232527Programmabegroting 2022 vrz
Tekst van het document
Programmabegroting 2022
Datum: 26 februari 2020
1
Voorwoord Op het moment van schrijven van dit voorwoord (begin maart 2021) is de Tijdelijke Wet Maatregelen Covid-19 (TWM Covid-19) nog steeds van kracht en is het vaccinatieprogramma gestart. De verwachting is, dat in de loop van 2021 het sociale en culturele leven weer opgepakt kan worden en we naar een herstelfase kunnen gaan. Echter, veel is nog onzeker. Zolang de TWM Covid-19 van kracht is blijft Veiligheidsregio Zeeland, samen met de GGD, de gemeenten en netwerkpartners bezig om de effecten van de Covid-19 te beperken. Dat deze crisis veel van onze mensen en de inwoners van Zeeland gevraagd heeft is gebleken. De crisis COVID-19 heeft effect op de verdere ontwikkeling van de Veiligheidsregio en de realisatie van de begroting 2021. De kosten voor de crisisbeheersing blijven beperkt. Wel heeft 2020 geleerd dat uitgaven voor crisisbeheersing en de brandweer door minder oefeningen en uitstel van opleidingen een onderbesteding kenden. De intentie is om de komende jaren een inhaalslag te doen om de sterkte en de kwaliteit op peil te houden, met name van onze brandweermensen. Daarom is bij de jaarrekening 2020 het voorstel gedaan om een bestemmingsreserve in te stellen. Uit evaluaties zal blijken welke aanbevelingen en maatregelen komen voor het verbeteren van de crisisbeheersing, zowel regionaal en landelijk.
Een eerste aanzet is gedaan in de evaluatie Wet Veiligheidsregio’s, andere evaluaties volgen nog. Daarmee is de impact daarvan op de begroting 2022 onbekend. Het bestuur van VRZ heeft opdracht gegeven om in 2021 te starten met een eerste evaluatie. In het algemeen bestuur van juli 2021 zal het algemeen bestuur gelijktijdig met deze begroting het meerjarenbeleidsplan 2022-2025 behandelen. Het meerjarenbeleidsplan (MJBP) kent vier speerpunten, namelijk Voorbereide crisisorganisatie, Toekomstige brandweerzorg, Werken in netwerken en Mens en organisatie. Een eerste consultatie bij gemeenteraden en netwerkpartners loopt. Na behandeling van het MJBP in het algemeen bestuur zal het MJBP voor zienswijze langs de gemeenteraden gaan, waarna het algemeen bestuur in het najaar 2021 het MJBP zal vaststellen. Veiligheidsregio Zeeland kijkt ernaar uit om in 2022 de samenwerking met de netwerkpartners aan de slag te gaan de beleidsambities uit het nieuw MJBP.De beleidsambities uit het nieuwe MJBP met vaststelling in het najaar 2021, leiden mogelijk nog tot een begrotingswijziging op de voorliggende begroting 2022, welke in juli aan het bestuur ter vaststelling wordt aangeboden. In een raadsinformatiebrief worden de gemeenten geïnformeerd over de meest recente ontwikkelingen van de brandweerzorg.
De aanzienlijke opgave om de brandweer, met zoveel mogelijk vrijwilligheid, in stand te houden vraagt om een programmatische aanpak. Financiële middelen hiervoor zijn in de begroting 2022 opgenomen. Begin 2021 is een onderzoek gestart naar de mogelijkheid voor een eventuele samenwerking tussen GGD, RUD en VRZ. Bij alle drie de organisaties zijn medewerkers, onder leiding van een extern bureau, gestart met het verkennen van de mogelijkheden tot samenwerking De uitkomsten van dit onderzoek worden in het 2e halfjaar van 2021 verwacht. De begroting sluit met een structurele taakstelling 2020 van € 90.674 voor VRZ en met een structureel begrotingstekort 2021 van € 311.003, dat is ontstaan door exogene loonontwikkelingen in de CAO 2019-2020 die niet gecompenseerd zijn in de VZG-richtlijn. Dit tekort wordt in 2022 incidenteel gedekt uit de algemene reserve. Deze dekking is mogelijk door de opnieuw te verwachten onderuitputting in 2021 als gevolg van Corona. Uitgangspunt voor VRZ is dat de werkelijke loon- en prijsstijgingen worden gecompenseerd om uitholling van de taakuitvoering te voorkomen Vanaf 2023 wordt daarom een structurele verhoging van de gemeentelijke bijdrage voorzien.
Edith van der Reijden Commandant Brandweer en Directeur Veiligheidsregio Zeeland 2
Inhoud
Voorwoord ................................................................................................................................................................................. 2 Inhoud ........................................................................................................................................................................................ 3 Inleiding ...................................................................................................................................................................................... 4 Hoofdstuk 1: Beleidsbegroting ................................................................................................................................................... 5 Deel 1.1: Het programmaplan ........................................................................................................................................... 6 1.1.1 Programma Bevolkingszorg ...................................................................................................................................... 6 1.1.2 Programma Meldkamer Zeeland-Brabant ..............................................................................................................
10 1.1.3 Programma Risicobeheersing ................................................................................................................................. 13 1.1.4 Programma Brandweer .......................................................................................................................................... 22 1.1.5 Programma Crisisbeheersing .................................................................................................................................. 33 1.1.6 Overhead en kostentoerekening ............................................................................................................................ 41 1.1.7 Algemene dekkingsmiddelen.................................................................................................................................. 42 1.1.8 Onvoorzien ............................................................................................................................................................. 46 Deel 1.2: De paragrafen ................................................................................................................................................... 47 1.2.1 Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen ................................................................................................................
47 1.2.2 Paragraaf Bedrijfsvoering ....................................................................................................................................... 51 1.2.3 Paragraaf Financiering ............................................................................................................................................ 54 1.2.4 Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing ............................................................................................ 57 1.2.5 Paragraaf Verbonden partijen ................................................................................................................................ 62 1.2.6 Paragraaf Taakstelling............................................................................................................................................. 63 Hoofdstuk 2: Financiële begroting en meerjarenraming .......................................................................................................... 64 Deel 2.1: Uitgangspunten voor de begroting .................................................................................................................. 65 Deel 2.2: Overzicht van baten en lasten en de toelichting ..............................................................................................
68 2.2.1 Totaaloverzicht per programma, inclusief meerjarenraming ................................................................................. 68 2.2.2 Specificatie per programma naar economische categorie, inclusief meerjarenraming ......................................... 68 2.2.3 Totaaloverzicht op economische categorie, inclusief meerjarenraming ................................................................ 68 2.2.4 Overzicht met vergelijkende cijfers uit de concept-jaarrekening 2020 en de begroting 2021 ............................... 71 2.2.5 Incidentele lasten per programma ......................................................................................................................... 74 Deel 2.3: Uiteenzetting financiële positie ........................................................................................................................ 76 2.3.1 Geprognosticeerde begin- en eindbalans 2021 t/m 2025 ...................................................................................... 76 2.3.2 Geprognosticeerde EMU-saldo............................................................................................................................... 79 2.3.3 Verwachte stand en verloop van de reserves 2021 t/m 2025 ................................................................................
80 2.3.4 Investeringsplan 2021 t/m 2025 ............................................................................................................................. 82 Deel 2.4: Overzicht van baten en lasten per taakveld ..................................................................................................... 83
3
Inleiding De begroting 2022 is opgesteld vooruitlopend op de samenstelling van het nieuwe beleidsplan. De nu voorgestelde maatregelen zijn gebaseerd op én passend binnen het beleid uit de periode 2016-2019. Het meerjarenbeleidsplan uit die periode is met 2 jaar verlengd. Gezien de ontwikkelingen die op VRZ afkomen wordt de koers zorgvuldig en met voldoende draagvlak bepaald. De begroting 2022 voldoet aan het Besluit Begroting en Verantwoording gemeenten (BBV). De begroting bestaat uit: Hoofdstuk 1: de beleidsbegroting; Hoofdstuk 2: de financiële begroting en meerjarenraming. Het hoofdstuk beleidsbegroting bestaat vervolgens uit: Deel 1.1: het programmaplan; Deel 1.2: de paragrafen. Het hoofdstuk financiële begroting en meerjarenraming bestaat vervolgens uit: Deel 2.1: de uitgangspunten voor de begroting; Deel 2.2: het overzicht van baten en lasten en de toelichting; Deel 2.3: de uiteenzetting van de financiële positie en de toelichting; Deel 2.4: het overzicht van de geraamde baten en lasten per taakveld. Voor de programmabegroting 2022 is de volgende (programma)structuur gehanteerd: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8.
