Bijlage 1.2 - Studie ruimtelijke modellen
Tekst van het document
-
-
-
-
-
-
Centrum: wordt ingezet op hoge dichtheden die volgens Companen over het algemeen passend zijn bij zowel traditionele als moderne leefstijlen. Hierdoor lijkt deze invulling passend te zijn voor lokale behoefte. Molenzoom: wordt ingezet op hoge dichtheden die volgens Companen over het algemeen passend zijn bij zowel traditionele als moderne leefstijlen. Hierdoor lijkt deze invulling passend te zijn voor lokale behoefte. De Koppeling: wordt ingezet op lagere dichtheden die volgens Companen passend zou kunnen zijn bij zowel traditionele als moderne leefstijlen in de vorm van grondgebonden woningen. Hierdoor lijkt deze invulling passend te zijn voor lokale behoefte. Doornkade: wordt ingezet op hogere dichtheden die volgens Companen passend zou kunnen zijn bij moderne leefstijlen (dit is slechts een klein deel van lokale behoefte) in de vorm van appartementen (overschot). Houten Oost: wordt ingezet op hogere dichtheden die volgens Companen passend zou kunnen zijn bij traditionele leefstijlen (appartementen) en moderne leefstijlen (grondgebonden). Hierdoor lijkt deze invulling passend te zijn voor lokale behoefte. Alle locaties gecombineerd is de conclusie: o licht overschot om te voldoen aan lokale vraag naar grondgebonden woningen voor traditionele leefstijl. o volledig passend aanbod om te voldoen lokale vraag naar appartementen voor traditionele leefstijl.
o passend aanbod om te voldoen aan lokale vraag naar grondgebonden woningen voor moderne
-
-
-
-
-
Centrum: wordt ingezet op hoge dichtheden die volgens Companen over het algemeen passend zijn bij zowel traditionele als moderne leefstijlen. Hierdoor lijkt deze invulling passend te zijn voor lokale behoefte. Molenzoom: wordt ingezet op middelhoge dichtheden die volgens Companen over het algemeen passend zijn bij traditionele leefstijlen (appartementen). Hierdoor lijkt deze invulling passend te zijn voor lokale behoefte. De Koppeling: wordt ingezet op lagere dichtheden die volgens Companen passend zou kunnen zijn bij zowel traditionele (hier is echter geen vraag naar) als moderne leefstijlen in de vorm van grondgebonden woningen (vraag circa 800 woningen). Houten Oost: wordt ingezet op lagere dichtheden die volgens Companen passend zou kunnen zijn bij traditionele leefstijlen (grondgebonden) en moderne leefstijlen (grondgebonden). Hier wordt een zeer groot overschot gecreëerd t.o.v. de lokale behoefte. Alle locaties gecombineerd is de conclusie: o zeer ruim overschot om te voldoen aan lokale vraag naar grondgebonden woningen voor traditionele leefstijl. o fors tekort om te voldoen aan voor lokale vraag naar appartementen voor traditionele leefstijl. o ruim overschot om te voldoen aan lokale vraag naar grondgebonden woningen voor moderne leefstijl. o klein tekort om te voldoen aan lokale vraag naar appartementen voor moderne leefstijl.
-
-
-
-
-
Centrum: wordt ingezet op zeer hoge dichtheden die volgens Companen over het algemeen meer passend zijn bij een moderne leefstijl hierdoor lijkt deze invulling minder passend te zijn voor lokale behoefte (overschot). Molenzoom: wordt ingezet op middelhoge dichtheden die volgens Companen over het algemeen passend zijn bij traditionele leefstijlen (appartementen). Hierdoor lijkt deze invulling passend te zijn voor lokale behoefte. De Koppeling: wordt ingezet op lagere dichtheden die volgens Companen passend zou kunnen zijn bij zowel traditionele als moderne leefstijlen in de vorm van grondgebonden woningen. Hierdoor lijkt deze invulling passend te zijn voor lokale behoefte (voor de moderne leefstijl). Doornkade: wordt ingezet op middelhoge dichtheden die volgens Companen passend zou kunnen zijn bij moderne leefstijlen (dit is slechts een deel van lokale behoefte) in de vorm van appartementen en grondgebonden woningen. Hier wordt een overschot gecreëerd t.o.v. de lokale behoefte. Alle locaties gecombineerd is de conclusie: o ruim overschot om te voldoen aan lokale vraag naar grondgebonden woningen voor traditionele leefstijl. o ruim tekort om te voldoen aan lokale vraag naar appartementen voor traditionele leefstijl. o enig overschot om te voldoen aan lokale vraag naar grondgebonden woningen voor moderne leefstijl.
o zeer ruim overschot om te voldoen aan lokale vraag naar appartementen voor moderne leefstijl.
Model 1 Compacte stad
Model 2 Ketting van knopen o
•
In hoeverre beantwoordt het model aan de regionale woningbehoefte volgens Companen?
