2025-05-13 Beantwoording aanvullende technische vragen ITH raadsvoorstel vereveningsfonds
Tekst van het document
Aanvullende technische vragen ITH raadsvoorstel vereveningsfonds Vraag 1
Het antwoord op de 5e vraag van ITH luid: Voor toekomstige CPO initiatieven klopt het dat de verordeningen niet gelijkluidend zijn. Voor lopende CPO initiatieven geldt dat de aanbestedingen al in gang zijn gezet. Hiervoor is de vereveningsverordening dus niet van toepassing.
In vraag 6 vraag ik specifiek naar de gevolgen van twee verordeningen die niet gelijkluidend zijn. Kan er uiteen gezet worden wat de (juridische) gevolgen zijn van twee geldende verordeningen die niet gelijkluidend zijn? In toekomstige nota’s van uitgangspunten voor aanbestedingen waaraan CPO initiatieven meedingen is het aan de raad om te bepalen of voor de betreffende locatie gebruik wordt gemaakt van de uitzonderingsbepaling. Vraag 2 Het CDA vraagt terecht naar de discrepantie tussen de doelgroepenverordening en de vereveningsverordening. Bij eventuele conflicten hierover wordt altijd gekeken naar de omstandigheden van het geval. Bij de doelgroepenverordening ligt een amendement ten grondslag aan artikel 3, waaruit blijkt dat er een specifieke keuze is gemaakt om niet te gaan voor 30% sociale huur per project. De doelgroepenverordening kan pas worden gewijzigd in het omgevingsplan, eerder niet. Dit was bekend bij de raad bij vaststelling. Dit omgevingsplan wordt, conform het antwoord van CDA, pas verwacht in 2027. Er wordt in het antwoord aan het CDA gesteld dat de verordeningen elkaar aanvullen, maar wat mij betreft staan ze haaks op elkaar, zeker gezien het doel op dat moment, net zoals bij CPO's. •
Was er gekozen voor een wijziging op de doelgroepenverordening indien dat een mogelijkheid was?
•
Hoe wordt er gekeken naar juridische procedures als gevolg van het feit dat artikel 3 van de doelgroepenverordening anders is dan de verordening van het vereveningsfonds?
Ja
Een initiatiefnemer kan de gemeente niet dwingen om planologisch mee te werken met een plan dat niet in het Omgevingsplan past. In de CMK visie is in Hoofdstuk 4 verwezen naar het vereveningsfonds. De grondeigenaren in het CMK gebied zijn hiervan hiervan op de hoogte, en houden hier rekening mee. De ontwikkelaars met grondposities in HoutenOost houden in de programmering al rekening met 30% sociale huur en voldoen hiermee aan de verplichting in de vereveningsverordening. Voor zeer kleinschalige projecten met uitzonderlijke kosten (ruimte voor ruimte, monumenten) wil het college in de nadere regels (hardheidsclausule) hier rekening mee houden en coulant mee omgaan.