Begroting GR GGD Zeeland 2025-2028
Tekst van het document
Programmabegroting 2025-2028 GR Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland SAMEN WERKEN AAN GEZONDER EN VEILIGER LEVEN IN ZEELAND!
1
Inleiding Een goede publieke gezondheid en veiligheid is van essentieel belang voor de Zeeuwse samenleving. Daarom zet de GGD, samen met de Zeeuwse gemeenten, in op een sterke publieke gezondheid. Om de taken op het gebied van de publieke gezondheid en veiligheid blijvend goed te kunnen uitvoeren is een gezonde financiële bedrijfsvoering noodzakelijk. Met dit document bieden we u daarom de begroting 2025-2028 aan van de gemeenschappelijke regeling (GR) Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland. GR Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland In de GR Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland is een onderscheid te maken tussen GGD Zeeland en Inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland (IJZ). Beide onderdelen komen samen in deze begroting, maar zijn wel duidelijk van elkaar te onderscheiden organisatieonderdelen. Basis op Orde Eind 2022 zijn er noodzakelijke structurele en deels ook incidentele middelen toegekend om de basis op orde te krijgen bij GGD Zeeland. Dit was nodig omdat we op diverse onderdelen door de ondergrens zakten. De begrotingswijziging ‘Basis op Orde’ van de GGD betreft de primaire processen ten aanzien van de Algemene Gezondheidszorg, de bedrijfsvoeringsprocessen en het leidinggevend kader. Buiten scope zijn hier de jeugdgezondheidszorg en Veilig Thuis.
In het derde kwartaal van 2023 is een plan van aanpak opgesteld voor ‘de basis op orde’ en zijn de criteria van de evaluatie voorgelegd aan het Algemeen Bestuur. Deze evaluatie wordt in het derde kwartaal van 2024 uitgevoerd door een nog te werven externe en onafhankelijke partij en wordt in december 2024 aangeboden aan het AB. Voor 2024 betekent dit dat de focus vooral ligt bij het op orde brengen van de basis van de organisatie. De veranderingen en het borgen van die veranderingen lopen door in 2025 en verder. Pandemische Paraatheid De pandemie COVID-19, en in mindere mate monkeypox, heeft ons laten zien wat de impact van een infectieziekte op de hele maatschappij kan zijn en hoe belangrijk het is om snel op te kunnen schalen; de zogenoemde pandemische paraatheid. De Rijksoverheid heeft hiervoor extra middelen beschikbaar gesteld. Deze middelen worden bij toekenning ingezet voor taakdifferentiatie, deskundigheidsbevordering en bovenregionale samenwerking om pandemisch paraat te zijn. IZA/GALA De Rijksoverheid wil met het Integraal Zorg Akkoord (IZA) en het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) investeren in de (publieke) gezondheid van alle Nederlanders. De ambitie van IZA is zorg voor iedereen toegankelijk, kwalitatief goed en betaalbaar houden. De ambitie van het GALA is een gezonde generatie in 2040. Deze akkoorden hebben overlap en versterken elkaar.
Gemeenten, GGD, zorgverzekeraar en zorgaanbieders werken samen om de doelen uit de akkoorden te halen. GGD Zeeland treedt hierin op als kennispartner van de gemeenten: de GGD is leverancier van data en duidt deze, de GGD kan adviseren hoe de interventies uit GALA zo effectief mogelijk kunnen worden ingezet en is bijvoorbeeld onderdeel van een ketenaanpak. De gemeenten vragen de bijdrage bij de landelijke overheid aan via de regeling SPUK voor IZAdoelen 2023-2026. Jeugdgezondheidszorg (JGZ) Het onderdeel jeugdgezondheidszorg (JGZ) vervult een belangrijke en onmisbare rol voor de (preventieve) lichamelijke en geestelijke gezondheid van onze Zeeuwse jongeren. De afgelopen periode hebben wij een berekeningsmodel opgezet om de inzet van het aantal jeugdartsen en verpleegkundigen voor het basis takenpakket (BTP) te bepalen.
2
Er wordt op dit moment voortgang geboekt in het project Toekomst JGZ; samen voor een gezonde jeugd. Een JGZ die maximale kansen biedt voor Zeeuwse kinderen als het gaat om veilig, gezond en kansrijk opgroeien, nu en in de toekomst. Een JGZ die bijdraagt aan kansengelijkheid en het verkleinen van gezondheidsverschillen. In 2024 wordt het beoogde plan, zowel op inhoud als financieel, bestuurlijk voorgelegd. Veilig Thuis Veilig Thuis vervult Zeeuws breed een belangrijke functie in het signaleren, aanpakken en doorbreken van huiselijk geweld en kindermishandeling. Op basis van de toenemende aantallen meldingen, adviezen en vervolgdiensten alsmede de toenemende complexiteit en multiproblematiek blijft toekomstige inzet noodzakelijk. De financiering van het programma Veilig Thuis bestaat uit twee delen. Eén deel van de begroting komt vanuit de gemeentelijke bijdrage en één deel komt vanuit een subsidie vanuit het CZW-bureau (in opdracht van de centrumgemeente Vlissingen). Inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland (IJZ) Het onderzoek naar samenvoeging van de inkoop van jeugdhulp met de inkoop van beschermd wonen, maatschappelijke opvang en vrouwenopvang (BW/MO/VO) en de daarbij gewenste governance is op het moment van het opstellen van de begroting bijna afgerond. Medio 2024 wordt besluitvorming verwacht. In deze begroting treft u de financiën onder voortzetting van de huidige governance.
Pas na bestuurlijke besluitvorming kan de financiële impact worden ingebracht via een begrotingswijziging. Voorjaar 2024 werd op voorspraak van de accountant van de GR Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland, op basis van o.a. de geactualiseerde notitie rechtmatigheid van de Commissie BBV, de verwerkingswijze voor de lasten van jeugdhulp gewijzigd. Dat heeft tot gevolg dat de lasten voor jeugdhulp niet langer in de begroting van de GR Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland worden verwerkt maar in de begrotingen van de deelnemende gemeenten. Samenwerking GGD-RUD-VRZ In 2024 voeren we een verkenning uit naar de samenwerking tussen Veiligheidsregio Zeeland, RUD Zeeland en GGD Zeeland. In juli 2024 worden de uitkomsten ter besluitvorming aangeboden aan de algemeen besturen van de drie organisaties. Eventuele kosten zijn ten tijde van het opstellen van de programmabegroting 2025 nog niet inzichtelijk, dit is afhankelijk van de uitkomst en besluitvorming door de algemeen besturen. Huisvesting Goed werkgeverschap betekent dat onze medewerkers in een veilige, duurzame en aantrekkelijke werkomgeving hun werk doen. Hiervoor moet de kwaliteit van huisvesting op orde zijn. De huisvesting voldoet in een aantal gevallen niet aan de eisen van deze tijd. Tevens zijn er onvoldoende werkplekken om de medewerkers van de GGD te huisvesten.
In opdracht van het bestuur wordt gekeken naar een structurele oplossing waarbij rekening wordt gehouden met samenwerkingsvormen met VRZ/RUD en de gevolgen van besluitvorming rondom Inkooporganisatie Jeugd.
3
Rechtmatigheidsverantwoording Vanaf 2023 is het Dagelijks Bestuur wettelijk verplicht aan het Algemeen Bestuur in de jaarrekening een rechtmatigheidsverantwoording (RMV) af te geven over de financiële rechtmatigheid (lager ambitieniveau dan ‘in control’). De accountant geeft een oordeel af of de inhoud van de RMV juist is (getrouwheid). Bij financiële rechtmatigheid is het van belang dat: ▪ ▪
▪
financiële handelingen passen binnen begroting (geen overschrijdingen); wetten en regels worden nageleefd (handelen conform voorwaarden uit financiële kaders waaronder financiële verordening, mandaatregeling en directiestatuut). Voorbeeld is Europees aanbesteed indien dit wettelijk is voorgeschreven; tot slot is het voorkomen van misbruik/ oneigenlijk gebruik begrepen onder de criteria waaraan financiële rechtmatigheid wordt getoetst.
