CConstaterende datHorst aan de Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

RIB.23.073 Transformatieplan

Gemeenteraad 31 oktober 2023, gemeente Horst aan de MaasBij agendapunt: Raadsinformatiebrieven4.314 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Stuknummer: 23.0005248

Raad 31-10-2023 RIB.23.073

raadsinformatiebrief van

: Burgemeester en wethouders

portefeuillehouder

: R. Bouten

aan

: De leden van de gemeenteraad

datum

: 26/09/2023

status

: Actieve informatie

openbaar

: Ja

Onderwerp Transformatieplan Gezonde en gelukkige inwoners in vitale kernen.

Aanleiding We zijn bezig met een transformatie in het sociaal domein. Een brede beweging naar ‘de voorkant’ met als basis de kracht van de inwoners, verenigingen en ondernemers in onze vitale kernen. Kernen waar mensen omzien naar elkaar en zorgen voor elkaar. En waar de meest kwetsbare inwoners op passende zorg kunnen blijven rekenen. Uw raad is ook onderdeel van deze beweging en ziet mogelijkheden om deze beweging te versterken. Zo heeft uw raad op 1 november 2022 een motie aangenomen met de opdracht aan het college om “een meerjarig programmaplan aan de raad voor te leggen waarmee versterking van preventie/sociale basis op een preventieve, ambitieuze maar ook concrete en praktische manier breed wordt aangepakt. Hierbij gebruik te maken van de expertise en mogelijkheden die aanwezig zijn bij professionals, ondernemers, stichtingen en verenigingen.” Uw raad heeft ons verzocht dit plan (uiterlijk) in het derde kwartaal van 2023 aan de raad voor te leggen. In het collegeprogramma (december 2022) hebben we dit overgenomen onder de noemer van een transformatieplan voor het sociaal domein. In deze raadsinformatiebrief en bijgevoegd transformatieplan nemen we u mee hoe we met transformatie aan de slag zijn, wat we willen bereiken en wat we daarvoor nodig hebben. Uitnodiging Op 12 oktober 2023 is er een informele raadsthemabijeenkomst over dit onderwerp gepland.

Graag nodigen we uw raad daarvoor uit en gaan we met u in gesprek wat u voor de transformatie nodig heeft. Waarom willen we het anders? We ondersteunen uw oproep en de gedachte achter de motie om de sociale basis te versterken en in te zetten op preventie van harte en geven daar graag vervolg aan. We geloven in de kracht van onze inwoners en onze gemeenschappen en zien daar dagelijks het bewijs van. Het past bij de verantwoordelijkheid die ieder heeft voor zijn eigen leven, bij onze gemeenschapszin en ‘handen uit de mouwen’ mentaliteit en bij het omzien naar en zorg(en) voor elkaar. We zijn overtuigd dat mensen het gezondst en gelukkigst blijven door actief bijdragen aan de samenleving, zich onderdeel voelen van de gemeenschap, zo lang mogelijk in de eigen omgeving kunnen wonen en elkaar daarbij helpen.

Bezoekadres: BezoekAdres, PlaatsBA

Postadres / PostCodePA PlaatsPA

T TelefoonNummer

F FaxNummer

Pag. 2 van 3

Én we zien dat het in de toekomst anders moet, willen we passende zorg kunnen blijven bieden voor de meest kwetsbaren in onze samenleving. Door de vergrijzing neemt het aantal zorgvragen alleen maar toe. De mentale problemen bij jongeren groeien en de vraag naar jeugdhulp stijgt al decennia. Door stijgende prijzen neemt het aantal mensen dat in armoede leeft toe. En door de steeds complexere samenleving en snellere veranderingen dreigen grotere groepen niet meer mee te kunnen doen. Bovendien neemt het aantal werkenden per 65-plusser de komende 20 jaar verder af, waardoor er steeds minder professionele ‘handen’ zijn om al die zorgvragen het hoofd te kunnen bieden. Als we passende zorg en (inkomens)ondersteuning willen kunnen blijven bieden voor de meest kwetsbare inwoners, is een verschuiving nodig van zorg naar gezondheid en van professionele ondersteuning (maatwerkvoorzieningen) naar een sterke, sociale basis en vitale kernen. Hoe zijn we hiermee bezig? In onze kernen gebeurt gelukkig heel veel en nemen onze inwoners, verenigingen en ondernemers verantwoordelijkheid voor zichzelf en voor elkaar. We ondersteunen en faciliteren hen daar zo veel mogelijk bij onder meer door te luisteren en mee te denken, te verbinden en door uitvoering van het nieuwe subsidiekader.

