423 3.617.292 42.338.946 41.257.278 40.537.810 39.979.164 39.821.756

15

In de hiervoor weergegeven loonkosten zijn onderstaande FTE verwerkt. In deze FTE zijn de extra formatieve investeringen benoemd in paragraaf 4.4 Streefformatie verwerkt. Door de jaarlijkse (extra) mutaties in het personeelsbestand (ca. 4%) vloeien deze medewerkers “vanzelf” door naar de reguliere streefformatie en betekent dit geen risico voor Elevantio. 2025-2026

2026-2027

2027-2028

2028-2029

CvB

2,0

2,0

2,0

2,0

2,0

Directie

32,2

32,2

32,2

32,2

32,2

OP

350,0

334,9

326,3

321,4

317,1

OOP

54,0

53,7

47,1

46,3

44,9

438,3

422,7

407,6

401,9

396,2

2029-2030

5.4.9 Professionalisering, scholing en interventie De uitgaven voor professionalisering, scholing en interventie zijn gebaseerd op de verplichtingen conform de vigerende CAO Primair Onderwijs en de allocatie conform de “ uitgangspunten begroting en exploitatie 2025”. De inzet en verdeling van de middelen, die worden ontvangen via de verschillende bekostigingsregelingen zijn daarbij uitgesplitst in verschillende onderdelen en gealloceerd op bovenschools en schoolniveau conform het professionaliseringsbeleid van Elevantio dat in 2023 is geharmoniseerd. In het meerjaren perspectief (2026 en 2027) zijn investeringen in scholing voorzien ter versterking van de ontwikkelteams op onze scholen. In 2025 zal hiervoor een concreet plan worden uitgewerkt. 5.4.10 Overige personele lasten In de overige personele lasten zijn naast de onder 5.4.9 genoemde uitgaven voor professionalisering andere personeel gerelateerde kosten opgenomen zoals inhuur externen, arbodienst, personele verzekeringskosten, juridische ondersteuning, organisatie ontwikkeling en de dotaties aan de personele voorzieningen. Alle posten zijn met de budgethouders doorgenomen en waar nodig herrekend en aangepast. Materiële lasten 5.4.11 Afschrijvingen De afschrijvingen zijn gebaseerd op de actuele activaregistratie per 1-11-2024 en afschrijvingslasten voor de periode 2025-2029.

De activa wordt conform onderstaand schema afgeschreven.

Activagroep Gebouwen Renovatie Onderwijskundige Vernieuwingen schoolgebouwen Duurzame apparatuur Meubilair Leermiddelen ICT digiborden ICT hardware

Afschrijvingstermijn in jaren 40 25 25 10 20 8 7 5

In de meerjarenbegroting zijn de meerjaren investeringen opgenomen conform opgave van de budgethouders. Dit betreft zowel vervangingsinvesteringen als nieuwe investeringen. Alle investeringen zijn doorgerekend in de afschrijvingslasten. Een overzicht van de meerjaren investeringen is opgenomen in paragraaf 6.4. 16

5.4.12 Huisvestingslasten Onderhoud Een belangrijk onderdeel van de huisvestingslasten betreft de dotatie voor groot onderhoud die gebaseerd is op het meerjarenonderhoudsplan (MJOP). De MJOP is in het najaar 2024 voor alle scholen geactualiseerd. Op basis van de te verwachten onderhoudsuitgaven in de MJOP en de stand van de voorziening per 1-1-2024 is de dotatie herrekend en verwerkt in de meerjarenbegroting. Sinds de jaarrekening 2023 hanteert Elevantio de componentenmethode voor de bepaling van de hoogte van de voorziening groot onderhoud. In de gemeente Terneuzen, Hulst en Sluis zijn de brede scholen eigendom van de gemeente en vindt er een overdracht van (onderhouds-)middelen naar de betreffende gemeente plaats. De afspraken en overdracht zijn echter verschillend. Dit is nog onderdeel van de harmonisatiekalender. De doorbelastingen zijn in het meerjarenperspectief opgenomen op basis van de huidige afspraken. De gemeente Hulst heeft de intentie de brede school in Sint Janssteen in eigendom over te dragen aan Elevantio. De voorbereiding daarvan heeft bij de gemeente echter vertraging opgelopen en wordt niet eerder voorzien dan 2026. De ramingen voor het installatie- en groenonderhoud zijn geactualiseerd en aangepast.