Programma Bevolkingszorg; Programma Meldkamer Zeeland-Brabant; Programma Risicobeheersing; Programma Brandweer (incl. maritieme veiligheid/MIRG) Programma Crisisbeheersing (incl. GHOR en nucleaire veiligheid) Overhead en kostentoerekening; Algemene dekkingsmiddelen; Onvoorzien;
Binnen deze programma’s komen de drie W- vragen aan de orde, namelijk “Wat willen we bereiken?”, “Wat gaan we daarvoor doen?” en “Wat gaat het kosten”. Elk programma kent een programmaplan waarin de wettelijke en, indien relevant, de niet-wettelijke taken zijn opgenomen en het ambitieniveau dat wordt nagestreefd. VRZ voert hoofdzakelijk wettelijke taken uit. VRZ is niet geheel vrij om te bepalen hoe de wettelijke taken worden uitgevoerd. De inspectie Justitie & Veiligheid houdt toezicht op de uitvoering van de wettelijke taken door de veiligheidsregio’s. In de programma’s wordt gewerkt met ‘doelenbomen’. Een doelenboom is een hiërarchische weergave van doelen in de vorm van een hoofddoel en subdoelen/activiteiten waarvan verondersteld wordt, dat deze een bijdrage leveren aan het hoofddoel. Een doel geeft ambities weer, iets dat je wilt bereiken. De doelen en subdoelen/activiteiten zijn zo veel mogelijk ‘SMART’ geformuleerd waarbij, zo mogelijk, gebruik is gemaakt van prestatie-indicatoren.
4
Hoofdstuk 1: Beleidsbegroting
5
Deel 1.1: Het programmaplan 1.1.1 Programma Bevolkingszorg Omschrijving en wettelijk kader Bij een ramp of crisis heeft de gemeentelijke overheid een aantal taken om schade en leed voor de burgers zoveel mogelijk te beperken. Op grond van artikel 10 Wet veiligheidsregio's heeft de veiligheidsregio de opdracht om rampenbestrijding en crisisbeheersing te organiseren. In het onderliggende Besluit veiligheidsregio's staat daarentegen dat het college van burgemeester en wethouders een team Bevolkingszorg aanwijst dat belast is met een aantal taken.
Foto van de evacuatie-oefening van het voetveer Vlissingen-Breskens
Hoofdzakelijk worden de volgende vijf taken voor bevolkingszorg benoemd vanuit art. 2.1.3. Besluit veiligheidsregio's: -
Het geven van voorlichting aan de bevolking; Het voorzien in opvang en verzorging van de bevolking; Het verzorgen van nazorg voor de bevolking; Het registreren van slachtoffers; Het registreren van schadegevallen; Advisering regionaal operationeel team
Daarnaast ligt vanuit Bevolkingszorg de focus de komende jaren op de verdere implementatie van het plan Bevolkingszorg op orde 2.0 en het blijven van een robuuste partner die bijdraagt aan de continuïteit van de crisisorganisatie. Bevolkingszorg op orde 2.0 geeft invulling aan een meer realistische zorg voor de bevolking tijdens en na een ramp of crisis waarbij wordt uitgegaan van zelfredzaamheid van een groot deel van de betrokkenen. Om een kwaliteitsslag te kunnen maken en de daarbij behorende kosten te beperken is in 2021 de regionale organisatie Bevolkingszorg nog efficienter georganiseerd. 6
Wat willen we bereiken ?
Zorgdragen voor een optimale en passende zorg aan de bevolking bij rampen
De acute bevolkingszorg is op orde
Een snelle en goede herstelzorg
Een adequate crisiscommunicatie
Investeren in vakbekwaamheid functionarissen Bevolkingszorg
Voorzien in contactbehoefte bevolking met hulpinstanties
Tijdig communiceren van feitelijke informatie
Kunnen voorzien in opvang en verzorging
Zorgen voor een plan van aanpak voor de herstelfase
Ondersteunen burgemeester in de rollen van boegbeeld en burgervader
Informeren verwanten SIS
Adviseren van het Regionaal Operationeel Team
Evacuatie
Bevolkingszorg maakt onderdeel uit van de crisisorganisatie. In het beleidsplan 2022-25 is één van de speerpunten een voorbereide crisisorganisatie. Bevolkingszorg was deze weg al ingeslagen en gaat voor 2022 specifiek aandacht besteden aan vergroten van de vakbekwaamheid bevolkingszorgfunctionarissen. mede gezien in licht van de tweede evaluatie van de wet op de veiligheidsregio's.
Wat gaan we daarvoor doen ? De acute bevolkingszorg is op orde De acute bevolkingszorg is de zorg die in geval van een crisis direct door professionele hulpverleners gegeven kan worden. Dit is op orde als de taken worden uitgevoerd door de vakbekwame hulpverleners die bestaan uit het voorzien van opvang en verzorging, het registreren van slachtoffers, het registreren van schademeldingen en het adviseren van het regionaal operationeel team (ROT).
7
Om ervoor te zorgen dat deze hulpverleners hun taak zo goed mogelijk kunnen verrichten is blijft het werken aan een goede voorbereiding ook in 2022 nodig. De operationele voorbereiding (preparatie) betreft voorbereidende werkzaamheden die ervoor zorgen dat Bevolkingszorg bij een inzet tijdig en adequaat kan optreden. Daarnaast omvat de operationele voorbereiding ook de planvorming w.o. de procesplannen, handboeken van Bevolkingszorg. Deze operationele voorbereidingen moeten ook actueel worden gehouden. Evenals het up-to-data houden van AG5. Rekening wordt gehouden met de tweede evaluatie van de Wet veiligheidsregio’s waarin nadrukkelijk aandacht wordt gevraagd voor de beschrijving van bevolkingszorg in relatie tot de gemeentelijke crisisbeheersing. Investeren in vakbekwaamheid Bevolkingszorg functionarissen Naast het feit dat alle materiële operationele voorbereidingen moeten zijn getroffen is het noodzakelijk dat de functionarissen ook de kennis en kunde hebben om te weten wat zij moeten doen ingeval van een crisis. Dit heet de vakbekwaamheid van de Bevolkingszorg functionarissen. In 2022 wordt uitvoering gegeven aan het jaarplan vakbekwaamheid bevolkingszorg 2022. Hierin is o.a. ingezet op kwalitatief beleid met betrekking tot vakbekwaamheid in de vorm van o.a. het toetsen.
Het voorzien in opvang en verzorging Voor de betrokkenen bij een incident die behoefte hebben aan hulp tot het krijgen van opvang en verzorging wordt binnen drie uur na de aanvang van het incident voor voldoende opvanglocaties gezorgd. Afhankelijk van de situatie en het aantal op te vangen betrokkenen kunnen er diverse opvanglocaties worden aangesproken. Voor de mensen die voor langere tijd niet kunnen terugkeren naar huis of die ook voor langere tijd geen gebruik kunnen maken van opvang bij familie of vrienden zal binnen 48 uur tijdelijke huisvesting worden gezocht. Het registreren van slachtoffers en schadegevallen Het doel van het registreren van slachtoffers en schadegevallen is om ervoor te zorgen dat verwanten zo snel mogelijk informatie krijgen over hun naaste. Hiervoor is de Slachtofferinformatiesystematiek (SIS) ontwikkeld. Daarnaast kan deze informatie ook van belang zijn voor de nazorg aan de betrokkenen, onderzoek door de politie naar de toedracht van het incident, de wederopbouw van het rampgebied etc. Advisering van het Regionaal Operationeel Team Door tussenkomst van de Algemeen Commandant Bevolkingszorg kan de sectie Bevolkingszorg het ROT adviseren over de wijze waarop te nemen maatregelen kunnen worden uitgevoerd. Denk daarbij aan de keuze voor een opvanglocatie of met betrekking tot specifieke informatie over het bron- of effectgebied.
