Bijlage 2 - Memo onkruidbestrijding op verharding (9-11-2021).doc
Tekst van het document
Memo: Onkruidbestrijding op verharding; achtergrond informatie en voorstel voor aanpak (VOB/UB juli 2021) Samenvatting Al enkele jaren is er op veel plekken in de gemeente meer onkruid op verharding dan de bedoeling is conform het Beeldkwaliteitskader Openbare Ruimte. Alleen in de drie centrumgebieden wordt momenteel de huidige beeldkwaliteitsnorm, namelijk dat minstens 80% van het areaal voldoet aan een B-niveau, gehaald. (Zie voor de gehanteerde beeldkwaliteitsnormen A+, A, B, C en D de tabel met foto’s op p. 5.) Om ook in de woongebieden, groengebieden en bedrijventerreinen te voldoen aan de huidige beeldkwaliteitsnorm is er structureel minstens € 200.000- € 300.000 aan extra middelen nodig. Dit geld is niet beschikbaar in de begroting. Een oplossing kan zijn om voor onkruid op verharding een wat lagere beeldkwaliteit te accepteren in de woongebieden, groengebieden en bedrijventerreinen, namelijk dat minstens 80% van het areaal minimaal voldoet aan een C-niveau in plaats van een B-niveau. In de praktijk betekent dit een C-niveau in het voorjaar en de zomer en een B-niveau in de herfst en de winter zodra er ter plekke weer geborsteld is. Er is nog wel beperkt extra inzet nodig om in het groeiseizoen de slechtste locaties met een D-niveau aan te pakken.
Tegelijkertijd kan communicatie over de redenen van het aanwezige onkruid zorgen voor meer acceptatie en een minder negatieve beleving. Het mobiliseren van bewoners en bedrijven kan mogelijk ook tot een beperkte kostenreductie leiden. Monitoringsrapport In het Beeldkwaliteitskader is vastgelegd aan welke beeldkwaliteitsnormen de verschillende onderdelen van de openbare ruimte behoren te voldoen. Jaarlijks wordt door een onafhankelijk bureau de daadwerkelijke beeldkwaliteit gemonitord van een aantal belangrijke beeldbepalende onderdelen, namelijk graslengte, kale plekken (in plantsoen), snoeibeeld, drijfvuil, zwerfafval en onkruid op verharding. Het rapport “Meerjarenvergelijking 2016-2019. Monitoring kwaliteit openbare ruimte Gemeente Houten” (zie bijlage 1) geeft een beeld van de monitoringsresultaten van de afgelopen jaren. De conclusie van dit rapport is dat de gemeente voldoet aan de (met de raad) afgesproken beeldkwaliteitsnormen voor graslengte, kale plekken (in plantsoenen), snoeibeeld, drijfvuil en zwerfafval maar niet voor onkruid op verharding (en ook niet in 2019 voor zwerfafval in de centrumgebieden). Voor onkruid op verharding is de gewenste beeldkwaliteit B (Functioneel). Deze kwaliteit werd in 2016 en 2017 gehaald, maar daarna alleen nog in 2019 in de 3 centra.
Bij 20-30% van de metingen was hiervoor in 2018 en 2019 zelfs sprake van een D-niveau ("Kapitaalvernietiging, uitlokking van vernieling, functieverlies, mogelijke juridische aansprakelijkstelling of sociale onveiligheid”). Zie onderstaande figuur. In de woongebieden en bedrijventerreinen voldeed nog geen 50% van de metingen in 2018 en 2019 aan de norm voor onkruid op verharding. De scores in de groengebieden was voor onkruid op verharding (zeer beperkt) wat beter.
1
Figuur 1. Resultaten monitoring beeldkwaliteit onkruid op verharding.
In het buitengebied buiten de bebouwde kom is niet gemonitord. Hier speelt de problematiek van onkruid op verharding ook nauwelijks vooral omdat hier met name asfaltwegen liggen. Wel moet bedacht worden dat de metingen plaatsvinden in het groeiseizoen en de beeldkwaliteit van onkruid in het koudere seizoen hoger is. Het hiervoor genoemde rapport is in 2020 opgeleverd. Het was de bedoeling het rapport vorig jaar samen met een voorstel voor een oplossing voor de bestrijding van onkruid op verharding aan het college voor te leggen. In de loop van 2020 is echter duidelijk geworden dat een duurzame oplossing niet eenvoudig is. Ingrijpende aanpassingen zoals mogelijk een kostbare intensivering van de onkruidbestrijding zijn dan vereist. Onder andere heeft een kort experiment met een zgn. Weedsteammachine niet tot de gewenste resultaten geleid. Verbod op chemische onkruidbestrijding Een belangrijke oorzaak voor de onvoldoende beeldkwaliteit van onkruid op verharding is dat de gemeente al enkele jaren geen chemische bestrijdingsmiddelen meer gebruikt en sinds 2016 ook niet meer mag gebruiken. De bestrijding is hierdoor nu veel arbeidsintensiever en duurder dan voorheen. Vroeger was 1 keer spuiten met bestrijdingsmiddel voldoende om een locatie voor 1 groeiseizoen onkruid vrij te maken.
