1. Zienswijze Concept Integraal Ruimtelijk Perspectief U16.docx
Tekst van het document
Advies en ondersteuning Onderdoor 25 Postbus 30, 3990 DA Houten Telefoon 030 639 26 11 Fax 030 639 28 99 E-mail: gemeentehuis@houten.nl Internet: www.houten.nl
U10 t.a.v. de heren Verschuure en Jansen, bestuurlijk opdrachtgevers REP Stadsplateau 1 3521AZ UTRECHT
datum
Uw kenmerk
Uw brief van
Ons kenmerk
Bijlagen
25 mei 2021 Onderwerp
Zienswijze Concept Integraal Ruimtelijk Perspectief U16 Geachte heer Verschuure en heer Jansen, Wij hebben met interesse kennisgenomen van de conceptversie van het Integraal Ruimtelijk Perspectief (IRP) van de regio U16. Wij spreken waardering uit voor het samenbrengen van veel ambities in een afgewogen ruimtelijke visie op onze regio. In deze brief geven wij u onze zienswijze op de conceptversie. We hebben daarbij ook gekeken naar wat er is gedaan met de reactie van het college op de vorige versie (Ontwerp IRP). De zienswijze hebben wij met de gemeenteraad van Houten besproken tijdens een werksessie. Ook hebben wij een aantal lokale maatschappelijke partners geraadpleegd. De aandachtspunten van de raad en maatschappelijke partners vindt u terug in onze algemene en specifieke opmerkingen in de zienswijze. Het IRP is zeer compleet, maar ook moeilijk leesbaar en navolgbaar Het stuk is zeer compleet, beslaat veel (alle) thema’s en beschrijft een uitgebreide gedachtegang hoe tot dit stuk is gekomen. Houten is eveneens van mening dat de regio Utrecht nog nooit zo ver is geweest waar het gaat om het gezamenlijk denken over, en het vormen van, een stip op de horizon in het kader van de ruimtelijke toekomst van de regio Utrecht. Deze twee punten doen recht aan het vele werk en alle bijdragen die aan dit stuk zijn gedaan.
Complimenten daarvoor! Er zit ook een keerzijde aan de volledigheid en de omvangrijkheid van het stuk. Dit hebben wij tijdens de consultatieronde ook aangegeven. Het stuk is op plekken moeilijk leesbaar en navolgbaar. Er zijn perspectieven, redeneerlijnen, algemene opgaven, gebiedsgerichte opgaven (die een zin later weer ‘ruimtelijke keuzes’ worden genoemd) en er zijn programmatische keuzes. Het duizelt categorieën en termen. Onze suggestie is om meer structuur te geven, consequent termen gebruiken en te schrappen (less is more). Doe ook vooral een poging om het perspectief concreter te laten zijn, formuleer zaken SMART zodat duidelijk is wat met onderdelen van het Perspectief staat te gebeuren. Is sprake van uitgangspunten voor gebiedsontwikkeling voor de gemeenten? Is er sprake van zaken die nog nadere uitwerking behoeven (onderdeel te maken van een uitvoeringsagenda)? Hier kan nog een flinke slag in geslagen worden en maakt het Perspectief een sterkere leidraad voor het vervolg.
