CConstaterende datHouten
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel Herijking lokale inkomensregelingen

Gemeenteraad 14 maart 2023, gemeente HoutenBij agendapunt: Herijking lokale inkomensregelingen3.720 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel Voorstelnummer: 607312 Zaaknummer: 788753

Houten, 24 januari 2023

Onderwerp: Herijking lokale inkomensregelingen

Beslispunten: 1. Het college de opdracht te geven om de volgende doorberekende scenario’s uit het herijkingsonderzoek (bijlage) door te voeren binnen de bestaande inkomensregelingen: a. Het budget op de U-pas voor volwassenen te verhogen naar € 130, waarmee het budget op de U-pas voor kinderen naar € 100 gaat. Dit scenario wordt budgetneutraal doorgevoerd (scenario 1b herijkingsonderzoek); b. De inkomensgrens van de U-pas per 1 juli 2023 te verhogen naar 120% van het wettelijk sociaal minimum wat in totaal € 27.000 aan meerkosten met zich meebrengt (scenario 2 herijkingsonderzoek); 2. Het college te verzoeken om n.a.v. beslispunt 2b de meerkosten te dekken binnen de reguliere begroting voor het minimabeleid.

Samenvatting Op advies van de rekenkamer heeft er een onderzoek naar de lokale inkomensregelingen plaatsgevonden. In dit onderzoek zijn onder andere een aantal scenario’s doorberekend. In de eerste plaats wordt voorgesteld om het budget voor volwassenen op de U-pas te verhogen. Dit scenario wordt budgetneutraal doorgevoerd, waarmee het budget voor kinderen afneemt naar € 100. Deze afname doet meer recht het karakter van de U-pas voor kinderen, omdat er een breed en uitgebalanceerd kindpakket is via stichting Leergeld en het Jeugdfonds Sport en Cultuur. De gebruikswijze van de U-pas komt met deze wijziging zodoende meer in balans en het beschikbare budget voor kinderen blijft feitelijk gelijk. In de tweede plaats wordt voorgesteld om de inkomensgrens van de U-pas te verhogen naar 120% van het wettelijk sociaal minimum, om volwassen – en kinderparticipatie te bevorderen. Op dit moment geldt een inkomensgrens van 110%. Met de verhoging komen meer inwoners in aanmerking voor de regeling van de U-pas. In totaal brengt dit € 27.000 aan meerkosten met zich mee. € 18.000 zijn regelingskosten en € 9.000 zijn uitvoeringskosten. De meerkosten kunnen binnen de reguliere begroting van het minimabeleid worden gedekt. Het verhogen van alle inkomensregelingen naar een inkomensgrens van 120% wordt niet aanbevolen in het licht van de armoedeval.

Na raadsbesluit worden beide beleidswijzigingen doorgevoerd. Naar verwachting zullen de wijzigingen met ingang van 1 juli 2023 geëffectueerd zijn.

Aanleiding De rekenkamer Houten heeft in 2021 een rapport gepubliceerd over de lokale inkomensregelingen. In dit rapport heeft de rekenkamer het college geadviseerd om een integrale herijking van de lokale inkomensregelingen uit te voeren. Het onderzoek is hiermee gericht op concrete inkomensregelingen en niet op indirecte vrijwilligersinitiatieven, zoals de Voedselbank of het Doorgeefluik, schuldhulpverlening of vroegsignalering. In dit onderzoek zijn op basis van de aanbevelingen uit het rekenkamerrapport de volgende doelstellingen verder uitgewerkt: 1. 2. 3. 4.

Waar mogelijk en indien wenselijk het synchroniseren van de inkomensgrenzen; Waar mogelijk en indien wenselijk het consequenter toepassen van vermogensgrenzen; Onnodige overlap en leemtes bij de regelingen voorkomen; Mogelijke leemtes in bereik vaststellen.