Omdat er al jaren geen bestrijdingsmiddelen worden gebruikt hebben de wortelpakketten van onkruid zich onder de verharding kunnen uitbreiden. Hierdoor is er nu meer onkruid boven de grond. Uit landelijk onderzoek is gebleken dat onkruidbestrijding zonder bestrijdingsmiddelen ongeveer 3,5 keer duurder is. De huidige wijze van onkruidbestrijding op verharding in de gemeente. De meeste overlast van onkruid op verharding doet zich (uiteraard) voor in het groeiseizoen waarbij het vooral gaat om delen van trottoirs die niet veel worden belopen of parkeerplaatsen waar de veegwagen niet komt. Op deze plekken komt waar mogelijk 1x per jaar (in de periode oktober t/m april) een lichtere borstelmachine. De rommel van het borstelen wordt dan naar de weg geblazen en daar door een kleine veegwagen opgeruimd. Na een dergelijke schoonmaakactie ziet een locatie er de rest van de herfst en winterperiode, als het onkruid niet groeit, netjes uit. Het borstelen gebeurt niet in het zomerseizoen omdat het borstelen zonder water dan te veel (stof)klachten geeft. Ook is borstelen een vorm van maaien dat in het groeiseizoen slecht tijdelijk effect heeft. In het groeiseizoen (april t/m september) bestrijdt een aannemer gedurende circa 100 werkdagen met heet water het onkruid op trottoirs, parkeerplaatsen e.d. De drie centrumgebieden krijgen daarbij relatief de meeste aandacht (circa 30 werkdagen).
Mede omdat in de centra ook vaak geveegd wordt, is de beeldkwaliteit daar met deze inzet voldoende. Op parkeerplaatsen die structureel bezet zijn is het buiten het gebruik van chemische bestrijding niet mogelijk om het onkruid te verwijderen en wordt bijna nooit onkruid bestreden. In het groeiseizoen krijgt de gemeente wekelijks meerdere klachten over onkruid op verharding (in 2020 waren dit ruim 100 klachten). In de meeste gevallen gaat het daarbij om randen van parkeerplaatsen, boomspiegels en niet belopen trottoirgedeelten met te veel en hoog onkruid in de zomerperiode. In sommige gevallen belemmert het onkruid zelfs de toegankelijkheid. 2
In totaal heeft de gemeente Houten 2.928.000 m2 verharding (asfalt, elementenverharding en halfverharding). Momenteel bestaat de bestrijding van onkruid op verharding uit de volgende onderdelen: Een aandachtspunt is dat er door het wegbezuinigen van een structureel budget voor bladruimen er momenteel minder bladafval wordt opgeruimd. Bladafval biedt een extra voedingsbodem voor onkruid. Vegen en onkruidbestrijding op verharding Activiteit Frequentie per jaar Vegen hoofdwegennet 5x Vegen niet1x hoofdwegen Borstelen + vegen met 6x op de kleine wagen begraafplaatsen + branden op de 2x op de begraafplaatsen. middengeleiders
Uitvoerder aannemer eigen dienst
kosten € 100.000). niet gespecificeerd
Aannemer
€ 49.000
Borstelen (met borstelmachine), blazen en opvegen (met veegwagen) van alle plekken met onkruid (veelal de moeilijk bereikbare plekken in de wijken zoals trottoirs, parkeerplekken e.d.)
1x
eigen dienst
niet gespecificeerd
Onkruidbestrijding met heet water van alle plekken met onkruid (veelal de moeilijk bereikbare plekken zoals trottoirs, parkeerplekken e.d.)
70 dagen in de woon wijken en bedrijventerreinen: ca. 1 ronde per jaar
aannemer
ca € 100.000). De ronde in de wijken en bedrijventerreinen kost 70% van de totale kosten. Dit is dus €70.000.