Schoonmaak De lasten voor het schoonmaakonderhoud zijn aangepast aan het actuele schoonmaakprogramma en er is rekening gehouden met een door te voeren indexering als gevolg van de CAO schoonmaakdiensten. Bij enkele scholen vindt een doorbelasting van kosten plaats naar derden. Deze doorbelastingen zijn opgenomen onder de overige baten. De afvalverwijdering in geharmoniseerd en opgenomen op basis van de actuele afspraken. Energie De energielasten getoetst en aangepast o.b.v. het verbruik in 2023 en 2024 en de te verwachten tarieven voor 2025. Het huidige contract loop af per 31 december 2025. Komend jaar zal Energie voor Scholen (EVS), het inkoopcollectief (ca. 6000 scholen) voor energie waar Elevantio bij is aangesloten, een nieuwe Europese aanbestedingsprocedure opstarten. Energiekosten zijn nog steeds een grote zorg vanwege de forse overschrijding t.o.v. de ontvangen genormeerde vergoeding voor energie. Door de energiecrisis, gestegen tarieven voor verbruik en belastingen en het uitblijven van een passende indexering van de prijsafhankelijke bekostiging door het Rijk neemt de overschrijding alleen maar toe. 5.4.13 Overige instellingslasten Administratie en beheer De reprokosten zijn opgenomen op basis van de lopende overeenkomsten en conform het werkelijk gebruik.

In 2025 lopen de contracten van de rechtsvoorgangers af en zal verder worden geharmoniseerd door middel van een Europese aanbesteding van de reprodienst voor de gehele stichting. Bij de geraamde kosten voor deskundigenadvies is onder andere rekening gehouden met de kosten voor de kwaliteitsmetingen schoonmaak en de Europese aanbesteding van de repro. In 2025 is het voornemen om het, in 2024 geïmplementeerde, salarisadministratiepakket verder te ontwikkelen en processen te stroomlijnen. Hiervoor is in de begroting een stelpost opgenomen. 17

Inventaris, apparatuur en leermiddelen De uitgaven voor software- en licentiekosten onderwijsleermiddelen en aanschaf onderwijsleerpakket blijven stijgen terwijl de afschrijvingslasten van aanschaf leermiddelen niet evenredig mee dalen. Methodes worden door uitgevers steeds meer in hybride vorm (verplicht) aangeboden. Dat betekent zowel licentiekosten als de aanschaf van materialen. Een goede inhoudelijke én financiële afweging op schoolniveau bij de keuze voor een methode is belangrijk om deze kosten betaalbaar te houden. In de software en licentie kosten overig zijn onder andere de licentiekosten voor alle noodzakelijke medewerkers- en (bovenschoolse) leerlingensoftware opgenomen. Deze kosten worden bovenschools gedragen. Overige instellingslasten De overige instellingslasten zijn mede bepaald op basis van de uitgaven in boekjaar 2023 en 2024, gecorrigeerd op incidentele lasten en rekening houdend met verwachtingen voor toekomstige uitgaven. Projecten In de begroting zijn diverse, zowel lopende als nieuwe, projecten verwerkt. Zo zijn er bijvoorbeeld stelposten verwerkt voor de zomerschool en extra inzet in groep 1 en 2. In de meerjarenbegroting zijn de kosten van de startgroepen t/m juni 2025 begroot. Vanuit het (regionaal) bestuurlijke overleg vinden er initiatieven plaats om structurele financiering hiervoor te vinden. In 2024 is gestart met de werkplaats inclusief.

Een nieuw en breed gedragen project rondom inclusiviteit in Zeeuws Vlaanderen. Tot en met 2027 is in de begroting 50K per jaar opgenomen als projectkosten. Vanuit het Samenwerkingsverband wordt aanvullend gedurende de projectperiode een bedrag van 800K beschikbaar gesteld. Dit bedrag wordt als projectsubsidie verwerkt in de administratie.

5.4.14 Financiële baten en lasten Elevantio maakt al enige tijd gebruik van schatkist bankieren via het Ministerie van Financiën. De rentevergoeding op de reguliere rekening-courant is gelijk aan de “Euro short-term rate” en is daarmee ruim boven het niveau dat reguliere banken aanbieden voor speciale spaarrekeningen en deposito’s. In de rentebaten is in het meerjarenperspectief rekening gehouden met afnemende rentebaten doordat de rente komende jaren naar verwachting zal dalen.

