2023-11-23 Beantwoording technische vragen nav actualisatie verordening jeugd wmo (1)
Tekst van het document
Beantwoording technische vragen n.a.v. actualisatie integrale verordening Jeugd en Wmo gemeente Houten 2024 Nr.
Steller
Onderwerp Jeugd/ Wmo/ Beide Wmo: wel of geen budgetplafond
Vraag
Antwoord
1
N.a.v. collegebijpraat 14 november 2023
Is er een budgetplafond vastgesteld bij de inkoop van maatwerkvoorzieningen Wmo?
N.a.v. collegebijpraat 14 november 2023
Wmo: eigen bijdrage
Aan wie wordt de eigen bijdrage bij was- en strijkservice betaald?
3
N.a.v. collegebijpraat 14 november 2023
Wmo: was- en strijk
Wordt de was opgehaald en teruggebracht door de was- en strijkservice?
4
Marjan Boonzaaijer – D66 Houten
Jeugd: Pgb informeel
Tijdens de presentatie werd genoemd dat PGB's voor informele zorg alleen worden toegekend als het een professionele zorghandeling betreft. Als ik het goed heb gehoord is dit al staande praktijk en verandert er in de praktijk niets. Heb ik dat zo goed begrepen? Daarnaast dacht ik begrepen te hebben dat hiervoor ook een wettelijke basis is. Heb ik dat goed gehoord en wat is dan de wettelijke basis hiervoor.
Er is geen budgetplafond in Houten voor Wmo. Op dit moment hebben de zorgaanbieders geen ruimte om meer inwoners te ondersteunen door personeelstekorten. Door het starten van de wasen strijkservice wordt de beschikbare ondersteuning onder meer inwoners verdeeld. En is de verwachting dat (bijna) alle inwoners op de wachtlijst passende ondersteuning kunnen krijgen. De eigen bijdrage voor de was- en strijkservice wordt door de inwoner rechtsreeks aan de Wasen strijkservice betaald. De Was- en strijkservice overlegt met iedere inwoner of de was opgehaald of gebracht wordt. Dit vindt in overleg plaats. Ervaring leert dat de was meestal door de was- en strijkservice wordt opgehaald en gewassen en gestreken wordt teruggebracht. Ja, het klopt dat in de praktijk deze werkwijze al wordt toegepast. Het gaat hier om de professionele handelingen waarbij het gaat om infrequente en/of zeer korte zorgmomenten en voor professionials onplanbare uren (bijv. gedurende de nacht). De wettelijke basis is opgenomen in de Jeugdwet en de Centrale raad van Beroep heeft diverse keren uitspraak gedaan wat wel en niet van ouders of sociaal netwerk mag worden verwacht (eigen kracht). Uit de parlementaire geschiedenis volgt dat de wetgever
2
van oordeel is geweest dat slechts in uitzonderlijke gevallen een vergoeding dient te worden verkregen door het sociale netwerk voor de te leveren hulpverlening (Kamerstukken II 2013/14, 33 841, nr. 3, p.153). In de verordening is de gemeenteraad van de gemeente Houten bij dit uitgangspunt aangesloten. Gemeenten hoeven geen jeugdhulp in te zetten als de jeugdige of ouders de problemen zelf kunnen oplossen, zo is dat geregeld in artikel 2.3 van de Jeugdwet. Oftewel zover de eigen mogelijkheden en het probleemoplossend vermogen (eigen kracht) van de ouder(s) of jeugdige toereikend zijn. Allereerst wordt uitgegaan van de eigen kracht van de jeugdige en diens sociale netwerk. Ook als de hulp meer vraagt dan gemiddeld wordt verwacht, kan het zijn dat ouders of het informele netwerk voldoende draagkracht hebben om deze hulp zelf te bieden en valt dit onder de ‘eigen kracht’. De wettelijke mogelijkheid van een informeel PGB is slechts bedoeld voor gevallen waarin deze hulp aantoonbaar leidt tot een beter en effectievere ondersteuning. 5
Marjan Boonzaaijer – D66 Houten
Jeugd: Pgb, respijtzorg
Een casus: een gezin met een zorgintensief kind. Ik lees dat hiervoor ondersteuning voor de ouders mogelijk is via logeerzorg (ter ontlasting van de ouders), via PGB (bijv. nachtelijke verzorging, intensieve zorg bij wassen, ondersteuning toiletbezoek etc.). Wordt deze laatste typen van ondersteuning ook als maatwerkvoorziening geboden? Is er ook een vorm van ontlasting van
Pgb is altijd een maatwerkvoorziening evenals Zorg in Natura (jeugdhulp dat is ingekocht en beschikbaar is gesteld door het college). Voor beide er wordt een besluit genomen door het college en een beschikking voor afgegeven). Vanuit gaande dat er sprake is van een jeugdhulpvraag, de problemen die hier uit voort komen niet via eigen kracht, het sociaal netwerk of andere
6
Marjan Boonzaaijer – D66 Houten
de ouders zoals bedoeld bij logeerzorg, zodat ouders tijd hebben voor zichzelf (respijt) dan wel voor de andere kinderen in het huishouden (bijvoorbeeld als ouders samen naar de eindmusical gaan). Dit om overbelasting bij ouders (leidend tot stress, burn-out, relatieproblemen) te voorkomen?
voorziening kan worden opgelost, is het mogelijk om een maatwerkvoorziening te verstrekken in het kader van respijtzorg. Logeeropvang evenals ontlasting in de avonduren is mogelijk indien er aan het voorgaande kan worden voldaan (ontbreken van eigen kracht en geen inzet van het sociale netwerk). Als er geen passende jeugdhulpvoorziening beschikbaar is gesteld door het college en/of als de hulp via Pgb aantoonbaar leidt tot een beter en effectievere ondersteuning, volstaat het om een Pgb als maatwerkvoorziening af te geven.