Daarnaast heeft de rekenkamer geadviseerd om aan de slag te gaan met het gebruik van eenduidige definities, het uitbrengen van een narratief verslag en het toetsen van de omgang met persoonsgegevens door uitvoerende partijen. Deze punten zijn separaat uitgewerkt. Tot slot heeft de rekenkamer geadviseerd om te onderzoeken of een periodiek

*607312* 607312

2-9 integrale toets tot de mogelijkheden behoort. Dit laatste onderdeel wordt nog dit jaar uitgewerkt. Uit het herijkingsonderzoek komt naar voren dat er geen grote koerswijzigingen binnen de lokale inkomensregelingen noodzakelijk zijn en dat de maatschappelijke organisaties, die betrokken zijn bij de uitvoering van beleid, over het algemeen tevreden zijn met een breed pakket aan inkomensondersteunende regelingen wat daarmee een dekkend aanbod realiseert. Er worden een tweetal verbeteringen voorgesteld. Het aanpassen van inkomensregelingen is een bevoegdheid van de raad. Om die reden zijn de twee scenario’s verwerkt in een raadsvoorstel welke nu ter besluitvorming wordt aangeboden.

Beoogd effect Door participatie via de U-pas te bevorderen wordt sociale uitsluiting voorkomen en werken we actief aan kansengelijkheid. Bovendien wordt de fysieke en mentale gezondheid van inwoners met een minimuminkomen bevordert.

Argumenten per beslispunt 1.1a

Het verhogen van het U-pas tegoed voor volwassenen heeft naar verwachting positieve effecten op de participatie van inwoners met een minimuminkomen (scenario 1b herijkingsonderzoek) Het uitgangspunt van de inkomensondersteunende regelingen, en zeker van de U-pas, is om inwoners in hun participatie aan de samenleving te stimuleren. Het voorliggend onderzoek heeft uitgewezen dat het huidige participatiebudget voor volwassenen op de U-pas niet toereikend is om te participeren. In de huidige situatie gaat het om een budget van € 100. Dit is volgens het Nibud het absolute minimum om van te kunnen participeren. Daarnaast zijn de kosten de afgelopen tijd flink gestegen waardoor het bedrag van € 100 minder koopkracht geeft dan voorheen. Voor volwassenen is de U-pas hét instrument om te participeren, omdat er geen andere financiële ondersteuning is voor sportieve, culturele en recreatieve activiteiten. Een verhoging van het budget is dan ook wenselijk. Het eerste scenario uit het herijkingsonderzoek schetst een aantal (budgetneutrale) manieren om het budget voor volwassenen te verhogen. Het U-pas tegoed voor volwassenen laten verhogen naar € 225 heeft een groot effect op de gemeentelijke begroting (totale meerkosten bedragen € 80.000). Om die reden wordt voorgesteld om het budget voor volwassenen te verhogen naar € 130.

Het budget voor kinderen wordt daarmee verlaagd naar € 100 (was € 225). Dit is in lijn met de aanbeveling uit het onderzoek. 1.2a

Het verlagen van het U-pas tegoed voor kinderen doet meer recht aan het karakter van de Upas binnen het kindpakket (scenario 1b herijkingsonderzoek) Het kindpakket is het totale pakket aan financiële ondersteuning voor kinderen uit een gezin met een laag inkomen. Het budget voor de verhoging voor volwassenen realiseren we door het budget voor kinderen af te laten nemen. Gelet op het aanbod aan financiële ondersteuning voor kinderen in de vorm van stichting Leergeld en het Jeugdfonds Sport en Cultuur worden sportieve en culturele activiteiten van kinderen via die weg volledig ondersteund. De U-pas vult daarin aan omtrent recreatieve activiteiten. Inkomensondersteuning voor kinderen willen we daarmee zoveel als mogelijk stroomlijnen en ouders doorverwijzen naar stichting Leergeld en het Jeugdfonds Sport en Cultuur. Dit vraagt de komende periode extra inzet rondom communicatie. 1.1b