18

6

DE BALANS EN KENGETALLEN

6.1 Meerjarenbalans 2025 – 2029 In onderstaand overzicht is de balans 2025 en het meerjarenperspectief 2026-2029 opgenomen. In de vergelijkende cijfers zijn de vastgestelde jaarrekeningen 2022 en 2023 alsmede de prognose voor 2024 opgenomen. Balans Elevantio Werkelijk 2022

Werkelijk 2023

Prognose 2024

Begroting 2025

Raming 2026

Raming 2027

Raming 2028

Raming 2029

Vaste activa Materiele vaste activa Financiele vaste activa Vlottende activa Vorderingen Liquide middelen Totaal Activa

6.424.599 -

6.622.808 -

6.971.322 -

7.933.732 -

7.672.965 -

7.749.420 -

7.204.723 -

6.736.534 -

1.524.827 16.619.279 24.568.705

1.318.428 18.426.344 26.367.580

1.100.000 15.589.413 23.660.734

1.100.000 13.742.127 22.775.859

1.100.000 13.233.692 22.006.657

1.100.000 13.046.787 21.896.207

1.100.000 13.158.316 21.463.039

1.100.000 12.773.263 20.609.798

Eigen vermogen Voorzieningen Kortlopende schulden Totaal Passiva

12.115.975 7.217.703 5.235.027 24.568.705

13.238.280 7.143.789 5.985.511 26.367.580

12.072.269 6.888.465 4.700.000 23.660.734

11.625.394 6.450.465 4.700.000 22.775.859

11.391.192 5.915.465 4.700.000 22.006.657

11.315.742 5.880.465 4.700.000 21.896.207

10.943.574 5.819.465 4.700.000 21.463.039

9.913.333 5.996.465 4.700.000 20.609.798

In de jaarrekening 2023 is de componentenmethode voor de voorziening onderhoud verwerkt. Deze werkwijze is verplicht vanaf boekjaar 2024, de eerder gebruikte egalisatiemethode is dan niet langer toegestaan. De toepassing van de componenten methode betekent een verschuiving van ca. € 3,9 mln. van het eigen vermogen naar de voorziening groot onderhoud. Tegelijkertijd zijn ook de vergelijkende cijfers voor 2022 (verplicht) aangepast. 6.2

Kengetallen 2025 – 2029

Vanuit de begroting (paragraaf 5.2) en de balans (paragraaf 6.1) kunnen een aantal kengetallen worden berekend. De onderstaande kengetallen zijn conform het toezicht op de financiële continuïteit van onderwijsinstellingen zoals gehanteerd door de Inspectie van Onderwijs. De signaleringswaarden die de Inspectie van Onderwijs gebruikt als onderdeel van haar analyse om te bepalen of de financiële positie van een bestuur nader moet worden onderzocht zijn opgenomen ter vergelijking . Tevens zijn de kengetallen over de kalenderjaar 2023 en 2024 (prognose) opgenomen als vergelijkende cijfers. De kengetallen worden onder de tabel nader toegelicht. Kengetallen Li qui di tei t Sol vabi l i tei t 2 Weers tands vermogen Rentabi l i tei t Rentabi l i tei t gecorri geerd

Signaleringswaarden < 0,75 < 30% < 5%

2023

2024 3,3 77% 25% 1,2% 0,9%

2025 3,6 80% 23% -2,2% 0,2%

2026 3,2 79% 22% -0,8% 0,1%

2027 3,0 79% 22% -0,5% 0,2%

2028 3,0 79% 23% -0,1% 0,2%

2029 3,0 78% 22% -0,8% -0,4%

3,0 77% 21% -2,1% -1,8%

Liquiditeit (vlottende activa / kort vreemd vermogen) De liquiditeit drukt de verhouding uit tussen de vlottende activa en de kortlopende schulden. Het geeft aan in hoeverre de organisatie aan zijn betalingsverplichtingen op korte termijn kan voldoen. De liquiditeitspositie geeft de toestand per 31 december weer. Er is sprake van een momentopname. De liquiditeit van Elevantio ligt meerjarig ruim boven de signaleringswaarde van de Inspectie van Onderwijs. Elevantio hanteert zelf, mede op advies van de PO Raad een signaleringswaarde van 1,0. Ook op grond van die waarde is er sprake van meer dan voldoende liquiditeit.

