Bijlage 1: Treasurystatuut Gemeente Hulst 2026
Tekst van het document
Treasurystatuut Gemeente Hulst Besluit van de raad van 4 juni 2026
1
Inhoud 1. Inleiding.......................................................................................................................... 3 2. Treasurystatuut............................................................................................................... 4 I Begrippenkader.......................................................................................................... 4 II Doelstellingen van de treasuryfunctie.......................................................................5 Risicobeheer.................................................................................................................... 5 III Uitgangspunten risicobeheer....................................................................................5 V Koersrisicobeheer...................................................................................................... 5 VI Kredietrisicobeheer.................................................................................................. 6 VII Intern liquiditeitsrisicobeheer..................................................................................6 VIII Valutarisicobeheer.................................................................................................. 6 Gemeentefinanciering.....................................................................................................
6 IX Financiering.............................................................................................................. 6 XI Relatiebeheer........................................................................................................... 6 Kasbeheer........................................................................................................................ 6 XII Geldstromenbeheer................................................................................................. 6 XIII Saldo- en liquiditeitenbeheer..................................................................................7 Administratieve organisatie en interne controle..............................................................7 XIV Uitgangspunten administratieve organisatie en interne controle...........................7 XV Verantwoordelijkheden............................................................................................7 XVI Bevoegdheden....................................................................................................... 8 XVII Informatievoorziening.......................................................................................... 10 XVIII Inwerkingtreding en citeertitel............................................................................11
2
1. Inleiding De gemeente Hulst vindt het belangrijk om goed met haar geld om te gaan. In de Wet Financiering Decentrale Overheden (Wet Fido) staan regels voor hoe gemeenten hun geldzaken moeten regelen. Deze wet heeft drie belangrijke doelen: zorgen voor een goede financiële situatie, het beperken van risico’s door renteveranderingen en zorgen dat alles duidelijk en inzichtelijk is. Het treasurystatuut heeft twee belangrijke regels die zeggen dat decentrale overheden niet mogen bankieren. De eerste regel is dat zij alleen geld mogen lenen, uitlenen of garanties mogen geven als het nodig is voor hun publieke taak. De tweede regel is dat het uitlenen van geld en het gebruiken van financiële producten voorzichtig moet gebeuren. Dit mag niet gedaan worden om geld te verdienen door risico’s te nemen.
3
2. Treasurystatuut I Begrippenkader Artikel 1 In dit statuut wordt verstaan onder: - Daggeld
Een ander woord voor callgeld is een lening zonder zekerheden. Banken lenen dit geld aan elkaar, aan lagere overheden, grote beleggers en soms aan bedrijven. Beide partijen kunnen deze lening elke dag stoppen.
- Derivaten
Financiële instrumenten die gebaseerd zijn op een andere waarde. Deze waarde kan bijvoorbeeld een lening of een obligatie zijn. Derivaten worden gebruikt om risico’s door rente te verminderen en om de kosten van geld lenen zo laag mogelijk te houden.
- Financiering
Zorgen dat er genoeg geld is voor minstens één jaar. Deze middelen kunnen bestaan uit zowel eigen vermogen als vreemd vermogen.
- Geldstromenbeheer
Het beheren van de kasstromen zodat de organisatie financieel gezond blijft en haar activiteiten kan blijven uitvoeren.
- Intern liquiditeitsrisico
Het risico dat de organisatie binnen haar eigen financiële processen tijdelijk niet in staat is om rekeningen, lonen, of andere kosten te betalen zonder externe financiering of maatregelen;
- Kasgeldlimiet
De kasgeldlimiet is een wettelijke of beleidsmatige grens die bedoeld is om te voorkomen dat een organisatie te veel kortlopende schulden aangaat, wat het risico op liquiditeitsproblemen en financiële instabiliteit vermindert;
- Koersrisico
Het risico dat de financiële activa van de organisatie in waarde verminderen door negatieve koersontwikkelingen;
- Kredietrisico
De kans dat een schuld minder waard wordt omdat de ander zijn afspraken niet op tijd kan nakomen door geldproblemen.