-
Zie beschrijving lokaal (vorige punt). Dit model biedt veel mogelijkheden om te voldoen aan een regionale vraag naar appartementen en grondgebonden woningen voor moderne leefstijlen.
-
Model biedt kansen betere benutting OV (bijvoorbeeld stations), hiermee ook kans op minder grote groei van het autogebruik. Limesbaan en deel oostelijke Rondweg moeten waarschijnlijk worden verbreed (2x2). Dit geldt zeker ook voor de Koppeling (inclusief tunnel onder spoor). Mogelijke capaciteitsproblemen op de Molen en de Staart (aansluiting A27). Beperkt effect op de Utrechtseweg en verder (N409/N408) (bij uitganspunt: volledige aansluiting Limesbaan op A12). Bij stringent parkeerbeleid meer kans voor OV en duurzame mobiliteit ivm compacte verstedelijking. Model gaat uit van introductie (H)OV lijn (mogelijke kans) langs ontwikkelingen hiermee wordt OV versterkt (zou bijvoorbeeld bestaande lijn naar Nieuwegein kunnen zijn) dichtbij stations, optimaal voor gebruik huidige knopen en de potentie daarvan (voor een ontwikkeling op Doornkade geldt dit minder). Mogelijk capaciteitsverhoging van trein nodig. Kans voor introductie nieuw station op de Koppeling.
-
Betaald parkeren mogelijk nodig in Centrum, Molenzoom en Koppeling met daaromheen een schil vergunning parkeren (bestaande wijken). Mogelijk maatregelen nodig om autobezit te ontmoedigen.
-
Kansen om fietsrelaties tussen Houten-Noord en -Zuid te versterken.
-
-
Model 3 Herdefinitie oostrand
Model 4 Ontwikkeling noordzijde
leefstijl. zeer ruim overschot om te voldoen aan voor lokale vraag naar appartementen voor moderne leefstijl.
Zie beschrijving lokaal (vorige punt). Dit model biedt veel mogelijkheden om te voldoen aan een regionale vraag naar appartementen voor moderne leefstijlen en grondgebonden woningen voor traditionele leefstijlen.
-
Zie beschrijving lokaal (vorige punt). Dit model biedt veel mogelijkheden om te voldoen aan een regionale vraag naar grondgebonden woningen voor zowel moderne als traditionele leefstijl.
-
Zie beschrijving lokaal (vorige punt). Dit model biedt veel mogelijkheden om te voldoen aan een regionale vraag naar appartementen en grondgebonden woningen voor moderne leefstijlen. En dit model biedt mogelijkheden voor een regionale vraag naar grondgebonden woningen voor traditionele leefstijlen.
Hier is sprake van meer spreiding hierdoor zijn implicaties capaciteit van huidige infrastructuur minder goed in te schatten. Verwachting is dat voor dit model een combinatie van ingrepen nodig is van modellen 1, 3 en 4. Gevolg: minder efficiënte inzet van middelen, spreiding van woningen betekent ook spreiding van te bereiken kwaliteit bereikbaarheid en leefbaarheid (‘eilandjes’ van woningen achter de rondweg?)
-
Limesbaan, deel oostelijke Rondweg moeten waarschijnlijk worden verbreed (2x2). Mogelijke capaciteitsproblemen op de Staart (aansluiting A27) ivm autonome groei. Mogelijk nieuwe Rondweg introduceren om nieuwe wijk (en weghalen of afwaarderen bestaande Rondweg)
-
Capaciteitsproblemen op de Utrechtseweg en verder (N409/N408): 2x2 rijstroken nodig op Utrechtseweg, inclusief viaduct over A27. Mogelijke capaciteitsproblemen op deel oostelijke Rondweg en de Staart (aansluiting A27). Mogelijk nieuwe verkeersstructuur introduceren ivm barrièrewerking van de Rondweg (mogelijk verleggen N409 en parallelstructuur A27).
Spreiding over verschillende locaties daarmee mogelijk ongunstig voor benutting en draagvlak OV. Model gaat uit van introductie (H)OV lijn (mogelijke kans) langs ontwikkelingen noord en oost waardoor OV wordt versterkt. Spreiding over verschillende locaties waardoor minder gunstig voor benutting huidige knopen. Verstedelijking in Centrum, Molenzoom en Koppeling dragen bij aan betere benuttig, dit geldt minder voor Doornkade en Houten Oost.
-
Model gaat uit van introductie hoogwaardig lokaal OV-systeem (mogelijke kans) waarmee Houten Oost wordt aangesloten op bestaand Houten. Mogelijke kans voor versterking (H)OV relaties, bus mogelijk via Rondweg Oost. Idem 2 tav benutting OVknooppunten, goede fietsinfra is nodig tbv bereikbaarheid stations.