30 dagen in de 3 centra (ca. 5 rondes per jaar)
Kosten en dekking In totaal wordt er vanuit de kostenverdeling uit de begroting jaarlijks voor ca € 575.000 toegerekend aan straatreinigen. Dat betreft ook overhead. De kosten van het extern uitbesteden bedragen ca € 249.000. Het hiervoor beschikbare budget is € 175.000. Het tekort van € 74.000 kan in 2021 worden gedekt met een bedrag van € 90.000 uit de stelpost voor onkruidbestrijding die voortkomt uit het budget voor “groen en biodiversiteit” en recent is toegevoegd aan het reguliere budget voor straatreiniging/vegen. Er blijft dan (jaarlijks) nog € 16.000 beschikbaar in het budget voor straatreiniging/vegen. In tabelvorm: Kosten extern uitbesteden: € 249.000 Beschikbare budget voor uitbesteden: € 175.000 Tekort: € 74.000 Extra budget vanuit biodiversiteit: € 90.000 Resterend budget voor extra maatregelen: € 16.000 Enkele belangrijke conclusies van landelijk onderzoek naar onkruidbestrijding op verharding. In 2020 is een landelijke evaluatie van chemievrije onkruidbestrijding uitgevoerd*. Enkele belangrijke uitkomsten hiervan zijn: - Bijna alle gemeenten hanteren voor onkruid op verharding als norm een B-kwaliteit (van de CROW-beeldkwaliteitenatlas).
3
-
Gemiddeld wordt de werkelijk behaalde kwaliteit veelal als net voldoende of net onvoldoende beoordeeld. - Gemiddelde kosten: € 0,29/m2 verharding voor B-kwaliteit, € 0,20/m2 voor C-kwaliteit. (Een B-kwaliteit zou Houten dan jaarlijks ca. € 849.120 (2.928.000 x € 0,29) kosten (een Ckwaliteit € 585.600). - Niet chemische bestrijding is ca. 3,5x duurder. (Volgens sommige gemeenten is dit zelfs 5-10x duurder.) - Betere communicatie verhoogt de beleving (geeft meer acceptatie). - Er is niet 1 optimale bestrijdingsmethode, per methode zijn er voordelen en nadelen te benoemen. - Minder verharding en voegvrije verharding werkt preventief. - 83% van de respondenten heeft veegbeheer afgestemd op onkruidbeheer. Gemiddeld wordt er 7,5 keer geveegd (of anderszins onkruid bestreden) (aanbeveling n.a.v. onderzoek 2013: minimaal 6x vegen/bestrijden). - Veel gemeenten (60-70%) besteden de bestrijding van onkruid geheel uit aan een aannemer op basis van een beeldkwaliteitsbestek. (* bron: “Grip op onkruid” Evaluatie chemievrije onkruidbeheersing, Tauw en Peter van Welsem (Advies en begeleiding beheer openbare ruimte), 7 september 2020) Mogelijke oplossingen om in Houten aan de normen te voldoen De volgende oplossingen (en combinaties daarvan) kunnen helpen de beeldkwaliteit van onkruid op verharding aan te laten sluiten aan de gehanteerde norm. 1.
Weer (gedeeltelijk/locatie specifiek) bestrijdingsmiddelen gebruiken (dat recent wettelijk weer is toegestaan). 2. Extra (bijvoorbeeld thermische) onkruidbestrijding. 3. Verlagen van de beeldkwaliteitsnormen. 4. Het creëren van meer acceptatie door goede communicatie over de beperkingen en gemaakte keuzen bij de onkruidbestrijding. 5. Bewoners en bedrijven inschakelen bij de onkruidbeheersing. 6. Beperken van verharding en gebruik van voegvrije verharding. De beeldkwaliteiten van snoeibeeld en drijfvuil zijn ruim gehaald. Om echter op de desbetreffende werkzaamheden te bezuinigen ten gunste van onkruidbestrijding is niet zinvol. Het snoeien moet minimaal de huidige 2 x per jaar plaats vinden. Drijfvuil verwijderen gebeurt buiten de centrumgebieden al niet vaak en in de centrumgebieden is de huidige frequentie noodzakelijk. Ad. 1. Weer (gedeeltelijk/locatie specifiek) bestrijdingsmiddelen gebruiken (dat recent wettelijk weer is toegestaan). Momenteel is het voor gemeenten weer toegestaan chemische onkruidbestrijdingsmiddelen te gebruiken. Bedacht moet worden dat het verbod niet is opgeheven om inhoudelijke redenen, maar vanwege een bevoegdheidskwestie. Het is naar verwachting een kwestie van tijd voordat er een nieuw verbod op gif komt. Het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen gaat lijnrecht in tegen de Visie op Groen en Biodiversiteit.