19

Solvabiliteit 2 ((eigen vermogen incl. voorzieningen) / totale passiva) De solvabiliteit geeft de mate aan waarin het bestuur in staat is op langere termijn aan haar verplichtingen te voldoen. De solvabiliteitspositie geeft de toestand op 31 december weer. Er is sprake van een momentopname. De solvabiliteit 2 is in meerjarig perspectief stabiel. De signaleringswaarde van de Inspectie van Onderwijs voor solvabiliteit 2 is 30%. De solvabiliteit 2 van Elevantio ligt derhalve nog ruim boven de signaleringswaarde. Weerstandvermogen (eigen vermogen / totale baten) Het weerstandsvermogen geeft aan in welke mate een organisatie in staat is toekomstige negatieve of nadelige ontwikkelingen (risico’s) op te vangen. Te hoge reserves kunnen duiden op spaargedrag terwijl te lage reserves kunnen duiden op zorgeloos financieel management. De Inspectie van Onderwijs hanteert een signaleringswaarde van 5%. Het weerstandsvermogen van Elevantio ligt daar ruim boven. Daaruit valt te concluderen dat Elevantio over voldoende vermogen bezit om risico’s op te vangen. Rentabiliteit De rentabiliteit drukt de verhouding uit tussen het resultaat en de baten. Er wordt hierbij gekeken hoe efficiënt er met de opbrengsten wordt omgegaan. De rentabiliteit geeft binnen de onderwijssector het resultaat weer van het budgetbeheer van een instelling: de mate waarin de baten en lasten met elkaar in evenwicht zijn.

Uitgaande van de veronderstelling dat middelen daadwerkelijk aan onderwijs moeten worden besteed zou de rentabiliteit structureel dichtbij nul moeten uitkomen. De Inspectie van Onderwijs heeft sinds verslaggevingsjaar 2021 voor rentabiliteit geen signaleringswaarde meer. Elevantio heeft in het beleidsplan financieel management vastgelegd er begroot wordt met een bandbreedte van het (gecorrigeerd) resultaat waarbij de rentabiliteit (resultaat/totale baten) ligt tussen de -1% en + 0,2%. De rentabiliteit is uitgezonderd 2029 passend binnen de bandbreedte. Uit bovenstaande kengetallen blijkt dat Elevantio financieel een gezonde organisatie is met ruimte om bestaand beleid te continueren en / of (nieuw) beleid te ontwikkelen. Reservepositie (mogelijk bovenmatig publiek eigen vermogen) Deze signaleringswaarde geeft de verhouding aan tussen (het feitelijk publiek eigen vermogen -/signaleringswaarde publiek eigen vermogen) / totale baten. De signaleringswaarde dient per bestuur de maximale bovengrens van de totale publieke reserves aan te geven. Als het eigen vermogen groter is dan het normatieve eigen vermogen, kan er sprake zijn van een mogelijk bovenmatige reserve. De inspectie benoemt dat de signaleringswaarde voor het eigen vermogen geen harde norm is, maar een startpunt voor een eventueel gesprek.

Een bestuur kan immers goede redenen hebben om tijdelijk meer eigen vermogen aan te houden dan de signaleringswaarde. De inspectie gebruikt deze signaleringswaarde in het toezicht op de doelmatigheid vanaf verslagjaar 2020. Hoewel de Inspectie van Onderwijs aangeeft dat de signaleringswaarde geen harde norm betreft is wel eerder aangegeven dat er vanaf 2024 handhaving kan plaatsvinden indien een bestuur over verslagjaar 2023 een bovenmatige reserve niet goed kan verantwoorden.

20

Onderstaand is de reservepositie “mogelijk bovenmatig publiek eigen vermogen” op basis van de meerjaren balans in beeld gebracht. A. Feitelijk publiek eigen vermogen Eigen vermogen minus: Privaat eigen vermogen Totaal B. Signaleringswaarde publiek eigen vermogen 1.a Boekwaarde materiële vaste activa (excl. gebouwen) 1.b (Aanschafwaarde gebouwen * 50%) * 1,27 2. Liquiditeitsbuffer Totaal Mogelijk bovenmatig publiek eigen vermogen in € Signaleringswaarde mogelijk bovenmatig publiek eigen vermogen