Een snelle en goede herstelzorg Herstelzorg is de verzamelnaam voor alle activiteiten die nodig zijn om een terugkeer naar de normale situatie te realiseren. Het doel van herstelzorg is dan ook om de omstandigheden terug te brengen tot een acceptabele situatie in de zin van dat het voor betrokkenen mogelijk is om zonder aanvullende zorg de dagelijkse gang van zaken weer op te pakken. Voorzien in contactbehoefte bevolking met hulpinstanties Betrokkenen kunnen na een crisis behoefte hebben aan uiteenlopende vormen van professionele hulpverlening. Bevolkingszorg vervult een faciliterende rol door betrokkenen door te verwijzen naar de juiste hulpverlenende instanties.
8
Zorgen voor een plan van aanpak herstelfase Hoe het proces 'herstelzorg' precies invulling krijgt, is afhankelijk van de aard en omvang van de crisis. Daarom wordt bij iedere crisis wordt een aparte plan van aanpak herstelfase gemaakt.
Een adequate crisiscommunicatie Betrokkenen hebben tijdens een ramp of crisis feitelijke informatie nodig zodat zij zelf in actie kunnen komen. Vanwege de opkomende sociale media is het van belang dat de overheid zo snel mogelijk de juiste informatie beschikbaar stelt. Daarom wordt ernaar gestreefd om binnen 30 minuten na aanvang van het incident informatie beschikbaar te stellen. Daarnaast is het van belang dat de verstrekte informatie ook regelmatig wordt bijgewerkt.
Wat gaat het kosten: programmabudget ? Begroting: 2022
Begroting: 2023
Begroting: 2024
Begroting: 2025
286.400 31.500 103.400 37.100 458.400
290.000 31.500 103.400 37.100 462.000
292.600 31.500 103.400 37.100 464.600
294.200 31.500 103.400 37.100 466.200
-167.000 -167.000 291.400 291.400 0 291.400
-167.000 -167.000 295.000 295.000 0 295.000
-167.000 -167.000 297.600 297.600 0 297.600
-167.000 -167.000 299.200 299.200 0 299.200
STR Lasten 110Salarissen en sociale lasten 351Ingeleend personeel 380Overige goederen en diensten 436Inkomensoverdrachten - overige overheden Totaal Lasten Baten 432Inkomensoverdrachten - gemeenten Totaal Baten Totaal STR Totaal Saldo van baten en lasten Totaal Mutaties reserves Eindtotaal INC= Incidenteel; STR= Structureel
Toelichting Bijdrage aan Veiligheidsregio Zeeland 2021 2022 Verschil Gemeente Bevolkingszorg Bevolkingszorg Bevolkingszorg Borsele Goes Hulst Kapelle Middelburg Noord-Beveland Reimerswaal Schouwen-Duiveland Sluis Terneuzen Tholen Veere Vlissingen
9.810 15.972 11.954 5.364 20.664 3.254 9.389 14.774 10.335 23.681 11.049 9.500 19.252
9.929 16.166 12.099 5.429 20.915 3.294 9.503 14.953 10.460 23.968 11.183 9.615 19.485
119 194 145 65 251 40 114 179 125 287 134 115 233
Totaal
165.000
167.000
2.000
9
1.1.2 Programma Meldkamer Zeeland - West-Brabant Omschrijving en wettelijk kader In 2010 is bij de vorming van kabinet Rutte bepaald dat er in Nederland één meldkamerorganisatie komt met maximaal tien locaties. De meldkamerorganisatie valt onder de minister van J&V en is verantwoordelijk voor het instellen en in stand houden van de meldkamer. Het beheer van de meldkamers is belegd bij de Nationale Politie (Politiewet). De politie stelt de fysieke ruimte beschikbaar op de meldkamers en draagt er zorg voor dat de (gemeenschappelijke) ICTvoorzieningen op de meldkamers ook bruikbaar zijn voor de uitvoering van de meldkamerfunctie van brandweer, ambulance, Veiligheidsregio, Koninklijke marechaussee en de Politie zelf. De meldkamerfunctie bestaat uit: • het ontvangen, registreren en beoordelen van meldingen waarbij wordt gevraagd om acute inzet van brandweer, politie en ambulancezorg; • het bieden van een adequaat hulpaanbod en het begeleiden en coördineren van de hulpdiensten; • zorgdragen voor de multidisciplinaire alarmering, opschaling en informatievoorziening ten behoeve van de rampenbestrijding en crisisbeheersing. De verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de meldkamerfunctie voor de brandweertaak, de rampenbestrijding, de crisisbeheersing en geneeskundige hulpverlening ligt bij het bestuur van de Veiligheidsregio’s (is benoemd in de Wvr).
De Veiligheidsregio’s Zeeland en Midden- en WestBrabant maken vanaf 9 juni 2020 hiervoor gezamenlijk gebruik van één bovenregionale meldkamer te Bergen op Zoom. De term Operationeel Centrum Veiligheidsregio/Brandweer (OC VR/Brw) wordt voor deze meldkamer gebruikt. De besturen van VRMWB en VRZ hebben een convenant afgesloten voor het beheer.
Schets van de meldkamer in Bergen op Zoom
De Veiligheidsregio’s voorzien tevens in de functie van de calamiteitencoördinator (CaCo) ten behoeve van de rampenbestrijding en crisisbeheersing. Vanaf juni 2020 beschikt de meldkamer 24/7 over een CaCo. De CaCo neemt bij grootschalige alarmering de eenhoofdige leiding van de meldkamer op zich en de informatiedeling met de crisisorganisatie op basis van het meldkamerbeeld. 10
Wat wil het OC VR/BRW bereiken? Het door het OC VR/Brw bieden van een snelle en effectieve hulpverlening aan de burger, waarbij deze zoveel mogelijk in het eerste contact geholpen wordt, en het snel en effectief begeleiden en coördineren van de hulpdiensten in Zeeland en Midden-West-Brabant. De doelstelling van één meldkamerorganisatie is ook dat de Meldkamers elkaars werk kunnen overnemen, zodat zij elk incident in heel Nederland kunnen afhandelen, onafhankelijk van waar het zich voordoet. Dit is ook van belang voor grote incidenten waarin (snel) opgeschaald moet kunnen worden. Landelijke standaarden zijn daardoor een belangrijk uitgangspunt. Dit zonder de feitelijke verschillen in risicogebieden en beschikbare middelen uit het oog te verliezen. Een te grote verscheidenheid in uitrukvoorstellen dient daarentegen te worden voorkomen.
Wat gaat het OC VR/BRW doen ? Optimaliseren en doorontwikkelen processen OC VR/Brw De meldkamerfunctie-brandweer is een volwaardig onderdeel van het brandweerproces. Het proces van incidentbestrijding start (en stopt) bij de meldkamer en maakt de meldkamerfunctie en brandweer onlosmakelijk met elkaar verbonden. Het bepalen van aanbod op de hulpvraag en het brandweerproces blijft verantwoordelijkheid van de brandweer. Vanuit het brandweerproces wordt de meldkamer voorzien van alle relevante informatie, zodat zij op hun beurt de operationeel leidinggevende optimaal kunnen ondersteunen. De meldkamer vormt zo een operationeel centrum voor de alarmering, opschaling en ondersteuning van de brandweer. Dit geldt voor zowel de bronbestrijding (vanaf bevelvoerder) als voor de bestrijding van de effecten in het achterliggende gebied. Daarbij heeft de meldkamer een signalerende functie om op te schalen naar bijvoorbeeld een sectie brandweerzorg die regisserende en ondersteunende taken kan overnemen. Met de komst van de Meldkamer in Bergen op Zoom doet zich de kans voor om de rol van de meldkamer nog sterker onderdeel te laten zijn van het brandweer- en crisisbeheersingsproces, met als doel om de effectiviteit van de hulpverlening aan de burger verder te vergroten.