Bij beantwoording datum en kenmerk vermelden
pagina 1 van 4
Ondersteuning hoofdlijnen van het IRP De redeneerlijnen van het IRP ondersteunen wij voor een groot gedeelte. Met twee treinstations en een goede ligging is de gemeente Houten een kansrijke plek voor het bouwen van woningen die bijdragen aan de woningnood. Ook over de diverse landschappelijke versterkingen in het Kromme Rijn gebied en de Nieuwe Hollandse Waterlinie zijn wij positief. Wij kunnen ons daarom vinden in de positie die Houten als regiopoort inneemt in het IRP en kunnen zo tegelijkertijd lokale opgaven oppakken. Tegelijkertijd constateert u in het IRP onder redeneerlijn 3 ook dat “de wijze van verstedelijking onderdeel is van het debat over de Ruimtelijke Koers, waarbij de juiste balans wordt gezocht tussen binnenstedelijke verdichting en uitleg.” Deze constatering is juist, maar past beter onder het eerst kopje van deze redeneerlijn. Hieronder gaan wij verder in op de Houtense situatie. Houtense situatie: geen ruimtelijke visie In onze brief tijdens de consultatieronde (10 maart 2021) hebben we de Houtense situatie geschetst rond de Ruimtelijke Koers. De uitkomsten van het referendum en het besluit van de gemeenteraad waren toen nog niet bekend. Ongeveer 66% van de inwoners die een stem heeft uitgebracht (75% van de stemgerechtigden), heeft tegen het voorgenomen besluit over de Ruimtelijke Koers gestemd.
De gemeenteraad heeft vervolgens na haar duidingsdebat unaniem het voorstel verworpen. Daarmee heeft de gemeente Houten nu geen integraal kader waarbinnen de gemeente de ruimtelijke ontwikkeling kan en wil vormgeven. Houten valt daarmee terug op de kaders en ambities van vóór de ontwikkeling van de ruimtelijke visie. De ambities zoals opgenomen in het IRP en de eerdere reactie van het college op de consultatieversie van het IRP waren voor een groot deel gebaseerd op de ambities uit de verworpen ruimtelijke visie. De huidige Houtense situatie dient expliciet te worden opgenomen in het IRP. Houten onderzoekt de komende tijd of en hoe Houten tot een nieuwe ruimtelijke visie zou kunnen komen. De geformuleerde ambities van het college uit het collegeprogramma van vóór de ontwikkeling van de ruimtelijke visie blijft: onder andere de bouw van ongeveer 4.300 tot 5.300 woningen tot 2040. Het is echter nog onduidelijk op welke wijze en op welke locaties deze ambitie gerealiseerd moet worden. Met het verwerpen van de Ruimtelijke Koers heeft de Houtense raad het college opgeroepen om door te gaan met twee gebiedsonderzoeken die na het voorgenomen raadsbesluit reeds waren gestart.
De raad heeft het college opgedragen om voor Houten-Noordwest nader onderzoek te doen zodat tot een invulling kan worden gekomen die voldoet aan de aanvullende eisen/wensen zoals door de raad zijn geformuleerd (met als voorbeeld: meer afstand voor woningbouw vanaf de A27 n.a.v. de ingediende zienswijze van de GGDrU, Hof van Wulven een mogelijke invulling met sport/groen/bedrijven en eventueel woningbouw). Ook heeft de raad het college opdracht gegeven om onderzoek te doen naar gebiedsontwikkeling in Houten-Oost met woningbouw in combinatie met een landschapspark. Deze onderzoeken zullen na de zomer door het college aan de raad worden aangeboden in de vorm van een onderzoeksagenda met hierin opgenomen: inzichten, adviezen, dilemma’s en relevante onderzoeksvragen voor het vervolg. Gezien voorgaande vragen wij u de uitleglocatie Houten-Oost expliciet op te nemen met een nadere beschrijving onder redeneerlijn 6. Over de invulling van deze locatie (en in bredere context het Kromme Rijn gebied) gaan wij graag met u in gesprek. Wij kunnen daarbij putten uit de onderzoeken die we momenteel uitvoeren. Mobiliteit: meer aandacht voor regionale verbindingen openbaar vervoer, fiets en autobereikbaarheid woningbouwlocaties Wij staan achter het principe om te investeren in openbaar vervoer en woningen te bouwen bij trein-en busstations.
