CConstaterende datHouten
Koppel je AI →
Document · PDF

Reactie gevraagd advies ASD.docx

Gemeenteraad 14 maart 2023, gemeente HoutenBij agendapunt: Herijking lokale inkomensregelingen1.370 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Werkgroep Bestaanszekerheid T.a.v. Ellen Rutgers en Stephanie Schoenmakers Datum: 31 januari 2023 Onderwerp: reactie op gevraagd advies herijking minimabeleid Geachte leden van de werkgroep bestaanszekerheid, Graag voldoen wij aan uw verzoek op te reageren op uw advies rondom de herijking van het minimabeleid. Alvorens in te gaan op uw vragen, willen wij u in de eerste plaats hartelijk danken voor uw

bereidheid om deel te nemen aan het onderzoek. Mede dankzij uw waardevolle input heeft het onderzoek naar de lokale inkomensregelingen inhoud gekregen. Reactie op uw vragen Uw vragen willen we graag beantwoorden en daarbij ingaan op de verschillende adviezen die u geeft. Vraag 1. Is dit advies een antwoord op uw vraag Minimabeleid in het algemeen en inkomensregelingen in het bijzonder zijn belangrijke en actuele thema’s, zowel landelijk als op lokaal niveau. We zijn dan ook dankbaar voor uw advies. Uw advies geeft ons aanbevelingen voor het verder optimaliseren van onze lokale inkomensregelingen. We willen hier zoveel mogelijk ons voordeel mee doen. Vraag 2. Past het advies van de werkgroep Bestaanszekerheid binnen de kernwaarden en afspraken van het coalitieakkoord In het coalitieakkoord is de ambitie uitgesproken om de focus te leggen op inwoners die ondersteuning nodig hebben. In het collegeprogramma is daar een vervolg aan gegeven door bestaanszekerheid als belangrijk uitgangspunt te benoemen. Zeker in tijden van inflatie en stijgende energieprijzen staat bestaanszekerheid onder druk. Het college spant zich in om geldproblemen bij inwoners zoveel mogelijk te voorkomen. In uw adviezen ontwaren wij eenzelfde doelstelling. Om die reden sluit uw advies naadloos aan bij de doelen die het college voor ogen heeft. Vraag 3.

Is bovengenoemd praktisch haalbaar en uitvoerbaar? U komt in uw brief tot een zevental adviezen. We geven onze reactie op de afzonderlijke adviezen. Advies 1 en 5: U pleit ervoor om niet uit te gaan van het belastbaar inkomen, maar van het besteedbaar inkomen, omdat het uiteindelijk draait om de vraag wat een inwoner onder aan de streep overhoudt. Wij begrijpen de achtergrond van uw visie en erkennen dat de focus op het belastbaar inkomen ertoe leidt dat niet iedere inwoner via de generieke regelingen geholpen kan worden. Dit onderstreept het grote belang van een goed functionerend ‘tweedelijns’ vangnet, zoals de bijzondere bijstand en hulp via Stichting Urgente Noden

Lekstroom. Aan de toetsing op het besteedbaar inkomen kleven echter ook nadelen. Om die reden pleiten wij voor een combinatie van beide vertrekpunten. De vraag is dan wat een inwoner met een minimum- of laaginkomen maandelijks overhoudt voor vrije besteding. Door beide aspecten met elkaar te combineren ontstaat eveneens inzicht in de aanwezigheid van de armoedeval, omdat dan duidelijk wordt of een inwoner erop vooruit gaat wanneer hij of zij meer gaat werken en een deel van zijn toeslagen en tegemoetkomingen verliest. Advies 2 u doet de aanbeveling om binnen het inkomensbeleid niet te werken met vermogenstoetsen. Wij ondersteunen uw visie hierin. Dit doen we ook vanuit de wetenschap dat inkomensondersteuning zo laagdrempelig mogelijk vorm moet worden gegeven, zodat een inwoner op zoek naar inkomensondersteuning veeleer wordt aangemoedigd, dan ontmoedigd om hulp te zoeken. Daarbij doet u de aanbeveling om een manier te ontwikkelen waarop snel inzicht wordt gekregen in de opbouw van het vermogen. We vinden dit een interessante gedachte, maar achten het wel zeer ambitieus en hebben nog de nodige vragen wat dit betekent t.a.v. de privacyaspecten. We focussen ons op de korte termijn op het nog verder verbeteren van de kwaliteit en de vindbaarheid van de lokale inkomensregelingen.

Advies 3 in uw derde aanbeveling pleit u voor het periodiek heroverwegen en eventueel aanpassen van het minimabeleid. De huidige voorgestelde beleidswijzigingen n.a.v. het herijkingsonderzoek blijven altijd een momentopname. Ontwikkelingen in de samenleving op het gebied van het minimabeleid blijven we volgen en zullen daar waar nodig ons beleid op aanpassen. Een recent voorbeeld zijn de wijzigingen die zijn doorgevoerd n.a.v. de energie- en inflatiecrisis. Om daadwerkelijk een verbeterd minimabeleid te realiseren zal de kwaliteit hiervan voortdurend een punt van aandacht moeten zijn. Eventuele signalen vanuit ervaringsdeskundigen, ketenpartners of de samenleving over een niet-sluitend aanbod nemen we daarbij uiterst serieus. Advies 4 u wilt graag een ruimere regeling voor de kwijtschelding van de gemeentelijke belastingen, waarmee er meer inwoners aanspraak kunnen maken op de kwijtschelding. U schrijft terecht dat dit een voor veel inwoners een omvattende uitgave is. De criteria voor kwijtschelding zijn echter vastgelegd in de regeling kwijtschelding belastingen medeoverheden. Dit betekent dat de criteria niet aanpasbaar zijn naar de lokale context. Wel zijn de vermogensgrenzen met ingang van 1 januari 2023 verruimd vanwege de aanpassing in de regeling.

