226217Bijlagen - Notitie wijzigingen
Tekst van het document
Bijlage 1 bij Notitie beantwoording zienswijze en overzicht ambtshalve wijzigingen
Stikstofdepositieonderzoek
NOTITIE Aan Van Datum Kopie Kenmerk
: : : : :
Provincie Zeeland ing. D.G.M. (Dennis) van Boven donderdag 24 oktober 2019 Inez Perez Andujar NL.IMRO.0677.bpbuitenfrhendrik_PAS
Onderwerp
:
Stikstofdepositieberekening inzake bestemmingsplan Fr. Hendrikstraat, ong.
1
Inleiding
Voor een perceel aan de Frederik Hendrikstraat, ong. te Lamswaarde is een bestemmingsplan opgesteld. In reactie op de recente ontwikkelingen rond stikstofproblematiek heeft Provincie Zeeland een zienswijze ingediend op dit bestemmingsplan. Op het perceel is de nieuwbouw van een woning gepland conform de ruimte-voor-ruimteregeling. Van Boven Projectmanagement heeft een stikstofberekening uitgevoerd met behulp van de voorgeschreven rekentool AERIUS Calculator, daarnaast is een onderbouwing van de verkeersgeneratie als gevolg van het plan gegeven. In voorliggende notitie wordt een toelichting op de AERIUS-berekening gegeven.
2
Uitgangspunten
Aangezien er voor dit project nog geen exacte emissies bekend zijn, is voor de berekening in AERIUS Calculator gebruikgemaakt van de berekening ‘depositiebijdrage bronnen sector wonen en werken’, factsheet 321-3367. Er is geen nieuwere versie dan die van 05-07-2018 beschikbaar, derhalve worden de kengetallen uit dit document gebruikt. Daarnaast is voor de berekening van de depositiebijdrage in de realisatiefase, sector bouw en industrie gebruikgemaakt van expert judgement. De inzet van het materieel is ingeschat op basis van ervaring met aannemers, waarbij op hoofdlijnen een inzet van verschillend materieel en bijbehorend brandstofverbruik is opgesteld. Zie hiervoor paragraaf 2.1.3 en 2.1.4 daarnaast is het volledige rapport van AERIUS Calculator opgenomen in bijlage 1. Realisatiefase De realisatie van de woning zal op z’n vroegst plaatsvinden in zichtjaar 2020 en brengt op hoofdlijnen de volgende activiteiten met zich mee: 1. Realisatie bouwvlak 2. Verkeersgeneratie bouwverkeer 3. Mobiele werktuigen | woonbestemming 4. Mobiele werktuigen | natuurbestemming Gebruiksfase Het gebruik van de woning brengt de volgende activiteiten met zich mee: 1. Bouwvlak 2. Verkeersgeneratie woon- werkverkeer
PAGINA 1 | 4
NOTITIE 2.1 REALISATIEFASE De voor stikstofdepositie relevante emissies naar de lucht worden in de realisatiefase hoofdzakelijk veroorzaakt door verkeersbewegingen van vrachtverkeer en mobiele werktuigen ten behoeve van de realisatie van de woning. Ten aanzien van deze realisatiefase worden de maatgevende emissies bepaald door met name de grondwerkzaamheden en de ruwbouwfase van de woning. In onderhavig onderzoek is ervan uitgegaan dat alle grondwerkzaamheden en de ruwbouwfase van de woning gedurende vijf maanden zullen plaatsvinden, zij zijn derhalve tijdelijk van aard. 2.1.1 Realisatie bouwvlak Figuur 1 geeft een grafische weergave van de gehanteerde bronnen in de AERIUS-calculator tijdens de realisatiefase.
Figuur 1. Grafische weergave bouwvlak en mobiele werktuigen tijdens de realisatiefase.
2.1.2 Verkeersgeneratie bouwverkeer Op basis van expert judgement 1 is ervan uitgegaan dat gedurende de aanlegfase gemiddeld 5 personenauto’s en 2 vrachtwagens per etmaal (weekdag) arriveren en vertrekken. Ten aanzien van de verkeersafwikkeling in de gebruiksfase is dezelfde route gehanteerd zoals opgenomen in het uitgevoerde stikstofdepositie onderzoek. Hierbij dient opgemerkt te worden dat in de berekening is uitgegaan van een totale realisatietermijn van negen maanden, terwijl bij de calculatie in AERIUS alleen calculatie per kalenderjaar mogelijk is.
1 Bij de berekening is telkens een worst-casebenadering toegepast.
PAGINA 2 | 4
NOTITIE 2.1.3 Mobiele werktuigen | woonbestemming Afhankelijk van het bouwjaar van het materieel is de bijbehorende stageklasse en emissiefactor bepaald. Deze emissiefactoren per stageklasse zijn afkomstig uit AERIUS Calculator, die de emissiefactoren heeft afgeleid uit het ‘Emissiemodel Mobiele Machines gebaseerd op machineverkopen in combinatie met brandstof Afzet (EMMA)’ van TNO2. Voor de berekening van de emissie en stikstofdepositie is uitgegaan van een inzet van materieel met een bouwjaar vanaf 2014. De bijbehorende stageklasse is daarmee Stage IV. Bij de aanbesteding van het werk zal dit als harde eis worden opgenomen voor de aannemer. Tabel 1. Inzet materieel ten behoeve van de realisatiefase. Type materieel
Type
Vermogen (kW)
Verbruik (l/u)
Dagen
Uren
Inzet (uren) Dieselverbruik (liters)
Mobiele kraan
CAT C6.6 (19 ton)
122
10
10
8
40
800
Trekker met kar
New Holland T7.210
130
10
10
8
40
800
Shovel
CAT 930 M (30 ton)
116
12
5
8
40
480
Beton mixer
Ginaf x 4446 TS (46 ton)
315
7
4
8
16
224
Beton pomp (telescoop)
Ginaf x 4446 TS (46 ton)
315
7
4
8
16
224
Telekraan
Demag AC 200
164
10
40
8
320
3200
Totaal verbruik
5728
2.1.4 Mobiele werktuigen | natuurbestemming De voor stikstofdepositie relevante emissies naar de lucht worden in deze fase hoofdzakelijk veroorzaakt door bewegingen van mobiele werktuigen ten behoeve van de realisatie van nieuwe natuur. Ten aanzien van deze fase worden de maatgevende emissies bepaald door met name de grondwerkzaamheden. In onderhavig onderzoek is ervan uitgegaan dat alle grondwerkzaamheden gedurende vier weken zullen plaatsvinden, zij zijn derhalve tijdelijk van aard. Tabel 1 laat het brandstofverbruik per ingezet materieel zien. Tabel 2. Inzet materieel ten behoeve van de natuurbestemming. Vermogen (kW)
Verbruik (l/u)
Type
Mobiele kraan
CAT C6.6 (19 ton)
122
10
10
8
40
800
Trekker met kar
New Holland T7.210
130
10
10
8
40
800
Totaal verbruik
Dagen
Dieselverbruik Uren Inzet (uren) (liters)
Type materieel
1600
2 TNO, Hulskotte en Verbeek, Emissiemodel Mobiele Machines gebaseerd op machineverkopen in combinatie met brandstof Afzet (EMMA), TNO-034-UT-2009-01782_RPT-ML, november 2009.