We kijken samen met inwoners, verenigingen en partners naar manieren om voorliggende voorzieningen (welzijnswerk, kinderopvang, onderwijs, jongerenwerk, bibliotheek, jeugdgezondheidszorg, etc.) te versterken en aan te laten sluiten op de behoeften van onze inwoners en gemeenschappen. Denk hierbij aan: Onze Loods, het Transitieplan Sport aan de Maas, IN! Horst aan de Maas en het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA). En we kijken ook naar onze eigen dienstverlening: hoe kunnen we de sociale basis beter benutten, kennis van ervaringsdeskundigen beter inzetten en professionele zorg beter verbinden met vrijwillige ondersteuning om zo de kwaliteit voor onze inwoners te verhogen en aan te sluiten bij wat onze inwoners en gemeenschappen nodig hebben. Dat doen we onder meer via het Kernteam WIZ en onze organisatieontwikkeling met het programmatisch werken. Hoe versterken en versnellen we dat? Dat doen we door in huis en met partners concrete projecten en pilots uit te voeren die passen bij de transformatiegedachte. Dat rust op twee pijlers: dromen en inspireren enerzijds (laten zien dat het BÉTER kan) én (voor)doen en impact maken anderzijds (laten zien dat het beter KÁN). Dus als inwoners in onze kernen activiteiten willen organiseren gericht op ontmoeten, kijken we hoe we dat kunnen ondersteunen.

We stimuleren het werken met dorpsondersteuners of dorpsverbinders als eerste vraagbaak en ‘makelaar’ tussen vraag en aanbod. We zijn bezig om ervaringskennis laagdrempelig in onze gemeenschappen beschikbaar te maken. We organiseren Sociale Kracht Sessies gericht op ontmoeten en verbinden. We werken met onze partners uit hoe we beter kunnen aansluiten op de behoeften én mogelijkheden van onze inwoners. Cruciaal bij de versnelling en meer impact maken, is dat we juist investeren in en veel aandacht besteden aan cultuur, houding en gedrag, zowel intern (gemeentelijke organisatie, college en raad) als extern (inwoners, verenigingen, ondernemers en maatschappelijke partners). Dat is immers de basis voor echte, duurzame veranderingen. Het gaat dan om echt naar elkaar luisteren in een open dialoog, vertrouwen in elkaar, verbinden, normaliseren, werken vanuit de bedoeling en de leefwereld en niet vanuit de letter van de wet of onze systemen en ruimte voelen én nemen om zo te handelen. Wat hebben we daarvoor nodig? Om tot veranderingen te komen, hebben we, passend bij cultuur, houding en gedrag, een aantal dingen nodig: - Vertrouwen in elkaar; - Lef om zaken uit te proberen en de kaders aan te passen of daarbuiten te gaan;

2

Pag. 3 van 3

- Ruimte om te handelen en fouten te mogen maken; - Flexibiliteit om onze koers bij te stellen, en; - Geduld omdat duurzame veranderingen tijd kosten en de effecten niet meteen zichtbaar zijn. Daarnaast hebben we een nieuw financieel kader nodig dat past bij de transformatie en de beweging die we maken. Denk daarbij onder meer aan een transformatiebudget (in de vorm van een bestemmingsreserve) om te investeren in preventie en een sterke sociale basis. Ten tijde van de jaarrekening 2023 en de eerste bijstelling van de begroting 2024 leggen we u een voorstel voor dit financiële kader voor. In dat voorstel nemen we onder meer op waarvoor de bestemmingsreserve bedoeld is, hoe we deze voeden, hoe we effecten gaan volgen en hoe we uw raad hierin blijven meenemen. Hoe nemen we uw raad verder mee? In aanvulling op deze raadsinformatiebrief met bijgaand transformatieplan organiseren we op donderdag 12 oktober 2023 een informele raadsthemabijeenkomst over dit onderwerp. Dan nemen we uw raad hier verder in mee en bespreken we ook hoe uw raad hier in de toekomst graag bij betrokken wil blijven. Verder hebben we een roadmap of routekaart waarin de belangrijkste initiatieven en concrete mijlpalen zijn opgenomen. Dit is een dynamisch instrument dat we steeds actualiseren om uw raad goed te blijven meenemen.

