Raadsvoorstel 1e Begrotingswijziging 2024 Recreatieschap Stichtse Groenlanden
Tekst van het document
Raadsvoorstel Voorstelnummer: 735392 Zaaknummer: 854778
Houten, 5 november 2024
Onderwerp: 1e Begrotingswijziging 2024 Recreatieschap Stichtse Groenlanden
Beslispunten: 1. In te stemmen met de 1 e Begrotingswijziging 2024 van Recreatieschap Stichtse Groenlanden. 2. Een zienswijze in te dienen waarin enerzijds onze zorg wordt uitgesproken over de verwachte beheer- en onderhoudskosten en anderzijds het Recreatieschap te vragen in ieder geval voorstellen te doen voor beheer en onderhoud van de recreatiegebieden binnen de huidige deelnemersbijdragen.
Samenvatting Op 4 september jl. heeft de raad de 1e Begrotingswijziging 2024 ontvangen van Recreatieschap Stichtse Groenlanden (SGL). In de gemeenschappelijke regeling zijn de deelnemers (gemeenten en provincie) samen verantwoordelijk voor beheer en onderhoud van een aantal recreatiegebieden in de regio. In overeenstemming met de Wet Gemeenschappelijke Regelingen wordt de gemeenteraad in de gelegenheid gesteld om op deze 1e Begrotingswijziging 2024 SGL een zienswijze kenbaar te maken. Resumerend resulteert dit voor programmagebied SGL-A in een geprognotiseerd negatief resultaat over 2024 van € 443.968. Voorgesteld wordt om dit negatieve resultaat te onttrekken aan de algemene reserve van SGL-A. Daarnaast vraagt de gemeenteraad in de zienswijze om een doorkijk naar de financiële effecten op de huidige begroting bij de invoering en toepassing van Terrein Beheer Model (TBM) door Staatsbosbeheer (SBB) bij het beheer en onderhoud van de recreatiegebieden. Dit vanwege de zorg die er bij de deelnemende gemeenten en provincie is dat de bijdragen vanuit de deelnemers naar verwachting hoger worden wanneer het volledige beheer en onderhoud door SBB in beeld is gebracht en gaat worden uitgevoerd.
Aanleiding De gemeenteraad wordt conform artikel 35 van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) in de gelegenheid gesteld een zienswijze in te dienen.
Beoogd effect Het akkoord op de 1e Begrotingswijziging 2024 heeft tot gevolg dat processen voor beheer, onderhoud en ontwikkeling van de recreatiegebieden in de regio Utrecht verder kunnen worden uitgevoerd. Hiermee beogen de partijen dat deze gebieden goed toegankelijk, veilig en aantrekkelijk zijn voor alle bezoekers om te recreëren en te verblijven en om van de natuur te genieten. Dit kan onder andere positieve effecten hebben op het sociaal maatschappelijke welzijn van bezoekers.
Argumenten per beslispunt 1.1
De toerekening van kosten tussen de begrotingen van SGL-A en SGL-B zijn aangepast waarmee deze in lijn zijn met de werkelijk uitgevoerde werkzaamheden. Binnen SGL zijn er twee begrotingen: SGL-A waar de meeste gemeenten binnen vallen en SGL-B voor de gemeente De Ronde Venen. De Ronde Venen heeft een aparte begroting omdat zij later (in 2018) in het schap zijn toegetreden en hun beheer en onderhoud ook op een andere manier wordt georganiseerd. Sinds 2018 kent SGL derhalve twee programmabegrotingen met een afzonderlijke boekhouding. In de tijd dat het Recreatieschap Midden Nederland (RMN) het beheer en onderhoud uitvoerde (tot 2023) werden de personele lasten rechtstreeks geboekt op de werkzaamheden die men voor de beide programma’s verrichtte. De algemene kosten en de overhead werden grofweg verdeeld in een verhouding van grofweg 66% voor SGL-A en 34% voor SGL-B. Toen de uitvoering van het beheer en onderhoud overging naar SBB is het gehele budget verdeeld aan de hand van de geduide systematiek van 66 en 34%. Uit een recente analyse bleek dat door de wijziging van de systematiek te veel uren in rekening werden gebracht bij
*735392* 735392
2-5 SGL-B en te weinig bij SGL-A. Door het Algemeen Bestuur is daarom besloten om de verdeling met terugwerkende kracht te wijzigen in 73% voor SGL-A en 27% voor SGL-B; dit is een meer rechtmatige verdeling. Dit is meer in lijn met de werkelijkheid. Deze wijziging leidt voor SGL-A tot hogere lasten (€ 214.000) en voor SGL-B tot hogere baten in 2024. 1.2