PAGINA 3 | 4
NOTITIE 2.2 GEBRUIKSFASE 2.3.1 Bouwvlak Volgens AERIUS Calculator leidt de realisatie van één nieuw te bouwen vrijstaande woning tot een NOxemissie van 3,03 kg/jr. Deze emissies zijn gebaseerd op het verwarmen van woningen middels conventionele technieken zoals centrale verwarming. De nieuw te bouwen woning wordt niet aangesloten op gas en dient hiermee verwarmd te worden middels nieuwe technieken zoals bijvoorbeeld warmtepomp, zonneboiler en zonnepanelen. Derhalve zullen de NOx-emissies ook aanzienlijk onder de standaardemissie van 3,03 kg/jaar liggen. Als uitstoothoogte is 4 meter aangehouden, omdat slechts één bouwlaag gerealiseerd gaat worden. Ervan uitgaande dat het bestaande maaiveld met 1 meter wordt opgehoogd, blijft er nog 3 meter over voor de realisatie van een woonlaag. Dit is positief aangezien een lager emissiepunt zorgt voor depositie op kortere afstand. Voor woningen binnen de sector wonen en werken hoeft voor NH3 geen emissie berekend te worden daar deze in de achtergronddepositie reeds verwerkt is en is meegenomen in de autonome ontwikkeling binnen het PAS. 2.3.2 Woon- werkverkeer Binnen het plangebied wordt één vrijstaande woning gerealiseerd. Het plangebied ligt in het buitengebied van de gemeente Hulst. Voor deze gemeente geldt een niet stedelijk gebiedstype (bron: www.cbsinuwbuurt.nl).
Deze berekening is gebaseerd op publicatie 317 ‘Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie’ (CROW, 2012). Het hoogste gemiddelde kencijfer voor verkeersgeneratie van vrijstaande woningen bedraagt 8,2 mvt/weekdagetmaal. Conform het CROW is de omrekenfactor van weekdag naar werkdag 1,11. Met een verkeersgeneratie van 10 mvt/etmaal wordt dus worst case getoetst ten aanzien van het aspect verkeersgeneratie. Uitgaande van een verkeersgeneratie van 10 mvt/etmaal bij 1 woning met een autobezit van 2 auto’s per woning betreft dit een totale verkeersgeneratie van 20 mvt/etmaal. In de stikstofberekening is deze maximale verkeerstoename van 20 mvt/etmaal berekend over de uitvalsweg vanuit het perceel over de Frederik Hendrikstraat.
3
Resultaten
Uit de AERIUS-berekening blijkt dat er geen rekenresultaten hoger dan 0,00 mol/ha/j. zijn. Dit betekent dat in geen enkel relevant Natura 2000-gebied sprake is van een toename aan stikstofdepositie als gevolg van dit plan. Dit komt omdat de realisatie van nieuwe natuur zorgt voor interne saldering van de realisatiefase en de gebruiksfase in het plan. Van significante gevolgen van het voorgenomen plan voor Natura 2000-gebieden als gevolg van stikstofdepositie is derhalve geen sprake. In de bijlage staan de invoergegevens en rekenresultaten zoals deze voortvloeien uit AERIUS Calculator vermeld.
4
Conclusie
Het voorgenomen plan voor de realisatie van één woning in het plangebied Frederik Hendrikstraat, ong. in Lamswaarde leidt niet tot een toename aan stikstofdepositie in Natura 2000-gebieden. Er hoeft geen vergunning aangevraagd te worden in het kader van het Programma Aanpak Stikstof (PAS) binnen de Wet natuurbescherming.
PAGINA 4 | 4
Dit document bevat rekenresultaten van AERIUS Calculator. Het betreft de hoogst berekende stikstofbijdragen per stikstofgevoelig Natura 2000-gebied, op basis van rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant. De berekening op basis van stikstofemissies gaat uit van de componenten ammoniak (NH3) en/of stikstofoxide (NOx). Wilt u verder rekenen of gegevens wijzigen? Importeer de pdf dan in Calculator. Voor meer toelichting verwijzen wij u naar de website www.aerius.nl.
Berekening Realisatiefase en Gebruiksfase Kenmerken Samenvatting emissies Depositieresultaten Gedetailleerde emissiegegevens
Verdere toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: www.aerius.nl. RsMq3Sp6mzGs (23 oktober 2019) pagina 1/9
Resultaten
Contact
Activiteit
Rechtspersoon
Inrichtingslocatie
D.G.M. van Boven
Frederik Hendrikstraat ong., 4586AC Lamswaarde
Omschrijving
AERIUS kenmerk
Bestemmingsplanwijziging Frederik Hendrikstraat ong. Lamswaarde
RsMq3Sp6mzGs
Datum berekening
Rekenjaar
Rekenconfiguratie
23 oktober 2019, 19:44
2020
Berekend voor natuurgebieden
Totale emissie
Situatie 1
Situatie 2
Verschil
NOx
12,64 kg/j
3,59 kg/j
-9,05 kg/j
NH3
< 1 kg/j
< 1 kg/j
< 1 kg/j
Resultaten
Natuurgebied
Hectare met hoogste verschil (mol/ha/j)
Uw berekening heeft geen verschillen opgeleverd boven 0,00 mol/ha/jr.
Toelichting
Resultaten
Omzetten van agrarische bestemming naar woonbestemming om het bouwen van 1 woning en inrichting van natuur mogelijk te maken.