Het verhogen van de inkomensgrens voor de U-pas heeft naar verwachting positieve effecten op de participatie van inwoners met een minimuminkomen (scenario 2) De U-pas is een inkomensregeling in het kader van meedoen. Het verhogen van de inkomensgrens van de U-pas leidt ertoe dat een grotere doelgroep gebruik kan maken van de regeling. Dit heeft naar verwachting een substantieel effect in de participatie van kinderen en volwassenen. Dit leidt tot andere positieve bijeffecten bijvoorbeeld op het gebied van sociale uitsluiting of het verbeteren van de gezondheid. Met de verhoging van de inkomensgrens wordt eveneens een bijdrage geleverd aan het doorbreken en voorkomen van kinderarmoede, zoals verwoord in de Alliantie Kinderarmoede waar de gemeente Houten sinds 2021 bij is aangesloten.

Versie datum: 2-3-2023 9:13:35

3-9 1.2b Het verhogen van de inkomensgrens voor de U-pas begrenst de kans op een armoedeval De armoedeval is het fenomeen wanneer inwoners meer gaan verdienen, maar er hierdoor financieel op achteruit gaan, omdat zij een deel van hun toeslagen en tegemoetkomingen verliezen. In het tweede scenario van het herijkingsonderzoek is doorberekend wat de effecten zijn van een synchronisatie van alle inkomensregelingen naar een inkomensgrens van 120% van het wettelijk sociaal minimum. Dit heeft concreet effect op de bijzondere bijstand (huidige inkomensgrens 100%), individuele inkomenstoeslag (huidige inkomensgrens 110%) en op de U-pas (huidige inkomensgrens 110%). Een complete synchronisatie wordt niet aanbevolen in het licht van de armoedeval. Het hanteren van eenzelfde drempelbedrag leidt ertoe dat inwoners bij een inkomensstijging direct geen recht meer hebben op alle regelingen. Om die reden wordt voorgesteld om enkel de inkomensgrens van de U-pas te verhogen naar 120% van het wettelijk sociaal minimum. Dit is in lijn met de aanbeveling uit het onderzoek. De individuele inkomenstoeslag is een inkomensregeling voor inwoners die langdurig een inkomen hebben op minimumniveau. De doelgroep die in aanmerking komt voor deze regeling is dan ook redelijk stabiel.

Wanneer de inkomensgrens voor de individuele inkomenstoeslag wordt verhoogd naar 120% van het wettelijk sociaal minimum is de kans kleiner dat deze groep inwoners in een later stadium werk aanvaardt of meer gaat verdienen. Voor de bijzondere bijstand geldt dat er gewerkt wordt met een draagkrachtberekening. Hierin verschilt de bijzondere bijstand van andere regelingen. Inwoners met een inkomen boven de huidige inkomensgrens van 100% komen daarmee alsnog in aanmerking voor bijzondere bijstand, zij het met eigen draagkracht. Het betekent dus niet dat zij per definitie zijn uitgesloten van bijzondere bijstand. Bovendien blijkt uit ervaringscijfers van het onderzoeksbureau dat met name bijstandsgerechtigden gebruik maken van de bijzondere bijstand. Voor hen geldt dat zij volledig (zonder draagkracht) in aanmerking komen voor bijzondere bijstand. 1.3

De overige scenario’s uit het herijkingsonderzoek (het invoeren van de vermogenstoets en het aanbieden van een tweede pakket op de collectieve zorgverzekering) beschouwen we als ondoelmatig (scenario 3 en scenario 4)

Scenario 3 Wanneer de vermogenstoets standaard geldt bij de inkomensregelingen, mag het vermogen niet hoger zijn dan de vermogensgrens die geldt binnen de Participatiewet. Als de vermogenstoets voor alle regelingen gaat gelden, dan wordt de doelgroep kleiner. De inwoner moet immers aan de inkomensgrens én aan de vermogensgrens voldoen. Voor de ketenpartners betekent dit dat zij een deel van hun bewegingsruimte verliezen. Zij zijn gebonden aan de vermogenscriteria. Daarnaast zal de consequentie zijn dat er meer gegevens moeten worden opgevraagd om te beslissen of een inwoner wel of niet in aanmerking komt voor de regeling. Dit gaat gepaard met hogere uitvoeringskosten. Tot slot vraagt het om veel expertise bij veelal vrijwilligersorganisaties. Het vaststellen van het vermogen vraagt namelijk om de nodige verrichtingen.