Naast de brandweerprocessen heeft de meldkamer VR/Brw tevens als taken: • De alarmering en ondersteuning van de multidisciplinaire opschaling • De alarmering van ketenpartners t.b.v. de multidisciplinaire opschaling • De alarmering en ondersteuning van de bevolkingszorg processen De meldkamer-functie brandweer ontwikkelt zich hiermee tot een Operationeel Centrum Veiligheidsregio / Brandweer. De burger krijgt na een melding adequate en risico-gerelateerde hulp. Er wordt onderscheid gemaakt tussen het proces van aanname en uitgifte ten behoeve van een snelle alarmering, de basisalarmering (standaard meldingsclassificaties) en het proces van opschalen ten behoeve van maatwerk en effectiviteit, de vraag-gestuurde opschaling. De meldkamer variëert dus van enkelvoudige monodisciplinaire alarmering tot complexe alarmering met een multidisciplinair karakter. Hierbij gaat het om de juiste slagkracht en ondersteuning in te zetten om het incident te bestrijden. Ook ten aanzien van het dooralarmeren (onvoldoende personele opkomst) en organisatorische opschaling (sectie brandweerzorg) heeft het OC VR/Brw een rol en is daartoe bevoegd om de uitruk en dekking in brandweerzorg te waarborgen.
In geval van verwachte langdurige piekbelasting (voorzien of onvoorzien), kan het OC VR/Brw besluiten om (met tussenkomst van Algemeen Commandant Brandweerzorg) naar een sectie op te schalen voor bijvoorbeeld decentrale uitgifte. 11
Het OC VR/Brw vervult hiermee een signaleringsfunctie wanneer opkomst en dekking in onvoldoende mate lijken te zijn gewaarborgd. Implementatie Alarmering Grootschalig Brandweeroptreden De brandweren van Zeeland en Midden- en West-Brabant hebben in het afgelopen jaar voorbereidingen getroffen voor de implementatie van het Grootschalig Brandweeroptreden (GBO). Dit volgens de nieuwe landelijke visie GBO 2.0. De operationele prestatie van een peloton is binnen het vernieuwde GBO leidend. Het OC VR/Brw heeft een grote rol in de alarmering van eenheden en functionarissen bij het grootschalig optreden. Dit jaar zal het vernieuwde grootschalig optreden in het meldkamersysteem worden geïmplementeerd. Dit betreft de samenstelling van zowel de basisals specialistische pelotons, alsook de inrichting van de leiding en coördinatie. Bij de implementatie wordt er zoveel als mogelijk eenduidigheid nagestreefd tussen de twee brandweerregio’s.
Wat gaat het kosten: programmabudget (= aandeel VRZ in OC VR/BRW) ? Begroting: 2022
Begroting: 2023
Begroting: 2024
Begroting: 2025
648.000 648.000 648.000
648.000 648.000 648.000
648.000 648.000 648.000
648.000 648.000 648.000
88.200 88.200 88.200 736.200
77.650 77.650 77.650 725.650
67.100 67.100 67.100 715.100
33.550 33.550 33.550 681.550
-88.200 -88.200 -88.200 -88.200 648.000
-77.650 -77.650 -77.650 -77.650 648.000
-67.100 -67.100 -67.100 -67.100 648.000
-33.550 -33.550 -33.550 -33.550 648.000
STR Lasten 433Inkomensoverdrachten - gemeenschappelijke regelingen Totaal Lasten Totaal STR INC Lasten 433Inkomensoverdrachten - gemeenschappelijke regelingen Totaal Lasten Totaal INC Totaal Saldo van baten en lasten Mutaties reserves INC Baten 710Mutaties reserves Totaal Baten Totaal INC Totaal Mutaties reserves Eindtotaal INC= Incidenteel; STR= Structureel
Toelichting VRMWB voert de administratie van de OC VR/Brw. Ook het personeel is in dienst van VRMWB. De verdeling van de kosten van de brandweermeldkamer (inclusief CaCo-functie) vindt plaats op basis van inwoneraantallen van beide Veiligheidsregio’s (74% VRMWB - 26% VRZ).1 De structurele kosten voor VRZ zijn voorlopig geraamd op € 648.000 (= 26%). Het structurele kostenniveau van het OC VR/Brw is daarmee geraamd op ca. € 2.492.000 (= 100%). Eind 2020 was er nog sprake van een hogere bezetting dan de afgesproken formatie. De bezetting zal worden afgebouwd. Ook is er sprake van tijdelijke reiskosten woon-werkverkeer in de periode 2020-2025 (5 jaar). De komende jaren kan hierdoor nog sprake zijn van hogere kosten. In de loop van 2021 zal een nieuwe (meerjaren)begroting opgesteld worden. Tijdelijke, extra kosten worden opgevangen met de reserve meldkamer.
1 Zie Convenant uitvoering meldkamerfunctie Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant en Veiligheidsregio Zeeland
12
1.1.3 Programma Risicobeheersing Omschrijving en wettelijk kader Zeeland is een regio die als kwetsbaar en risicodragend tegelijkertijd kan worden gekenmerkt. De kwetsbaarheid wordt duidelijk door de ligging in de Schelde-delta, waar de regio wordt omringd door niet alleen water, maar ook door een omvangrijke hoeveelheid risicobronnen in de omringende regio’s en over de grens in België. Risicodragend door de aanwezige havengebieden, de (zware) industrie, de kerncentrale en het transport van gevaarlijke stoffen dat hieraan is verbonden.
Foto van DOW Chemical (BRZO) vanuit Vlissingen
De nadruk in dit programma ligt niet op bestrijding, maar op het voorkomen en beheersbaar maken van branden en incidenten (onder andere art. 3 en 25 Wvr). Daarbij wordt tevens gewezen op de eigen verantwoordelijkheid van burgers en bedrijven. Zeelandveilig.nl is hierbij hét platform voor inwoners waar veiligheidsinformatie is gebundeld, snel is terug te vinden en eenvoudig te gebruiken.
13
Wat willen we bereiken ?
Het scheppen en instandhouden van een (brand)veilige leefomgeving in Zeeland
Risicobeheersing, waaronder het voorkomen en beperken van brand Uitvoering Regionaal Risicoprofiel en ontwikkeling grensoverschrijdend risicoprofiel Controles op (brand)veiligheid o.b.v. risico's Advisering over brandveiligheid, brandveilig gebruik, ontbranding van vuurwerk en evenementenveiligheid
Adequate risicocommunicatie en een veerkrachtige samenleving
De Zeeuwse bevolking is zich meer bewust van de grootste risico's en weet wat te doen, o.a. via Zeeland Veilig en Brandveilig Leven. Zeelandveilig.nl is actueel, volledig en bekend
Thematische werkzaamheden: Geen Nood Bij Brand en STOOM Advisering op omgevingsveiligheid en fysieke leefomgeving Inspecties en advisering industriële veiligheid
Bevordering en borging van kennisontwikkeling
14
Wat gaat VRZ doen? Risicobeheersing, waaronder het voorkomen en beperken van brand In het meerjarenbeleidsplan 2022-2025 wordt een start gemaakt met een visie op de Brandweerzorg naar de toekomst. Risicobeheersing zal hiervoor vanaf 2022 meer betrokken worden bij de kwaliteit van brandweerzorg voor de inwoners. Zo zal er meer moeten worden gewerkt vanuit de voorkant van de veiligheidsketen, te weten: pro-actie, preventie en preparatie. Dit om de brandweer (incidentbestrijding) op een effectievere en meer doelmatige wijze in staat te stellen om het dan bestaande restrisico af te dekken. Risicobeheersing zal in dit verband in beleidsmatige zin ook nog meer samenwerken met gemeenten, provincie en andere veligheidspartners, bedrijven en maatschappelijke organisaties, de media en de inwoners van Zeeland. Informatie gestuurd werken zal een belangrijke rol gaan spelen, maar ook het participeren van de samenleving is essentieel om te komen tot een hernieuwde kijk op brandweerzorg. De resultaten uit het meerjarenbeleidsplan zijn van invloed op de werkzaamheden van risicobeheersing in 2022 en de onderstaande weergeven taken en werkzaamheden moeten dan ook in dit perspectief worden gezien.
