233961Kauterstraat 8a Nieuw-Namen - 210323
Tekst van het document
Mitec Advies B.V.
3
20MIT233.20
Ter plaatse van inspectiegat 03 zal een monster genomen worden van de ongeroerde ondergrond (verticale afperking) om te bepalen of deze asbest bevat. 1.4
Kwaliteit Het veldwerk is uitgevoerd door de heer B.M. Maas, gecertificeerd en erkend veldwerker bij Mitec Advies B.V. Dit alles conform de BRL SIKB 2000 (Beoordelingsrichtlijn voor SIKBprocescertificaat voor veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek), inclusief het onderliggende protocol 2018.
Het procescertificaat van Mitec Advies B.V. en het daarbij behorende keurmerk zijn uitsluitend van toepassing op de activiteiten inzake de monsterneming en de overdracht van de monsters, inclusief de daarbij behorende veldwerkregistratie, aan een erkend laboratorium of de opdrachtgever. De analyses zijn uitgevoerd door een geaccrediteerd laboratorium. De analyseresultaten zijn getoetst aan de Circulaire bodemsanering d.d. 2013. De onderzochte locatie is niet in eigendom van Mitec Advies B.V. of gerelateerde zusterbedrijven. Hierdoor is de wettelijk voorgeschreven functiescheiding geborgd. 1.5
Betrouwbaarheid Het onderzoek is op zorgvuldige wijze verricht volgens de algemeen gebruikelijke inzichten en methoden. Mitec Advies B.V. streeft bij elk onderzoek naar een optimale representativiteit. Het onderzoek is echter gebaseerd op een beperkt aantal boringen/gaten en monsters. Hierdoor blijft het mogelijk dat plaatselijke afwijkingen in de samenstelling van de bodem en/of puinlaag aanwezig zijn welke tijdens het onderzoek niet naar voren zijn gekomen. Mitec Advies B.V. is niet aansprakelijk voor hieruit voortvloeiende schade of gevolgen van welke aard ook. Ondanks dit onderzoek kan achteraf aanvullende verontreiniging worden geconstateerd (restrisico). Daarom dient bij sloop- en bouwactiviteiten en bij grondwerkzaamheden steeds aandacht gegeven te worden aan afwijkende kenmerken van de bodem zoals een afwijkende kleur, geur, bijmenging en onbekende obstakels zoals leidingwerken, putten en puinlagen. Tevens wordt erop gewezen dat dit onderzoek een momentopname is. De bodem en/of puinlaag kan na het onderzoek van kwaliteit veranderen door bijvoorbeeld een calamiteit of aanvoer van grond. Om de aanvoer van verontreinigde grond te voorkomen, dient de leverancier van de grond en/of het ophoogzand een certificaat te overleggen van de herkomst en van de chemische kwaliteit van het materiaal.
Mitec Advies B.V.
4
20MIT233.20
2
VERRICHTE WERKZAAMHEDEN
2.1
Veldwerkzaamheden Het veldwerk is uitgevoerd op 26 augustus 2020 door dhr. B.N. Maas, gecertificeerd en erkend veldwerker van Mitec Advies B.V. Er zijn, ten behoeve van de horizontale uitkartering, vier inspectiegaten (nr. 102 t/m 105) gegraven rond inspectiegat 03 van het voorgaande onderzoek. Er is een mengmonster samengesteld van de fijne fractie. Ten behoeve van de verticale afperking is ter plaatse van inspectiegat 03 is een nieuw inspectiegat (nr. 101) gegraven tot in de onverdachte ondergrond. De bodemprofielen van de inspectiegaten zijn beschreven en het materiaal is zintuiglijk beoordeeld en geïnspecteerd op asbestverdacht materialen (>2cm). De beschrijvingen van de bodemprofielen zijn opgenomen in bijlage 4. Er is een mengmonster gemaakt van de geroerde bovengrond van de inspectiegaten 102, 103, 104 en 105. Er is tevens een monster genomen van de ongeroerde ondergrond uit inspectiegat 101.