Ook staat in het Collegeprogramma 2018-2022 dat de gemeente bij onkruidbestrijding inzet op de meest milieuvriendelijke aanpak. Het is algemene bekend dat bestrijdingsmiddelen zoals Roundup naast planten ook insecten en andere dieren dood. Voor een duurzaam ecosysteem is het blijven gebruiken van gif geen optie. De overheid kan wat dit betreft het goede voorbeeld geven en een pioniersfunctie vervullen voor het zoeken naar een duurzame oplossing. Gezien het bovenstaande lijkt een terugkeer naar de oude aanpak waarbij het hele verhardingsareaal werd bespoten niet aan de orde. Ook het beperkt spuiten op alleen de lastig bereikbare plaatsen en daar waar thermisch bestrijden met heet water niet goed werkt, past niet binnen het beleid van de gemeente.
4
Ad. 2. Extra (bijvoorbeeld thermische) onkruidbestrijding boven op de huidige werkzaamheden. Naar verwachting kunnen we gedurende het jaar overal aan de B-norm voldoen door in de woon-, groen- en bedrijvengebieden 5 extra thermische bestrijdingsrondes (met heet water) uit te voeren bovenop de huidige werkzaamheden. De kosten hiervan zijn bij uitbesteden ca. 5x €70.000 (zie de voorgaande tabel) = €350.000. Ad. 3. Verlagen van de beeldkwaliteitsnormen De normen voor onkruid op verharding kunnen als volgt verlaagd worden: Norm nu Nieuwe norm mei t/m sept. Nieuwe norm okt. t/m april Centrum B B B Wonen B C C Groen B C C Bedrijventerreinen B C C
In de voorjaar-zomer periode kunnen we de norm voor de woon- en groengebieden en bedrijvengebieden verlagen naar minimaal een C-niveau (een onrustig beeld, discomfort of enig niveau van hinder). Nadat het borstelen in de herfst-winter periode is uitgevoerd, ziet de buitenruimte er in de praktijk tot het volgende groeiseizoen weer netjes uit conform een B-niveau. Sommige delen van de gemeente zijn echter pas aan het einde van de winter aan de beurt om door de eigen dienst geborsteld te worden. Bij een verlaging tot een C-niveau is er nog wel extra inzet nodig om een deel van de huidige Dniveau scores te voorkomen, zodat maximaal 20% van het areaal een D-score heeft. Hiervoor is naar verwachting voor circa € 6.300 aan extra inzet nodig. Bedacht moet echter worden dat een C-niveau als een matig beeld beleefd kan worden (zie de afbeeldingen hierboven) en samen met 20% D-niveau voor veel bewoners en bedrijven wellicht een onacceptabel beeld. Bovendien geldt dat hoe meer onkruid er blijft staan dat verder kan uitzaaien, hoe meer onkruidgroei er komt. Dit leidt tot toenemende schade aan de verharding en achteruitgang van de kwaliteit van de verharding omdat de wortels verharding omhoog drukken. Ad. 4. Goede communicatie over de beperkingen en gemaakte keuzen bij de onkruidbestrijding.
5
Tot op zekere hoogte hebben bewoners begrip voor een wat lager niveau van onkruidbeheersing als duidelijk wordt wat de redenen daarvan zijn, zoals het niet meer gebruiken van bestrijdingsmiddelen. We kunnen communiceren over waarom we bijvoorbeeld kiezen voor een wat lager niveau van onkruidbeheersing in het groeiseizoen. Naast de voordelen van een ecologisch duurzame aanpak zullen we daarbij ook aangeven dat een hoger niveau aanzienlijk meer kosten met zich mee brengt. We gaan er van uit dat meer uitleg zorgt voor meer acceptatie en een minder negatieve beleving. In hoeverre bewoners en bedrijven daadwerkelijk begrip kunnen opbrengen voor een wat mindere kwaliteit zal de praktijk moeten uitwijzen. De kosten van beperkte extra communicatie bedragen ca € 1.000. Ad. 5. Bewoners en bedrijven inschakelen bij de onkruidbeheersing. We kunnen bewoners vragen om structureel of af en toe zelf rond het huis onkruid en veegvuil te verwijderen. Bijvoorbeeld als ergens in het groeiseizoen veel onkruid verschijnt. De gemeente kan daar nu niet zelf overal even tijdig voor verwijdering zorgen. Er is in Houten veel belangstelling voor zelfbeheer van groen, maar het onderhouden van een mooi bloemperk waar anders alleen gras zou zijn is toch wat anders dan onkruid verwijderen tussen stoeptegels en straatstenen. Alle hulp is echter welkom.