Uitvoering Regionaal risicoprofiel en ontwikkeling grensoverschrijdend risicoprofiel Het regionaal risicoprofiel en het brandrisicoprofiel geven een geactualiseerd overzicht en analyse van de voornaamste aanwezige risico’s in de regio die de samenleving ernstig kunnen ontwrichten. Deze risico’s zijn geanalyseerd naar waarschijnlijkheid dat ze zich voor kunnen doen en de impact die ze kunnen hebben op de samenleving. Op basis hiervan kunnen adequate maatregelen worden getroffen om de risico’s te voorkomen, beperken of te beheersen, afgewogen tegen de beschikbare middelen en tegen ons eigen ambitieniveau. Het regionaal risicoprofiel 2020-2023 is in 2019 vastgesteld. Het geactualiseerde risicoprofiel dient als basis voor het ontwikkelen van een dashboard voor Zeelandveilig.nl met informatie voor inwoners over risicobeperking. Daarnaast wordt voortdurend bijzondere aandacht besteed aan de belangrijkste risico’s uit het profiel en nieuwe onderwerpen waar risico’s uit voortvloeien. Hierbij valt te denken aan de energietransitie en de klimaatadaptatie. De grensoverschrijdende risico’s vanuit België, waar wij in Zeeland mee te maken hebben (en vice versa), zijn nog niet volledig geïnventariseerd en geanalyseerd. Ze zijn daarmee ook niet in het regionaal risicoprofiel beschreven.
Van het bestuur hebben wij in 2019 de bestuurlijke opdracht gehad om binnen 2 jaar de grensoverschrijdende risico’s opgenomen te hebben in het regionaal risicoprofiel. Het doel is gezamenlijk met België te komen tot een volledig en kwalitatief goed inzicht in de aanwezige risico’s binnen het gebied waarin het Veiligheidsoverleg Westerscheldedelta actief is. Met als uiteindelijk doel bewustwording creëren bij de betrokken partijen over de risico’s die aanwezig zijn in de grensgebieden en deze operationeel voorbereiden. Onderdeel van deze bewustwording betekent voor Veiligheidsregio Zeeland dat dit project moet leiden tot een aanvulling op het huidige regionaal risicoprofiel. Door de coronacrisis is dit project vertraagd. Vanaf 2021 zal dit project gezamenlijk met België verder worden uitgevoerd en zal afgerond worden in 2022. Controles op (brand)veiligheid op basis van risico’s VRZ houdt toezicht op het brandveilig gebruik van gebouwen en terreinen waaronder evenementenlocaties. Deze controles zijn uitgebreid van opzet, waarbij niet alleen wordt gecontroleerd op naleving van wet- en regelgeving ten aanzien van (brand)veiligheid, maar ook andere zaken met de gebouwverantwoordelijken worden besproken. Hierbij kan worden gedacht aan de bespreking van ontruimingsplannen, de BHV-organisatie, het periodiek houden van BHVoefeningen en ontruimingsoefeningen etc.
Het geheel van deze aspecten bepaalt immers het brandveiligheidsniveau in een bouwwerk.
15
De VRZ werkt conform de werkwijze van het risicogericht controleren. Dit betekent dat VRZ tijdens controles die punten controleert die essentieel zijn voor de brandveiligheid en waar specifieke expertise vanuit de brandweer voor noodzakelijk is. Andere controlepunten worden bij de gebruiker neergelegd, met als doel dat de gebruiker hier gaandeweg steeds meer zelf op toe gaat zien. Bij deze punten zet VRZ wel in op voorlichting. Met deze werkwijze richt VRZ zich bij controles enerzijds op die zaken waar de reële risico’s zitten, anderzijds wordt hiermee het brandveiligheidsbewustzijn bij de gebruikers vergroot.
Aantal controles brandveiligheid *)
Realisatie 2020 712
Streefwaarde 2022 750
Streefwaarde 2023 750
Streefwaarde 2024 750
Streefwaarde 2025 750
*) Totaal aantal controles n.a.v. 1) meerjarenplanning, 2) verzoeken gemeenten, 3) evenementen, 4) vuurwerkopslag
Risicocontroles op (brand)veiligheid Het aantal controles dat per jaar staat gepland, wordt mede bepaald door het aantal adviesaanvragen op bouwplannen en gebruiksmeldingen, zie hieronder. Aan het uitvoeren van controles zijn geen wettelijke termijnen verbonden. De controles zijn met de gemeenten afgesproken middels een door het AB vastgestelde meerjarenplanning. De resultaten uit de controles worden overgedragen aan de gemeente voor juridische opvolging in geval van blijvende overtredingen. Eind 2020 is de Zeeuwse handhavingsstrategie ingevoerd. Het werkproces aangaande de controles wordt hierop afgestemd. Ambitie is om gezamenlijk te komen tot meer uniformiteit in werkwijzen door toepassing van de Zeeuwse handhavingsstrategie en gebruikmaking van eenduidige werkprocessen. Advisering over brandveiligheid en brandveilig gebruik VRZ geeft brandveiligheidsadviezen aan de gemeenten als bevoegd gezag. Zo worden aanvragen omgevingsvergunningen voor de activiteiten bouwen en brandveilig gebruik alsmede gebruiksmeldingen beoordeeld op brandveiligheid en getoetst aan geldende wet- en regelgeving, zoals het ‘Bouwbesluit’ en het ‘Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen’. Daarnaast beoordeelt VRZ ingediende Programma’s van Eisen (PVE), Uitgangspuntendocumenten (UPD), BHV-plannen en Ontruimingsplannen.
Naast deze frequent terugkerende adviestaken heeft VRZ een actieve rol bij nieuwe ontwikkelingen zoals het Keurmerk Veilig Ondernemen (voor winkelgebieden KVO-W en bedrijventerreinen KVO-B). Risicobeheersing vervult tevens een actieve rol bij de advisering op evenementen en de advisering op ontbrandingstoestemmingen vuurwerk en opslaglocaties vuurwerk.
Aantal adviezen brandveiligheid en brandveilig gebruik
Realisatie 2020
Streefwaarde 2022
Streefwaarde 2023
Streefwaarde 2024
Streefwaarde 2025
1.021 *)
900
900
900
900
Aantal adviezen PvE’s, UPD en overig
194
195
195
195
195
Aantal adviezen evenementen
10 **)
123
123
123
123
9
24
24
24
24
Aantal adviezen vuurwerk
*) Dit betreft definitief afgeronde adviezen. In het verleden is ook gerapporteerd op tussentijdse adviezen, hierop is ook de streefwaarde gebaseerd. Met de introductie van het digitale systeem Squit kan op dit moment alleen nog maar op definitieve adviezen gerapporteerd worden. De verwachting is dat er aan het einde van dit jaar wel weer gerapporteerd kan worden op tussentijdse adviezen. **) Dit betreft schriftelijke adviezen. Hiernaast worden ook mondelinge adviezen gegeven tijdens APV overleggen. Deze zijn niet in de telling meegenomen.
Risico advieswerkzaamheden VRZ kan niet sturen op het aantal aangeboden adviesaanvragen en op de geldende wettelijke termijnen. Diverse factoren waaronder de economische situatie zijn van invloed op de aantallen. In
16
de jaarlijkse planning wordt een raming gemaakt van het aantal adviezen op basis van voorgaande resultaten. De aantallen controles op (brand)veiligheid worden daarop afgestemd. Thematische werkzaamheden: Geen Nood Bij Brand en STOOM Geen Nood Bij Brand In 2016 is VRZ gestart met het project Geen Nood Bij Brand (GNBB). De landelijk toegepaste methode “Geen nood bij brand” brengt een omslag van regelgericht werken (controles en handhaving) naar risicogericht werken (bewustwording) bij zorginstellingen. Na 2019 zijn de bestaande projecten gecontinueerd. Het Landelijk project GNBB is inmiddels gestopt. De methodieken die GNBB hebben aangedragen worden steeds meer overgenomen vanuit de staande organisatie. Zo ook in de Veiligheidsregio Zeeland waarbij bepaalde elementen van GNBB worden meegenomen in de risicogerichte controles. Een aantal onderdelen zoals bijv. de expeditie door gebouwen, waarbij ook de bewoners van zorginstellingen worden betrokken, moeten nog meer een plaats gaan krijgen. Aan deze ontwikkeling zal verder worden gewerkt. Structureel Terugdringen Ongewenste en Onechte Meldingen brandmeldinstallaties (STOOM) Het terugdringen van loze (ongewenste en onechte) meldingen van het openbaar brandmeldsysteem (OMS) en Particuliere Alarmcentrales (PAC’s) en daarmee nodeloze uitrukken van de brandweer is één van de speerpunten van Brandweer Nederland en VRZ.
