CConstaterende datHouten
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1.2 AERIUS berekening

Gemeenteraad 23 april 2024, gemeente HoutenBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan Plein 10 en 10a1.994 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Berekening t.b.v. Wet natuurbescherming Plein 10/10a, Houten Gemeente Houten

1

Gegevens over het plan: Plannaam: Datum: Projectnummer Buro SRO:

Berekening t.b.v. Wet natuurbescherming Plein 10/10a, Houten 1 februari 2023 SR220228

Gegevens projectbetrokkenen: Opdrachtgever:

Studio In Motion

Gegevens Buro SRO: Adres: Telefoon: E-mail: Internet:

’t Goylaan 11 3525 AA te Utrecht 030-2679198 utrecht@buro-sro.nl www.Buro-SRO.nl

2

Inhoudsopgave

Hoofdstuk 1

Inleiding ................................................................................................................................. 4

1.1

Aanleiding .............................................................................................................................................. 4

1.2

Projectbeschrijving ................................................................................................................................ 5

1.3

Wettelijk kader ...................................................................................................................................... 6

1.4

Leeswijzer .............................................................................................................................................. 6

Hoofdstuk 2

Verkeers- en ruimtelijke gegevens ......................................................................................... 7

2.1

Ruimtelijke gegevens ............................................................................................................................. 7

2.2

Gebruiksfase .......................................................................................................................................... 7

2.3

Bouwfase ............................................................................................................................................... 8

Hoofdstuk 3

Berekeningen en resultaten gebruiksfase ............................................................................... 9

3.1

Gebruiksfase .......................................................................................................................................... 9

3.2

Bouwfase ............................................................................................................................................. 10

Hoofdstuk 4

Samenvatting en conclusies .................................................................................................. 11

3

Hoofdstuk 1 1.1

Inleiding

Aanleiding

Initiatiefnemers zijn voornemens het perceel aan het Plein 10/10a in Houten te herontwikkelen. Hierbij zal de woning en het achterliggende terrein worden aangepast. Het voornemen is om de huidige 2 woningen aan Pleinzijde te renoveren of te herbouwen. Daarbij is het voornemen om de voorgevel te behouden vanwege het historische karakter. De rest van de aanwezige bebouwing zal worden gesloopt. Op het achterterrein worden vier hofwoningen gerealiseerd. Aan de Prins Bernhardweg zal een twee-onder-een-kap woning gerealiseerd worden. Daarmee omvat het plan in totaal acht woningen. De ontwikkeling gaat gepaard met de uitstoot van stikstof in de gebruiksfase. In het kader van de aanvraag omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen moet in beeld gebracht worden wat de mogelijke effecten van de ontwikkeling zijn op de instandhoudingsdoelstellingen van Natura 2000-gebieden. In voorliggende rapportage worden de mogelijke effecten in beeld gebracht. De onderstaande afbeelding laat de locatie zien ten opzichte van de omliggende Natura 2000-gebieden.

Ligging plangebied (rood) ten opzichte van omliggende Natura 2000-gebieden (geel en groen) (bron: AERIUS)

4

1.2

Projectbeschrijving

Het voorgenomen plan betreft het grotendeels slopen en herbouwen van 2 reeds aanwezige woningen op het adres Plein 10 en Plein 10a. Achter deze twee woonheden komt, ter plaatse van de te saneren bebouwing, een hofje van vier woningen. Dit hofje begeleid de nieuwe looproute vanaf het Plein naar het achterliggende parkeerterrein. Aan de Prins Bernhardweg zal binnen het bestaande woonlint een twee-onder-een-kap woning ingepast worden. De inrit van het parkeerterrein wordt verlegd naar het westen. In aansluiting op de bestaande woonbebouwing wordt een nieuwe twee-onder-een-kap gerealiseerd. In het kader van de planontwikkeling is tussen initiatiefnemer en de gemeente Houten overeengekomen dat initiatiefnemer ook zorgdraagt voor een nieuwe inrichting van het parkeerterrein. Onderstaande afbeelding toont de situatietekening in de toekomstige situatie.