-
Idem 1 mogelijk in mindere mate noodzakelijk. Het ligt minder voor de hand betaald parkeren in te voeren Houten Noord en Oost.
-
Idem 2. Het ligt minder voor de hand betaald parkeren in te voeren Houten Oost.
-
Idem 3. Het ligt minder voor de hand betaald parkeren in te voeren Houten Noord.
Fietsrelaties met nieuwe verstedelijkingslocaties moeten
-
Kansen om barrière Rondweg te slechten i.c.m. groenstructuur
-
Fietsrelaties met nieuwe verstedelijkingslocatie moet worden
2. Mobiliteit •
In hoeverre passen voorgestelde ontwikkelingen in het model binnen de capaciteit van de huidige infrastructuur?
-
-
-
•
In hoeverre wordt het bestaande OVsysteem verbeterd en de potentie van de OV-knooppunten benut?
-
•
Wat is de benodigde aanpak t.a.v. parkeren?
-
•
In hoeverre wordt fietsnetwerk verbeterd en uitgebreid?
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Model gaat uit van introductie (H)OV lijn (mogelijke kans) langs ontwikkelingen noord hiermee wordt OV versterkt. Idem 3 tav benutting OVknooppunten.
Model 1 Compacte stad -
Model 2 Ketting van knopen
Fietsrelatie met Houten Noord wordt versterkt ivm verstedelijking aldaar. -
worden geïntroduceerd (Houten Noord en Oost). Dit model vraagt om veel investeringen in vergelijking met andere modellen omdat verstedelijking hier wordt verspreid over meerdere gebieden. Hierdoor kan kwaliteit achter blijven (ivm investeringscapaciteit).
Model 3 Herdefinitie oostrand
-
-
(vraagstuk is of er een nieuwe Rondweg wordt geïntroduceerd). Hoofdstructuren voor fiets kunnen naar het oosten doorgezet worden: mogelijk kansen voor doorgaande oost-westverbinding naar brug richting Nieuwegein. Ontwikkeling zou aanleiding kunnen zijn voor doorgaande noordzuidroute aan oostzijde Houten.
Model 4 Ontwikkeling noordzijde -
-
geïntroduceerd (Houten Noord). Slechten barrière Rondweg (i.c.m. groenstructuur) naar Noord lastiger i.v.m. ligging bosgebied en tunnel onder spoor. Structuren voor fiets kunnen naar het oosten doorgezet worden. Mogelijke kansen voor doorgaande noord-zuidroute aan westzijde Houten met koppeling naar brug richting Nieuwegein.
3. Werken en economie •
In hoeverre wordt de vervangingsvraag gecompenseerd?
-
Dit is niet expliciet op te maken uit de modellenstudie. In model 1 ligt het minder voor de hand om alle vervanging te compenseren doordat er meer woningen geconcentreerd worden op de binnenstedelijke gebieden (Molenzoom, centrum, Doornkade en De Koppeling). Het is onduidelijk in hoeverre arbeidsplaatsen worden gecompenseerd. Hiervoor zal een expliciete beleidswijziging moeten plaatsvinden die dit ook mogelijk maakt.
-
•
In hoeverre wordt er ruimte geboden voor de autonome groei van Houten? (2.000 arbeidsplaatsen)?
-
-
•
In hoeverre gebeurt bovenstaande door intensivering van ruimtegebruik op bestaande locaties?
-
In alle modellen wordt voorzien in de autonome groei van Houten, er zit zelfs een plus op van +500 (in totaal 2.500 nieuwe arbeidsplaatsen). Het is de vraag of dit fysiek ook mogelijk is. Er zal een expliciete beleidswijziging nodig zijn om deze ruimte te scheppen. In alle modellen zijn mogelijkheden voor het intensiveren van de werkgebieden en het mengen van wonen en werken. Dit komt omdat er in alle modellen wordt ingezet op bestaande werk/woon gebieden zoals het Centrum, de Molenzoom en de Koppeling. Daarnaast wordt in alle modellen de Doornkade opgepakt. In model 1 wordt de Doornkade een gemengde woon-werkwijk.
•
In hoeverre wordt ingezet op bevolkingsvolgende dan wel stuwende economie, voorzieningen in de plint en begane grond in het centrum en de Molenzoom? In hoeverre passen de te ontwikkelen gebieden binnen een vestigingsmilieu dat zich typeert als ambachtelijk en
-
In alle modellen wordt hieraan voldaan.
-
-
De ontwikkelingen zijn passend bij deze milieus.
