CConstaterende datHouten
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1.9 Doorlatendheidsonderzoek project Luno te Houten

Gemeenteraad 25 januari 2022, gemeente HoutenBij agendapunt: Ontwerp-VVGB aanvraag omgevingsvergunning 112 woningen Kokermolen 1-11 en De Molen 13 -172.264 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

DOORLATENDHEIDSONDERZOEK PROJECT LUNO DE MOLEN/KOKERMOLEN TE HOUTEN

Rapportage Doorlatendheidsonderzoek project Luno De Molen/Kokermolen te Houten Opdrachtgever

WIMAHO C.V. Postbus 69491 1060 CM Amsterdam

Rapportnummer Versienummer

9771.001 D1

Status

Eindrapportage

Datum

14 mei 2020

Vestiging

Brabant Heinz Moormannstraat 1b 5831 AS Boxmeer 088 - 5001600 boxmeer@econsultancy.nl

Opsteller

ing. R. van den Berg

Paraaf

Kwaliteitscontrole

dr. ir. B.A. van de Pas

Paraaf

Kwaliteitszorg Voor het uitvoeren van doorlatendheidsonderzoek zijn geen wettelijke richtlijnen vastgesteld. Econsultancy voldoet voor haar overige dienstverlening ten aanzien van bodem aan alle wettelijke kwaliteitseisen. Tot aan het moment dat voor doorlatendheidsonderzoek kan worden gewerkt volgens vastgestelde protocollen en richtlijnen wordt daar waar mogelijk aangesloten aan algemene kwaliteitseisen zoals deze voor bodemonderzoek gelden. Econsultancy werkt volgens een dynamisch kwaliteits- en milieusysteem, zoals beschreven in het kwaliteits- en milieuhandboek. Ons kwaliteits- en milieusysteem is gecertificeerd volgens de eisen in de NEN-EN-ISO 9001 en NEN-EN-ISO 14001. Betrouwbaarheid Dit onderzoek is op zorgvuldige wijze uitgevoerd conform de algemeen geldende normen en met behulp van gespecialiseerde apparatuur. Het onderzoek betreft een momentopname in de tijd en is steekproefsgewijs uitgevoerd, waardoor een beeld van de geohydrologische situatie wordt verkregen. Econsultancy accepteert op voorhand geen aansprakelijkheid ten aanzien van mogelijke beslissingen die de opdrachtgever naar aanleiding van het door Econsultancy uitgevoerde onderzoek neemt.

INHOUDSOPGAVE 1.

INLEIDING .................................................................................................................................. 1

2.

LOCATIEGEGEVENS ................................................................................................................ 1

3.

VELDWERK ................................................................................................................................ 2 3.1 3.2 3.3

4.

WATERDOORLATENDHEID ..................................................................................................... 3 4.1 4.2

5.

Uitvoering .......................................................................................................................... 2 Bodemopbouw .................................................................................................................. 2 Grondwaterniveau ............................................................................................................ 2

Methodiek in-situ doorlatendheidsproeven ....................................................................... 3 Resultaten ......................................................................................................................... 3

BEOORDELING .......................................................................................................................... 4

BIJLAGEN: 1. 2. 3. 4.

- Topografische ligging - Locatieschets - Boorprofielen - Berekende k-waarden 9771.001

1.

INLEIDING

Econsultancy heeft van WIMAHO C.V. opdracht gekregen voor het uitvoeren van een doorlatendheidsonderzoek ten behoeve van het project Luno gelegen aan De Molen/Kokermolen te Houten. Het doorlatendheidsonderzoek is uitgevoerd in het kader van duurzaam waterbeheer ten aanzien van de voorgenomen (her)ontwikkeling van de onderzoekslocatie. Doel van het onderzoek is het verkrijgen van inzicht in zowel de bodemopbouw als de (actuele) grondwaterstand, het bepalen of de bodem geschikt is voor de infiltratie van hemelwater ten behoeve van de voorgenomen aanleg van een infiltratieriool, alsmede het verkrijgen van k-waarden.

2.

LOCATIEGEGEVENS

De onderzoekslocatie (± 4.740 m²) is gelegen aan De Molen 13-17 en Kopermolen 1-11 te Houten (zie bijlage 1). Het perceel, waar de planlocatie deel van uitmaakt, is kadastraal bekend gemeente gemeente, sectie A, nummers 7468, 7469, 9741 en 9744. Volgens het Actueel Hoogtebestand van Nederland (ahn.nl), bevindt het maaiveld zich op een hoogte van gemiddeld 2,5 m +NAP. De coördinaten van een centraal punt zijn X = 140.605, Y = 448.975. In figuur 1 is de begrenzing van de planlocatie weergegeven. Op basis van de gegevens van grondwaterpeilputten uit het archief van TNO als ook het meetnet van WINNET is de Gemiddelde Hoogste Grondwaterstand (GHG) voor de planlocatie ingeschat op circa 1,10 m +NAP. Hiermee zou de GHG op ± 1,4 m -mv kunnen worden verwacht.