Verder komen we in 2024 met een voorstel voor een financieel kader passend bij de transformatie.

Bijlagen 1. Transformatieplan Gezonde en gelukkige inwoners in vitale kernen.

3

GEZONDE EN GELUKKIGE INWONERS IN VITALE KERNEN TRANSFORMATIEPLAN Aanleiding Op 1 november 2022 heeft de gemeenteraad van Horst aan de Maas een motie aangenomen waarmee de raad het college opdraagt om “een meerjarig programmaplan aan de raad voor te leggen waarmee versterking van preventie/sociale basis op een preventieve, ambitieuze maar ook concrete en praktische manier breed wordt aangepakt. Hierbij gebruik te maken van de expertise en mogelijkheden die aanwezig zijn bij professionals, ondernemers, stichtingen en verenigingen.” De raad heeft het college verzocht dit plan (uiterlijk) in het derde kwartaal van 2023 aan de raad voor te leggen. In het collegeprogramma (december 2022) heeft het college dit overgenomen onder de noemer van een transformatieplan voor het sociaal domein. In deze notitie lichten we toe hoe we hiermee aan de slag zijn, wat we willen bereiken en wat we daarvoor nodig hebben. Waarom moet het anders en welke ambitie hebben we geformuleerd? Het huidige systeem van zorg en ondersteuning is onhoudbaar. Het beroep op jeugdzorg stijgt al decennia en blijft stijgen (als niet in aantallen dan wel in complexiteit). De gestegen energieprijzen en de torenhoge inflatie zorgen voor een steeds grotere groep (werkende) armen. Door de steeds complexer wordende samenleving en steeds snellere veranderingen haken meer inwoners af of komen niet meer mee.

Over 10 jaar is 30% van het zorgpersoneel in onze regio met pensioen: de regio Noord-Limburg staat samen met Zuid-Limburg bovenaan de lijst met de snelst afnemende beroepsbevolking in zorgberoepen. Daar staat tegenover dat over 18 jaar het aantal 90-plussers is verdubbeld. En de beschikbaarheid van het aantal mantelzorgers neemt af. Kortom: de zorgvraag groeit en het aantal mensen dat deze zorg kan leveren neemt af. Een deel van bovenstaande passage komt uit het collegeprogramma Horst aan de Maas 2022 – 20261. Daarin is ook onze ambitie opgenomen: “De zorg toegankelijk houden, vraagt om een ingrijpende systeemwijziging. Een complete transformatie van het sociale domein. We moeten keuzes durven maken. Vol inzetten op gezondheid en daarmee zorgvragen voorkomen. Onze inzet op jeugdzorg, werk en inkomen en ouderenzorg moet écht anders. Meer vanuit de bedoeling en minder vanuit de regel. Inzet op preventie en sterke gemeenschappen waarin mensen echt mee kunnen doen en minder op controle. Transformatie sociaal domein Deze transformatie richt zich op het verminderen van de professionele zorgvraag, op het beter maken van bestaande zorg en op een beweging op gang brengen van zorg naar gezondheid en van maatwerk naar collectieve voorzieningen. Omdat we mensen dan eerder kunnen helpen en zware zorgvraag voor zijn. Omdat we mensen helpen een sterke sociale basis te bouwen.

Kortom: gezondere mensen in vitalere wijken. Iedereen in onze gemeente is verantwoordelijk voor een gezonde jeugd. IN! Horst aan de Maas is een (netwerk)beweging. Een beweging gericht op promotie van gezond gedrag waardoor ongezonde leefstijl voorkomen wordt. Dat doen we door als inwoners, verenigingen, vrijwilligers en professionals sámen bij te dragen aan een gezonde en positieve leefomgeving. Zo zorgen we samen dat we zorgvragen vóór zijn. Voor IN! Horst aan de Maas werkt iedereen in de gemeente samen aan het vormen van deze positieve leefomgeving op de volgende plekken: thuis, op school, in de vriendenkring en in de vrije tijd.”