In 2024 en 2025 worden hierin verdere stappen gezet met als doel in 2026 en verder te komen tot volwassenheidsniveau 2. Dit heeft naast gevolgen voor het Algemeen Bestuur tevens intern een uitwerking. De teams zijn in de nieuwe lijn-configuratie aan de slag gegaan met (team)doelen, waarbij ook kwaliteit en rechtmatigheid een rol spelen. Daarmee wordt rechtmatigheid breed gedragen binnen de GGD. Nieuwe indeling taakvelden In 2025 delen we voor het eerst onze begroting in naar taakvelden conform de IV3. Dat houdt ook in dat we onze dekkingsmiddelen koppelen aan die taakvelden. Dit komt tot uiting in de verdeling over gemeenten. Hiermee voldoen we aan de wettelijke normen zoals beschreven in de BBV en kan meer transparantie worden geboden aan de deelnemende gemeenten. Inflatie en cao-stijgingen De afgelopen jaren is de inflatie sterk gestegen en ook de CAO-stijgingen waren niet gering. Voor GGD Zeeland geldt dat de verhouding personeel/materieel afwijkt van de VZG-norm (2/3e - 1/3e) vanwege relatief hogere personeelslasten. We vragen dan ook, conform afgesproken richtlijnen, compensatie hiervoor aan de deelnemende gemeenten. Tot slot De GR Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland staat aan de vooravond van mogelijk vele impactvolle veranderingen waar besluiten over genomen gaan worden in 2024.
De financiële impact is, mede omdat sprake is van een onderzoeksfase, nog niet overal van bekend. Besluiten moeten nog worden genomen alvorens de financiële consequenties hiervan kunnen worden vertaald in de begroting. GGD Zeeland gaat graag met de uitdagingen aan de slag om samen te werken aan een gezonder en veiliger leven in Zeeland! Joke Gaemers Directeur Publieke Gezondheid en Veiligheid, GGD Zeeland
4
Inhoudsopgave Inleiding................................................................................................................................................................... 2 1. BELEIDSBEGROTING ............................................................................................................................................ 6 1.1. HET PROGRAMMAPLAN .............................................................................................................................. 7 1.1.1.1. Algemene gezondheidszorg .................................................................................................................. 7 1.1.1.2. Jeugdgezondheidszorg ........................................................................................................................ 14 1.1.2. Programma Veilig Thuis ..................................................................................................................... 20 1.1.3. Programma Inkoop Jeugdhulp Zeeland ............................................................................................. 22 1.1.4. Overhead en kostentoerekening ....................................................................................................... 23 1.1.4.1. Leidinggevenden .................................................................................................................................
23 1.1.4.2. Staffuncties .......................................................................................................................................... 24 1.1.5. Algemene dekkingsmiddelen ............................................................................................................ 26 1.1.6. Onvoorzien en Vennootschapsbelasting ........................................................................................... 28 1.2.
DE PARAGRAFEN.................................................................................................................................. 29
1.2.1. Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen ........................................................................................... 29 1.2.2. Paragraaf Bedrijfsvoering .................................................................................................................. 29 1.2.3. Paragraaf Financiering ....................................................................................................................... 34 1.2.4. Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing ....................................................................... 34 1.2.5. Paragraaf Verbonden partijen ........................................................................................................... 37 2. FINANCIELE BEGROTING EN MEERJARENRAMING ........................................................................................... 38 2.1. Uitgangspunten voor de begroting ........................................................................................................... 39 2.2. Totaaloverzicht van baten en lasten ......................................................................................................... 41 2.2.1. Toelichting op het overzicht van baten en lasten ............................................................................. 42 2.2.2.
Begrotingsresultaat 2025 - 2028 ....................................................................................................... 43 2.3. Uiteenzetting financiële positie................................................................................................................. 44 2.3.1 Geprognosticeerde begin en eindbalans ............................................................................................ 44 2.3.2. Geprognosticeerde EMU-saldo (2024 t/m 2027) .............................................................................. 45 2.4.
Investeringsplan 2024-2027 ....................................................................................................................... 46 2.4.1. Meerjarig investeringsplan ................................................................................................................ 46 2.4.2. Geprognosticeerde afschrijvingen ..................................................................................................... 46
2.5. Stand en verloop van de reserves en voorzieningen .............................................................................. 48 BIJLAGE 1 – Gemeentelijke bijdragen (Primaire begroting) GGD ......................................................................... 53 BIJLAGE 2 – Gemeentelijke bijdragen (Primaire begroting) IJZ ............................................................................. 54 BIJLAGE 3 – Incidenteel gedeelte van de gemeentelijke bijdrage 2025 ............................................................... 55
5
1. BELEIDSBEGROTING
6
1.1. HET PROGRAMMAPLAN Het programmaplan van de Gemeenschappelijke Regeling GGD is op te delen in een aantal inhoudelijke onderdelen: ▪ ▪ ▪
Publieke gezondheid Veilig Thuis Inkoop Jeugdhulp Zeeland
Overhead en kostentoedeling staan hiermee in verband. Tenzij anders vermeld, worden de programmaonderdelen gefinancierd vanuit de gemeentelijke bijdragen, voorzieningen en reserves (de Algemene Dekkingsmiddelen). Crisisorganisatie De crisisorganisatie valt direct onder de DPG. Sprake is van twee vaste functionarissen en een flexibele schil die indien nodig kan worden opgeschaald. Crisisorganisatie
2025
2026
2027
2028
Personele kosten
148.800
148.800
148.800
148.800
Materiële lasten
88.400
88.400
88.400
88.400
Opbrengsten
-30.000
-30.000
-30.000
-30.000
Veiligheid valt in zijn geheel onder taakveld 1.1 Crisisbeheersing en brandweer; de kosten worden omgeslagen over inwoners. 1.1.1.1. Algemene gezondheidszorg Beleid en Kwaliteit Algemene Gezondheidszorg (AGZ) Binnen de afdeling Algemene Gezondheidszorg zijn twaalf teams/disciplines actief. De beleidsadviseur AGZ ondersteunt hen op basis van de beleids- en kwaliteitscyclus met afdelingsbrede analyses en uitvoeringsbeleid. Landelijke ontwikkelingen en speerpunten op het gebied van publieke gezondheid worden hierin vertaald naar de Zeeuwse schaal en praktijk. Binnen de afdeling Algemene Gezondheidszorg is een aantal kosten niet direct aan één team toe te kennen. Bijvoorbeeld de kosten van (her)registratie van AGZ-artsen en andere medewerkers, en een klein werkbudget voor incidentele (ontwikkel-)activiteiten. De functie van strategisch adviseur is op basis van de BBV administratief verplaatst van overhead naar primair proces. De loonkosten drukken daardoor op het primair proces. Als baten zijn incidentele bijdragen van SPUK gelden aan overhead benoemd. Kosten van Algemene Gezondheidszorg vallen in het taakveld 7.1 Volksgezondheid, en worden omgeslagen per inwoner, tenzij anders vermeld. AGZ overstijgend
2025
2026
2027
2028
Personele kosten
217.200
217.200
217.200
217.200
Materiële lasten
88.400
88.400
88.400
88.400
Baten
-30.000
-30.000
-30.000
-30.000
Afschrijvingen
12.400
PM
PM
PM
Algemene Infectieziektebestrijding De wettelijke kaders voor infectieziektebestrijding zijn vastgelegd in de Wet publieke gezondheid (Wpg). Momenteel wordt de Wpg herzien, waarbij de eerst voorgenomen wijziging een versterkte pandemische paraatheid betreft.
7
Het team algemene infectieziektebestrijding houdt zich bezig met: 1. Bestrijden van infectieziekten en voorkomen van verdere verspreiding 2. Surveillance 3. Beleidsadvisering 4. Preventieactiviteiten 5. Netwerk en regie 6. Voorbereiding op grootschalige infectieziekte-uitbraken 7. Kennis en onderzoek De kosten bestaan, naast personele lasten, uit kosten voor voorlichtingsactiviteiten, laboratoriumkosten en deelname aan landelijke en regionale netwerken. Opbrengsten worden gegenereerd uit activiteiten in het kader van Publieke Gezondheid Asielzoekers, welke door het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport worden vergoed. Daarnaast kan een beperkt deel van de activiteiten worden gedeclareerd bij zorgverzekeraars. Deze opbrengsten zijn een schatting op basis van eerdere jaren en zijn niet gegarandeerd of beïnvloedbaar. Financiële gevolgen versterking infectieziektebestrijding Het kabinet werkt aan de versterking van de publieke gezondheidszorg en infectieziektebestrijding en zet vanaf 2025 in op verdere structurele versterking en samenwerking bínnen het stelsel van infectieziektebestrijding. In opdracht van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport is in beeld gebracht wat de benodigde capaciteit infectieziektebestrijding vanaf 2025 moet zijn. Daarnaast is in opdracht van GGD GHOR Nederland een IZB-formatienormeringsonderzoek uitgevoerd.