- Liquiditeitenbeheer
Het financieren en uitzetten van middelen voor een periode tot één jaar;
- Liquiditeitenplanning
Een gestructureerd overzicht van de toekomstige inkomsten en uitgaven ingedeeld per tijdseenheid;
- Rating
Een oordeel over de kredietwaardigheid van een bedrijf, bank of een ander soort financiële instelling, financiële producten of een land.
- Renterisico
Het gevaar van ongewenste veranderingen van de (financiële) resultaten van de gemeente door rentewijzigingen;
- Renterisiconorm
Een bedrag ter grootte van een percentage van het begrotingstotaal van de gemeente bij aanvang van het jaar;
- Rentetypische looptijd
Tijd tussen twee momenten waarop de rente verandert;
- Saldobeheer
Het beheer van de dagelijkse saldi op de rekeningen;
- Schatkistbankieren
Gemeenten, provincies, waterschappen en samenwerkingsverbanden moeten extra geld bij het ministerie van Financiën bewaren. Dit geld blijft beschikbaar zodat zij hun taken voor de samenleving kunnen blijven doen.
- Rentevisie
Toekomstverwachting over de renteontwikkeling;
4
- Treasuryfunctie
De treasuryfunctie bestaat uit alle taken die te maken hebben met het beheren en controleren van geld, geldstromen, financiële situaties en de daarbij horende risico’s.
- Uitzetting
Het tijdelijk uitlenen van geld aan andere partijen volgens afspraken die van tevoren zijn gemaakt. Kortlopende uitzettingen zijn voor een periode tot één jaar. Langlopende uitzettingen zijn voor een periode van één jaar of langer.
II Doelstellingen van de treasuryfunctie Artikel 2 De treasuryfunctie dient tot: 1. 2. 3. 4. 5.
Zorgen voor blijvende toegang tot financiële markten tegen goede voorwaarden. Beschermen van vermogens- en (rente-)resultaten tegen ongewenste financiële risico’s zoals renterisico’s, koersrisico’s, kredietrisico’s en liquiditeitsrisico’s. Zo laag mogelijke kosten maken bij het beheren van geldstromen en financiële posities. Genoeg geld ophalen en overtollig geld goed gebruiken, zodat de gemeente haar taken kan uitvoeren volgens de begroting van de raad. Zorgen voor een flexibel en overzichtelijk beheer van het geld in de organisatie.
Risicobeheer
III Uitgangspunten risicobeheer Artikel 3 Met betrekking tot risicobeheer gelden de volgende algemene uitgangspunten. 1. 2.
3.
4.
De gemeente mag alleen leningen geven of garanties geven aan partijen die de gemeenteraad goedkeurt. De gemeente Hulst geeft liever geen leningen of garanties. Als de gemeente toch leningen of garanties geeft, wordt eerst gekeken of de partij financieel gezond is. Als het bedrag minder is dan €25.000, mag het college van burgemeester en wethouders hierover beslissen (volgens de financiële verordening gemeente Hulst). Is het bedrag hoger dan €25.000, dan beslist de gemeenteraad. De gemeente kan ook geld uitzetten als onderdeel van de treasury. Dit moet wel veilig gebeuren en niet om veel winst te maken met veel risico. Dit wordt gewaarborgd met regels in dit treasurystatuut. De gemeente Hulst vindt het beter om geld te stallen bij het Rijk (schatkistbankieren) dan om het uit te lenen aan andere overheden. De gemeente Hulst mag geen derivaten gebruiken.
IV Renterisicobeheer Artikel 4 1. 2. 3. 4.
De kasgeldlimiet wordt niet overschreden volgens de Wet Fido. De renterisiconorm wordt niet overschreden volgens de Wet Fido. Nieuwe leningen en uitzettingen passen bij de huidige financiële situatie en de planning van het geld. De gemeente maakt elk jaar een plan voor de rente (staat in de begroting in de paragraaf financiering).
