2023-12-05 Beantwoording Vragen uit RTG 28 november
Tekst van het document
Beantwoording vragen RTG 28 november ’23 Vraag 1 Kanspelbelasting Beantwoording: De maximumtarieven staan in het Speelautomatenbesluit (zie:https://wetten.overheid.nl/BWBR0011373/2021-10-01) Wij sluiten aan bij deze tarieven en kunnen het daarom niet verder verhogen Vraag 2 Toezegging over omgevingswet, waarom niet te berekenen kostendekkendheid nu en welke tekst is vanuit VNG model en waar zijn, we daarvan afgeweken. Waarom is de kostendekkendheid nu niet te berekenen? Beantwoording: De kostendekkendheid van de leges kan nog niet (goed genoeg) in kaart worden gebracht. Enerzijds zijn de processen, taken en verantwoordelijkheden in de nieuwe structuur onder de Ow nog niet volledig uitgewerkt en in beeld, waardoor het nog niet (goed) mogelijk is om een inschatting te maken van de kostenkant van deze processen. Anderzijds geldt hetzelfde voor de veranderingen die de Wkb met zich meebrengt voor VTH. Er is weliswaar een inschatting gemaakt van wat dit betekent voor de legesinkomsten, maar voor de kostenkant moet dit nog onderzocht en duidelijk gemaakt worden. Het plan is om dit in 2024 te onderzoeken. Overigens is in de nieuwe tarieventabel wel een voorschot genomen op de invoering van de Omgevingswet door alvast tarieven op te nemen voor nieuwe producten zoals de overlegtafel.
Welke tekst is vanuit VNG model en waar zijn we daarvan afgeweken? Beantwoording: Voor titel 2 hebben we de teksten uit hoofdstuk 2 van het VNG-model overgenomen en daarin onze huidige tarieventabel verwerkt om zo veel mogelijk beleidsneutrale overgang te creëren en daarbij een voorschot te nemen op de verwachte gevolgen van de invoering van de Wkb. Om een voorbeeld te noemen van waar we zijn afgeweken van de modelverordening: artikel 2.5 (bouwvergunning technisch deel) en 2.6 (bouwvergunning ruimtelijk deel) zien eruit als het VNG-model aangevuld met onze huidige producten. Artikel 2.3.3 (activiteit planologisch strijdig gebruik) uit de huidige Houtense tarieventabel is in de nieuwe tarieventabel opgenomen als artikel 2.6: a. Binnenplanse omgevingsplanactiviteit gestaffeld naar bouwkosten i.v.m. de invoering van de Wkb-knip. Dit was voorheen de binnenplanse afwijking; c. De buitenplanse omgevingsplanactiviteit genoemd in artikel 8.13 van het Omgevingsbesluit was voorheen de buitenplanse afwijking; d. De andere buitenplanse omgevingsactiviteit was voorheen de buitenplanse kleine afwijking. Een ander voorbeeld is het principeverzoek en het ruimtelijk initiatief (huidig hoofdstuk 2) dat in de nieuwe tabel opgenomen wordt in hoofdstuk 2 Voorfase.
Uit het VNG-model is hier ook een tarief geïntroduceerd voor het nieuwe toekomstige Houtense product ‘de overlegtafel’ (omgevingstafel/intaketafel). Vraag 3 Technische vragen i.v.m. Bijlage 4b. Kostendekkendheid leges 2024 Het verschil tussen de totale inkomsten leges omgevingswet in 2021 en 2022 (€ 1.682.468,00 resp. en € 2.104.184,00) en 2023 en 2024 (€ 477.067,00 3 resp. € 677.067,00). Wat betekent dit feitelijk nu eigenlijk? Ook voor de uitvoering en de organisatie zoals bijvoorbeeld arbeidsplaatsen?
Beantwoording: Verklaring van het verschil aan inkomsten uitbouwleges: Jaarlijks wordt € 900.000 begroot aan bouwleges. In 2021 en 2022 zijn er veel meer inkomsten gerealiseerd vanwege een aantal verleende grote bouwprojecten, die afhankelijk waren van de verkoop van grond (de Meerpaal en Werklandschap Meerpaal, de Droom van Schalkwijk) en vanwege een groot aantal kleine bouwactiviteiten particulieren tijdens Corona. Voor 2023 zijn er minder inkomsten geraamd, in verband met het uitblijven van een grotere bouwprojecten. In 2024 worden de bouwleges structureel verlaagd met € 200.000 in verband met de verwachte impact van de Wkb per 1 januari 2024. Wat betekent dit voor de uitvoering van het werk en de organisatie zoals bijvoorbeeld arbeidsplaatsen? Beantwoording: Het heeft slechts beperkte gevolgen voor de arbeidsplaatsen (Fte’s), die betrokken zijn bij deze taken. Ook omdat de Omgevingswet en de Wkb nieuwe taken met zich meebrengen waarvoor geen leges voor in rekening mogen worden gebracht. Vraag 4 van CU Het verschil in percentage van de verhoging afvalstofheffing en reinigingsrecht in beslispunt 7 en in de argumenten 2.4 en 3.4 (7% en 1,25%) van het raadsvoorstel. Beantwoording: Er is een typefout geweest in de argument 2.4 en 3.4. Het percentage van 1,25% komt uit het raadsvoorstel van vorig jaar 2022. Het wordt met 7% verhoogd voor aankomend jaar 2024.
Dit is gecorrigeerd in de laatste versie van het raadsvoorstel