Realisatiefase Gebruiksfase
RsMq3Sp6mzGs (23 oktober 2019) pagina 2/9
Resultaten
Locatie Realisatiefase
Emissie Realisatiefase
Bron Sector
Emissie NH3
Emissie NOx
-
3,00 kg/j
< 1 kg/j
< 1 kg/j
Woonbestemming Mobiele werktuigen | Delfstoffenwinning
-
6,93 kg/j
Natuurbestemming Mobiele werktuigen | Delfstoffenwinning
-
1,94 kg/j
Bouwvlak Wonen en Werken | Woningen
Bouwverkeer Wegverkeer | Buitenwegen
Resultaten
Realisatiefase Gebruiksfase
RsMq3Sp6mzGs (23 oktober 2019) pagina 3/9
Resultaten
Locatie Gebruiksfase
Emissie Gebruiksfase
Bron Sector
Bouwvlak Wonen en Werken | Woningen
Woon-werk verkeer Wegverkeer | Buitenwegen
Resultaten
Realisatiefase Gebruiksfase
Emissie NH3
Emissie NOx
-
3,00 kg/j
< 1 kg/j
< 1 kg/j
RsMq3Sp6mzGs (23 oktober 2019) pagina 4/9
Resultaten
Emissie (per bron)
Naam Locatie (X,Y)
Realisatiefase
Uitstoothoogte Oppervlakte Spreiding Warmteinhoud Temporele variatie NOx
3,00 kg/j
Naam
Bouwverkeer 60876, 372999 < 1 kg/j < 1 kg/j
Locatie (X,Y) NOx NH3
Resultaten
Soort
Voertuig
Standaard
Standaard
Realisatiefase Gebruiksfase
Bouwvlak 60982, 373051 4,0 m 1,0 ha 0,5 m 0,000 MW Continue emissie
Aantal voertuigen Stof
Emissie
Licht verkeer
5,0 / etmaal NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
Zwaar vrachtverkeer
2,0 / etmaal NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
RsMq3Sp6mzGs (23 oktober 2019) pagina 5/9
Resultaten
Naam Locatie (X,Y) NOx
Resultaten
Voertuig
Omschrijving
STAGE IV, 130 – 560 kW, bouwjaar 2014/01, Cat. Q
Mobiele kraan (graafmachine)
STAGE IV, 130 – 560 kW, bouwjaar 2014/01, Cat. Q
Warmte Stof inhoud (MW)
Emissie
800
NOx
< 1 kg/j
Trekker met kar
800
NOx
< 1 kg/j
STAGE IV, 130 – 560 kW, bouwjaar 2014/01, Cat. Q
Shovel
480
NOx
< 1 kg/j
STAGE IV, 130 – 560 kW, bouwjaar 2014/01, Cat. Q
Beton mixer
224
NOx
< 1 kg/j
STAGE IV, 130 – 560 kW, bouwjaar 2014/01, Cat. Q
Betonpomp
224
NOx
< 1 kg/j
STAGE IV, 130 – 560 kW, bouwjaar 2014/01, Cat. Q
Telekraan
3.200
NOx
3,87 kg/j
Realisatiefase Gebruiksfase
Brandstof verbruik (l/j)
Woonbestemming 60991, 373034 6,93 kg/j
Uitstoot hoogte (m)
Spreiding (m)
RsMq3Sp6mzGs (23 oktober 2019) pagina 6/9
Resultaten
Naam Locatie (X,Y) NOx
Resultaten
Voertuig
Omschrijving
STAGE IV, 130 – 560 kW, bouwjaar 2014/01, Cat. Q
Mobiele kraan (graafmachine)
STAGE IV, 130 – 560 kW, bouwjaar 2014/01, Cat. Q
Trekker met kar
Realisatiefase Gebruiksfase
Brandstof verbruik (l/j)
Natuurbestemming 60955, 373162 1,94 kg/j
Uitstoot hoogte (m)
Spreiding (m)
Warmte Stof inhoud (MW)
Emissie
800
NOx
< 1 kg/j
800
NOx
< 1 kg/j
RsMq3Sp6mzGs (23 oktober 2019) pagina 7/9
Resultaten
Emissie (per bron)
Naam Locatie (X,Y)
Gebruiksfase
Uitstoothoogte Oppervlakte Spreiding Warmteinhoud Temporele variatie NOx
3,00 kg/j
Naam
Woon-werk verkeer 60876, 372999 < 1 kg/j < 1 kg/j
Locatie (X,Y) NOx NH3
Resultaten
Bouwvlak 60982, 373051 4,0 m 1,0 ha 0,5 m 0,000 MW Continue emissie
Soort
Voertuig
Aantal voertuigen Stof
Emissie
Standaard
Licht verkeer
20,0 / etmaal NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
Realisatiefase Gebruiksfase
RsMq3Sp6mzGs (23 oktober 2019) pagina 8/9
Resultaten
Disclaimer
Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden.
Rekenbasis
Deze berekening is tot stand gekomen op basis van: AERIUS versie 2019_20191018_c53b8fdaa8 Database versie c53b8fdaa8 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/nl/factsheets/uitleg
Resultaten
Realisatiefase Gebruiksfase
RsMq3Sp6mzGs (23 oktober 2019) pagina 9/9
Bijlage 2 bij Notitie beantwoording zienswijze en overzicht ambtshalve wijzigingen
Molenadvies
Bijlage 3 bij Notitie beantwoording zienswijze en overzicht ambtshalve wijzigingen
Aanvullend natuuronderzoek
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
2 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
3 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
4 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
5 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
6 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
7 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
8 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
9 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
10 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
11 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
12 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
13 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
14 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
15 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
16 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
17 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
18 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
19 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
20 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
21 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
22 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
23 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
24 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
25 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
26 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
27 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
28 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
29 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
30 van 30
Bijlage 2
Projectcode:
78177
Projectnaam: Getekend volgens:
Kleinvogel Kuitaart NEN 5104
Meetpunt:
01
Meetpunt:
Mm01 landbouw
Datum:
3-11-2020
Datum:
3-11-2020
Boormeester:
Rob Lenting
Boormeester:
Rob Lenting
0
0
akker Klei, sterk zandig, matig humeus, zwak schelphoudend, zwak roesthoudend, donker grijsbruin, Edelmanboor
40
Zand, matig fijn, matig siltig, brokken klei, laagjes schelpen, donker grijsblauw, Zuigerboor
50 70
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak schelphoudend, licht cremegrijs, Zuigerboor 100
150
200
200
Meetpunt:
Mm02 natuur
Datum:
3-11-2020
Boormeester: 0
Rob Lenting 0