2.2
Zintuiglijke waarnemingen In het geïnspecteerde materiaal is zintuigelijk geen asbest waargenomen. De zintuiglijk bijzonderheden zijn verwerkt in Tabel 1. Tabel 1. Zintuiglijk waargenomen bijzonderheden
2.3
Boring Gat 101
Diepte boring (m-mv) 0,50 0,50
Traject (m-mv) 0,00 - 0,30 0,30 - 0,50 0,00 - 0,30
Grondsoort Zand Zand Zand
Gat 102 Gat 103 Gat 104
0,50 0,50
0,00 - 0,30 0,00 - 0,30
Zand Zand
Gat 105
0,50
0,00 - 0,30
Zand
Waargenomen bijzonderheden sporen stenen, 30x30 30x30, Ff 100% 16,15 kg matig steenhoudend, sporen kolengruis, zwak glashoudend, 30x30x30 Ff 80% matig steenhoudend, 30x30x30 Ff 80% matig steenhoudend, zwak glashoudend, sporen kolengruis, 30x30x30 Ff 80% matig steenhoudend, 30x30x30 Ff 80
Laboratoriumonderzoek De grondmonsters zijn zo spoedig mogelijk na monsterneming aangeboden aan een door de Raad van Accreditatie erkend milieulaboratorium. Vooraf heeft door Mitec Advies B.V. conservering van de monsters plaatsgevonden. Het laboratorium is verzocht de grond(meng)monsters te analyseren volgens Tabel 2. De analysecertificaten zijn opgenomen in Bijlage 5. Tabel 2. Mengmonsters grond Analysemonster Ff01 Ff02
Mitec Advies B.V.
Deelmonsters Gat 101 (0,30 - 0,50) Gat 102 (0,00 - 0,30) Gat 103 (0,00 - 0,30) Gat 104 (0,00 - 0,30) Gat 105 (0,00 - 0,30)
Analysepakket Grond Kwantitatief (10-12.5 kg) Grond Kwantitatief (10-12.5 kg)
5
Motivatie Onverdacht ondergrond Horizontale afperking
20MIT233.20
3
RESULTATEN
3.1
Toetsingskader Voor asbest in grond geldt een gewogen interventiewaarde van 100 mg/kg ds, zoals opgenomen in bijlage 3 van de ‘Circulaire Bodemsanering per 1 juli 2013’. Gewogen betekent dat de toetswaarde op de volgende manier wordt berekend: toetswaarde = gehalte serpentijn (chrysotiel) + 10 x gehalte amfibool (crocidoliet, amosiet, etc) Voor een bodemverontreiniging met asbest is het volumecriterium voor het vaststellen van de ernst van het geval niet van toepassing. Wanneer de interventiewaarde voor asbest in de bodem wordt overschreden, dient conform de Wet bodembescherming een uitspraak te worden gedaan over de risico’s van de verontreiniging bij het huidig en toekomstig gebruik. Grond met een asbestgehalte kleiner dan de interventiewaarde kan worden beschouwd als “asbestvrij”. Voor asbest in grond geldt geen achtergrondwaarde. De interventiewaarde voor asbest ligt op het niveau van verwaarloosbaar risico. Verhardingslagen waarin asbest wordt aangetroffen in een gehalte groter dan de interventiewaarde c.q. hergebruikswaarde worden beschouwd als een ‘asbestweg’ en vallen daarmee onder het Besluit asbestwegen. Het bevoegd gezag is in dat geval de Inspectie van Leefomgeving en Transport van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu. Volgens dit besluit dient een asbestweg te worden afgedekt of te worden verwijderd om het risico van blootstelling aan asbest te voorkomen.
3.2
Resultaten analyses asbest In tabel 3 zijn de voor de toetsing relevante analyseresultaten weergegeven, alsmede het gewogen totaalgehalte. De analysecertificaten en de berekening van de gewogen totaalgehalten zijn opgenomen in de bijlage. Tevens zijn de resultaten van het voorgaande verkennend asbestonderzoek opgenomen in onderstaande tabel. (meng) monster
Inspectiegat (monster m-mv)
Verzamelmonster (> 2 cm) ^
Serpentijn Amfibool asbest asbest Voorgaand verkennend bodemonderzoek (20MIT233.10) FF01/GF01 Gat 03 (0,00 - 0,30) 41,9 (h) 41,9 (h) Gat 01 (0,00 - 0,30) FF02 Gat 02 (0,00 - 0,30) Gat 04 (0,00 - 0,30) Onderhavig nader onderzoek (20MIT233.20) FF01 Gat 101 (0,30 - 0,50) FF02 Gat 102 (0,00 - 0,30) Gat 103 (0,00 - 0,30) Gat 104 (0,00 - 0,30) Gat 105 (0,00 - 0,30) -
Grond(meng)monster (< 2 cm) ^ Totaalgehalte, Gewogen* Serpentijn Amfibool (afgerond) asbest asbest 82,00 (h)
8,2 (h)
610#
11 (h)
-
11
0.49 (h)
<2
0,49
56 (h)
<2
45
Tabel 2. Resultaten verkennend asbestonderzoek in mg/kg ds (Meng)monster blanco (h) / (nh) * #
Mitec Advies B.V.