Dit heeft geleid tot een hogere formatienorm en andere mix van functies. De uitkomsten van het formatienormeringsonderzoek worden betrokken bij de resultaten van het project Zeeland Pandemisch Paraat (ZPP), wat doorloopt tot eind 2024. In dit project wordt gekeken of en hoe via taakdifferentiatie niet-medische professionals ingezet kunnen worden bij het voorkomen van een uitbraak van infectieziekten en bij het adequaat reageren op een pandemie of andere crisis. Als helder is hoe de versterking van de publieke gezondheidszorg en infectieziektebestrijding wordt vormgegeven en gefinancierd wordt, indien nodig, een begrotingswijziging voorgelegd. In afwachting van de lopende ontwikkelingen is uitbreiding van de formatie niet opgenomen in onderstaande personele kosten. Infectieziekten
2025
2026
2027
2028
Personele kosten
792.300
792.300
792.300
792.300
Materiële lasten
47.700
47.700
47.700
47.700
Opbrengsten
-34.900
-34.900
-34.900
-34.900
Tuberculosebestrijding (TBC) Het bestrijden van tuberculose, inclusief bron- en contactopsporing, is een wettelijke taak op basis van de Wet publieke gezondheid. Voor tuberculose geldt een wettelijke aangifteplicht; alle bij de GGD gemelde gevallen van TBC worden begeleid en behandeld. Team TBC voert bron- en contactonderzoek uit, geeft voorlichting en combineert dit met de uitvoering van overige reguliere taken, zoals screening asielzoekers, immigranten en overige risicogroepen, reizigersadvies en vaccinatie. Verder bestaan de werkzaamheden uit de administratieve afhandeling van bovenstaande taken, surveillance en het beantwoorden van publieksvragen. De Mobiele Röntgen Unit (MRU) wordt ingezet voor screening en bron- en contactonderzoek, tijdens spreekuren op de GGD locatie Westwal of op externe locaties. GGD Zeeland beschikt niet over een vaste röntgenkamer op haar afdeling TBC. Met het in 2022 wegvallen van de röntgenscreening in justitiële inrichtingen is de belangrijkste inkomstenbron voor de exploitatie van de MRU weggevallen. De 25 GGD-en onderzoeken momenteel gezamenlijk op welke wijze enkele MRU's doelmatig landelijk kunnen worden ingezet, beheerd en gefinancieerd. Resultaten worden medio 2024 verwacht. De MRU van GGD Zeeland is boekhoudkundig afgeschreven. Voor 2025 zijn alleen kosten voor onderhoud opgenomen in de begroting.
8
Opbrengsten worden gegenereerd uit activiteiten in het kader van Publieke Gezondheid Asielzoekers, welke door het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport worden vergoed. Daarnaast kan een beperkt deel van de activiteiten worden gedeclareerd bij zorgverzekeraars. Incidenteel worden opbrengsten gegenereerd uit verhuur van de MRU. De opbrengsten zijn een schatting op basis van eerdere jaren en zijn niet gegarandeerd of beïnvloedbaar. . Tuberculosebestrijding 2025 2026 2027 2028 Personele kosten
379.000
379.000
379.000
379.000
Materiële lasten
90.000
90.000
90.000
90.000
Opbrengsten
-25.000
-25.000
-25.000
-25.000
Seksuele gezondheid (SG) Seksuele gezondheid betekent dat mensen verstandige keuzes kunnen maken en zelf regie kunnen voeren over hun seksualiteit. Het bestrijden van seksueel overdraagbare aandoeningen, inclusief bron- en contactopsporing, is een wettelijke taak op basis van de Wet publieke gezondheid. Het team seksuele gezondheid GGD Zeeland werkt volgens het nationaal actieplan soa, hiv en seksuele gezondheid. Het nationale actieplan seksuele gezondheid 2022-2027 bevat de volgende zeven pijlers: 1. Preventie en zorg 2. Surveillance van soa en hiv en monitoring van seksuele gezondheid 3. Seksuele vorming en ontwikkeling 4. Preventie, opsporing en behandeling van soa 5. Preventie, opsporing en behandeling van hiv 6. Preventie van en zorg bij ongewenste zwangerschap 7. Preventie van seksuele grensoverschrijding en seksueel geweld De opbrengsten bestaan voornamelijk uit een aanvullende subsidie van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport op basis van de regeling Aanvullende Seksuele Gezondheidszorg (ASG). Vanuit deze regeling kan een aantal groepen bij de GGD terecht voor gratis en, indien gewenst anonieme, aanvullende seksuele gezondheidszorg.
De belangrijkste risicogroepen: MSM (mannen die seks hebben met mannen), mensen met veel wisselende seksuele contacten, jongeren onder de 25 jaar, jonge kwetsbare vrouwen, sekswerkers, etnische groepen, (LHBTQI+) en gedetineerden. Het doel is een vangnet te vormen voor mensen die nergens anders terecht kunnen. Naar verwachting wordt in 2025 ook de verstrekking van PrEP (profylaxe hiv) opgenomen in de regeling ASG. Daarnaast worden opbrengsten gegenereerd uit de opbrengsten van keuzehulpgesprekken. De afdeling seksuele gezondheid biedt keuzehulpgesprekken aan bij (on)bedoelde zwangerschappen. Cliënten kunnen zelf een gesprek aanvragen via de website of een doorverwijzing ontvangen vanuit de huisarts of abortuskliniek. De hulpverlener helpt om de verschillende keuzes in kaart te brengen. GGD Zeeland is aangesloten bij het landelijke netwerk Keuzehulp bij onbedoelde zwangerschap. Dit netwerk zorgt er samen voor dat keuzehulp en psychosociale hulp na abortus voor iedereen, overal in Nederland snel en gratis beschikbaar is. Onze medewerkers hebben een speciale opleiding gevolgd tot keuzehulpverlener en staan geregistreerd in het beroepsregister keuzehulp van Fiom. De keuzehulpgesprekken worden gesubsidieerd door het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.
Ten slotte worden in geringe mate opbrengsten gegenereerd uit activiteiten in het kader van Publieke Gezondheid Asielzoekers, welke door het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport worden vergoed. Daarnaast kan een beperkt deel van de activiteiten worden gedeclareerd bij zorgverzekeraars. Deze opbrengsten zijn een schatting op basis van eerdere jaren en zijn niet gegarandeerd of beïnvloedbaar.