20
bosschage Klei, sterk zandig, matig humeus, sterk plantenresten houdend, donker beigebruin, Guts
0
0
20
akker Klei, sterk zandig, matig humeus, zwak schelphoudend, donker grijsbruin, Guts
Rapport
BemestingsWijzer Akker-/tuinbouw MM01
Eurofins Agro Postbus 170 NL - 6700 AD Wageningen T monstername: Thijmen Schouten: 0652002114 T klantenservice: 088 876 1010 E klantenservice.agro@eurofins.com I www.eurofins-agro.com
Uw klantnummer: 8051593 Ing Bur Land BV Postbus 303 6710 BH EDE GLD
Onderzoek
Onderzoek-/ordernr: 778445/005225053
Datum monstername: 03-11-2020
Datum verslag: 17-11-2020
Kleinvogel Kuitaart (78177)
Resultaat
Eenheid
Chemisch
Fysisch
Resultaat
Streeftraject
N-totale bodemvoorraad kg N/ha C/N-ratio N-leverend vermogen kg N/ha
5830 12 95
2960 - 4650 13 - 17 95 - 145
S-plantbeschikbaar kg S/ha S-totale bodemvoorraad kg S/ha C/S-ratio S-leverend vermogen kg S/ha
69 1220 59 20
20 - 30 705 - 1650 50 - 75 20 - 30
P-plantbeschikbaar P-bodemvoorraad
kg P/ha kg P/ha
1,4 325
5,2 - 8,6 340 - 590
K-plantbeschikbaar K-bodemvoorraad
kg K/ha kg K/ha
70 180
200 - 315 325 - 460
Ca-plantbeschikbaar Ca-bodemvoorraad
kg Ca/ha kg Ca/ha
665 7015
205 - 485 5880 - 8825
Mg-plantbeschikbaar Mg-bodemvoorraad
kg Mg/ha kg Mg/ha
165 65
145 - 245 225 - 485
Na-plantbeschikbaar Na-bodemvoorraad
kg Na/ha kg Na/ha
45 60
100 - 145 65 - 100
7,5
> 5,6
Zuurgraad (pH) C-organisch Organische stof C/OS-ratio
% %
2,5 5,1 0,49
0,45 - 0,55
Koolzure kalk
%
13,5
2,0 - 3,0
Klei-humus (CEC) CEC-bezetting Ca-bezetting Mg-bezetting K-bezetting Na-bezetting H-bezetting Al-bezetting
mmol+/kg % % % % % % %
126 100 97 1,5 1,3 0,7 < 0,1 < 0,1
> 96 > 95 80 - 90 6,0 - 10 2,0 - 5,0 1,0 - 1,5 < 1,0 < 1,0
Eenheid
Resultaat
Streeftraject
rapportcijfer rapportcijfer
10,0 8,0
6,0 - 8,0 6,0 - 8,0
Verkruimelbaarheid Verslemping
Pagina: 1 Totaal aantal pagina's: 5 Rapportidentificatie: 778445/005225053, 17-11-2020
laag
vrij laag
goed
vrij hoog hoog
laag
vrij laag
goed
zeer goed
Dit rapport is vrijgegeven onder verantwoording van Drs.Ing. J. van Benthum, Business Unit Manager. Op al onze vormen van dienstverlening zijn onze Algemene Voorwaarden van toepassing. Op verzoek worden deze en/of de specificaties van de analysemethoden toegezonden. Eurofins Agro Testing Wageningen BV stelt zich niet aansprakelijk voor eventuele schadelijke gevolgen voortvloeiend uit het gebruik van door of namens ons verstrekte onderzoeksresultaten en/of adviezen. Eurofins Agro Testing Wageningen BV is ingeschreven in het RvA-register voor testlaboratoria zoals nader omschreven in de erkenning onder nr. L122 voor uitsluitend de monsternemings- en/of de analysemethoden.
MM01
Resultaat
Biologisch
Eenheid
Resultaat
Vochthoudend vermogen mm
48
Schimmel/bacterie-ratio
0,3
Streeftraject
laag
vrij laag
goed
vrij hoog hoog
0,6 - 0,9
heeft, zijn stikstof (N), zwavel (S), fosfaat (P), kalium (K), calcium (Ca) en magnesium (Mg). De andere molybdeen (Mo) en chloor (Cl). Een gewas heeft van sporenelementen relatief weinig nodig, maar een tekort kan bij ieder gewas opbrengst- en of kwaliteitsverlies veroorzaken. andere opbrengst, kwaliteit, weerbaarheid, stevigheid, vruchtbaarheid, smakelijkheid en (dier)gezondheid. Elementen kunnen elkaar ook beconcurreren. Als bijvoorbeeld de Mg-toestand 'goed' is maar de Ktoestand 'hoog' is, kan er alsnog een Mg-tekort ontstaan. De adviesgiften houden derhalve ook rekening met deze interacties.
Bemestingsadviezen en wetgeving De bemestingsadviezen streven een landbouwkundig optimale opbrengst en kwaliteit na. De adviezen houden geen rekening met restricties vanuit wetgeving. Wanneer u op bedrijfsniveau niet voldoende ruimte heeft, adviseren we de giften van de minst behoeftige gewassen te verminderen, overleg met uw adviseur. Wetgeving
Advies in kg per ha per jaar
Lever de resultaten van grondonderzoek ieder jaar opnieuw in voor 15 mei van het betreffende jaar. Dat kunt u doen op www.rvo.nl/aangifte. Voor dit perceel kunt u de volgende waarden doorgeven: P-bodemvoorraad (P-Al) = 26 mg P2O5/100 g P-plantbeschikbaar (P-PAE) = 0,5 mg P/kg Pw-getal = 18 mg P2O5/l Frequentie
Gewas
Adviesgift
Stikstof (N)
per jaar
Snijmais
205
Sulfaat (SO3)
per jaar
Snijmais
13
73
Fosfaat (P2O5)
per jaar
Snijmais
220
80
Kali (K2O)
per jaar
Snijmais
375
300
Calcium (CaO)
per jaar
Snijmais
10
Magnesium (MgO)
per jaar
Snijmais
39
Kalk (nw)
eenmalig
0 De kalkgift is gebaseerd op een optimale pH van 5,8
Effectieve org. stof
per jaar
3305
eenmalig
0
eenmalig
475
Bodemstructuur Calcium (CaO) Magnesium (MgO)
Pagina: 2 Totaal aantal pagina's: 5 Rapportidentificatie: 778445/005225053, 17-11-2020
Afvoer
Rapport MM01
Toelichting
De resultaten en/of het advies van dit bemestingsonderzoek kunt u t/m 2024 gebruiken. Laat het perceel daarna opnieuw bemonsteren. Dan krijgt u een betrouwbaar bemestingsadvies gebaseerd op de actuele bodemtoestand. Stikstof: Het N-advies betreft een gewasgericht jaargift. We adviseren deze N-gift - zo mogelijk - op te delen in meerdere giften. Of de vervolggift nodig is, kunt u tijdens het groeiseizoen laten controleren via ons BodemCheck onderzoek. In dit onderzoek wordt onder andere de plantbeschikbare (=minerale) N in de bodem gemeten. Zwavel: Zwavel (S) komt vrij bij de afbraak van organische stof of mest. Deze afbraak vindt plaats door bodemleven. Bodemleven is onder koudere omstandigheden niet erg actief. Vroeg in het voorjaar komt er derhalve weinig S vrij uit de bodem. Voor veel vroege gewassen kan het dan ook verstandig zijn om S te bemesten, zelfs al is de bodemvoorraad goed of hoog (overleg met uw adviseur). Fosfaat: De P-buffering is 52 . Het streeftraject ligt tussen de 17 - 27 De P-buffering geeft aan of de P-bodemvoorraad in staat is de Pplantbeschikbaar op het huidige peil te houden. Als de Pbuffering laag is, dan zal de P-plantbeschikbaar tijdens het groeiseizoen niet op peil blijven en zal op termijn ook de Pbodemvoorraad terug gaan lopen.