Te denken valt aan: Hypothecaire leningen en daarbij samenhangend specifieke vrijlatingen op grond van de Participatiewet; Mogelijke aanwezigheid van bitcoins of andere cryptovaluta (die sterk in waarde kunnen fluctueren waarbij de inwoner het ene moment wel recht heeft op de regeling en het andere moment niet); Aanwezigheid van een eventuele levensverzekering of overlijdensverzekering en de hoogte van de afkoopwaarde in combinatie met specifieke vrijlatingen op grond van de Participatiewet; Vrijlatingen op een limitatieve lijst schadevergoedingen; Waarde van antiek, goud, kunst etc. Voor de inwoner heeft het als consequentie dat zij meer bewijsstukken moeten inleveren om een regeling aan te kunnen vragen. Daarnaast komt het soms voor dat vermogen niet vrijelijk beschikbaar is, maar gebonden is in een woning of anderszins. De vermogenstoets maakt dat een kwetsbare inwoner op zoek naar financiële ondersteuning eerder ontmoedigd dan wordt aangemoedigd om de regeling aan te vragen. Op basis van de gevolgen voor de doelgroep, de uitvoering voor de ketenpartners in relatie met een verwachte stijging van de uitvoeringskosten wordt voorgesteld om dit scenario niet door te voeren. Dit is in lijn met de aanbeveling uit het onderzoek. Versie datum: 2-3-2023 9:13:35

4-9

Scenario 4 Op dit moment heeft de gemeente Houten een collectieve zorgverzekering die specifiek is ontwikkeld op de zorgbehoeften bij minima. Met het aanbieden van een extra pakket met minder vergoedingen bestaat er een kans dat inwoners zich onvoldoende verzekeren. De dekking via de zorgverzekering is dan niet altijd toereikend, omdat het pakket op een aantal onderdelen niet passend is. Inwoners met een minimuminkomen zullen dan ofwel de zorg gaan mijden, ofwel een beroep doen op de bijzondere bijstand voor hun medische meerkosten. Deze aanvraagprocedure is arbeidsintensief en kost veel tijd. De verwachting is dan de medische meerkosten voor de bijzondere bijstand zullen toenemen. Middels het huidige pakket wordt geprobeerd het aantal aanvragen voor medische meerkosten terug te dringen door de meest voorkomende vergoedingen op te nemen in het aanvullende pakket. Op die manier worden de uitvoeringskosten voor de bijzondere bijstand verlaagd. Bovendien is het compact-pakket van VGZ (waar gemeente Houten de collectieve zorgverzekering voor minima heeft belegd) alsnog een relatief dure keuzeoptie in vergelijking met niet-collectieve zorgverzekeringen in relatie tot de mogelijke vergoedingen. Het onderzoeksbureau gaat er om die reden dan ook niet vanuit dat het aantal gebruikers door het nieuwe pakket zal toenemen.

Op basis van de mogelijke gevolgen voor de bijzondere bijstand in combinatie met de relatief dure keuzeoptie bij VGZ wordt voorgesteld om dit scenario niet door te voeren. Dit wijkt af van de aanbeveling uit het onderzoek. 2.1

Er is nog ruimte in de begroting van het minimabeleid om de meerkosten van € 27.000 te kunnen dekken Er zijn vanuit het Rijk structurele middelen beschikbaar gekomen voor de intensivering van het armoede- en schuldenbeleid. Het restant hiervan kan ingezet worden ter dekking van deze meerkosten.