Onze grootste zorgen blijven echter bij de beperkte aandacht voor en de onderschatting van het belang van auto-infrastructuur voor de bereikbaarheid van woningbouwlocaties. Daarnaast vinden we dat er grootschalige verbeteringen nodig zijn in het openbaar vervoer om de gehele regio bereikbaar te houden. Dan gaat het juist om de (kleinere) ov-dwarsverbindingen voor woon-werkverkeer of familiebezoek tussen steden en dorpen rondom de stad Utrecht. De focus ligt te veel op het versterken van ov-lijnen die naar de stad Utrecht lopen en het maken van nieuwe knooppunten in de stad Utrecht. Het concept van het wiel met spaken is van belang voor de regio
pagina 2 van 4
maar vooral voor de stad Utrecht. Inwoners uit omliggende plaatsen missen sterke verbindingen tussen deze plaatsen. Bijvoorbeeld verbindingen tussen Vijfheerenlanden, Nieuwegein, IJsselstein en Houten (lijn 48). Of verbindingen tussen Houten, Bunnik en het USP (lijn 281 is opgeheven). Het overstappen vanuit deze plaatsen op een nieuw OV-knooppunt in Utrecht kost voor deze inwoners juist veel meer tijd dan een rechtstreekse verbinding. Het alternatief lonkt: de auto. Wij roepen daarom op tot het realiseren van een groter wiel met spaken. We hebben dit meerdere keren aangedragen in bestuurlijke overleggen en brieven maar zien ook dat hier in regionaal verband (U10) te weinig aandacht voor is. De reactie die het college heeft ontvangen naar aanleiding van de consultatieronde is onbevredigend en doet onvoldoende recht aan wat u zelf noemt: “Het IRP schetst vanuit de regionale verstedelijkingsstrategie de inzet in deze trajecten.” Deze inzet is naar mening van Houten wat betreft mobiliteit dus onvoldoende. Het is daarom essentieel om het in de vorige alinea gemaakte punt onderdeel te maken van het IRP. Uitwerking deelgebieden ondermaats In hoofdstuk 3 vinden we de vijf deelgebieden. Houten is onderdeel van deelgebied 1 (Kromme Rijn vallei) en deelgebied 5 (Centrale As). De deelgebieden zijn naar onze mening nog steeds onvoldoende uitgewerkt.
U geeft in uw reactie op onze brief in de consultatieronde aan dat dit voor nadere uitwerking in fase 4 is. Daar zijn we het niet helemaal mee eens. De lijstjes ten aanzien van de verschillende thema’s zijn nog niet afdoende doordacht en daardoor niet van voldoende kwaliteit en naar tevredenheid, hier moet nog een flinke slag overheen. Er worden concrete maatregelen genoemd zonder deze te onderbouwen en van een bredere context te voorzien. Daarnaast verwachten we dat naast de lijstjes van maatregelen ook concrete samenwerkingsprojecten of vervolgstappen benoemd worden. Hier is nog geen sprake van. Wanneer u toch kiest de deelgebieden niet te verrijken, dan willen wij u de dringende suggestie meegeven om de deelgebieden onderdeel te maken van een bijlage die als werkboek of onderzoeksagenda’s worden gepresenteerd. In de leeswijzer kan dan een beschrijving worden opgenomen van de betekenis van deze bijlage. En dat deze in een latere fase nog verder wordt uitgewerkt in bijvoorbeeld zogenaamde ‘gebiedsagenda’s. Specifieke opmerkingen Tot slot geven wij u nog een aantal specifieke opmerkingen mee om het IRP te verbeteren: Aandacht voor betekenis van Covid-19 ook in de periode na de pandemie. Er is reeds in het inleidende hoofdstuk aandacht besteed aan Covid-19.