We kunnen een dergelijk zelfbeheer stimuleren en ondersteunen. Bijvoorbeeld bij individuele bewoners en bij groepen bewoners die al actief zijn in de buitenruimte. De praktijk zal moeten uitwijzen in hoeverre dit in Houten een substantiële bijdrage kan leveren aan de oplossing. De kosten van een dergelijke stimuleringsactie zullen vooral bestaan uit de kosten van extra communicatie, begeleiding en het zo nodig faciliteren van bewoners met materialen (ca € 8.700). Ad. 6 Beperken van verharding en het gebruik van voegvrije verharding. De gemeente is vooral in het kader van klimaatadaptatie al enkele jaren bezig met het verwijderen van onnodige verharding. Wanneer het daarbij gaat om weinig gebruikte trottoirs dan voorkomt dit zeker ook onkruidgroei. Het percentage potentieel te verwijderen verharding is echter gering en verwijdering is kostbaar. Ontstenen levert dan ook geen substantiële oplossing voor het onkruidprobleem. Een preventieve aanpak tegen onkruid op verharding is het bij nieuw aanleg en renovatie beperken van verharding en het minimaliseren van voegen in verharding en gebruik maken van voegvrije verhardingen zoals asfalt en beton (met eventueel een print). Momenteel is in de Beheereisen Inrichting Openbare Ruimte (BIOR) al als uitgangspunt opgenomen: ” Zorg voor zo min mogelijk voegen in de bestrating om onkruidgroei te minimaliseren”.
Het verwijderen van verharding, zoals nu al gebeurt ten behoeve van klimaatadaptatie, en het gebruik van voegvrije verharding, leidt op lange termijn tot beperkt wat lagere kosten van de onkruidbestrijding. Het verwijderen van verharding is kostbaar en zal vooral geleidelijk bij reconstructies moeten worden uitgevoerd. Het is financieel niet rendabel om verharding te verwijderen om te kunnen besparen op de kosten van onkruidbestrijding. Combinatie met ander oplossing(en) blijft nodig. Het ontstenen/vergroenen ten behoeve van klimaatadaptatie en biodiversiteit wordt positief beleefd en we gaan daar zeker mee door. De extra inzet zorgt niet voor meer inzameling van huishoudelijk zwerfafval waardoor (verdere) doorbelasting aan de afvalstoffenheffing niet passend is. Doorbelasting naar de rioolheffing is ook niet aan de orde. De extra onkruidbestrijding heeft namelijk nauwelijks effect op de afvoer van regenwater naar kolken omdat daar de veegwagens al gewoon kunnen komen. Bij het zoeken naar een oplossing is tevens een aandachtspunt dat er al enkele jaren door het wegbezuinigen van een structureel budget voor bladruimen minder bladafval wordt opgeruimd. Bij het borstelen wordt nog wel bladafval meegenomen, maar een deel blijft liggen wat voedingsbodem vormt voor onkruid. Het apart opruimen van bladeren is nu niet haalbaar tenzij er door UB andere taken niet worden uitgevoerd.
Voorkeursscenario: deels verlagen van de beeldkwaliteitsnorm (met beperkt extra bestrijding), communicatie en stimulering Het voorgaande laat zien dat het structureel minstens € 200.000- € 300.000 aan extra middelen gaat kosten om te voldoen aan de huidige beeldkwaliteitsnormen. Deze middelen zijn niet beschikbaar in de begroting. Daarom wordt als voorkeursscenario voorgesteld een combinatie van de oplossingen 3, 4 en 5. We accepteren daarbij een wat mindere beeldkwaliteit in de woongebieden, groengebieden en bedrijventerreinen. De beeldkwaliteitsnorm kan hier verlaagd worden van een B naar minimaal een C6
niveau. In de praktijk betekent dit een C-niveau in het voorjaar en de zomer en een B niveau in de herfst en de winter zodra er ter plekke weer geborsteld is. Er is nog wel beperkt extra inzet nodig om in het groeiseizoen de slechtste locaties met een D-niveau aan te pakken. Dit kost ca € 6.300 extra. Tegelijkertijd kan communicatie over de redenen van het aanwezige onkruid zorgen voor meer acceptatie en een minder negatieve beleving. Extra kosten ca. € 1.000. De praktijk moet uitwijzen of een C-niveau (met maximaal 20% D-niveau) daadwerkelijk acceptabel is voor bewoners en bedrijven. Het mobiliseren van bewoners en bedrijven kan daarnaast mogelijk tot een beperkte kwaliteitsverbetering leiden. De extra kosten hiervan zijn ca. € 8.700. Bijlage. Voorbeelden van een D-niveau: Zie volgende pagina’s.
7
8
9