Landelijk is er een ontwikkeling gaande om de vermogensgrenzen voor kwijtschelding gelijk te trekken aan de vermogensgrenzen van de Participatiewet. Ook hiervoor is een aanpassing van de regeling noodzakelijk. We houden deze ontwikkeling nauwlettend in de gaten. Advies 6 u stelt dat inwoners niet de dupe mogen worden van beleidskeuzes die gemaakt worden wanneer dit extra kosten voor de gemeente met zich meebrengt. In het realiseren van het minimabeleid zoeken we altijd naar een evenwicht tussen de beschikbaarheid van middelen, de gerichtheid van de ondersteuning en de uitvoerbaarheid van de maatregelen. De inwoner en zijn hulpvraag staat hierbij centraal. Met het huidige pakket aan inkomensondersteunende maatregelen denken we een evenwichtig pakket te hebben dat

inwoners daadwerkelijk ondersteunt, dat we kunnen financieren en dat we kunnen waarmaken. Die drieslag blijft belangrijk in alle (toekomstige) afwegingen die wij maken. Advies 7 in uw laatste advies doet u de oproep om inkomenspercentages regionaal aan elkaar gelijk te trekken. We waarderen uw aandacht hiervoor, ook met het oog op het recent verschenen rapport van de nationale ombudsman waarin deze stelt dat er grote verschillen zijn tussen gemeenten als het om bestaanszekerheid gaat. Het is een vraagstuk wat binnen de Lekstroomregio onze aandacht heeft. Om die reden trekken we gezamenlijk op waar dat kan. Dat gaat over meer dan enkel het gelijktrekken van percentages en gaat bijvoorbeeld ook over het aanbod aan instrumenten. Een recent voorbeeld is het hanteren van dezelfde (inkomens)criteria op de energietoeslag. Een ander voorbeeld is de aansluiting bij de Nederlandse Schuldhulproute (NSR). Het gelijktrekken van alle inkomensgrenzen op alle inkomensregelingen is echter iets wat niet van vandaag op morgen is gerealiseerd. Alle gemeenten hebben het minimabeleid anders vormgegeven en hier liggen vaak specifieke keuzes aan ten grondslag. Vraag 4.

Wat gaat u praktisch met het advies doen? Voortvloeiend uit het onderzoek naar de lokale inkomensregelingen willen we aan de slag met het opschrijven van beleidsambities en beleidsindicatoren specifiek voor het minimabeleid, om deze vervolgens in te bedden binnen de nieuw te ontwikkelen Sociale Koers. In deze beleidsnotitie willen we uw aanbevelingen meenemen, daar waar wij aanknopingspunten zien en waar dit praktisch mogelijk is. We nodigen u van harte uit om met ons mee te denken in het proces rondom het opstellen van de beleidsambities. We hebben uw adviezen vertaald naar de volgende specifieke toezeggingen: - Meer aandacht voor de netto inkomenspositie door een berekening te maken naar de inkomenseffecten van inwoners met een laag inkomen (advies 1 en 5); - Het huidige beleid rondom de vermogensgrenzen continueren, als de raad hier ook mee instemt (advies 2); - Het jaarlijks in kaart brengen van de gebruikscijfers van de verschillende inkomensregelingen, wat ons een indruk geeft van de kwaliteit van het minimabeleid. Deze worden in de kwartaalrapportage opgenomen.

Daarnaast zullen we het minimabeleid aanpassen als de situatie hierom vraagt, zonder hiervoor een periode van evaluatie te noemen (advies 3); - Het verruimen van de kwijtschelding gemeentelijke belastingen wanneer hier landelijk, binnen BghU-verband en lokaal ruimte voor wordt geboden (advies 4); - Het centraal stellen van de inwoner bij beleidskeuzes binnen het minimabeleid. Dit willen we doen door in 2024 een narratief verslag uit te brengen. Op die manier wordt een beter beeld gevormd van de leef-, familie,- woon- en eventuele werksituatie van ervaringsdeskundigen. Dit ook tegen de bredere achtergrond van hun mogelijkheden, dilemma’s, zorgen, afwegingen en keuzes die direct of indirect met geld te maken hebben. Op deze manier hopen wij onze inkomensondersteuning zo passend mogelijk vorm te geven (advies 6); - Het gezamenlijk optrekken bij gezamenlijke opgaven binnen de Lekstroomregio. Daarnaast zijn we binnen de regio verkennend in gesprek over de mogelijkheden voor verdere afstemming rondom het minimabeleid (advies 7).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Houten&id=9683642a-9c1d-4e93-ab14-42d56db977ab