Wij willen u nogmaals vragen het IRP hierop te beschouwen en mogelijk in het IRP aanvullend op in te gaan; Zorg voor consistentie (o.a. juiste formulering) in de verschillende trajecten en processen die in de regio lopen. Met als voorbeeld het traject IRP en Regionale Energie Strategie (RES); We vragen voor de volgende fase om nadrukkelijke aandacht voor de uitvoerbaarheid van het IRP. Het IRP is nog niet integraal doorgerekend en kent diverse complexe uitdagingen door hoge ambities. Een uitdaging is bijvoorbeeld de vraag hoe binnenstedelijk bouwen kan bijdragen aan bovenplanse kosten. T.a.v. energie missen wij nog een integrale afweging t.o.v. de andere functies die ruimte vragen (zoals woningen, bedrijven en natuur). Parallel aan het IRP werken we samen aan de RES. In de huidige versie ontbreken de zoekgebieden voor zon- en windenergie. Daardoor heeft er nog geen integrale afweging plaatsgevonden, waardoor onvoldoende in beeld hoe de energieopgave zich verhoudt tot andere opgaven. In een volgende versie zien wij dit graag wel terug. Zo ontstaat inzicht in mogelijke conflicten en kansen tussen de verschillende ruimtevragen. Te lage score IRP bij beoordeling van doel en subdoelen: “Bevorderen van een gezonde, duurzame en energieke regio”.
Wij vragen u de uitgangspunten en ambities te verhogen waardoor de visie beter scoort op dit doel en subdoelen; Voeg ook op kaartmateriaal (zoals de landschapskaarten, integrale kaarten Kromme Rijn) van de uitbreiding van het natuurgebied Nieuw Wulven toe. Tekstueel wordt Nieuw Wulven wel al genoemd. Pagina’s 76 en 77 (Klimaatadaptatie): De fruitteelt maakt in de Kromme Rijn streek onderdeel uit van de cultuurhistorie. Zij is naast producent van voedsel ook beheerder van het landschap. Bij klimaatadaptatie wordt een analyse van de gevolgen van een veranderd
pagina 3 van 4
klimaat gemist. Voor de fruitteelt betekent dit een toename van het risico op nachtvorst, droogte en hitte. De beschikbaarheid van zoetwater is hierbij essentieel. Een robuuste beschikbaarheid van oppervlakte water is goed te borgen door het integreren van wateropgave en klimaatadaptatie en zou meer benadrukt kunnen worden in het IRP. Pagina 109: “Vijfheerenlanden – Houten – USP, inclusief fietsbrug over AmsterdamRijnkanaal” dit moet zijn: “Vijfheerenlanden – Houten – USP, inclusief fietsbruggen over Amsterdam-Rijnkanaal en de Lek”. Pagina 109: Toevoegen fietsverbinding en fietsbrug tussen Houten en Culemborg. Vanuit Geldermalsen en Culemborg is er een groeiende oriëntatie op de regio Utrecht. Dat geldt ook voor de belangstelling in deze plaatsen van woningzoekenden die op zoek zijn naar een betaalbare woning. Dit gevoegd bij het al bestaande werk- en studieverkeer geneert dit een groei van de mobiliteit tussen de regio Utrecht en de regio Rivierenland. Daardoor is de doorfietsverbinding tussen de regio's met een fietsbrug over de Lek belangrijk. Bovendien sluit dit goed aan bij de ontwikkeling van de fietsroute F2 (ter ontlasting van de A2) van Den Bosch naar Utrecht. Het verdere traject naar Culemborg maakt onderdeel uit van het Regionaal Fietsplan Rivierenland.
Pagina 109: Toevoegen van Tull en ’t Waal, ’t Goy en Schalkwijk in het rijtje van dorpen die een vitaliteitsopgave kennen (zoals woningbouw, bereikbaarheid met het openbaar vervoer).
Wij wensen u veel succes met de verwerking van de reacties van de colleges en raden. Als u nog vragen hebt kunt u contact opnemen met Dominique Smeets of Remko Stinissen via telefoonnummer (030) 63 92 611. het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Houten de secretaris, de burgemeester,
A.J. Barink
G.P. Isabella
Bijlage(n): geen.
pagina 4 van 4