Plattegrond toekomstige situatie (bron: Studio in Motion)

5

1.3

Wettelijk kader

In de Wet natuurbescherming is voorgeschreven dat voor alle activiteiten die mogelijk een negatief effect hebben op Natura 2000-gebieden een vergunning vereist is. Verzuring en vermesting is één van die mogelijk negatieve effecten. Voor ieder habitattype binnen een Natura 2000-gebied dat gevoelig is voor verzuring en/of vermesting is een kritische depositiewaarde (KDW) vastgesteld. De KDW geeft de grens aan waarboven het risico bestaat dat de kwaliteit van het habitat significant wordt aangetast door de verzurende en/of vermestende invloed van atmosferische stikstofdepositie. Door middel van het rekeninstrument AERIUS wordt de stikstofdepositie berekend als gevolg van projecten en plannen op Natura 2000-gebieden. Het rekeninstrument AERIUS was één van de pijlers van het Programma Aanpak Stikstof (PAS). Het PAS maakt onderdeel uit van de Crisis- en herstelwet (Chw). Op 29 mei 2019 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State uitspraak gedaan omtrent het PAS. Het PAS mag niet meer gebruikt worden als basis voor toestemming voor ‘activiteiten’. Hiermee is het PAS buiten werking gesteld. Het systeem van het PAS was erop gebaseerd dat vooruitlopend op toekomstige positieve ontwikkelingen voor beschermde natuurgebieden toestemming gegeven kan worden voor activiteiten die mogelijk schadelijk zijn voor die gebieden door stikstofuitstoot.

Die toestemming ‘vooraf’, zoals het PAS mogelijk maakte, mag niet meer, aldus de RvS. Projecten en of activiteiten dienen, in afwachting van een nieuwe PAS, zelfstandig beoordeeld te worden op grond van de Wet natuurbescherming. In de uitspraak van 29 mei 2019 is ook specifiek ingegaan op de AERIUS Calculator. In rechtsoverweging 39.3 is bepaald dat AERIUS nog wel gebruikt kan worden voor de effectbepaling op grotere (meer dan 50 meter) afstand. Voor berekeningen op kortere afstand wordt een tweede berekening met een ander rekenpakket aanbevolen. De onnauwkeurigheid van AERIUS zat voornamelijk in emissie berekeningen bij agrarische bedrijven waar het emissiepunt zich op enige hoogte bevond. In de nieuwe AERIUS-module (AERIUS 2021) van januari 2022 zijn de bezwaren van de Afdeling bestuursrechtspraak zoals verwoord in de uitspraak van 29 mei 2019 weggenomen. Gelet op de uitspraak van de Raad van State van 2 november 2022, waarbij de ‘bouwvrijstelling’ is komen te vervallen, dient nu ook de aanleg-/bouwfase berekend te worden.

1.4

Leeswijzer

Na dit inleidende hoofdstuk worden in hoofdstuk 2 de verkeers- en ruimtelijke gegevens beschreven. De uitgevoerde berekeningen en resultaten worden beschreven in hoofdstuk 3. Ten slotte wordt in hoofdstuk 4 de conclusie getrokken.

6

Hoofdstuk 2 2.1

Verkeers- en ruimtelijke gegevens

Ruimtelijke gegevens

Bij een stikstofdepositieberekening wordt er rekening gehouden met de Natura 2000-gebieden binnen een straal die relevant is voor de omvang van het plan. De planlocatie ligt op ruim 13 km afstand van het Natura 2000 gebied Uiterwaarden lek. Hoewel gezien de afstand en omvang van de ontwikkeling tot dit natuurgebied geen berekenbaar effect is te verwachten heeft het bevoegd gezag verzocht om een berekening.