9
Seksuele gezondheid (SG) en SOA/Aids curatief Personele kosten
2025
2026
2027
2028
301.400
301.400
301.400
301.400
Materiële lasten
147.800
147.800
147.800
147.800
Opbrengsten
-414.700
-414.700
-414.700
-414.700
Technische Hygiënezorg Technische hygiënezorg heeft als doel de verspreiding van infectieziekten te beperken of te voorkomen. Op basis van de Wet publieke gezondheid zijn gemeenten verantwoordelijk voor 'het bevorderen van technische hygiënezorg'. De deskundigen infectiepreventie van het team Technische Hygiënezorg voeren deze taak namens de gemeenten uit. Deze hygiënezorg richt zich op het beperken van risico’s op plaatsen waar veel mensen samenkomen (zoals publieksevenementen) en bij gemeenschappelijke voorzieningen. Het team geeft advies en licht voor. Daarnaast houdt het team zich bezig met alle mogelijke bedrijfsmatige hygiëne-advisering, met name in het kader van verlenen van vergunningen of certificaten. Dit gebeurt bijvoorbeeld bij tatoeage- en piercingshops en bedrijven die permanente make-up plaatsen, seksinrichtingen, zeeschepen en zorginstellingen. Voor deze bedrijfsmatige dienstverlening wordt een uurtarief in rekening gebracht. De opbrengsten zijn een schatting op basis van eerdere jaren en zijn niet gegarandeerd of beïnvloedbaar. Technische Hygiënezorg
2025
2026
2027
2028
Personele kosten
262.100
262.100
262.100
262.100
Materiële lasten
18.900
18.900
18.900
18.900
Opbrengsten
-270.100
-270.100
-270.100
-270.100
Preventieve Maatregelen Risicogroepen (vaccinaties op maat en reisadvies) Het team PMR draagt bij aan de bestrijding van infectieziekten; het beschermen van individuele reizigers tegen het oplopen van infectieziekten in het buitenland en daarmee het tegengaan van de verspreiding ervan in Nederland. Voorlichting vindt plaats via de reizigersspreekuren en digitaal. Daarnaast verzorgen zij naast reizigersvaccinaties ook beroepsvaccinaties; dit zijn vaccinaties voor de werkende Zeeuw die deze nodig heeft om veilig en gezond zijn/haar werk uit te oefenen. Denk hierbij aan zorgmedewerkers, politie- en buitendienstmedewerkers. Deze bedrijfsmatige dienstverlening wordt in rekening gebracht bij de afnemers. De opbrengsten zijn een schatting op basis van eerdere jaren (voor COVID-19) en zijn niet gegarandeerd of beïnvloedbaar. Het ligt in de lijn der verwachting dat de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport in de loop van 2024 een besluit neemt over de vernieuwing van het vaccinatiestelsel, waarbij thans wordt gedacht aan het inrichten van een vaccinatievoorziening bij GGD-en vanaf 2025-2026. Preventieve Maatregelen Risicogroepen
2025
2026
2027
2028
Personele kosten
336.200
336.200
336.200
336.200
Materiële lasten
356.200
356.200
356.200
356.200
Opbrengsten
-835.000
-835.000
-835.000
-835.000
Milieu en Gezondheid Het bevorderen van medisch milieukundige zorg is een wettelijke taak op basis van de Wet publieke gezondheid. Het team Milieu en Gezondheid beoordeelt in Zeeland de gezondheidsrisico’s van milieufactoren, geeft voorlichting en informatie aan burgers en gemeenten, denkt mee over het voorkomen van ongezonde invloeden van de leefomgeving en het stimuleren van gezond gedrag. Dat kan op regionaal niveau zijn – denk aan vragen over PFAS in de Westerschelde – maar ook lokaal: stank, lawaai, ongedierte, asbest, vochtige woningen, enz. De adviseurs werken samen met medewerkers van de Veiligheidsregio en Regionale Uitvoeringsdienst in de advisering op het gebied van de Omgevingswet.
10
Daarnaast levert het team de functie van Gezondheidskundig Adviseur Gevaarlijke Stoffen (GAGS) aan de GHOR van de VRZ. Deze adviseert de Veiligheidsregio over gezondheidsrisico’s tijdens incidenten. Deze functie wordt uitgevoerd voor Zeeland, Noord-Brabant en Limburg in een onderling samenwerkingsverband. De opbrengsten bestaan uit het doorbelasten van piketkosten. Milieu en gezondheid
2025
2026
2027
2028
Personele kosten
385.000
385.000
385.000
385.000
Materiële lasten
13.600
13.600
13.600
13.600
Opbrengsten
--6.000
-6.000
-6.000
-6.000
Toezicht Wet kinderopvang In opdracht van de Zeeuwse gemeenten voert GGD Zeeland de toetsing van de Wet kinderopvang uit. Alle in het Landelijk Register Kinderopvang (LRK) geregistreerde locaties voor dagopvang en buitenschoolse opvang, gastouderbureaus en gastouders worden jaarlijks geïnspecteerd. Na de inspectie adviseert de inspecteur de gemeente over de bevindingen waarna de gemeente al dan niet handhavend optreedt. De inspectierapporten zijn openbaar in het LRK in te zien na het afsluiten van het onderzoek. De opbrengsten van team Toezicht Kinderopvang wisselen jaarlijks. Dit komt door het aantal her-inspecties, de aangevraagde incidentele onderzoeken en de onderzoeken na herstelaanbod én onderzoeken bij nieuwe kindercentra en gastouders die starten gedurende het jaar. De inspecteurs zijn daarnaast aanspreekpunt voor de gemeenten van Zeeland en voeren minimaal eens per jaar een individueel gesprek met de beleidsmedewerkers van de gemeenten die ‘kinderopvang’ in hun portefeuille hebben. Drie keer per jaar vindt er een Regionaal Ambtenaren Overleg plaats op kantoor van de GGD waar alle inspecteurs en de gemeenten voor uitgenodigd zijn en waar twee keer per jaar contactpersonen van GGD GHOR, DUO en VNG bij aansluiten. Calamiteitentoezicht Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO) GGD Zeeland functioneert als toezichthouder WMO voor de Zeeuwse gemeenten.
Na een melding van geweld en/of een calamiteit op een WMO-locatie zal de toezichthouder een onderzoek (laten) instellen, met als insteek het verbeteren van de kwaliteit van de zorg. Het algemene (pro-actieve) kwaliteitstoezicht evenals fraudebestrijding zijn niet bij GGD Zeeland belegd. Toezicht Kinderopvang en Toezicht WMO vallen onder het taakveld 6.1 Samenhang en burgerparticipatie; de kosten worden omgeslagen per inwoner. Hygiëne en Infectiepreventie / toezicht WMO Personele kosten
2025
2026
2027
2028
737.900
737.900
737.900
737.900
Materiële lasten
13.300
13.300
13.300
13.300
Opbrengsten
-745.000
-745.000
-745.000
-745.000
Meld- en Actiepunt Bemoeizorg (MAB) De medewerkers van MAB zijn gespecialiseerd in het opbouwen van contacten met inwoners die zorgmijdend zijn, dus zelf niet om hulp vragen. Vaak betreft het mensen in een kwetsbare situatie die al dan niet voor overlast zorgen. Emergis en GGD Zeeland werken hierin samen in één team onder de vlag van GGD Zeeland. Het MAB is gericht op een integrale aanpak van de problemen. Er wordt actief met verschillende ketenpartners samengewerkt, waaronder verslavingszorg (SCM), maatschappelijk werk, huisartsen, woningcorporaties, het Zorg- en Veiligheidshuis in het kader van WvGGZ (Wet verplichte GGZ) en het daarbij behorende meldpunt Zorgwekkend gedrag. Meldingen worden onder andere gedaan door gemeenten, zorgnetwerken, politie, woningcorporaties, hulpverleners, maar ook door inwoners. In samenwerking met de cliënt, zijn netwerk en ketenpartners wordt gezocht naar een passend hulpaanbod.
11
Het team MAB krijgt steeds vaker te maken met zeer complexe problematiek. Daarnaast geven gemeenten en ketenpartners aan dat er behoefte is om bij problemen eerder in te grijpen (vroegsignalering) of de terugkerende problematiek rondom een kleine groep verwarde personen te doorbreken door bijvoorbeeld vinger aan de pols te houden als de persoon geen ondersteuning en behandeling accepteert. GGD Zeeland verkent samen met gemeenten hoe de groep zorgmijders en/of mensen met verward gedrag en hun omgeving het effectiefst geholpen kunnen worden, door onze expertise te delen in casusoverleggen en overige gremia. Daarnaast zijn we actief in werk- en stuurgroepen op het gebied van domeinoverstijgende samenwerking. De werkzaamheden van team MAB worden gefinancierd op basis van een structurele subsidie uit (centrum-) gemeentegelden voor Maatschappelijke Opvang. Op basis van afzonderlijke financiering levert het team ook expertise en capaciteit voor de pilot Wijk GGD van de gemeente Borsele. De resultaten van deze pilot worden medio 2025 verwacht. MAB wordt verantwoord in het taakveld 6.2 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen en omgeslagen per inwoner. MAB
2025
2026
Personele kosten
536.500
536.500
2027 536.500
2028 536.500
Materiële lasten
21.500
21.500
21.500
21.500
Opbrengsten
-637.500
-637.500
-637.500
-637.500
Forensische geneeskunde De forensisch geneeskundige verleent diensten voor gemeenten (lijkschouw) en politie/justitie (medische arrestanten zorg, bloedproeven en medisch onderzoek bij zedendelicten en (kinder)mishandeling. Landelijk ligt de opdracht om de taken voor de laatste groep in te richten op politieregio niveau. De uitvoering van de forensische geneeskunde staat al enige tijd onder druk. In verschillende regio’s is sprake van een dringend en acuut tekort aan forensisch artsen. Ook de komende jaren zal er landelijk sprake zijn van meer artsen die stoppen (pensioengerechtigde leeftijd) dan instromen. De afgelopen jaren zijn er diverse initiatieven geweest om de forensische geneeskunde in de politieregio Zeeland-West-Brabant overeind te houden, waarbij nauw is samengewerkt met Inspectie en Ministeries van VWS en Justitie en Veiligheid. Er is ingezet op effectiever samenwerken in de regio, het werven van nieuwe artsen, het opleiden en inzetten van huis- of basisartsen voor deeltaken en de inzet van forensisch verpleegkundigen. Helaas leidt de optelsom van deze initiatieven niet tot structurele oplossingen voor de kwetsbare bezetting en verlichting van de ongezonde werkroosters. Deze situatie is niet toekomstbestendig en bovendien erg kostbaar, mede in verband met het verplicht organiseren van een achterwacht bij inzet van een ZZP'er.