Kanttekeningen 2.1 Het onderzoek betreft een momentopname Het herijkingsonderzoek naar de lokale inkomensregelingen is gebaseerd op gebruikscijfers en regelings- en uitvoeringskosten op basis van het kalenderjaar 2021. Vanwege de actuele ontwikkelingen op het gebied van koopkracht en de gestegen energieprijzen zijn er een aantal omvattende maatregelen door het Rijk afgekondigd. Eén daarvan is de stijging van het sociaal minimum met 10%. Naar verwachting zet die stijging zich niet door bij alle overige inkomens. Dit leidt ertoe dat de doelgroep mogelijk toeneemt en dat er meer inwoners aanspraak kunnen maken op de huidige inkomensregelingen. Wat de effecten hierop zijn voor het gebruik van de U-pas en de overige inkomensregelingen is nog niet vast te stellen. 2.1a

Een budgetafname op de U-pas bij kinderen leidt mogelijk tot een stijging van aanvragen bij stichting Leergeld en het Jeugdfonds Sport en Cultuur In totaal zijn er 502 passen aan kinderen uitgereikt. Het volledige budget van € 225 wordt op de pas geladen om te besteden. Niet iedereen gebruikt de pas of benut de pas volledig. In totaal zijn er 222 unieke gebruikers. Het gemiddelde bedrag per kind komt neer op € 214,43 voor de kinderen die gebruikmaken van de U-pas. Hieruit kan de conclusie worden getrokken dat onder kinderen de U-pas goed wordt benut en dicht in de buurt komt van het budget wat op de U-pas is geladen. Kinderen maken echter ook gebruik van de U-pas als het gaat om sportieve en culturele activiteiten. Het vraagt de komende periode voldoende communicatie om de inzet van de U-pas te stroomlijnen. Het is daarbij voorstelbaar dat meer kinderen een beroep op stichting Leergeld of het Jeugdfonds Sport en Cultuur doen, waarmee de kosten voor deze organisaties toenemen. 2.1b

Door een niet volledige synchronisatie van de inkomensgrenzen naar 120% van het sociaal wettelijk minimum is er minder eenduidigheid in het aanbod van de inkomensondersteunende regelingen Bij het volledig synchroniseren van de inkomensregelingen maken we concreet wie we voor ogen hebben met de minimahuishoudens. Bovendien maakt dit de inkomensregelingen toegankelijker en vereenvoudigt dit de informatie en communicatie over de regelingen omdat er sprake is van eenduidigheid. In de weging omtrent de armoedeval enerzijds en de eenduidigheid anderzijds weegt de armoedeval zwaarder, waardoor volledige synchronisatie niet wordt aanbevolen en we enkel de U-pas naar een inkomensgrens van 120% willen brengen. Versie datum: 2-3-2023 9:13:35

5-9 2.2

De doorrekening van de verschillende scenario’s geven enkel een indicatie van de ontwikkeling in de kosten In het onderzoek is geprobeerd om een realistische inschatting van het gebruik, bereik en de kosten bij een eventuele beleidswijziging te geven. Hiervoor zijn er verschillende aannames gedaan voor de korte en middellange termijn. De omvang en kenmerken van de bevolking van Houten kan echter veranderen door natuurlijke (bijvoorbeeld vergrijzing) en externe factoren (bijvoorbeeld migratie). Dit heeft mogelijk gevolgen voor het gebruik van de regelingen. Daarnaast is gebruik gemaakt van de gebruikscijfers en regelings- en uitvoeringskosten op basis van het kalenderjaar 2021, omdat dit de meest actuele cijfers zijn. De totale kosten voor de U-pas zijn echter niet elk jaar even hoog. Dit maakt dat de kosten hoger of lager kunnen uitvallen dan waar in de berekening rekening mee is gehouden. Tot slot zijn er ook ontwikkelingen binnen de U-pas zelf. Zo wordt er concreet nagedacht of het huidige aanbod voldoende aansluit op de behoeften van de doelgroep of dat uitbreiding gewenst is. Verder vervalt met ingang van 1 juli 2023 de mogelijkheid om de vrijwillige ouderbijdrage te betalen en is recent het gezinstegoed (het bij elkaar optellen van de tegoeden van de U-passen van alle kinderen binnen één gezin) als mogelijkheid opgenomen.