Kali: Het K-getal is voor dit perceel 8 Calcium: Het calciumadvies is - afhankelijk van de bodemtoestand - deels gewasgericht en deels bodemgericht. Het gewasgerichte CaO-bemestingsadvies (direct onder het kaliadvies) is voornamelijk bedoeld om de kwaliteit van gewassen te verbeteren. Het bodemgerichte advies is bedoeld om de bodemvoorraad van calcium op peil te brengen en zal daarnaast een positief effect hebben op de bodemstructuur (zie CEC-driehoek). Let op: mogelijk krijgt u ook een kalkgift geadviseerd. U hoeft niet meerdere keren calcium te geven; calcium uit stikstof-, fosfaaten kalkmeststoffen dient u hierop in mindering te brengen. Bodemleven: De biologische bodemvruchtbaarheid wordt nu weergegeven via activiteit en de schimmel/bacterie-ratio. Op basis van de huidige kennis wordt een waardering gegeven die afhankelijk is van de hoeveelheid organische stof. Er wordt nu nog geen advies gegeven. Via diverse onderzoeksprojecten zal er meer informatie beschikbaar komen.
Organische stof Figuur: Organische stofbalans 3965
142385 660 4,6 %
3305 5,1 % Organische stof
Jaarlijks afbraakpercentage van de totale voorraad organische stof (%): 2,7 Voorraad organische stof die over 1 jaar in de bemonsterde laag nog aanwezig zal zijn als er geen (effectieve) organische stof wordt aangevoerd. Totaal benodigde aanvoer van effectieve organische stof als gevolg van afbraak van de organische stof. Aanvoer via gewasresten (gemiddeld binnen opgegeven bouwplan of gewassen). Nog aan te vullen via bijv. dierlijke mest, groenbemesters en/of compost.
Gewas(rest)
Aanvoer effectieve organische stof
Snijmais
660 ------660
Gemiddelde aanvoer/jaar
Om het organische stofgehalte met 0,1% te verhogen dient u een extra hoeveelheid effectieve organische stof aan te voeren van: 2870 kg per ha. Figuur: Kwaliteit van de organische stof
Organische stof bestaat uit met name C, N, P, S. Wanneer de organische stof relatief veel N en of S bevat is dit aantrekkelijk voor bodemleven. Bodemleven vreet deze organische stof graag. Hierbij komt N en S vrij en het gehalte aan organische stof daalt licht (dynamische organische stof). Organische stof kan ook veel C bevatten. Dat is over het algemeen minder aantrekkelijk voor bodemleven. De organische stof wordt derhalve minder aangevreten door bodemleven; de organische stof is stabieler. Stabiele organische stof draagt onder andere bij aan de bewerkbaarheid van de bodem en aan de rulheid. Dynamische organische stof draagt eit van de organische stof is (geleidelijk) aan te passen door onder andere te letten op de eigenschappen van bodemverbeteraars als dierlijke mest, compost en gewasresten. Pagina: 3 Totaal aantal pagina's: 5 Rapportidentificatie: 778445/005225053, 17-11-2020
Dit rapport is vrijgegeven onder verantwoording van Drs.Ing. J. van Benthum, Business Unit Manager. Op al onze vormen van dienstverlening zijn onze Algemene Voorwaarden van toepassing. Op verzoek worden deze en/of de specificaties van de analysemethoden toegezonden. Eurofins Agro Testing Wageningen BV stelt zich niet aansprakelijk voor eventuele schadelijke gevolgen voortvloeiend uit het gebruik van door of namens ons verstrekte onderzoeksresultaten en/of adviezen. Eurofins Agro Testing Wageningen BV is ingeschreven in het RvA-register voor testlaboratoria zoals nader omschreven in de erkenning onder nr. L122 voor uitsluitend de monsternemings- en/of de analysemethoden.
MM01
Fysisch kationen aan het klei-humuscomplex. Uiteraard is de werkelijke structuur ook afhankelijk van weersomstandigheden en vochttoestand van de bodem tijdens berijden en bewerken en de zwaarte van machines. Figuur: Structuurdriehoek
optimale structuur goede structuur matige structuur zeer matige structuur slechte structuur huidige situatie van dit perceel
Figuur: Textuurdriehoek Naast klei (lutum), worden ook de silt- en zandfracties verdeling van bodemdeeltjes wordt onder andere gebruikt om het verslempingsrisico van een bodem in te schatten. Bij verslemping wordt de bodem dichtgesmeerd met kleinere deeltjes (klei en silt). Een heel eenzijdige verdeling (bijvoorbeeld hoofdzakelijk zand- of kleideeltjes) levert het minste risico van slemp op. Bij 10-20% klei is het risico op slemp het grootst.
De verkruimelbaarheid is goed te noemen. Echter is dit ook afhankelijk van de soort teelt. Gezien het resultaat is de kans op verslemping klein.
Pagina: 4 Totaal aantal pagina's: 5 Rapportidentificatie: 778445/005225053, 17-11-2020
Rapport MM01
Fysisch
Figuur: Waterretentiecurve De hoeveelheid plant beschikbaar water in de bemonsterde laag is 48 mm, dit is wat u maximaal zou moeten beregenen. Alles wat u meer geeft spoelt af van het perceel of zakt naar diepere lagen. Als het vochtgehalte van het perceel daalt hebben gewassen moeite om voldoende water op te nemen, de grens ligt bij pF 3,3. Wanneer u het vochtgehalte kan bepalen, begin dan met beregenen als het vochtgehalte van dit perceel op 5,7 % vocht zit en geef dan 40 mm. Het actuele vochtgehalte kan bepaald worden door een vochtsensor of verzamel grond van een tiental plekken in het perceel. Meet het gewicht van de vochtige grond en het gewicht van de grond na 24 uur drogen, het verschil tussen de twee is een indicatie van het vochtgehalte van het perceel.
Contact & info Bemonsterde laag: Grondsoort: Monster genomen door: Contactpersoon monstername:
0 - 25 cm Zand Derden Thijmen Schouten: 0652002114
Na verzending van dit verslag wordt, indien de aard en de onderzoeksmethode van het monster dit toelaat, het monster nog twee weken bij Eurofins Agro voor u bewaard. Binnen deze tijd kunt u eventueel reclameren en/of aanvullend onderzoek aanvragen.
Methode
Resultaat
Eenheid
P-bodemvoorraad
26
mg P2O5
Koolzure kalk
13,5
%
Methode
RvA
De op pagina 1 en 2 bij Resultaat vermelde waarden zijn berekend uit bovenstaande analyseresultaten. Q Em:
Methode geaccrediteerd door RvA Eigen methode, Gw: Gelijkwaardig aan, Cf: Conform
De resultaten zijn weergegeven in droge grond. Alle verrichtingen zijn binnen de gestelde houdbaarheidstermijn tussen monstername en analyse uitgevoerd. De resultaten hebben uitsluitend betrekking op het in behandeling genomen materiaal op 04-11-2020
Pagina: 5 Totaal aantal pagina's: 5 Rapportidentificatie: 778445/005225053, 17-11-2020
Dit rapport is vrijgegeven onder verantwoording van Drs.Ing. J. van Benthum, Business Unit Manager. Op al onze vormen van dienstverlening zijn onze Algemene Voorwaarden van toepassing. Op verzoek worden deze en/of de specificaties van de analysemethoden toegezonden. Eurofins Agro Testing Wageningen BV stelt zich niet aansprakelijk voor eventuele schadelijke gevolgen voortvloeiend uit het gebruik van door of namens ons verstrekte onderzoeksresultaten en/of adviezen. Eurofins Agro Testing Wageningen BV is ingeschreven in het RvA-register voor testlaboratoria zoals nader omschreven in de erkenning onder nr. L122 voor uitsluitend de monsternemings- en/of de analysemethoden.