2.2

Gebruiksfase

De ontwikkeling brengt in de gebruikersfase verkeersbewegingen met zich mee. Voor de berekening van de totale verkeersgeneratie is gebruik gemaakt van de CROW-publicatie 381 ‘Toekomstbestendig Parkeren’. Uitgegaan wordt van een ‘matig stedelijk’ woonmilieu, wat overeenkomt met de classificatie van het CBS, in ‘rest bebouwde kom’. Met de beoogde ontwikkeling worden in totaal 8 woningen gerealiseerd, daarmee een toevoeging van 6 woningen. Bij het berekenen van de verkeersgeneratie is uitgegaan van woningen in de dure sector, Dit kan worden gezien als een worstcasebenadering. ontwikkeling

CROW-aansluiting

aantal

verkeersgeneratie per woning (rest bebouwde kom, sterk stedelijk)

totaal

woningen

Koop, huis, vrijstaand

8

8,6

68,8

Zoals in de bovenstaande tabel is te zien neemt de verkeersgeneratie toe met 68,8 voertuigbewegingen in licht verkeer per etmaal. Bij de beoogde ontwikkeling is tevens sprake van een verkeersgeneratie aan zwaar vrachtverkeer. Uitgaande van de CROW-publicatie ‘Toekomstbestendig Parkeren’ geldt er per woning een verkeersgeneratie van 0,02 voertuigbewegingen aan zwaar vrachtverkeer. De beoogde ontwikkeling ziet toe op de realisatie van 8 woningen. Met de beoogde ontwikkeling is er sprake van een totale verkeersgeneratie van 1 voertuigbewegingen (0,02*8) aan zwaar vrachtverkeer per etmaal. Dit is meegenomen in de AERIUS-berekening. Er wordt uitgegaan van twee ontsluitingsroutes vanuit het Oude Dorp vanuit het plangebied richting de Rondweg. Beide routes zijn opgenomen in het model. De woningen wordt gasloos gebouwd, waardoor de emissie door een verwarmingsinstallaties achterwege gelaten worden in de berekening. Voor het rekenjaar wordt uitgegaan van het jaar 2022.

7

2.3

Bouwfase

Naast het toekomstig gebruik (gebruiksfase) is ook de stikstofuitstoot tijdens de bouwfase van het project van belang. Bij de bouw zijn gedurende enige tijd voertuigen en mobiele werktuigen aanwezig en is sprake van voertuigbewegingen van werklieden en materialen van en naar de bouwplaats. Mobiele werktuigen De voertuigen en mobiele voertuigen die aangedreven worden door een verbrandingsmotor veroorzaken een toename van de stikstofemissie. De emissies van mobiele werktuigen zijn afhankelijk van de emissienormen die van toepassing zijn op het desbetreffende mobiele werktuig (stageklassen). Ten behoeve van de berekening van de emissies NOx door mobiele werktuigen dient de gebruiker per stageklasse het brandstofverbruik aan te geven (liter brandstof per jaar), het aantal draaiuren en (bij aanwezigheid van een SCR) het AdBlue-verbruik. Voor Stage IV en V werktuigen, waarmee gerekend is, kan uit worden gegaan van het normale AdBlue-verbruik dat door TNO is gegeven. Dit is 6% van het brandstofverbruik (Ligterink et al 20211). De navolgende tabel toont de te gebruiken mobiele werktuigen en de verkeersgeneratie. Werktuig

STAGEklasse

Bouwjaar

Vermogen (KW)

Brandstofverbruik totaal

Draaiuren/j

Mobiele kraan Heistelling Shovel Betonpomp Betonmixer Graafmachine

Stage-V Stage-IV Stage-IV Stage-IV Stage-IV Stage-IV

2015 2015 2015 2015 2015 2015

240 210 220 150 64 125

693 300 500 379 284 360

139 40 67 95 95 13

Vervoer personeel en materiaal

Type Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer

AdBlue verbruik (l/j) 42 18 30 23 17 22

Per jaar 1.100 200 150

1 Ligterink et al., 2021. ‘AUB (AdBlue verbruik, Uren, en Brandstofverbruik): een robuuste schatting van NOx en NH3 uitstoot van mobiele

werktuigen’. TNO_2021_R12305.