Figuur 1. Ligging en begrenzing onderzsoekslocatie

Rapport 9771.001 versie D1

Pagina 1 van 4

3.

VELDWERK

3.1

Uitvoering

Voor het uitvoeren van een doorlatendheidsonderzoek gelden geen richtlijnen. De onderzoeksstrategie is in overleg met de opdrachtgever vastgesteld en betreft maatwerk. Ten aanzien van de uitvoering is aangesloten op het SIKB-protocol 2001 "Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen". Het veldwerk omvatte het zintuiglijk beoordelen van aanwezige bodemlagen door middel van het handmatig opboren van bodemmateriaal. De aanwezige bodemlagen zijn hierbij nauwkeurig beschreven en de posities van de betreffende monstername-punten zijn op kaart vastgelegd. Op de locatieschets in bijlage 2 is de situering van de meetpunten aangegeven. Van het opgeboorde materiaal is een boorbeschrijving conform de NEN 5104 gemaakt (zie bijlage 3). Het veldwerk is uitgevoerd op 1 mei 2020. Met behulp van een edelmangrondboor (diameter 10 cm) zijn in totaal 4 boringen geplaatst. De boringen zijn tot maximaal 4,0 m -mv doorgezet teneinde een duidelijk beeld van de bodemopbouw te verkrijgen. Na het verrichten van de boringen zijn de in-situ doorlatendheidsmetingen uitgevoerd. Na afloop van de werkzaamheden is het grondwaterniveau in de boorgaten gemeten. 3.2

Bodemopbouw

Vanaf 1,0 á 1,5 meter beneden maaiveld bestaat de bodem voornamelijk uit zwak siltig, matig fijn zand. Daarboven wordt tot op wisselende diepten sterk zandige, zwak humeuze klei aangetroffen. Ter plaatse van boring 2 en 3 wordt vanaf 3,5 meter beneden maaiveld zwak zandige klei aangetroffen. 3.3

Grondwaterniveau

In de boorgaten is een grondwaterstand* aangetroffen tussen de 1,75 m -mv en de 2,0 m -mv.

* Opmerking: Gemeten grondwaterstanden zijn momentopnamen en dienen met de nodige voorzichtigheid te worden gehanteerd, omdat: 



Waterniveaus gemeten direct na plaatsing van een sondering, boring of peilbuis, significant kunnen afwijken van de heersende grondwaterstand of stijghoogte. Het kan namelijk enige tijd duren voordat een representatieve waterspiegel is ingesteld (enkele seconden in grof zand tot soms enkele uren in slecht doorlatende klei). De grondwaterstand onder invloed van seizoensafhankelijke factoren in de tijd zal fluctueren. Deze fluctuatie varieert per regio/gebied.

Een representatief beeld hiervan kan slechts worden gekregen door monitoring van de grondwaterstand gedurende langere tijd en/of door tijdreeksanalyse van gedurende langere tijd gemonitoorde peilbuizen uit de omgeving.

Rapport 9771.001 versie D1

Pagina 2 van 4

4.

WATERDOORLATENDHEID

4.1

Methodiek in-situ doorlatendheidsproeven

Op basis van de profielbeschrijvingen en de actuele grondwaterstand zijn de te onderzoeken bodemlagen vastgesteld. Vervolgens is in de directe nabijheid van de referentieboring, per meting, een nieuwe boring verricht tot in de te onderzoeken homogene bodemlaag. Bij de keuze van de te onderzoeken bodemlaag is rekening gehouden met de doelstelling van het onderzoek. De doorlatendheid (k-waarde) van de bodem is bepaald met behulp van de Falling head-methode (omgekeerde Hooghoudt-methode). Bij de Falling headmethode wordt na eenmalig opbrengen van een waterkolom de zaksnelheid van het water gemeten. Om instorting van het boorgat te voorkomen, is in het boorgat een filterbuis aangebracht die aan de onderzijde over een lengte van 1 m is geperforeerd. Na plaatsen van de filterbuis is water opgebracht. Voor het meten van de waterstandsdaling is gebruik gemaakt van een digitale drukopnemer (Diver). De doorlatendheidsmeting is een aantal malen herhaald teneinde verzadigde doorlatendheid te verkrijgen en een gemiddelde te kunnen berekenen. Aan de hand van de zaksnelheid is vervolgens met behulp van de formule van Hooghoudt de gemiddelde doorlatendheid (k-waarde) berekend.

