Mail aan raadsleden van initiatiefnemers over vraagstelling referendum
Tekst van het document
Geachte leden van de raad, Wij namen kennis van het advies van de referendumcommissie. Graag willen wij daarop reageren. Het advies van de Referendumcommissie is goed gemotiveerd en duidelijk. Gezien de complexiteit van het voorgenomen raadsbesluit lijkt dit de enig mogelijke vraagstelling. In het radioprogramma van zaterdagochtend jl. bij Omroep Houten hoorden wij een aantal fractievoorzitters ideeën opperen over de vraagstelling. Daarbij werd ook de mogelijkheid benoemd om deelvragen te stellen over noordwest of Oost en misschien meer specifieke vragen over Centrum/Molenzoom/Koppeling. Daarbij werd opgemerkt dat daarmee dan toch recht zou worden gedaan aan de 4000 inwoners die het referendum hebben aangevraagd. Wij hechten eraan om daarover het volgende op te merken. 1. Het is een sympathieke gedachte om te proberen aan de wens van de aanvragers tegemoet te komen, maar door de aangenomen amendementen kan dat nog slechts op één manier en dat is door de besluitvorming uit te stellen tot na de verkiezingen. Die verkiezingen zijn dan een heel groot referendum. Als u de mening van de inwoners werkelijk serieus neemt is dat ons inziens de enige optie. Andere mogelijkheden om nu al het oordeel van de kiezer te vragen, zijn inmiddels onmogelijk.
De referendumcommissie heeft tevoren gewaarschuwd voor de gevolgen, maar dat heeft uw raad er niet van weerhouden om toch ingrijpende amendementen aan te nemen. Wij herhalen daarom ons verzoek om de besluitvorming over de Ruimtelijke Koers aan te houden tot na de verkiezingen.
2. Het voorgenomen raadsbesluit gaat onder meer over het Centrum, De Molenzoom en De Koppeling. In het raadsvoorstel is aangegeven welke ontwikkelingen in dit gebied zullen plaatsvinden en binnen welke kaders. Mocht er over dit gebied een deelvraag worden geformuleerd, dan kan die deelvraag in elk geval niet algemeen van aard zijn, in de trend van “Bent u voor of tegen bouwen in het centrum?”. Het gaat immers om de voorwaarden waaronder dat bouwen zal gebeuren. Een kiezer kan immers voorstander zijn van bouwen in het centrum zijn tot vijf verdiepingen hoog, maar niet van negen of veertien verdiepingen. De uitkomst van het antwoord op een vraag moet in een referendum niet voor tweeërlei of (meer waarschijnlijk) velerlei uitleg vatbaar zijn. Verwarring is er al genoeg.
3. De besluitvorming over Noordwest is aangehouden. Vraagstelling in het referendum kan géén betrekking hebben op een aangehouden besluit. Zie ook het advies Referendumcommissie. Vragen over Noordwest zijn daarom in strijd met de Referendumverordening Houten. Dat dat niet kan, is niet voor niets. Er is immers door de aanhouding niet duidelijk wát er gebouwd wordt en/of hoeveel, hoe hoog en/of hoe dicht. En wat gebeurt er met items als groen, duurzaamheid, mobiliteit en maatschappelijke voorzieningen? Wordt er op 300 meter van de snelweg gebouwd of vindt uw raad 200 meter ook mogelijk? Niemand die het weet. Kortom: als hier een vraag over zou worden geformuleerd heeft de kiezer geen idee waartoe zijn/haar keuze leidt en uw raad heeft niets aan de uitslag.
4. Datzelfde geldt voor Houten Oost: onderzoek naar bouwen in Houten Oost is géén onderdeel van het raadsvoorstel. Wij vermoeden dat dat ook de reden is waarom de referendumcommissie in het advies in het geheel niet over Houten-Oost spreekt. Het kan daarom niet in de vraagstelling worden betrokken. Gebeurt dat wel, dan is dat in strijd met de Referendumverordening Houten.
5. Ten slotte: Wij realiseren ons dat de brief van de referendumcommissie een advies is en dat u als raad uiteindelijk de vraag vaststelt. Die bevoegdheid van de gemeenteraad kan er echter niet toe leiden dat er een vraagstelling uitkomt die strijdig is met de door u zelf opgestelde verordening. Zover reikt de vrijheid van de gemeenteraad niet! Doet uw raad dat wel dan zal er nieuwe discussie ontstaan, te weten over de geldigheid van het referendum. Het komt ons voor dat de gemeenteraad het al ingewikkeld genoeg gemaakt heeft voor de inwoners. Verdere verwarring is hoogst onwenselijk. De nieuw gecreëerde politieke realiteit kan niet leiden tot een ander juridisch kader. Dat kader (de verordening) is duidelijk en u dient als raad binnen dat door uzelf vastgestelde kader te blijven. Wij hadden het ook graag anders gezien maar kunnen nu niet anders dan vaststellen dat het oordeel van de referendumcommissie correct is.
Graag lichten wij deze brief nader toe. Wij stellen het op prijs om te worden betrokken in de discussie. Met vriendelijke groet,
Rino Jonkers Ellen Standhardt-Jonkers Jolanda Wijsmuller