Reductie (nodeloze) uitrukken op OMS- en PACmeldingen t.o.v. 2016
Realisatie 2020
Streefwaarde 2022
Streefwaarde 2023
Streefwaarde 2024
Streefwaarde 2025
433
445
445
445
445
Advisering op omgevingsveiligheid en fysieke leefomgeving Omgevingsveiligheid gaat over de vraag hoe we de beperkte ruimte in Nederland veilig kunnen benutten en de risico’s die mensen lopen door o.a. opslag, productie, gebruik en vervoer van gevaarlijke stoffen in hun omgeving zoveel mogelijk kunnen beperken. Ook andere risico’s vanuit het regionaal Risicoprofiel zoals overstroming, klimaatverandering, energietransitie etc. worden hierbij beschouwd. VRZ geeft daartoe integrale veiligheidsadviezen op inpassingsplannen, bestemmingsplannen, omgevingsvisies en -plannen, omgevingsvergunningen en structuurvisies, waarbij het aspect omgevingsveiligheid wordt beoordeeld. Ook de advisering over bereikbaarheid voor de hulpdiensten en bluswaterwinning wordt hierin betrokken. Vanaf 2022 is de nieuwe Omgevingswet met de onderliggende Besluiten van kracht. VRZ heeft hierop geanticipeerd met een goede voorbereiding op een gewijzigde adviesfunctie. Er ligt nog meer focus op proactief adviseren en faciliteren van gemeenten bij de ontwikkeling en uitwerking van omgevingsvisies en -plannen. Als VRZ spelen we hier op in door een nauwe samenwerking met gemeenten en intensief overleg met adviespartners zoals de GGD Zeeland en RUD Zeeland. De werkzaamheden die een relatie hebben met de invoering van de Omgevingswet zijn voor VRZ toegenomen.
Onder meer door concrete adviesaanvragen voor Omgevingsvisies van gemeenten en Provincie Zeeland. Deze vragen significant meer tijd, dan een advies voor een gemiddeld bestemmingsplan.
Aantal adviezen omgevingsveiligheid
Realisatie 2020 77
Streefwaarde 2022 95
Streefwaarde 2023 95
Streefwaarde 2024 95
Streefwaarde 2025 95
17
Inspecties en advisering industriële veiligheid Bedrijven waar grote hoeveelheden gevaarlijke stoffen aanwezig zijn boven een bepaalde drempelwaarde, vallen onder de werking van het Besluit risico’s zware ongevallen 2015 (Brzo 2015). In Nederland zijn er ruim 400 bedrijven die onder de Brzo-regelgeving vallen. In Zeeland zijn er ca. 22 bedrijven die onder de Brzo-regelgeving vallen, variërend van complexe chemische industrie tot relatief eenvoudige opslagbedrijven voor bepaalde typen gevaarlijke stoffen. VRZ heeft een wettelijke verplichting om toe te zien op de veiligheid bij Brzo-bedrijven via advisering en inspecties. Dit in gezamenlijkheid met de inspectie SZW en omgevingsdienst DCMR. VRZ kent voor het onderwerp Industriële Veiligheid een samenwerkingsverband met de veiligheidsregio’s Rotterdam Rijnmond, Zuid-Holland-Zuid, Haaglanden en Hollands Midden. Jaarlijks worden ambities ten aanzien van deze samenwerking geformuleerd. Enkele ambities zijn eenduidige advisering aan het bevoegd gezag, gezamenlijk waarborgen van kennis en het waarborgen van capaciteit voor landelijke initiatieven. Ook voert VRZ inspecties uit bij risicovolle bedrijven waar gevaarlijke stoffen staan opgeslagen, maar die niet onder het regime van Brzo vallen, de zogenaamde Bevi-bedrijven (Besluit externe veiligheid inrichtingen).
Naast de inspecties brengt VRZ veiligheidsadviezen uit, zoals de advisering op vergunningaanvragen en meldingen van Brzo- en Bevi-bedrijven. Daarnaast worden de wettelijk verplichte veiligheidsrapportages van Brzo bedrijven op de voor VRZ van belang zijnde punten beoordeeld, met name de informatie voor de rampenbestrijding en het bedrijfsbrandweerrapport. VRZ participeert eveneens in het uitvoeren van incidentenonderzoek. Het doel hiervan is om te leren van incidenten. Kennis die hierdoor opgedaan wordt, vloeit terug de VRZ-organisatie in. Ook is het bestuur van VRZ conform art. 31 van de Wet veiligheidsregio’s verantwoordelijk voor het aanwijzen van bedrijfsbrandweren bij industriële inrichtingen. De functie van de bedrijfsbrandweer is het voorkomen van schadelijke effecten buiten de inrichtingsgrens bij incidenten op het terrein van de inrichting. De aangewezen bedrijfsbrandweren worden periodiek op sterkte en kwaliteit (van formatie en materieel) beoordeeld. Realisatie 2020
Streefwaarde 2022
Streefwaarde 2023
Streefwaarde 2024
Streefwaarde 2025
Aantal geplande BRZO-inspecties
20
25
25
25
25
Aantal niet routinematige BRZO inspecties
5
22
22
22
22
Aantal BRZO incidentenonderzoeken
6
6
6
6
6
Aantal adviezen BRZO
104
125
125
125
125
Aantal adviezen BEVI
47
75
75
75
75
Actualisaties aanwijzingen bedrijfsbrandweer
4
4
4
4
4
Bedrijfsbrandweerinspecties
6
5
5
5
5
Bevordering en borging van kennisontwikkeling: brandonderzoek Kennis kan worden vergaard door o.a. het uitvoeren van brandonderzoek. Brandonderzoek is het geheel van technisch en tactisch onderzoek naar het ontstaansgebied, de oorzaak (toedracht) en het verloop van een brand, de werking van de brandpreventieve voorzieningen en de technische staat van het gebouw of object. Brandonderzoek vergroot het inzicht in het ontstaan en de ontwikkeling 18
van brand en levert daarmee een bijdrage aan de veiligheid van de samenleving. Het vergroot de mogelijkheden tot handhaving en verbetering van wet- en regelgeving, het beperken van schadelast, het detecteren van veroorzakers van brand en het verhogen van de kwaliteit van preventieadviezen en voorlichting. Voor de komende beleidsperiode is de focus bij brandonderzoek gelegd op de volgende speerpunten: -
-
Uitvoeren van de 100% inventarisatie en registratie van woningbranden. De invoering van de inventarisatie heeft tot doel meer inzicht te krijgen in oorzaken van woningbranden, het verloop van een woningbrand, eventuele slachtoffers en in beperkte mate de repressieve inzet. Met de registratie van woningbranden wordt meer informatie/data/beeld verkregen over woningbranden. De gegevens zijn waardevol voor het werk van brandonderzoekers, de inzet van repressieve collega’s bij een woningbrand, maar ook voor activiteiten van Brandveilig Leven. Uitvoeren van brandonderzoek bij alle branden met slachtoffers en branden in bijzondere gebouwen als woon- zorginstellingen, penitentiaire inrichtingen, kinderdagverblijven, hotels en parkeergarages.
VRZ beschikt over gecertificeerde brandonderzoekers die na een brand de plaats van het incident onderzoeken. De verkregen informatie is waardevolle input voor de preventieve en repressieve organisatie. De 100% inventarisatie en registratie van woningbranden is gecontinueerd. Hiermee is bij alle woningbranden contact geweest met de bevelvoerder van de brandweer om bijzonderheden en kenmerken van de brand te inventariseren. In 2020 zijn, na overleg met OVD-brandweer, 20 van dergelijke onderzoeken uitgevoerd.