Dit maakt dat de kostprijs blijft toenemen. De drie GGD-en binnen de politieregio verkennen momenteel alternatieve mogelijkheden om te komen tot een meer robuustere en toekomstbestendige oplossing. Een van deze alternatieven is het aangaan van een samenwerking met een partner uit onze buurregio. Parallel wordt onderzocht of de GGD-en in de politieeenheid Zeeland-West-Brabant in de toekomst weer zelfstandig forensische diensten kunnen gaan aanbieden. Resultaten worden verwacht medio 2024 en zijn daarom nog niet verwerkt in deze begroting. Forensische geneeskunde valt in taakveld 1.2 Openbare orde en veiligheid en wordt omgeslagen over het aantal inwoners. Forensische geneeskunde
2025
2026
Personele kosten
803.100
803.100
803.100
803.100
Materiële lasten
24.500
24.500
24.500
24.500
Opbrengsten
-928.300
-928.300
-928.300
-928.300
12
2027
2028
Onderzoek Publieke Gezondheid De Onderzoekers Publieke Gezondheid leveren betrouwbare gezondheidsinformatie als essentiële basis voor besluitvorming om de gezondheid van Zeeuwen te verbeteren. Zij leggen de puzzel door gezondheidsinformatie (o.m. eigen data en landelijk beschikbare data) te combineren, analyseren, interpreteren en de betekenis ervan voor Zeeland aan te geven. Hierbij houden zij rekening met onderlinge verbanden, de context van de huidige samenleving en de toekomst. Dit doen zij voor en in samenwerking met GGD-teams, beleidsmakers en de Zeeuwse burgers. Nauwe samenwerking met de Adviseurs Publieke Gezondheid is hierin vanzelfsprekend. Zij geven gevraagd en ongevraagd advies aan beleidsmakers in verschillende domeinen en de GGD als organisatie door een beeld te leveren van de gezondheid van de Zeeuwen. Daarnaast maken zij de informatie toegankelijk voor hen en de burgers. Eenmaal per vier jaar worden de Gezondheidsmonitors van jeugd, volwassenen en ouderen uitgevoerd. In de begrotingswijziging Basis op Orde is meegenomen dat de lasten van de monitors gelijkmatiger verdeeld worden over de tijd. Structureel wordt hiervoor jaarlijks 30.000 aan kosten opgenomen. Daarnaast werd in 2024 60.000 ten laste van de algemene reserve gebracht om het budget op peil te brengen.
Advies Publieke Gezondheid De Adviseurs Publieke Gezondheid geven gevraagd en ongevraagd advies aan gemeentelijke beleidsmakers in verschillende beleidsdomeinen en externe organisaties voor de doelgroepen jeugd, (jong)volwassenen en ouderen. Er is hierbij specifiek aandacht voor een gezonde en veilige leefomgeving, gelijke kansen op gezondheid voor iedereen en mentale gezondheid. De adviseurs hebben een agenderende en aanjagende rol voor publieke gezondheid en zijn Zeeuwse kennispartner publieke gezondheid. Landelijke ontwikkelingen, inzichten en data worden hierin meegenomen. Ook de stem van de doelgroep is een belangrijke bron van informatie. De adviseurs werken samen met andere GGD-teams en externe organisaties. De nauwe samenwerking met de Onderzoekers Publieke Gezondheid is hierin vanzelfsprekend. Naast de adviserende rol leiden zij verschillende landelijke programma’s in de regio (zoals Gezonde School en JOGG), veelal deels op basis van aanvullende externe financiering met subsidiegelden. Over het vervolg en de inhoud van het gezonde schoolprogramma in 2025 en verder, wordt nog met gemeenten gesproken. Afhankelijk van de uitkomst hiervan zal, wanneer van toepassing, een begrotingswijziging worden voorgelegd. Onderzoek en advies
2025
2026
2027
2028
Personele kosten Onderzoek
443.400
443.400
443.400
443.400
Personele kosten Advies
468.800
468.800
468.800
468.800
Materiële lasten Onderzoek
49.700
49.700
49.700
49.700
Materiële lasten Advies
2.500
2.500
2.500
2.500
Projecten in het kader van GALA en IZA De Rijksoverheid wil met het Integraal Zorg Akkoord (IZA) en Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) investeren in de (publieke) gezondheid van alle Nederlanders. De ambitie van IZA is zorg voor iedereen toegankelijk, kwalitatief goed en betaalbaar houden. De ambitie van het GALA is een gezonde generatie in 2040. Deze akkoorden hebben overlap en versterken elkaar. Gemeenten, GGD, zorgverzekeraar en zorgaanbieders werken samen om de doelen uit de akkoorden te behalen. GGD treedt hierin op als kennispartner van de gemeenten. De GGD is leverancier van data en duidt deze, de GGD kan adviseren hoe de interventies uit GALA zo effectief mogelijk kunnen worden ingezet. Met onderdeel 14 van de SPUK GALA wordt deze kennis- en adviesfunctiefunctie van de GGD versterkt. In Zeeland is mandaatgemeente Goes namens de twaalf andere gemeenten verantwoordelijk voor de coördinatie van de uitvoering van de gemeentelijke taken binnen het IZA. Een van de doelen is het stimuleren van regionale/provinciale samenwerking. In opdracht van de mandaatgemeente richt GGD Zeeland een provinciale preventie-infrastructuur in, waarbij het doel is om binnen deze structuur niet-vrijblijvende provinciale samenwerkingsafspraken te maken over gezondheidsbevordering van de populatie als geheel en specifiek voor risicogroepen.
Onderdeel hiervan is het samen met betrokken partijen opzetten van een netwerkstructuur waarin professionals uit de gemeentelijke domeinen (o.m. sociaal domein, welzijn en GGD) op het gebied van preventie, domeinoverstijgend samenwerken met zorgprofessionals in de eerste, tweede en derde lijn. 13
Daarnaast implementeert GGD Zeeland in opdracht van de mandaatgemeente de vijf ketenaanpakken uit het GALA, zodat deze bereikbaar zijn voor alle Zeeuwse inwoners die er baat bij hebben. Regie op ketenaanpakken moet ervoor zorgen dat de ‘keten werkt’ en dat er na uitstroom uit de keten voldoende mogelijkheden zijn om de gezonde leefstijl te borgen. GGD Zeeland brengt samenhang aan tussen de vijf ketenaanpakken en zorgt voor synergie. Het betreft de volgende ketenaanpakken: 1. 2. 3. 4. 5.