-
•
-
Dit is niet expliciet op te maken uit de modellenstudie. In model 2 ligt het minder voor de hand om alle vervanging te compenseren doordat er meer woningen geconcentreerd worden op de binnenstedelijke gebieden (Molenzoom, centrum, Doornkade, en De Koppeling). Het is onduidelijk in hoeverre arbeidsplaatsen worden gecompenseerd. Een deel zal op het Hof van Wulven worden gecreëerd. Daarnaast zal een expliciete beleidswijziging moeten plaatsvinden die dit ook mogelijk maakt.). In alle modellen wordt voorzien in de autonome groei van Houten, er zit zelfs een plus op van +500 (in totaal 2.500 nieuwe arbeidsplaatsen). Het is de vraag of dit fysiek ook mogelijk is. Er zal een expliciete beleidswijziging nodig zijn om deze ruimte te scheppen. In alle modellen zijn mogelijkheden voor het intensiveren van de werkgebieden en het mengen van wonen en werken. Dit komt omdat er in alle modellen wordt ingezet op bestaande werk/woon gebieden zoals het Centrum, de Molenzoom en de Koppeling. Daarnaast wordt in alle modellen de Doornkade opgepakt. In model 2 wordt de Doornkade een gemengde woonwerkwijk. In alle modellen wordt hieraan voldaan.
-
Dit is niet expliciet op te maken uit de modellenstudie. Het is waarschijnlijk dat hier werken gecompenseerd kan worden omdat de Molenzoom minder dicht bebouwd zal zijn dan in model 1 en 2. Een deel zal op het Hof van Wulven worden gecreëerd.
-
Dit is niet expliciet op te maken uit de modellenstudie. Het is waarschijnlijk dat hier werken gecompenseerd kan worden omdat de Molenzoom minder dicht bebouwd zal zijn dan in model 1 en 2. Een deel zal op het Hof van Wulven worden gecreëerd
-
In alle modellen wordt voorzien in de autonome groei van Houten, er zit zelfs een plus op van +500 (in totaal 2.500 nieuwe arbeidsplaatsen). Het is de vraag of dit fysiek ook mogelijk is. Er zal een expliciete beleidswijziging nodig zijn om deze ruimte te scheppen. In alle modellen zijn mogelijkheden voor het intensiveren van de werkgebieden en het mengen van wonen en werken. Dit komt omdat er in alle modellen wordt ingezet op bestaande werk/woon gebieden zoals het Centrum, de Molenzoom en de Koppeling. Daarnaast wordt in alle modellen de Doornkade opgepakt
-
In alle modellen wordt voorzien in de autonome groei van Houten, er zit zelfs een plus op van +500 (in totaal 2.500 nieuwe arbeidsplaatsen).Het is de vraag of dit fysiek ook mogelijk is. Er zal een expliciete beleidswijziging nodig zijn om deze ruimte te scheppen. In alle modellen zijn mogelijkheden voor het intensiveren van de werkgebieden en het mengen van wonen en werken. Dit komt omdat er in alle modellen wordt ingezet op bestaande werk/woon gebieden zoals het Centrum, de Molenzoom en de Koppeling. Daarnaast wordt in alle modellen de Doornkade opgepakt
-
In alle modellen wordt hieraan voldaan.
-
In alle modellen wordt hieraan voldaan.
De ontwikkelingen zijn passend bij deze milieus.
-
De ontwikkelingen zijn passend bij deze milieus.
-
De ontwikkelingen zijn passend bij deze milieus.
-
-
Model 1 Compacte stad •
•
creatief? In hoeverre zijn de werklocaties bereikbaar (ov, fiets, te voet, auto)?
In hoeverre wordt het centrum versterkt als verblijfsgebied door middel van kleinschalige en flexibele kantoorruimten, bedrijfsverzamelgebouwen, ruimte voor ontmoeting en intensivering commerciële en maatschappelijke voorzieningen.
-
De werklocaties zijn in dit model goed bereikbaar. Behalve Hof van Wulven.
-
Model 2 Ketting van knopen -
Het woon-werkgebied Doornkade springt er wat betreft bereikbaarheid uit t.o.v. de andere modellen doordat er een (H)OV lijn doorheen loopt. De andere werkgebieden zijn en blijven goed bereikbaar (centrum, Molenzoom, Koppeling).
-
Model 3 Herdefinitie oostrand -
De werklocaties zijn in dit model goed bereikbaar. Behalve Hof van Wulven.
-
Model 4 Ontwikkeling noordzijde -
De werklocaties zijn in dit model goed bereikbaar. Behalve Hof van Wulven.
-
4. Draagvlak en impuls bestaande stad •
In hoeverre draagt het model bij aan de instandhouding van voorzieningen of is uitbreiding nodig (sportvoorzieningen, winkels, scholen, zwembad, theater)?
-
Draagt bij aan instandhouding van de stadsvoorzieningen (zoals voortgezet onderwijs, zwembad, theater, sportvoorzieningen). Indien model kiest voor gebruik van ruimte die nu wordt gebruikt voor een voorziening (bijvoorbeeld een buitensport-accommodatie) dan moet hier een nieuwe plek (en dus ruimte) voor gevonden worden (indien een functie bestaansrecht heeft).