V Koersrisicobeheer Artikel 5 1.
2.
De gemeente Hulst zorgt ervoor dat het risico van waardeveranderingen bij het uitlenen van geld klein blijft. Dit doet zij door alleen deze producten te gebruiken: rekening-courant, spaarrekening, daggeld en deposito’s. Tevens zorgt de gemeente Hulst dat de looptijd van het uitgeleende geld past bij de planning van het beschikbare geld.
5
VI Kredietrisicobeheer Artikel 6 1. 2.
Als de schatkist van het rijk geld uitzet, is er geen risico dat het geld niet terugkomt. Als de gemeente geld uitgeeft voor haar taken, zorgt ze ervoor dat ze zoveel mogelijk zekerheden krijgt.
VII Intern liquiditeitsrisicobeheer Artikel 7 De gemeente Hulst zorgt dat ze niet te veel geldrisico loopt door alleen te werken met een planning voor de korte termijn. Deze planning gaat over maximaal één jaar en is gemaakt op basis van de begroting en informatie van de afdelingen.
VIII Valutarisicobeheer Artikel 8 Valutarisico’s worden uitgesloten door alleen leningen te geven, te krijgen of te garanderen in de euro.
Gemeentefinanciering
IX Financiering Artikel 9 Bij het aantrekken van financieringen voor een periode van één jaar en langer gelden de volgende uitgangspunten. 1. 2. 3. 4.
Financieringen worden alleen gebruikt voor het uitvoeren van de publieke taak. We proberen zo weinig mogelijk geld van externe partijen te lenen en gebruiken eerst het geld dat we zelf beschikbaar hebben. De gemeente mag geld lenen met onderhandse leningen. De gemeente vraagt offertes aan bij minstens twee instellingen, waaronder ook de BNG. Daarna worden deze afspraken schriftelijk vastgelegd.
X Schatkistbankieren Artikel 10 Als er geld over is dat meer is dan het minimum, wordt dit geld bewaard in de schatkist van de overheid. Dit heet schatkistbankieren. Het geld kan ook worden uitgeleend aan een andere overheid.
XI Relatiebeheer Artikel 11 De gemeente wil goede en normale voorwaarden maken voor financiële diensten die zij afneemt. Hierbij gelden de volgende regels. 1. 2. 3.
Bankrelaties en hun bankvoorwaarden worden regelmatig beoordeeld. Financiële instellingen moeten onder toezicht staan van Nederland of een ander land in de Europese Economische Ruimte (EER), zoals De Nederlandsche Bank en de Verzekeringskamer. Tussenpersonen dienen onder toezicht te staan bij de Autoriteit Financiële Markten (AFM). Bankrelaties moeten een goede kredietwaardigheid hebben. Voor geldmarktproducten is dat minstens een A-rating. Voor kapitaalmarktproducten is dat minstens een AA-rating.
Kasbeheer
XII Geldstromenbeheer Artikel 12
6
Om de kosten van het geldstromenbeheer laag te houden, wordt: 1.
Het gebruik van geld wordt beperkt door de geldstromen van de gemeente op elkaar af te stemmen en een planning te maken voor het geld. Zo wordt ervoor gezorgd dat er altijd genoeg geld is om rekeningen op tijd te betalen. 2. Het betalingsverkeer wordt zo veel mogelijk via één bank elektronisch gedaan.
XIII Saldo- en liquiditeitenbeheer Artikel 13 Voor het saldobeheer en het liquiditeitenbeheer gelden de volgende specifieke richtlijnen. 1. 2. 3. 4. 5. 6.
De gemeente wil al het geld bij één bank houden, waar de beste rentevoorwaarden gelden. Als de gemeente tijdelijk geld nodig heeft, kan ze kortlopende leningen afsluiten. Hierbij mag ze volgens artikel 4, lid 1, niet meer lenen dan de kasgeldlimiet. Toegestane manieren om kortlopende geld te lenen zijn daggeld, kasgeldleningen en een kredietlimiet op de lopende rekening. Je mag bij het uitlenen van geld voor minder dan één jaar deze middelen gebruiken: rekeningcourant, daggeld, spaarrekeningen en deposito’s bij de schatkist. De gemeente vraagt offertes aan bij minstens 2 instellingen, voordat er geld wordt gebruikt voor minder dan één jaar. Offertes die mondeling worden gegeven, worden ook op papier gezet.