2024

2025

€ € €

12.072 461 11.611

€ 11.625 € 461 € 11.165

€ € € € €

5.341 1.667 2.632 9.640 1.971

€ 6.385 € 1.918 € 2.636 € 10.939 € 225

1,20

1,02

2026

2027

2028

2029

€ € €

11.391 461 10.930

€ 11.316 € 461 € 10.855

€ 10.944 € 461 € 10.483

€ € €

9.913 461 9.453

€ € € € €

6.216 1.918 2.571 10.705 226

€ 6.397 € 2.236 € 2.532 € 11.165 € 310-

€ 5.956 € 2.236 € 2.477 € 10.669 € 186-

€ € € € €

5.592 2.236 2.430 10.258 806-

1,02

0,97

0,98

0,92

De berekende signaleringswaarde zal als gevolg van de gemaakte beleidskeuzes vanaf 2027 lager zijn dan de signaleringswaarde van 1. Daarmee zal Elevantio voldoen aan de Inspectienorm In het eigen vermogen van Elevantio zijn op basis van beleidskeuzes diverse bestemmingsreserves gevormd. De bestemmingsreserves zijn onderdeel van het eigen vermogen. In onderstaande tabel is het begrote verloop van de bestemmingsreserves weergegeven. Verloop bestemmingreserves Bestemmingsreserve NPO Bestemmingsreserve Startgroepen Bestemmingsreserve investering ICT DWO Bestemmingsreserve onderwijskundige vernieuwing schoolgebouwen Bestemmingsreserve kwaliteit nieuwbouw schoolgebouwen Bestemmingsreserve onderwijs aan anderstalige nieuwkomers Totaal

2024 1.742 272 558 618 1.188 4.378

2025 1.551 140 540 610 1.063 3.904

2026 1.505 8 522 602 938 3.575

2027 1.468 504 594 813 3.379

2028 1.444 486 586 688 3.204

2029 1.429 468 578 563 3.036

De bestemmingsreserve NPO zal naar verwachting de komende jaren vooral formatief worden ingezet. In de verdere uitwerking van het bestuursformatieplan 2025 -2030 zal dit geconcretiseerd worden.

21

6.3

Liquiditeitsprognose 2025-2029 Kasstroomoverzicht Elevantio Prognose Begroting 2024 2025

Werkelijk 2023 Kasstroom uit operationele activiteiten Saldo baten en lasten

Raming 2029

1.046.875-

784.203-

575.450-

822.168-

1.480.242-

1.087.338 420.108

1.186.326 255.324-

1.132.176 438.000-

1.243.367 535.000-

1.231.745 35.000-

1.183.197 61.000-

1.121.189 177.000

206.399 750.484

218.428 1.285.511-

-

-

-

-

-

594.905 4.6533.087.963

668.346 3.160 1.298.932-

600.000 12.786234.515

550.000 -

500.000 -

450.000 -

450.000 -

474.165

1.121.295

750.029

267.947

1.309.737 28.8401.807.066

1.863.000 325.0002.836.932-

2.081.800 1.847.285-

982.600 508.435-

1.308.200 186.905-

638.500 111.529

653.000 385.053-

1.807.066

2.836.932-

1.847.285-

508.435-

186.905-

111.529

385.053-

16.619.279 1.807.066

18.426.345 2.836.932-

15.589.413 1.847.285-

13.742.127 508.435-

13.233.692 186.905-

13.046.787 111.529

13.158.316 385.053-

18.426.345

15.589.413

13.742.127

13.233.692

13.046.787

13.158.316

12.773.263

Mutatie liquide middelen

6.4

Raming 2028

1.834.357-

Kasstroom uit investeringsactiviteiten Investeringen in materiële vaste activa (-/-) Desinvesteringen in materiële vaste activa Overige investeringen in financiele vaste activa

Eindstand liquide middelen

Raming 2027

33.382

Aanpassingen voor: - Afschrijvingen - Mutaties voorzieningen Veranderingen in vlottende middelen - Vorderingen - Schulden Kasstroom uit bedrijfsoperaties: - ontvangen interest - betaalde interest - buitengewoon resultaat/correcties

Beginstand liquide middelen Mutatie liquide middelen

Raming 2026

Investeringen en voorzieningen

Prognose 2024

investeringen en voorzieningen Elevantio Begroting Raming 2025 2026

Raming 2027

Raming 2028

Raming 2029

Gebouwen en Terreinen Duurzame apparatuur Meubilair ICT Leermiddelen Overige Materiele Vaste Activa Desinvesteringen Totaal Investeringen