Wat de effecten hiervan zijn op de totale budgetten op de U-pas is vooralsnog niet vast te stellen.

Participatie De betrokken maatschappelijke partners zijn in het onderzoekstraject stapsgewijs meegenomen. Er zijn individuele interviews afgenomen en er is in gezamenlijkheid een groepsgesprek gevoerd. Het voorstel tot beide beleidswijzigingen zijn vooraf besproken met de ketenpartners. Zij zijn het op hoofdlijnen met de voorgestelde lijn eens. Het gaat om: - U-pasbureau - WIL-generalist - Adviesraad Sociaal Domein - werkgroep bestaanszekerheid - Sociaal Team Houten - Werk en Inkomen Lekstroom - Stichting Leergeld Houten - Jeugdfonds Sport en Cultuur - Houtense Werktafel - Schuldhulpmaatje Houten

Financiën en formatie Herverdeling budgetten op U-pas (scenario 1b herijkingsonderzoek) Het is aannemelijk dat een hoger budget voor volwassenen op de U-pas een aanzuigende werking tot gevolg heeft wat betreft het gebruik (huidig gebruik onder volwassenen ligt op 25%). In het herijkingsonderzoek wordt een stijging naar 33% aannemelijk geacht. Concreet betekent dit dat er 506 volwassenen gebruik zullen maken van de U-pas. Om dit effect op te kunnen vangen, zal het bedrag voor kinderen verlaagd moeten worden van € 225 naar € 100. De onderzoekers verwachten dat het huidige gebruik onder kinderen niet zal toe- of afnemen. Deze aanname wordt gedaan omdat de U-pas in andere behoefte voorziet dan de overige kindregelingen via stichting Leergeld en het Jeugdfonds Sport en Cultuur. De U-pas voor kinderen is met name bedoeld voor recreatieve activiteiten. Wanneer het bedrag op de U-pas volledig wordt benut, zijn de regelingskosten als volgt:

Verhogen inkomensgrens U-pas naar 120% van het sociaal minimum (scenario 2 herijkingsonderzoek)

Versie datum: 2-3-2023 9:13:35

6-9 Een verhoging van de inkomensgrens op de U-pas zal vermoedelijk een aanzuigende werking tot gevolg hebben. De reden hiervoor is dat in principe de gehele doelgroep gebruik kan maken van deze regeling zonder specifieke voorwaarden (zoals langdurigheid of bijzondere omstandigheden). Gezien het huidige bereik (25% van de doelgroep voor volwassenen en 21% van de doelgroep voor kinderen) is de verwachting dat de toename van het totaal aantal gebruikers op 20% zal liggen. Scenario 1b toont aan dat het gebruik van de U-pas onder volwassenen toe zal nemen naar 506. Hierboven op verwachten we een stijging van 20%. In totaal zullen er naar verwachting 607 volwassenen gebruik maken van de U-pas. Wanneer het bedrag op de U-pas volledig wordt benut, zijn de regelingskosten als volgt:

Uitvoeringskosten Beslispunt 2b heeft naar verwachting ook effect op de totale uitvoeringskosten. De uitvoeringskosten hangen samen met het aantal verstrekte passen en niet met het aantal gebruikte passen. Het gaat om een bedrag van € 1,50 per U-pas per maand (€ 18 per jaar). In 2021 zijn er in totaal 1.738 passen verstrekt. De totale uitvoeringskosten bedroegen daarmee € 31.284. Met een toename van de doelgroep naar 120% van het wettelijk sociaal minimum nemen de uitvoeringskosten naar verwachting met € 9.000 toe.

Middelen Totale regelings- en uitvoeringskosten zullen met € 27.000 toenemen. De meerkosten worden gedekt uit de reguliere begroting binnen het minimabeleid.