8

Hoofdstuk 3

Berekeningen en resultaten gebruiksfase

De berekeningen zijn verricht met het webbased programma AERIUS 2021 op 1 februari 2023. Onderstaande zijn de bronnen weergegeven die van invloed kunnen zijn op de stikstofdepositie van het initiatief. De bronnen geven aan waar er sprake is van een toename van het aantal verkeersbewegingen.

3.1

Gebruiksfase

Bij de stikstofberekening is uitgegaan van twee verkeersbronnen. Het gebouwen worden gasloos uitgevoerd, waardoor deze niet meegenomen wordt in de AERIUS-berekening

Bron 1 wegverkeer Voor deze bron is uitgegaan van twee ontsluitingsroutes richting de Rondweg. Als gevolg van de ontwikkeling en de daarmee samenhangende toename van het aantal verkeersbewegingen ontstaat er tijdens de gebruiksfase een emissie voor NOx 5,2 kg/j en voor NH3 0,3 kg/j. De onderstaande afbeelding laat de rijroutes zien met de daarmee samenhangende uitstoot.

Overzicht van rijroutes

Onderstaande afbeelding toont het resultaat van de berekening. Uit de berekening van de AERIUS Calculator volgt dat er voor de gebruiksfase geen rekenresultaten hoger dan 0,00 mol/ha/j zijn op Natura 2000-gebieden.

Voor nadere informatie over de invoer en de rekenresultaten wordt verwezen naar de pdf-uitvoer van de AERIUS Calculator; deze is als separate bijlage beschikbaar.

9

3.2

Bouwfase

Aan de hand van de stikstofberekening is de uitstoot op de Natura-2000 gebieden van de bouwfase berekend. Er is uitgegaan van het rekenjaar 2023. Indien later gerealiseerd wordt geeft dit, als gevolg van de autonome ontwikkeling, een beter resultaat. Onderstaand zijn de verschillende bronnen weergegeven waarmee gerekend is. Hierbij is uitgegaan van de uitstoot van mobiele werktuigen en de uitstoot dat plaatsvindt als gevolg van de verkeersgeneratie tijdens de bouwfase. Als gevolg van de inzet van mobiele werktuigen is er een uitstoot van 0,6 kg/j NH3 en 14,9 kg/j NOx. Als gevolg van het werkverkeer is er een uitstoot van 25,8 g/j NH3 en 0,8 kg/j NOx. Resultaten De totale uitstoot in de toekomstige situatie bedraagt voor NOx 0,8 kg/j en voor NH3 15,7 kg/j. Uit de berekening van de AERIUS Calculator blijkt dat er geen rekenresultaten hoger dan 0,00 mol/ha/j zijn op Natura 2000gebieden.

10

Hoofdstuk 4

Samenvatting en conclusies

Voor de beoogde ontwikkeling is ten behoeve van de Wet natuurbescherming een AERIUS-berekening uitgevoerd. Initiatiefnemer is voornemens om 8 woningen te realiseren. Voor de gebruiksfase is uitgegaan van een toename van de verkeersgeneratie van 68,8 voertuigbewegingen aan licht verkeer en 2,0 voertuigbewegingen aan zwaar verkeer per etmaal. Uit de AERIUS-berekening blijkt dat er in totaal sprake is van een NOx-emissie van 5,2 kg/j en een NH3-emissie van 0,3 kg/j. Voor de Natura 2000 gebieden geldt dat er geen rekenresultaten hoger dan 0,00 mol/ha/j zijn. Bij de bouwfase is uitgegaan van de te gebruiken mobiele werktuigen en de voertuigbewegingen van werklieden en materialen van en naar de bouwplaats. Uit de AERIUS-berekening blijkt dat er geen rekenresultaten hoger dan 0,00 mol/ha/j zijn. Er kan geconcludeerd worden dat de stikstofdepositie vanwege de beoogde ontwikkeling geen significante gevolgen heeft voor Natura 2000-gebieden. Daarmee is er geen vergunning nodig in het kader van de Wet natuurbescherming.

11

12

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Houten&id=adc88755-c0d6-4c2d-99df-6fdb9b88ccf3