4.2

Resultaten

Tabel 1 geeft een overzicht van het uitgevoerde veldwerk en de bodemlaag waarin een in-situ doorlatendheidsmeting is uitgevoerd. Tevens zijn in de tabel de resultaten van de berekende k-waarden weergegeven en is de doorlatendheid van de bodem per boring en traject beoordeeld conform de classificatie uit tabel 2. Bijlage 4 bevat de grafische uitwerking en de berekening van de k-waarden. Tabel 1.

Overzicht k-waarde per meting

Boring

Aantal Metingen (*A)

Onderzochte bodemlaag (cm -mv)

01

3

100-150

02

3

03 04 (*A)

Textuur

Opmerkingen

K-waarde (m/dag)

Beoordeling doorlatendheid

zand, matig fijn, zwak siltig

matig stevig

4,5

goed

110-170

zand, matig fijn, zwak siltig

matig stevig

4,9

goed

3

100-170

zand, matig fijn, zwak siltig

matig stevig

4,2

goed

3

100-150

klei, zwak zandig

vast

>10

zeer goed

De meest representatieve meting is gebruikt voor het berekenen van de (verzadigde) doorlatendheid.

Rapport 9771.001 versie D1

Pagina 3 van 4

Tabel 2.

Classificatie doorlatendheid

K-waarde (m/dag)

Classificatie (*A)

< 0,1

slecht doorlatend

0,1-0,5

matig doorlatend

0,5-1,0

vrij goed doorlatend

1,0-10

goed doorlatend

> 10 (*A)

5.

zeer goed doorlatend Classificatie k-waarde (m/d) (bron: Cultuurtechnisch Vademecum, 2000)

BEOORDELING

De haalbaarheid van hemelwaterinfiltratie is onder andere afhankelijk van de waterdoorlatendheid van de bodem. De waterdoorlatendheid van de bodem wordt omschreven als de k-waarde of te wel de doorlatendheidcoëfficiënt. De waterdoorlatendheid wordt mede bepaald door de bodemopbouw, aanwezigheid van stoorlagen (klei en leem), de korrelgrootte (zand fractie), de sortering/verdeling, de mate van bijmenging van humus (organisch materiaal), lutum en silt en het grindgehalte. Econsultancy acht bodemlagen met een minimale doorlatendheid van 1,0 m/dag geschikt voor infiltratie van hemelwater. De doorlatendheid van de bodem wordt over het algemeen geclassificeerd als goed doorlatend. De kwaarde van de onderzochte lagen ter plaatse van boring 4 wijkt dusdanig van de overige meetresultaten af dat het meetresultaat, mede ook op basis van de textuur, als niet representatief voor deze bodemlaag kan worden beschouwd. Een directe verklaring voor deze afwijking is niet voorhanden. Klei zal onder normale omstandigheden water juist slecht doorlaten. Echter bij zeer droge omstandigheden kan als gevolg van scheuren in de doorlatendheid sterk toenemen. Indien verzadigd zal de doorlatendheid weer aanzienlijk reduceren. Het meetresultaat van boring 4 wordt derhalve verder buiten beschouwing gelaten en is niet meegenomen in de berekening van de rekenwaarde.

Op basis van de resultaten uit het waterdoorlatendheidsonderzoek wordt de bodem binnen de onderzoekslocatie, mede op basis van de textuur, overwegend geschikt geacht voor de infiltratie van hemelwater. Geadviseerd om voor het dimensioneren van de infiltratievoorzieningen een rekenwaarde te hanteren van 2,0 m/dag. Als rekenwaarde geldt het gemiddelde van alle metingen vermenigvuldigd met een veiligheidsfactor van 0,5. Voor een optimale infiltratie en lediging van IT-riool dienen de aanwezige kleilagen te worden vergraven en aangevuld te worden met goed doorlatend zand tot op tenminste 0,5 m rondom de buizen. Indien de kleilagen lokaal dieper zijn gelegen dient deze in zijn geheel tot aan de zandige ondergrond verwijderd te worden. Bij het maken van de keuze voor het type (infiltratie)voorziening en de dimensionering is het daarnaast tevens van belang rekening te houden met de Gemiddelde Hoogste grondwaterstand (GHG), het afstromend verhard oppervlak en het beleid van het bevoegd gezag.