referentie op analysecertificaat niet aangetroffen niet geanalyseerd hechtgebonden asbest / niet-hechtgebonden asbest gewogen toetswaarde = serpentijn + 10 x amfibool het gehalte overschrijdt de interventiewaarde (100 mg/kg ds)
6
20MIT233.20
5
CONCLUSIES EN ADVIES Op de locatie heeft een nader asbest in grondonderzoek plaatsgevonden. De aanleiding voor het nader bodemonderzoek zijn de verkregen resultaten van het eerder op de locatie uitgevoerde verkennend asbest onderzoek door Mitec Advies B.V. (rapportnr. 20MIT233.10, d.d. 6-8-2020). Ter plaatse van inspectiegat 03 is een verontreiniging met asbest aangetoond in een gehalte dat de interventiewaarde overschrijd. Ter plaatse van dit inspectiegat is asbestverdacht plaat materiaal op het maaiveld aangetroffen en in de geroerde bovengrond. Middels onderhavig onderzoek is de verontreiniging zowel horizontaal als verticaal in kaart gebracht. In de ongeroerde ondergrond (ter plaatse van inspectiegat 03) is een zeer gering gehalte asbest aangetoond in de fijne fractie (< 2 cm). Het totaalgehalte asbest bedraagt 0,49 mg/kg ds. In de inspectiegaten rond inspectiegat 03 is een asbest gehalte aangetoond van 45 mg/kg ds. Hiermee wordt de interventiewaarde (100 mg/kg ds) niet overschreden. Het aangetoonde asbest betreft hecht gebonden asbest. Verontreinigingssituatie Ter plaatse van inspectiegat 03 is een verontreiniging met asbest aangetoond in een gehalte (600 mg/kg ds) dat de interventiewaarde ruim overschrijd. De verontreiniging ter plaatse van inspectiegat 03 is aangetoond in zowel de grove (> 2cm) als in de fijne fractie (< 2cm).
Uit de resultaten van het nader onderzoek blijkt dat in de zone rond inspectiegat 03 eveneens sprake is van een verontreiniging met asbest in de fijne fractie (<2cm) echter wordt de interventiewaarde niet overschreden. De hoogste gehalten worden aangetoond op de locatie waar ook asbestverdacht materiaal is aangetroffen op het maaiveld. Tevens blijkt uit onderhavig onderzoek dat de ongeroerde ondergrond (vanaf 0,3 m-mv) nagenoeg geen asbest bevat. Hieruit kan geconcludeerd worden dat de sterk met asbest verontreinigde grond ter plaatse van inspectiegat 03 een kleine spot betreft met een zeer beperkte omvang. Aanbevelingen Daar er geen andere bron voor de asbestverontreiniging aanwezig is en er geen puin en dergelijke aanwezig is in de bodem is de verontreiniging mogelijk ontstaan is als gevolg van de brand en de daaropvolgende sloopwerkzaamheden. Nieuwe gevallen van bodemverontreiniging met asbest, die zijn ontstaan vanaf 1993, moeten voor zover redelijkerwijs mogelijk is, verwijderd worden. In ieder geval dient de sterk verontreinigde spot te worden ontgraven en afgevoerd naar een erkende verwerker. Formeel is er sprake van een geval van ernstige verontreiniging met asbest in de bodem omdat de interventiewaarde wordt overschreden.
Gezien de zeer geringe omvang van de verontreiniging wordt aanbevolen om in overleg met het bevoegd gezag (de gemeente) een eenvoudig plan van aanpak op te stellen. In het plan van aanpak dienen de sanerende werkzaamheden en de randvoorwaarden te worden beschreven. Aanbevolen wordt om tevens een ruime zone rond de te saneren spot en langs de schuur te ontgraven en eveneens af te voeren naar de verwerker. Zo kunnen de actuele risico’s op een doeltreffende manier worden weggenomen. Voor het overige terrein en de ondergrond geldt dat met het verkennend asbestonderzoek slechts een zeer gering totaalgehalte asbest is aangetoond. De gehalten bedragen respectievelijk 11 en 0,49 mg/kg ds. Over het algemeen wordt grond met een asbestgehalte kleiner dan 100 mg/kg ds. als ‘asbest vrij’ beschouwd. Aanbevolen wordt om de genoemde werkzaamheden uit te voeren onder milieukundige begeleiding.
Mitec Advies B.V.
7
20MIT233.20
BIJLAGE 1 Kadastrale situatie