Ketenaanpak Gecombineerde Leefstijl Interventie (GLI) voor volwassenen met overgewicht en obesitas Ketenaanpak Kinderen met Overgewicht en Obesitas Ketenaanpak Valpreventie bij ouderen Ketenaanpak Welzijn op Recept Ketenaanpak Kansrijke Start
Beide opdrachten zijn met elkaar verbonden. De grote gemene deler tussen de vijf verschillende ketenaanpakken is dat voor iedere ketenaanpak een naadloze aansluiting tussen het medisch en sociaal domein nodig is; dit vraagt ook een domeinoverstijgende samenwerking. In de ketenaanpakken komen de doelstellingen uit het IZA en GALA samen, waarbij de partijen in het medisch en het sociaal domein én zorgverzekeraars en gemeenten elkaar nodig hebben om de gestelde doelen te behalen. Kostendekkende financiering vindt plaats via de SPUK's GALA en IZA (via de mandaatgemeente) en zijn daarom niet opgenomen in deze begroting. Onvoorziene projecten Naast bovenstaande wettelijke taken, gesubsidieerde taken en markttaken, komt het steeds vaker voor dat de GGD een extra taak toegewezen krijgt vanuit of via de Rijksoverheid, zoals bijvoorbeeld COVID-19 vaccinatiecampagnes of de zorg voor vluchtelingen. De financiering van deze werkzaamheden verloopt via alternatieve routes, zoals via de Veiligheidsregio of rechtstreeks via een ministerie of instantie. Deze (zichzelf dekkende) projecten zijn in deze begroting niet meegenomen. Bij de financiering van deze taken wordt ook voorzien in dekking van de benodigde overhead hiervoor. 1.1.1.2.
Jeugdgezondheidszorg De jeugdgezondheidszorg (JGZ) heeft tot doel het bevorderen, beschermen en beveiligen van de gezondheid en de lichamelijke en geestelijke ontwikkeling van jeugdigen van 0-19 jaar, zowel individueel als op populatieniveau. Alle kinderen in Nederland hebben het recht om zo gezond, veilig en kansrijk mogelijk op te groeien. Om dat recht te beschermen is o.m. een basispakket Jeugdgezondheidszorg (JGZ) vastgelegd binnen de wet Publieke Gezondheid. Gemeenten zijn ervoor verantwoordelijk dat dit basispakket beschikbaar is en actief wordt aangeboden aan alle kinderen en jongeren tot 18 jaar. Zij geven de uitvoering samen met de JGZ vorm. De eerste 1000 levensdagen van een kind zijn bepalend voor de rest van het leven. Goede toegang tot de zorg en adequate zorgverlening zijn cruciaal voor de levensontwikkeling en de kansen van het kind. Onvoldoende of oneerlijke toegang tot de JGZ geeft het jonge kind een valse start in het leven en werkt kansenongelijkheid in de hand. Goede gezondheid van en kansengelijkheid voor de jeugd is een maatschappelijke en daardoor gemeenschappelijke verantwoordelijkheid. In de eerste plaats spelen het kind en het gezin zelf hier een cruciale rol in. Iedere professional die het kind en/of het gezin in de loop van het opgroeien en opvoeden tegenkomt, speelt daarnaast een belangrijke steunende rol.
De JGZ heeft vrijwel alle kinderen in beeld, vaccineert en monitort de gezondheid en de ontwikkeling van kinderen. Hierdoor vervult zij een preventieve en verbindende rol. Preventie werkt alleen als het doelgericht, planmatig en gecoördineerd gebeurt in de wijk of gemeente. Essentieel daarbij zijn ouderbetrokkenheid en goede sociale netwerken. Onze JGZ-professionals handelen (pro)actief en vervullen verschillende rollen, zoals die van signaleerder, begeleider, belangenbehartiger van het kind en poortwachter voor de gespecialiseerde hulp en zorg. Wij realiseren ons dat het soms noodzakelijk is kinderen ongelijk te behandelen om ze gelijke kansen te geven.
14
De JGZ helpt ouders/opvoeders bij het gezond opvoeden en laten opgroeien van hun kinderen. De JGZ doet bij alle kinderen preventieve onderzoeken (bijvoorbeeld ogen, oren, groei). De JGZ begeleidt ouder en kind in de lichamelijke, cognitieve en psychosociale ontwikkeling van -9 maanden (al tijdens de zwangerschap) tot de leeftijd van 18 jaar. De JGZ vervult zo een belangrijke rol in het zo vroeg mogelijk signaleren van risico’s, korte ondersteuning en doorverwijzing. Ouders kunnen bij de JGZ terecht voor (gratis) advies, voorlichting en ondersteuning bij gezond opgroeien en opvoeden. Ook geeft de JGZ de vaccinaties volgens het Rijksvaccinatieprogramma (RVP). In 2023 is het programmaplan ‘Toekomst JGZ; samen voor een gezonde jeugd’ opnieuw opgestart. Dit verandertraject heeft als doel nog beter in staat te zijn om maatschappelijk impact te maken in een steeds complexere samenleving. We zagen namelijk: Een samenleving die steeds complexer wordt; opgroeien lijkt steeds ingewikkelder te worden. We hebben te maken met diverse maatschappelijke vraagstukken zoals armoedeproblematiek, kansenongelijkheid en grote verschillen in gezondheid. Bovendien signaleren we bijna voortdurend een dynamiek in de aard van de maatschappelijke vraagstukken waar we ons toe moeten verhouden.
Een veranderende behoefte van de klant; meer regie bij ouders en jongeren beleggen, bijvoorbeeld bij het plannen van afspraken en momenten om naar het CB te komen. Ook zien we dat JGZ-professionals steeds meer een rol spelen bij het adviseren over gezond en veilig opgroeien. Deze trend past bij het gedachtegoed Positieve Gezondheid dat GGD Zeeland in haar visie heeft opgenomen waarbij de nadruk ligt op veerkracht, eigen regie en het aanpassingsvermogen van de mens en niet op de beperkingen of ziekte zelf. Het is daarnaast voor onze doelgroep niet meer vanzelfsprekend om (fysiek) naar het CB te komen. Dat heeft gevolgen (gehad) voor de inrichting van onze dienstverlening. Krapte op de arbeidsmarkt; met name onder jeugdartsen, maar in toenemende mate is het moeilijk om verpleegkundig specialisten en jeugdverpleegkundigen aan ons te binden. Onze dienstverlening staat als gevolg daarvan onder druk. Het programma ‘Toekomst JGZ; samen voor een gezonde jeugd’ heeft in 2024 geleid tot een implementatieplan met de volgende uitgangspunten: • We zetten onze professionals waardevol in. Daarbij kijken we breed naar de wijze waarop we onze dienstverlening georganiseerd hebben.
Te denken valt aan taakverschuiving, taakherschikking, taakdifferentiatie en een analyse van het functiehuis om vast te stellen of de functies die wij hebben voldoende aansluiten bij de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt en het anders organiseren van ons werk. • We maken meer gebruik van online/blended aanbod. Daarmee verschuift een deel van ons aanbod van individuele naar collectieve preventie en kunnen we beter aansluiten bij maatschappelijke ontwikkelingen als plaats- en tijdonafhankelijk werken. • We bieden minder steun waar dat kan en meer waar dat nodig is waarmee we bijdragen aan het vergroten van kansengelijkheid en verkleinen van gezondheidsverschillen. We realiseren ons dat het soms noodzakelijk is kinderen ongelijk te behandelen om ze gelijke kansen te geven. • We maken gebruik van relevante data om ons aanbod gerichter in te kunnen zetten om zodoende kwetsbare gezinnen beter te bereiken en te ondersteunen. We werken met verschillende zorgpaden met passende zorg. Met de data die we genereren kunnen we bovendien gemeenten collectieve signalen geven en op basis daarvan een advies uitbrengen over mogelijke interventies. • Met onze deskundigheid als preventieadviseur en -regisseur spelen we een essentiële rol in het jeugdnetwerk en de jeugdgezondheidszorg. We versterken deze rol zodat onze ketenpartners ons nog beter weten te vinden.
Het Basis Taken Pakket (BTP) betreft de werkzaamheden die gemeenten beschikbaar moeten hebben en actief dienen aan te bieden aan iedere jongere, volgens professionele richtlijnen. Het is een uitgebreid en uniform pakket. In de uitvoering kan echter flexibiliteit zitten. Deze flexibiliteit wordt geheel door de verantwoordelijke professional bepaald en kan per kind/gezin verschillen. Om aan bepaalde wettelijke verplichtingen van bijvoorbeeld monitoring en advisering te kunnen voldoen, is er door GGD Zeeland een werkwijze met zorgpaden en ijkmomenten ontwikkeld. Dit is in lijn met het Landelijk Professioneel Kader (LPK).