-
Draagt bij aan instandhouding van primair onderwijs. Maximale benutting bestaande voorzieningen zoals buiten- en binnensport accommodaties (mogelijk uitbreiding van bestaande voorzieningen nodig).
-
-
-
Draagt bij aan instandhouding van primair onderwijs. Maximale benutting bestaande voorzieningen zoals buiten- en binnensport accommodaties (mogelijk uitbreiding van bestaande voorzieningen nodig).
-
Gelet op de omvang van een ontwikkeling in Houten Oost ontstaat behoefte aan een eigen primair onderwijs voorziening(en) (en dus ook binnensport accommodaties).
-
Gelet op de omvang van een ontwikkeling in Houten Noord ontstaat behoefte aan een eigen primair onderwijs voorziening(en) (en dus ook binnensport accommodaties)
•
In hoeverre draagt het model bij aan de levendigheid en vitaliteit van het centrum van Houten?
-
Draagt maximaal bij aan levendigheid centrum omdat maximaal wordt ingezet op verdichting binnen de kern.
-
Idem model 1 maar in mindere mate, aangezien verstedelijking minder geconcentreerd is.
-
Idem model 2.
-
Idem model 2.
•
In hoeverre draagt het model bij aan een ruimtelijke kwaliteit en duurzaamheid van de bestaande stad?
-
Geen aantasting van het buitengebied. Kans op verbeteren binnenstedelijke ruimtelijke kwaliteiten. Kans om Doornkade te moderniseren en revitaliseren.
-
De verbindingen per OV binnen de bestaande kern worden verbeterd. Kans om de Rondweg aan de oostzijde te verbeteren.
-
Met de ontwikkeling van de oostzijde kan de relatie tussen de bestaande kern en het landschap aan de oostzijde verbeterd worden (aanleg groene (fiets)verbindingen in oostwestrichting). Kans voor een doorgaande fietsverbinding aan de oostzijde om Houten heen.
-
Landschap oostelijk van Houten wordt intact gelaten. Het model versterkt de fietsrelatie naar Utrecht.
Door het relatief grotere aandeel laagbouw zou dit model voor de gebouw gebonden energie per saldo energieleverend kunnen zijn (m.n. door elektriciteitsopwekking met zonPV). Om de totale ontwikkeling energieneutraal te maken (ook mobiliteit en openbare ruimte) moet echter buiten het plangebied nog een energielandschap gecreëerd worden.
-
-
-
-
-
5. Energie •
•
In hoeverre is energieneutraliteit van de gebiedsontwikkeling (onbebouwde en gebouwde omgeving) (elektriciteit) in het model mogelijk? In hoeverre is elektriciteitsopslag in de gebieden in het model mogelijk?
-
Door compacte bouw is het relatief eenvoudiger de energievraag per wooneenheid laag te houden. Door relatief klein dak/geveloppervlak per wooneenheid is de energieopwek van de benodigde energie moeilijker te realiseren en dus vermoedelijk zelfs voor de gebouw gebonden energie niet energieneutraal. Benutting gevels van zon-PV staat mogelijk ook op gespannen voet met
-
Vergelijkbaar met de compacte stad, daar waar er met hogere dichtheden wordt gebouwd.
-
-
Vergelijkbaar met de compacte stad, daar waar er met hogere dichtheden wordt gebouwd.
Model 1 Compacte stad -
-
a) In hoeverre zijn er mogelijkheden ten aanzien van de toepassing van (opwekking of opslag): a. Warmte en koude. b. Aquathermie. c. Warmte uit asfalt. b) In hoeverre zijn er mogelijkheden m.b.t. meekoppelkansen warmtetransitie ‘bestaand’ Houten. c) In hoeverre zijn er mogelijkheden ten aanzien van warmteopslag in de gebieden?
•
In hoeverre zijn er mogelijkheden voor het bieden van ruimte t.b.v. energieopwekking voor Houten als geheel?
Model 2 Ketting van knopen
Model 3 Herdefinitie oostrand
Model 4 Ontwikkeling noordzijde
a) Compacte bouw vergroot kansen voor een duurzame warmteopwekking via ventilatiewarmte, gecombineerd met opslag in de bodem (WKO) of andere lage temperatuurbronnen, bij relatief lage infrastructuurkosten. b) Meekoppelkansen zijn door ligging iets beperkter t.o.v. model 1. c) Capaciteit WKO is mogelijk te beperkt en ruimte voor opslag in vaten is mogelijk te beperkt.
a) Laagbouw vergroot kansen voor een duurzame warmteopwekking via ventilatiewarmte, gecombineerd met opslag in de bodem (WKO) of andere lage temperatuurbronnen, bij relatief lage infrastructuurkosten. Herinrichting rondweg en aanlegging water vergroot kansen voor warmte uit asfalt en aquathermie. b) Meekoppelkansen zijn door ligging en bouwtype beperkt. c) Capaciteit WKO is mogelijk te beperkt en ruimte voor opslag in vaten is mogelijk te beperkt.