In voorgaande jaren is de planning van het aantal investeringen niet altijd gehaald waardoor de verwachte afschrijving in 2024 lager is dan begroot. Vanwege de transitie binnen SGL en de overgang van RMN naar SBB zijn de afgelopen jaren minder vervangingsinvesteringen gedaan waardoor nu de afschrijving lager is dan was voorzien in de primaire begroting. Dit betreft nu een extra opbrengst van € 113.000 die verwerkt is in de begroting. 1.3
Naar aanleiding van een extra dotatie voor groot onderhoud, is ook budget nodig voor personele inzet om dat uit te voeren. Dit benodigde budget is nu beschikbaar gesteld. Bij het vaststellen van de jaarrekening over 2022 is de jaarlijkse dotatie in de Voorziening groot onderhoud verhoogd. Omdat in het in 2021 vastgestelde Meerjarenonderhoudsplan de meerjarige geplande materiële uitgaven niet waren opgehoogd met ook de personele component en dat wel nodig is, is nu een extra dotatie voor 2024 gecalculeerd van € 111.000. Deze financiële effecten voor de jaren 2025 en volgend worden onderdeel van het TBM dat door SBB in het kader van de transitie wordt voorbereid. 1.1
Verder betreft het geprognotiseerde negatieve resultaat over 2024 vooral zaken die voortkomen uit de lopende bedrijfsvoering en hiermee worden verwerkt. Bovenstaand zijn enkele specifieke posten aangegeven die aanleiding zijn voor het geprognotiseerde negatieve resultaat over 2024. Daarnaast zijn gevolgen van verschillende extra kosten en kostenontwikkelingen (bijvoorbeeld hogere indexatie van specifieke beheerkosten dan indexatie uit meicirculaire) verwerkt in de Begroting voor 2024. Dit resulteert uiteindelijk in een negatief resultaat voor SGL-A van € 443.968 (in de begroting 2024 was een nihil resultaat berekend). Voorgesteld wordt om dit negatieve resultaat te onttrekken aan de algemene reserve van SGL-A. 1.5
Na verwerking van het negatieve resultaat is de Algemene reserve nog voldoende groot en voldoet ook het weerstandsvermogen aan de afgesproken voorwaarden. Na verwerking van het negatieve resultaat is de Algemene reserve nog steeds € 425.000. Het weerstandsvermogen is daarmee boven de 2 waarbij 1 al voldoende is. 2.1
In de zienswijze van de gemeente Houten aan SGL wordt de zorg uitgesproken over hogere verwachte beheer- en onderhoudskosten, wordt opgeroepen alle mogelijkheden aan te wenden een verhoging van de deelnemersbijdrage te onderzoeken en de raad te betrekken bij keuzes die gemaakt moeten worden. Het is bekend dat de kosten voor groot onderhoud en vervangingsinvesteringen onvoldoende waren geborgd in de begroting van RMN. Daarom is SBB onder andere gevraagd dat beheer en onderhoud (dagelijks beheer, groot onderhoud en vervangingen) te actualiseren. Dat voert SBB uit via hun TBM waarin al die aspecten zijn opgenomen. Daarnaast geldt dat de prijzen voor beheer en onderhoud de laatste jaren meer zijn gestegen dan de toegepaste indexactie voor het budget van SBB dat in de deelnemersbijdrage is verwerkt. Bovenstaande heeft tot gevolg dat de kosten voor het huidige beheer en onderhoud dat SBB momenteel in beeld brengt, naar verwachting hoger zullen uitvallen op basis waarvan de deelnemersbijdrage bij ongewijzigd beleid ook hoger zou kunnen worden. Om vervolgens mogelijkheden te hebben om daarop te sturen, wordt een Toekomstvisie en een vierjarig Uitvoeringsplan opgesteld en worden gesprekken gevoerd met SBB over waar bezuinigingen mogelijk zijn.
Al deze aspecten moeten leiden tot enkele scenario’s voor beheer, onderhoud en vervangingen waarbij in ieder geval is gevraagd een scenario uit te werken waarbij beheer en onderhoud wordt verricht binnen de gestelde financiële kaders op basis van de huidige deelnemersbijdrage. Daarbij moet inzicht worden gegeven hoe de recreatieterreinen dan gaan worden beheerd. De raden en staten dienen dan te worden geïnformeerd over deze verschillende scenario's en te worden betrokken bij keuzes die dan gemaakt moeten worden. Dit is een concreet verzoek van de raad. Versie datum: 13-11-2024 15:19:30
3-5 In de zienswijze van de gemeente zal daarbij expliciet worden aangegeven dat de raad van de gemeente Houten wil benadrukken dat wij er gezien de gemeentelijke financiën vanuit gaan dat tegenvallers in de begroting worden opgevangen door bezuinigingsvoorstellen en dat geen tekorten in de begroting of verhoging van de deelnemersbijdrage zullen worden geaccepteerd.