1 Het collegeprogramma bouwt voort op het coalitieakkoord (hoofdlijnenakkoord 2022 – 2026).

1

Samengevat: We gaan voor gezondere en gelukkige mensen in vitalere wijken…. Door vol in te zetten op preventie, gezondheid en sterke gemeenschappen. Door mensen te helpen vitale kernen en een sterke sociale basis te bouwen voorkomen we zorgvragen. En door te werken aan het verminderen van professionele zorg en het bieden van dezelfde of betere zorg met minder middelen. We brengen een beweging op gang van het afbouwen van zorg naar gezondheid, van professionele maatwerkvoorzieningen naar voorliggende collectieve voorzieningen. Hoe gaat een transformatieplan helpen? Een transformatieplan leidt toch niet zomaar tot veranderingen? Klopt, een papieren plan zorgt niet zondermeer voor veranderingen in de samenleving. We beseffen ons terdege dat de samenleving niet maakbaar is en dat vele partijen hun rol hebben waar we als gemeente er maar één van zijn. En we weten ook dat veranderingen niet plaatsvinden op de manier, op het moment en in het tempo dat we daarbij zelf voor ogen hebben. Het gaat om de praktijk (daden). Dat begint bij gedeeld urgentiegevoel, het ontstaan van gemeenschappelijke beelden, samenvallende doelen en houding & gedrag. Dus gaat het vooral om elkaar ontmoeten, écht spreken, écht luisteren en verbinden. Daarbij steeds zoeken naar de combinatie van dromen en inspireren enerzijds en handen uit de mouwen, (voor)doen en impact maken anderzijds.

Gelukkig zijn we daar al dagelijks mee bezig, denk aan IN! Horst aan de Maas, het kernteam WIZ, GALA, de stabilteitsaanpak, de organisatieontwikkeling en het programmatisch werken onder meer in de Programma’s Vitale Kernen en Sterke, Sociale Basis etc. Toch maken we nu een transformatieplan sociaal domein. Dat heeft allereerst tot doel om ons eigen verhaal scherper te krijgen en de interne spelers (ambtelijke organisatie, college en raad) te betrekken en mee te laten doen. Ten tweede helpt ons eigen verhaal bij het continue gesprek met onze externe partners (inwoners, verenigingen en maatschappelijke partners). Die ontmoetingen en gesprekken zijn nodig om samen tot echte veranderingen te komen. Het helpt het gesprek als we zelf duidelijk hebben wat we bedoelen en willen bereiken en als we dat goed over kunnen brengen. En het gesprek helpt ons om ons verhaal aan te scherpen, aan te vullen en te verbeteren. Vanuit een gezamenlijk beeld komen we dan samen tot acties die stapsgewijs bijdragen aan de doelen en duurzame veranderingen. In onze ogen is dat een continu proces, waar we al mee bezig zijn en waar we elke dag met elkaar verder aan werken. Wat bedoelen we met transformatie en waar komt het in terug? In het collegeprogramma is een zevental programma’s opgenomen.

Deze komen terug in de Kaderbrief 2024 en in deze begroting 2024 – 2027 om te laten zien wat in 2024 de belangrijkste activiteiten en acties op deze terreinen zijn en wat deze financieel betekenen. Tegelijkertijd zijn we bezig met het vormgeven en verder uitwerken van de Programma’s waarbij de focus ligt op de beoogde veranderingen en hoe we die willen realiseren. Deze uitwerkingen komen terug in de (opzet van de) begroting 2025. Datgene wat we met het Programma Vitale Kernen en het Programma Sterke Sociale Basis willen bereiken, noemen we ook wel de beweging naar de voorkant of de transformatie van het sociaal domein. We lichten hieronder toe wat we daarmee bedoelen. Bij de ‘beweging naar de voorkant’ of de ‘transformatie’ werken we aan drie hoofdlijnen: 1) Krachtige, vitale gemeenschappen die bijdragen aan gezondheid en geluk; 2) Een sterke sociale basis die uitgaat van de behoeften en mogelijkheden van inwoners en gemeenschappen; 3) Ondersteuning aan inwoners die past bij hun situatie en bijdraagt aan eigen kracht, stabiliteit en bestaanszekerheid. 2