a) Compacte bouw vergroot kansen voor een duurzame warmteopwekking via ventilatiewarmte, gecombineerd met opslag in de bodem (WKO) of andere lage temperatuurbronnen, bij relatief lage infrastructuurkosten. b) Meekoppelkans zijn door ligging beperkt. c) Capaciteit WKO is mogelijk te beperkt en ruimte voor opslag in vaten is mogelijk te beperkt.
klimaatadaptatie/biodiversiteit. Compacte bebouwing en combi wonen/werken biedt meer kansen voor elektriciteitsopslag in het gebied. Keerzijde is dat er weinig ruimte is. Bij dit model zal er relatief meer gebied buiten de rondweg gereserveerd moeten worden voor elektriciteitsproductie.
a) Compacte bouw vergroot kansen voor een duurzame warmteopwekking via ventilatiewarmte, gecombineerd met opslag in de bodem (WKO) of andere lage temperatuurbronnen, bij relatief lage infrastructuurkosten. b) Meekoppelkansen zijn door ligging groot. c) Capaciteit WKO is mogelijk te beperkt en ruimte voor opslag in vaten is mogelijk te beperkt.
-
Model vraagt energielandschap, bijvoorbeeld in Houten-Oost.
-
Model vraagt energielandschap in buitengebied.
-
Model vraagt energielandschap in buitengebied (buiten Houten-Oost).
-
Model vraagt energielandschap in bijvoorbeeld Houten-Oost.
-
Hoe minder ruimte (‘open landschap’) aan de huidige functie wordt onttrokken, des te minder hoeven deze functies te strijden om te resterende ruimte (zeker gezien de claim die de energievoorziening voor het bestaande Houten mogelijk nog op het ‘open landschap’ gaat leggen) .
6. Landschap, natuur en ruimtegebruik •
•
In hoeverre worden bestaande landschappelijke en cultuurhistorische waarden en structuren behouden en versterkt? In welke mate blijft er een groene ‘buffer’ tussen Houten en omliggende gemeenten (zoals Utrecht en Bunnik)?
-
-
Kansen voor behoud en versterking van historische bebouwing en linten O.a. inzet Molenzoom cruciaal voor - Landschap wordt deels benut voor verbinding groenstructuren noord verstedelijking (Oud Wulven en (parken) en zuid (Vijfwal) Houten. Houten Oost) wel kansen voor Het omliggende landschap wordt landschappelijke en gespaard van stedelijke uitbreiding. cultuurhistorische versterking Kansen om de bereikbaarheid van het d.m.v. die ontwikkeling. buitenlandschap te verbeteren door - Nieuwe groene aders cruciaal lokale transformaties van de Rondweg binnen bestaande kern (bv. meer permeabele entreepunten). (Molenzoom). De ‘buffer’ tussen Houten en - Buffer naar Utrecht, Bunnik en omliggende gemeenten is Odijk wordt enigszins kleiner. onveranderd. - Kansen om de relatie met het buitenlandschap te verbeteren door lokale transformaties van de Rondweg (bv. meer permeabele entreepunten bij Doornkade en Oost). - Kansen om de verbindingen met het omliggende landschap te verbeteren. - Kansen om de culturele bestemmingen toegankelijker en zichtbaarder te maken (bv. Fort bij ’t Hemeltje en Heemstede) - Kansen om de oude loop van de
-
-
-
-
Landschap wordt deels benut voor verstedelijking (Houten Oost) wel kansen voor landschappelijke en cultuurhistorische versterking. Nieuwe groene aders cruciaal binnen bestaande kern (Molenzoom). Kans voor creëren nieuw landschap met bijzondere natuurwaarden (hierbij is wel massa en verbindingen noodzakelijk). Buffer naar Bunnik en Odijk wordt kleiner. Kansen om de relatie met het buitenlandschap te verbeteren door lokale transformaties van de Rondweg (bv. meer permeabele entreepunten bij Oost). Kansen om de verbindingen met het omliggende landschap te verbeteren. Kansen om de oude loop van de Krommerijn zichtbaar te maken (oude Krommerijn als structurerend element van de nieuwe stedelijke structuur).
-
-
-
Landschap wordt deels benut voor verstedelijking (Oud Wulven) beperkt kansen voor landschappelijke en cultuurhistorische versterking. Buffer naar Utrecht wordt kleiner. De waarde van het landschap van Oud Wulven wordt aangetast. Kansen om de relatie met het buitenlandschap te verbeteren door lokale transformaties van de Rondweg (bv. meer permeabele entreepunten bij Doornkade). Kansen om de culturele bestemmingen toegankelijker en zichtbaarder te maken (bv. verbinding met de Noordelijke forten NHW ‘t Hemeltje en Vechten, en versterken van de groene as richting Heemstede).