Administratieve organisatie en interne controle
XIV Uitgangspunten administratieve organisatie en interne controle Artikel 14 Voor de treasuryfunctie gelden de volgende belangrijke regels voor de organisatie van de administratie en de interne controle. 1. 2. 3.
4.
5.
De taken en rechten van treasuryactiviteiten zijn duidelijk opgeschreven. Bevoegdheden zijn via delegatie en mandaat nader schriftelijk vastgelegd. Bij de uit te voeren treasuryactiviteiten is functiescheiding doorgevoerd met als belangrijkste voorwaarden: a. iedere transactie wordt door minimaal twee functionarissen geautoriseerd (het vier-ogenprincipe); b. de uitvoering en controle geschiedt door afzonderlijke functionarissen; c. de uitvoering en registratie in de financiële administratie geschiedt door afzonderlijke functionarissen. Tegenpartijen moeten elke transactie bevestigen en deze bevestiging direct naar de financiële administratie sturen. Dit mag zonder dat de personen die de transacties mogen afsluiten erbij betrokken zijn. De administratieve organisatie en interne controle waarborgen dat: a. de uitvoering rechtmatig en doelmatig is; b. de treasury-activiteiten goed kunnen uitvoeren en aanpassen; c. de risico’s kunnen worden beheerst; d. de juistheid, tijdigheid en volledigheid van de informatie verzekerd zijn.
XV Verantwoordelijkheden Artikel 15 De taken voor de treasuryfunctie van de gemeente staan in de tabel hieronder.
7
Functie
Verantwoordelijkheden
Gemeenteraad
College van B&W
Het afdelingshoofd bedrijfsvoering
De afdelingshoofden (budgethouders)
Medewerkers van de afdeling bedrijfsvoering belast met treasury
Medewerkers van de afdeling bedrijfsvoering belast met financiële administratie
Het bepalen van het treasurybeleid door het vaststellen van de financiële verordening en de paragraaf financiering bij de begroting; Het houden van toezicht op de treasuryfunctie via de paragraaf financiering bij de jaarrekening. Het uitvoeren van de treasuryfunctie en het afleggen van verantwoording hierover. Het uitvoeren van de treasurytaken (volgens de regels in het treasurystatuut en in de paragraaf financiering). Het opzetten van administratieve richtlijnen op het gebied van treasury; Het bewaken van de kwaliteit van de treasuryprocessen; Het zorgdragen voor juiste verantwoording van de uitvoering van de gemandateerde treasuryactiviteiten; Het afleggen van verantwoording aan het college van B&W. Tijdig informatie geven aan de afdeling bedrijfsvoering over de geldstromen die nog komen; Goedkeuren van betalingen en ontvangsten die horen bij de budgetten (voor het plannen van geldstromen). Het uitvoeren van de treasurywerkzaamheden volgens de regels in het treasurystatuut en de paragraaf financiering.
Het zorgdragen voor de liquiditeitsplanning en de financieringsprognose; Het beheren van de geldstromen; Het onderhouden van contacten met banken; Het overboeken van saldi tussen bankrekeningen (schatkist); Het opschrijven van de treasurytransacties en deze doorgeven aan de administratie; Het aanleveren van tijdige, volledige en betrouwbare gegevens aan de gemeentelijke administratie; De orderbevestiging van anderen ontvangen en controleren of deze klopt met de informatie van de medewerker treasury; Controle houden op de uitgevoerde treasurytransacties en hierover verslag maken voor het afdelingshoofd; Verantwoording geven aan het afdelingshoofd bedrijfsvoering over het werk dat je hebt gedaan. Het goed en volledig bijhouden van bezittingen, schulden, rechten, verplichtingen, inkomsten, uitgaven, ontvangsten en betalingen in de financiële administratie; Het overboeken van saldi tussen bankrekeningen; Het afhandelen van het contante en elektronisch betalingsverkeer; Het aanleveren van tijdige, volledige en betrouwbare gegevens aan de gemeentelijke administratie; Het rapporteren aan het afdelingshoofd bedrijfsvoering over de uitvoering van de activiteiten.