Kortom: het gaat om zorg(en) voor elkaar!, waarbij er niet alleen naar de overheid en de zorg gekeken kan worden. Iedereen staat hier ook zelf voor aan de lat en heeft hier een (gezamenlijke) verantwoordelijkheid in. In Horst aan de Maas ‘bouwen’ we letterlijk en figuurlijk aan vitale kernen. Kernen waar mensen naar elkaar omkijken, elkaar ontmoeten en waar verbindingen ontstaan. Kernen met een florerend verenigingsleven en voldoende vrijwilligers. Kernen waar inwoners zelf het initiatief en hun verantwoordelijkheid nemen voor elkaar en voor hun leefomgeving. Kernen waarin iedereen mee kan doen, ongeacht zijn of haar afkomst of achtergrond. Voorzieningen op het gebied van sport, cultuur en ontmoeten, versterken die kernen en de sociale verbondenheid. Daarnaast werken we aan een sterke, sociale basis waarbij we voortbouwen op de kracht van onze inwoners, hun netwerk en de gemeenschap. Dit doen we door samen met onze kernen en onze partners breed te kijken naar en te investeren in de context (inwoner, gezin en leefomgeving) en vrij toegankelijke voorzieningen. We gaan uit van vertrouwen, werken vanuit de bedoeling en nemen ruimte binnen de regels om passende oplossingen mogelijk te maken. We sluiten hiermee aan bij het gedachtengoed en de werkwijze van IN! Horst aan de Maas en de stabiliteitsaanpak.

Samen verbinden we dorpsondersteuners, ervaringsdeskundigen, inwonerinitiatieven en vrij toegankelijke voorzieningen in onze gemeenschappen zowel onderling als met onze eigen dienstverlening in het sociaal domein en met professionele zorgaanbieders. We houden daarbij de focus op de verschuiving van zorg naar gezondheid en de beweging van professionele zorg naar zelfredzaamheid van inwoners binnen hun leefomgeving. Hoe ziet het er dan uit? Onderstaand figuur geeft ‘de transformatie’ of ‘de beweging’ goed weer: versterking van vitale gemeenschappen ondersteund door vrij toegankelijke voorzieningen en een verschuiving van maatwerkvoorzieningen naar een sterke sociale basis en van zorg naar gezondheid. Zo willen we bereiken dat: - onze inwoners participeren in vitale kernen, omzien naar elkaar en zorgen voor elkaar; - zij kunnen rekenen op een sterke, sociale basis met goede, vrij toegankelijke voorzieningen; - er een passend vangnet is voor de meest kwetsbare inwoners. Hiervoor investeren we in een sterke, sociale basis, in de gemeenschappen én in preventie.

3

4

Hoe is dit vanuit het perspectief van een inwoner? Ik leid samen met mijn gezin een gezond en gelukkig leven in Horst aan de Maas. Er zijn veel voorzieningen in de buurt; een supermarkt, winkels, maar ook een speeltuintje en een basisschool voor de kinderen. De natuurrijke omgeving is rustgevend en lekker koel in de zomer, daar gaan we dan regelmatig wandelen en picknicken. Maar boven dat alles gaat het fijne contact dat we met onze buren en kennissen hebben. Onze kinderen kunnen goed overweg met de kinderen uit de buurt en spelen dan ook regelmatig met elkaar. Ze voetballen daarnaast vol enthousiasme bij de voetbalclub, waardoor onze zaterdagen ook goed gevuld zijn. Soms voor dag en dauw langs de zijlijn, en dan weer om te rijden naar een uitwedstrijd. Dat is ook vaak het moment om even bij te kletsen met andere ouders. Dat is niet alleen in goede, maar ook in minder goede tijden een steuntje in de rug. Door een financiële tegenvaller – de onderneming van mijn man ging twee jaar terug failliet – hebben we een tijd lang erg krap bij kas gezeten. De eerste periode konden we dat opvangen met de buffer die we hadden opgebouwd, maar die raakte steeds verder leeg. Het was moeilijk; we moesten puzzelen welke boodschappen we nog konden betalen en deden er alles aan om aan het eind van de maand nog rond te komen.