Inventarisatie en registratie woningbranden Uitgebreide brandonderzoeken
Realisatie 2020 100%
Streefwaarde 2022 100%
Streefwaarde 2023 100%
Streefwaarde 2024 100%
Streefwaarde 2025 100%
100%
100%
100%
100%
100%
Vergroten zelfredzaamheid via risicocommunicatie en veerkrachtige samenleving Risicobeheersing zal vanaf 2022 meer dan ooit worden betrokken bij de kwaliteit van brandweerzorg voor de inwoners van Zeeland. Door meer aan de voorkant van de veiligheidsketen te werken ten aanzien van o.a. preventie wordt feitelijk beoogd de samenleving meer dan ooit daarvoor te laten participeren en een rol te geven ten aanzien van de brandweerzorg. Want hoe voorzichtig we met z’n allen ook zijn, er kan altijd iets misgaan en het vergroten van de zelfredzaamheid van inwoners is hierbij van essentieel belang. Denk aan een ongeval waarbij gevaarlijke stoffen vrijkomen, een brand in een chemisch bedrijf of een natuurramp zoals een overstroming. Ook in huis kan er wat gebeuren, zoals een brand met schade en mogelijk ook slachtoffers als gevolg. Het begint er mee dat mensen dit beseffen en weten dat zij zelf een belangrijke rol hebben bij het redden van zichzelf én anderen en dat ze weten hoe ze het beste kunnen handelen om zichzelf en anderen in veiligheid te brengen. Maar ook, mensen hebben soms vragen en zorgen rond veiligheid. Zij verwachten van de overheid dat deze transparant is over mogelijke risico’s en informatie geeft wat ze moeten doen als het mis gaat. Brandveilig leven en Zeeland Veilig voorzien hierin en helpen bij het vergroten van de veiligheid in Zeeland.
Brandveilig Leven De veranderende maatschappij vraagt om een vernieuwde aanpak op het gebied van brandveiligheid. Door middel van preventieve activiteiten en maatregelen moet een hogere mate van besef ontstaan bij burgers en bedrijven over de eigen mogelijkheden en verantwoordelijkheden. Door dit besef en de maatregelen die daaruit voortvloeien, moet uiteindelijk het letsel bij brand en 19
het aantal incidenten afnemen. De eerste verantwoordelijkheid voor (brand)veiligheid ligt niet bij de brandweer, maar wordt actief ingevuld door bedrijven, instellingen en de burger. Door als brandweer in de preventieve sfeer een samenwerking aan te gaan met deze partijen, moet deze doelstelling worden bereikt. Veel aandacht zal hierbij uitgaan naar stimuleren van gedragsverandering.
Lezingen/ presentaties voor groepen Activiteiten basisonderwijs/ voortgezet onderwijs Woningchecks Voorlichting tijdens evenementen Info verzoeken Aantal ambassadeurs
Realisatie 2020 5
Streefwaarde 2022 30
Streefwaarde 2023 30
Streefwaarde 2024 30
Streefwaarde 2025 30
20
25
25
25
25
12 0
20 30
20 30
20 30
20 30
116 88
20 90
20 90
20 90
20 90
Zeelandveilig.nl is actueel, volledig en bekend Er is relevante informatie over gevaren, handelingsperspectieven, (overheids)maatregelen en actuele incidenten beschikbaar op www.zeelandveilig.nl. Het portal en verbonden sociale media staan centraal in de informatieverstrekking over fysieke veiligheid in Zeeland en geven antwoorden op vragen en zorgen van inwoners en bezoekers. Overheden, crisispartners en betrokken organisaties en bedrijven delen de content waardoor inwoners en bezoekers in Zeeland via meerdere kanalen erop attent worden gemaakt. Realisatie 2020 2.072.794 *)
Streefwaarde 2022 115.000
Streefwaarde 2023 115.000
Aantal bezoekers Zeelandveilig.nl (sessies) Aantal volgers op Twitter en 16.334 en 17.000 en 17.000 en Facebook 14.243 15.000 15.000 *) Aantal bezoekjes website, deze realisatie cijfers zijn beïnvloed door de Covid-19 crisis
Streefwaarde 2024 115.000
Streefwaarde 2025 115.000
17.000 en 15.000
17.000 en 15.000
Door Zeeland Veilig wordt jaarlijks een activiteitenplan opgesteld voor publieksactiviteiten. De activiteiten sluiten aan bij de (latente) behoeften, zorgen en vragen van inwoners en bezoekers, bij de actualiteit (wat speelt er nu) en bij activiteiten van anderen. Via monitoring en onderzoek worden de effecten gemeten, waarna de aanpak indien nodig wordt bijgesteld.
20
Wat gaat het kosten: programmabudget ? Begroting: 2022
Begroting: 2023
Begroting: 2024
Begroting: 2025
2.761.200 201.500 130.100 500 13.480 3.106.780
2.758.600 201.500 130.100 500 13.480 3.104.180
2.701.400 201.500 130.100 400 13.480 3.046.880
2.706.500 201.500 130.100 300 6.726 3.045.126
-5.000 -5.000 3.101.780
-5.000 -5.000 3.099.180
-5.000 -5.000 3.041.880
-5.000 -5.000 3.040.126
-98.600 -98.600 -98.600 3.003.180 0 3.003.180
-98.600 -98.600 -98.600 3.000.580 0 3.000.580
-98.600 -98.600 -98.600 2.943.280 0 2.943.280
-98.600 -98.600 -98.600 2.941.526 0 2.941.526
STR Lasten 110Salarissen en sociale lasten 380Overige goederen en diensten 436Inkomensoverdrachten - overige overheden 510Rente 730Afschrijvingen Totaal Lasten Baten 380Overige goederen en diensten Totaal Baten Totaal STR INC Baten 433Inkomensoverdrachten - gemeenschappelijke regelingen Totaal Baten Totaal INC Totaal Saldo van baten en lasten Totaal Mutaties reserves Eindtotaal INC= Incidenteel; STR= Structureel
Toelichting VRZ is door actieve sturing in 2020, ondanks de Covid-19 crisis, er in geslaagd om 2 incidenteel toegekende fte’s voor advisering binnen risicobeheersing (ondanks verwachte minimaal gelijkblijvende stroom adviesverzoeken) structureel in te bedden binnen de totale formatie van risicobeheersing.
21
1.1.4 Programma Brandweer Omschrijving en wettelijk kader Het instellen en in stand houden van een brandweer in Zeeland is een gemeentelijke taak (art. 2 Wet veiligheidsregio’s) die is neergelegd bij het Bestuur van de Veiligheidsregio Zeeland (art. 10 Wet veiligheidsregio’s).
De brandweer heeft tot taak (art. 14, 15 en 25 Wet veiligheidsregio’s): -
-
Het voorkomen, beperken en bestrijden van brand; Het beperken en bestrijden van gevaar voor mensen en dieren bij ongevallen anders dan bij brand; Het opstellen van een dekkingsplan op basis van het risicoprofiel en de regels voor de opkomsttijden die zijn gesteld; Het adviseren van andere overheden en organisaties op het gebied van brandweerzorg en brandbestrijding en het voorkomen, beperken en bestrijden van ongevallen met gevaarlijke stoffen; Het verkennen van gevaarlijke stoffen en het verrichten van ontsmetting; Het waarschuwen van de bevolking.
22
Wat willen we bereiken ?