Model 1 Compacte stad
Model 2 Ketting van knopen
Model 3 Herdefinitie oostrand
Model 4 Ontwikkeling noordzijde
Krommerijn zichtbaar te maken (oude Krommerijn als nieuwe grens in oost). •
In hoeverre biedt een model mogelijkheden om nieuwe natuurwaarden/natuurgebieden te creëren?
-
-
•
•
In hoeverre biedt een model mogelijkheden tot behoud, versterking en ontwikkeling van kwalitatief hoogwaardig groen?
In hoeverre biedt een model mogelijkheden voor klimaatadaptatie?
-
-
-
-
Kansen voor stedelijke natuur d.m.v. natuurinclusief bouwen. Kansen om hoge ecologische waarden - D.m.v. gebiedsontwikkeling kansen te genereren door de transformatie voor creëren van grootschalig recreatie- en natuurgebied in Oost van de Molenzoom in een lineair park (potentieel voor rijkere en diversere te ontwikkelen. plantenselectie, evenals waterpartijen - Kansen om hoge ecologische en natte zones.) waarden te genereren door de Kansen om de ecologische waarde in transformatie van de Molenzoom in het Centrum te verhogen door de een lineair park (potentieel voor voltooiing van de oost-west verbinding rijkere en diversere plantenselectie, evenals waterpartijen en natte ‘groene ruggengraat’ (toename van het zones.) groen oppervlak, transformatie van de waterrand in een zachte recreatieve - Kansen om de ecologische waarde in het Centrum te verhogen door de oever). voltooiing van de oost-west verbinding ‘groene ruggengraat’ (toename van het groen oppervlak, transformatie van de waterrand in een zachte recreatieve oever) Zeer beperkte mogelijkheden qua ecologie en goede mogelijkheden voor beleefbaar groen (bijvoorbeeld aanpassing Molenzoom). Goede mogelijkheid om het bestaande groen te verbeteren door te zorgen voor continuïteit van de structuur (groene links) en diversiteit (nieuwe groene gebieden in Molenzoom en Centrum).
De bestaande groenstructuur wordt geïntegreerd met klimaatadaptatieve ingrepen. Kansen om van de Molenzoom een waterbestendig element te maken door tijdelijke regenwatercapaciteit te vergroten (toename van doorlatend oppervlak, voorziening van bioswalesgebieden en/of waterretentieelementen). Bijdragen aan hittestressbeperking door toename van de groenstructuur.
-
-
-
-
Kansen voor verbetering verbindingen kern Houten en buitengebied. Goede mogelijkheid om het bestaande groen te verbeteren door te zorgen voor continuïteit van de structuur (groene links) en diversiteit (nieuwe groene gebieden in Molenzoom en Centrum) Het herstel van de oude loop van de Krommerijn heeft potentieel voor de ontwikkeling van een nieuwe hoogwaardige ecologische corridor.
De bestaande groenstructuur wordt verbeterd, geïntegreerd met klimaatadaptatieve ingrepen. Kansen om van de Molenzoom een waterbestendig element te maken door tijdelijke regenwatercapaciteit te vergroten (toename van doorlatend oppervlak, voorziening van bioswales-gebieden en/of waterretentie-elementen). Bijdragen aan warmtebeperking door de toename van de groene structuur. Kansen om een veerkrachtig waterretentiegebied te ontwikkelen binnen het nieuwe recreatiegebied in Oost.
-
-
-
-
-
-
-
-
D.m.v. gebiedsontwikkeling kansen voor creëren van recreatie- en natuurgebied in Oost te ontwikkelen. Kansen om hoge ecologische waarden te genereren door de transformatie van de Molenzoom in een lineair park (potentieel voor rijkere en diversere plantenselectie, evenals waterpartijen en natte zones.). Kansen om de ecologische waarde in het Centrum te verhogen door de voltooiing van de oost-west verbinding ‘groene ruggengraat’ (toename van het groen oppervlak, transformatie van de waterrand in een zachte recreatieve oever).
-
-
Kansen voor verbetering verbindingen kern Houten en buitengebied en grote kans voor creëren van hoogwaardige groen (ecologie en recreatie). Goede mogelijkheid om het bestaande groen te verbeteren door te zorgen voor continuïteit van de structuur (groene links) en diversiteit (nieuwe groene gebieden in Molenzoom en Centrum) Het herstel van de oude loop van de Krommerijn heeft potentieel voor de ontwikkeling van een nieuwe hoogwaardige ecologische corridor.
-
De bestaande groenstructuur wordt verbeterd, geintegreerd met klimaatadaptatieve ingrepen. Kansen om van de Molenzoom een waterbestendig element te maken door tijdelijke regenwatercapaciteit te vergroten (toename van doorlatend oppervlak, voorziening van bioswales-gebieden en/of waterretentie-elementen). Bijdragen aan hittestressbeperking door de toename van de groenstructuur. Kansen om een veerkrachtig waterretentiegebied te ontwikkelen binnen het nieuwe recreatiegebied in Oost. Kansen voor een klimaatadaptief en waterbestendig district (eco-village).
