20260528 Voorstel AB resultaatbestemming 2025 tbv AB 07 dec 2026
Tekst van het document
Concept voorstel AB Onderwerp: Voorstel resultaatbestemming 2025 Zaaknummer: Middelburg, 7 december 2026 Portefeuillehouder MT: Directeur Opsteller: Concerncontroller _____________________________________________________________________________ Aan het algemeen bestuur van RUD Zeeland, 1. Gevraagde beslissing / besluit 1. Instemmen met de verrekening van het negatieve resultaat 2025 met de deelnemers voor een bedrag van € 2.223.076; 2. Kennisnemen van bijgevoegde zienswijzen van de gemeenteraden en Provinciale Staten en de reactie van het dagelijks bestuur van RUD Zeeland. 2. Effect van het besluit Met dit besluit is de reservepositie circa 4,5% van de totale baten 2025 en daarmee lager dan hetgeen door de VZG als richtlijn is vastgesteld voor de maximale hoogte van de reserves. De reserves blijven met dit besluit wel op niveau ten opzichte van 2024 zodat op basis van de geactualiseerde risico-inschatting een verantwoorde balans blijft bestaan tussen de aanwezige risico’s en de financiële buffers. Indien het negatieve resultaat 2025 door de deelnemers gedekt wordt, is het weerstandsvermogen daarom voldoende en valt de reservepositie binnen de VZGnorm. 3. Argumenten of Overwegingen Vanaf 2026 zal de enkelvoudige weerstandsratio op basis van de geactualiseerde risicoinschatting verder oplopen naar 3,35 als zich geen nieuwe risico’s gaan voordoen.
Het cumulatieve ratio weerstandscapaciteit over de jaren 2026 tot en met 2029 bedraagt 1,64. De stijging van de weerstandsratio is het gevolg van het feit dat de begroting 2026 is gebaseerd op het plan ‘Samen naar een robuuste RUD Zeeland”, inclusief het bijbehorende ingroeimodel, zoals dat inhoudelijk door het algemeen bestuur op 9 september 2024 is geaccordeerd. Hierbij is de jaarschijf 2026 uit het ingroeimodel als uitgangspunt genomen. Door dit uitgangspunt te hanteren is er rekening gehouden met de aanvullende middelen over 2024 (geaccordeerd op 9 september 2024), 2025 (opgenomen in 1e begrotingswijziging 2025 die op 12 mei 2025 voor accordering wordt aangeboden) en 2026 die nodig zijn om robuust te worden. Doordat deze aanvullende middelen zijn meegenomen vervalt het risico van de onbalans in taken bijna geheel. Met een besluit om het negatieve resultaat 2025 te verrekenen met de deelnemers, wordt de doelstelling gehaald die de RUD heeft gesteld namelijk een ratio tussen 1,0 en 1,4. Hiermee ontstaat een verantwoorde balans tussen enerzijds de aanwezige risico’s en anderzijds de 1
financiële buffer om deze risico’s op te vangen zonder dat dit ten koste gaat van de organisatiedoelstellingen. Gezien alle onzekerheden die in het kader van het robuust worden nog op de RUD afkomen is het op dit moment niet wenselijk om de algemene reserve in te zetten voor de gedeeltelijk dekking van het nadelige resultaat over 2025. De algemene reserve blijft dan op niveau maar de totale begrote baten nemen in 2026 substantieel toe ten opzichte van 2024 en 2025. Daardoor daalt de procentuele reservepositie. Gezien het voorgaande wordt voorgesteld om de algemene reserve op het huidige niveau te houden en dat past ruimschoots binnen de VZG-richtlijn van 5%. Na afronding van de transitie rond het robuust worden kan een heroverweging plaatsvinden. Bovenstaande heeft tot gevolg dat het voorstel is om het volledige negatieve resultaat over 2024 van € 2.223.076 te verreken met de deelnemers. De verdeling van dit bedrag zal conform de vastgestelde bijdrage verordening verrekend worden op basis van de werkelijke relatieve bijdragen over 2025 (excl. materieel budget). In onderstaande tabel is weergegeven: Tabel 1: het verschil tussen de deelnemersbijdragen volgens begroting 2025 na 2e wijziging en de realisatie, inclusief verliesaandeel. Tabel 1: Deelnemersbijdrage uren, materieel budget (begroting versus werkelijke kosten) en verliesverrekening
Kolom A betreft de deelnemers van RUD Zeeland Kolom B, C en D betreffen de betaalde voorschotten per deelnemer Kolom E,F en G betreffen de realisatie per rubriek en op totaal per deelnemer Kolom H betreft het percentage gerealiseerde uren per deelnemer ten op zichten van het totaal gerealiseerd aan uren Kolom I betreft het verschil tussen ontvangen voorschotten en realisatie Kolom J op basis van het gecalculeerde percentage in kolom H wordt het totaal verlies verdeeld naar de deelnemers
