260707 Reactie college op ARC brief def. docx
Tekst van het document
Gemeente Houten Onderdoor 25 Postbus 30, 3990 DA Houten Telefoon 030 639 26 11 Fax 030 639 28 99 E-mail: gemeentehuis@houten.nl Internet: www.houten.nl
Aan de leden van de raad i.a.a. de commissieleden
Datum
Uw kenmerk
Uw brief van
7 juli 2026
Ons kenmerk
1005955
Onderwerp: Onderwerp: Raadsinformatiebrief collegereactie op rapport ARC jaarrekening 2025 Geachte leden van de raad, In deze brief informeren wij u over de reactie van het college op het rapport jaarstukken 2025 van de Audit- en rekeningcommissie (ARC). Vooraf wil het college haar waardering uitspreken voor de wijze waarop de leden van de ARC de werkzaamheden in het kader van de beoordeling van de jaarstukken 2025 hebben uitgevoerd. Er ligt evenals voorgaande jaren een rapport met aanbevelingen die bijdragen aan het versterken van de controlerende rol van de gemeenteraad bij de jaarstukken. De ARC constateert dat de jaarstukken zijn opgeschoond, echter het blijft een document van meer dan 200 pagina's. Daarnaast ziet de ARC dat risicomanagement beter is beschreven en dat er stappen worden gezet volgens het verbeterprogramma ‘Voor elkaar’. Zoals op 11 juni 2026 in het overleg tussen ARC, accountant, wethouder financiën, directeur bedrijfsvoering en de concerncontroller al is aangegeven hebben we het afgelopen jaar geïnvesteerd in verbeteringen van processen en de kwaliteit van de informatie. In het rapport van de ARC zijn aandachtspunten en aanbevelingen benoemd. De aandachtspunten zijn voor zover nodig voorzien van de hiernavolgende reactie van het college. Diversiteit deelprogramma's Er is een grote diversiteit in de redactie van de deelprogramma's.
De eindredactie is onvoldoende consistent waardoor de raad de programma's niet goed kan vergelijken. Reactie college Het college onderschrijft het belang van een overzichtelijke, eenduidige en goed vergelijkbare programmaverantwoording. De constatering van de ARC dat de redactie en opbouw van de deelprogramma’s nog niet voldoende consistent zijn, helpt om deze verbetering verder aan te scherpen. In de begroting 2026 is hierin weer een stap gezet. Voor de jaren daarna wordt, via de perspectiefnota 2027, toegewerkt naar een compactere programma indeling zonder deelprogramma’s. Dit biedt de mogelijkheid om de leesbaarheid, consistentie en vergelijkbaarheid van de programmaverantwoording verder te versterken. Bij beantwoording datum en kenmerk vermelden.
Bijlagen
Informatievoorziening aan de raad De ARC stelt vast, in lijn met de onrechtmatigheidsverklaring, dat de raad in 2025 onvoldoende tijdig op de hoogte is gebracht van de werkelijke financiële stand van zaken en daardoor niet in de gelegenheid is gesteld om altijd tijdig te kunnen acteren c.q. haar budgetrecht goed heeft kunnen oefenen. Reactie college Het college herkent het aandachtspunt. Een belangrijk deel van de geconstateerde onrechtmatigheden betreft begrotingsonrechtmatigheden, waarvan een deel samenhangt met incidentele of bijzondere posten. Wij zien hierin aanleiding om de informatievoorziening in de planning- en controlcyclus verder aan te scherpen. Na afronding van de controle van de jaarstukken 2025 evalueren wij het jaarrekeningproces, de bevindingen van de accountant en de rechtmatigheidsverantwoording, mede in relatie tot het ARC-rapport. De uitkomsten gebruiken wij om in de bestuursrapportages en de decemberbrief gerichter te rapporteren over materiële afwijkingen, met bijzondere aandacht voor incidentele budgetten en posten met een afwijkend verloop. Daarmee willen wij de raad eerder en duidelijker inzicht geven in relevante financiële ontwikkelingen. Tegelijkertijd blijft enige afwijking tussen begroting en realisatie inherent aan de gemeentelijke planning- en controlcyclus.
Beperkte voorspelbaarheid van jaarresultaat In het verlengde van het voorgaande punt merkt de ARC op dat het gat tussen de begroting en de daadwerkelijke realisatie weer groter is geworden. De ARC sluit aan bij de opmerking van de accountant daarover in zijn verslag om “meer en effectievere maatregelen te nemen om de voorspellende waarde van de begroting van zowel de investeringen als de baten en lasten en de uitvoeringskracht dichter bij elkaar te brengen”. Er moet aandacht zijn voor de balans ambitie en capaciteit om een realistische begroting te krijgen. De ARC ziet dat hierin stappen worden gezet, en waardeert deze inspanningen, maar het resultaat is nog onvoldoende zichtbaar. De ARC constateert dat een deel van het resultaat wordt veroorzaakt door incidentele voordelen en autonome ontwikkelingen. Tegelijkertijd blijft scherpe aandacht nodig voor de voorspelbaarheid van de begroting en de uitvoeringsplanning en een financieel juiste verantwoording (bijvoorbeeld van projecten). Reactie college Het college herkent dat budgetten, taken en beschikbare capaciteit meer in samenhang bezien moeten worden om tot een realistische begroting en uitvoeringsplanning te komen. De omvang van onderbesteding en afwijkende incidentele baten onderstreept het belang van verdere aanscherping in de manier waarop wordt gepland, begroot en bijgestuurd.