De sfeer thuis werd gespannen, de stress die de situatie opriep was ook voor de kinderen voelbaar. Ik raakte snel overprikkeld en reageerde me af op mijn man, soms zelfs op de kinderen. Mijn man raakte in een dal vanwege het verlies van zijn onderneming, de hap uit ons inkomen en de omgeslagen sfeer thuis. Hoewel we nog steeds in een mooie woning woonden, bleef er na de vaste lasten te weinig over om van rond te komen. Onze omgeving merkte dat er iets aan de hand was, en bood aan om af en toe op de kinderen te passen. Soms kregen we zelfs een tas kinderkleding of boodschappen mee naar huis, onder het mom van “dit krijgen wij niet op, en anders moet het weg”. Daarmee probeerden ze mijn schaamte een beetje weg te nemen. Ik vond het moeilijk om aan te nemen, maar werd van verschillende kanten op die manier gesteund. Als mijn moeder nog wat jonger was geweest, had ik ook op haar een beroep kunnen doen. Ze is helaas niet meer zo fit en mobiel als voorheen. Ik ging altijd regelmatig bij haar langs, om even te kijken hoe het gaat nu mijn vader vijf jaar geleden is overleden. In de periode dat we financieel aan de grond zaten had ik daarvoor geen ruimte in mijn hoofd, waardoor ik haar minder vaak zag. Bewust of onbewust voelde zij dat ook; ik merkte aan haar dat ze sneller dingen vergat als we telefonisch spraken en dat ze niet altijd helder overkwam. Ze raakte eenzaam.

Gelukkig merkte de wijkzuster – die elke ochtend en avond voor de steunkousen komt – dat ook op, en legde ze een lijntje met de dorpsondersteuner. Die heeft contact gelegd met een andere dame die kortgeleden weduwe was geworden en op zoek was naar een maatje. De dorpsondersteuner bracht ze met elkaar in contact en sindsdien zien ze elkaar elke week; ik heb mijn moeder helemaal zien opleven in die tijd. Zelfs nu onze situatie weer stabiel is en ik vaker bij haar langs kan gaan, houden ze nog steeds contact en is het wekelijks vaste prik. Op het dieptepunt moesten mijn man en ik om tafel om te bespreken welke zaken we ons nog wel konden veroorloven, en welke niet. Het was een moeilijk gesprek; we moesten ervoor kiezen om het lidmaatschap van de voetbalclub op te zeggen. Daarmee kwam de zaak helemaal op scherp te staan. Ons oudste kind begon zich agressief te gedragen tegen andere kinderen op school, de jongste keerde zich juist helemaal naar binnen. De juf op school had al snel door dat er iets aan de hand was. Ze nodigde ons uit op gesprek en was heel aardig en meelevend over onze situatie. Ze vertelde dat er die week toevallig een klassikaal gesprek had plaatsgevonden over ‘omzien naar elkaar,’ en dat vriendjes van onze oudste hadden benoemd zich zorgen over hem te maken. Op dat moment ontdooide hij wat en voelde zich weer even gezien, vertelde ze.

Het leek wat met hem te doen dat ondanks zijn gedrag, zijn vriendjes hem niet zomaar lieten vallen. Het was niet makkelijk om te horen, maar tegelijkertijd voelde ik me enigszins gerustgesteld dat er ook op school naar ze wordt omgekeken en we daarin werden betrokken. Toch liep thuis de stress alleen maar verder op. Wanhopig klopte ik uiteindelijk aan bij de gemeente en vertelde over de situatie. De medewerker van de gemeente nam de tijd voor me en bracht alles in kaart, maar vroeg ook hoe het met mij ging en of ik alle ballen nog wel in de lucht kon houden. Er was ruimte voor mijn gevoel, maar 5

het kostte me veel energie om alles te vertellen. Ze vroeg uiteindelijk wat volgens mij het belangrijkste was om weer een stapje in de goede richting te zetten. Natuurlijk is dat het welzijn van mijn kinderen, en ik noemde het lidmaatschap van de voetbalclub. Gelukkig zag zij ook dat daarin een deel van de oplossing lag, en heb ik uiteindelijk niet te maken gehad met jeugdzorg. De gemeente besloot tijdelijk bij te springen om het lidmaatschap door te laten lopen. Doordat we daar iedere week bleven komen, kwam mijn man in contact met een andere ondernemer die op zoek was naar een collega met enige ervaring. Hij had gehoord van mijn man en het faillissement, en vertelde dat hij zelf ook ooit bijna de bodem had geraakt. Hij had het tij weten te keren, maar kon zich nog goed herinneren wat de financiële stress destijds met hem had gedaan. Hij bood mijn man een baan aan in zijn bedrijf; dat was de eerste keer dat ik weer energie bij hem zag ontstaan. Sindsdien is alles de betere kant op gegaan. Ons inkomen steeg weer, de kinderen werden langzamerhand weer zichzelf en de donkere wolk die al die tijd boven ons had gedreven leek op te klaren. Zonder de steun van onze buren, de voetbalclub, de wijkzuster van mijn moeder, de dorpsondersteuner, de schooljuf, de nieuwe werkgever van mijn man en de gemeente had ons leven er misschien wel heel anders uit gezien.