Zorgen voor een (brand)veilige leefomgeving in Zeeland door middel van een robuuste en toekomstbestendige brandweerzorg waarbij vakmanschap, verbinding met de vrijwilligers en vertrouwen centraal staan
Zorgen voor voldoende en betrouwbaar brandweermaterieel en materiaal (zie paragraaf onderhoud kapitaalgoederen en investeringsplan)
Het bestrijden van brand en gevaar voor mens en dier anders dan bij brand
Operationeel houden basisbrandweerzorg volgens dekkingsplan en uitrukken binnen de vastgestelde normtijden
Zorgen voor voldoende opgeleid en geoefend brandweerpersoneel en een goede operationele voorbereiding en evaluatie van incidentbestrijdingen
Het verkennen van gevaarlijke stoffen, het verrichten van ontsmetting en het waarschuwen van de bevolking
Operationeel houden van de verkenningseenheden, gaspakkenteams en deco-unit
Operationeel houden ondersteunende hulpverleningsteams en redvoertuigen volgens dekkingsplan
Paraat zijn voor specifieke risico's als tunnelbrand, natuurbrand en industriebrand
Operationeel houden van specialismen zoals MIRG-team, waterongevallenteams, roperescue-team en de search & rescue taak
Samen met gemeenten en bedrijven zorgen voor voldoende bluswatervoorzieningen
23
Het zorgen voor een (brand)veilige leefomgeving in Zeeland door middel van een robuuste en toekomstbestendige brandweerzorg waarbij vakmanschap, verbinding met de vrijwilligers en vertrouwen centraal staan De brandweer heeft als doel om te zorgen voor minder branden, minder schade en minder slachtoffers. Ondanks de preventieve inzet laat de praktijk zien dat de vraag naar repressieve brandweerinzet onverminderd aanwezig is. Prognoses zijn niet opgenomen vanwege de vele beïnvloedende externe factoren. Zeeland Aantal brand- en hulpverlenings alarmeringen
Realisatie 2016 3.380
Realisatie 2017 3.580
Realisatie 2018 4.080
Realisatie 2019 3.860
Realisatie 2020 3.638
2
0
1
3
Bron : CBS brandweerstatistiek, vanaf 2020 IFV Kernregistratie
Aantal dodelijke slachtoffers als gevolg van brand in Zeeland
4
In dit ‘Programmaplan brandweer’ wordt uitgegaan van de continue beschikbaarheid en paraatheid van de brandweer (afgestemd op de risico’s) als doelstelling. Dit wordt gerealiseerd door voldoende beschikbaarheid van mensen en middelen in combinatie met een goede opleiding en training en een adequate operationele voorbereiding en evaluatie. Een aantal ontwikkelingen vraagt nadrukkelijk de aandacht, nu en in de toekomst. Deze ontwikkelingen hebben impact op de brandweerzorg in Nederland, en daarmee ook in Zeeland. Het gaat om: - de huidige stand van zaken met betrekking tot de brandweerzorg in Zeeland; - de rechtspositie van brandweervrijwilligers; - de brandweerzorg in de toekomst. Op grond van de Europese deeltijdrichtlijn kan de huidige inrichting en werkwijze ten aanzien van vrijwilligheid bij de brandweer binnen de bestaande juridische kaders niet behouden blijven. Daarom is, in opdracht van de minister van Justitie en Veiligheid en het Veiligheidsberaad, een denktank opgericht die onderzoekt welke opties er zijn om tot een juridisch houdbaar systeem te komen waarin ruimte blijft voor vrijwilligheid. De eerste denkrichtingen zijn eind 2019 gepresenteerd. In 2020 is door de denktank een online opiniepeiling houden onder het repressieve personeel en is een nadere uitvraag inzake de consequenties gedaan bij alle 25 veiligheidsregio’s. Hier wordt in 2021 een vervolg op gegeven.
Uitkomsten hiervan kunnen van bepalende invloed zijn op de wijze waarop VRZ de operationele voorbereiding, paraatheid en opleidingen en trainingen tot stand brengt. Deze ontwikkelingen, in combinatie met de huidige stand van zaken met betrekking tot de brandweerzorg in Zeeland, zullen ertoe leiden dat er in de komende beleidsperiode 2022-2025 onderzocht moet worden welke oplossingsmogelijkheden er zijn om de brandweerzorg in Zeeland toekomstbestendig te maken.
Wat gaat VRZ doen ? Het bestrijden van brand en gevaar voor mens en dier anders dan bij brand De hulpverlening van de brandweer is meer dan brandbestrijding. In de Wet veiligheidsregio’s (art. 3) is opgenomen dat het beperken en bestrijden van gevaar voor mensen en dieren bij ongevallen anders dan bij brand tot de brandweertaak behoort. De brandweer helpt bijvoorbeeld ook bij het redden van mensen en dieren anders dan bij brand. Het gaat dan bijvoorbeeld om het bevrijden van slachtoffers uit verongelukte voertuigen, de redding van in het water geraakte personen, de redding van mensen op zee en het redden van mensen en dieren op hoogte enz. 24
In 2020 waren er totaal 2.549 incidenten waarvoor tenminste met één basisbrandweereenheid is uitgerukt. In 2019 waren er 2.356 uitrukken. Zeeland Aantal uitrukken brandweer met 1 basisbrandweereenheid
Realisatie 2016 2.288
Realisatie 2017 2.288
Realisatie 2018 2.504
Realisatie 2019 2.356
Realisatie 2020 2.549
Bron: VRZ Business Intelligence
Operationeel houden basisbrandweerzorg volgens dekkingsplan en uitrukken binnen de vastgestelde normtijden Beschikbaarheid van (brandweer)middelen (dekkingsplan) VRZ opereert momenteel 24/7 vanuit 64 brandweerposten. Brandweer Zeeland heeft voor de basisbrandweerzorg beschikking over basisbrandweereenheden. In het besluit ‘Afhechting maatwerk’ is besloten niet langer onderscheid te maken in het soort voertuig dat hiervoor wordt gebruikt. De ‘voormalige’ NTS is dermate doorontwikkeld dat deze als volwaardige basisbrandweereenheid wordt beschouwd. Ook levert deze een gelijke bijdrage als onderdeel van het grootschalig brandweeroptreden.
Aantal brandweerposten (met minimaal 1 tankautospuit) Aantal posten met dagbezetting
Realisatie 2020 64
Streefwaarde 2022 64
Streefwaarde 2023 64
Streefwaarde 2024 63
Streefwaarde 2025 63
4
4
4
4
4
Planning is om de post Kerkwerve samen te voegen met Zierikzee, de post ’s-Heer Arendskerke samen te voegen met Heinkenszand en een nieuwe post Goes-West te realiseren. Hierbij wordt opgemerkt dat de post ’s-Heer Arendskerke en de post Heinkenszand al een samengestelde eenheid vormen en er al tijdelijke huisvesting voor de post Goes-West is gerealiseerd aan de Troelstralaan te Goes. Afhankelijk van het oprichten van de nieuwe posten in Zierikzee, Heinkenszand en Goes-West wordt realisatie niet voor 2023 verwacht. Het totaal aantal posten zou dan idealiter 63 vanaf 2024 zijn. De sluitingsdatum voor de post Dreischor is tot nadere besluitvorming opgeschort. In Dreischor is een pilot gestart (Q4-2017 tot Q4-2020). De gemeente Schouwen-Duiveland heeft een financiële bijdrage in die periode geleverd. Het resultaat van de pilot is bepalend voor de toekomst van de post. In 2021 is een eindrapportage opgesteld en zal besluitvorming plaatsvinden. De kosten voor het openhouden van de post Dreischor zijn opgenomen in de begroting. Afhankelijk van de besluitvorming over de resultaten vindt bijstelling van de begroting plaats. In het besluit ‘afhechting maatwerk’ heeft het Algemeen Bestuur in oktober 2020 besloten de post Domburg tot nader order open te houden. Een nieuwe afweging wordt integraal gemaakt in de uitwerking van de opdracht te komen tot een visie op brandweerzorg 2030.
VRZ beschikt over vier dagdienstbezettingen op de posten Middelburg-Stromenweg, Goes Oranjeweg, Borssele en Terneuzen Koegors. Uit onderzoek is gebleken dat een dagdienstmodel, zoals beoogd in Maatwerk in Brandweerzorg, in Vlissingen niet haalbaar is. Het Algemeen Bestuur heeft daarom een onderzoek naar de brandweerzorg in Vlissingen-Middelburg (incl. Koudekerke) uitgevoerd. De resultaten van het onderzoek zijn door het Algemeen Bestuur ter kennisgeving
25
aangenomen. Het Algemeen Bestuur heeft verzocht om de problematiek te bezien in een bredere benadering voor de brandweerzorg in Zeeland. Beschikbaarheid van (brandweer)vrijwilligers VRZ streeft naar voldoende vrijwilligers op de posten. Het aantal vrijwilligers is in 2020 ten opzichte van 2019 toegenomen van 1.117 naar 1.126. Ongeveer 100 vrijwilligers zijn actief op meerdere posten i.v.m. verschillen tussen woon- en werklocatie, de zogenaamde ‘opstappers’. Zeeland