XVI Bevoegdheden Artikel 16 In onderstaande tabel staan bevoegdheden met betrekking tot treasuryactiviteiten weergegeven, alsmede de daarbij benodigde fiattering.
8
Saldo-, liquiditeiten- en geldstromenbeheer Bevoegd functionaris (eerste handtekening)
Autorisatie door (tweede handtekening)
Het uitzetten van geld via daggeld, deposito en spaarrekening (schatkistbankieren)
Medewerkers adviseur B Taakveld Planning en Control (PAC)
Afdelingshoofd bedrijfsvoering
Het aantrekken van geld via daggeld of kasgeld
Medewerkers adviseur B Taakveld Planning en Control (PAC)
Afdelingshoofd bedrijfsvoering
Bevoegd functionaris (eerste handtekening)
Autorisatie door (tweede handtekening)
Bankrekeningen openen/sluiten/wijzigen
Medewerkers adviseur B Taakveld Planning en Control (PAC)
Afdelingshoofd Bedrijfsvoering
Bankcondities en tarieven afspreken
Medewerkers adviseur B Taakveld Planning en Control (PAC)
Afdelingshoofd bedrijfsvoering
Bevoegd functionaris (eerste handtekening)
Autorisatie door (tweede handtekening)
n.v.t.
n.v.t.
Bevoegd functionaris (eerste handtekening)
Autorisatie door (tweede handtekening)
Het afsluiten van kredietfaciliteiten
Medewerkers adviseur B Taakveld Planning en Control (PAC)
Afdelingshoofd bedrijfsvoering
Het aantrekken van gelden via onderhandse leningen zoals vastgesteld in de paragraaf financiering
Medewerkers adviseur B Taakveld Planning en Control (PAC)
Afdelingshoofd bedrijfsvoering
Het verstrekken van leningen aan derden uit hoofde van de publieke taak > €25.000 Het verstrekken van leningen aan derden uit hoofde van de publieke taak < €25.000 Het garanderen van gelden uit hoofde van de publieke taak > €25.000
College van B&W
Gemeenteraad
Afdelingshoofd bedrijfsvoering
College van B&W
College van B&W
Gemeenteraad
Bankrelatiebeheer
Risicobeheer
Het afsluiten van derivatentransacties
Financiering en uitzetting
9
Het garanderen van gelden uit hoofde van de publieke taak < €25.000
Afdelingshoofd bedrijfsvoering
College van B&W
XVII Informatievoorziening Artikel 17 Met betrekking tot de treasuryactiviteiten dient tenminste de in de onderstaande tabel opgenomen informatie te worden verstrekt door de betreffende functionarissen: Informatie
Frequentie
Informatieverstrekker
Informatieontvanger
1.
Kwartaal
Medewerker financiën
Afdelingshoofd bedrijfsvoering
Liquiditeitenplanning
Teamleider financiële administratie 2. 3. 4.
Beleidsplannen treasury in paragraaf financiering van begroting Uitleg over de treasury in het jaarverslag Informatie aan derden
Jaarlijks
College van B&W
Gemeenteraad
Jaarlijks
College van B&W
Gemeenteraad
Kwartaal
Medewerker financiën
Gemeenteraad
Teamleider financiële administratie
10
XVIII Inwerkingtreding en citeertitel Artikel 18 Dit treasurystatuut treedt direct na publicatie in werking en heeft terugwerkende kracht tot en met 1 januari 2026.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad der gemeente Hulst Van 4 juni 2026.
De gemeenteraad van de gemeente Hulst, De raadsgriffier,
De raadsvoorzitter
11