Hoe ziet er dit in de tijd uit? Het werken aan vitale kernen en het bouwen van een sterke, sociale basis vraagt tijd, een vaste koers en een lange adem. Er lopen al vele projecten en initiatieven en daar komen steeds nieuwe bij. We willen die stimuleren, voeden, onderhouden, ruimte geven en verbinden. In het tempo dat past bij onze kernen en gemeenschappen. We maken een routekaart die dat in de tijd goed weergeeft en die meteen inzichtelijk maakt wanneer bepaalde, concrete mijlpalen te verwachten zijn. De routekaart is dynamisch en stellen we op basis van de actualiteit en voortschrijdend inzicht steeds bij. Onder de mijlpalen vallen in ieder geval: - Transitieplan Sport aan de Maas (vastgesteld Q3 2023). - De trainingen stabiliteitsaanpak Q2 en Q3 2023. - Verbreding gemeentepolis en samenwonen op proef in de bijstand (vastgesteld Q3 2023). - Voorstel leesbevordering voor kinderen van 0-12 jaar (vastgesteld Q3 2023). - Uitvoeringsplan schone lucht Q4 2023. - Participatiebeleid Q1 2024 - Accommodatiebeleid Q1 2024. - Omgevingsvisie Q1 2024. - Omgekeerde toets en omgekeerde verordening Q2 2024. - Integraal huisvestingsplan onderwijs (IHP) 2024. - Evaluatie raamovereenkomsten maatwerkvoorzieningen jeugd Q2 2024. - Het Programma Vitale Kernen en het Programma Sterke, Sociale Basis. - Etc.

Welke investering vraagt dit? De transformatie die we voor ogen hebben vraagt vooral om samenwerking vanuit vertrouwen en met een open houding en om een structurele verandering van cultuur, houding en gedrag. Dat geldt zowel intern (gemeentelijke organisatie, college en raad) als extern (met inwoners, vrijwilligersorganisaties, ondernemers en de vele maatschappelijke partners). Dát is de belangrijkste investering die nodig is om tot duurzame veranderingen te komen. Verder is er ook passend financieel kader nodig dat de transformatiebeweging ondersteunt en mee mogelijk maakt. Zo zijn er middelen (transformatiebudget) nodig om te investeren in preventie, het voorliggend veld en een sterke sociale basis. Bijvoorbeeld in pilots en projecten die eraan bijdragen dat inwoners en gemeenschappen hun verantwoordelijkheid met betrekking tot zorg(en) voor elkaar ook kunnen nemen en kunnen rekenen op vrij toegankelijke voorzieningen die hen daarbij helpen. Die investering betaalt zich op termijn terug door een lagere inzet van professionele maatwerkvoorzieningen, maar dat kost tijd: de voordelen 6

in de zin van lagere uitgaven aan maatwerkvoorzieningen doen zich pas voor naarmate de sociale basis sterker staat en preventieve maatregelen met succes structureel worden uitgevoerd. Onderstaande figuur geeft een beeld van de beoogde verschuiving (fictieve verhoudingen) van de budgetten in het sociaal domein weer als gevolg van de transformatie. Daar is een investering voor nodig in de vorm van een transformatiebudget. We komen ten tijde van de jaarrekening 2023 en de eerste bijstelling van de begroting 2024 met een concreet voorstel voor het financiële kader bij de transformatie. In dat voorstel nemen we onder meer op waarvoor de bestemmingsreserve bedoeld is, hoe we deze voeden, hoe we effecten gaan volgen en hoe we college en raad hierin blijven meenemen.

Verschuiving budgetten sociaal domein Van maatwerkvoorzieningen naar Sociale Basis Sterke Sociale Basis

Maatwerkvoorzieningen

Transformatiebudget

2024

2025

2026

100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10%

0% 2023

7

2027

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13389562/1