CConstaterende datHouten
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage_1.10_3_Notitie_technische_aspecten_bijlage B archeologie.pdf

Gemeenteraad 4 november 2021, gemeente HoutenBij agendapunt: Onderzoeksagenda gebiedsontwikkeling Houten-Noordwest en -Oost662 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Notitie Archeologie Ruimtelijke Koers Hieronder omschreven de archeologische informatie voor de gebieden Houten-oost en Houten noordwest. De uitsneden hieronder zijn uit de archeologische maatregelenkaart, die 1 op 1 vertaald wordt naar bestemmingsplannen. Dit vloeit voort uit wettelijke verplichtingen zoals die door de Erfgoedwet (en straks Omgevingswet) aan gemeenten worden opgelegd. De Erfgoedwet is gebaseerd op het door Nederland ondertekende Verdrag van Malta. Voor beide plangebieden geldt voor de terreinen met een dubbelbestemming Archeologie 1 (zie onder), dat behoud in situ (behoud van archeologische waarden in de bodem) conform dat verdrag altijd primair uitgangspunt moet zijn. Bij voorkeur worden deze terreinen dus ingepast in de ruimtelijke ontwikkelingen.

Houten-oost Op onderstaande afbeelding is te zien dat het gehele plangebied een hoge archeologische verwachtingswaarde heeft (dubbelbestemming Archeologie 2 in het bestemmingsplan), en dat er tevens een zestal archeologische terreinen (dubbelbestemming Archeologie 1 in het bestemmingsplan) binnen het plangebied liggen. Bij deze dubbelbestemmingen horen de volgende vrijstellingswaarden: Archeologie 1: ingrepen in de bodem >100m2 en dieper dan 0,5m -maaiveld zijn onderzoeksplichtig Archeologie 2: ingrepen in de bodem >500m2 en dieper dan 0,5m -maaiveld zijn onderzoeksplichtig Bovenstaand betekent dat bij de schaal van de eventuele ontwikkelingen in dit plangebied grootschalig archeologisch onderzoek vereist zal zijn, omdat de vrijstellingswaarden ruimschoots overschreden zullen worden. Dat zou betekenen dat er een archeologisch onderzoekstraject gestart zou moeten worden dat bestaat uit verschillende treden: 1. 2. 3. 4. 5.

Archeologisch bureauonderzoek Archeologisch verkennend booronderzoek Archeologisch karterend booronderzoek Archeologisch proefsleuvenonderzoek Archeologische opgraving

Iedere trede kan aanleiding geven tot een vervolgtrede. Dat wil zeggen dat wanneer er in verkennend booronderzoek archeologische indicatoren worden aangetroffen, er doorgestart moet worden naar karterend booronderzoek, enzovoort. Net zo lang tot het plangebied in voldoende mate onderzocht is. Gezien de hoge archeologische verwachtingswaarde als gevolg van de Houtense stroomrug in de bodem, en het aantal reeds gedefinieerde archeologische terreinen verwacht ik hier een traject minimaal tot en met grootschalig karterend boren, plaatselijk proefsleuven, en eventueel plaatselijk volledig opgraven (met name daar waar Archeologie 1 terreinen in het geding komen). Kosten daarvan zijn afhankelijk van de aard, omvang en locatie van de bodemingrepen (inclusief bouwrijp maken, aanleg ondergrondse infra, begeleiding van eventuele sloop van bestaande panden), maar dit loopt al snel in de tonnen euro.

Houten noordwest Voor Houten noordwest geldt dat grote delen een dubbelbestemming Archeologie 2 hebben (hoge verwachtingswaarde als gevolg van de Jutphase stroomrug in de ondergrond), dat er zich enkele archeologische terreinen met een dubbelbestemming Archeologie 1 in het plangebied bevinden, en tevens enkele archeologische rijksmonumenten (de rood-gearceerde terreinen). Op de dubbelbestemmingen Archeologie 1 en 2 ben ik hierboven al ingegaan. Voor archeologische rijksmonumenten geldt echter een nog zwaarder regime: het rijk is daar bevoegd gezag (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE)), en alle bodemingrepen zijn monumentvergunningplichtig (uitgebreide procedure, 26 weken). Het gemeentelijke vrijstellingswaardenregime geldt niet op deze rijksmonumenten. De RCE houdt de lijn aan dat rijksmonumenten in-situ behouden moeten blijven, de kans is daarom klein dat een vergunning voor ontwikkeling verstrekt zal worden. Mocht deze wel worden verstrekt, dan zijn daar altijd zware eisen aan verbonden alvorens ontwikkeld mag worden, zoals vlakdekkend opgraven. De kosten voor deze manier van opgraven zijn zeer hoog en kunnen per rijksmonument zo maar oplopen tot over een miljoen euro. Op onderstaande kaart zijn ook witte gebieden te zien binnen het plangebied, aan die gebieden zijn op voorhand geen onderzoekseisen verbonden.

Binnen het plangebied bevinden zich ook een landgoed (kasteel Heemstede) en Fort ’t Hemeltje met schootsvelden, inundatievelden en tankgracht. Heemstede is behalve als archeologisch terrein ook als landgoed beschermd, zowel planologisch als cultuurhistorisch vanuit de provincie. Voor ’t Hemeltje + context geldt fort en tankgracht aangewezen zijn als gebouwde rijksmonumenten, en dat het hele complex in de UNESCO aanvraag voor werelderfgoed zit. Daardoor worden er scherpe eisen gesteld aan bijvoorbeeld bouwen in schootsvelden of inundatievelden. Beiden zijn om die reden ook planologisch beschermd in bestemmingsplan.

Opgesteld door: - B. Peters, gemeentearcheoloog, Gemeente Houten d.d. 2 april 2021 Redactie A. de Reuver 15 april 2021

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Houten&id=8df569d1-af88-41be-b151-afc2bee73ecd