Rapport
BemestingsWijzer Akker-/tuinbouw MM02
Eurofins Agro Postbus 170 NL - 6700 AD Wageningen T monstername: Thijmen Schouten: 0652002114 T klantenservice: 088 876 1010 E klantenservice.agro@eurofins.com I www.eurofins-agro.com
Uw klantnummer: 8051593 Ing Bur Land BV Postbus 303 6710 BH EDE GLD
Onderzoek
Onderzoek-/ordernr: 778446/005225053
Datum monstername: 03-11-2020
Datum verslag: 17-11-2020
Kleinvogel Kuitaart (78177)
Resultaat
Eenheid
Chemisch
Fysisch
Resultaat
Streeftraject
N-totale bodemvoorraad kg N/ha C/N-ratio N-leverend vermogen kg N/ha
15220 10 270
2490 - 3920 13 - 17 95 - 145
S-plantbeschikbaar kg S/ha S-totale bodemvoorraad kg S/ha C/S-ratio S-leverend vermogen kg S/ha
263 3435 44 45
20 - 30 595 - 1390 50 - 75 20 - 30
P-plantbeschikbaar P-bodemvoorraad
kg P/ha kg P/ha
1,9 475
4,4 - 7,3 285 - 495
K-plantbeschikbaar K-bodemvoorraad
kg K/ha kg K/ha
165 670
170 - 265 600 - 760
Ca-plantbeschikbaar Ca-bodemvoorraad
kg Ca/ha kg Ca/ha
390 15175
175 - 405 16340 - 24510
Mg-plantbeschikbaar Mg-bodemvoorraad
kg Mg/ha kg Mg/ha
265 855
120 - 205 485 - 780
Na-plantbeschikbaar Na-bodemvoorraad
kg Na/ha kg Na/ha
420 70
85 - 120 55 - 85
7,1
> 5,0
Zuurgraad (pH) C-organisch Organische stof C/OS-ratio
% %
6,2 12,6 0,49
0,45 - 0,55
Koolzure kalk
%
7,2
2,0 - 3,0
Klei-humus (CEC) CEC-bezetting Ca-bezetting Mg-bezetting K-bezetting Na-bezetting H-bezetting Al-bezetting
mmol+/kg % % % % % % %
350 100 89 8,3 2,0 0,4 < 0,1 < 0,1
> 210 > 95 80 - 90 6,0 - 10 2,0 - 5,0 1,0 - 1,5 < 1,0 < 1,0
Eenheid
Resultaat
Streeftraject
rapportcijfer rapportcijfer
9,9 9,8
6,0 - 8,0 6,0 - 8,0
Verkruimelbaarheid Verslemping
Pagina: 1 Totaal aantal pagina's: 6 Rapportidentificatie: 778446/005225053, 17-11-2020
laag
vrij laag
goed
vrij hoog hoog
laag
vrij laag
goed
zeer goed
Dit rapport is vrijgegeven onder verantwoording van Drs.Ing. J. van Benthum, Business Unit Manager. Op al onze vormen van dienstverlening zijn onze Algemene Voorwaarden van toepassing. Op verzoek worden deze en/of de specificaties van de analysemethoden toegezonden. Eurofins Agro Testing Wageningen BV stelt zich niet aansprakelijk voor eventuele schadelijke gevolgen voortvloeiend uit het gebruik van door of namens ons verstrekte onderzoeksresultaten en/of adviezen. Eurofins Agro Testing Wageningen BV is ingeschreven in het RvA-register voor testlaboratoria zoals nader omschreven in de erkenning onder nr. L122 voor uitsluitend de monsternemings- en/of de analysemethoden.
MM02
Resultaat
Biologisch
Eenheid
Resultaat
Vochthoudend vermogen mm
57
Schimmel/bacterie-ratio
0,3
Streeftraject
laag
vrij laag
goed
vrij hoog hoog
0,6 - 0,9
heeft, zijn stikstof (N), zwavel (S), fosfaat (P), kalium (K), calcium (Ca) en magnesium (Mg). De andere molybdeen (Mo) en chloor (Cl). Een gewas heeft van sporenelementen relatief weinig nodig, maar een tekort kan bij ieder gewas opbrengst- en of kwaliteitsverlies veroorzaken. andere opbrengst, kwaliteit, weerbaarheid, stevigheid, vruchtbaarheid, smakelijkheid en (dier)gezondheid. Elementen kunnen elkaar ook beconcurreren. Als bijvoorbeeld de Mg-toestand 'goed' is maar de Ktoestand 'hoog' is, kan er alsnog een Mg-tekort ontstaan. De adviesgiften houden derhalve ook rekening met deze interacties.
Bemestingsadviezen en wetgeving De bemestingsadviezen streven een landbouwkundig optimale opbrengst en kwaliteit na. De adviezen houden geen rekening met restricties vanuit wetgeving. Wanneer u op bedrijfsniveau niet voldoende ruimte heeft, adviseren we de giften van de minst behoeftige gewassen te verminderen, overleg met uw adviseur. Wetgeving
Advies in kg per ha per jaar
Lever de resultaten van grondonderzoek ieder jaar opnieuw in voor 15 mei van het betreffende jaar. Dat kunt u doen op www.rvo.nl/aangifte. Voor dit perceel kunt u de volgende waarden doorgeven: P-bodemvoorraad (P-Al) = 45 mg P2O5/100 g P-plantbeschikbaar (P-PAE) = 0,8 mg P/kg Pw-getal = 26 mg P2O5/l Frequentie
Gewas
Adviesgift
Stikstof (N)
per jaar
Snijmais
165
Sulfaat (SO3)
per jaar
Snijmais
13
73
Fosfaat (P2O5)
per jaar
Snijmais
90
80
Kali (K2O)
per jaar
Snijmais
0
300
Calcium (CaO)
per jaar
Snijmais
25
Magnesium (MgO)
per jaar
Snijmais
0
Kalk (nw)
eenmalig
0 De kalkgift is gebaseerd op een optimale pH van 5,2
Effectieve org. stof
per jaar
7015
eenmalig
0
eenmalig
0
Bodemstructuur Calcium (CaO) Magnesium (MgO)
Pagina: 2 Totaal aantal pagina's: 6 Rapportidentificatie: 778446/005225053, 17-11-2020
Afvoer
Rapport MM02
Toelichting
De resultaten en/of het advies van dit bemestingsonderzoek kunt u t/m 2024 gebruiken. Laat het perceel daarna opnieuw bemonsteren. Dan krijgt u een betrouwbaar bemestingsadvies gebaseerd op de actuele bodemtoestand. Stikstof: Het N-advies betreft een gewasgericht jaargift. We adviseren deze N-gift - zo mogelijk - op te delen in meerdere giften. Of de vervolggift nodig is, kunt u tijdens het groeiseizoen laten controleren via ons BodemCheck onderzoek. In dit onderzoek wordt onder andere de plantbeschikbare (=minerale) N in de bodem gemeten. Zwavel: Zwavel (S) komt vrij bij de afbraak van organische stof of mest. Deze afbraak vindt plaats door bodemleven. Bodemleven is onder koudere omstandigheden niet erg actief. Vroeg in het voorjaar komt er derhalve weinig S vrij uit de bodem. Voor veel vroege gewassen kan het dan ook verstandig zijn om S te bemesten, zelfs al is de bodemvoorraad goed of hoog (overleg met uw adviseur). Fosfaat: De P-buffering is 56 . Het streeftraject ligt tussen de 17 - 27 De P-buffering geeft aan of de P-bodemvoorraad in staat is de Pplantbeschikbaar op het huidige peil te houden. Als de Pbuffering laag is, dan zal de P-plantbeschikbaar tijdens het groeiseizoen niet op peil blijven en zal op termijn ook de Pbodemvoorraad terug gaan lopen.