Communicatie De betrokken ketenpartners zullen verder worden geïnformeerd na het raadsbesluit. De beleidswijzigingen hebben impact op inwoners die reeds de U-pas hebben en inwoners die op dit moment geen recht hebben op de U-pas, maar vanwege de voorgestelde beleidswijziging hier wel recht op hebben. Dit vraagt de komende periode duidelijke communicatie richting deze inwoners.

Versie datum: 2-3-2023 9:13:35

7-9

Voortgang Na raadsbesluit worden de wijzigingen doorgevoerd. Bij de start van het nieuwe U-pasjaar, op 1 juli 2023, zijn de wijzigingen verwerkt. Naast het raadsvoorstel biedt het onderzoek een aantal handvatten om direct mee aan de slag te gaan. Te denken valt aan het uitbreiden van het aanbod op de U-pas, het doordenken van beleidsambities inclusief beleidsindicatoren of het ontsluiten van de inkomensregelingen waardoor het bereik van de regelingen wordt vergroot. Daarnaast heeft de Adviesraad Sociaal Domein (werkgroep bestaanszekerheid) een aantal waardevolle adviezen gegeven voor het verder optimaliseren van onze lokale inkomensregelingen (o.a. aandacht voor het besteedbaar inkomen en het advies om regionaal percentages aan elkaar gelijk te trekken). We willen hier zoveel mogelijk ons voordeel mee doen.

Evaluatie De huidige voorgestelde beleidswijziging betreft een momentopname. Ontwikkelingen in de samenleving op het gebied van lokale inkomensregelingen blijven we volgen en zullen we daar waar nodig ons beleid op aanpassen. Om daadwerkelijk een verbeterd beleid te realiseren zal de kwaliteit hiervan voortdurend een punt van aandacht moeten zijn. Gezien de grote waarde van verbetering, het vergroten van het bereik en de toegankelijkheid, wordt er jaarlijks in kaart gebracht wat de gebruikscijfers zijn van de verschillende inkomensregelingen. Deze worden via de kwartaalrapportages Werk en Inkomen met het college en de raad gedeeld.

Houten, 24 januari 2023 Houten, het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Houten de secretaris, de burgemeester,

A.J. Barink

G.P Isabella

Versie datum: 2-3-2023 9:13:35

8-9 Bijlagen 1. Herijkingsonderzoek lokale inkomensregelingen – gemeente Houten Verantwoordelijke portefeuillehouders college 1e PoHo: Sander Bos 2e PoHo: n.v.t.

Versie datum: 2-3-2023 9:13:35

Raadsbesluit Voorstelnummer: 607312 Onderwerp Herijking lokale inkomensregelingen De raad van de gemeente Houten heeft het voorstel van het college van burgemeester en wethouders d.d. 24 januari 2023 gelezen en besluit: 1. Het college de opdracht te geven om de volgende doorberekende scenario’s uit het herijkingsonderzoek (bijlage) door te voeren binnen de bestaande inkomensregelingen: a. Het budget op de U-pas voor volwassenen te verhogen naar € 130, waarmee het budget op de U-pas voor kinderen naar € 100 gaat. Dit scenario wordt budgetneutraal doorgevoerd (scenario 1b herijkingsonderzoek); b. De inkomensgrens van de U-pas per 1 juli 2023 te verhogen naar 120% van het wettelijk sociaal minimum wat in totaal € 27.000 aan meerkosten met zich meebrengt (scenario 2 herijkingsonderzoek); 2. Het college te verzoeken om n.a.v. beslispunt 2b de meerkosten te dekken binnen de reguliere begroting voor het minimabeleid. Dit is besloten in de openbare vergadering van de raad op 14 maart 2023. De raad van de gemeente Houten, de griffier,

de voorzitter,

C.M.S. Visser

G.P. Isabella

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Houten&id=11643441-19cf-4de3-b21d-6c421e21bb7b