Uit bovenstaande tabel (en bladzijde 42 van de jaarrekening 2025) blijkt dat de deelnemersbijdrage op totaalniveau aanzienlijk lager uitvalt dan de ontvangen voorschotten. Dit is voornamelijk toe te schrijven aan het achterblijven in productie. Hierbij is de productie 2025 ten opzichte van de jaarplannen 78% voor de directe uren (2024: 73%). De urenbesteding 2025 op de generieke uren is 85%. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt doordat uren die besteed zijn aan de migratie en de verhuizing, conform afspraken met de deelnemers, als generiek verantwoord zijn. 2
Belangrijke oorzaak voor het achterblijven van de productie ligt in het feit dat de personele bezetting later is ingevuld dan gepland. Dat komt omdat het implementatietraject ‘robuuste RUD’ in 2025 aanzienlijk meer tijd in beslag heeft genomen dan vooraf was voorzien en hiermee is de invulling van de vacatures verschoven naar het einde van het jaar. Aan de andere kant is er sprake van een nadelig resultaat van € 2.223.076 met name als gevolg van de incidentele kosten in 2025 van € 1.597.000 inzake PIOFACH. De uitkomst van de jaarrekening 2025 (€ 2,2 miljoen negatief) is iets minder negatief dan het geprognotiseerde resultaat in de 2e voortgangsrapportage 2025 (€ 2,8 miljoen negatief) waarin was aangegeven dat de lagere deelnemersbijdrage over 2025 als gevolg van de latere invulling van de vacatures rond de robuuste RUD kon worden ingezet ter dekking van de hogere incidentele kosten inzake PIOFACH. Waarbij de lagere deelnemersbijdrage zou lopen via de reguliere exploitatie en de incidentele kosten inzake PIOFACH via het resultaat. Uit vorenstaande blijkt ook dat alle deelnemers, na verrekening van het negatieve resultaat 2025, nog bijna € 1,1 miljoen terug ontvangen. Per deelnemer kan dit echter anders uitpakken. Hoe hoger de productie die is geleverd, hoe lager het voordeel op de deelnemersbijdrage en dus op het saldo en visa versa.
Begeleidingscommissie Het voorstel voor de resultaatbestemming over 2025 is gedeeld met de begeleidingscommissie. De begeleidingscommissie adviseert positief over het voorstel “resultaatbestemming 2025”. Voor een nadere toelichting wordt verwezen naar het advies van de begeleidingscommissie, inclusief de reactie van de RUD. 4. Uitvoering en communicatie a. Aanpak en planning en route en planning verdere besluitvorming: OR, Deelnemersoverleg, begeleidingscommissie, DB, AB Datum 18 mei 2026 27 mei 2026 28 mei 2026 19 oktober 2026 09 november 2026 07 december 2026
Omschrijving Advies Begeleidingscommissie Dagelijks bestuur Verzending concept voor zienswijze Sluitingsdatum indiening zienswijzen Behandeling in het dagelijks bestuur: instemmen met de resultaatbestemming 2025 met inachtneming van daarop ingediende zienswijzen Behandeling in algemeen bestuur: vaststellen resultaatbestemming 2025
b. Communicatie n.v.t. c. Interne communicatie (deze tekst wordt opgenomen in de terugkoppeling naar de collega’s). n.v.t. 5. Risico’s, kosten, baten en dekking (restant budget) a. Risico’s: (kosten-baten), niet gehonoreerd wat dan + risico’s besluit Gezien alle onzekerheden die in het kader van het robuust worden nog op de RUD afkomen, is het niet wenselijk om de algemene reserve in te zetten voor de gedeeltelijk dekking van het nadelige resultaat over 2025. Daarnaast besloot het Algemeen Bestuur op 24 maart 2025 om de incidentele kosten PIOFACH te dekken uit het negatieve resultaat 2025. Voorgesteld wordt om de reserves op het huidige niveau te houden en dat past binnen de VZG-richtlijn van 5%. 3
b. c. d. e. f. g.
Indien het negatieve resultaat 2025 niet door de deelnemers gedekt wordt, is het weerstandsvermogen negatief en worden de reserves € 1.433.000 negatief. Organisatorisch (wat betekent dit voor de organisatie) n.v.t. Juridisch n.v.t. Financiën Na besluitvorming door het algemeen bestuur op 07 december 2026 worden de deelnemers voor hun aandeel in het totaal te verrekenen bedrag van € 2.223.076 gefactureerd. Indicatie urenbesteding n.v.t. Overige consequenties n.v.t. Bijlagen: Advies begeleidingscommissie incl. reactie RUD.
4