Pagina: 3 Totaal aantal pagina's: 6 Rapportidentificatie: 778446/005225053, 17-11-2020
Kali: Het K-getal is voor dit perceel 20 Calcium: Het calciumadvies is - afhankelijk van de bodemtoestand - deels gewasgericht en deels bodemgericht. Het gewasgerichte CaO-bemestingsadvies (direct onder het kaliadvies) is voornamelijk bedoeld om de kwaliteit van gewassen te verbeteren. Het bodemgerichte advies is bedoeld om de bodemvoorraad van calcium op peil te brengen en zal daarnaast een positief effect hebben op de bodemstructuur (zie CEC-driehoek). Let op: mogelijk krijgt u ook een kalkgift geadviseerd. U hoeft niet meerdere keren calcium te geven; calcium uit stikstof-, fosfaaten kalkmeststoffen dient u hierop in mindering te brengen. Bodemleven: De biologische bodemvruchtbaarheid wordt nu weergegeven via activiteit en de schimmel/bacterie-ratio. Op basis van de huidige kennis wordt een waardering gegeven die afhankelijk is van de hoeveelheid organische stof. Er wordt nu nog geen advies gegeven. Via diverse onderzoeksprojecten zal er meer informatie beschikbaar komen.
Dit rapport is vrijgegeven onder verantwoording van Drs.Ing. J. van Benthum, Business Unit Manager. Op al onze vormen van dienstverlening zijn onze Algemene Voorwaarden van toepassing. Op verzoek worden deze en/of de specificaties van de analysemethoden toegezonden. Eurofins Agro Testing Wageningen BV stelt zich niet aansprakelijk voor eventuele schadelijke gevolgen voortvloeiend uit het gebruik van door of namens ons verstrekte onderzoeksresultaten en/of adviezen. Eurofins Agro Testing Wageningen BV is ingeschreven in het RvA-register voor testlaboratoria zoals nader omschreven in de erkenning onder nr. L122 voor uitsluitend de monsternemings- en/of de analysemethoden.
MM02
Organische stof Figuur: Organische stofbalans 7675
297155 660 11,5 %
7015 12,6% Organische stof
Jaarlijks afbraakpercentage van de totale voorraad organische stof (%): 2,5 Voorraad organische stof die over 1 jaar in de bemonsterde laag nog aanwezig zal zijn als er geen (effectieve) organische stof wordt aangevoerd. Totaal benodigde aanvoer van effectieve organische stof als gevolg van afbraak van de organische stof. Aanvoer via gewasresten (gemiddeld binnen opgegeven bouwplan of gewassen). Nog aan te vullen via bijv. dierlijke mest, groenbemesters en/of compost.
Gewas(rest)
Aanvoer effectieve organische stof
Snijmais
660 ------660
Gemiddelde aanvoer/jaar
De hoeveelheid effectieve organische stof die u moet aanvoeren om het huidige organisch stofgehalte te handhaven, is dusdanig hoog dat het in de praktijk niet haalbaar zal zijn dit volledig te compenseren via aanvoer van gewasresten, dierlijke mest en compost. Gezien de hoogte van het huidige organische stofgehalte zal dit meestal ook niet bezwaarlijk zijn. Om het organische stofgehalte met 0,1% te verhogen dient u een extra hoeveelheid effectieve organische stof aan te voeren van: 2420 kg per ha. Figuur: Kwaliteit van de organische stof
Organische stof bestaat uit met name C, N, P, S. Wanneer de organische stof relatief veel N en of S bevat is dit aantrekkelijk voor bodemleven. Bodemleven vreet deze organische stof graag. Hierbij komt N en S vrij en het gehalte aan organische stof daalt licht (dynamische organische stof). Organische stof kan ook veel C bevatten. Dat is over het algemeen minder aantrekkelijk voor bodemleven. De organische stof wordt derhalve minder aangevreten door bodemleven; de organische stof is stabieler. Stabiele organische stof draagt onder andere bij aan de bewerkbaarheid van de bodem en aan de rulheid. Dynamische organische stof draagt eit van de organische stof is (geleidelijk) aan te passen door onder andere te letten op de eigenschappen van bodemverbeteraars als dierlijke mest, compost en gewasresten. Fysisch kationen aan het klei-humuscomplex. Uiteraard is de werkelijke structuur ook afhankelijk van weersomstandigheden en vochttoestand van de bodem tijdens berijden en bewerken en de zwaarte van machines. Figuur: Structuurdriehoek
optimale structuur goede structuur matige structuur zeer matige structuur slechte structuur huidige situatie van dit perceel
Pagina: 4 Totaal aantal pagina's: 6 Rapportidentificatie: 778446/005225053, 17-11-2020
Rapport MM02
Fysisch
Figuur: Textuurdriehoek Naast klei (lutum), worden ook de silt- en zandfracties verdeling van bodemdeeltjes wordt onder andere gebruikt om het verslempingsrisico van een bodem in te schatten. Bij verslemping wordt de bodem dichtgesmeerd met kleinere deeltjes (klei en silt). Een heel eenzijdige verdeling (bijvoorbeeld hoofdzakelijk zand- of kleideeltjes) levert het minste risico van slemp op. Bij 10-20% klei is het risico op slemp het grootst.