Beide: Er wordt in de verordening zowel gesproken over begeleiding ST, een lichte beoordelingstoets, als een onderzoek beoordelingstoets (2.3). Graag toelichten wanneer gekozen wordt voor een lichte beoordelingstoets en wanneer voor een onderzoek, dan wel of dit volgordelijk gebeurt en in welke gevallen dan.
Dit is afhankelijk van de informatie die het Sociaal Team al voorhanden heeft of dat het gaat om een nieuwe melding van de hulpvraag in het kader van Wmo of aanvraag Jeugdhulp. Indien het een nieuwe melding of aanvraag betreft zal op basis van verkregen informatie en het gesprek beoordeeld worden of de inwoner in aanmerking komt voor de begeleiding als zijnde algemene voorziening. Dit betreft de lichte toets. Nadien volgt een intakegesprek en zal samen met de inwoner het plan en de te behalen doelen worden opgesteld. Indien Het Sociaal Team op basis van de toets beoordeelt dat begeleiding niet passend is, volgt het onderzoek conform artikel 2.3. Hieruit kan dan alsnog blijken dat begeleiding van het sociaal team wel passend is. Artikel 2.3 en specifiek 6 sub d geeft hiervoor de mogelijkheid, namelijk dat onderzocht wordt of de mogelijkheden om op
eigen kracht, met gebruikelijke hulp of door gebruikmaking van een of meerdere algemene voorzieningen of algemeen gebruikelijke voorzieningen een oplossing voor de hulpvraag te vinden. In de toelichting (p. 35 ev.) staat beschreven waar de beoordeling uit bestaat. Dit wordt verder uitgewerkt in de beleidsregels. 7
Marjan Boonzaaijer – D66 Houten
Beide: begeleiding ST, effect begeleiding
Als onderdeel van de 'businesscase' begeleidt het Sociaal Team nu zélf inwoners. Onderliggende vraag is of dit ook een positief effect heeft op de inwoners: 'worden inwoners hier ook beter van'. Wat heeft deze verandering gedaan met de tevredenheid van het sociaal team en de kwaliteit van de hulp die geboden wordt. Is er een positieve, gelijke, dan wel negatieve tendens te zien?
Wij zijn voornemens de Raadsinformatiebrief 3e monitor pilot begeleiding op 29 november aan toe te sturen. Vooruitlopend op deze brief kunnen we aangeven dat we de gestelde resultaten met betrekking tot tevredenheid worden behaald. We zien een vergelijkbare tevredenheid van onze inwoners met betrekking tot de inzet begeleiding door het Sociaal Team als bij zorgaanbieders.
8
Marjan Boonzaaijer – D66 Houten
Beide: begeleiding ST, effect begeleiding
Voordat we de businesscase verankeren in de verordening lijkt het mij wenselijk dat we 2e tertiar rapportage 'monitor businesscase uitbreiding begeleiding sociaal team' ontvangen (voorzien in 2e week december) waarin we ook meer inzicht krijgen in de derde KPI: 'de beweging naar voren'. Kan dat mogelijk gemaakt worden?
Wij zijn voornemens de Raadsinformatiebrief 3e monitor pilot begeleiding op 29 november aan toe te sturen. Vooruitlopend op deze brief kunnen we aangeven dat we de beweging naar voren in de vorm van dalend aantal maatwerkvoorzieningen zien. We evalueren de pilot dit voorjaar en informeren uw raad daarna over het vervolg. Indien we besluiten tot een vervolg van de inzet van het Sociaal Team voor begeleiding, dan heeft uw raad met de verordening de juiste juridische basis.
Indien we besluiten geen vervolg te geven aan begeleiding door het Sociaal Team dan volstaat de verordening ook. In dat geval bieden we een vergelijkbare maatwerkvoorziening zoals in de verordening opgenomen bij een zorgaanbieder. 9
Marjan Boonzaaijer – D66 Houten
Beide: inwoners participatie
Op welke manier zijn, naast de ASD, de inwoners betrokken bij de verordening (zie artikel 7.2), zoals bijv. mantelzorgers, inwoners met een licht verstandelijke beperking?
10
Marjan Boonzaaijer – D66 Houten
Beide: Pgb, verlaging 5%
De hoogte van het formele PGB wordt verlaagd met 5 %. De verwachting is dat er minder administratieve lasten zijn. Is dat getoetst? En is het realistisch te verwachten dat formele zorgaanbieder voor 95% van het tarief deze zorg willen bieden?
Zowel bij de totstandkoming van de verordening in 2020 als bij de actualisatie dit jaar is de Asd betrokken. Zij vertegenwoordigen de inwoners en cliëntgroepen en geven advies bij de besluitvorming. Er is gekeken naar de verordeningen van andere gemeenten om te toetsen of een daling van 5% hierin gebruikelijk is. We zien uiteenlopende tarieven worden gehanteerd tussen de 85% tot 100% van het ZIN tarief. In de verordening is opgenomen dat het maximaal 95% bedraagt, tenzij aannemelijk is dat het percentage niet toereikend is. In dat geval geldt de maximale kostprijs van het goedkoopst adequate voorziening van het ZIN tarief (100%).