15
Naast wettelijk vastgestelde taken zijn er ook producten ontwikkeld die geen direct wettelijke grondslag hebben, echter, alle aangeboden producten zijn terug te voeren naar een wettelijke basis. Deze producten worden aangeboden onder de noemer Aanvullende Diensten (AVD). De kosten van de jeugdgezondheidszorg vallen in het taakveld 7.1 Volksgezondheid en worden omgeslagen op 0-19 jarigen, tenzij anders vermeld. Beleid en kwaliteit Jeugdgezondheidszorg De medisch en verpleegkundig adviseurs in het team Beleid en Kwaliteit ondersteunen de uitvoerende teams bij het bevorderen en borgen van de kwaliteit en deskundigheid van de JGZ. Zij vertalen nieuwe inzichten en landelijke ontwikkelingen naar de Zeeuwse schaal en praktijk en geven proactief richting aan de beleidsvorming. Dit doen zij door: 1. Inhoudelijk te adviseren t.a.v. ontwikkelen, innoveren, implementeren en borgen, inclusief crisissituaties; 2. Deskundigheid te bevorderen van de JGZ-professional, o.m. door aanbieden van een scholingsprogramma; 3. Uniformiteit te borgen van de uitvoering van JGZ t.a.v. werkinstructies, werkdocumenten en richtlijnen; 4. Het management inhoudelijk te adviseren; 5. Te acteren en adviseren in geval van acute situaties en adviseren. Beleid en kwaliteit JGZ
2025
2026
2027
Personele kosten
333.500
333.500
2028
333.500
333.500
Jeugdgezondheidszorg in de wijk De jeugdgezondheidszorg speelt een belangrijke rol in de wijk; het is zichtbaar en laagdrempelig beschikbaar voor álle ouders en kinderen. De jeugdgezondheidszorg richt zich op de gezondheid, het gezond opgroeien en het ontwikkelen van een gezonde leefstijl van Zeeuwse kinderen en jongeren. De jeugdartsen en jeugdverpleegkundigen volgen de ontwikkeling van het kind vanaf de geboorte tot hij of zij 18 jaar is. Daarvoor zijn er afspraken op het consultatiebureau en bij de jeugdverpleegkundige of jeugdarts op school. Consultatiebureaus en JGZ breed
2025
2026
2027
2028
Personele kosten CB's
7.071.800
7.071.80
7.071.800
7.071.800
Materiële lasten (*) CB's
729.800
729.800
729.800
729.800
Opbrengsten aanvullende diensten
-284.200
-284.200
-284.200
-284.200
Personele lasten flexpool
567.700
567.700
567.700
567.700
Materiële lasten JGZ
435.600
435.600
435.600
435.600
Afschrijvingen JGZ
54.800
PM
PM
PM
(*) in de materiële lasten zijn de kosten voor huisvesting van de consultatiebureaus opgenomen De benodigde formatie is voor 2024, net als in 2023, tot stand gekomen door gebruik te maken van het Formatie Calculatie Model (FCM). Door inzet van dit model kan de benodigde formatie per jaar worden vastgesteld op basis van demografische ontwikkelingen. Daarnaast worden de verzuimcijfers, de percentages ouderschapsverlof en zwangerschapsverlof gebruikt om het capaciteitsverlies vast te stellen. Ieder jaar wordt in het derde kwartaal beoordeeld in hoeverre het model aansluit bij of afwijkt van de werkelijkheid. Indien nodig wordt de formatie/productie hierop bijgesteld. In de begrotingswijziging Basis op Orde is JGZ buiten scope gebleven. De resultaten van het programma ‘Toekomst JGZ; samen voor een gezonde jeugd’ dat in 2023 een doorstart heeft gekregen, worden in de tweede helft van 2024 opgeleverd. Doel hiervan is het toekomstbestendig maken van de dienstverlening van de JGZ. Daarbij wordt ook gekeken naar de effecten van het herschikken van taken vanwege het oplopende personeelstekort, het verkennen van mogelijkheden om nog meer te investeren in preventie en in digitalisering om meer data gedreven te kunnen werken. Eventueel aanvullend benodigde financiële middelen worden conform de VZG-richtlijnen aan het bestuur voorgelegd (middels een begrotingswijziging in 2024).
16
Aanvullende diensten In aanvulling op de taken uit het Basis Taken Pakket voert de Jeugdgezondheidszorg ook aanvullende diensten uit, de zogenaamde Aanvullende Diensten Jeugdgezondheidszorg (AVD JGZ). Deze dienstverlening wordt per gemeente apart ingekocht – afhankelijk van de behoefte. Het kan gaan om extra preventieactiviteiten, video hometraining, aanvullende huisbezoeken, cursussen, themabijeenkomsten et cetera. De aanvullende diensten worden separaat aan de gemeenten gefactureerd. De werkzaamheden worden uitgevoerd door jeugdverpleegkundigen van de JGZ. Voor 2025 (en verder) geldt dat de geactualiseerde offertes voor het lopende jaar (2024) als uitgangspunt zijn genomen. Vanaf 2024 wordt in het voorjaar samen met de gemeenten bekeken of we op koers liggen met het uitvoeren van de Aanvullende Diensten. Ieder jaar wordt in het derde kwartaal opnieuw besproken met gemeenten welke Aanvullende Diensten afgenomen zullen worden. Indien nodig wordt de formatie hierop bijgesteld met die kanttekening dat met gemeenten is afgesproken dat hier wel vast personeel op ingezet wordt (en dat de risico’s voor eventuele afschaling bij de gemeenten liggen). Facturatie vindt plaats op basis van de afgesloten offertes, indien afschaling gedurende het jaar niet mogelijk is. Team 12+ Het team 12+ richt zich op het oudere kind; zij verzorgen de bezoeken aan de middelbare scholen.
En werken indien nodig samen met de afdelingen Leerplichtzaken van de gemeenten en middelbare scholen, waarbij zorg kan worden verleend aan verzuimende leerlingen. Ook de aandacht voor ziekteverzuim in het MBO, die geoormerkt is in de algemene dekkingsmiddelen, wordt uitgevoerd vanuit team 12+. Voor ziekteverzuim MBO betalen Scalda en Hoornbeeck College een bijdrage. Team 12+
2025
2026
2027
2028
Personele lasten
808.500
808.500
808.500
808.500
Materiële lasten
10.000
10.000
10.000
10.000
Opbrengsten
-26.000
-26.000
-26.000
-26.000
Planning en Afspraken Bureau (PAB) Het PAB is onderdeel van de JGZ en werkt ondersteunend en faciliterend aan alle consultatiebureaus ten behoeve van efficiency en effectiviteit van het inplannen van alle afspraken. Het PAB zorgt dat kinderen worden uitgenodigd voor een consult op het consultatiebureau of dat ouders een uitnodiging krijgen voor het invullen van een digitale vragenlijst. Dit gebeurt vanaf de leeftijd van drie maanden op het bureau of op het voortgezet onderwijs (12+). Ook zorgt het PAB ervoor dat de personele bezetting op de consultatiebureaus optimaal is. Daarnaast voert PAB administratieve taken uit en ontlasten ze hiermee deels de jeugdartsen en jeugdverpleegkundigen door o.m. het beoordelen van ingevulde vragenlijsten alsook het koppelen van documenten aan de dossiers van de kinderen. Verder zijn zij (mede) verantwoordelijk voor het analyseren van de redenen voor no-show (een belangrijke ‘kostenpost’ in de bedrijfsvoering) en houden zij zicht op eventuele achterstanden in de uitvoering van de contactmomenten. Plan- en afsprakenbureau
2025
2026
2027
2028
Personele kosten
812.000
812.000
812.000
812.000
Materiële lasten
1.000
1.000
1.000
1.000
Screeners Naast de taken die vanuit de CB's worden uitgevoerd, zijn er ook twee teams die regionaal of zelfs provinciaal opereren. Het gaat dan om de screeners en om het team 12+. De screeners zijn medewerkers die binnen een week na de geboorte van een kind een huisbezoek afleggen om de hielprik te geven en de kinderen in hun eigen omgeving een gehoortest te laten ondergaan. Hier staat een rechtstreekse vergoeding van het RIVM tegenover.