De verkruimelbaarheid is goed te noemen. Echter is dit ook afhankelijk van de soort teelt. Gezien het resultaat is de kans op verslemping klein. Figuur: Waterretentiecurve De hoeveelheid plant beschikbaar water in de bemonsterde laag is 57 mm, dit is wat u maximaal zou moeten beregenen. Alles wat u meer geeft spoelt af van het perceel of zakt naar diepere lagen. Als het vochtgehalte van het perceel daalt hebben gewassen moeite om voldoende water op te nemen, de grens ligt bij pF 3,3. Wanneer u het vochtgehalte kan bepalen, begin dan met beregenen als het vochtgehalte van dit perceel op 24,3 % vocht zit en geef dan 39 mm. Het actuele vochtgehalte kan bepaald worden door een vochtsensor of verzamel grond van een tiental plekken in het perceel. Meet het gewicht van de vochtige grond en het gewicht van de grond na 24 uur drogen, het verschil tussen de twee is een indicatie van het vochtgehalte van het perceel.
Contact & info Bemonsterde laag: Grondsoort: Monster genomen door: Contactpersoon monstername:
0 - 25 cm Lemig zand Derden Thijmen Schouten: 0652002114
Na verzending van dit verslag wordt, indien de aard en de onderzoeksmethode van het monster dit toelaat, het monster nog twee weken bij Eurofins Agro voor u bewaard. Binnen deze tijd kunt u eventueel reclameren en/of aanvullend onderzoek aanvragen.
Pagina: 5 Totaal aantal pagina's: 6 Rapportidentificatie: 778446/005225053, 17-11-2020
Dit rapport is vrijgegeven onder verantwoording van Drs.Ing. J. van Benthum, Business Unit Manager. Op al onze vormen van dienstverlening zijn onze Algemene Voorwaarden van toepassing. Op verzoek worden deze en/of de specificaties van de analysemethoden toegezonden. Eurofins Agro Testing Wageningen BV stelt zich niet aansprakelijk voor eventuele schadelijke gevolgen voortvloeiend uit het gebruik van door of namens ons verstrekte onderzoeksresultaten en/of adviezen. Eurofins Agro Testing Wageningen BV is ingeschreven in het RvA-register voor testlaboratoria zoals nader omschreven in de erkenning onder nr. L122 voor uitsluitend de monsternemings- en/of de analysemethoden.
MM02
Methode
Resultaat
Eenheid
P-bodemvoorraad
45
mg P2O5
Koolzure kalk
7,2
%
Methode
De op pagina 1 en 2 bij Resultaat vermelde waarden zijn berekend uit bovenstaande analyseresultaten. Q Em:
Methode geaccrediteerd door RvA Eigen methode, Gw: Gelijkwaardig aan, Cf: Conform
De resultaten zijn weergegeven in droge grond. Alle verrichtingen zijn binnen de gestelde houdbaarheidstermijn tussen monstername en analyse uitgevoerd. De resultaten hebben uitsluitend betrekking op het in behandeling genomen materiaal op 04-11-2020
Pagina: 6 Totaal aantal pagina's: 6 Rapportidentificatie: 778446/005225053, 17-11-2020
RvA
Rapport
Bemestingsonderzoek water + Fe-totaal GW01+GW02
Eurofins Agro Postbus 170 NL - 6700 AD Wageningen T +31 (0)88 876 1014 F +31 (0)88 876 1011 E horti@eurofins.com I www.eurofins-agro.com
Uw klantnummer: 8051593 Ing Bur Land BV Postbus 303 6710 BH EDE GLD
Origineel Monster
Onderzoek-/ordernr: 702257/005223864
Datum monstername: 03-11-2020
Datum verslag: 04-11-2020
Objectcode: 02257
Code onderzoek: 612
Datum ontvangst: 04-11-2020
Monster genomen door: Derden
Contactpersoon monstername:
Ingenieursbureau Land Resultaat analyse
Kationen mmol/l
Anionen mmol/l
Spoorelementen
mmol/l
omgerekend resultaat
pH
7,2
NH4
< 0,1
< 1,9
ppm
K
0,2
7,8
ppm
Na
0,6
14
ppm
Ca
5,7
228
ppm
Mg
0,6
15
ppm
NO3
< 0,1
< 6,3
ppm
Cl
0,3
11
ppm
S
2,4
77
ppm
HCO3
7,5
458
ppm
P
< 0,04
< 1,3
ppm
Fe
124
6925
ppb
Zn
< 0,1
< 6,6
ppb
B
15
162
ppb
Cu
< 0,1
< 6,4
ppb
Mo
< 0,1
< 9,6
ppb
Si
0,50
14
ppm
Pagina: 1 Totaal aantal pagina's: 2 Rapportidentificatie: 702257/005223864, 04-11-2020
analyse
eenheid
Dit rapport is vrijgegeven onder verantwoording van Ir. T.G.M. Aanhane, Business Unit Manager. Op al onze vormen van dienstverlening zijn onze Algemene Voorwaarden van toepassing. Op verzoek worden deze en/of de specificaties van de analysemethoden toegezonden. Eurofins Agro Testing Wageningen BV stelt zich niet aansprakelijk voor eventuele schadelijke gevolgen voortvloeiend uit het gebruik van door of namens ons verstrekte onderzoeksresultaten en/of adviezen. Eurofins Agro Testing Wageningen BV is ingeschreven in het RvA-register voor testlaboratoria zoals nader omschreven in de erkenning onder nr. L122 voor uitsluitend de monsternemings- en/of de analysemethoden.
GW01+GW02
Historie pH
EC
NH4
K
Na
Ca
Mg
NO3
Cl
S
HCO3
P
Si
Fe
Mn
Zn
B
Cu
Mo
________ ________ ________ ________ ________ ________ ________ ________ ________ ________ ________ ________ ________ ________ ________ ________ ________ ________ ___
04-11-20
Methode
7,2
1,2
< 0,1
0,2
pH EC NH4 NO3 Cl HCO3 Overige bepalingen Fe-tot
0,6
5,7
Q Q Q Q Q Q
0,6
< 0,1
0,3
2,4
7,5
< 0,04 0,50
Em: PH-GTB Em: FILTR en EC1 Em: FILTR en SFAHFD Em: FILTR en SFAHFD Em: FILTR en SFAHFD Em: FILTR en SFAHFD Em: FILTR en ICP-HSP Em: ICP-HSP
Q Methode geaccrediteerd door RvA Em: Eigen methode, Gw: Gelijkwaardig aan, Cf: Conform Alle verrichtingen zijn binnen de gestelde houdbaarheidstermijn tussen monstername en analyse uitgevoerd. De resultaten hebben uitsluitend betrekking op het in behandeling genomen materiaal.
Pagina: 2 Totaal aantal pagina's: 2 Rapportidentificatie: 702257/005223864, 04-11-2020
124
6,4
< 0,1 15
< 0,1 < 0,1
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
2 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
3 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
4 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
5 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
6 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
7 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
8 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
9 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
10 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
11 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
12 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
13 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
14 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
15 van 30
Veldbiologische Werken / rapport VBW c 2020-110 r
16 van 30