-
-
-
-
D.m.v. gebiedsontwikkeling beperkte kansen voor creëren van recreatie- en natuurgebied. Kansen om hoge ecologische waarden te genereren door de transformatie van de Molenzoom in een lineair park (potentieel voor rijkere en diversere plantenselectie, evenals waterpartijen en natte zones.) Kansen om de ecologische waarde in het Centrum te verhogen door de voltooiing van de oost-west verbinding ‘groene ruggengraat’ (toename van het groen oppervlak, transformatie van de waterrand in een zachte recreatieve oever).
Kans voor creëren groene buffer Houten Noord en Utrecht. Goede mogelijkheid om het bestaande groen te verbeteren door te zorgen voor continuïteit van de structuur (groene links) en diversiteit (nieuwe groengebieden in Molenzoom en Centrum).
De bestaande groenstructuur wordt verbeterd, geïntegreerd met klimaatadaptatieve ingrepen. Kansen om van de Molenzoom een waterbestendig element te maken door tijdelijke regenwatercapaciteit te vergroten (toename van doorlatend oppervlak, voorziening van bioswalesgebieden en/of waterretentieelementen). Bijdragen aan hittestressbeperking door de toename van de groenstructuur.
Model 1 Compacte stad
Model 2 Ketting van knopen
Model 3 Herdefinitie oostrand
Model 4 Ontwikkeling noordzijde
7. Technische aspecten en leefbaarheid •
•
Wat zijn de model overstijgende aandachtspunten? Wat zijn de aandachtspunten voor de binnenstedelijke gebieden: Centrum, Molenzoom en De Koppeling
•
Wat zijn de aandachtspunten voor het zoekgebied Houten Oost (dus relevant voor modellen 2 en 3).
•
Wat zijn de aandachtspunten voor het zoekgebied Houten Noord (dus relevant voor modellen 1,2 en 4).
-
De Houtense waterzuiveringsinstallatie heeft nagenoeg zijn capaciteit bereikt. Dit betekent dat bij toevoeging van nieuwe verstedelijking afkoppeling noodzakelijk is in de zoekgebieden en de bestaande stad. Bij toevoeging van een groot aantal woning zal de betekenis van de stikstofproblematiek nader moeten worden onderzocht. Door de energietransitie zal er onder- en bovengronds zal er sprake zijn van een groter ruimtebeslag. Dit zal ook leiden tot hogere aanlegkosten. Voor afkoppeling van hemelwater in de binnenstedelijke gebieden is geen open water beschikbaar. Dit moet worden opgelost door de introductie van oppervlakte water en/of verbinding (ook ondergronds) met open water elders (omliggende wijken). Op De Koppeling (De Schaft) is sprake van bedrijfsvoering met milieubeperkingen (milieucirkels en risicocontouren). Op De Molenzoom zijn 2 plekken met een hoge archeologische verwachting. Infrastructuur van weg en spoor (spoorlijn Utrecht-Den Bosch, de wegen De Koppeling, De Rondweg en De Molen) geven een aandachtsgebied (trillingen, geluid, luchtkwaliteit). Het gehele gebied is aangeduid als terrein met een hoge verwachtingswaarde. Door het plangebied loopt een hoofdgasleiding, deze heeft een aandachtsgebied van 200m aan beide zijden. Er is in sprake van een verhoogd risico op verontreinigde gronden ivm historisch gebruik als fruitboomgaarden.
Infrastructuur (De Rondweg en De Limesbaan) geven een aandachtsgebied (trillingen, geluid, luchtkwaliteit). Langs de Utrechtseweg ligt het hoofdleidingentracé van alle nutsbedrijven. Het helofytenfilter moet behouden blijven als overloopgebied bij extreme neerslag. Delen van het gebied zijn aangeduid als terreinen met een hoge verwachtingswaarde daarnaast zijn 3 rijksmonumenten aanwezig. Infrastructuur (spoorlijn Utrecht-Den Bosch, De Rondweg, Utrechtseweg en de A27) geven een aandachtsgebied (trillingen, geluid, luchtkwaliteit). Op De Doornkade is sprake van bedrijfsvoering met milieubeperkingen (milieucirkels en risicocontouren). De meest beperkende is het LPG punt bij Shell Essenkade en het verdeelstation Stedin Peppelkade.
8. Circulariteit •
Mate van circulair materiaalgebruik en deeleconomie
-
Modellen zijn niet onderscheidend, mate van sloop bepaalt de kansen voor hergebruik van bestaande materialen in het gebied Modellen zijn niet onderscheidend voor kansen deeleconomie