380.000 700.000 654.000 125.000 4.000 1.863.000

395.000 15.500 510.500 875.550 269.250 16.000

10.000 82.000 738.100 152.500

500.000 10.000 6.500 636.200 155.500

10.000 6.500 472.000 150.000

10.000 6.500 486.500 150.000

2.081.800

982.600

1.308.200

638.500

653.000

Voorziening onderhoud Voorziening jubilea Overige personele voorzieningen Totaal voorzieningen

5.065.816 484.931 1.337.718 6.888.465

4.627.816 484.931 1.337.718 6.450.465

4.092.816 484.931 1.337.718 5.915.465

4.057.816 484.931 1.337.718 5.880.465

3.996.816 484.931 1.337.718 5.819.465

4.173.816 484.931 1.337.718 5.996.465

In de investeringen zijn alle (nieuwe) investeringswensen verwerkt. De vervanging van ICT hardware is op basis van de economische afschrijvingsduur verwerkt. Jaarlijks wordt beoordeeld wat daadwerkelijk vervangen dient te worden. Bij “gebouwen en terreinen” zijn investeringen voorzien voor aanpassingen m.b.t. het verbeteren van het binnenklimaat en een bijdrage in nieuwbouw voor extra kwaliteit en duurzaamheid (conform IHP).

22

Bijlage 1

Leerlingenprognose per 1 februari

Br.-nr. Schoolnaam

Plaats

2024

2025

2026

2027

2028

03EE

Hul s t

180

172

163

147

130

03MT Mol enbol werk

De Werel dboom

IJzendi jke

114

109

107

111

105

03NH St. Jozef

Eede

46

45

40

41

42

03NR De Oos tvogel

La ms wa a rde

50

58

55

53

50

03PN

Gra a uw

57

60

61

65

67

03QB St.-Berna rdus

Ter Does t

Cl i nge

85

88

87

91

84

03SE

Het Moza ïek

Sl ui s ki l

129

124

124

128

139

04PL

De Wa ra nde

Axel

192

200

199

206

217

04VM Antoni us s chool

Axel

178

170

168

164

158

06LD

De Vl a s wi ek

Koewa cht

101

108

106

107

109

06XE

St.-Jozef NN

Ni euw-Na men

39

35

33

31

24

06ZF

De Kreeke

Wes tdorpe

104

99

101

94

88

07FA

Meers tromens chool

Groede

68

74

68

64

65

08DX Ma ri jkes chool

Axel

124

115

114

113

113

08JW De Ka mel eon

Terneuzen

145

124

121

116

116

08NA Hei depoort

Hei ka nt

64

73

71

70

66

09KH

St. Wi l l i brordus

Hul s t

230

234

225

223

215

09KV

St. Ba vo (i ncl . TEC)

Oos tburg

238

239

236

219

204

10FL

Nobel hors t

Hul s t

240

254

261

261

248

10FX

De Mol enkreek

Schoondi jke

79

76

72

72

78

10IW De Torenberg

Za a ms l a g

178

163

154

147

138

10WQ Moers cha ns (i ncl . TEC)

Hul s t

89

95

90

85

77

10YW De Pa rel

Terneuzen

196

198

195

185

183

11ZE

De Twi jn

Terneuzen

202

213

228

228

221

12YE

De Stei ger

Terneuzen

327

332

317

314

308

13DO De Stel l e/Zeemeeuw

Terneuzen

129

136

135

129

116

13EC

Iri s s chool

Terneuzen

233

226

216

213

213

13IZ

Pri ns Wi l l em v. Ora nje

Terneuzen

397

416

418

412

407

13JL

De Dri es prong

Hoek

165

155

148

139

137

13NZ

De Oude Va a rt (i ncl . TEC) Terneuzen

229

222

208

215

219

13ST

t Geuzennes t

Bi ervl i et

93

106

110

115

116

14VO De Brug (Sba o)

Hul s t

54

41

28

21

9

14ZL

Vogel wa a rde

131

130

132

126

118

16UQ Op Dreef

De Scha kel

Aa rdenburg

116

119

104

99

92

17JM Inghel os enberghe

St. Ja ns teen

228

213

217

209

191

18FH

De Sta ti e

Sa s va n Gent

161

153

149

147

146

18GS

t Geti j

Kl oos terza nde

244

250

263

263

274

Phi l i ppi ne

89

104

105

111

122

5.724

5.729

5.629

5.534

5.405

18HP La ureyn Totaal Elevantio

23

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16251406/2