Econsultancy Boxmeer, 14 mei 2020

Rapport 9771.001 versie D1

Pagina 4 van 4

Bijlage 1

Topografische ligging van de locatie

Schaal 1:25.000 Deze kaart is noordgericht

Bijlage 3

Boorprofielen

Pagina 1 van 1

Profielen boringen

Boring:

01

0

Boring: 0

groenstrook

30

Klei, vast, sterk zandig, zwak siltig, zwak humeus, zwak baksteenhoudend, grijsbruin, Edelmanboor

70

Zand, matig fijn, matig stevig, zwak siltig, licht beigegrijs, Edelmanboor

50

Klei, vast, zwak zandig, geelbruin, Edelmanboor

100

110

140

0

0

gras

30

Klei, vast, sterk zandig, zwak siltig, zwak humeus, zwak baksteenhoudend, grijsbruin, Edelmanboor

50

Zand, zeer fijn, matig stevig, zwak siltig, zwak humeus, brokken klei, grijsbeige, Edelmanboor 100

110

Zand, matig fijn, matig stevig, zwak siltig, grijsbeige, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig stevig, zwak siltig, grijsbeige, Edelmanboor

150

02

200

Zand, matig fijn, matig stevig, zwak siltig, Edelmanboor 150

200 230

230

Zand, matig fijn, slap, zwak siltig, grijsbeige, Zuigerboor

250

Zand, matig fijn, slap, zwak siltig, grijsbeige, Zuigerboor

250

300

300

350

350 380 400

400

Boring: 0

03

Boring: 0

gras

30

Klei, vast, sterk zandig, zwak siltig, zwak humeus, zwak baksteenhoudend, grijsbruin, Edelmanboor

50 80

100

400

100

0

0

gras

30

Klei, vast, sterk zandig, zwak siltig, zwak humeus, zwak baksteenhoudend, grijsbruin, Edelmanboor

04

80

Klei, vast, zwak zandig, zwak siltig, zwak humeus, grijsbruin, Edelmanboor Klei, vast, zwak zandig, geelbruin, Edelmanboor

100

Zand, matig fijn, matig stevig, zwak siltig, grijsbeige, Edelmanboor 150

Klei, vast, zwak zandig, beigegrijs, Zuigerboor

50

Klei, vast, zwak zandig, zwak siltig, zwak humeus, grijsbruin, Edelmanboor Zand, zeer fijn, matig stevig, matig siltig, beigegrijs, Edelmanboor

400

130

150

150

Klei, vast, zwak zandig, licht beigegrijs, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig stevig, zwak siltig, grijsbeige, Edelmanboor

200

200 230

230

Zand, matig fijn, slap, zwak siltig, grijsbeige, Zuigerboor

250

300

350

Zand, matig fijn, slap, zwak siltig, grijsbeige, Zuigerboor

250

300

350

360 380

Klei, vast, zwak zandig, neutraalgrijs, Zuigerboor 400

400

Projectcode: 9771.001 Getekend volgens NEN 5104

Bijlage 4 Berekende k-waarden

B01 (100-150 cm -mv)

10,0

600

575

550

525

500

475

450

425

400

375

350

325

300

275

250

225

200

175

150

125

100

75

50

0

1,0 25

Daling waterkolom [cm]

100,0

Meetperiode [sec]

Omgekeerde boorgatenmethode Tijd [sec] 475 LOG h0 [cm] 35 LOG ht [cm] 10 r [cm] 4,5 k m/dag 4,5

  1,15

log ℎ 

1 2

 logℎ    

1  2

B02 (110-170 cm -mv)

10,0

625

 logℎ 

1  2

Meetperiode [sec]

Omgekeerde boorgatenmethode Tijd [sec] 650 LOG h0 [cm] 60 LOG ht [cm] 10 r [cm] 4,5 k m/dag 4,9

  1,15

log ℎ 

1 2

  

650

600

575

550

525

500

475

450

425

400

375

350

325

300

275

250

225

200

175

150

125

75

100

50

0

1,0 25

Daling waterkolom [cm]

100,0

B03 (100-170 cm -mv)

10,0

1 2

 logℎ 

750

log ℎ 

725

700

625

675

600

650

575

550

525

500

475

450

425

400

375

350

325

300

275

250

225

200

175

150

125

75

100

50

0

1,0 25

Daling waterkolom [cm]

100,0

Meetperiode [sec]

Omgekeerde boorgatenmethode Tijd [sec] 550 LOG h0 [cm] 70 LOG ht [cm] 20 r [cm] 4,5 k m/dag 4,2

  1,15

  

1  2

B04 (100-150 cm -mv)

10,0

Meetperiode [sec]

Omgekeerde boorgatenmethode Tijd [sec] LOG h0 [cm] LOG ht [cm] r [cm] k m/dag

130 40 10 4,5 18,5

  1,15

log ℎ 

1 2

 logℎ    

1  2

300

290

280

270

260

250

240

230

220

210

200

190

180

170

160

150

140

130

120

110

90

100

80

70

60

50

40

30

20

0

1,0 10

Daling waterkolom [cm]

100,0

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Houten&id=c06fcfc2-00eb-4be7-a6e9-93687eafa302