17
Screeners
2025
2026
2027
2028
Personele kosten
273.100
273.000
273.000
273.000
Materiële lasten
41.300
41.300
41.300
41.300
Opbrengsten (RIVM)
-74.500
-74.500
-74.500
-74.500
Nu Niet Zwanger Het programma Nu Niet Zwanger ondersteunt vrouwen en mannen in een kwetsbare situatie om een bewuste keuze te maken over het moment van het realiseren van hun kinderwens. (Zorg)professionals begeleiden cliënten hierbij actief. Nu Niet Zwanger is opgenomen in het landelijke programma Kansrijke Start en is sinds 2023 een onderdeel van de reguliere taken van GGD Zeeland. Nu Niet Zwanger valt onder het taakveld 6.2 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen en wordt omgeslagen over inwoners. Nu Niet Zwanger
2025
2026
2027
2028
Personele kosten
79.700
79.700
79.700
79.700
Materiële lasten
20.200
20.200
20.200
20.200
Artsen in opleiding Het artsentekort speelt in heel Nederland en dus ook bij GGD Zeeland. Om het oplossen van dit tekort te stimuleren, bieden we opleidingsplaatsen aan basisartsen die zich willen specialiseren. Het aantal artsen in opleiding voor 2025 is pas in september 2024 bekend. Hier is niet op begroot, ook omdat kosten en opbrengsten ongeveer tegen elkaar wegvallen. Rijksvaccinatieprogramma (RVP) Kinderen worden sinds 1957 gevaccineerd volgens het Rijksvaccinatieprogramma. Coördinatie van dit programma is in handen van het RIVM. Deelname aan de vaccinatie is niet verplicht. De laatst bekende vaccinatiegraad van 2022 loopt van bijna 60% bij de HPV (41% in 2021) tot meer dan 80% bij de BMR/DKTP. Jaarlijks bepaalt het RIVM welke vaccinaties worden aangeboden naast het programma van de Jeugdgezondheidszorg. Voor 2025 zijn bij het opstellen van deze begroting, bovenop het reguliere RVP, alleen de kinkhoestvaccinaties zeker. Deze worden op de consultatiebureaus uitgevoerd. Bij grootschalige vaccinactiecampagnes wordt personeel ingehuurd, waar een vergoeding van RIVM tegenover staat. Dit is budgetneutraal. We rekenen echter op 50.000 meeropbrengsten dan kosten. Rijksvaccinatieprogramma
2025
2026
2027
2028
Opbrengsten
-50.000
-50.000
-50.000
-50.000
Materiële lasten
39.500
39.500
39.500
39.500
Coördinatie integrale vroeghulp Integrale Vroeghulp is voor alle ouders met kinderen van 0-7 jaar die zich zorgen maken of vragen hebben over de ontwikkeling van hun kind. GGD Zeeland coördineert het proces om in een zo vroeg mogelijk stadium hulp te bieden aan kinderen die problemen ondervinden in hun ontwikkeling. Integrale vroeghulp valt onder het taakveld 6.2 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen en wordt omgeslagen over 0 tot 19 jarigen per gemeente. Coördinatie Integrale vroeghulp
2025
2026
2027
2028
Personele kosten
33.300
33.300
33.300
33.300
Materiële lasten
600
600
600
600
Verwijsindex De Verwijsindex is een digitaal systeem waarin professionals een signaal afgeven dat ze betrokken zijn bij kinderen en jongeren tot 23 jaar. Dankzij de Verwijsindex blijft iedereen in beeld en kunnen de professionals onderling afstemmen om de best mogelijke ondersteuning te bieden. In december 2021 heeft de Tweede Kamer een motie aangenomen, die de regering oproept de wettelijke verplichting op het gebruik van de Verwijsindex te schrappen.
18
De staatssecretaris van VWS heeft september 2022 een brief aan de Tweede Kamer gezonden waarin wordt aangegeven dat de Verwijsindex uit de Jeugdwet wordt gehaald. Dat betekent dat VWS een wetsvoorstel voorbereidt om de wettelijke verplichting van de Verwijsindex in de Jeugdwet af te schaffen. De verwachting is dat het wetsvoorstel eind 2024 naar de Tweede Kamer gaat. Na de Tweede Kamer moet het naar de Eerste Kamer om bekrachtigd te worden. Dan is er nog een inwerkingsperiode. Op zijn vroegst zal de wetswijziging op 1 januari 2026 in werking treden. In de begroting is daarom uitgegaan van het volgende: De Verwijsindex wordt, conform het besluit van het AB van najaar 2023, vanaf 1 januari 2024 - tijdens de overgangsperiode - op waakvlamniveau uitgevoerd. Dit om de bekostiging vanuit de gemeenten in lijn te brengen met de huidige inspanningen. Dit betekent dat het systeem van de Verwijsindex (Multisignaal) operationeel blijft en het functioneel beheer (4 uur per week) hiervan wordt uitgevoerd door GGD Zeeland. Activiteiten op het gebied van projectcoördinatie, scholing, communicatie en relatiebeheer worden niet actief meer uitgevoerd. Verwijsindex
2025
2026
2027
2028
Materiële lasten
107.100
107.100
107.100
107.100
Publieke Gezondheid Asielzoekers GGD Zeeland voert de publieke gezondheidszorg voor asielzoekers uit in het kader van een overeenkomst tussen GGD GHOR Nederland, de koepelorganisatie van 25 GGD’en en GHOR-bureaus, en het COA. De taken voor statushouders die in de gemeente wonen, zijn gelijk aan die voor andere inwoners van Nederland en vallen onder verantwoordelijkheid van de gemeente. De gezondheidsbevorderaars Publieke Gezondheidszorg Asielzoekers (PGA) geven groepsgewijs voorlichting aan asielzoekers over gezondheidsrisico’s en hoe zij die kunnen voorkomen. GGD Zeeland stelt jaarlijks per opvanglocatie, in afstemming met het COA en andere samenwerkingspartners, een werkplan gezondheidsbevordering op. Ook voert de GGD op aanvraag individuele voorlichting seksuele gezondheid uit. We krijgen voor de verleende dienstverlening een vergoeding per asielzoeker. Omdat het aantal asielzoekers fluctueert, is hier lastig op te begroten. De begroting is dan ook een inschatting op basis van eerdere jaren waarbij kosten en opbrengsten idealiter op nul zouden moeten uitkomen. De ervaring leert echter dat dit niet altijd mogelijk is gezien de fluctuaties in relatie tot vast personeel dat aangesteld wordt. We verwachten in 2025 een toename van het aantal asielzoekers door de verwachtte uitbreiding van het aantal opvanglocaties in Zeeland. PGA
2025
2026
Personele kosten
77.200
77.200
2027 77.200
2028 77.200
Materiële lasten
1.300
1.300
1.300
1.300
Opbrengsten
-96.000
-96.000
-96.000
-96.000
19
1.1.2. Programma Veilig Thuis Beoogd maatschappelijk effect: Het gevoel van veiligheid in het persoonlijke (gezins)leven is vergroot Onveiligheid in afhankelijkheidsrelaties, waaronder huiselijk geweld en kindermishandeling, is de meest voorkomende vorm van geweld in onze samenleving. In 2022 gaf 9% van de bevolking van 16 jaar en ouder (bijna 1,3 miljoen personen) aan in de afgelopen 12 maanden slachtoffer te zijn geweest van een of meer vormen van huiselijk geweld. Hier is de verbale agressie nog niet in meegenomen. Nemen we die wel mee, dan gaat het om 33% slachtoffers.* Daarnaast worden jaarlijks 119.000 kinderen slachtoffer van huiselijk geweld en kindermishandeling. Dat is gemiddeld 1 kind per klas. Belangrijk hierbij te vermelden is dat circa 70% van alle geweldsvormen van structurele aard is. *Prevalentiemonitor huiselijk geweld en seksueel grensoverschrijdend gedrag 2022, CBS (er is geen monitor '23 opgesteld) Verankering De maatschappelijke impact die met huiselijk geweld en kindermishandeling gepaard gaat, is enorm. Sinds de inwerkingtreding van de Jeugdwet (1 januari 2015) hebben gemeenten en Veilig Thuis samen met relevante ketenpartners de plicht om deze maatschappelijke impact terug te dringen. Veilig Thuis valt onder de bestuurlijke verantwoordelijkheid van de dertien Zeeuwse gemeenten en is onderdeel van GGD Zeeland.