Dit raakt zowel de exploitatie als de meerjarige investeringen en de uitvoeringscapaciteit die daarvoor beschikbaar is. Bij het opstellen van de bestuursrapportages 2026 en de begroting 2027 wordt hier expliciet aandacht aan besteed, met als doel de voorspellende waarde van de begroting en de aansluiting met de uitvoering verder te verbeteren.
Bij beantwoording datum en kenmerk vermelden.
Pagina 2 van 4
De investeringsagenda De ARC geeft aan dat 66% van de investeringen is behaald en de rest wordt doorgeschoven. Reactie college Het college herkent dat de realisatie van de investeringsagenda blijvende aandacht vraagt. Investeringskredieten hebben vaak een meerjarig karakter en uitvoering over jaargrenzen heen is daarbij niet ongebruikelijk. Juist daarom vraagt het doorschuiven van investeringen om goede planning, monitoring en sturing op uitvoeringscapaciteit. Wij zien dit vooral als een beheersingsvraagstuk. In samenhang met de organisatieontwikkeling wordt gewerkt aan verdere professionalisering van projectmatig werken, portfoliomanagement en een afzonderlijke projectadministratie. Dit moet bijdragen aan beter inzicht in de voortgang van investeringen, de benodigde capaciteit en mogelijke kwetsbaarheden in de uitvoering. Rechtmatigheidsverantwoording De ARC vraagt de nadrukkelijke aandacht van het college voor de rechtmatigheidsverantwoording, waaruit blijkt dat de onrechtmatigheden de verantwoordingsgrens ver te boven gaan. De financiële onrechtmatigheden 2025 bedragen in totaal € 15,4 miljoen, waarvan € 14,7 miljoen op het begrotingscriterium en € 0,7 miljoen op het voorwaardencriterium (Europese aanbestedingsafwijkingen). Reactie college Het college constateert dat de financiële onrechtmatigheden boven de verantwoordingsgrens liggen.
De begrotingsonrechtmatigheden bestaan voor € 0,9 miljoen uit lasten- en kredietoverschrijdingen en voor € 13,9 miljoen uit begrotingsafwijkingen (overschrijding van baten en/of onderschrijding van lasten, investeringen en baten) die niet tijdig zijn opgenomen in een bestuursrapportage of in een raadsinformatiebrief uiterlijk in december van het begrotingsjaar. De gehanteerde wijze van rapporteren is gebaseerd op de financiële verordening zoals die door uw raad in 2025 is vastgesteld. Verbeterprogramma ‘Voor elkaar’ De ARC constateert dat er in het kader van het verbeterprogramma “Voor elkaar” verbetering plaatsvindt en is hier positief over. De ARC ziet ook de kwetsbaarheid in de afhankelijkheid van externe medewerkers in de organisatie. Reactie college Het college herkent dat continuïteit van kennis en kwaliteit een belangrijk aandachtspunt blijft. Op dit moment gaat veel aandacht uit naar het verbeteren van de organisatie en specifiek de bedrijfsvoering en dienstverlening. Hiervoor volgen wij de bouwstenen uit het verbeterplan ‘Voor Elkaar!’. Ook bij verbetertrajecten die raken aan cultuur en gedrag blijft het borgen van kennis, kwaliteit en uitvoeringskracht van belang.
Externe medewerkers worden gericht ingezet wanneer dit noodzakelijk is voor de voortgang, wanneer specifieke kennis tijdelijk ontbreekt of wanneer tijdelijk extra werk niet met eigen medewerkers kan worden opgevangen. De omvang van de externe inzet bedraagt circa 10% en is vergelijkbaar met wat bij andere gemeenten gebruikelijk is. Het college ziet de aanbevelingen van de ARC en de accountant ondersteunend aan het continue proces van verbeteringen waar wij als organisatie mee bezig zijn en neemt alle aanbevelingen dan ook over. Zoals eerder aangegeven willen wij als college en directie periodiek in gesprek blijven met de ARC over de voortgang van de aanbevelingen van de accountant en de ARC, en over de verdere ontwikkeling van onze interne beheersing. In september a.s. informeren wij uw raad per brief over de verdere aanpak om als organisatie beter in control te komen.
Bij beantwoording datum en kenmerk vermelden.
Pagina 3 van 4
Daarbij wordt ook de samenhang gelegd met lopende verbetertrajecten, waaronder Voor Elkaar!, zodat zichtbaar wordt welke verbeteringen al in gang zijn gezet en waar aanvullende versterking nodig is. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Houten, de secretaris, de burgemeester, {{?esl:Signer1:Capture:size(200,100)}} {{?esl:Signer2:Capture:size(200,100)}}
R. van Netten
Bij beantwoording datum en kenmerk vermelden.
H.C. Heerschop
Pagina 4 van 4