Kanttekeningen 1.1
Kosten en opbrengsten voor het recreatieschap voor beheer en onderhoud van de Haarrijnseplas zijn gelijk voor elk kalenderjaar. Het beheer en onderhoud van de Haarrijnseplas wordt door SGL in opdracht van de gemeente Utrecht uitgevoerd. Hoewel hogere kosten en opbrengsten in de Begrotingswijziging zijn benoemd, worden deze kosten geheel betaald door de gemeente Utrecht waarbij de opbrengsten worden verrekend zodat dat op nul sluit. Zoals het in de Begrotingswijziging is verwoord, kan dit onduidelijkheid zijn. De melding heeft te maken met hogere onderhoudskosten die vervolgens weer door de gemeente Utrecht worden betaald. In volgende jaren zal dat anders en duidelijker in de begroting moeten worden opgenomen.
Participatie SGL wordt via een zienswijze opgeroepen om actief te zoeken hoe inwoners kunnen worden betrokken bij voor hen relevante onderwerpen binnen het werk dat SGL en SBB verrichten op en rond de recreatieterreinen die zij beheren en onderhouden.
Financiën en formatie Resumerend resulteert dit voor programmagebied SGL-A in een geprognotiseerd negatief resultaat over 2024 van € 443.968 (in de begroting 2024 was een nihil resultaat berekend). Voorgesteld wordt om dit negatieve resultaat te onttrekken aan de algemene reserve van SGL-A. De algemene reserve is ruim voldoende om na onttrekking van dit bedrag het weerstandsvermogen boven de 1 te houden. Na verwerking van het negatieve resultaat is de Algemene reserve nog steeds € 425.000. Het weerstandsvermogen is daarmee boven de 2 waarbij 1 al voldoende is. De financiële consequenties voor de gemeente Houten zijn daarmee nihil omdat het negatieve resultaat wordt gedekt uit de Algemene reserve van het recreatieschap.
Communicatie Met bijgevoegde zienswijze informeren wij het bestuur van Recreatieschap Stichtse Groenlanden over ons besluit (bijlage 3).
Voortgang Het verzoek van SGL is om uiterlijk 26 november 2024 de zienswijze van de gemeente Houten aan SGL toe te zenden. Dat is niet mogelijk vanwege het toezenden van de stukken. Voorgesteld wordt een concept zienswijze toe te zenden na de RTG op 26 november.
Evaluatie N.v.t. Houten, 5 november 2024 het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Houten de secretaris, de burgemeester,
R. van Netten
Versie datum: 13-11-2024 15:19:30
G.P. Isabella
4-5
Bijlagen 1. Aanbiedingsbrief Raden en Staten 1e Begrotingswijzing 2024 Recreatieschap Stichtse Groenlanden 2. Bestuursvoorstel 1e begrotingswijziging 2024 SGL 3. Zienswijze gemeente Houten op 1e Begrotingswijziging 2024 Recreatieschap Stichtse Groenlanden
Verantwoordelijke portefeuillehouders college 1e PoHo: Wouter van den Berg 2e PoHo:
Versie datum: 13-11-2024 15:19:30
Raadsbesluit Voorstelnummer: 735392 Onderwerp 1e Begrotingswijziging 2024 Recreatieschap Stichtse Groenlanden De raad van de gemeente Houten heeft het voorstel van het college van burgemeester en wethouders d.d. 5 november 2024 gelezen en besluit: 1. In te stemmen met de 1 e Begrotingswijziging 2024 van Recreatieschap Stichtse Groenlanden. 2. Een zienswijze in te dienen waarin enerzijds onze zorg wordt uitgesproken over de verwachte beheer- en onderhoudskosten en het Recreatieschap te vragen in ieder geval voorstellen te doen voor beheer en onderhoud van de recreatiegebieden binnen de huidige deelnemersbijdragen.
Dit is besloten in de openbare vergadering van de raad op 10 december 2024. De raad van de gemeente Houten, de griffier,
de voorzitter,
C.M.S. Visser
G.P. Isabella